zaterdag 30 oktober 2010

Thuiskomst uit Wit-Rusland (dag 8)

Vrijdag 29 oktober 2010

Het is 00.15 uur als we een sanitaire tussenstop vóór de nachtrust hebben. Daarna volgt een nachtelijke tocht over donkere, drukke Poolse wegen met regelmatig een wegomlegging wegens wegwerkzaamheden en met onderweg veel vrachtverkeer. In de bus is de verlichting uit; het is er stil en we slapen zowaar bij tijd en wijle. Om 4.00 uur stopt de bus even voor een chauffeurswissel en voor de regelmatige sanitaire stop. Om 6.00 uur passeren we de Pools-Duitse grens en dan ligt een honderden kilometers lang Duits Autobahnennet vóór ons. Om 8.00 uur hebben we in Duitsland onze eerste tussenstop; een vrij lange, zodat iedereen voldoende tijd heeft voor een goed ontbijt in het wegrestaurant.

Rond 12.00 uur volgt daarna in Duitsland nog een tussenstop en even later rijden we bij de Poort van Groningen ons Nederland weer binnen. Via Groningen en Drachten gaat de bus naar Dronrijp. Durkje, Jan Wijbe en ik stappen echter om 15.30 uur uit bij Drachten, waar Pieter bij een benzinestation langs de Wâldwei op ons staat te wachten voor een aansluitend verjaardagsbezoek bij mijn ouders. De terugreis is beduidend sneller gegaan, want ervan uitgaande dat de bus een half uur na ons uitstappen in Dronrijp zal arriveren, heeft de terugreis toch zeker anderhalf uur korter geduurd.

Vlak vóór Drachten blikt een verdiend tevreden organisator Tjeerd Tijsma met ons terug op een buitengewoon geslaagde reis en bedankt hij de chauffeurs voor de door hen geleverde veilige rit. Daarna sluit ik af met enkele woorden van dank voor Tjeerd, want alles was wederom – zoals we van hem gewend zijn – tot in de puntjes geregeld en bovendien op bijzonder plezierige wijze uitgevoerd. Het is een hele verantwoordelijkheid en een fikse klus om zo’n gemêleerd gezelschap naar en vanuit Wit-Rusland te vervoeren; iets waar we Tjeerd allen oprecht dankbaar voor zijn en dat steken we dan ook niet onder stoelen of banken!

We zijn allemaal gezond en wel weer terug, met bovenal onvergetelijke ervaringen van deze indrukwekkende reis naar een land met bijzondere inwoners, van wie in elk geval het verlenen van onderlinge hulp en het betonen van hartelijke gastvrijheid gewoongoed is.

Vertrek uit Wit-Rusland (dag 7)

Donderdag 28 oktober 2010


Om 9.00 uur staat Slava met de auto voor de deur om Durkje, Jan Wijbe en mij samen met Oxcana naar de instapplaats voor de bus te brengen. Pasha is inmiddels weer aan het werk en Luda en Losha komen langs om zolang even op Palina te passen. Bij de afslag Mogilov Krupskaya wachten we in de berm van de drukke verkeersweg een half uur op de bus, die vanuit Drybin hier arriveert om 9.45 uur.



Als ook de andere familie bij de bus is gearriveerd, nemen we afscheid van Oxcana en Slava en vangt onze lange terugreis aan; zoals afgesproken in een andere bus en met twee andere Witrussische chauffeurs dan die van onze heenreis. Later op de ochtend horen we dat onze eerste bus met onze drie chauffeurs van de heenreis één uur vóór ons rijdt met een groep van 30 Witrussische kinderen die voor een herstelperiode naar Baarn worden gebracht. In die bus zit ook Mirjam Koops van de Stichting Rusland Kinderhulp (SRK). Onderweg stappen ook enkele andere reisgenoten bij ons in de bus. Om 11.30 uur en om 16.30 uur hebben we tussen Mogilov en Brest tweemaal een tussenstop.



Om 17.00 uur arriveren we bij de Witrussisch-Poolse grens. Daar stappen de laatste vier reisgenoten in en dan begint weer het wachten op de doorgang door de dubbele grenspost. Het gaat deze keer een uur sneller dan op de heenreis. Bij de Witrussische grens staat de andere SRK-bus vóór ons met een complicatie, want bij de visumcontrôle blijkt dat één van de drie chauffeurs op zijn visum nog onvoldoende resterende dagen heeft om de heen- èn terugreis buiten Wit-Rusland te mogen en te kunnen maken. Hij moet dus achterblijven in Wit-Rusland en de andere twee resterende chauffeurs moeten nu samen de busreis uitvoeren. Bij ons is gelukkig alles in orde, dus na één uur wachten mogen wij Wit-Rusland verlaten.

Ondertussen is het donker geworden en staan we ook een uur voor de grenscontrôle te wachten bij de Poolse grens. We hebben daarbij het zicht op een grote mobiele autoscanner, waarmee af en toe één van de passerende auto’s wordt doorgelicht. Na alle contrôles mogen we een uur later Polen in rijden. Om 18.30 uur hebben we een sanitaire stop en om 20.30 uur stoppen we bij een Pools wegrestaurant om daar een warme maaltijd te nuttigen. Daarna volgt tot vlak na middernacht de rit door een donker Polen.

Sport, cultuur en religie in Wit-Rusland (dag 6)

Woensdag 27 oktober 2010

Rond 10.00 uur staan we klaar. Durkje, Jan Wijbe, Pasha en ik worden met de auto bij Oxcana thuis afgehaald door Slava. We rijden door Mogilev naar het nieuwe, olympische sportcentrum, een imposant gebouw met meerdere sporthallen. Vandaag is Slava hier aan het werk als jurylid voor een sambo-wedstrijd tussen verschillende Witrussische politiekorpsen.
Sambo is een Russische vechtsport, die je kunt beschouwen als een combinatie van judo en worstelen. De naam SAMBO is de afkorting van de Russischtalige zin “SAMozasjtsjita Bez Oroezjia”, wat “zelfverdediging zonder wapens” betekent. De 15 Sovjet-staten van de voormalige Sovjet Unie hebben alle een eigen stijl van worstelen. Sambo is te beschouwen als de gemeenschappelijke, samengestelde stijl van deze worstelvarianten.

We nemen plaats op de tribune in de sporthal op het moment dat de sambo-beoefenaars op de mat bezig zijn met hun warming up. De jury en scheidsrechters maken zich ook gereed voor de competitie van vandaag. Nadat de aanwezige agenten van de deelnemende politiekorpsen zijn voorgesteld, begint de eerste ronde. Een partij sambo duurt zes minuten. Vanuit een staande start voor beide samboka's is het de bedoeling dat de één de ander vloert met een perfecte werptechniek of de ander in een greep houdt, die leidt tot overgave. De partij eindigt echter eerder wanneer één van de beide vechtersbazen een voorsprong op de tegenstander behaalt van twaalf punten. Wanneer die voorsprong niet wordt bereikt, telt het hoogste aantal punten na de zes wedstrijdminuten.

Na een aantal gevechtsrondes bijgewoond te hebben, verlaten we deze hal om in de naastliggende hal naar een damesbasketbaltraining te kijken, maar die vlieger gaat niet op, want we zijn nog maar net binnen, of Pasha wordt erop gewezen dat we deze hal niet mogen betreden. We verlaten het sportcentrum en gaan met een taxibusje naar het stadscentrum van Mogilov. Daar bezoeken we het gemeentemuseum met haar opvallende, gerestaureerde museumtoren, op grote hoogte boven het lager liggende deel van de stad aan de overzijde van de Dnjepr. Op de buitenomloop van de museumtoren genieten we van het stadspanorama en nog hogerop krijgen we van een Engelssprekende gids uitleg over het nieuwe carillon en het electronisch gecontroleerde, maar mechanisch uurwerk in de top van deze toren. Beneden bezichtigen we de museumcollectie over de historie van deze stad en haar omgeving.

Daarna steken we de Dnjepr over en bezichtigen we achtereenvolgens het ijshockeystadion en het Afghanistan-monument ter nagedachtenis aan de Witrussische gevallenen van de tien jaar durende Afghaanse oorlog na de Sovjet-Russische invasie in Afghanistan van december 1979.
Een eindje verderop komen we bij het restaurant waar Oxcana werkt. Het restaurant is van binnen verbouwd en heringericht. Als we de restaurantzaal betreden waar Pasha en Oxcana twee jaar geleden hun bruiloft vierden, wordt ons door de gastvrouw te verstaan gegeven dat we deze gemoderniseerde eetzaal niet mogen betreden, maar na tussenkomst van de directeur van het restaurant wordt ons dat toch enkele minuten toegestaan. Daarna steken we de Dnjepr weer over en stappen we in het stadscentrum in een stadsbus, die ons weer thuis brengt.

Om 16.00 uur heb ik een afspraak met een project manager en de directeur van het Witrussische Bijbelgenootschap. Ik wil graag weten of het mogelijk is of het Nederlands Bijbelgenootschap op het gebied van haar Bijbelwerk enkele jaren kan samenwerken met het Witrussische Bijbelgenootschap. Ik maak deel uit van het Nederlands comité dat momenteel initiatieven ontplooit om volgend jaar stil te staan bij de negatieve en positieve gevolgen van de kerncentraleramp van Tsjernobyl, volgend jaar op 26 april 2011 al weer 25 jaar geleden. In een twee uren durend overleg komen we tot de conclusie dat we elkaar in de toekomst in bovenstaande twee kaders welzeker terzijde kunnen staan, hetgeen wederzijds tot grote tevredenheid leidt.

Aansluitend op deze inspirerende ontmoeting gaan we in de nabije supermarkt inkopen doen voor onze terugreis, die morgenochtend aanvangt. Na het avondeten komen Sveta en Slava nog op visite, om ook afscheid van ons te nemen. Laat in de avond pakken we onze koffers in voor de terugreis van morgen en overmorgen. De stemming is vanavond anders dan voorgaande avonden, want iedereen realiseert zich dat we morgen voor hoogstwaarschijnlijk weer een lange termijn afscheid van elkaar zullen nemen.

Visite in Mogilov (dag 5)

Dinsdag 26 oktober 2010

Na het ontbijt maken we eerst een flinke wandeling. Durkje, Jan Wijbe en ik lopen met Pasha Mogilov uit in oostelijke richting. We komen langs een nieuwbouwwijk, gaan door een bosperceel en dalen dan een eind af naar de rivier de Dnjepr. In het lager gelegen dorpje lopen we parallel aan de Dnjepr in zuidelijke richting tussen de traditionele tuinhekjes door. We komen dan bij de al jaren in aanbouw zijnde Russisch-orthodoxe kerk. Zeven jaar geleden stond het hoofdgebouw al hoog boven op de heuvel en twee jaar geleden tijdens de trouwdag van Oxcana en Pasha waren we nog hier voor de inzegening van hun huwelijk in de bijgebouwde kapel.

Langs het waterstroompje gaan we naar boven. We komen dan bij de metalen brug over dit stroompje. De brug hangt vol met allerhande hangsloten, die hier in de loop van de jaren door verliefde stelletjes aan zijn gehangen, als symbool van verbinding. De namen van de verliefden staan op het slot geschreven. De sleutel wordt na dit ceremonieel in het water gegooid. Het actuele liefdesverbond wil men dan niet meer verbreken. Maar ja, wat doe je later met het gesloten slot zonder sleutel als de verkering uitraakt?

De kerk is hier gebouwd bij de heilige waterbron. Het water stroomt voordurend uit de bron. Je kunt het drinken en het gewijde water zal je goed doen. We drinken ervan nadat een man en een vrouw hun vier kleine jerrycans eerst met dit heilige water hebben gevuld. Daarna gaan we naar het kleine badhuis, waarvan het water ook afkomstig is van deze bron. Wie dat wil, mag er in baden. De kapel die we twee jaar geleden bezochten, is nu dicht, evenals de verderop in aanbouw zijnde grote kerk. De koepels van deze kerk zijn inmiddels geheel bedekt met bladgoud, wat twee jaar geleden nog niet het geval was. De provisorische woningen naast de kerk staan er nog steeds. De bouwvakkers die we twee jaar geleden nog rond zagen lopen, zien we nu niet. Er hangt nog wel was bij de rij tijdelijke woningen, waarin deze bouwvakkers wonen gedurende de jaren dat deze kerk wordt gebouwd.

