Posts tonen met het label VBI. Alle posts tonen
Posts tonen met het label VBI. Alle posts tonen

dinsdag 2 juli 2013

Rondje accreditatie rond het IJsselmeer

Dinsdag 2 juli 2013 
Hogeschoolvestiging van Inholland in Den Haag
















Resonansgroep Inspectie Hoger Onderwijs
Vanmorgen zijn we voor de vierde en laatste maal bijeen als Resonansgroep voor de Inspectie van het Hoger Onderwijs. We vergaderen wederom in het kantoor van de Inspectie voor het Onderwijs in Utrecht. De Inspectie heeft een Resonansgroep geïnstalleerd, bestaande uit vertegenwoordigers van verschillende belangenorganisaties, zoals de Verenigingen van instellingen voor bekostigd en onbekostigd Hoger Onderwijs (universiteiten en hogescholen), Evaluatieburo's, het Interstedelijk Studenten Overleg, en ik vertegenwoordig de medewerkers(docenten)belangen namens CNV-Onderwijs.

Kwaliteit Nederlands Accreditatiestelsel
In opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap houdt de Inspectie van het Hoger Onderwijs toezicht op de kwaliteit van het Nederlandse Accreditatiestelsel in het Hoger Onderwijs. In het kader van die toezichtstaak doet de Onderwijsinspectie in de eerste helft van dit jaar een onderzoek naar de kwaliteit van het huidige Accreditatiestelsel voor hogescholen en universiteiten. Als Resonansgroep adviseren we de Onderwijsinspectie tijdens dit onderzoeksproject op onderdelen zoals de opzet van het onderzoek, de onderzoeksvragen en op het onderzoeksrapport.

Feedback op concept-Inspectierapport
Vanmorgen komen we bijeen om het concept van het onderzoeksrapport te bespreken, waarin de uitkomsten van het onderzoek staan geschreven op het gebied van bijvoorbeeld onafhankelijkheid, deskundigheid, betrouwbaarheid, validiteit, zorgvuldigheid, kwaliteitsborging, stimulerende werking, transparantie, accreditatielasten, dekking en wettelijke vereisten. Daarnaast bespreken we de vijf uitgangspunten bij de invoering van dit nieuwe stelsel en tenslotte nog zaken als conclusies, aanbevelingen, beschouwing en vervolgtoezicht.
Naar verwachting zal in september 2013 het Inspectieonderzoek worden gepubliceerd.

Rondje IJsselmeer
Vanmorgen ben ik vanuit Stiens via Flevoland naar het Inspectiekantoor in Utrecht gereden. 
Als daar de vergadering van de Resonansgroep is afgelopen, rijd ik na het middaguur vanuit Utrecht naar Den Haag, om daar naar een volgende bijeenkomst te gaan in hogeschool Inholland
Aan het eind van de middag rijd ik dan van Den Haag via de Afsluitdijk naar Stiens. 
Daarmee is het rondje rond het IJsselmeer weer rond.

Hersteltrajecten Accreditatie
Het nieuwe Accreditatiestelsel dat wij vanmorgen bij de Onderwijsinspectie bespraken, heeft een verbeterfunctie in zich. Eén van de maatregelen die in dat stelsel kan worden genomen, is dat aan een hogeschool-opleiding een hersteltraject kan worden toegekend, indien de kwaliteit op een accreditatiestandaard niet aan de maat blijkt te zijn tijdens een visitatie.
Enkele hogeschoolopleidingen in Nederland hebben door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) inmiddels zo'n verbetertraject toegekend gekregen en zijn nu druk in de weer om op een nader overeengekomen tijdstip aan te tonen dat de beoogde verbeteringen op dat beoordelingsmoment zjn gerealiseerd.

Hogescholen-intervisiegroep Hersteltrajecten
Omdat dergelijke hersteltrajecten in het hoger onderwijs nieuw zijn, hebben een aantal kwaliteitszorgmedewerkers van hogescholen die al dan niet al in zo'n hersteltraject zitten, een kleine intervisiegroep opgericht, waarvan de groepsleden incidenteel bijeenkomen om het opstarten, het doorlopen en het afronden van zo'n hersteltraject met elkaar te bespreken, om zodoende van elkaar te leren en elkaar met raad bij te staan in de keuzes die in zo'n verbetertraject kunnen en moeten worden gemaakt.
In veel Nederlandse hogescholen en universiteiten wordt momenteel hard gewerkt aan de doorgaande kwaliteitsverbetering van het huidige hoger onderwijs. Alle extra inspanningen die hogescholen in dat kader momenteel getroosten, zullen er uiteindelijk toe bijdragen dat het Nederlandse hoger (beroeps)onderwijs goed is en in ruime mate voldoet aan de kwaliteitseisen die Anno 2013 en in de daarop volgende jaren aan het hoger onderwijs worden gesteld.

Accreditatielasten & Accreditatiebaten
Vandaag blijkt maar weer dat overal in het land - bij de Onderwijsinspectie, bij de NVAO, bij Evaluatieburo's, bij hogescholen en universiteiten en bij allerlei belangenorganisatie in het hoger onderwijs - kosten noch moeite worden gespaard om toekomstbestendig hoger onderwijs te ontwerpen, te ontwikkelen en te geven, dat voldoet aan de gestelde kwaliteitscriteria.

maandag 27 mei 2013

Accreditatie in het Hoger Onderwijs

Maandag 27 mei 2013 
De cover van het boek over Accreditatie

Van Visitatie naar Accreditatie
Bij de start van het voor Nederland aanvang deze eeuw nieuwe accreditatiestelsel, werd veel geschreven en gepubliceerd over de invoering van het nieuwe accreditatiestelsel in het hoger onderwijs. Eén van die publicaties die bij die overgang van het oude visitatiestelsel naar het nieuwe accreditatiestelsel verscheen, is het boek 'Accreditatie in het Hoger Onderwijs', met als subtitel: 'Achtergrond en praktijk in Nederland en Vlaanderen'.
Dit in december 2003 gepubliceerde boek is geschreven door Peter Kwikkers, Dirk van Damme en Theo Douma. Kwikkers & Douma waren indertijd ook twee van de docenten van een vierdaagse leergang over het nieuwe accreditatiestelsel, die ik in die periode volgde.

Achtergrond & praktijk
De auteurs wilden met hun boek inzicht geven in het door velen indertijd als complex aangemerkte accreditatiestelsel. Zo geeft het boek bijvoorbeeld antwoord op de vraag wat een Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) is, en wat haar positie in het Nederlandse accreditatiestelsel is. Daarnaast wordt beschreven wat de bevoegdheden zijn van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) en hoe het staat met de ministeriële verantwoordelijkheid in dit nieuwe stelsel. En uiteraard wordt in het boek ook uitgelegd wat dit nieuwe accreditatiestelsel betekent voor de onderwijsinstellingen in Nederland, en ook in Vlaanderen, want in beide werkgebieden is dit stelsel indertijd volgtijdelijk ingevoerd.
In dit boek bediscussiëren de schrijvers een aantal toen actuele dilemma's, die in deze publicatie worden getoetst aan de visies van gezaghebbende deskundigen op het vlak van hoger onderwijsbeleid.

