Posts tonen met het label Cornjum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Cornjum. Alle posts tonen

zaterdag 1 oktober 2011

Bewegen voor overleven in 2011

Zaterdag 1 oktober 2011

Het doel van de 'Stichting Bewegen voor Overleven' is het ondersteunen van maatschappelijke projecten en organisaties op het gebied van borstkankerzorg. Deze stichting vraagt aandacht voor de risico’s van borstkanker en voor het leven met èn na borstkanker. Dat doet de stichting door onder andere sportieve evenementen te organiseren, zoals wandelen en hardlopen over èn langs het Fries-Overijsselse Jabikspaad. Het Jabikspaad van Sint-Jacobiparochie naar Hasselt is voor fietsende en voor wandelende Nederlanders de eerste etappe van de Europese pelsgrimstocht naar het Spaanse Santiago de Compostela.

Vandaag is het weer zover: de jaarlijkse Pink Ribbon-wandeltocht, georganiseerd door de Stichting Bewegen voor Overleven. In de afgelopen jaren liepen de deelnemers van Sint-Jacobiparochie naar Leeuwarden. Vandaag is het de vijfde keer dat deze wandeltocht kan worden gelopen. Dit jaar is de richting omgekeerd: van de Grote of Jacobijnerkerk te Leeuwarden naar De Groate Kerk van Sint-Jacobiparochie, over een afstand van 25 kilometer. Ook anders dit jaar is de starttijd. Voorheen werd 's morgens gestart, om gedurende de ochtend en de middag te wandelen. Dit jaar wordt het startsignaal om 16.00 uur gegeven en lopen de deelnemers gedurende de middag en in het duister van de avond. Alle deelnemers betalen 15 euro en minimaal de helft van dat startgeld gaat naar borstkankerprojecten.

Met het startstempel op onze startkaart en met het Pink Ribbon-speldje op de wandelshirts starten Durkje en ik vanuit de Jacobijnerkerk in Leeuwarden. De tocht kent vandaag ongeveer 2.200 deelnemers, waarvan een groot deel in roze (Pink) kleding of met roze accenten deze ideële wandeltocht loopt. Een lang lint van roze gekleurde wandelaars beweegt zich op wandelsnelheid vanuit de binnenstad van Leeuwarden langs de Dokkumer Ee in noordelijke richting de stad uit, naar èn door het Leeuwarder Bos. Langs de route worden de deelnemende wandelaars en het publiek getrakteerd op diverse theater-acts en op muziek-uitvoeringen. Dit is een formule die het in Fryslân buitengewoon goed doet; denk bijvoorbeeld ook aan deze aanpak bij de Elfstedentocht en bij de vierjaarlijkse Slachtemarathon. Dergelijke evenementen zijn ware Friese volksfeesten van velen, met velen en voor velen.


Voorbij Leeuwarden passeren we achtereenvolgens Dekemastate in Jelsum en Martenastate in Cornjum. Daarna gaan we door Britsum. Voorbij Britsum steken we via de brug van de Griene Leane de Stienzerfeart over, om daar tussen de witte/roze ballonnen/strikken en de grote fotoportretten van vrouwen met roze stropdas en mannen met blauwe stropdas langs de Griene Leane te lopen. De eerste stempelpost is in de Langebuorren te Stiens. In het dorpscentrum van Stiens staan toiletwagens, speelt een muziekband, deelt dorpsslager Brolsma gratis soep uit en staan strobalen om zittend te rusten; en verder loop je hier tussen rijen publiek links en rechts door. Dit is voor veel wandelaars de eerste plaats om even te rusten; een oase ook om te genieten van de passerende medewandelaars en van alle overige gezelligheid om je heen. Ook wij genieten hier van onze pauze.

Vanuit Stiens gaan we over smalle weggetjes tussen de akkers door naar Onze Lieve Vrouwenparochie, ofwel Froubuurt. Ook hier bij de Vrouwbuurstermolen is volop gelegenheid om te rusten, te eten en drinken en om te genieten van muziek van een shantykoor. Via het voormalige spoortracé gaat het dan verder richting Oude Leije. Langs de vaart arriveren we in Oude Bildtzijl. Dan is het al donker geworden. Op de Ouwesylster Pyp heeft het muziekkorps even pauze en is het de beurt aan het shantykoor om ons muzikaal te verwelkomen. Ook hier is het een drukte van belang met alle deelnemers, artiesten, dorpsbewoners en alle overige belangstellenden die als publiek de wandelaars zien passeren.