Daarna lopen we weer terug naar de flat, waar Oxcana het warm eten voor ons klaar heeft staan. Ze was thuis gebleven om te koken en om op Palina te passen, die lag te slapen.
Na het eten wandelen we langs de lange, brede Krupskaya-straat in de richting van het stadscentrum. We passeren de politieacademie, waar Slava judodocent is.

Verderop gaan we op bezoek bij baboeska, de oude grootmoeder van Oxcana, die we twee jaar geleden voor het eerst ontmoetten. Slava ontvangt ons en hij vertrekt op het moment dat baboeshka bij Pasha, Jan Wijbe, Durkje en mij in de woonkamer is geïnstalleerd. We drinken samen thee en laten Oxcana’s grootmoeder foto’s zien van onze Nederlandse familie en van de eerste dagen die we met haar familie hebben doorgebracht. Ze geniet enorm van al die mooie foto’s en van de verhalen die wij met Pasha’s vertaalhulp erbij vertellen.

Na dit bezoek gaan we snel weer terug naar Oxcana en Palina, omdat we met de bus naar de andere kant van Mogilov willen om daar op visite te gaan bij Losha (Alexei) en Luda (Ludmila), de ouders van Pasha. We eten daar met zijn allen in de woonkeuken en bekijken hier na de maaltijd ook de foto’s van de periode voor en na de bevalling van Oxcana’s dochtertje Palina. De foto’s staan hier nog op de thuiscomputer omdat Oxcana en Pasha hier vanaf hun bruiloft ruim een jaar hebben ingewoond in de flat bij hun (schoon)ouders.

Het is al donker als we met zijn zessen in een stadsbusje weer terug gaan naar de flat van Pasha, Oxcana en Palina. Palina gaat in bad en naar bed en dan zitten wij nog gezellig even bij elkaar in de woonkeuken.

Recreatie in het Witrussische Mogilov (dag 4)

Maandag 25 oktober 2010

Vandaag gaan Durkje, Jan Wijbe en ik de hele dag op stap met Pasha en Oxcana. Eerst naar het recreatiegebied buiten de stad en daarna naar het stadscentrum van Mogilov. Bij de flat van Oxcana en Pasha stappen we in een klein taxibusje. Deze busjes hebben ongeveer 10 zitplaatsen en rijden in de stad af en aan volgens vastgestelde routes door de stad. Als je instapt, neem je plaats op één van de stoelen en op het moment dat het busje wegrijdt, geef je het geld voor de rit aan de vóór je zittende mensen door naar de chauffeur. Die maakt dan een busticket klaar en geeft die met het wisselgeld terug. Dan volgt het doorgeefsysteem door het busje weer, maar dan in omgekeerde richting, totdat wisselgeld en buskaartje jou heeft bereikt.

We stappen uit bij het park net buiten de stad, waar we ruim twee jaar geleden ook voor de fotosessie van het huwelijk van Pasha en Oxcana waren. We wandelen hier langs de opgestelde tanks van de Tweede Wereldoorlog. Hier staat Witrussisch oorlogsmaterieel, maar men is bovenal trots op de prominent geëxposeerde Duitse tank, die de Witrussen hier in de buurt tijdens de oorlog buit hebben gemaakt op de Duitsers. De omgekomen helden (wij zouden ze slachtoffers noemen) van het Witrussische leger worden hier geëerd en herdacht.

Met een tunnel gaan we onder de brede toegangsweg naar Mogilov door en dan komen we bij de dierentuin van Mogilov. In de dierentuin zijn vooral die dieren ondergebracht, die behoren tot de reguliere fauna van Wit-Rusland. We zien hier bijvoorbeeld de wolf, de beer, diverse hertensoorten, inheemse vogels, eekhoorns, wilde zwijnen, maar als uitzondering op de regel is er ook een tijger in één van de kooien. Het meest spectaculair hier is de kudde Zoebrs. Deze Witrussische variant op de bison is de trots en een nationaal symbool van de Witrussen. Midden in de dierentuin passeren we eerst een mannetjes- en wijfjes-Zoebr. Van hieruit hebben de Zoebrs door het heuvelachtige bosterrein een vrije uitloop naar een groot buitenweideterrein van de dierentuin. Daar kunnen we van dichtbij een kudde Zoebrs bekijken, waar ook enkele jonge Zoebrs zich in de kudde bevinden. Het is buitengewoon mooi om hier zo’n kudde Zoebrs te kunnen bekijken, want in de Witrussische bossen zijn ze nauwelijks nog te zien.

Na dit dierentuinbezoek gaan we naar het Witrussisch Openluchtmuseum, waar we ruim twee jaar geleden tijdens de trouwdag van Oxcana en Pasha ook enkele uren verbleven. Het museum is vrij toegankelijk, maar de attracties zoals de historische bouwwerken en de werkende ambachtslieden zijn nu respectievelijk gesloten en afwezig. We gaan met een taxibusje weer terug naar het stadscentrum van Mogilov. Daar bezoeken we eerst een origineel Witrussisch restaurant, waar we een warme maaltijd krijgen aangeboden uit de Witrussische keuken; een culinaire aanrader!

Daarna gaan we winkelen in het kernwinkelgebied van Mogilov. We bezoeken verschillende winkels en kopen onder andere een mooie houten Baboeshka-pop, die tevens als wijnhouder kan worden gebruikt. Ook bezoeken we het Spartak-voetbalstadion, een speeltuin in de vorm van de Russische Kremlin-gebouwen en dan spoeden we ons met een stadsbus naar het treinstation, opdat we daar nog afscheid kunnen nemen van Natasha, die vanuit hier weer huiswaarts keert voor een treinreis van 4,5 uur naar haar woonplaats Vitebsk, waar wij Sasha en Natasha en hun familie zeven jaar geleden bezochten.

Daarna gaan we met een stadsbus weer terug naar de noordzijde van de stad, waar we eerst nog wat boodschappen halen en daarna terug gaan naar de flat van Pasha, Oxcana en hun dochtertje Palina. Na de avondmaaltijd ben ik in de gelegenheid om een backup van de gemaakte foto’s te maken en om de eerste drie dagverslagen van deze bezoekdagen op te stellen. Het is gezellig aan de ovale keukentafel. Jan Wijbe had vanuit Nederland het kaartspel “Fase 10” meegenomen. Na een korte uitleg met ons woordenboekje erbij op tafel wordt dit spel de rest van de avond geanimeerd gespeeld. Het is al tegen twaalven als we naar bed gaan.

Vissen en kerken in Wit-Rusland (dag 3)

Zondag 24 oktober 2010

Als wij om 9.00 uur aan het ontbijt verschijnen, komen Pasha en Slava al weer terug van de boodschappen voor vandaag. Sveta en Slava zijn vanmorgen heel vroeg al weer teruggekomen. Rond 9.00 uur arriveren ook onze andere vrienden uit Vitebsk, die vlakbij de Witrussisch-Russische grens wonen. Sasha en Natasha zijn al in de vroege ochtend in hun auto op reis gegaan naar Mogilov en ze hebben nu een autorit van enkele uren achter te rug om ons vandaag op hun vrije dag te kunnen ontmoeten. De meeste Witrussen moeten bijna allemaal 6 tot 7 dagen per week werken (doorgaans van 7.00-19.00 uur) en het is heel bijzonder je te realiseren dat onze gastheren en gastvrouwen bijna allemaal één of meer van hun schaarse vrije dagen opofferen om gedurende deze dagen met ons de zo bijzondere ontmoetingen te vieren.

Buiten is het prachtig weer, de zon schijnt, maar de wind is nog wel behoorlijk fris. Er wordt niet getreuzeld, want het zijn hier echte natuurmensen, dus we moeten zo snel mogelijk naar buiten en bij voorkeur zo lang mogelijk buiten in de natuur verblijven. Sveta blijft thuis om op te passen op haar kleinkind Palina. Met twee auto’s rijden Durkje, Jan Wijbe en ik samen met de anderen over de hobbelige wegen naar de datsja van Slava en Sveta, zo’n 30 kilometer ten noordoosten van Mogilov.

We verlaten de doorgaande weg en komen via een zandweg bij de datsja van Slava. Het is een robuust, zelfgebouwd houten blokhuis met omliggende grond en diverse opstallen, waaronder een zogenoemde banja, oftewel een sauna. Het is de trots van elke Witrus om buiten de stad zo’n datsja te bezitten. Zoveel mogelijk vrije tijd wordt hier primitief in de natuur doorgebracht. In de datsja is een immense steenoven gebouwd, waarin wordt gebakken, waarop wordt gekookt en waaraan de hele woning haar warmte ontleent. Slava toont ons zijn oude grammofoon, compleet met opwindmechanisme en een grote luidspreker er bovenop. Een oude grammofoonplaat komt uit de kast, de grammofoon wordt opgewonden en binnen de kortste keren klinkt opgewekte Witrussische volksmuziek door de kamer van de datsja. Even later verschijnt Sasha in vol gevechtsornaat met een groot wapenschild en een vervaarlijk ogend zwaard. Je waant je hier even in de heroïsche tijd van de Russische tsaren. Als we alle hoeken van de opstallen en de omliggende gronden hebben gezien, verlaten we de datsja.

We draaien de doorgaande verkeersweg weer op en gaan nog ongeveer 15 kilometer verder in noordoostelijke richting. We passeren een aantal malen een paard en wagen en we worden door Slava enkele malen gewezen op de langs de weg gebouwde woonwijken, waar de evacués zijn komen wonen, die bijna 25 jaar geleden uit de Oekraïne moesten vluchten voor de gevolgen van de vreselijke kerncentraleramp van Tsjernobyl. Deze landverhuizers zijn hier tewerkgesteld in de rondom liggende kolchozen, de oude en hier nu ook nog steeds nieuwgebouwde staatsboerderijen.

Bij een dorpje gaan we verder over een landweg, die al snel over gaat in een voor de twee auto’s bijna niet te passeren drassig zandpad. Na veel grote, diepe kuilen, grote waterplassen en laverend rijden, komen we bij een lager gelegen brug die hier een brede, maar bijna drooggevallen rivier overspant. Bij Slava merk ik teleurstelling, want de mannen zouden hier immers met elkaar in de brede rivier gaan vissen, maar nu blijkt het water nagenoeg weg te zijn. Slechts een smalle waterloop resteert. We komen bij een hoger gelegen grote, coöperatieve datsja, bestaande uit enkele eigen, fantasierijke houten bouwsels en meerdere overdekte, grote terrassen, waar je met groepen kunt zitten om bijvoorbeeld te picknicken.

Pasha gaat met Oxcana, Natasha en Durkje de barbeque-maaltijd gereedmaken. Grote vleesspiesen worden gemaakt en alle meegenomen eten wordt klaar gemaakt voor de maaltijd, die we rond het middaguur buiten op het terras van één van de houten hutten zullen nuttigen. Jan Wijbe en ik krijgen van Sasha en Slava en van enkele andere mannen van deze rivierdatsja water- en winddichte kleding en grote laarzen aan en dan gaat het avontuur beginnen, waarop Sasha al zolang had gewacht: vissen met Wiep. Hoe vaak heeft hij me al niet uitgenodigd: kom in de zomer bij me vissen in de rivieren en de meren rond Vitebsk en kom ook hier in de winter om samen met ons te vissen op de bevroren meren. Eindelijk is het vandaag zover, maar helaas, nu heeft de rivier hier nagenoeg alle water laten wegstromen. Het visavontuur is dus ook maar van korte duur.

De heerlijke barbeque-maaltijd lonkt, dus al vrij spoedig hebben we het viswater verlaten en zitten we met alle anderen op de frisse wind maar ook in de zon te genieten van een overheerlijke buitenmaaltijd. En ook nu weer is er geen taalbarrière, want omdat we bijna allemaal wel enige Witrussische, Duitse, Engelse en Nederlandse talenschat bezitten, kunnen we met de ondersteunende gebaren erbij elkaar alles duidelijk maken wat we willen. Daarbij hebben we bovenal veel plezier. Oxcana, die al zoveel keren in ons gezin in Nederland heeft gelogeerd, helpt ons altijd weer bij de laatste woorden en zinnen, die we niet zonder haar vertaalhulp van elkaar kunnen begrijpen.