Tussentijdse balans
Dit boek - een geschreven streven naar een tussentijdse balans - bestaat uit de volgende hoofdstukken:
  1. 1. Accreditatie: concept en context;
  2. 2. Bespiegelingen over beleid;
  3. 3. Bespiegelingen over het recht;
  4. 4. De NVAO en de VBI's;
  5. 5. Werking van het stelsel: gevolgen voor de instellingen;
  6. 6. Risico's en dillemma's.

woensdag 17 april 2013

Resonansgroep Inspectieonderzoek Accreditatiestelsel

Dinsdag 16 april 2013

Kantoor van de Onderwijsinspectie in Utrecht
















Onderzoek naar functioneren accreditatiestelsel
De Onderwijsinspectie stelt periodiek onderzoek in naar het functioneren van het Nederlandse accreditatiestelsel in het hoger onderwijs. Momenteel loopt een onderzoek naar het functioneren van het nieuwe accreditatiestelsel, dat per 1 januari 2010 van start is gegaan. De resultaten van dit inspectieonderzoek zal bijdragen aan de evaluatie van het nieuwe accreditatiestelsel, die het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap uitvoert.

Resonansgroep Inspectieonderzoek
De Onderwijsinspectie heeft een zogenoemde Resonansgroep ingesteld, die de inspectie adviseert over de onderzoeksopzet, over de uitvoering daarvan en over de onderzoeksrapportage. Deze Resonansgroep bestaat uit leden van koepelorganisaties (bv. CNVO, HBO-raad, ISO), deskundigen vanuit kringen van onderzoekspanels (NQA), docenten, studenten en een onafhankelijke buitenstaander. Op verzoek van en namens het bestuur van de onderwijsvakorganisatie CNVO participeer ik in deze Resonansgroep. De Resonansgroep kwam reeds bijeen in november 2012 en in januari 2013. Vandaag is de derde bijeenkomst van de Resonansgroep, in het kantoor van de Onderwijsinspectie te Utrecht.

Het onderzoek
In de voorgaande twee bijeenkomsten bespraken we concepten van het ‘Toezichtkader Accreditatiestelsel Hoger Onderwijs’ en van de ‘Onderzoeksopzet Accreditatiestelsel 2012-2013’. Op grond van onze feedback op die concepten, zijn de nieuwe versies gemaakt. De leden van de Resonansgroep stemmen in met deze bijgestelde versies.
Coördinerend Inspecteur Bert de Vries presenteert een update over de voortgang van het lopende inspectieonderzoek. Er zijn gesprekken gevoerd (met bv. NVAO en VBI’s), documenten zijn bestudeerd, een enquête is uitgezet in instellingen en opleidingen voor hoger onderwijs en er zijn negen cases geselecteerd voor een vervolg-diepteonderzoek.

Resultaten en dieptestudie
Ter voorbereiding op dit overleg hebben we de eerste resultaten - de rechte tellingen en de antwoorden op de open vragen - van de ingevulde vragenlijsten bestudeerd. Vraag voor vraag bespreken we de geanonimiseerde resultaten, zoals die zijn ingevuld op de reeds 81 ingediende vragenlijsten van 38 instellingen voor hoger onderwijs.
We stemmen in met de negen casussen, die in het kader van dit onderzoek voor nog meer diepgang van de onderzoeksresultaten zullen zorgen. Het gaat hier om instellingen die bijvoorbeeld al hebben meegedaan aan de Instellingstoets Kwaliteitszorg, die een Toets Nieuwe Opleiding hebben ondergaan en/of die een Bestaande Opleiding voor accreditatie hebben voorgedragen (beperkt of uitgebreid, al dan niet met een herstelperiode, WO & HBO, Bachelor & Master, met verschillende evaluatieburo’s en een variëteit aan besluiten).

Aanvang Juli 2013 komen we weer bijeen om het concept van het onderzoeksrapport te bespreken.

dinsdag 17 april 2012

Offreren om te visiteren

Dinsdag 17 april 2012 
Onderwijs gaat onverminderd door in Emmen


Kwaliteitscontrole
Elk jaar starten we bij Stenden Hogeschool een aantal accreditatietrajecten, om onze HBO-opleidingen periodiek te laten keuren door een onderzoekspanel van onafhankelijke, gezaghebbende experts. Daartoe hebben we in de afgelopen jaren gewerkt met een aantal Nederlandse en Duitse visiterende en beoordelende instanties, zoals Certiked, Hobéon, NQA en FIBAA. Deze evaluatieburo's keuren de kwaliteit van onze opleidingen en schrijven hun onderzoeksbevindingen in een keuringsrapport, dat vervolgens moet worden gezonden naar de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO), die dan uiteindelijk beoordeelt of onze opleidingen opnieuw het kwaliteitskeurmerk verdienen en dan worden geaccrediteerd.

Offreren
In het eerste kwartaal van 2012 hebben we al zeven nieuwe accreditatietrajecten gestart. Met de evaluatieburo's zijn inmiddels alle offertegesprekken gevoerd, die leiden tot het verlenen van de verschillende opdrachten van de opleidingen aan deze evaluatieburo's om in de eerste drie kwartalen van het jaar 2013 deze opleidingen te beoordelen op de kwaliteitscriteria, zoals die door de Nederlandse overheid zijn voorgeschreven voor geaccrediteerd hoger onderwijs. Vandaag ben ik werkzaam in onze Stenden Hogeschoolvestiging in Emmen om daar het laatste offertegesprek te voeren voor één van die zeven Stenden-opleidingen, die in het jaar 2013 weer zullen worden beoordeeld.

Upgrading
Onze Emmer hogeschoolvestiging heeft in de afgelopen jaren al een grondige upgrade ondergaan. De nieuwbouw en verbouw en de vernieuwing van het interieur van het hogeschoolgebouw hebben gezorgd voor een opvallende facelift, met als doel en resultaat dat het gebouw aan de nieuwste eisen voldoet, die je mag stellen aan een modern hogeschoolgebouw. En nog steeds gaat de verbouwing door. Aan onder andere een nieuwe ingangspartij en een grondige modernisering van gangen en lokalen wordt momenteel hard gewerkt. Delen van het gebouw zijn afgesloten om de bouwvakkers enerzijds en de studenten & medewerkers anderzijds zonder al te veel overlast voor elkaar hun eigen werk te laten verrichten. In het hart van het hogeschoolgebouw, in het open leercentrum, zitten tientallen studenten individueel en in groepjes te werken. Tijdens de verbouwing gaat het onderwijs onverminderd door.

donderdag 29 september 2011

Ervaringen met beperkte opleidingsbeoordeling

Donderdag 29 september 2011

In meteorologisch opzicht een ware zomerse dag in de herfst. De temperatuur loopt in Utrecht op tot boven de 25 graden Celsius; hetgeen bijzonder is voor de tijd van het jaar; in meer dan honderd jaar was dat nog maar 14 keer voorgekomen. Rondom het gebouw van Hogeschool Utrecht aan de Padualaan op de Uithof zitten her en der studenten en hogeschoolmedewerkers te genieten van de warme herfstzon.

