Posts tonen met het label NVAO. Alle posts tonen
Posts tonen met het label NVAO. Alle posts tonen

dinsdag 2 juli 2013

Rondje accreditatie rond het IJsselmeer

Dinsdag 2 juli 2013 
Hogeschoolvestiging van Inholland in Den Haag
















Resonansgroep Inspectie Hoger Onderwijs
Vanmorgen zijn we voor de vierde en laatste maal bijeen als Resonansgroep voor de Inspectie van het Hoger Onderwijs. We vergaderen wederom in het kantoor van de Inspectie voor het Onderwijs in Utrecht. De Inspectie heeft een Resonansgroep geïnstalleerd, bestaande uit vertegenwoordigers van verschillende belangenorganisaties, zoals de Verenigingen van instellingen voor bekostigd en onbekostigd Hoger Onderwijs (universiteiten en hogescholen), Evaluatieburo's, het Interstedelijk Studenten Overleg, en ik vertegenwoordig de medewerkers(docenten)belangen namens CNV-Onderwijs.

Kwaliteit Nederlands Accreditatiestelsel
In opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap houdt de Inspectie van het Hoger Onderwijs toezicht op de kwaliteit van het Nederlandse Accreditatiestelsel in het Hoger Onderwijs. In het kader van die toezichtstaak doet de Onderwijsinspectie in de eerste helft van dit jaar een onderzoek naar de kwaliteit van het huidige Accreditatiestelsel voor hogescholen en universiteiten. Als Resonansgroep adviseren we de Onderwijsinspectie tijdens dit onderzoeksproject op onderdelen zoals de opzet van het onderzoek, de onderzoeksvragen en op het onderzoeksrapport.

Feedback op concept-Inspectierapport
Vanmorgen komen we bijeen om het concept van het onderzoeksrapport te bespreken, waarin de uitkomsten van het onderzoek staan geschreven op het gebied van bijvoorbeeld onafhankelijkheid, deskundigheid, betrouwbaarheid, validiteit, zorgvuldigheid, kwaliteitsborging, stimulerende werking, transparantie, accreditatielasten, dekking en wettelijke vereisten. Daarnaast bespreken we de vijf uitgangspunten bij de invoering van dit nieuwe stelsel en tenslotte nog zaken als conclusies, aanbevelingen, beschouwing en vervolgtoezicht.
Naar verwachting zal in september 2013 het Inspectieonderzoek worden gepubliceerd.

Rondje IJsselmeer
Vanmorgen ben ik vanuit Stiens via Flevoland naar het Inspectiekantoor in Utrecht gereden. 
Als daar de vergadering van de Resonansgroep is afgelopen, rijd ik na het middaguur vanuit Utrecht naar Den Haag, om daar naar een volgende bijeenkomst te gaan in hogeschool Inholland
Aan het eind van de middag rijd ik dan van Den Haag via de Afsluitdijk naar Stiens. 
Daarmee is het rondje rond het IJsselmeer weer rond.

Hersteltrajecten Accreditatie
Het nieuwe Accreditatiestelsel dat wij vanmorgen bij de Onderwijsinspectie bespraken, heeft een verbeterfunctie in zich. Eén van de maatregelen die in dat stelsel kan worden genomen, is dat aan een hogeschool-opleiding een hersteltraject kan worden toegekend, indien de kwaliteit op een accreditatiestandaard niet aan de maat blijkt te zijn tijdens een visitatie.
Enkele hogeschoolopleidingen in Nederland hebben door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) inmiddels zo'n verbetertraject toegekend gekregen en zijn nu druk in de weer om op een nader overeengekomen tijdstip aan te tonen dat de beoogde verbeteringen op dat beoordelingsmoment zjn gerealiseerd.

Hogescholen-intervisiegroep Hersteltrajecten
Omdat dergelijke hersteltrajecten in het hoger onderwijs nieuw zijn, hebben een aantal kwaliteitszorgmedewerkers van hogescholen die al dan niet al in zo'n hersteltraject zitten, een kleine intervisiegroep opgericht, waarvan de groepsleden incidenteel bijeenkomen om het opstarten, het doorlopen en het afronden van zo'n hersteltraject met elkaar te bespreken, om zodoende van elkaar te leren en elkaar met raad bij te staan in de keuzes die in zo'n verbetertraject kunnen en moeten worden gemaakt.
In veel Nederlandse hogescholen en universiteiten wordt momenteel hard gewerkt aan de doorgaande kwaliteitsverbetering van het huidige hoger onderwijs. Alle extra inspanningen die hogescholen in dat kader momenteel getroosten, zullen er uiteindelijk toe bijdragen dat het Nederlandse hoger (beroeps)onderwijs goed is en in ruime mate voldoet aan de kwaliteitseisen die Anno 2013 en in de daarop volgende jaren aan het hoger onderwijs worden gesteld.

Accreditatielasten & Accreditatiebaten
Vandaag blijkt maar weer dat overal in het land - bij de Onderwijsinspectie, bij de NVAO, bij Evaluatieburo's, bij hogescholen en universiteiten en bij allerlei belangenorganisatie in het hoger onderwijs - kosten noch moeite worden gespaard om toekomstbestendig hoger onderwijs te ontwerpen, te ontwikkelen en te geven, dat voldoet aan de gestelde kwaliteitscriteria.

donderdag 30 mei 2013

Kwaliteit & Accreditatie van Deeltijd-onderwijs


Donderdag 30 mei 2013
Presentatie van Henri Ponds in het Platform HBO van het NNK
















Aandacht voor Deeltijd & Duaal
Het Platform HBO van het Nederlands Netwerk voor Kwaliteitsmanagement (NNK) komt vandaag bijeen in het cursus- en vergadercentrum Domstad te Utrecht. We komen vandaag bijeen om te luisteren naar èn te spreken over het borgen van de kwaliteit van (verkorte) deeltijdse en duale onderwijsvormen in het Hoger Beroepsonderwijs (HBO).
Twee sprekers zijn uitgenodigd, om vandaag vanuit verschillende perspectieven een presentatie te verzorgen over dit onderwerp. Eerste spreker is Henri Ponds van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) en tweede spreekster is Lucie te Lintelo van de Hogeschool van Amsterdam.

Perspectief van de accreditatieorganisatie
De eerste spreker – Henri Ponds – is beleidsmedewerker van de NVAO. Zijn presentatie heeft als titel: ‘Borging van de kwaliteit van deeltijdse en duale varianten en maatwerktrajecten’.
 Henri Ponds spreekt onder ander over de volgende zaken:

  • De Inspectie van het Hoger Onderwijs (IvHO) en de NVAO werken complementair. Aan de hand van een aantal voorbeelden wordt verteld dat deze twee organisaties steeds meer met elkaar samenwerken, nu ook op basis van een nieuw convenant.
  • In het kader van de goede werking van het huidige accreditatiestelsel wil de NVAO toewerken naar (meer) systeembrede analyses, zoals bijvoorbeeld HO-Domeinstudies.
  • Stelling over de zogenoemde ‘formele benadering’: Als je de wet- en regelgeving goed implementeert, bevordert dat de kwaliteit en het behalen van de vereiste resultaten.
  • De beste onderbouwing van het eindoordeel over de kwaliteit van een opleiding verkrijg je bij de input-throughput-output-benadering.
  • Als deeltijdse en duale onderwijsprogramma’s even lang duren als het voltijdse curriculum, vraagt dat om een stevige verantwoording. Ook als aan de student individueel maatwerk wordt geleverd, zul je daarin - meer dan voorheen – moeten zorgen voor  transparantie. Laat in dat kader bijvoorbeeld zien hoe in het concurrency-model het werkplekleren bijdraagt aan het realiseren van de eindkwalificaties. Ook een pro-actieve rol van de opleidingsexamencommissie is hierin gewenst.
  • We moeten toe naar een betere borging van de 240 EC’s, van vrijstellingen en van de studielast op de werkplek. Gebruik daarbij beoordelingskaders, die zijn gerelateerd aan de voltijdse onderwijsvorm van die opleiding.
  • Dat moet allemaal navolgbaar zijn. Individueel maatwerk en/of leerwegonafhankelijk studeren vraagt om extra kwaliteitsborging.