Als we alles hebben opgeruimd, gaan we weer terug naar Mogilov. We gaan vervolgens met zijn allen de stad in, waar we eerst een bezoek brengen aan de bijna 300 jaar oude rooms-katholieke kerk en daarna ook aan de oude, hoog boven de rivier de Dnjepr gebouwde Russisch-orthodoxe kerk, op het nog steeds door nonnen bewoonde kloosterterrein. De rooms-katholieke kerk heeft een rijk versierd interieur, waarvan vooral de alle muren bedekkende fresco’s in het bijzonder de aandacht trekken. De kerkgangers in de kerkbanken groeten ons vriendelijk.

De grote Russisch-orthodoxe kerk op het kloosterterrein is ook alleszins de moeite waard. Het rijk met bladgoud versierde interieur is adembenemend mooi. De (aan)biddende kerkgangers gaan ieder hun eigen weg, iedereen koopt een kaarsje om die aan te steken bij de iconen en schilderijen en op het moment dat wij hier zijn, komen twee nonnen de broden en andere giften halen, die hier vandaag door de kerkbezoekers op de offertafel zijn gedeponeerd. Zoals dat in veel andere landen gebruikelijk is, is hier ook een boekentafel in de kerk, waar religieuze publicaties kunnen worden gekocht. Tussen de Bijbels en andere geschriften liggen ook twee verschillende, rijk geïllustreerde kinderbijbels te koop. De kerk is hier dus ook het verkoopkanaal voor Bijbels en aanverwante lectuur. Goed om te zien en te weten, want dat kan me van pas komen bij mijn bestuurswerk voor het Nederlands Bijbelgenootschap.

Op de terugweg naar huis laat Slava ons nog de Baptistenkerk zien. Het is er druk, vanwege het feit dat er straks een huwelijk wordt ingezegend. De trouwauto staat al voor de kerkdeur.

Thuisgekomen drinken we eerst samen koffie met daarbij taart van Sasja en Natasha en daarna bekijken we samen elkaars foto’s en filmpjes van thuis. We nemen afscheid van Sasha, die nog een paar uren in de auto terug naar Vitebsk moet rijden en ’s avonds bekijken we de omvangrijke digitale fotoreportage van de trouwdag van Pasha en Oxcana, die wij bijna twee jaar geleden hier in Mogilov met dit bruidspaar en hun familie groots mochten vieren. En dan is ook deze boeiende dag weer ten einde. Wat een dag!

Aankomst te Mogilov in Wit-Rusland (dag 2)

Zaterdag 23 oktober 2010

Om ongeveer een kwartier na middernacht stappen Durkje, Jan Wijbe en ik met alle andere reisgenoten weer in de bus. Weer rijden we in het donker over de rustige Poolse autowegen. Midden in de nacht rijden we dwars door de stad Warschau; een grote stad, dus het duurt lang voordat we de Poolse hoofdstad achter ons laten. Om ongeveer 4.00 uur volgt weer een tussenstop. De bus rijdt van de autoweg af en gaat een grote parkeerplaats op, die nagenoeg vol staat met tientallen vrachtwagens. De meeste vrachtwagenchauffeurs slapen, slechts enkelen lopen rond hun auto of halen even wat te eten of te drinken in het geopende chauffeurscafé, waar wij ook naar binnen gaan voor het toilet en/of voor een kleine aankoop. Daarna naderen we de Pools-Witrussische grens.

Het wordt stiller op de weg en na twee uren arriveren we om 6.00 uur bij de Poolse grens. Het rode stoplicht dwingt ons de bus stil te zetten. We mogen niet verder. Dan begint het wachten. Het wordt licht. De klok tikt door en na veel geduld geoefend te hebben, gaat pas anderhalf uur later de slagboom vóór de bus open. Dan blijkt dat de grensbeambte hier nog niet op zijn werk was gearriveerd, waardoor wij zolang moesten wachten. We mogen eindelijk het Poolse grensterrein op rijden. Onze paspoorten worden één voor één gecontroleerd, de bagageluiken worden geopend voor douane-contrôle en na een half uur mogen we het niemandsland tussen Polen en Wit-Rusland in rijden.

Via een brede, lange brug steken we hier de grensrivier over. En dan herhaalt zich de procedure van twee uren geleden weer. Eerst moeten we de bus stilzetten voor het rode stoplicht. Deze keer duurt het gelukkig niet zo lang als bij de Poolse grens. De bus mag naar de Witrussische grensovergang rijden. Daar worden onze visa en onze paspoorten ingenomen voor contrôle en ook de bagageluiken moeten voor de douanecontrôle weer worden geopend. Nadat we allemaal ook nog een verplichte medische verzekering hebben afgesloten voor de komende dagen en nadat ook alle papieren in orde zijn bevonden, mogen we met de bus de Witrussische grens passeren. Een uur na aankomst bij deze tweede grenspost rijden we eindelijk Wit-Rusland binnen. We hebben totaal drie uren moeten wachten om deze dubbele landengrens te overschrijden.

Vlak over de grens stopt de bus al weer, omdat hier de eerste buspassagiers worden afgehaald door het Witrussische gezin waar zij de komende dagen te gast zullen zijn. Na deze korte stop rijden we naar en door de Witrussische grensstad Brest. Een uur later komen we op een stuk tolweg. Weer een uur later rijden we langs een uitgestrekt moerasachtig landschap met meertjes en uitgestrekte berkenbossen; heel karakteristiek voor Wit-Rusland. Een kwartier later passeren we een enorm kunstwerk langs de autoweg, die onmiskenbaar de Zoebr voorstelt, de Witrussiche bison, die voor de Witrussen het nationaal symbool is voor hun uitstraling van trots en kracht.

Nabij de Witrussische hoofdstad Minsk hebben we langs de snelweg weer een Nederlands gezin uit laten stappen om hun reis te laten vervolgen met een auto van hun Witrussisch gastgezin. Om 12.45 uur stapt weer een deel van ons gezelschap uit bij een benzinestation. Maar we lossen onderweg niet alleen. Op een gegeven moment staat langs de autoweg een chauffeur bij een geparkeerde auto naar de bus te zwaaien. We stoppen bij de auto en dan worden twee grote bigbags vanuit de auto in de bus geladen. Dan gaan we weer verder.

Durkje, Jan Wijbe en ik zullen in of bij de stad Mogilov uitstappen. Tegelijk zullen ook drie anderen daar uitstappen, die over twee gastgezinnen worden verdeeld. De Witrussische chauffeurs bellen vanuit de bus naar onze drie gastgezinnen en maken een afspraak hoe laat zij langs de autoweg klaar zullen staan om ons op de afgesproken plaats af te halen. Bij de afslag Mogilov Krupskaya staan zowaar Oxcana en Slava met de auto van Slava klaar om ons mee te nemen naar het huis van Oxcana, Pasha en Palina. Als Oxcana hoort dat één van de andere gastgezinnen hier bij de bus (nog) niet is gearriveerd, belt ze direct in overleg met de buschauffeur dat afwezige gastgezin en spreekt met hen af dat deze twee passagiers mee zullen rijden met de andere Witrussische chauffeur die alleen Tjeerd maar hoeft mee te nemen. Zodra dat is geregeld, gaat de bus verder en rijden wij na deze ruim 2.000 kilometer lange busreis van 32 uren met Pasha en Oxcana mee naar haar huis.

Thuisgekomen worden we weer - zoals te doen gebruikelijk - bijzonder hartelijk ontvangen door Sveta. Voor het eerst zien we ook de vorig jaar geboren Palina, dochter van ons gastkind Oxcana, die ruim twee jaar geleden trouwde met Pasha. Pasha komt even later thuis van zijn werk. Een overheerlijke warme maaltijd staat voor ons klaar en het duurt dus maar even tot we met zijn achten in de woonkeuken rondom de keukentafel zitten te eten. Er is elkaar zoveel te vragen en zoveel te vertellen en voordat je het in de gaten hebt, is ook nu weer de taalbarrière binnen enkele momenten geslecht.

Na de avondmaaltijd nemen we de gelegenheid te baat om onze Witrussische vrienden te verblijden met de meegenomen geschenken. Het is altijd goed om te geven, maar het stemt bovenal tot grote dankbaarheid bij jezelf om te zien dat je hier en nu iets moois mag geven aan je geliefde vrienden van zover, die je in je gedachten altijd zo nabij zijn. Voordat we het in de gaten hebben, is deze eerste avond al weer voorbij en gaan we moe van de reis, maar zeer voldaan de nachtrust in.

In de bus naar Wit-Rusland (dag 1)

Vrijdag 22 oktober 2010

We hebben een lange reis voor de boeg. Jan Wijbe, Durkje en ik staan om 8.00 uur in Stiens klaar voor de busreis, die ons door Nederland, Duitsland en Polen naar de stad Mogilov in Wit-Rusland zal voeren. We weten dat we meer dan 30 uren onderweg zullen zijn. Om 8.00 uur brengt Pieter ons vanuit Stiens met de volgepakte stationcar naar Dronrijp. Met een groep van zo’n 40 reisgenoten vertrekken we om 9.00 uur uit Dronrijp.

Het merendeel van deze reisgenoten zijn gastouders en gastbroers/-zusters, die in de afgelopen jaren één of meerderde malen vakantiekinderen uit Wit-Rusland in hun gezin hebben opgevangen voor een gezondheidsvakantie van 8 en/of 4 weken in Nederland. We gaan allemaal nu op tegenbezoek bij de families van deze gastkinderen; Jan Wijbe voor het eerst; Durkje en ik inmiddels voor de derde keer.

Drie Witrussische chauffeurs zorgen voor een veilige busrit. De ook meereizende organisator van dit mooie avontuur is Tjeerd Tijsma, lid van de werkgroep Dronrijp van de Stichting Rusland Kinderhulp. SRK is de christelijke, humanitaire hulporganisatie die al bijna 25 jaar heel veel Witrussische kinderen voor een nodige herstelvakantie - vanuit het door de kernramp in Tsjernobyl getroffen gebied in Wit-Rusland - naar Nederland haalde.

De eerste tussenstop is na ongeveer 2,5 uur in Duitsland. Daarna stopt de bus elke keer na zo’n 3 à 4 uur voor een sanitaire stop, om de benen te strekken en om van chauffeur te wisselen. Met slechts kleine vertraging wegens drukte op de Duitse Autobahnen zijn we rond het avonduur de Duits-Poolse grens over gegaan. Om 19.30 uur rijdt de bus een groot parkeerterrein op bij een restaurant. Deze eetgelegenheid blijkt vol te zijn, maar ongeveer twee kilometer verderop is nog volop ruimte in een ander hotel-restaurant. Hier genieten we van een warme maaltijd.

Daarna gaan we weer de donkere nacht in, over de Poolse wegen. Tegen middernacht pauzeren we in Polen nog een keer op een parkeerplaats langs de snelweg.

donderdag 21 oktober 2010

Kunstkastjes van Beeldende Vorming OLB3

Donderdag 21 oktober 2010

In de gang van onze Leeuwarder locatie van Stenden hogeschool passeer ik op de gang een aantal werkstukken van studenten. Het zijn zogenoemde "Kunst-kastjes", gemaakt door derdejaars studenten van de Christelijke Opleiding tot Leraar Basisonderwijs (OLB), als opdracht in het kader van het vak Beeldende Vorming.

De derdejaars OLB-studenten zijn hiertoe eerst op bezoek geweest bij een kunstenaar. Op basis van dat bezoek maken ze zo'n werkstuk, waarbij ze uitgaan van een onderwerp of van materialen/technieken en/of van een combinatie van het werk van die bezochte kunstenaar.

Bij de produktie van deze werkstukken maken studenten gebruik van materialen naar keuze, met de verplichting om naast het platte vlak ook half-ruimtelijk en ruimtelijk te werken.

woensdag 20 oktober 2010

God is gek

Woensdag 20 oktober 2010

‘Slechts 14% van alle Nederlanders gelooft absoluut niet in een God of hogere macht en zegt overtuigd atheïst te zijn. Ik kreeg de afgelopen jaren de indruk dat die 14% allemaal bij de opiniërende media terechtgekomen is.’