Binnen hebben we de bijeenkomst van het Platform HBO van het Nederlands Netwerk voor Kwaliteitsmanagement (NNK), waarin de eerste ervaringen van Nederlandse hogeschoolopleidingen met het nieuwe accreditatiekader voor beperkte opleidingsbeoordelingen centraal staan. Die ervaringen worden vanmiddag van twee kanten belicht; enerzijds vanuit het perspectief van de visitatiepanels en anderzijds vanuit het perspectief van de opleidingen. Voorzitter Paul Nieuwenhuis heet iedereen welkom. Ongeveer 40 belangstellende zijn naar deze bijeenkomst gekomen, hetgeen bijna het dubbele is van de gemiddelde opkomst. Dit onderwerp spreekt de kwaliteitszorgmedewerkers van hogescholen allicht meer dan gemiddeld aan.

De eerste presentatie wordt verzorgd door Ruud van der Herberg, partner van het evaluatiebureau Hobéon Certificering, vandaag hier aanwezig om zijn ervaringen als voorzitter van diverse visitatiecommissies met ons te delen. In zijn presentatie komt onder andere aan de orde:
- Uitgangspunten, opzet en werkelijkheid van het nieuwe accreditatiestelsel;
- Naar beperkter en strikter beoordelen;
- De instellingstoets kwaliteitszorg: is er in het medewerkersteam sprake van een kwaliteitscultuur?;
- De algemene opdracht van visitatiecommissies: kom in het gesprek met de docenten dichter bij de opleiding en bij de actualiteit van het vakgebied;
- Eindkwalificaties van opleidingen met toegenomen aandacht voor internationalisering;
- Onderwijsleeromgeving als containerbegrip, over hoe moeilijk het is om voor NVAO-Standaard 2 een “Goed” als beoordeling te geven en te krijgen en over de zwaardere bewijslast die hier en daar nodig is. Voorts komen hier aan de orde: hersteltermijn, onderwijsprogramma, personeel en voorzieningen. Het geëtaleerde draagvlak van docententeams is van belang voor een goede beoordeling. Onderwijsrendementen worden steeds belangrijker in de beoordeling van opleidingen;
- Toetsing en gerealiseerde eindkwalificaties zijn nu dominant geworden in voorbereiding, uitvoering en nabetrachting. Hoe lang kunnen begeleiders hun studenten nog beoordelen? Worden de (voor)beelden met betrekking tot het nivo van de opleiding door het hele docententeam gedragen? Motiveren en hanteren opleidingen ook tussentijdse voortgangsbeslissingen en –begeleiding tijdens de opleiding, of is de focus uitsluitend op het afstuderen? Hanteren Examencommissie een eigen evaluatieve onderzoeksagenda?
- Hoe komt een visitatiepanel tot een eindoordeel op grond van de relatie tussen de standaarden van het nieuwe accreditatiestelsel?;
- De nieuwe Kritische Reflectie; is die nu werkelijk kritisch en reflectief?;
- De ‘Peers’, die nu een belangrijk element zijn geworden in het nieuwe stelsel;
- De nadruk die op eindwerkstukken en/of portfolio’s is gekomen, waarin het gerealiseerde nivo van de afgestudeerde aantoonbaar is;
- De kwaliteit van de audit met ruimte voor de inhoud van de opleiding;
- Hobéon kiest ervoor om eerst de opleiding te beoordelen, waarna nog een aantal aanvullende verbetervoorstellen worden benoemd in een verbeterparagraaf.

Tweede spreker vanmiddag is Piet Kaashoek, kwaliteitszorgcoördinator van de School voor Journalistiek van Fontys Hogescholen. Hij vertelt dat vier Nederlandse journalistiekopleidingen hebben gekozen voor samenwerking in het visitatietraject: uit kostenoverwegingen, om te kunnen benchmarken, ter tijdsbesparing en om good practices te verkrijgen voor collega-opleidingen binnen de eigen hogescholen. In de zelfevaluatie werkte Fontys met een Verzamelteam, een Onderzoeksteam, een Schrijfteam en een Reflectie-/Leesgroep. Kaashoek pleit voor een rode draad in de Kritische Reflectie, bijvoorbeeld de ontwikkelingslijn van de opleiding, die Hobéon graag als leidraad neemt tijdens visitaties. De tijdsbesparing viel achteraf tegen. Met documentenbeheer in Sharepoint heeft men goede ervaring opgedaan. Een gedigitaliseerde documentenstructuur en een goed werkend digitaal documentenbeheersysteem zijn voor opleiding en evaluatieburo van grote betekenis; daar is vooral nog tijdwinst te behalen voor opleiding en visitatiecommissie. De good practices leidden tot nieuwe standaarden voor volgende opleidingen die gevisiteerd zullen worden en de focus lag in het nieuwe stelsel inderdaad meer dan voorheen op het gegeven onderwijs.

De derde presentatie van vanmiddag wordt verzorgd door Manager Stephan van der Voort en Teamleider Karin Verschoor van de opleiding Fysiotherapie van Saxion Hogescholen. Hun Kritische Reflectie moest vooral de onderwijsinhouden en de gerealiseerde resultaten beschrijven, hetgeen nog niet tot volle tevredenheid met betrekking tot het eindproduct leidde. Ook hier is geen tijdsbesparing ten opzichte van de oude systematiek gerealiseerd. Het blijkt moeilijk te zijn om vanuit de NVAO-items de inhoud van de opleiding beknopt te beschrijven. Benadrukt wordt dat je voldoende openheid als opleiding moet betrachten om in het nieuwe stelsel verantwoord te kunnen worden beoordeeld. Desalniettemin blijkt het voor visitatiepanels moeilijk te zijn om de opleiding op de inhoud van het onderwijs te bevragen. De uitdaging is dan ook om op te schuiven van een procesgeoriënteerd onderzoek (over het hoe) naar een onderwijsinhoudelijk georiënteerde visitatie (over het wat).

Na de drie presentaties ontstaat plenair een geanimeerde discussie met de sprekers voorin de zaal. Het blijkt dat het nog moeilijk is om het visitatiegesprek dichter bij de professional (docent) te brengen. Het gesprek over rendementen en studeren met een handicap is niet goed uit de verf gekomen. Wel is er strenger dan voorheen bevraagd op het functioneren van de Examencommissies. Lesbezoeken hebben in geringe mate plaatsgevonden en het nieuwe verschijnsel van een open spreekuur levert sterk wisselende beelden, waarbij de inhoud niet altijd relevant is voor de lopende visitatie. Gemeld wordt dat de Netherlands Quality Agency haar visitaties start bij de afgestudeerden en bij hun begeleiders. Geconstateerd wordt dat het voor sommige peer-auditoren nog moeilijk blijkt te zijn om goed op onderwijs- en opleidingsinhoud te auditen.

Aan het eind van de middag wordt door één van de ervaringsdeskundigen gesteld dat het nieuwe stelsel in het eerste stadium nog wel als accentverschuiving mag worden gekarakteriseerd, maar dat er (nog) geen sprake is van een duidelijke ommezwaai.

donderdag 31 maart 2011

Op weg naar een beoordeling op instellingsniveau

Donderdag 31 maart 2011

Tijdens de derde module van de SBO-Leergang ‘Werken met het nieuwe Accreditatiestelsel in het Hoger Onderwijs’ staat als thema centraal: ‘Op weg naar een beoordeling op instellingsniveau’. In het ochtendprogramma in Regardz Meeting Center La Vie Utrecht wordt dat thema uitgewerkt vanuit het perspectief van de evaluerende buro’s in het hoger onderwijs, voorheen ook wel de Visiterende en Beoordelende Instanties (VBI) genoemd. Dit onderdeel wordt aangeboden door Wienke Blomen, directeur van de Hobéon Groep B.V., één van de Nederlandse evaluatieburo’s in het hoger onderwijs. Vanmiddag wordt het dagthema uitgewerkt vanuit het perspectief van de hoger onderwijsinstelling. Het middagprogramma wordt verzorgd door Paul Nieuwenhuis, manager afdeling Onderwijsontwikkeling & Kwaliteitszorg van Saxion Hogescholen. De dag staat onder leiding van hoofddocent Pieter Mostert, senior trainer en adviseur, tevens expert op het gebied van accreditatie.