Perspectief van een hogeschool-opleiding
De tweede spreekster – Lucie te Lintelo – is projectmanager-consultant bij de HvA. Haar presentatie heeft als titel: ‘De flexibele Deeltijd: Modulair met extra’s’.
Lucie te Lintelo spreekt onder ander over de volgende zaken:

  • De context van deeltijds onderwijs schetst ze aan de hand van marktontwikkelingen, met kwaliteitsaspecten en verwijzend naar de insteek van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, die een ‘leven lang leren’ stimuleert.
  • Ze gaat in haar presentatie uit van de doelgroep van de werkende student/cursist, die in het kader van een individueel loopbaanperspectief effectief en efficiënt onderwijs moet hebben, dat optimaal in balans is qua ‘leren – werken – leven’.
  • We moeten integraal denken over flexibiliteit bij de programmering van het deeltijdse onderwijs, dus rekening houden met onder andere beoogde kwalificaties, met behoeften van de werkenden, met organiseerbaarheid & betaalbaarheid en met de borging van het eindniveau.
  • Als de HvA voor wat betreft deeltijds onderwijs spreekt van ‘modulair met extra’s ‘, bedoelt men individuele leerroutes binnen een gestandaardiseerd aanbod. Elke onderwijsmodule zou een Taakgebied moeten dekken, waarmee het voor het werkveld herkenbaar is. Dus geen moduul ‘Statistiek’ aanbieden, maar bijvoorbeeld wel een moduul ‘Marktonderzoek’. Als zo’n door het werkveld (h)erkend moduul een geheel taakgebied dekt, kun je er ook een certificaat-uitreiking aan koppelen, dat dan weer een civiel effect heeft in dat werkveld.
  • Bij modulair onderwijs moet je onderwijsmodulen ontwerpen van een zodanige omvang, dat ze voldoende diepgang èn binding bieden. Werk bijvoorbeeld ook met verplichte delen èn met keuze-elementen. Samenhang tussen verschillende modulen kun je ook creëren door in de opeenvolgende modulen de studenten te laten werken aan generieke competenties, zoals 'methodisch denken' en 'resultaatgericht werken'. Je kunt binnen zulke modulen ook werken met ‘blended learning’ en met werkplekleren. Een ander ontwerpcriterium bij modulair onderwijs is dat je werkt met leerwegonafhankelijk toetsen, waarbij een beoordelingsmodel centraal staat, waarin de interne opleidingseisen èn de externe werkveldeisen elkaar aanvullen.
  • De borging van het te realiseren eindniveau van een opleiding zit in de één-op-één-relatie met de beoogde opleidingskwalificaties.

Vervolgtoezicht & Vervolgonderzoek
De Inspectie van het Hoger Onderwijs zal in het jaar 2014 vervolgonderzoek doen naar de kwaliteit van het deeltijds en duaal hoger onderwijs. Het inspectierapport ‘Goed Verkort’ van het jaar 2012, waarin met name het deeltijdse en het duale onderwijs onder de loep werd genomen, stelt dat bij de dertien toen door de inspectie onderzochte Nederlandse opleidingen onvoldoende werd voldaan aan de wettelijke kwaliteitswaarborgen, waardoor bij die opleidingen onvoldoende was gewaarborgd dat de beoogde eindkwalificaties in de volle breedte en op het gewenste niveau werden gerealiseerd.
De instellingen voor hoger onderwijs waarvan toen opleidingen werden onderzocht zullen te zijner tijd in het vervolgonderzoek van 2014 moeten aangeven hoe en dat ze hun toenmalige gebreken in hun verbetertrajecten hebben weggenomen. Ook andere opleidingen van andere hoger onderwijsinstellingen die in 2012 nog niet zijn onderzocht, zullen in het inspectieonderzoek van 2014 worden meegenomen.

maandag 27 mei 2013

Accreditatie in het Hoger Onderwijs

Maandag 27 mei 2013 
De cover van het boek over Accreditatie

Van Visitatie naar Accreditatie
Bij de start van het voor Nederland aanvang deze eeuw nieuwe accreditatiestelsel, werd veel geschreven en gepubliceerd over de invoering van het nieuwe accreditatiestelsel in het hoger onderwijs. Eén van die publicaties die bij die overgang van het oude visitatiestelsel naar het nieuwe accreditatiestelsel verscheen, is het boek 'Accreditatie in het Hoger Onderwijs', met als subtitel: 'Achtergrond en praktijk in Nederland en Vlaanderen'.
Dit in december 2003 gepubliceerde boek is geschreven door Peter Kwikkers, Dirk van Damme en Theo Douma. Kwikkers & Douma waren indertijd ook twee van de docenten van een vierdaagse leergang over het nieuwe accreditatiestelsel, die ik in die periode volgde.

Achtergrond & praktijk
De auteurs wilden met hun boek inzicht geven in het door velen indertijd als complex aangemerkte accreditatiestelsel. Zo geeft het boek bijvoorbeeld antwoord op de vraag wat een Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) is, en wat haar positie in het Nederlandse accreditatiestelsel is. Daarnaast wordt beschreven wat de bevoegdheden zijn van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) en hoe het staat met de ministeriële verantwoordelijkheid in dit nieuwe stelsel. En uiteraard wordt in het boek ook uitgelegd wat dit nieuwe accreditatiestelsel betekent voor de onderwijsinstellingen in Nederland, en ook in Vlaanderen, want in beide werkgebieden is dit stelsel indertijd volgtijdelijk ingevoerd.
In dit boek bediscussiëren de schrijvers een aantal toen actuele dilemma's, die in deze publicatie worden getoetst aan de visies van gezaghebbende deskundigen op het vlak van hoger onderwijsbeleid.

Tussentijdse balans
Dit boek - een geschreven streven naar een tussentijdse balans - bestaat uit de volgende hoofdstukken:
  1. 1. Accreditatie: concept en context;
  2. 2. Bespiegelingen over beleid;
  3. 3. Bespiegelingen over het recht;
  4. 4. De NVAO en de VBI's;
  5. 5. Werking van het stelsel: gevolgen voor de instellingen;
  6. 6. Risico's en dillemma's.

dinsdag 7 mei 2013

Tweede visitatiedag voor MenEM @ Stenden

Dinsdag 7 mei 2013 
De (de)briefingkamer voor de visitatie van MenEM















Opleidingsvertegenwoordigers
Na de start van de visitatie van gisteren, is vandaag de tweede visitatiedag voor de HBO-Bachelor-opleiding Media en Entertainment Management (MenEM) van Stenden Hogeschool in Leeuwarden.
Gedurende de hele dag is de visitatiecommissie van de Netherlands Quality Agency (NQA) in gesprek met vertegenwoordigers van de opleiding, zoals: afstudeerbegeleiders van de opleiding en uit het werkveld, alumni, studenten die momenteel in hun afstudeerfase zitten, studenten van de propedeuse en van de hoofdfase, opleidingsdocenten, docenten die lid zijn van borgingscommissies, de lector en leden van zijn kenniskring en - last but not least - de leden van het management team van de School en van de opleiding.

Beoordelingsgesprekken
Aan de hand van een zelfevaluatierapport - de zogenoemde Kritische Reflectie - en van allerlei andere opleidingsdocumenten - waaronder ook afstudeerwerken van alumni - gaat het audit panel in gesprek over de diverse ins en outs van deze opleiding. Daarbij wordt het beoordelingskader van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) als leidraad gebruikt.
Gedurende de hele dag ben ik betrokken bij (de)briefingsessies, die voorafgaand en na afloop van de panelgesprekken plaatsvinden in de (de)briefingkamer in Stenden University Hotel.
Als alle gesprekken hebben plaatsgevonden en als het visitatiepanel intern beraad heeft gehouden, verzorgt de voorzitter van het audit team een korte plenaire terugkoppeling van de voorlopige bevindingen omtrent de visitatie van de afgelopen twee dagen. Over enkele weken zal het panel haar visitatierapport gereed hebben.

donderdag 25 april 2013

Begin van de Visitatie van SBenRM

Donderdag 25 april 2013 
De Documentenkamer voor de SBenRM-visitatie

 













Zelfevaluatie
Na een gedegen voorbereiding gaat vandaag de visitatie van de HBO-Bachelor-opleiding en van de Associate degree-opleiding Small Business en Retail Management (SBenRM) van start binnen Stenden Hogeschool te Leeuwarden. Deze opleidingen hebben in de afgelopen maanden een zogenoemde Kritische Reflectie geschreven op basis van een uitgebreide zelfevaluatie. Het rapport van die zelfevaluatie is toegezonden aan een door de overheid erkend evaluatiebureau (NQA), waarna deze visiterende en beoordelende instantie (VBI) vandaag en morgen een onderzoekscommissie van onafhankelijke en gezaghebbende experts deze twee opleidingen laat visiteren, om onderzoek te doen naar de kwaliteit van deze beide hogere beroepsopleidingen.