Dat schrijft Kluun in zijn boek “God is gek”. Als ondertitel van zijn boek koos Kluun voor het onderschrift “De dictatuur van het atheïsme”. Dit essay is een speciale uitgave in het kader van de Maand van de Spiritualiteit in het jaar 2009.

Kluun is het pseudoniem van Raymond van de Klundert (1964). De van oorsprong in de marketing werkende Van de Klundert verloor in 2001 zijn vrouw aan kanker. Hij verkocht toen zijn marketingbureau en vertrok met zijn driejarige dochter naar Australië. Daar schreef hij zijn debuutroman “Komt een vrouw bij de dokter” (2003). Deze roman is inmiddels ook verfilmd.

Kluun gaat voor zijn essay op zoek naar antwoorden bij onder andere:
- programmamakers, zoals: Jeroen Pauw, Paul Witteman, Matthijs van Nieuwkerk en Arie Boomsma;
- columnisten, zoals: Max Pam, Theodor Holman, Suzan Smit en Bert Wagendorp;
- opiniemaker Inez van Oord;
- wetenschappers, zoals: Jo Hermans, Niek Lopes Cardozo, Willem B. Drees en Cees Dekker;
- captain of industry Tex Gunning;
- schrijver Pim van Lommel;
- popprofessor Leo Blokhuis;
Kluun stelt hen onder andere de volgende vragen:
- Bestaat God?;
- Is er leven na de dood?
- Weet u dat zeker?

Openhartig vertelt Kluun ook over zijn eigen spirituele zoektocht, die begon met de dood van zijn vrouw. Kluun komt met uitgesproken standpunten. Hij verwoordt ze met humor, maar ook met bijtende zelfspot. Hij sluit zijn essay af met “een vraaggesprek van Kluun met Kluun”.

Enkele citaten van Kluun in dit essay:
* Ik werd een religieuze doe-het-zelver en koos voor een sinterklaasgod;
* Op mijn veertiende stopte ik met bidden;
* .. we maten ons een nieuw levensmotto aan: ‘Als we geen dagen kunnen toevoegen aan het leven, voegen we maar leven aan de dagen toe’;
* Sinds het moment dat ik mijn vrouw zag sterven, ben ik niet meer bang voor de dood;
* Carmen is verdwenen – God weet waar naartoe - …;
* Is het niet logisch dat je in de heftigste periodes in je leven tot de grootste creatieve prestaties komt?;
* Beter een duidelijk dan geen imago;
* Het geloof lijkt gegijzeld te zijn door fundamentalisten en mafketels;
* Kerk, Bijbel en God (…) zijn in mijn sociale omgeving volledig passé;
* Religie blijft topamusement, wat zouden we zonder moeten op tv?;
* God is zóóóó twintigste eeuw…;
* …worden de nieuwe spirituelen gekenmerkt ‘door veel belangstelling voor zingevingsvragen, een hoge mate van religieuze individualisering, een sterke gerichtheid op zoekreligiositeit en een grote religieuze openheid;
* Waarom is het nodig te bewijzen wat nog nooit iemand heeft kunnen bewijzen of weerleggen?;
* Zelfs van de mensen die niet in God geloven, bidt een kwart weleens;
* Maar religie en spiritualiteit staan haaks op het imago van de intellectueel, …;
* Maar ik geloof dat iedereen op bepaalde momenten in zijn leven intuïtief weet dat-ie iets moet doen of veranderen;
* We weten allemaal dat we het gelukkigst zijn op momenten dat we liefde geven en ontvangen, en toch slagen we er niet in ons er volledig aan over te geven;
* Misschien is die onvoorwaardelijke liefde wel datgene wat religies God noemen;
* God is gewoon een ander woord voor liefde;
* Als mensen doorkrijgen dat je met liefde en begrip een leuker leven hebt dan met cynisme en veroordelen, dan zijn we al een heel stuk verder;
* …niemand wil slecht zijn;
* We weten intuïtief allemaal dat we gelukkiger zijn als we goed zijn voor anderen.

Regionale Ledenvergadering met Sminialezing in Leeuwarden

Dinsdag 19 oktober 2010

Als Regiocomité Fryslân van de Vereniging VU-Windesheim organiseren we vanavond twee bijeenkomsten in Stenden University Hotel te Leeuwarden. Eerste sessie is de statutaire, jaarlijkse Regionale Ledenvergadering, bedoeld voor alle leden van de Vereniging VU-Windesheim die wonen in Fryslân. Om 18.45 uur open ik deze bijeenkomst met het verwelkomen van de aanwezige verenigingsleden en medewerkers van de instellingen die ressorteren onder deze vereniging voor christelijk hoger onderwijs, onderzoek en patiëntenzorg.

Eerst blikken we terug op alle activiteiten van ons Regionaal Comité en de publieksactiviteiten die we in het werkverband met VU-connected hebben ontplooid. Vervolgens blikken we vooruit naar onze activiteiten die voor de komende maanden zijn gepland. En dan volgen de mutaties in de samenstelling van ons Regiocomité, die vandaag statutair de revue passeren. We benoemen Govert Gerlof tot lid van het Regiocomité. We stemmen in met de herbenoeming van Wil Lodewijk voor een tweede zittingstermijn. We nemen afscheid van onze Regiocomitéleden Henny Sybranda en Ties Jan Eekhof, die respectievelijk 12 jaar (maximale zittingsduur) en 4 jaar lid van ons Regiocomité waren, waarvan Ties Jan Eekhof ook drie jaar lid van de landelijke Ledenraad was.

Daarna verzorgt Albert Cornelissen een presentatie over de actuele ontwikkelingen in ons Verenigingsverband en binnen de daarvan uitgaande instellingen: Vrije Universiteit Amsterdam, Christelijke Hogeschool Windesheim, VU-medisch centrum en GGZ inGeest. Cornelissen spreekt hier als bestuurslid van de Vereniging VU-Windesheim, tevens Voorzitter van het College van Bestuur van Windesheim. Na zijn toespraak is er volop gelegenheid om onze bestuurder vragen te stellen en om over diverse verenigingszaken plenair met elkaar in gesprek te gaan.

Na de pauze wordt de bijeenkomst om 20.00 uur in een groter verband met overige belangstellenden voortgezet, als een openbare publieksbijeenkomst van VU-connected. Het is dit jaar de vierde maal dat we onze zogenoemde openbare "Sminialezing" hier in Fryslân aanbieden aan iedereen die belangstelling heeft voor het geprogrammeerde thema. De lezing is genoemd naar de voormalig rector-magnificus van de VU: Taede Sminia, zoals elk jaar ook nu weer met zijn echtgenote aanwezig bij deze openbare lezing. Spreker vanavond is Anne-Mei The. Ze is cultureel antropoloog en jurist, Lector Palliatieve Zorg, Ethiek en Communicatie aan Windesheim, tevens werkzaam bij de Pieter van Foreest Stichting en ook auteur van haar recente boek: "Verlossers naast God" (2009), over de geschiedenis van de palliatie. Thema van haar lezing is: "Euthanasie en Palliatieve zorg in Nederland".

Ze vertelt dat het mooi is dat we de medische zorg in de afgelopen decennia aanmerkelijk hebben verbeterd, waardoor mensen langer leven. Keerzijde is echter dat we daarmee creëerden dat veel zieken ook langer gingen lijden. Patiënten gingen artsen steeds vaker om de dood vragen. Nadat dit aanvankelijk alleen door artsen en familie van de patiënt werd besproken, ging in de 70er jaren van de vorige eeuw vooral ook de samenleving zich met dit vraagstuk bemoeien. Tijdens haar onderzoek zag Anne-Mei The dat door dit maatschappelijk debat de medische omgeving de publiciteit inzake euthanasie liever uit de weg ging.

Het regelen van het levenseinde is en blijft mensenwerk. De toewijding, empathie en zorgzaamheid van de professionals jegens de terminale patiënt komt in onze samenleving steeds meer haaks te staan op zaken als efficiency, kostenbesparing, planmatigheid en de illusie dat we alles kunnen meten. Anne-Mei The: "We moeten met mate meten en we moeten meer aandacht schenken aan aandachtigheid in de zorg". Ze trekt vanuit de zorg in dezen een parallel naar het onderwijs, waar diezelfde aandachtigheid ook centraal zou moeten staan. "Aandachtigheid", een mooi begrip!

"We hebben in Nederland vreemd genoeg eerst de euthanasie geregeld en toen pas de palliatieve zorg, die beoogt om het leven(seinde) draaglijk te maken", aldus The. "De angst voor de laatste levensfase is veel meer dan alleen een persoonlijke kwestie; het levenseinde gaat de hele samenleving aan". In Nederland is de balans tussen Cure & Care scheefgegroeid; we zorgen ervoor dat mensen langer leven, maar we zorgen nog niet genoeg voor die mensen àls ze langer blijven leven in onze verzorgings- en verpleeghuizen, volgens Anne-Mei The.

Na de pauze in aansluiting op deze lezing krijgen alle aanwezigen volop de gelegenheid om met lector Anne-Mei The het publieke gesprek aan te gaan over de inhoud van haar lezing en over allerlei maatschappelijke kwesties en vraagstukken aangaande euthanasie en palliatie. Er ontstaat een buitengewoon boeiend gesprek waar de aanwezige professionals uit bijvoorbeeld de gezondheidszorg en pastoraat en allerlei andere ervaringsdeskundigen van harte aan deelnemen.

Eén ding is duidelijk: goede zorg tijdens de fase van ons levenseinde is vooral ook gebaat bij "Aandachtigheid".

maandag 18 oktober 2010

Expositie van Selma van Rijn-Zeilstra in De Hege Stins

Maandag 18 oktober 2010

In De Hege Stins te Stiens bezocht ik vorige maand de tentoonstelling van weefwerk van Selma van Rijn-Zeilstra. Selma weeft al bijna twintig jaar. Sind het begin van 2010 weeft ze bij Maria de Werker. In diens weefgroep is veel ruimte voor experiment en ontwikkeling. Selma heeft geweven met onder andere koperdraad, raffia, plastic, borduurgarens, vitrage, treinkaartjes, knopen en lint. Fraaie kleuren en veel afwisseling tussen licht en donker vallen op in Selma's weefwerk.

Selma van Rijn-Zeilstra is in 1948 geboren en woont sinds 1972 in ons dorp Stiens. Al op jonge leeftijd had ze belangstelling voor textiel. Ze rondde een opleiding tot coupeuse af en werkte een aantal jaren in een modezaak in Sneek. In latere jaren maakte ze zelf graag kleding. Ze tekent en schildert ook. Begin jaren negentig kreeg ze interesse in weven, en in 1994 kocht ze een groot weefgetouw.

Ze weefde jarenlang in een weefgroep van Anneke Kolijn, zowel in Stiens als in Groningen. Sinds een paar jaar weeft ze bij de weefgroep van Maria de Werker in het Kunstencentrum in Groningen. Ook maakt ze deel uit van een groep van vier weefsters, waarin onder leiding van Maria de Werker gezocht wordt naar manieren om in weefwerk abstracte concepten (zoals gevoelens, gedachten en herinneringen) uit te drukken. In deze groep is veel ruimte voor experiment en ontwikkeling.

Selma paart toewijding en geduld in het weven aan een grote verbeeldingskracht en enthousiasme. Haar deelname in 2009 aan de tentoonstelling "Weefnetwerk weeft... kunst!" in de Grote- of Lebuïnuskerk in Deventer betekende een erkennning voor de kwaliteit van haar werk, en dat heeft ertoe geleid dat Selma haar weefwerk nog verder heeft geïntensiveerd, en dat ze openstaat voor nieuwe ontwikkelingen in haar weefcarrière.