Tijdens zijn inleiding vertelt Wienke Blomen dat Hobéon Certificering waarnemer is geweest bij een pilot-Instellingstoets en mede-uitvoerder is geweest van alle drie HBO-opleidingspilots ter voorbereiding op de invoering van het nieuwe accreditatiestelsel in het hoger onderwijs. Eerst vertelt Blomen over enkele karakteristieken van de nieuwe Instellingstoets in het hoger onderwijs. Kernvraag daarin is of de hoger onderwijsinstelling voldoende in control is. Daarna worden achtereenvolgens de zes standaarden besproken, die bij de beoordeling van de kwaliteit van een hoger onderwijsinstelling worden gebruikt als beoordelingscriterium. Wienke Blomen wijst ons erop dat in het nieuwe stelsel meer dan voorheen bij de beoordeling van de kwaliteit van een instelling gekeken wordt naar de cultuurelementen van kwaliteit, ofwel: stimuleert de instelling haar opleidingen om hun kwaliteit te monitoren en te verbeteren.

Beoordeeld wordt of een hoger onderwijsinstelling visie-gedreven is en hoe en of ze die visie middels een actieve rol van alle betrokkenen ook daadwerkelijk waarmaken. Bij de beoordeling wordt ook onderzocht in hoeverre tijdens de hogeschool-operaties de relatie tussen de zes beoordelingsstandaarden wordt gelegd. De beoordelingspraktijk van 2011 en daarna zal nog moeten uitwijzen waar de grens ligt van het in control zijn van een hogeschool. Is een hogeschool al niet meer in control als ergens in de organisatie een onvolkomenheid wordt geconstateerd op één van de geldende standaarden, of is pas sprake van onvoldoende control als er bijvoorbeeld in één organisatieonderdeel een samenstel van verschillende tekortkoming wordt geconstateerd of als er sprake is van eenzelfde tekortkoming op meer dan één plaats in de organisatie? Duidelijk is ook dat het alleen maar periodiek meten van de kwaliteit in alle organisatie-eenheden niet voldoende is. Op grond van de verkregen meetresultaten zullen de geconstateerde uitkomsten van kwaliteitsonderzoeken ook moeten worden geaggegreerd tot bedrijfsinformatie, die voor een goede besturing van een hoger onderwijsinstelling nodig is.

Kwaliteitsonderzoeken zullen voortaan ook gepaard gaan met horizontale en vertikale trails, om in beeld te krijgen of de onderwijsinstellingen over de breedte van alle organisatie-eenheden en van hoog tot laag in de organisatie in control is. Intern kwaliteitsonderzoek binnen bijvoorbeeld hogescholen zal dan ook moeten leiden tot bestuurlijke uitspraken met verklaringen of de beoogde kwaliteitsdoelen al dan niet zijn bereikt en of de resultaten van alle inspanningen (on)voldoende zijn. Wienke Blomen wijst ons erop dat - ook al komt een hogeschool met vlag en wimpel door een Instellingstoets - het dan nog wèl mogelijk is dat bij de daarna volgende opleidingsvisitaties onvoldoendes kunnen worden gegeven, indien op visitatiedata blijkt dat aanvankelijk positief beoordeelde elementen op de dag van de opleidingsvisitatie toch onvoldoende zijn.

Bij Instellingstoetsen zal de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO) onderzoeken of aangetoond wordt dat het geldende kwaliteitszorgsysteem echt werkt. Niet het systeem zelf is relevant, maar de constatering of de Raad van Toezicht, het College van Bestuur en het management van de instelling aantoonbaar de regie voeren, leidend tot het bereiken van de gestelde doelen. Daarna geeft Wienke Blomen nog een aantal aandachtspunten mee die van belang zijn bij een goede voorbereiding en uitvoering van de visitatie in het kader van een Instellingstoets. Ook de rol die de evaluatieburo’s in dit kader kunnen spelen, wordt besproken. In de vorm van een groepsopdracht inventariseren we mogelijke accreditatierisico’s en bespreken op welke wijze we binnen onze instellingen aan risicobeheersing kunnen werken. Eén ding is duidelijk: permanente risico-inventarisatie blijft belangrijk en het gesprek over het al dan niet ontbreken van de kwaliteit van het gegeven onderwijs dient voortdurend hèt punt van gesprek te zijn in en tussen alle lagen van de onderwijsinstelling. De zorg voor kwaliteit is dus van belang voor iedereen en voor elke dag.

Na de lunch gaat Paul Nieuwenhuis verder met ons dagthema, gezien vanuit het perspectief van Saxion Hogescholen, één van de onderwijsinstellingen die heeft deelgenomen aan de pilot omtrent het nieuwe accreditatiestelsel. Dat doet Nieuwenhuis aan de hand van het gehanteerde Saxion Kwaliteitskader Bacheloropleidingen, bestaande uit Producten, Processen en Resultaten, uitgewerkt in Oriënteren, Specificeren, Uitvoeren, Ondersteunen en Kwalitatieve en Kwantitatieve Resultaten. Paul Nieuwenhuis geeft aan dat bestuurders in het onderwijs vooral ook oog moeten hebben voor de kwaliteit van de uitvoering van de onderwijspraktijk in de opleidingen; de zogenoemde ‘going concern’, die Saxion invult m.b.t.: Niveau, Inhoud en Oriëntatie. Profilering van en in het hoger onderwijs is interessant en aantrekkelijk, volgens Nieuwenhuis, maar ze leiden je af van ‘the going concern’. Zorg dus voor een goede balans tussen die twee, aldus Paul Nieuwenhuis.

Het tweede deel van zijn presentatie gaat over de voorbereiding op een Instellingstoets en op een opleidingsbeoordeling. Daarbij komen zaken aan de orde als: centrale vraagstelling, projectmatige aanpak, zelfreflectie en het locatiebezoek. Paul adviseert erop toe te zien dat de schrijvers van een Kritische Reflectie precies weten hoe alle processen binnen de hogeschool zijn ingericht. Hij beschrijft voorbeelden van trails en vertelt over de risico’s van gedifferentieerd beleid en over het gevaar van gefragmenteerd beleid. Interne monitoring met focus op onderwijspraktijk moet een hoge prioriteit krijgen. Rapportages van kwaliteitsmetingen binnen opleidingen moeten naar het management en met bijbehorende actieplannen naar het hogeschoolbestuur, om vooral het gesprek over kwaliteitsverbetering voortdurend te voeren. Nu visitatiepanels meer dan voorheen gaan focussen op de inhoud van de opleiding, is de tijd aangebroken om in Kritische Reflecties minder op processen te focussen en meer nadruk te leggen op de inhoud van het onderwijs, van de doelen, van het opleidingsprofiel, van het vak, van het programma, van nivo en van toetsen & beoordelen.

donderdag 27 januari 2011

Controle en vertrouwen in het nieuwe accreditatiestelsel

Donderdag 27 januari 2011

Het nieuwe accreditatiestelsel dat met ingang van 1 januari 2011 in werking trad, is mede gebouwd op het principe van “vertrouwen”. Beoogd is om op te schuiven van de kwaliteitscontrole naar het vertrouwen dat hogescholen en universiteiten Anno 2011 hun kwaliteitszorgstelsel op orde hebben en dat ze – zoals dat heet – “in control zijn”. Omdat dit vraagstuk van de verschuiving van controle naar vertrouwen de komende jaren centraal zal staan, organiseert het Platform HBO van het Nederlands Netwerk voor Kwaliteitsmanagement (NNK) vanmiddag in de Hogeschool Utrecht een netwerkbijeenkomst, in samenwerking met Hobéon Certificering en met de NQA, beide al jaren Visiterende en Beoordelende Instanties (VBI) in het hoger onderwijs.