Visitatie
Vandaag en morgen gaat dit audit panel een groot aantal documenten van de opleidingen nader bestuderen, waaronder ook een aantal afstudeerscripties en alle aanvullende overige afstudeerwerken. Over haar bevindingen van de documentenstudie gaat het visitatiepanel daarna in gesprek met allerlei vertegenwoordigers van deze opleiding, zoals afgestudeerden, studenten, werkveldvertegenwoordigers, docenten en management.
Vandaag gaat de visitatiecommissie bijvoorbeeld in gesprek met de afgestudeerden van de opleiding, met de studenten die momenteel in hun afstudeerfase zitten, en daarnaast ook met afstudeerbegeleiders uit het werkveld en met de docenten die deze studenten in hun stage- en afstudeerfase hebben begeleid en/of beoordeeld.

Rapportage
Morgen vinden alle andere visitatiepanelgesprekken plaats. Daarna schrijft de visitatiecommissie een visitatierapport, met daarin haar bevindingen, gebaseerd op het wettelijk voorgeschreven beoordelingskader van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). Als het visitatiepanel van mening is dat de opleidingen voldoet aan de wettelijk voorgeschreven kwaliteitscriteria, schrijft zij dat in haar visitatierapport. Met dat positieve rapport kan onze hogeschool daarna voor deze goedgekeurde opleidingen accreditatie aanvragen voor de komende jaren. Als de NVAO na enige maanden die accreditatie verleent, blijft de overheid deze beide opleidingen bekostigen, ontvangen de studenten van deze opleidingen studiefinanciering als ze aan de criteria daartoe voldoen en mogen de twee opleidingen aan afgestudeerden een wettelijk erkend diploma afgeven..

Begeleiding
Aan het eind van de ochtend staan alle documenten en staat alle apparatuur gereed in de visitatiekamer in Stenden University Hotel en kan de visitatiecommissie worden ontvangen en haar werkzaamheden aanvangen. Samen met het management en de staf van deze opleidingen neem ik vandaag en morgen deel aan begeleidende gesprekken, om de visitatie vlekkeloos te laten verlopen, opdat de visitatiecommissie haar werk goed kan doen.
Vanmiddag en vanavond vinden - na de documentenstudie - de eerste panelgesprekken plaats, morgen gaat dat de hele dag door met een groot aantal gesprekken en dan zullen de beide opleidingen na deze visitatie enkele weken in afwachting zijn van het verschijnen van het visitatierapport.

woensdag 27 maart 2013

Startdag Visitatie Toegepaste Bedrijfskunde

Donderdag 27 maart 2013 
Voorjaarspracht in de documentenkamer van de TBK-visitatie


















Visitatie voor accreditatie
Na de visitatie van onze opleiding Commerciële Economie vorige week in Emmen, gaan we vandaag van start met de visitatie van de HBO-Bachelor-opleiding 'Toegepaste Bedrijfskunde' (TBK) van Stenden Hogeschool in Leeuwarden.
Rond het middaguur arriveert een extern visitatiepanel, dat vandaag en morgen onderzoek zal doen naar de kwaliteit van deze opleiding. De opleiding wordt beoordeeld op grond van het door de overheid voorgeschreven Beoordelingskader van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). Na de visitatie zal de visitatiecommissie een visitatierapport publiceren, waarmee de hogeschool voor de komende jaren de NVAO-accreditatie kan aanvragen, teneinde een keurmerk te verdienen als teken dat onze opleiding TBK voldoet aan de kwaliteitsvereisten, die gelden voor graadverlenende opleidingen in het hoger onderwijs.

Visitatiekamers
De visitatiecommissie heeft vandaag en morgen de beschikking over twee aangrenzende vergaderzalen. In de ene zaal vinden vanavond en morgen alle panelgesprekken plaats, en in de andere zaal hebben de medewerkers van Toegepaste Bedrijfskunde een documentenkamer ingericht, waarin alle relevante documenten van de opleiding overzichtelijk zijn gepresenteerd.

Onderzoek naar kwaliteit
Voorafgaand aan het visitatiebezoek heeft het audit panel het zelfevaluatierapport (de Kritische Reflectie) van de opleiding bestudeerd. Tijdens de visitatiedagen zal de visitatiecommissie ter verificatie een groot aantal van de hier gepresenteerde documenten doornemen om een goed beeld te krijgen van de kwaliteit van deze opleidingen. Daarnaast vinden vanavond en morgen gesprekken plaats met afgestudeerden, studenten, afstudeerbegeleiders uit het werkveld, docenten en management teamleden.
Vanmiddag organiseerde de opleiding voor het panel ook een open inloopspreekuur voor iedereen die de commissie wilde spreken en de panelleden hebben een rondleiding door het hogeschoolgebouw gehad.
Zelfevaluatie, documentatie, visuele controle en vraaggesprekken vormen dan de elementen op basis waarvan de opleiding zal worden beoordeeld.

Netwerken na afloop
Vanavond ben ik aanwezig bij een gesprek met afgestudeerden van TBK en met studenten die momenteel bij deze opleiding in de afstudeerfase zitten. Ze zijn zojuist in gesprek geweest met het visitatiepanel en ze vertellen ons waarover hun gesprek met de visitatiecommissie ging. Eén van de momenteel afstuderende studenten geeft aan dat hij het ook voor zijn eigen afstudeerfase een interessant en inspirerend panelgesprek vond. Hij vertelt dat dit panelgesprek hem heeft geënthousiasmeerd om morgen met nog meer élan verder te gaan met zijn afstudeerproject. De andere afgestudeerden en afstudeerders beamen dat het ook voor hun ontwikkeling waardevol bleek te zijn om deel te nemen aan dit visitatiebezoek.
Als ik even later door de lobby van Stenden University Hotel loop, zie ik dat deze afgestudeerden en de afstuderende studenten daar gezellig bij elkaar zitten onder het genot van een drankje, om nog even met elkaar na te praten. Visitatiedagen zijn altijd spannend en met een serieuze ondertoon, maar zijn zeker ook interessant en vooral gezellig en samenbindend.

zaterdag 9 maart 2013

Intervisie in Den Haag



Vrijdag 8 maart 2013
Vestiging van Hogeschool Inholland in Den Haag

Haagse intervisie
Regelmatig komen in Nederland rondom diverse werkvragen groepen collega’s bijeen, die met elkaar willen sparren over kwaliteitszorg in het hoger onderwijs. De ene keer gaat het over de kwaliteitscultuur, dan weer over hoe je een Kritische Reflectie schrijft, of hoe je op behoorlijke wijze de geldende wet- en regelgeving kunt interpreteren, die op het hoger onderwijs van toepassing is.
Vandaag neem ik deel aan zo’n collegiale intervisiegroep, waarbij we specifiek het beoordelen van afstudeernivo van opleidingen in het hoger beroepsonderwijs bespreken. Collega’s van verschillende hogescholen zijn vandaag naar Hogeschool Inholland gekomen in haar vestiging in Den Haag om daarover met elkaar in een collegiaal intervisiegesprek te overleggen.

Gerealiseerd nivo
Na een kennismakingsronde inventariseren we welke items momenteel actueel zijn binnen onze hogescholen voor wat betreft het beoordelen van eindnivo. We hebben allemaal zo onze eigen ervaringen in onze eigen hogescholen met de wijze waarop het nivo van opleidingen wordt geborgd, beoordeeld en geëvalueerd. Niet alleen intern besteden hogeschoolmedewerkers veel aandacht aan het nivo van de opleidingen, ook extern wordt er toezicht uitgeoefend op de wijze waarop en de mate waarin opleidingen erin slagen hun afgestudeerden te brengen naar het vereiste afstudeer-nivo.
Hogescholen laten hun opleidingen periodiek beoordelen door onafhankelijke evaluatieburo’s, waarna de beoordeelde opleidingen op grond van een positief advies in een zogenoemd 'Visitatierapport' voor de komende jaren een keurmerk kunnen aanvragen bij de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). Als een opleiding niet op alle beoordelingsstandaarden een voldoende oordeel behaalt, bestaat de mogelijkheid dat zo’n hogeschool een hersteltraject krijgt toegewezen, waarbinnen men wordt uitgedaagd om in tweede instantie wel in voldoende mate aan de gestelde kwaliteitscriteria te voldoen.