Selma werkt op een groot weefgetouw, zowel thuis in Stiens als in het Kunstencentrum in Groningen. Recent werk maakte zij vooral in de zogenoemde Monks Belt-techniek. Zij maakte verschillende wandstukken met kleurige blokken en strepen op een donkere achtergrond. Selma heeft in de afgelopen jaren veel en divers werk gemaakt; wandstukken, maar ook bijvoorbeeld jasjes, dekens en tafellopers.

zondag 17 oktober 2010

Lanterfanten over Route 2.01 van Buitenpost naar Drachtstercompagnie

Zondag 17 oktober 2010

Tussen enkele regenachtige dagen door is deze zondag letterlijk een echte zon-dag. Een mooie gelegenheid voor een herfstzonwandeldag door de Friese wouden. Als Durkje en ik met de auto's vanuit Leeuwarden rond 8.00 uur vanmorgen langs de Grote Wielen rijden, zien we de ochtendnevel nog dik over de velden liggen. De opkomende zon kleurt het benevelde waterrijke landschap zacht oranjerood. Een sprookjesachtig tafereel zo op de vroege ochtend. De ene auto laten we in Drachtstercompagnie achter en dan rijden we met de andere auto naar ons beginpunt van vandaag: het NS-station van Buitenpost. We wandelen vandaag van Buitenpost naar Drachtstercompagnie over een afstand van 26 kilometer. Het is route 1 van het tweede deel van de wandelgids "Friesland voor lanterfanters".

De Kuipersweg in Buitenpost is opgebroken wegens de aanleg van nieuwe riolering. Ten zuiden van Buitenpost volgen we ter hoogte van Lutkepost een fietspad in de richting van Kootstertille. Iets verderop maken we een wandellus in de Wâldmieden over het Laarzenpad van Staatsbosbeheer, ook wel het Mem Wadmanpad genoemd. Qua natuur is dit een top, maar qua wandelpad een flop, want vanwege de zompige ondergrond en het hoogopgaande natte gras - dat trouwens hier en daar zelfs nog berijpt is - hebben we na enkele honderden meters al natte sokken in onze (vermeend waterdichte) wandelschoenen. We vervolgen onze weg via de Alde Dyk in de richting van de oude wipbrug over de Twijzelerfeart.

Over het fietspad de "Njoggen âlde mantsjes" (die verwijzen naar knotwilgen) wandelen we langs deze vaart naar Twijzel, waar we een kop koffie scoren bij het tankstation langs de provinciale weg van Groningen naar Leeuwarden. Net als we langs deze Groningerstraatweg lopen, komen Ale en Janny uit Stiens ons toevallig in de auto tegemoet. Bij Opperkooten nemen we de Opperkoatsterwei tot we in Jistrum arriveren. Via het mooie zandpad de Miedwei lopen we naar het Kolonelsdiep, dat we via de brug bij Skûlenboarch over steken. Een groot vrachtschip is zojuist deze brug gepasseerd.

Na de Mounekamp gaan we langs een smal Binnenvlietpad langs een sloot met kraakhelder water, waarin je alle flora en fauna tot op de bodem ziet. In it Heechsân bezoeken we d'Aldtoer, de bijzondere - met klimop begroeide - 13e eeuwse kerktoren. Aan de voet van dit gebouw vinden we ook een gedenkteken voor de omgekomen Poolse bemanningsleden van een Geallieerd vliegtuig, dat hier in de buurt in 1943 neerstortte. Via een zandpad en een lang fietspad tussen de hier zo karakteristieke elzenwallen komen we aan in de jachthaven van Eastermar, waar we heerlijk in de zon pauzeren op een bankje aan het water. We zitten er nog maar net als een motorrijder langzaam achter ons langs rijdt, zo'n 100 meter verderop de macht over het stuur kwijt raak en onderuit gaat. Gelukkig is het geen ernstige valpartij.

Vanuit Eastermar lopen we in oostelijke richting via it Wytfean naar de Mûntsegroppe, het twee kilometer lange zandpad, dat we tot in Rottevalle volgen. In Rottevalle pauzeren we op een bankje op het speelplein van de plaatselijke christelijke basisschool. Aan de oostzijde van Rottevalle gaan via een fietstunnel onder de N369 door, in de richting van Houtigehage. Tussen Houtigehage en Drachtstercompagnie volgen we een eind in oostelijke richting de Skoallewyk, één van de vele "wijken" (waterlopen) in deze streek. De wandelgids wil ons dan langs de Parkenwyk verder laten gaan, maar als we de Parkenwyk in wandelen, zien we dat de bewoners die gemeentelijke woonstraat tot "eigen weg" hebben verklaard en dat men verderop het doorgaande pad heeft versperd met takkenbossen. Onverrichterzake keren we derhalve terug over de Skoallewyk.

We steken verderop de Folgersterloane over en gaan linksaf en rechtsaf om dan het laatste stuk naar Drachtstercompagnie te lopen, waar we onze auto hebben geparkeerd bij de christelijke basisschool, de dorpsschool waar ik in 1978 als Pabo-student hospiteerde. Vanuit Drachtstercompagnie rijden we om 16.00 uur voor een visite naar mijn ouders in Drachten en tegen de avond rijden we via Buitenpost weer naar Stiens, om bij het treinstation van Buitenpost eerst nog onze andere auto af te halen, die we hier vanmorgen rond 9.00 uur parkeerden. We hebben vandaag een buitengewoon mooie wandeltocht achter de rug, waarvan de route ons een goed beeld gaf van het schitterende coulisselandschap van de Friese wouden tussen Buitenpost en Drachtstercompagnie.

zaterdag 16 oktober 2010

Leeuwarden en haar Jacobustraditie

Zaterdag 16 oktober 2010

Vanmiddag na het winkelen in de binnenstad van Leeuwarden wandelen Durkje en ik vanuit het stadswinkelcentrum noordwaarts langs de Grote of Jacobijnerkerk van Leeuwarden. Pelgrims en wandelaars die over het Jabikspaad de stad Leeuwarden doorkruisen, vinden hier bij de Jacobijnerkerk een informatiepaneel van de Stichting Jabikspaad Fryslân. Dit paneel maakt duidelijk dat Leeuwarden de Friese stad is met de meest duidelijk zichtbare Jacobustraditie.

De bewoners van het in het jaar 1245 gestichte Sint-Dominicusklooster werden "Jacopinen" genoemd. De Grote Kerk van Leeuwarden wordt tot op heden ook nog wel de Jacobijnerkerk genoemd.

In veel Europese steden wijst een zogenoemde Sint-Jacobsstraat de doortrekkende pelgrims de weg naar het zuiden, naar Santiago de Compostela in Spanje. Ook de Sint-Jacobsstraat van Leeuwarden leidt de pelgrims en andere wandelaars in zuidelijke richting, in de richting van wat pas na de Reformatie de zogenoemde "Wirdumerpoort" werd genoemd. Daarvóór had de Wirdumerpoort een andere naam. Sinds 1398 werd deze poort namelijk de Sint-Jacobspoort genoemd.

Leeuwarden kende vroeger verschillende armhuizen voor behoeftige Leeuwarders. Eén van die armhuizen was gebouwd in de Leeuwarder Sint-Jacobsstraat. Dit armhuis droeg tussen 1478 en 1581 de naam Sint-Jacobsgasthuis.

vrijdag 15 oktober 2010

Doorstartbijeenkomst in 't Jabikshuus van St. Jabik

Vrijdag 15 oktober 2010

Hoera, het is zover!

Afgelopen maandag konden we bekendmaken dat de Europese Unie onze plannen met een financiële bijdrage van € 140.000,- steunt voor de restauratie, verbouw, herbestemming en inrichting van de Groate Kerk van Sint-Jacobiparochie. Met deze financiële steun is het totale budget van € 400.000,- nu beschikbaar om alle inrichtingsplannen te realiseren. Voor onze Stichting Jabikspaad Fryslân is dit een belangrijke week, want deze toekenning maakt het mogelijk dat we samen met het Nederlands Genootschap van Sint Jacob ons "Pelgrimscentrum Sint Jacob" kunnen realiseren in het voorportaal van de Groate Kerk.

De eigenaar van de Groate Kerk - de Stichting Alde Fryske Tsjerken - heeft een doorslaggevende rol gespeeld bij de aanvraag en toekenning van de benodigde gelden. Aan het eind van de middag zitten we als bestuursdelegaties van de Stichting Jabikspaad Fryslân en van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob bijelkaar met Gerhard Bakker, directeur van de Stichting Alde Fryske Tsjerken. Dit overleg vindt plaats in "'t Jabikshuus", het multifunctionele centrum dat is gebouwd aan de achterzijde van de Groate Kerk van St. Jabik.

Nu de Stichting Alde Fryske Tsjerken de opdracht aan de aannemer kan en gaat verstrekken om de bouwkundige voorzieningen voor het Pelgrimscentrum Sint Jacob te realiseren, kunnen we als drie samenwerkende partijen concrete werkafspraken maken over allerlei zaken van voorbereidende en uitvoerende aard. Aan de orde komt bijvoorbeeld: samenwerkingsverband, huurcontract, huishoudelijk reglement, evaluatiemomenten, openingsweekend, matenplan, taakverdeling, inrichtingsbudget, inventaris, presentatiemateriaal, etc. Steeds is daarbij ook van belang dat we terdege rekening houden met de belangen van de "Stichting Groate Kerk", de hoofdhuurder van de Groate Kerk, want vooral een goede samenwerkingsrelatie met deze stichting is een succesbepalende factor voor het welslagen van ons pelgrimscentrum in oprichting.

Nadat het overleg met de Stichting Alde Fryske Tsjerken is beëindigd, gaan we als Stichting Jabikspaad Fryslân en Nederlands Genootschap van Sint Jacob nog even door om ook onze bilaterale samenwerking nader met elkaar door te nemen. We maken afspraken over onze beide werkgroepdelegaties, plannen het eerste inrichtingsoverleg en regelen de wijze waarop we een optimale aansluiting bij de dorpsactiviteiten van St. Jabik kunnen realiseren, opdat we van meet af aan in goed overleg met alle lokale belangengroepen in het daartoe opgerichte Stuurgroepverband samen werken aan realisatie van dit ook voor Sint-Jacobiparochie belangrijke pelgrimscentrum in het voorportaal van de Grote Kerk van Sint Jabik.

donderdag 14 oktober 2010

Teamdiner in de Vrijheid te Grou

Donderdag 14 oktober 2010

Omdat we op onze jaarlijkse teamdag van 6 juli 2010 niet in de gelegenheid waren om die af te sluiten met een gezamenlijke maaltijd, spraken we af om in de herfst als team nog eens een avond met elkaar te gaan dineren. Vanavond is het dan zover. Als collega's van onze afdeling Quality Assurance van het Corporate Office van Stenden hogeschool zijn we vanavond met onze partners in restaurant de Vrijheid in het Friese Grou, om ons hier culinair te laten verwennen. Dat blijkt een goede keus te zijn.

Sinds april 2008 zijn Melle & Hanny Bakker de eigenaren van restaurant de Vrijheid. Melle Bakker is jarenlang onze collega geweest bij de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN; inmiddels Stenden hogeschool genoemd). Hij was eerst ongeveer tien jaar lang werkzaam als praktijkbegeleider bij het leerbedrijf Hotel Wyswert (inmiddels Stenden University Hotel genoemd) van de CHN en aansluitend ook ongeveer tien jaar als docent bij de daaraan gelieerde opleiding Hoger Hotelonderwijs van de CHN. Daarvóór waren Hanny & Melle Bakker al eigenaar van restaurant het Jachthuis in Hoog Soeren. Hun dochter Marjan – afgestudeerd aan onze hogere hotelschool in Leeuwarden - is hier hun restaurantmanager.

Het gastvrijheidsconcept van de Vrijheid heeft een flinke facelift ondergaan. Niet alleen werd het restaurant volledig gemoderniseerd; ook de kookstijl en service sluiten aan bij de wensen van de moderne en verwende gast. De Vrijheid heeft nu een internationale menukaart en werkt met verse ingrediënten, die met behulp van moderne technieken worden bereid. We kunnen kiezen uit meerdere huiswijnen en de wijnkaart biedt een uitgelezen assortiment kwaliteitswijnen.