NNK-voorzitter Paul Nieuwenhuis heet de ruim 20 deelnemers welkom en verzoekt de aanwezigen om alvorens de twee presentaties zullen worden verzorgd in tweetallen te formuleren wat de gewenste opbrengsten van deze middagbijeenkomst zouden moeten zijn. Die worden daarna geïnventariseerd, waarna de beide sprekers deze aandachtspunten mee kunnen nemen in hun presentatie over het onderwerp van vanmiddag.

De eerste presentatie wordt verzorgd door de heer Paul Thijssen, directeur van de Netherlands Quality Agency (NQA). Zijn thema is: “Vertrouwen versus controle”. Hij wijst erop dat het nieuwe accreditatiestelsel weliswaar op vertrouwen is gebouwd, maar dat de bodem uit dit stelsel vandaan zal vallen zodra blijkt dat er in de praktijk geen vertrouwen wordt gegeven en/of gekregen. VBI’s zijn geen fraudebestrijders, maar willen graag een opleiding beoordelen op grond van de informatie die de VBI’s door de hoger onderwijsinstellingen in vertrouwen aan hun visitatiepanels zijn voorgelegd.

Vertrouwen op een VBI is gebaseerd op bijvoorbeeld de onafhankelijkheid van het visitatiepanel, op de transparantie van het beoordelingsproces en op de insteek dat de kwaliteit van een opleiding ook terdege wordt gecontroleerd op de inhoud en de behaalde resultaten van een te beoordelen opleiding. Zorgpunt is of de verbeterfunctie van het nieuwe stelsel voldoende uit de verf kan komen, nu vlak voor de inwerkingtreding van het nieuwe stelsel bleek dat een onvoldoende op één van de drie standaarden ook direct betekent dat de opleiding moet sluiten. Dan sluipt de angst voor een onvoldoende toch direct al weer in het stelsel en is een goed analytisch beoordelingsgesprek over met name verbeteracties op dit punt al bij voorbaat uitgesloten.

Veel passeert vanmiddag de revue:
- Bewaak de negatieve kanten van peer reviews.
- Hoe streng of hoe soepel moeten beoordelaars zijn?
- Geef de verbeterfunctie ruimte.
- Panel, durf te beoordelen!
- Opleiding, wees zelfkritisch!
- Haal instituutspolitiek zoals bijvoorbeeld minimaal te behalen goede en excellente beoordelingen uit de opleidingsbeoordeling.
- Hoe onafhankelijk is de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO); nemen ze wel voldoende gepaste afstand van de politieke wind?
- Verander de spelregels van dit stelsel niet tijdens de geldigheidsduur van dit accreditatiestelsel.
- Zorg er met zijn allen voor dat het vertrouwen in dit stelsel komt en blijft.
- Hoe bewijzen we openheid?
- Het valt op dat de HBO-raad en de VSNU als koepelorganisaties opvallend stil zijn in de discussie omtrent de omgang met dit nieuwe stelsel.

Tweede spreker is vanmiddag de heer Wienke Blomen, directeur van Hobéon Certificering. Zijn thema is: “Evenwicht tussen vertrouwen en controle”. Hij begint met het benoemen van de opbrengsten van de eerste accreditatiecyclus, die dit jaar wordt afgebouwd. Geconstateerd wordt dat we er kennelijk met z’n allen niet in zijn geslaagd om bij het publiek voldoende vertrouwen te verkrijgen op grond van alle positieve accreditatieresultaten. Aan de andere kant is het wel zo dat de nu in het leven geroepen Instellingstoets mag worden beschouwd als een teken van verdiend vertrouwen in de kwaliteit van het hoger onderwijs in het algemeen.

De meeste hogescholen en universiteiten hebben inmiddels een goed werkend kwaliteitszorgstelsel. Aandachtspunt is echter nog wel dat hier en daar de kwaliteitscyclus van de Deming Cycle (Plan>Do>Check>Act) nog wel eens stopt tussen “Do” en “Check” en anders nog wel eens tussen “Check” en “Act”. Zolang over dergelijke onvolkomen situaties nog praktijkvoorbeelden in de publiciteit komen, ligt het eigenlijk ook wel voor de hand dat – zelfs daar waar alle stakeholders in het hoger onderwijs vinden dat we grotere stappen moeten maken van controle naar vertrouwen - de politiek voortdurende controle op de kwaliteit van het hoger onderwijs steeds weer hoog op de politieke agenda zet. Noem het maar “het jojo-effect van controle en vertrouwen”. Bijkans nooit hangt die jojo stil.

Na de pauze ontstaat een interessante discussie. Er wordt gepleit voor een strikte scheiding tussen enerzijds een controlerende organisatie en anderzijds een toezichthoudende organisatie die tot continue verbetering leidt. Welke rol zou in die functiescheiding dan bijvoorbeeld de onderwijsinspectie krijgen en welke rol zou de NVAO in dezen dan krijgen? Geadviseerd wordt om als opleiding vooral te proberen om je visitatiepanel als het ware mee te nemen in de normen die je als opleiding hanteert voor beoogde kwaliteit. Benoem daarbij je overwegingen en je keuzes en toon aan hoe en dat je aan die gestelde kwalitatieve en kwantitatieve normen voldoet of die binnen de geplande termijn gaat bereiken. Een presentatie voor het visitatiepanel op een visitatiedag is daartoe bijvoorbeeld een goede werkvorm.

We zijn vanmiddag met elkaar in staat om heel veel werkvragen met betrekking tot dit nieuwe stelsel op te roepen, en het is mooi om te merken dat die kwesties ons uitnodigen om als kwaliteitszorgmedewerkers daarover een goed leergesprek te voeren, waarin goede ideeën ter tafel komen, waarvan in de uitvoeringspraktijk van de komende maanden en jaren zal blijken of ze zullen leiden tot goede resultaten.

maandag 5 juli 2010

Visitatie van Informatica & Technische Informatica in Emmen

Maandag 5 juli 2010

Vandaag worden van Stenden hogeschool te Emmen onze technische opleidingen "Informatica" en "Technische Informatica" gevisiteerd door de Visiterende en Beoordelende Instantie "Certiked VBI". Van 8.30-17.00 uur voert het visitatiepanel auditgesprekken met vertegenwoordigers van het Docententeam en van de Examencommissie, met Studenten, met vertegenwoordigers uit het Werkveld en met Alumni. Twee internationale Informatica-studenten die momenteel in Indonesië verblijven, voeren een extra panelgesprek via Skype.