Accreditatie
Het ligt wel voor de hand dat zo’n periodieke, formele opleidingsbeoordeling een spannende aangelegenheid is voor studenten, docenten, stafmedewerkers, bestuur en raad van toezicht, want er hangt veel af van een positief oordeel . Zo’n accreditatie geeft de hogeschool namelijk het recht om erkende graden (zoals Associate degree, Bachelor, Master) aan afstudeerden te verlenen; studenten van erkende opleidingen verkrijgen het recht op studiefinanciering en de hogeschool wordt door de overheid bekostigd om de opleiding de komende jaren aan te bieden.
Voldoende reden dus om regelmatig met elkaar in gesprek te zijn over de wijze waarop je als hogeschool kwalitatief goed onderwijs blijft aanbieden; om te bespreken hoe je aan de daartoe gestelde criteria kunt (blijven) voldoen, hoe je dat met positief gevolg laat beoordelen, en wat je te doen staat als zo’n opleiding in een herstelperiode verzeild raak, om met een dan vereist herstelplan binnen de daartoe gestelde termijn wel weer aan de wettelijke kwaliteitscriteria te voldoen. Over al deze zaken zijn we vanmiddag met elkaar in gesprek, om elkaar te bevragen, elkaar te informeren, elkaar te adviseren en goed in beeld te krijgen hoe we onze hogeschoolopleidingen goed bij de les (kunnen) houden.

woensdag 6 februari 2013

Kwaliteit als cultuur

Woensdag 6 februari 2013

Paul Zevenbergen over ambities van het accreditatiestelsel















NVAO-Voorjaarscongres 2013
Het Voorjaarscongres van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) wordt vandaag georganiseerd in het World Trade Center te Rotterdam. Vanwege een aangepaste dienstregeling van de NS en door de filevorming die beide het resultaat zijn van de sneeuwval van afgelopen nacht, haalt het deelnemersaantal bij de opening van dit congres het verwachte aantal van zo’n 300 nog niet, maar gedurende de openingssessie lopen de rijen stoelen in de grote zaal van het WTC al behoorlijk vol. Het Voorjaarscongres wordt om 9.30 uur geopend door dagvoorzitster Anouschka Laheij.

Paul Zevenbergen
Eerste spreker is Paul Zevenbergen, dagelijks bestuurslid van de NVAO. Hij vertelt over de achtergronden, afwegingen, dilemma’s en ervaringen met het nieuwe, huidige accreditatiestelsel. Ook komt Zevenbergen met de officiële mededeling dat onze minister de heer Anne Flierman heeft benoemd tot nieuwe bestuursvoorzitter van de NVAO en dat mevrouw Ann Demeulemeester is benoemd tot vice-voorziter van het NVAO-bestuur. Paul Zevenbergen sluit af met een toelichting op het congresthema van vandaag: ‘Kwaliteit als cultuur’.

Plenaire ochtendsessies
Na deze opening volgt een interview met Wim Boomkamp (Saxion Hogescholen) en Martin Kropff (Wageningen University & Reseach). De dagvoorzitster voert een vraaggesprek over de ervaringen van hun twee instellingen met betrekking tot de inmiddels afgeronde Instellingstoets Kwaliteitszorg. Ze vertellen over hun ervaringen met deze NVAO-audit en de impact van die audit op de kwaliteitszorg en de kwaliteitscultuur binnen hun beide instellingen. Twee punten die hierin onder andere aan de orde komen, zijn:
  • Kwaliteitszorg doe je niet alleen voor de Instellingstoets, maar voor jezelf. Om die bewustwording te kweken, moet je gesprekken voeren in de hele organisatie.
  • In het nieuwe accreditatiestelsel is het beter dat we nu te maken krijgen met hardere oordelen, maar met zachtere consequenties van die oordelen.
Vóór de koffiepauze volgt dan nog een plenair debat over de kwaliteitscultuur in het hoger onderwijs, onder leiding van Anouschka Laheij. Dit gesprek wordt gevoerd met de aanwezigen in de zaal, met als speciaal hiertoe uitgenodigde panelleden: Tineke Westerveld (UMC), Bas van der Meijden (Windesheim), Thijs van Reekum (ISO), Karlijn Ligtenberg (LSVB) en Lucien Bollaert (NVAO). Dit debat wordt gevoerd aan de hand van drie stellingen.

Breakout over de rol van de docent
Tussen de koffie- en lunchpauze gaan we uiteen in subgroepen. In de bijzalen van het WTC worden zeven breakouts aangeboden over Kwaliteitsstructuur en over Kwaliteitscultuur. De eerste breakout die ik vandaag bijwoon, gaat over het betrekken van de docent bij de kwaliteitscultuur van een instelling voor hoger onderwijs; onder leiding van moderator Ann Demeulemeester (NVAO). Marie-Jet Fennema & Hans de Bresser (beiden UU) en Robert Bouwhuis (HR) presenteren hun good practices binnen hun universiteit en hogeschool. De Universiteit Utrecht (UU) hield zich bezig met de vraagstelling hoe je van kwaliteitscontrôle over gaat naar een kwaliteitscultuur. Ook komt in deze sessie aan de orde dat instellingen af moeten van het docenten uitsluitend opleggen van kwaliteitseisen, maar dat je toe moet naar co-creatie bij het realiseren van kwalitatief goed onderwijs.

Tia Loukkola
Na de lunch luisteren we naar de toespraak van de Finse keynote speaker Tia Loukkola, manager van het Institutional Evaluation Programme van de EUA. De titel die ze aan haar lezing gaf, is: ‘On the importance of quality culture’. Ze geeft aan dat bestuurders in het hoger onderwijs verklaren dat ‘Internationalisering’ en ‘Quality Assurance’ in de nu volgende jaren de hot items zullen zijn in het hoger onderwijs. Ze spreekt over actuele ontwikkelingen voor wat betreft bijvoorbeeld: Compliance Culture en Quality Culture. En ze benadrukt dat de participatie van alle belangengroepen in het hoger onderwijs (en dan vooral ook van studenten) bijdraagt aan het realiseren van een quality culture, waarbij ze afsluitend nog even meldt: “Practising this is quite challenging!”.

Cultuurspiegels
De tweede breakout die ik bijwoon, is getiteld: ‘Cultuurspiegels, integrale benadering van kwaliteitscultuur’, verzorgd door Dries Berings (Hogeschool-Universiteit Brussel). Deze workshop begint met een korte inleiding, waarna we in groepen een reflectieoefening doen, waarna Berings verdere uitleg geeft over zijn quality-model;daarbij een toelichting gevend op de principes, het model, het meetinstrument, de onderzoeksresultaten en de perspectieven. Moderator van deze workshop is Lucien Bollaert (NVAO).

Keynote van het Ministerie van OC&W
Tot 16.30 uur is de laatste keynote speaker: Ron Minnee, de plaatsvervangend Directeur-Generaal Hoger Onderwijs van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCenW). Minnee spreekt over verleden, heden en toekomst van de kwaliteit van het hoger onderwijs. Hij noemt dat het hoger onderwijs met meer excellentietrajecten zal komen, dat het hoger onderwijs uitdagender moet, dat er meer aandacht moet zijn voor de kwaliteit van docenten, en hij ziet dat er meer tevredenheidsmetingen in het hoger onderwijs worden gehouden. Er zijn al veel initiatieven van onderwijsverbetering zichtbaar, toch moeten we blijven doorgaan met het werken aan onderwijsverbetering.
Er zal meer aandacht komen voor externe validering van toetsing en examinering. De omvang van de administratieve last van al die kwaliteitszorgtaken blijft een punt van aandacht. Op dit moment ligt er nog een heel pakket nieuwe maatregelen als wetsvoorstel bij de Tweede Kamer, dat overigens tot na de zomer zal worden aangehouden, om eerst parallel nog een aantal bestuurlijke afspraken te maken in het hoger onderwijs en om de resultaten van het lopende inspectieonderzoek naar de werking van het nieuwe accreditatiestelsel af te wachten.

maandag 4 februari 2013

Aanvang Proefvisitatie Bedrijfseconomie

Maandag 4 februari 2013
De panelkamer is gereed voor aanvang van de proefvisitatie















Zelfevaluatie
Evenals alle opleidingen van Stenden Hogeschool laat ook de HBO-bachelor-opleiding Bedrijfseconomie zich (dit kalenderjaar) keuren door een onafhankelijk visitatiepanel van gezaghebbende experts, teneinde voor de komende jaren het kwaliteitskeurmerk van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) te verdienen.
Voordat het zover is, schrijven de vertegenwoordigers van deze opleiding een zogenoemde 'Kritische Reflectie', waarin de opleiding een zelfevaluatie beschrijft op grond van een drietal standaarden, die gelden voor de opleidingsaccreditatie van de NVAO.

Proefvisitatie
Als dit zelfevaluatierapport met alle onderliggende documentatie gereed is, gaan we binnen Stenden verifiëren of alle beschikbare gegevens volstaan om de officiële visitatie van de opleiding plaats te laten vinden. Daartoe organiseren we dan altijd een zogenoemde proefvisitatie, die je kunt beschouwen als een soort generale repetitie, in de vorm zoals we die ook hanteren bij de visitatie.