Restaurant de Vrijheid ligt op een landtong aan het water, op het kruispunt van de Rjochte Grou, de Geau en het Pikmar, met camping "Yn 'e Lijte" als achterland. Aan de overzijde van de Rjochte Grou zien we vanuit het restaurant de dorpskern met ook de 13e eeuwse, romaanse Sint-Pieterkerk van het watersportdorp Grou. In dit modern ogende restaurant met mooie, bij de horeca passende decoraties is het vanavond aangenaam verpozen. Melle is vanavond onze gastheer en Hanny verblijdt ons tijdens de dinergangen met overheerlijke, gevarieerde gerechten. Deze combinatie staat garant voor een genoeglijke avond dineren, waarin ook volop de gelegenheid bestaat om nader met elkaar en met elkaars partners kennis te maken. Aan het eind van de avond nemen we afscheid van onze ex-collega, die hier in Grou samen met zijn vrouw en dochter hun ambitieuze droom waarmaken.

woensdag 13 oktober 2010

AB Telecom & ICT in Stiens

Woensdag 13 oktober 2010

Op het bedrijventerrein Middelsé van Stiens is de onderneming "AB Telecom & ICT" gevestigd aan de Seefûgel. Bij AB Telecom kun je terecht met je wensen omtrent spraak, data of beeldcommunicatie. Het werkgebied omvat de breedte van kleine zakelijke omgevingen tot een site met 500 medewerkers thuis, in de auto of op het bedrijf; in de zorg, in de detailhandel of in andere vormen van dienstverlening. Men biedt passende oplossingen op het gebied van prijsstelling en/of in energieverbruik.

De insteek is dat men een product zoekt en vindt die bij je wensen past, in plaats van dat je je wens moet aanpassen aan het product. Een optimale match tussen wens en product is de focus. AB Telecom & ICT is onder andere gecertificeerd Business Partner van KPN Telecom, officieel Siemens Partner en Accredited partner van Kaspersky en ZyXEL. Men wil als flexibel bedrijf in staat zijn om snel in te spelen op je wensen. Voordat leveringsadvies aan je wordt gegeven, wordt er eerst naar je eigen bedrijfssituatie gekeken. Op basis daarvan wordt een inventarisatie gemaakt, op grond waarvan tot een bijpassend aanbod zal worden gekomen

Het leveringspakket bestaat voornamelijk uit de volgende assortimentsgroepen:
- Telefonie: Vaste en mobiele telefonie en VoIP-oplossing (Voice over Internet Protocol);
- ICT-oplossingen: Netwerken, Servers, Werkplekken en Thuiswerken;
- Cameratoezicht: Camerabeveiliging;
- Betaalautomaten: Vaste en mobiele pinautomaten.
Het installeren van bijvoorbeeld een netwerk, telefooncentrale, geluidssysteem of de beveiliging doen ze ook voor je. AB Telecom biedt een totaalpakket van het advies tot en met de installatie.

De bedrijfswagen van AB Telecom & ICT is een opvallende verschijning vanwege de forse A en B in de bovenste twee van de drie taartpunten van het bedrijfslogo.

Nieuwe bestuurders voor de Stichting Jabikspaad Fryslân

Dinsdag 12 oktober 2010

Na een drukke periode van enkele maanden, waarin we in het bestuur van de Stichting Jabikspaad Fryslân veel en goed werk hebben verzet en in die periode helaas ook afscheid hebben genomen van drie bijzonder gewaardeerde bestuurders, staat de bestuursvergadering van vanavond in het teken van oogsten. We hebben vanavond voor het eerst drie nieuwe bestuurders in ons midden, te weten: Elly Koopman, Aukje Veninga en Monique Wijffels. Zij zullen onze bestuursgelederen de komende periode komen versterken met ieder hun eigen expertise, waarmee wij ons gelukkig prijzen. Alle drie zijn ze ervaren wandelaars/pelgrims, dus ook hun ervaring zal voor ons bestuur en voor het Jabikspaad van pas komen.

We vergaderen vanavond weer in Sint-Jacobiparochie, in de voorkamer van de Jacobshoeve van medebestuurder Klaske Wijbenga. In deze gastenkamer hangt een mini-fotoexpositie over het Friese gedeelte van het Jabikspaad: fotovakwerk van onze nieuwe medebestuurder, fotografe Monique Wijffels. Eén van de geëxposeerde foto's hangt in fors formaat op de grote spiegel boven de schoorsteenmantel. Deze foto verbeeldt het startpunt van het Jabikspaad: de poort van kunstenaar Henk Rusman met als doorkijkje de Groate Kerk van Sint-Jacobiparochie.

De nieuwe bestuurders zijn breed inzetbaar, maar hebben ieder ook een specialiteit, die we met het oog op het binnenkort op te richten "Pelgrimscentrum Sint Jacob" goed zullen kunnen gebruiken. Zo vertegenwoordigt Elly in ons bestuur de Regio Fryslân van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, met wie wij dit informatiecentrum in de Groate kerk willen gaan ontwikkelen. En expertise op het gebied van bijvoorbeeld spiritualiteit van Aukje en artistiek werk van Monique kunnen we dankbaar aanwenden bij de inrichting van bijvoorbeeld het stiltecentrum en de voorlichtingsruimtes van ons pelgrimscentrum in oprichting.

Na lang wachten is gisteren bekend gemaakt dat de financiële dekking van alle restauratie-, bouw- en inrichtingsplannen is geregeld, nu de provincie bekend heeft gemaakt dat de aangevraagde gelden van de provincie en van de Europese Unie beschikbaar worden gesteld. Nu is het moment gelukkig aangebroken dat we met alle partners concrete invulling kunnen gaan geven aan de inrichting en de opening van het drie verdiepingen tellende pelgrimscentrum in het voorportaal van de Groate Kerk.

Mei-inoar oparbeidzje:
Nu we in het huidige kalenderjaar hebben gevierd dat het Jabikspaad tien jaar bestaat, richten we onze blik ook weer vooruit. Het Jabikspaad staat nu letterlijk en figuurlijk goed op de kaart, dus nu is het moment aangebroken dat we nog meer dan voorheen aandacht zullen gaan besteden aan een pelgrimseigen aankleding van het Jabikspaad. Dat willen we graag in goed overleg met en ook voor een deel voor de Friese en Overijsselse gemeenten doen, waar het Jabikspaad doorheen loopt. Omdat de Stichting Jabikspaad Fryslân geen reguliere inkomsten heeft, maar wel regelmatig investeert in de aanleg en in het beheer van het Jabikspaad, zullen we ons binnenkort richten tot de Jabikspaad-gemeenten met het verzoek om de werkzaamheden van onze Stichting Jabikspaad Fryslân in deze gemeenten te ondersteunen met enige financiële bijdrage. We hopen dat deze gemeenten daarop positief zullen reageren, opdat wij het Jabikspaad in deze gemeenten elk jaar verder kunnen doorontwikkelen tot één van de karakteristieke pijlers van deze Friese en Overijsselse gemeenten.

maandag 11 oktober 2010

Brêgeleane in Stiens

Maandag 11 oktober 2010

De Brêgeleane is een straat in de wijk Aldlân te Stiens. Diagonaal tegenover de Ieleane in Stiens begint de Brêgeleane aan de noordzijde als een aftakking van de Griene Leane. In oostelijke richting kruist de Brêgeleane de volgende zijstraten: Mandelân, Stringsein, Tiltsjepaad, De Blikken, De Stripe en Lege Marren. Dan buigt de Brêgeleane af in zuidelijke richting om met een brug (brêge) over de Kletsefeart te gaan. Iets verderop kun je wandelend of fietsens rechtsaf gaan om met de houten brug van het Bartenspaad de parallel lopende Kletsefeart over te steken naar het Skûtsje. En uiteindelijk vindt de Brêgeleane aan de zuidzijde net voorbij de tweede brug over de Kletsefeart haar aansluiting weer aan de Griene Leane.

De meeste woningen staan aan de zuid- en westzijde, slechts enkele huizen staan aan de noord- en oostzijde. Toen de Griene Leane enkele jaren lang door een busbaan tussen de Ieleane en het Skûtsje was onderbroken, was de Brêgeleane voor veel Stiensers uit Aldlân-Noord de belangrijkste ontsluitingsweg in de richting van Britsum en het verderop gelegen Leeuwarden. Nu de Griene Leane sinds enkele jaren weer een doorgaande verbindinsweg is geworden voor autoverkeer, is het weer een stuk rustiger geworden op de Brêgeleane.

Over de verklaring van de naam Brêgeleane bestaat geen eenduidigheid. De ene verklaring gaat in de richting van een vergelijkbare land-aanduiding zoals "Breggensleane", waar dat waarschijnlijk verwijst naar een drassige en/of moerassige ondergrond. De andere verklaring die voor de hand ligt, is dat het gaat om een laan (leane) met een brug, of een laan die je naar een brug voert. In die zin is het in Stiens een passende naam, want zoals hierboven reeds is vermeld, liggen er twee bruggen (brêgen) in de Brêgeleane, beide over de Kletsefeart.

zondag 10 oktober 2010

Aandacht voor eigentijds pelgrimeren in vernieuwde Leeuwarder Courant

Zondag 10 oktober 2010

Enkele weken geleden werd ik gebeld door Wim Schrijver, journalist van de Leeuwarder Courant (LC). Hij vertelde me dat de krant werkte aan de voorbereiding van een nieuwe vormgeving voor de LC. Op 9 oktober 2010 zou de eerste editie met het nieuwe gezicht verschijnen. Eén van de katernen van de zaterdagkrant zou gaan heten: Reis & Bestemming. Eén van de pagina's van dit katern zal in elk geval aandacht besteden aan zaken op het gebied van levensbeschouwing, spiritualiteit en religie. Op die pagina komen dan in elk geval de welbekende LC-rubrieken "kortemetten" van Wim Schrijver en "gastopzondag" van Jacob Noordmans terug. Het voorstel van Wim Schrijver was nu om op deze pagina op 9 oktober 2010 ook aandacht te besteden aan de aantrekkingskracht en het geheim van pelgrimeren. De afspraak voor een interview daartoe was snel gemaakt.

Gistermorgen was het dan zover. De geheel vernieuwde Leeuwarder Courant viel thuis op de deurmat. Op Omrop Fryslân Radio werd even later in een reportage gemeld dat de LC gisteren huis-aan-huis zou worden verspreid in geheel Fryslân. Dat zijn ongeveer 300.000 adressen, waarvan de bewoners allemaal verblijd worden met deze nieuw vormgegeven LC. 's Avonds hoorde ik dat de krant ervoor had gekozen om 's morgens heel vroeg eerst alle abonnees de krant te bezorgen, waarna de bezorgers vervolgens direct een tweede ronde zouden gaan maken om ook alle andere adressen zo vroeg mogelijk van een kennismakingsnummer te voorzien, in de hoop ook deze lezers te interesseren voor een (proef)abonnement van deze eigentijds vormgegeven krant met haar nieuwe bijlagen.

Op pagina 15 van het LC-katern "reis & bestemming" staat het artikel "De weg is het doel", zijnde het resultaat van bovengenoemd interview. Een door Durkje tijdens onze afgelopen zomerpelgrimage gemaakte foto is daarbij groot in kleur afgedrukt. Het artikel bestaat uit twee delen. Het eerste deel is het interviewverslag over pelgrimeren in het algemeen. Het tweede deel is een beknopt achtergrondartikel, met daarin enerzijds enige feiten over pelgrimeren en over het Jabikspaad als Friese pelgrimsroute en anderzijds over de plannen en wensen van de Stichting Jabikspaad Fryslân met betrekking tot het openen van het Pelgrimscentrum Sint Jacob en over de wensen van het stichtingsbestuur om binnen en buiten Fryslân verder te gaan met de doorontwikkeling van de Friese, Overijsselse en in Nederlands verder voortgaande pelgrimsroute, met als Spaanse bestemming Santiago de Compostela.