Met de andere stakeholders van deze twee opleidingen zijn tijdens de eerste, techniekbrede visitatiedag reeds de nodige gesprekken gevoerd. Tussen de auditgesprekken door verzorgt een student een rondleiding langs de ICT-werkplekken en aan het eind van de middag verzorgt het visitatiepanel een eerste terugkoppeling van de bevindingen van deze twee visitatiedagen.

De groepen die deze dag worden bevraagd door het visitatiepanel worden vooraf en na afloop bij ons team van management & stafmedewerkers gebracht voor een briefing en een debriefing. Die beide sessies zijn bedoeld om de tussenliggende gesprekken optimaal te laten verlopen, opdat het visitatiepanel zich een volkomen beeld kan vormen van alle ins en outs van deze beide gevisiteerde opleidingen.

In de eerste, nog voorlopige bevindingen geeft het het visitatiepanel aan dat deze twee Techniekopleidingen de relatie tussen de onderwijsdoelstellingen en de inhoud van het onderwijsprogramma goed neer hebben gezet en dat er ook sprake is van een goede afstemming tussen de vormgeving en de inhoud van het curriculum. Ook de kwaliteit van het personeel komt goed uit de bus. Het beoordelingspanel is van mening dat beide opleidingen een positief accreditatieadvies verdienen.

Deze eerste reactie van het visitatiepanel wordt bijzonder gewaardeerd door de bij deze terugkoppeling aanwezige vertegenwoordigers van de studenten, de alumni, het werkveld en van de hogeschoolmedewerkers.

donderdag 17 juni 2010

Algemene visitatiedag voor Unit Techniek in Emmen

Donderdag 17 juni 2010

Vanmorgen vroeg starten de vier visitatiedagen van de vijf Techniek-opleidingen van Stenden hogeschool te Emmen. De Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) is Certiked BV. De vijf technische HBO-bachelor-opleidingen die dit jaar worden gevisiteerd, zijn: Biologie en Medisch Laboratoriumtechniek (BenML), Chemie (C), Informatica (I), Technische Informatica (TI) en Werktuigbouwkunde (WTB). De vier visitatiedagen beginnen vandaag met een algemene, Unit Techniek-brede visitatiedag, die na vandaag in de komende weken wordt gevolgd door een dag voor "BenML & C", een dag voor "I & TI" en een dag voor "WTB".

Een beoordelingscommissie van maar liefst elf visitatiepanellleden gaat in plenaire sessies vandaag achtereenvolgens in gesprek met het College van Bestuur & de Dean, de Didactische Staf, de Studentenbegeleiders/Studieloopbaancoaches, de Opleidingscommissie & de Unitcommissie van de Medezeggenschapsraad, twee collega's van de afdeling Human Resource Management van het Corporate Office & de collega van het Quality Center van het Educational Support Office (ESO) en tenslotte nog met het Unit Management. Voorafgaand aan alle gesprekken vinden briefings plaats en na afloop van elk panelgesprek woon ik de debriefingssessies bij.

Aan het eind van de middag zijn alle gesprekken afgerond en blikken we met medewerkers en een student samen terug op de resultaten van deze eerste visitatiedag. De resultaten van deze tien uren durende visitatiedag vormen een goede basis voor de hierna nog volgende drie visitatiedagen, die in de komende drie weken zullen worden gehouden in de hogeschoolvestiging van Stenden hogeschool te Emmen.

vrijdag 25 september 2009

Wetsontwerp Accreditatie .... What's new?

Donderdagmiddag 24 september 2009

In deze eerste bijeenkomst na de zomervakantie van ons Platform Hoger Beroepsonderwijs (HBO) van het Nederlands Netwerk voor Kwaliteitsmanagement (NNK) gaat de heer Roeland Smits van de HBO-Raad als genodigd spreker in op de laatste ontwikkelingen rond de invoering van het nieuwe accreditatiestelsel. Het onderwerp van zijn presentatie is: "What's new? Het Wetsontwerp Accreditatie, de aanloop, de inhoud en de gevolgen. Roeland Smits is bij de HBO-raad (de vereniging van hogescholen) werkzaam als beleidsadviseur, met als portefeuille: juridische zaken, accreditatiestelsel, makrodoelmatigheid en masteropleidingen. De bijeenkomst vindt plaats in de Hogeschool Utrecht op de locatie De Uithof te Utrecht.

De heer Smits legt eerst uit wat de doelen van het nu nog geldende accreditatiestelsel van 2003 zijn. De evaluatie van dit huidige stelsel leidde tot een herziening van dat stelsel. Aan de kaders van het nieuwe stelsel - dat uit gaat van een Instellingsaudit met aanvullend beperkte opleidingsaccreditaties - wordt momenteel uitwerking gegeven. Omdat de Raad van State in eerste lezing een negatief advies gaf op het wetsontwerp, heeft het wetgevingstraject vertraging opgelopen. Het streven is momenteel om de behandeling in de Tweede en Eerste Kamer te laten plaatsvinden in het laatste kwartaal van 2009. Nog niet duidelijk is en wordt ons vanmiddag wat de ingangsdatum van het nieuwe accreditatiestelsel wordt en hoe de overgangsperiode van het oude naar het nieuwe stelsel zal worden ingericht. Hogescholen gaan zolang door met de lopende trajecten en starten ook alle nieuwe accreditatietrajecten - die vaak looptijden van zo'n twee jaar hebben - op gebruikelijke wijze op met hun externe contractpartijen, de Visiterende en Beoordelende Instanties (VBI's).

Roeland Smits gaat ook in op de inzichten die vanuit de reeds afgeronde pilots naar voren kwamen en hoe deze zijn verwerkt in het voorliggende wetsontwerp. Vooralsnog blijft het nog de vraag welke hogescholen in het nieuwe stelsel zullen gaan voor de Instellingsaudit aangevuld met beperkte Opleidingsaccreditatie en welke hogescholen zullen kiezen voor alleen uitgebreide opleidingsaccreditaties. Ook blijft nog enige maanden de vraag open of wij in het nieuwe stelsel afscheid gaan nemen van de huidige VBI's, of dat wij met deze contractpartners in een andere vorm gaan samenwerken.

Na de presentatie van de heer Smits bespreken we in subgroepen wat het nieuwe accreditatiestelsel mogelijk zal gaan betekenen voor ons werk binnen de hogescholen van Nederland. Daarbij inventariseren we in groepen welke kansen we als hogescholen zien in het nieuwe stelsel. Enkele andere groepen bespreken de voorziene risico's van dat nieuwe stelsel, en hoe we ons optimaal daarop kunnen voorbereiden. Aan het eind van de middag bespreken we plenair de oogst van alle verwachte kansen en risico's en helpen we elkaar bij het vinden van oplossingen om die mogelijke risico's te verminderen en om vooral optimaal gebruik te maken van de kansen die dit nieuwe stelsel het hoger onderwijs waarschijnlijk zal bieden.