Bedrijfseconomie
Vandaag beginnen we in onze Stenden Hogeschoolvestiging in Emmen zo'n twee dagen durende proefvisitatie. Vanmorgen wordt een proefvisitatiepanel door het management team van de opleiding Bedrijfseconomie ontvangen. Voorafgaand aan de proefvisitatie verzorg ik een briefing voor dit audit team, dat uit medewerkers en een student van Stenden Hogeschool bestaat, aangevuld met een werkveldadviesraadslid van deze opleiding.
Na mijn briefing gaat het proefvisitatieteam de in de proefvisitatiekamer gedeponeerde opleidingsdocumenten bestuderen, zulks ter voorbereiding op de panelgesprekken die vanmiddag en morgen zullen gaan plaatsvinden.

Afstuderen
Rond het avonduur gaat het audit team met de eerste twee interviewgroepen in gesprek. Het eerste panel waarmee het proefvisitatieteam spreekt, bestaat uit een aantal recent afgestudeerden en een aantal studenten die momenteel in hun afstudeerfase zitten. Daarna volgt een groep werkveldvertegenwoordigers, die deze afgestudeerden in hun afstudeerfase hebben begeleid, aangevuld met enkele opleidingsdocenten, die de afstuderende studenten in hun afstudeerfase begeleid(d)en.
In deze eerste twee interviews verifieert het proefvisitatiepanel of de opleiding haar studenten op correcte wijze begeleidt, beoordeelt en laat afstuderen en of de afgestudeerde studenten voldoen aan de competenties, waarvoor deze opleiding haar studenten opleidt.

woensdag 30 januari 2013

Start Proefvisitatie Media en Entertainment Management

Woensdag 30 januari 2013 
Expositieruimte van Media en Entertainment Management















Klaar voor de start
Op de scheiding van ochtend en middag is het stil, heel stil, in de twee geschakelde zalen van Stenden University Hotel in Leeuwarden. Vanmorgen zijn collega's en studenten hier aan het werk geweest om de beide vergaderzalen in gereedheid te brengen voor de Proefvisitatie van de HBO-bachelor-opleiding Media en Entertainment Management van Stenden Hogeschool in Leeuwarden.

Keurmerk voor hoger onderwijs
Eenmaal in de zes jaar moet elke graadverlenende opleiding in het Nederlandse hoger onderwijs worden geëvalueerd, beoordeeld en goedgekeurd om als een door de Nederlandse overheid erkende opleiding in de daarop volgende jaren te mogen worden aangeboden binnen het Nederlandse stelsel van hoger onderwijs.
Dit jaar is onze opleiding Media en Entertainment Management aan de beurt om te worden beoordeeld door een visitatieorganisatie, teneinde het vereiste keurmerk van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie te verdienen.

Generale repetitie
Vanmiddag zijn de laatste voorbereidingen getroffen en vanmiddag is als generale repetitie de zogenoemde Proefvisitatie aangevangen, om met elkaar te bekijken of de opleiding tijdig gereed is voor de visitatie en om met elkaar nog eens het hele draaiboek door te nemen van alle voorbereidingen en de uitvoering van zo'n voor de opleiding belangrijke visitatiedag.

Panelgesprekken
Aan de andere zijde van de flexibele tussenwand is een panelopstelling opgebouwd. Daar zullen vanmiddag, vanavond en morgen panelgesprekken plaatsvinden tussen een proefvisitatiecommissie en de afzonderlijke panels van studenten, afgestudeerden, werkveldvertegenwoordigers, management en docenten, die allen de te visiteren opleiding vertegenwoordigen.

Documentenstudie
Aan deze zijde van de flexibele tussenwand ligt een groot aantal documenten van de te beoordelen opleiding. Deze documenten zijn voor een deel als hard copy-versie in te zien en voor een deel (ook) in een digitale versie. Hier liggen bijvoorbeeld Onderwijsmoduulboeken, Notulen van de Opleidingsexamencommissie, Scripties van studenten, Onderwijsexamenreglementen, Beleidsdocumenten, Tevredenheidsonderzoeksrapportages, Toetsen en Studieboeken. Via een autorisatiecode is het mogelijk een groot aantal documenten digitaal te raadplegen, die op het netwerk van de hogeschool zijn opgeslagen voor dergelijke audits.

Aanvang Proefvisitatie
Op de scheiding van deze ochtend en middag is het hier nu stil. Straks zal het hier een drukte van belang zijn. Dan wordt het Proefvisitatiepanel hier ontvangen en ga ik ze briefen teneinde dit auditteam goed voorbereid aan haar werk te kunnen laten beginnen. Vanmiddag zal het audit team worden rondgeleid langs de diverse faciliteiten van de opleiding, waaronder het uitdagende leerbedrijf en de professionele studio. Vanmiddag wordt hier ook de eerste groep medewerkers van de opleiding verwacht om met het proefvisitatiepanel in gesprek te gaan over de uiteenlopende aspecten, die de kwaliteit van deze hogere beroepsopleiding bepalen.

woensdag 19 december 2012

Proefvisitatie voor Toegepaste Bedrijfskunde

Woensdag 19 december 2012
Het proefvisitatieteam voor Toegepaste Bedrijfskunde














Accreditatie
Ook voor de HBO-bachelor-opleiding Toegepaste Bedrijfskunde van Stenden Hogeschool is het volgend jaar weer zover dat ze voor de periodieke kwaliteitskeuring zal gaan. Aanvang volgend kalenderjaar komt een extern, onafhankelijk en gezaghebbend auditpanel op bezoek om de kwaliteit van deze opleiding te onderzoeken. Elke zes jaar doorloopt een graadverlenende opleiding in het hoger onderwijs een door de overheid voorgeschreven kwaliteitskeuring, om voor de daarop volgende jaren weer het keurmerk te verdienen, als bewijs van aangetoonde kwaliteit. Op grond van de accreditatie van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie mag zo'n opleiding tot aan de volgende accreditatie de door de overheid erkende HBO-diploma's afgeven.

Zelfevaluatie
Ook de opleiding Toegepaste Bedrijfskunde treft momenteel de voorbereidingen om zo'n visitatie ten behoeve van de volgende accreditatie te organiseren. Daartoe schrijft de opleiding een zogenoemde Kritische Reflectie, zijnde een zelfevaluatierapport met een serie bijlagen, op grond waarvan een visitatiecommissie haar onderzoek zal verrichten. Omdat deze hele kwaliteitscyclus eenmaal in de zes jaren wordt doorlopen, worden alle interne en alle externe deelnemers voorbereid op zo'n onderzoek. Om alle participanten een idee te geven van de ins en out van zo'n onderzoek, wordt enige maanden voorafgaande aan de echte visitatie een proefvisitatie georganiseerd.

Proefvisitatie
Gistermiddag is in onze Leeuwarder hogeschoolvestiging een proefvisitatiecommissie van start gegaan om gisteravond en vandaag de hele dag in gesprek te gaan met alle gespreksgroepen, die tijdens zo'n visitatie de revue passeren. Voor de opleiding Toegepaste Bedrijfskunde is het proefvisitatieteam samengesteld uit enkele medewerkers van de hogeschool die ervaring hebben met visiteren, aangevuld met een werkveldvertegenwoordiger die ook in de Werkveldadvies van deze opleiding zit, èn - last but not least - óók een studente van een verwante opleiding, om met name tevens het studentenperspectief in deze proefvisitatie voldoende mee te nemen.

Verificatie
Gedurende deze proefvisitatie voert het proefpanel een groot aantal gesprekken met onder andere studenten, afgestudeerden, docenten, managementleden, en leden van de diverse onderwijscommissies zoals bijvoorbeeld de opleidingsexamencommissie. Aan de hand van het zelfevaluatierapport en van de onderliggende bewijsdocumenten verricht het auditteam een verificatieonderzoek, enerzijds om te beoordelen of de opleiding aan de gestelde kwaliteitscriteria voldoet, en anderzijds om alle gesprekspanels te laten ervaren op welke wijze zo'n onderzoek naar de kwaliteit van deze opleiding wordt uitgevoerd.