De vernieuwde krant is mooi geworden. Daar mogen de ontwerpers, ontwikkelaars, drukkers en alle overige LC-medewerkers met recht trots op zijn. Dat de krant goed wordt gelezen, blijkt afgelopen twee dagen wel uit het groot aantal positieve reacties dat ik van deze en gene al in ontvangst nam. Vanmorgen na de kerkdienst vertelde een gemeentelid me dat ze het artikel over de pelgrimage van Durkje en mij gelezen had en dat ze bij het lezen ervan het mij als het ware hoorde vertellen. Dat is toch alleszins een compliment waard voor de schrijver van dit artikel, LC-journalist Wim Schrijver, die dus in staat is geweest om wat ik heb verteld in het interview op een heel natuurgetrouwe wijze weer te geven in zijn tekst van dit (be)treffende artikel.

Concert van Gerrit Breteler & Clara Rullman bij kaarslicht en leliegeur

Zaterdagavond 9 oktober 2010

De bloembindsters van "‘t Frysk Fjildboeket" vieren dit weekeinde hun 25-jarig jubileum met een bijzondere bloemententoonstelling in het Karmelklooster te Drachten. Als thema is gekozen voor: "Gepassioneerd bloemwerk". Het in 1985 opgerichte Frysk Fjildboeket bestaat uit 50 leden, die ook allemaal lid zijn van de organisatie "Groei en bloei". Het zijn gevorderde bloembindsters, die met veel succes deelgenomen hebben aan zowel nationale, als internationale bloemschikwedstrijden.

De voorbereidingen liepen al bijna een jaar. Thuis en in het Karmelklooster is het nodige voorwerk gedaan, met als resultaat een prachtige expositie van bloemsierwerk. De entree, de kapel, de kruisgangen en alle ruimten op de begane grond (van vogeltjeskamer tot hostiebakkerij en van refter tot muziekkamer), als ook enkele voormalige cellen van de zusters van de Orde van de ongeschoeide Karmelietessen op de eerste verdieping zijn dit weekend aangekleed met bloemwerk.

In het kader van deze bloemenexpositie worden dit weekend twee concerten bij kaarslicht gehouden in de L-vormige kapel van het Karmelklooster. Gisteravond concerteerde duo Spring Friends, bestaande uit Frederique Purnot op dwarsfluit & de virtuoze 15-jarige pianiste Valentina Tóth uit het Friese Giekerk. En vanavond wonen Durkje en ik het "Concert bij kaarslicht" bij van het Friese duo Gerrit Breteler (zang) & Clara Rullman (vleugel en zang). Omdat Durkje weet van mijn liefde voor dergelijke muziek had ze voor mijn verjaardag tijdig toegangskaarten gereserveerd, zodat we vanavond dit concert in Drachten samen kunnen bijwonen.

In de kleurige, fleurige en geurige kloostergang worden we verwelkomd met koffie. Om 20.00 uur begint het concert bij kaarslicht in de kapel. De kloosterkapel is tot de laatste zitplaats bezet. De kaarsen branden volop en flakkeren hun schijnsel over de vele iconen aan de kapelmuur. Overal staan en hangen opvallende, grote en kleinere bloemstukken van de jubileumexpositie. Mooi is het, maar het heeft ook zijn nadelen. Er hangt namelijk een sterke leliegeur in de kloosterkapel, en wel zo sterk dat Gerrit Breteler tijdens zijn concert enkele malen aangeeft bij zijn zang toch wel hinder te ervaren van deze allesoverheersende geur. Never mind, het concert gaat door en iedereen geniet van de mooie muziek van Breteler & Rullman.

Op zijn eigen wijze worden de muziekstukken door Gerrit Breteler aangekondigd met anekdotes en af en toe doorschemerende, maar onmiskenbare maatschappijkritiek op bijvoorbeeld de aantasting van al het moois om ons heen in natuur, cultuur en Fries landschap. Ook de actuele kabinetsformatie ontkomt niet aan zijn kritische beschouwing. Met realistisch oog voor het feit dat we toch ook wel weer door moeten in de vaart der volkeren - en hij dat ook beaamt - volgt daarop zijn volgend lied, overwegend in het Fries, dan eens Twents of Drents; zo ook het meezinglied "Erica", met respect geleend van Daniël Lohues en op eigen wijze vertolkt. En natuurlijk ontbreken ook niet zijn bekende "lieten" als: "Op een dag drink je geen Grolsch meer", "Ivich boppedat" en "As it jou wil is", nu een bruut, dan eens broos gezongen.

Als het concert-uur voorbij is, krijgen alle gasten de gelegenheid om de bloemenexpositie van de bloembindsters van "‘t Frysk Fjildboeket" te bezichtigen, om ook nog een drankje te drinken en ondertussen nog met elkaar te praten over deze beleefde belevenis.

Regiobijeenkomst Nederlands Genootschap van Sint Jacob in Jorwert

Zaterdagochtend en -middag 9 oktober 2010

De Regiobijeenkomst voor de regio Fryslân van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob vindt dit najaar plaats in Jorwert. We komen vandaag als leden dit pelgrimsgenootschap bijeen in de bovenzaal van Kafee-Herberg "Het Wapen van Baarderadeel", tegenover de Sint-Radboudkerk van Jorwert. Ongeveer 40 genootschapsleden geven vandaag gehoor aan de uitnodiging om dit pelgrimstreffen bij te wonen. Eerst drinken we beneden bij binnenkomst koffie in dit Jorwerter dorpscafé. De herbergier heeft de nieuw-vormgegeven Leeuwarder Courant van vandaag op de stamtafel gelegd, waarin een bijna paginagroot artikel staat over de pelgrimage van Durkje en mij naar Santiago de Compostela. Deze speciale uitgave is vandaag door de Leeuwarder Courant in heel Fryslân huis-aan-huis verspreid. Er is een boekentafel in de bovenzaal met pelgrimspublicaties en speciale aandacht wordt gevraagd voor de vernieuwde websites van ons landelijk genootschap en voor "De Pylgeralmanak" van ons medelid Jan Romkes van der Wal, tevens pastoor te Bolsward.

Regiocontactpersoon Elly Koopman opent in de bovenzaal deze najaarsbijeenkomst en vertelt dat ons genootschap in Fryslân dit jaar is gegroeid met 21 nieuwe leden (nu totaal 311) en dat het landelijk genootschap totaal is gegroeid van zo'n 9.000 naar 9.700 leden. Het gaat dus goed met onze pelgrimsvereniging; de belangstelling voor pelgrimeren vertoont tot onze tevredenheid al jaren een stijgende lijn. Elly Koopman blikt met ons onder andere terug op de najaarswandeling die we onlangs in de omgeving van Fochteloo organiseerden. Daarna komt Adrie Dik aan het woord, die als bestuurslid van het landelijk genootschap met een aantal mededelingen komt over onder andere de activiteiten van het binnenkort 25 jaar bestaande pelgrimsgenoootschap. Aansluitend vertellen Elly Koopman en mede-Regiocontactpersoon Klaske Scholte over de plannen om in Fryslân tussen 5 en 19 maart 2011 mee te doen aan de landelijke "Camino der Lage Landen".

Tijdens de nu volgende Pelgrimsparade komen de volgende pelgrims aan het woord:
- Marten Visser, over zijn fietstocht van Sint-Jacobiparochie, via het Jabikspaad, Maastricht en Aken naar Santiago de Compostela in 2010. Bij aankomst in Santiago de Compostela heeft Marten uren in de rij moeten staan om in dit heilige Jacobusjaar de kathedraal binnen te kunnen gaan;
- Wytske Groen, die met de nu ook aanwezige Daan Groen tijdens hun zomervakantie in drie weken vanuit de Franse grensplaats Saint-Jean-Pied-de-Port 500 kilometer naar het Spaanse Leon pelgrimeerde. Volgend jaar nog 300 kilometer naar Santiago de Compostela;
- Johannes van der Meer, die met zijn groep wandelvrienden in Italië van Sienna naar Rome liep. Zijn smeuïge anekdotes over bijvoorbeeld de extreme warmte en over de dagtrajecten van klooster naar klooster gaan er bij de aanwezigen in als koek;
- Gerard Klaassen, die onderweg naar Santiago de Compostela een groep pelgrims van één man met zeven vrouwen ontmoette, waaronder met name de Noorse Marie, met wie hij vandaag hier in Jorwert bij ons aanwezig is;
- Liana Zuidema, die vorig jaar naar Santiago de Compostela wandelde, daarbij als pelgrim onderweg haar eigen route uitstippelde en bewandelde;
- Frans Hofstra, die dit jaar met zijn echtgenote Agnes van Sint-Jacobiparochie naar Santiago de Compostela pelgrimeerde, hier nu verhalend over hun bijzondere ontmoetingen onderweg;
- Klaske Scholte, die vertelt over de man die ze jaren geleden onderweg ontmoette, die toen besloot om priester te gaan worden, van wie ze nog niet zo lang geleden zijn priesterwijding bijwoonde.
Zo heeft iedere pelgrim zijn eigen verhaal, waarover graag wordt verteld en waar met belangstelling en verwondering naar wordt geluisterd.

De lunch genieten we beneden in het café en aansluitend is er de gelegenheid om de weg over te steken om de oude dorpskerk van Jorwert te bezichtigen, waar we als verrassing luisteren naar eerst zang en daarna pianospel van twee hier aanwezige genootschapsleden. Daarna maken velen een korte wandeling door Jorwert, onder andere langs het voormalige schrijvershuisje van Geert Mak, de auteur van het boek "Hoe God verdween uit Jorwerd".

Na de lunchpauze zingen we eerst een Sint Jacobus-pelgrimslied, met als refrein:
Langs de eeuwenoude levenspaden
trekt Gods volk de toekomst tegemoet.
Onderweg van lief en leed verhalen;
Sint Jacobus leidt de stoet.


Vervolgens krijg ik de gelegenheid om een korte presentatie te verzorgen over onze plannen als Stichting Jabikspaad Fryslân om samen met het Nederlands Genootschap van Sint Jacob over enkele maanden een Pelgrimscentrum Sint Jacob als informatiecentrum te openen in het drie verdiepingen tellende voorportaal van De Groate Kerk te Sint-Jacobiparochie. Medepelgrims die mee willen werken aan dit mooie initiatief worden van harte uitgenodigd om zich daartoe bij ons aan te melden.

Het laatste programmaonderdeel wordt verzorgd door ons genootschapslid Jan Galjee uit Den Haag. Hij verzorgt een lezing met diabeelden over de Romaanse bruggen op de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela. Jan Galjee pelgrimeerde zevenmaal en fotografeerde tijdens één van zijn pelgrimages alle 40 historische, Romeinse bruggen op de route tussen Saint-Jean-Pied-de-Port en Santiago de Compostela. Hij vertelt over onder andere de bouwwijze met houten bekistingen, over de profilering van de brugwanden, over de stroompijlers en stroomgaten, over opbouwwerken (kapel en muurtjes), over de brugpijlers en over de ogen tussen de pijlers. Eén van deze Romaanse bruggen is de welbekende Puenta la Reina (ofwel: de Koninginnebrug).

Het middagprogramma wordt afgesloten met het gebruikelijke "Café Saint Jacques", vanmiddag heerlijk in de zon op het terras van deze dorpsherberg van Jorwert, gelegen aan de route van het Jabikspaad, het Friese pelgrimspad van Sint-Jacobiparochie naar Hasselt.

vrijdag 8 oktober 2010

Uitreiking Propedeusecertificaten bij Hanzehogeschool Groningen

Vrijdag 8 oktober 2010

Om half drie opent de Teamleider a.i. van het Instituut voor Rechtenstudies van de Hanzehogeschool Groningen vanmiddag de bijeenkomst, waarin de propedeusecertificaten worden uitgereikt aan ongeveer 30 studenten van de opleiding Sociaal-Juridische Dienstverlening. In zijn openingstoespraak wordt gewezen op de grote overgang, die eerstejaars studenten doorgaans ervaren als ze vanuit het MBO, HAVO of VWO gaan studeren in het hoger onderwijs. Maar hier zijn vanmiddag dan díe studenten aanwezig, die hebben bewezen dat ze deze overstap met succes hebben gemaakt en dat ze klaar zijn om nu ook de hoofdfase van hun hogere beroepsopleiding met succes te gaan doorlopen.