Met belangstelling zien we de Kamerbehandeling van dit wetsontwerp tegemoet.
Wordt vervolgd!

maandag 21 september 2009

Begeleidingsgroep Accreditatie voor IBandL & LenE

Maandag 21 september 2009

In de accreditatietrajecten van onze HBO-Bacheloropleidingen "International Business and Languages" (IBandL) en "Logistiek en Economie" (LenE) van onze vestiging van Stenden hogeschool in Emmen zijn we weer een belangrijke fase verder. Op 2, 9 en 16 juni 2009 zijn deze twee opleidingen door de (VBI) Visiterende en Beoordelende Instantie "Certiked vbi" gevisiteerd (zie mijn weblogberichten van 9 juni 2009 en 16 juni 2009), hetgeen ertoe heeft geleid dat we voor beide opleidingen inmiddels de concept-Visitatierapporten in huis hebben.

Certiked vbi stelt ons nu in de gelegenheid om met een bestuurlijke reactie te komen op de beide concept-Visitatierapporten. Om een correcte reactie op bijvoorbeeld feitelijke onjuistheden, etc. op te stellen voor Certiked vbi, heb ik vanmiddag de Begeleidingsgroep Accreditatie voor deze twee opleidingen bijeengeroepen. De Begeleidingsgroep Accreditatie is in accreditatietrajecten primair het adviesorgaan voor ons College van Bestuur (CvB), maar komt ook met allerlei vragen, opmerkingen, suggesties en adviezen, die een opleiding helpen om het accreditatieproces optimaal te kunnen doorlopen.

Al onze opleidingen hebben een eigen Begeleidingsgroep, waarin o.a. een aantal managers van het Corporate Office (CO) en van de Educational Support Organisation (ESO) zitting hebben. Een collega-Dean neemt daarin ook deel, om zich alvast goed voor te bereiden op diens eigen eerstvolgende accreditatietraject. En uiteraard zijn het College van Bestuur en het Management en de Staf van de betreffende opleiding(en) ook altijd aanwezig. Namens de afdeling Quality Assurance (QA) van het het Corporate Office van Stenden hogeschool zit ik deze vergaderingen altijd voor. Het is altijd weer een uitdagende taak om de beste adviezen op tafel te krijgen, die voor het College van Bestuur leiden tot een optimale besluitvorming.

De Stenden-opleidingen IBandL en LenE hebben elk een concept-reactie op hun eigen concept-Visitatierapport opgesteld. Vanmiddag geven alle leden van de Begeleidingsgroep Accreditatie daarop advies aan Klaas-Wybo van der Hoek, de portefeuillehouder Onderwijs van ons College van Bestuur. Aan het eind van dit overleg zijn alle adviezen gegeven en besproken, zijn ter vergadering door het College van Bestuur de gewenste voortgangsbeslissingen genomen en kunnen management en staf van de beide opleidingen nu aan de slag om hun bestuurlijke reactie voor en van het CvB verzendklaar te maken.

Daarna zullen we de beide vastgestelde Visitatierapporten van Certiked vbi in ontvangst nemen en daarmee voor de komende zes jaren de accreditatie aanvragen bij de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO) te Den Haag. In het laatste kwartaal van dit kalenderjaar ronden we deze aanvraagprocedure af.

dinsdag 16 juni 2009

Visitatie van Logistiek en Economie in Emmen

Dinsdag 16 juni 2009

Een belangrijke dag voor onze HBO-Bachelor-opleiding "Logistiek en Economie (LenE) van Stenden hogeschool in Emmen. De opleiding LenE wordt gevisiteerd om op afzienbare termijn opnieuw voor zes jaar te worden geaccrediteerd door de in Den Haag gevestigde Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO).

Op dinsdag 2 juni 2009 was daartoe de eerste visitatiedag. Vandaag is voor LenE de tweede, afsluitende visitatiedag in Emmen, die wordt uitgevoerd door een visitatiecommissie van de Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) "Certiked". De opleiding LenE wordt gevisiteerd door een visitatiepanel bestaande uit gezaghebbende, onafhankelijke deskundigen uit het betreffende werkveld en op het gebied van kwaliteitszorg, hoger onderwijs en studentenzaken.

Voordat docenten, studenten en afgestudeerden (alumni) vandaag in gesprek gaan met het visititiepanel van Certiked, worden ze door ons in 20 minuten voorbereid op het volgende gesprek. Na afloop van het visitatiegesprek komen ze weer bij ons ondersteuningsteam van management en staf terug voor een 20 minuten durende debriefing. Op deze manier trachten we de visitatiecommissie goed voorbereide gespreksgroepen aan te bieden en bieden we voor alle groepen die de revue passeren de altijd weer gewaardeerde voor- en nazorg op zo'n altijd toch weer spannende werkdag. We dagen elkaar uit, maar bieden elkaar daarbij zo ook de nodige hulp en zorg.

Aan het eind van de dag biedt de visitatiecommissie ons allen een plenaire feedback-sessie aan, waarin kort maar krachtig terug wordt gekoppeld wat de bevindingen van de twee afgelopen visitatiebezoekdagen zijn. Het visitatiepanel laat ons niet al te lang in spanning zitten, want al in het begin van de feedback-sessie wordt ons meegedeeld dat het visitatiepanel zal komen tot een positief accreditatie-adviesrapport met goede facetscores. Als de NVAO dit advies te zijner tijd overneemt en de opleiding accrediteert, is dat de kroon op het werk van zes jaar hard werken aan hoger beroepsonderwijs en kan de opleiding met een aantal goed bruikbare suggesties de bewezen kwaliteit van de opleiding in de komende zes jaren nog verder optimaliseren.

donderdag 11 juni 2009

Certificering, Accreditatie en de Professional

Donderdag 11 juni 2009

Samen met Stenden-collega Nienke Ketelaar woon ik vandaag in Utrecht de periodieke netwerkbijeenkomst bij van het Landelijk Netwerk Kwaliteitszorg (LNK), de sector van het Nederlands Netwerk Kwaliteitszorg (NNK) dat zich bezig houdt met kwaliteitszorg in het Hoger Beroeps Onderwijs (HBO). Het thema van deze bijeenkomst is "Certificering, Accreditatie en de Professional", ontleend aan de titel van het proefschrift van de op 23 april 2009 op deze dissertatie gepromoveerde LNK-collega dr. Everard van Kemenade.

Everard van Kemenade begint ons in zijn presentatie te vertellen dat hij in zijn promotieonderzoek onderzocht onder welke voorwaarden hogeschooldocenten als professionals bereid zijn mee te werken aan een certificeringsproces, zoals bijvoorbeeld het in het HBO gebruikelijke accreditatieproces. Zijn promotieonderzoek bestond uit een theoretische verdieping, een brede enquête van 55 vragen op 3 opleidingen van Fontys hogescholen, een beperkte enquête met 7 stellingen onder 1.500 Nederlandse en Vlaamse hogeschooldocenten en een Delphi-bevraging onder 37 experts op het gebied van accreditatie in het HBO.

De volgende resultaten van dit onderzoek worden door Everard vandaag aan ons gepresenteerd.
Hogeschooldocenten zijn bereid aan accreditatie mee te werken, maar meer dan de helft van deze groep zou zelf niet voor accreditatie kiezen.
Accreditatie verhoogt de werkdruk en zorgt voor stress; hogeschooldocenten hebben daarbij hulp nodig van kwaliteitszorgspecialisten.
Het object en de procedure van de accreditatie moeten motiveren en de leden van de visitatiepanels moeten deskundig zijn.
Bij accreditatieprocessen onderscheiden we onder de betrokkenen een verschil in waardeoriëntatie: enerzijds wordt de docent-eigen betrokkenheid op onderwijsverbetering herkend, terwijl daar tegenover blijkt dat hogeschooldocenten accreditatie ervaren als een aan hen opgelegd beheersingsmiddel.