Bevindingen
Aan het eind van dit twee dagen durende proefonderzoek verzorgt de voorzitter van het proefvisitatieteam in een plenaire sessie voor alle deelnemers een korte terugkoppeling van de voorlopige bevindingen. Ruim een week later publiceert het proefpanel haar proefvisitatierapport, met daarin de laatste aanbevelingen voor de opleiding, om nog de laatste puntjes op de 'i' te zetten, alvorens de visitatie aanvang 2013 kan plaatsvinden.
We mogen terugzien op twee geslaagde dagen, waarin we met elkaar bezig zijn geweest om nog eens weer aandachtig te kijken of en in welke mate deze opleiding voldoet aan alle kwaliteitscriteria, die gelden voor een opleiding in het hoger beroepsonderwijs.

maandag 17 december 2012

Kerstdecoratie in de Canteen van Stenden Hogeschool

Maandag 17 december 2012 
De Canteen van Stenden Hogeschool  in kerstsfeer






















Canteen
De bedrijfskantine van Stenden Hogeschool kreeg enige jaren geleden als uitkomst van een prijsvraag de passende naam: 'Canteen'. Evenals het hotel, de restaurants en de congresaccommodatie wordt ook de Canteen gerund door de studenten van de HBO-opleiding Hoger Hotelonderwijs van Stenden Hogeschool in Leeuwarden. Het Stenden University Hotel - waar al deze horecatieve voorzieningen onder ressorteren - is één van de leerbedrijven van Stichting Stenden Hogeschool, waarin studenten onder begeleiding van professionele praktijkbegeleiders in de praktijk worden opgeleid in het kader van hun studie.

Real World Learning
Dat hier in Leeuwarden sprake is van een bijzondere onderwijsleeromgeving blijkt ook uit het feit dat de Stenden-opleiding Hoger Hotelonderwijs bij de tamelijk recente accreditatie van overheidswege door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie werd onderscheiden met het 'Bijzonder Kenmerk' voor 'Real World Learning'.

Place to be
De Canteen van Stenden Hogeschool in Leeuwarden is de 'place to be' voor studenten en hogeschoolmedewerkers, om elkaar te ontmoeten onder het genot van verantwoord en lekker eten en drinken. Van een horecagelegenheid mag je echter meer verwachten dan alleen maar goed eten en drinken. Ook de ambiance is van belang; en dan niet alleen in de luxueuze restaurants, maar zeker ook in een bedrijfskantine zoals hier de Canteen.
Oog hebben voor het interieur en daarmee een plezierige sfeer creëren, waarin het aangenaam verpozen is,
is dan ook één van de aandachtspunten, waar studenten en medewerkers van dit leerbedrijf serieus werk van maken.

Nog een week en dan is het Kerst
De studenten die vorige week actief waren in het leerbedrijf hebben hun best gedaan om de Canteen in kerstsfeer te brengen. Zo hebben ze op de lange statafels - waarop altijd benodigdheden zoals bestek en servetten liggen - gezorgd voor een mooie kerstdisplay. Kerstdecoraties in overwegend groen, wit en rood staan en liggen over de volle lengte van de statafels, om in de lengte van de Canteen op bescheiden wijze toch bij te dragen aan de kerstsfeer, waarin veel studenten en medewerkers dezer dagen steeds meer terecht komen.

Oog voor detail
Het zal best zo zijn dat enkele bezoekers van de Canteen niet zozeer oog hebben voor dergelijke decoraties, maar ik vermoed dat het gros van de studenten en medewerkers in de afgelopen dagen wel nadrukkelijk heeft gezien dat hun medestudenten en de collega's van onze horecaopleiding hun best hebben gedaan om de Canteen mooi decoratief aan te kleden.

dinsdag 27 november 2012

Onderzoek Accreditatiestelsel Hoger Onderwijs

Dinsdag 27 november 2012

Kantoor van de Inspectie van het Onderwijs te Utrecht















Nieuw accreditatiestelsel
De Inspectie van het (Hoger) Onderwijs stelt periodiek onderzoek in naar het functioneren van het Nederlandse accreditatiestelsel in het hoger onderwijs. Momenteel wordt het onderzoek voorbereid naar het functioneren van het nieuwe accreditatiestelsel, dat is gestart met ingang van het jaar 2011. Dit onderzoek draagt bij aan de evaluatie (van het nieuwe stelsel), die het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap uitvoert.
 
Meta-toezicht
De onderwijsinspectie houdt al vanaf de start van het visitatiestelsel zogenoemd ‘meta-toezicht’ op dit stelsel. Bij de start van het huidige accreditatiestelsel - aanvang 2011 - is dit toezicht voortgezet. In dit verband zijn er al diverse evaluaties uitgevoerd en mede op grond hiervan zijn er verbeteringen van het accreditatiestelsel doorgevoerd.

Maatschappelijk vertrouwen
Met het vorige maand begonnen inspectieonderzoek wordt deze lijn voortgezet. Het accreditatiestelsel neemt in de kwaliteitsborging in het hoger onderwijs een centrale positie in. De inspectie wil met haar toezicht op het accreditatiestelsel de kwaliteit van dit stelsel onderzoeken en bevorderen. Dit toezicht staat daarmee ten dienste van een goed functioneren van het accreditatiestelsel, met het oog op het behoud en de versterking van het maatschappelijk vertrouwen in dit stelsel, en daarmee in de kwaliteit van het hoger onderwijs.
 
Resonansgroep
Ten behoeve van dit onderzoek heeft de onderwijsinspectie een Resonansgroep ingesteld, die haar zal adviseren over de onderzoeksopzet, tijdens de uitvoering van dit onderzoek en over de rapportage van dit onderzoek. Deze Resonansgroep bestaat uit leden van koepelorganisaties, deskundigen vanuit visitatiepanels, docentenvertegenwoordigers, een student en een onafhankelijk lid. Vandaag woon ik als representant van de onderwijsvakbond CNV-Onderwijs de eerste bijeenkomst van deze Resonansgroep bij.

Stelselonderzoek
Coördinerend inspecteur hoger onderwijs, onderzoeksleider Bert de Vries legt bij aanvang van deze bijeenkomst in het inspectiekantoor te Utrecht uit dat het hier gaat om een onderzoek, dat het Nederlandse accreditatiestelsel betreft. Dit toezicht betreft dus niet primair het toezicht op de Nederlands Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) en/of het toezicht op de kwaliteit van het aangeboden onderwijs in een instelling, maar onderzoekt het functioneren van het actuele accreditatiestelsel
 
Gesprekspunten
In deze bijeenkomst spreken we als Resonansgroep vanmorgen over de inhoud van het concept-Toezichtskader en over de beoogde opzet van het reeds aangevangen ‘Onderzoek Accreditatiestelsel 2012-2013’. Een aantal zaken die daarbij onder andere aan bod komen, zijn:
  • Het stapelen van toezicht;
  • Met betrekking tot het stelsel: de basis, de effectiviteit en efficiëntie, de kwaliteit, de mate van tevredenheid en het vertrouwen dat dit stelsel uitstraalt;
  • De gehanteerde definities in het veld;
  • De onderzoeksobjecten: statische elementen zoals het vastgelegde kader en dynamische aspecten zoals latere aanpassingen van het stelsel;
  • Het scheiden van toezicht op het stelsel en op de hoger onderwijsinstellingen;
  • De kwaliteit van Kritische Reflecties en van Visitatiepanels;
  • De verbeterfunctie van het huidige accreditatiestelsel;
  • De administratieve lasten en de kosten van het accreditatiestelsel;
  • Beoordelingsstandaarden, Evaluatievragen en Onderzoeksvragen;
  • De projectopzet en de inrichting van het onderzoek;
  • De inspectierapportage van èn het bestuurlijk vervolg op dit inspectieonderzoek.
Inrichting van het onderzoek
In de volgende bijeenkomsten zal de Resonansgroep met de projectleiding nader ingaan op de onderzoeksvragen en op de nadere inrichting van specifieke case studies in de tweede fase van dit onderzoek. Aan de Resonansgroep is het dan om goed te adviseren op de voorgestelde onderzoeksvragen, waarbij zoveel mogelijk rekening moet worden gehouden met het uniformeren en differentiëren van de onderzoeksvragen, rekening houdend met de diversiteit van het Nederlandse Hoger Onderwijs.

donderdag 22 november 2012

Prestatieafspraken in het hoger onderwijs



Donderdag 22 november 2012
Kennisuitwisseling in subgroepen















Collegiale verkenning
Tijdens de netwerkbijeenkomst van ons Platform HBO van het Nederlands Netwerk voor Kwaliteitsmanagement (NNK) staan we vandaag stil bij de Prestatieafspraken, die zijn gemaakt tussen enerzijds het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCenW) en anderzijds de instellingen in het hoger onderwijs. Hoewel alle afspraken nog niet formeel afgesloten zijn en er inmiddels een nieuw kabinet is aangetreden, achten we het verstandig om in dit stadium als kwaliteitszorgmedewerkers alvast met elkaar te verkennen wat deze afspraken ons en anderen waard zijn.
Paul Nieuwenhuis – voorzitter van dit HBO-netwerk  - heet de 17 deelnemers welkom in een vergaderzaal van het ‘Cursus- en Vergadercentrum Domstad’ te Utrecht en introduceert het thema “Prestatieafspraken” aan de hand van één van de afspraken (Bachelor-rendement), die Saxion Hogeschool met het onderwijsministerie heeft gemaakt.