Na deze openingsspeech worden de propedeusecertificaten in het bijzijn van familie en vrienden uitgereikt aan de aanwezige studenten. De mentoren van de studenten en enkele vervangers van de afwezige mentoren reiken de certificaten uit. In kleine groepen komen de studenten achtereenvolgens naar voren, waarna iedere student persoonlijk wordt toegesproken en gefeliciteerd. Durkje en ik zijn er vanmiddag ook bij, omdat Baukje vanmiddag één van deze studenten is, die mede middelpunt is van deze feestelijke bijeenkomst. Drie van de aanwezige studenten - waaronder ook Baukje - worden in het bijzonder in het zonnetje gezet, omdat zij alle drie cum laude (met lof) hun propedeuse hebben verdiend. Met lovende woorden van de mentoren, met een bijzondere vermelding op hun propedeusecertificaat en met een boeket bloemen worden deze drie studenten gelauwerd.

Alle studenten die vanmiddag hun propedeusecertificaat in ontvangst nemen, worden uitgedaagd om vooral serieus werk van hun studie te maken, waarbij de focus vooral zou moeten zijn om naar excellentie te streven. Het Instituut voor Rechtenstudies biedt studenten een breed pakket aan mogelijkheden op het snijvlak van theorie & praktijk om door iets extra's te doen tijdens je studie vorm en inhoud te geven aan dat werken aan excellentie qua kennis, vaardigheden en beroepshouding.

Maar hier en nu hoeft die boog even niet gespannen te zijn, want deze middag is vooral bedoeld om samen met deze gelukkige studenten hun reeds behaalde successen te vieren. Beste studenten en hogeschoolmedewerkers: van harte gelukgewenst met dit mooie resultaat!

donderdag 7 oktober 2010

Regionale Informatiebijeenkomst Nieuw Accreditatiestelsel in Zwolle

Donderdag 7 oktober 2010

Bijna honderd collega's staan op de deelnemerslijst voor de Regionale Informatiebijeenkomst Nieuw Accreditatiestelsel, die vanmiddag door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) wordt georganiseerd in de Christelijke Hogeschool Windesheim te Zwolle. Deze bijeenkomst is bedoeld voor afdelings- en opleidingsverantwoordelijken, kwaliteitszorgmedewerkers en docenten van hoger onderwijsinstellingen. De twee sprekers van deze bijeenkomst zijn NVAO-bestuursvoorzitter Karl Dittrich en Leendert Klaassen, NVAO-bestuurder.

Het nieuwe accreditatiestelsel voor het hele hoger onderwijs treedt hoogstwaarschijnlijk in werking op 1 januari 2011. Naar verwachting worden daartoe de accreditatiekaders van de NVAO, na voorhang bij de beide Kamers der Staten-Generaal, medio oktober 2010 nog definitief vastgesteld. Gezien de actuele stand van zaken van de huidige kabinetsformatie ben ik benieuwd of deze vaststelling nog zal worden gedaan door de demissionaire Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, òf dat dit wellicht één van de eerste officiële handelingen zal zijn, die wordt verricht door onze nog nieuw te benoemen onderwijsminister. De tijd zal het snel leren.

De deelnemers worden in het Auditorium welkom geheten door Karl Dittrich, waarna hij een toelichting geeft op het nieuwe accreditatiestelsel. In zijn presentatie komen de volgende punten aan de orde:
1. Terugblik op de eerste accreditatiefase van 2004-2010, waarbij de positieve effecten van, maar ook de kanttekeningen bij dit stelsel worden benoemd;
2. Uitgangspunten van de tweede accreditatiefase per 2011, met betrekking tot focus, beoordeling, toezicht, administratieve lasten en internationale acceptatie;
3. Instellingstoets kwaliteitszorg, waarbij uitgebreid wordt ingegaan op bijvoorbeeld: doel, omvang, vijf beoordelingsstandaarden, auditcommissie, auditprocedure, ins en outs van het eerste en het tweede auditbezoek, oordelen per standaard & eindoordeel en besluitvorming;
4. Opleidingsaccreditatie, met aandacht voor de 3 beoordelingsstandaarden van de beperkte opleidingsbeoordeling, de 16 beoordelingsstandaarden van de uitgebreide opleidingsbeoordeling en tenslotte de oordeelsvorming.

Na een uitgebreide vragenronde volgt de tweede presentatie, verzorgd door Leendert Klaassen, over de samenstelling van de commissie en van de panels die in het nieuwe accreditatiestelsel gaan opereren. In zijn presentatie komen de volgende punten aan de orde:
5. De visitatiepanels; over de rol van de onderwijsinstellingen en van de NVAO, over de samenstelling van deze panels en over onafhankelijkheid, gedragscode en klachtenprocedure;
6. De beoogde effecten, zoals de focus op inhoud, de vermindering van de accreditatielast en over de verbetering van de informatievoorziening via de visitatierapporten;
7. Ingangsdatum (naar verwachting 1 januari 2011) en Overgangsrecht met betrekking tot de instellingstoets, de opleidingsaccreditatie en de Toets Nieuwe Opleiding.

Na de tweede, plenaire vragenronde verlaten we het Auditorium om in het Atrium onder het genot van een hapje en een drankje nog geruime tijd met elkaar door te praten over onze hooggespannen verwachtingen met betrekking tot dit nieuwe, uitdagende accreditatiestelsel.

50 Rituale für dat Leben

Woensdag 6 oktober 2010

Rituelen geven het leven structuur. Rituelen geven het leven diepgang en kleur. Ze stellen je in staat zelf te leven in plaats van te worden geleefd. Ze verdiepen de onderlinge relaties. Maar bovenal maken rituelen je duidelijk dat je je leven ten overstaan van God èn met God leeft, dat Gods zegen je vergezelt èn dat Gods heilzame en liefdevolle nabijheid je altijd en overal omringt.

De benedictijner monnik Anselm Grün (1945) wil je inspireren om je eigen en heel persoonlijke rituelen te ontwikkelen. Rituelen die je ruimte verschaffen om te midden van je dagelijkse verplichtingen en stresssituaties weer op adem te komen en te genieten van de vrije tijd voor jezelf. Daartoe schreef Grün het boek “50 Rituale für das Leben”, uitgegeven in het jaar 2008. Pieter Streutker vertaalde dit boek, dat voor de Nederlandse markt als titel kreeg: “50 persoonlijke rituelen”, met als ondertitel “Ankers voor de ziel”. Grün probeert de spirituele traditie van de monniken te verbinden met de moderne psychologie.

Al een aantal jaren is er een hernieuwde behoefte aan rituelen. Daarbij gaat het niet alleen om religieuze rituelen die gemeenschappelijk in de eredienst worden uitgevoerd. Steeds meer betreft het persoonlijke rituelen in het dagelijks leven èn om rituelen die het leven in het gezin, in een onderneming en in de maatschappij bepalen.

Anselm Grün gebruikt voor het begrip “rituelen” de definitie van de Duitse socioloog Karl Gabriel: Rituelen zijn … “gestileerde, herhaalbare handelingen op de typische overgangen en breukvlakken van het moderne dagelijkse leven”.

Volgens Grün zijn rituelen goed voor de mens, want:
- rituelen openen de hemel boven ons leven;
- rituelen doen een deur dicht en openen er een;
- rituelen geven uiting aan gevoelens die anders nooit tot uiting komen;
- rituelen verdiepen relaties;
- rituelen creëren identiteit;
- rituelen creëren een heilige plaats en een heilige tijd;
- rituelen zijn gedenktekens;
- rituelen zijn de bevestiging dat mijn leven slaagt;
- rituelen zijn een plaats van ontmoeting met mezelf en met God.

In zijn boek deelt Anselm Grün de 50 rituelen in de volgende drie clusters in:
1. Rituelen om de dag in te richten, om bijvoorbeeld de dag te zegenen, te beginnen en te eindigen; over rituelen tijdens het werk, rondom het eten, na het werk en in de avond; èn over rituelen als heilzame onderbrekingen in pauzes, bij stress en in je vrije tijd.
2. Rituelen om het jaar te beleven, zoals bij de jaarwisseling, rondom kerkelijke hoogtijdagen zoals de Vastentijd, Pasen, Hemelvaart, Pinksteren, Advent en Kerst, maar ook rond naamdagen, verjaardagen en sterfdagen.
3. Rituelen om het leven te verdiepen, zoals verzoening met jezelf, met de ander en met God; maar ook rituelen voor paren, samenzijn en vriendschappen; over het voelen wie je bent, wat je bent en wat je voelt aan bijvoorbeeld verlangen en liefde.

Grün: “Laten de rituelen je duidelijk maken dat je leven onder Gods zegen en belofte staat”.

woensdag 6 oktober 2010

Afscheidsdiner voor Jabikspaad-bestuurders in Jorwert

Woensdag 5 oktober 2010

Ruim tien jaar geleden is het Jabikspaad geopend: het pelgrimspad voor wandelaars en fietsers, dat vanaf Sint-Jacobiparochie - via Jorwert - tot aan Hasselt het aanvangstraject is voor de meer dan 3.000 kilometer lange pelgrimstocht naar Santiago de Compostela. Reeds enkele jaren voordat dit pad werd geopend, waren een aantal Friezen druk in de weer om alle voorbereidingen te treffen voor dit Noord-Nederlandse pelgrimspad en om mede daartoe ook een bestuur te installeren van de toen nog op te richten Stichting Jabikspaad Fryslân.

Afgelopen voorjaar, voordat het tienjarig bestaan van het Jabikspaad zou worden gevierd, gaven drie van deze stichtingsbestuurders te kennen dat zij het bestuurdersestafettestokje graag zouden willen doorgeven aan nieuw aan te trekken bestuurders. Dat waren de volgende bestuurders van "het eerste uur": Piet van Noort, Dick Wesselius en de vlak daarna in juni 2010 helaas overleden Syb Zeinstra. We zijn dankbaar dat we op 5 juni 2010 samen met deze drie bestuurders nog op feestelijke wijze de onthulling van het pelgrimsmonument de "Jirnsumer Moeting" in Jirnsum hebben mogen beleven, mede ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van het inmiddel bekende en populaire Jabikspaad.

Om ook in onze bestuurderskring samen nadrukkelijk stil te staan bij het tienjarig bestaan van het Jabikspaad en om op gepaste wijze afscheid te nemen van deze drie stichtingsbestuurders, was besloten om deze bijzondere gebeurtenissen te bezegelen met een "pylgermiel" in de bovenzaal van Kafee-Herberg "Het Wapen van Baarderadeel" tegenover de Sint-Radboudkerk van Jorwert, gelegen aan ons aller Jabikspaad. Vanavond is het dan zover dat we als bestuurders met onze partners tijdens deze pelgrimsmaaltijd terugblikken op het vele en het goede dat velen voor het Jabikspaad hebben gedaan.

Na een aperitief aan de stamtafel van dit markante dorpscafé van Jorwert, genieten we van een heerlijk diner in de bovenzaal van de dorpsherberg van Jorwert. De historische tafelrede wordt na de tweede dinergang uitgesproken door pastoor Jan Romkes van der Wal, ook vanaf het begin van het Jabikspaad één van de deskundige en betrokken stichtingsbestuurders. Van der Wal memoreert veel namen van de pioniers en van de betrokken organisaties van het eerste uur. In de beeldende woorden van Jan Romkes van der Wal trekt de geschiedenis van het Jabikspaad in geuren en kleuren aan ons voorbij. Een feest van herkenning voor met name de pioniers van het eerste uur.

Na het diner gaan we weer naar beneden om nog een kop koffie te drinken in het dorpscafé. Laat in de avond verlaten we de Jorwerter herberg en dan staan we midden in het dorp al weer op de doorgaande route van het Jabikspaad. In de stilte van de avond hier op het Friese platteland verdwijnen onze auto's langzamerhand weer uit de dorpskern en wordt het weer stil in Jorwert. We hopen dat nog heel veel pelgrims zullen genieten van het prachtige Jabikspaad, dat wij mogen beschouwen als het resultaat van noest vrijwilligerswerk van de kleine groep pelgrims die ervan overtuigd waren dat Fryslân in het algemeen en Sint-Jacobiparochie in het bijzonder toch zeker het startpunt zou moeten zijn van de Nederlandse pelgrimsweg naar het Spaanse Santiago de Compostela. Die missie is geslaagd.