Onze Vlaamse collega's blijken positiever tegenover accreditatie te staan dan onze Nederlandse collega's en binnen Nederland blijken onze noordelijke collega's positiever in deze dan hogeschooldocenten uit het zuiden van Nederland.
Binnen de verschillende sectoren/domeinen van het HBO zien we een negatiever houding omtrent accreditatie bij de opleidingen voor de kunsten, terwijl de economische opleidingen en de opleidingen in de gezondheidszorg in deze beduidend positiever zijn.
Voor de beleving maakt het geen verschil of hogeschooldocenten al dan niet coördinerende taken hebben en ook is er geen significant onderscheid aan te wijzen onder docenten die te maken kregen met de verschillende Visiterende en Beoordelende Instellingen (VBI's) die Nederland kent.

Everard van Kemenade komt in zijn proefschrift tot de volgende conclusies.
Nederlandse en Vlaamse hogeschooldocenten zijn bereid mee te werken aan het accreditatieproces als:
1. het Certificeringsproces interne meerwaarde heeft, een motiverend object, procedure en subject heeft, eenvoudige basisregels heeft en waarbij het "control" niet als de dominante waarde heeft;
2. de Hogeschooldocent loyaal is, eigenbelang ziet, organisatiebetrokken is en als hij/zij de verantwoordelijkheid niet op anderen afschuift;
3. de Hogeschool het werk niet alleen door kwaliteitsdeskundigen laat doen, als de hogeschool voldoende steun vanuit het management biedt en als de hogeschool de kwaliteitszorg op orde heeft.

Ook als aan al deze succesbepalende factoren is voldaan, ziet Everard van Kemenade toch ook nog een kritische, laatste conclusie onder ogen, namelijk die van - wat hij noemt - de "dramaturgical compliance als risico", wat in en buiten het onderwijs ook wel "window dressing" wordt genoemd, wat in feite betekent dat bij accreditatieprocessen in het hoger beroepsonderwijs de neiging bij hogescholen bestaat om de zaken mooier voor te spiegelen dan ze feitelijk zijn.

Als het nieuwe accreditatiestelsel dat in 2010 in zal gaan, tendeert naar nog meer "accountability" (met goed gevolg verantwoording afleggen teneinde overheidsfinanciering te behouden) in plaats van zich meer te richten op "improvement" (het continu verbeteren van onderwijs), brokkelt de bereidheid van hogeschooldocenten om aan accreditatieprocessen mee te werken nog verder af, waarmee het gevaar bestaat dat het management en bestuur van hogescholen nog meer nadruk zullen gaan leggen op het beheersen van bedrijfskritische processen teneinde het risico van niet-verleende accreditaties te minimaliseren.
Interne kwaliteitszorg (met zelfevaluatierapporten) en externe kwaliteitsverantwoording (met zelfverdedigingsrapporten) dreigen dan uiteendrijvende continenten te worden; een in mijn ogen heil-loze weg.

dinsdag 9 juni 2009

Visitatie International Business and Languages in Emmen

Dinsdag 9 juni 2009

Een belangrijke dag voor onze HBO-Bachelor-opleiding "International Business and Languages" (IBandL) van Stenden hogeschool in Emmen. De opleiding IBandL wordt gevisiteerd om op afzienbare termijn opnieuw voor zes jaar te worden geaccrediteerd door de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO). Vorige week dinsdag 2 juni 2009 was daartoe de eerste visitatiedag. Vandaag is de tweede, afsluitende visitatiedag in Emmen, die wordt uitgevoerd door een visitatiecommissie van de Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) "Certiked". De opleiding wordt gevisiteerd door een visitatiepanel bestaande uit gezaghebbende, onafhankelijke deskundigen uit het betreffende werkveld en op het gebied van kwaliteitszorg, hoger onderwijs en studentenzaken.

Voordat docenten, studenten en afgestudeerden (alumni) vandaag in gesprek gaan met het visititiepanel, worden ze door ons in 20 minuten voorbereid op het volgende gesprek. Na afloop van het visitatiegesprek komen ze weer bij ons ondersteuningsteam van management en staf terug voor een 20 minuten durende debriefing. Op deze manier trachten we de visitatiecommissie goed voorbereide gespreksgroepen aan te bieden en bieden we voor alle groepen die de revue passeren de altijd weer gewaardeerde voor- en nazorg op zo'n altijd toch weer spannende werkdag. We dagen elkaar uit, maar bieden elkaar daarbij zo ook de nodige hulp en zorg.

Aan het eind van de dag biedt de visitatiecommissie ons allen een plenaire feedback-sessie aan, waarin kort maar krachtig terug wordt gekoppeld wat de bevindingen van de twee afgelopen visitatiebezoekdagen zijn. Het visitatiepanel laat ons niet al te lang in spanning zitten, want al in het begin van de feedback-sessie wordt ons meegedeeld dat het visitatiepanel zal komen tot een positief accreditatie-adviesrapport. Als de NVAO dit advies te zijner tijd overneemt en de opleiding accrediteert, is dat de kroon op het werk van zes jaar hard werken aan hoger beroepsonderwijs en kan de opleiding met een aantal goed bruikbare kanttekeningen en aanbevelingen de bewezen kwaliteit van de opleiding in de komende zes jaren nog verder optimaliseren.

maandag 15 december 2008

Quality Center present @ Stenden university Emmen

Maandag 15 december 2008

Als Quality Center van het Expertiseteam van de Educational Support Organisation (ESO-Expertise-Qcenter) zijn we vandaag aan het werk in onze vestiging van Stenden hogeschool te Emmen. Bij onze aankomst op de Kennis Campus Emmen (KCE) rijden auto's met de welbekende witte kentekens van onze Duitse studenten af en aan. We arriveren op een overvolle parkeerplaats, waar - geheel in de stijl van Kerst - geen plaats meer is voor onze auto. Bij een nabijgelegen "herberg" vinden wij op acceptabele loopafstand buiten het campusterrein wel een parkeerplaats. Later op de ochtend hoor ik dat het aantal studenten dat zich heeft ingeschreven bij Stenden Emmen ten opzichte van de afgelopen jaren aanmerkelijk is gestegen, hetgeen alleen al op de parkeerplaats van deze locatie zichtbaar is.

Vanmorgen vindt overleg plaats tussen het management team van de opleidingen "International Business and Languages" (IBandL) en "Logistiek en Economie" (LenE) en de directeur van de Visiterende en Beoordelende Instantie (VBI) Certiked. Beide opleidingen zijn geruime tijd geleden begonnen met de voorbereiding van de naderende visitaties en zijn vanmorgen met Certiked in gesprek om deze komende twee visitaties contractueel vast te leggen.

Vanmiddag is in Emmen het Werkoverleg van ons Quality Center-team van ESO-Expertise. Aan de hand van de actielijsten van het afgelopen jaar maken we in deze laatste werkweek van het kalenderjaar de balans op van wat klaar is en wat de komende dagen en weken nog gedaan dient te worden om onze dienstverlenende taken op het gebied van kwaliteitszorg zo effectief en efficiënt mogelijk te vervullen.