Werkvragen
Enkele vragen die in de bijeenkomst van vandaag aan de orde komen, zijn:

  1. Welke Prestatieafspraken hebben de hogescholen gemaakt?;
  2. Hoe zijn die afspraken tot stand gekomen en wie waren daarbij betrokken?;
  3. Hoe zijn en/of worden deze Prestatieafspraken binnen de betreffende hogescholen geïmplementeerd?;
  4. Wat is bij die implementatie de rol van kwaliteitszorgsmedewerkers?;
  5. Hoe kijken instellingen voor hoger onderwijs aan tegen de Prestatieafspraken, en hoe kijkt men van buiten hier naar?

Programma
In vier subgroepen wisselen we eerst uit hoe de verschillende hogescholen met de prestatieafspraken omgaan, uitgaande van de bovenstaande vraagstelling.
Een aantal items die in de terugkoppeling na afloop uit deze subgroepen komen, zijn:

  • De eigen – al bestaande – ambitienivo’s van hogescholen zijn veelal leidend geweest voor het formuleren van de Prestatieafspraken;
  • In dit proces verander(d)en de rollen van enerzijds de afdelingen Planning & Control en anderzijds de afdeling Kwaliteitszorg van een hogeschool. Daarbij kregen de afdelingen Planning & Control – die doorgaans meer procesgeoriënteerd waren/zijn – meer invloed;
  • Prestatieafspraken gaan vaker over het verhogen van normen, dan over het verhogen van de studenteninstroom in het hoger onderwijs;
  • Het formuleren van Prestatieafspraken zorgde doorgaans niet voor een stormachtige sfeer in de hogeschool; ze bouwden namelijk veelal voort op de inhouden van de reeds voorliggende management-contracten;
  • Een ook nu nog voortdurend probleem blijft het hanteren van de verschillende definities omtrent de gehanteerde prestatieafspraken;
  • De meeste Prestatieafspraken zijn niet bijster ambitieus;
  • Sommige hogescholen hebben nu – i.v.m. hun prestatieafspraken – een grote(re) focus op de Studententevredenheidsonderzoeken (van bijvoorbeeld NSE);
  • Sommige Colleges van Bestuur gaven het opleidingsmanagement hoge, strenge normen, maar geven de opleidingen wel volop ruimte om die normen op eigen wijze te behalen;
  • De door de hogescholen vastgestelde Prestatieafspraken worden veelal door één of meer specifieke projectgroepen geïmplementeerd in de staande organisatie van een hogeschool;
  • Veel studentengerelateerde Prestatieafspraken zijn veelal heel concreet geoperationaliseerd en zijn voor studenten en docenten dan ook uitdrukkelijk controleerbaar;
  • Veel Jaarplannen/Teamplannen van opleidingen bevatten inmiddels informatie over instrumenten en middelen, die worden ingezet om de Prestatieafspraken te implementeren en te behalen.

Casus Hogeschool van Amsterdam
Na de pauze volgt een presentatie van beleidsmedewerker Jos van Hijfte, werkzaam bij de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Hij neemt ons in zijn presentatie mee in de praktijk van deze hogeschool met betrekking tot het tot stand komen en het implementeren van de Prestatieafspraken.

  • Van Hijfte benadrukt de kwaliteitsproblemen, die onvermijdelijk ontstaan door een te snelle groei van het aantal studenten van een hogeschool.
  • Een ander punt is dat de Planning & Control-processen van een hogeschool veel meer een inhoudelijke component moeten krijgen voor wat betreft onderwijs en onderzoek, maar dan loop je tegen het probleem aan dat dergelijke afdelingen van een hogeschool doorgaans geen expertise bezitten op het gebied van onderwijs en onderzoek in een opleiding voor hoger onderwijs.
  • Naast het proces om te komen tot Prestatieafspraken heeft de HvA parallel ook en proces laten lopen van Profilering (met betrekking tot Urbanisatie en Ondernemerschap).
  • Voor hogescholen vormt het moeten werken met verschillende stelsels voor het fungerende hogeschoolinformatiesysteem een praktisch probleem. Dat ene hogeschoolinformatiesysteem moet nu bijvoorbeeld informatie leveren op grond van vraagstellingen uit de eigen hogeschoolorganisatie, naast de vereisten van de Basisgegevens waar de NVAO om vraagt, naast de gegevens en informatie die hogescholen nu ook nog moeten leveren voor de Prestatieafspraken. Verschillen in definities en verschillen in daarbij behorende systeemvereisten bemoeilijken de invoer, verwerking en uitvoer van respectievelijk gegevens en informatie.

Implementatieperikelen
Bij de HvA worden per Prestatieafspraak de maatregelen benoemd, die nodig zijn om de betreffende Prestatieafspraken te behalen, waarna ook per maatregel zowel kwalitatief als kwantatief monitoring op processen en resultaten plaatsvindt. Bij de implementatie en bij de monitoring worden ook direct de NVAO-standaarden al meegenomen.
Het grootste probleem binnen een hogeschool vormt de stapeling van de dossiers die niet (geheel) op orde zijn. Denk bijvoorbeeld aan onvolkomenheden in studentendossiers/-portfolio’s, in opleidingsrendementen en/of in het niet correct functioneren van opleidingsexamencommissies.
Jos van Hijfte: “Een deel van het geheim van je succes zit in je docenten”.

Afsluiting
Aan het eind van deze bijeenkomst volgt nog een korte ronde ‘Halen en brengen’. Daarna sluit netwerkvoorzitter Paul Nieuwenhuis deze netwerkbijeenkomst.

donderdag 27 september 2012

Eindniveau & Examinering in het Hoger Beroepsonderwijs



Donderdag 27 september 2012
Paul Nieuwenhuis introduceert de sprekers van de netwerkbijeenkomst


















Kwaliteitsdiscussie in het HBO
Het is in dit collegejaar de eerste keer dat we als Platform HBO van het Nederlands Netwerk  voor Kwaliteitsmanagement  weer bijeenkomen, deze keer voor het eerst in het Cursus- en Vergadercentrum Domstad van Hogeschool Utrecht, nabij het NS-station Utrecht Centraal.
Het onderwerp dat vanmiddag centraal staat, is: ‘Eindniveau en examinering, wat doe je als kwaliteitszorgmedewerker om het proces te borgen?’

Grote  opkomst
De netwerkbijeenkomst wordt geopend door netwerkvoorzitter Paul Nieuwenhuis. Hij wijst op de grote opkomst van deze middag voor dit actuele en al veelbesproken thema. Met ongeveer 50 mensen zit de zaal vol. Late aanmeldingen moesten helaas worden afgewezen, want ‘vol is vol’. Paul Nieuwenhuis heet iedereen van harte welkom en introduceert de middagvoorzitter Paul van Deursen, die als lid van de agendacommissie het programma met ons zal doorlopen.

Commotie bij MenEM van Inholland
Paul van Deursen start zijn opening met enige inleidende woorden over het verleden en heden omtrent de commotie die ontstond toen bleek dat er bij hogeschool Inholland onder andere iets fout zat bij alternatieve afstudeertrajecten van de opleiding Media en Entertainment Management (MenEM) van Inholland.  Inholland werd in de hectische tijd die daarop volgde voor nader onderzoek bezocht door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO), de Commissie Dunnewijk en de Onderwijsinspectie. Duidelijk werd dat Inholland veel van haar onderwijsprocessen ‘WHW-proof’ zou moeten maken, ofwel ervoor te zorgen dat alles wat binnen deze hogeschool en haar opleidingen wordt gedaan, ook aan de daartoe geldende hoger onderwijswetgeving zou gaan voldoen. De opleidingen moeten er ook voor zorgen dat het eindniveau van alle afgestudeerde studenten voortaan tenminste op het voorgeschreven niveau zou zijn. Het is aan de hogeschool en aan haar afzonderlijke opleidingen om daarin te voorzien en dat op gestelde tijden aan te tonen. Vanmiddag zullen drie medewerkers van hogeschool Inholland vertellen wat er in de afgelopen jaren is gedaan om de opleiding MenEM weer aan de vereiste kwaliteitsstandaarden te laten voldoen. 

2010
Eerste spreker is Paul van den Bosch, de opleidingsmanager van de opleiding MenEM van de Inholland-vestigingsplaats Rotterdam. Vanuit het directieteeam van de opleiding MenEM is hij het aanspreekpunt voor de opleidingsexamencommissie. Hij heeft tevens ‘Toetsing & Examinering” in portefeuille. En hij was lid van de Projectgroep Accreditatie van MenEM, de groep die de opleiding voorbereidde op de onlangs gehouden NVAO-visitatie.
Van den Bosch neemt ons eerst mee terug naar het jaar 2010, het jaar waarin de nodige ophef ontstond rond de opleiding MenEM van Inholland. Hij vertelt achtereenvolgens onder andere over:
·         Het langstudeerderstraject, waarmee Inholland in de problemen geraakte;
·         De bestuurlijke crisis, die mede als gevolg daarvan daarop volgde;
·         De Domeinvorming die werd ingezet, gekarakteriseerd door afstemming, nieuwe rollen en een nieuwe structuur;
·         De Onderwijsinspectie die haar onderzoek instelde binnen de hogeschool, onder andere om te onderzoeken in welke mate Inholland voldeed aan wettelijke voorschriften uit de WHW;
·         De Commissie Dunnewijk, die voor nader onderzoek bij Inholland op bezoek kwam;
·         De NVAO, die als kwaliteitsbewaker van het hoger onderwijs diepgaand onderzoek instelde naar de wijze en de mate waarin Inholland en haar opleidingen voldoen aan de kwaliteitsstandaarden die gelden voor alle opleidingen in het hoger onderwijs.

2011
In  het jaar 2011 moesten de handen uit de mouwen, want de hogeschool moet erin voorzien dat de hogeschool en haar opleidingen op grond van de nodige verbetertrajecten kwalitatief wel aan de gestelde kwaliteitscriteria zouden gaan voldoen. Paul van den Bosch vertelt volgens welke doorontwikkelingslijnen daaraan in 2011 is gewerkt, zoals:
·         Een Commissiecyclus is doorlopen. Onderwijscommissies zoals Curriculumcommissie, Toetscommissie en Examencommissie moeten hun werk met de nodige onderlinge afstemming adequaat verrichten;
·         Er werd gestart met Interne Audits: onderzoeksteams die checken wat goed is en wat beter kan;
·         Werkprocessen werden herontworpen, waarbij met name docenten werden betrokken, want zij zouden kunnen aangeven welke processen ze wenselijk achten om goed onderwijs op de kaart te zetten;
·         Een onderzoekslijn werd ontworpen;
·         Reviews werden ingezet om te verifiëren of reeds goedgekeurde processen en producten daadwerkelijk aan de maat zijn.
·         Heel belangrijk is de scholing van medewerkers. Scholing bijvoorbeeld op het gebied van het ontwerpen van onderwijs (onderwijskunde), scholing op het gebied van het verzorgen van onderwijs (didactiek), scholing op het  gebied van toetsen, beoordelen en examineren en juridische scholing op het gebied van de wijze waarop de WHW kan en zal worden nageleefd.

2012
En in dit kalenderjaar wordt weer voortgeborduurd op het werk van de voorgaande twee jaren. Dit  huidige kalenderjaar is een tijd van:
·         Borgen en bestendigen;
·         Doorontwikkelen.
Paul van den Bosch vertelt dat Inholland in het verleden de focus had op sterke en snelle groei, maar dat toen - en bij nader inzien - bleek dat de beheersing van die hevige groei niet haalbaar was. En ook nu- na alle ophef en maatregelen – is het zelfs in de fase van het bestendigen lang niet altijd gemakkelijk. Van den Bosch: “Het was èn is bizar!”
Inmiddels staat bij Inholland het primair proces weer centraal en de Inholland-studenten zijn veel kritischer geworden. 
Nu zit men nog steeds in een periode van reorganisatie met een forse reductie van kosten en personeel. Dat bracht en brengt spanning, onzekerheid, angst en weerstand, hetgeen het er niet leuker op maakt en soms heel spannend is.
Inholland werkt nu naar een andere invulling van interne rollen. Opleidingen maken tegenwoordig zelf veel meer keuzes dan voorheen het geval was. De onderwijsdiensten zijn veel minder dwingend en in plaats daarvan nu dienend aan het onderwijs.
De cultuur verandert. Daar waar medewerkers vroeger alleen maar afspraken maakten, gaat men nu een stap verder, door elkaar ook op het nakomen van die gemaakte afspraken aan te spreken. Docententeams zijn nu weer zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun onderwijs.
Qua beleid is de focus nu veel meer op onderwijs. Men kiest ervoor om minder te doen, maar het moet wel beter. De docent wordt daartoe meer in positie gebracht en de student wordt centraal gesteld.

Opleidingsexamencommissie
Tweede spreker is Jan Timmerhuis, docent en lid van de Examencommissie van de opleiding MenEM van Inholland. Timmerhuis was evenals Van den Bosch lid van de Projectgroep Accreditatie.
Timmerhuis vertelt over de ins en outs met betrekking tot de Examencommissie in de werkpraktijk van alledag. Hij beschrijft daarbij de volgende drie fasen, die zijn/worden doorlopen, te weten:
·         De inrichting van de Examencommissie;
·         Het WHW-proof maken van de Examencommissie;
·         Als derde stap de fase van het jaarplan en van de beleidsvorming van de Examencommissie. Daarbij gaat hij ook nader in op de relatie van de Examencommissie met de andere onderwijscommissies èn met het management van de opleiding.
Timmerhuis: “Communicatie en Transparantie zijn van groot belang”.
Dit alles leidde uiteindelijk tot een cultuuromslag binnen de opleiding en in de hogeschool. Waar de opleidingsexamencommissie van MenEM voorheen bijvoorbeeld per jaar zo’n 400-500 verzoeken van studenten behandelde in de Examencommissie, is dat inmiddels al opgelopen tot ongeveer 3.500 verzoekschriften per jaar.

Onderwijs & Kwaliteit
Voordat we een korte koffiepauze hebben, komt Reen Pouwels als derde spreekster van Inholland aan het woord. Pouwels is binnen Inholland senior Adviseur Onderwijs & Kwaliteit. Ze begeleidde vanuit de Concernstaf Kwaliteit van Inholland de opleiding MenEM naar de visitatie richting accreditatie en was namens Inholland inhoudelijk contactpersoon naar de NVAO.
Pouwels vertelt ondermeer dat alle veranderingen binnen Inholland er in elk geval toe hebben geleid dat de opleidingsdocenten zich nu weer veel meer eigenaar van het onderwijs voelen dan voorheen het geval was.
Vóór en na de koffiepauze gaan we niet in subgroepen uiteen, zoals aanvankelijk was gepland. Het blijkt dat de aanwezigen in de zaal popelen om allemaal hun vragen te stellen aan de drie sprekers van Inholland. Er zijn heel veel vragen, omdat zoveel hogescholen allemaal voortdurend op zoek zijn naar wat er allemaal moet worden gedaan om aan de geldende regelgeving te voldoen en aan hoe dat allemaal moet worden gedaan om aan de van toepassing zijnde kwaliteitsstandaarden te voldoen.
Vrij lang wordt bijvoorbeeld stilgestaan bij begrippen als afstudeerwerken/eindwerken en bij de verschillende interpretaties die in de werkpraktijk van alledag daaraan worden gegeven in de verschillende hogescholen en opleidingen in Nederland. Duidelijk is wel dat uiteindelijk elke opleiding van elke student zal moeten aantonen dat hij/zij bij afstuderen tenminste voldoet aan alle slaagnormen die gelden voor alle beoordelingcriteria, voor wat betreft de hoogste beheersingsniveau’s per eindterm van een opleiding; zoals bijvoorbeeld gedefinieerd in competenties.
Een ander punt waar enige tijd bij stil wordt gestaan in deze groepsdiscussie is de wijze waarop opleidingen in de opleidingspraktijk omgaan met het geldende vrijstellingenbeleid.

Kwetsbaar transparant
Een boeiend vraag- en antwoordgesprek wordt gevoerd en voordat je het in de gaten hebt, is het al bijna 16.00 uur. Tijd om dit gedeelte van de netwerkbijeenkomst af te ronden, met dank aan onze drie collega’s van Inholland, die – zoals voorzitter Paul Nieuwenhuis  noemt – zich in deze bijeenkomst van ‘quality experts’ kwetsbaar hebben opgesteld door zo transparant te vertellen waar men binnen Inholland momenteel zo hard aan werkt. Een hartelijk applaus volgt daarop vanuit de zaal, waarmee de woorden van de netwerkvoorzitter van harte worden onderstreept door de aanwezigen.
Na een korte ronde van het zogenoemde ‘halen en brengen’ wordt deze netwerkbijeenkomst door de netwerkvoorzitter Paul Nieuwenhuis afgesloten.