Dan volgt een ongeveer tien kilometer lang traject over de hoog boven de akkers uitstekende Ouwedyk, de eeuwenoude binnendijkse zeedijk. Door het duister wandelt een kilometers lange streek wandelaars tussen een grote variëteit van gelegenheidsverlichting door. We passeren vuurpotten, kerstverlichting, kaarsen, waxinelichten, fakkels, windlichten, schijnwerpers, vuurkorven, en allerlei andere vormen van warmte en licht. Licht hebben we nodig in het duister, maar warmte is overbodig, want het is een warme dag geweest en ook vanavond blijft het zo warm dat je de hele avond nog in een t-shirt kunt rondwandelen. Kilometerslang passeren we de dijkhuisjes op en tegen de voormalige zeedijk. En bijna overal zitten of staan de bewoners langs de weg om de passerende wandelaars met vriendelijke aandacht aan te moedigen om vooral vol te houden.

Voorbij Nij Altoena en voorbij de Kadal gaan we bij de Oudebildtdijk naar beneden, steken we via de hoge houten brug de Ouwedyksterfaart over en dan begint het laatste stuk van de wandelroute. In het pikkedonker wandelen we over een tussen de velden door slingerend smal schelpenpaadje naar Sint-Jacobiparochie. Links en rechts staan veel vuurpotten en tussen de vuren door wordt ons pad verlicht met kaarsen, fakkels, led-lampjes in ballonnen en lampjes op petten van wandelaars. Achterelkaar vormen we zo een lang voortbewegend lichtlint over de Friese zeeklei. De stemming voor en achter je is nog steeds opperbest, want het is puur genieten en het einde is in zicht. In de verte zie je Chinese vuurlampionnen die bij de verlichte toren van De Groate Kerk in Sint-Jacobiparochie worden opgelaten om langzaam steeds hoger in de wolkenloze lucht te verdwijnen.

We lopen in de richting van de stilte-doordringende djembéklanken. Met tromslag worden we ontvangen. Als we het veld uit komen, lopen we tussen de vrolijke klanken door van De Keallepoaten, het uitbundig expressieve dweilorkest van de Christelijke Brassband De Nije Bazún uit Britsum. Door deze twee muzikale oppeppers arriveren de wandelaars in Sint-Jacobiparochie. Door een dubbele haag van familie, vrienden, kennissen en ander publiek met bloemen en aanmoedigingen arriveren we voldaan op het grote dorpsplein vóór De Groate Kerk.
In De Groate Kerk is ook het nieuwe pelgrimsinformatiecentrum van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob èn van de Stichting Jabikspaad Fryslân geopend voor belangstellende bezoekers. Met de afgestempelde deelnemerskaart lopen de meeste wandelaars nog De Groate Kerk binnen om met elkaar nog even na te praten over alle belevenissen, om een drankje te drinken en om de organisatoren te bedanken voor dit prachtige evenement. Wit, rood, lichtblauw en roze zijn de overheersende kleuren van deze grote menigte wandelaars en hun gevolg. Een in veel opzichten kleurrijke dag is voorbij.

Een dag met een serieuze ondertoon.
Een dag met aandacht voor de harde strijd tegen borstkanker.

Een dag met een lach en een traan.
Een dag van gedenken en herdenken.

Een dag van die kleine lichtjes in het je omringende duister van de nacht.
Een dag van dat sprankje hoop dat borstkanker wellicht niet je einde hoeft te zijn.

zondag 13 februari 2011

Lentebode in Cornjum

Zondag 13 maart 2011

We zijn in dit kalenderjaar nog maar halverwege de maand februari. Naar de seizoenen kijkend, is het nog winter. Toch dienen de eerste, vroege lenteboden zich al weer aan. Aan de voet van de voormalige Nederlands-Hervormde kerk van het Friese Cornjum (Fries: Koarnjum) bloeit al weer het 'Maarteblomke", ofwel 'de plant die in maart bloeit', hier het Sneeuwklokje (Latijnse naam: Galanthus nivalis). In het Fries doorgaans het "Liderke" genoemd.

Het Sneeuwklokje is een zogenoemde stinsenplant, een plant die in Fryslân van oorsprong groeit op het landgoed van Friese adel en in de grote tuinen van andere aanzienlijke bewoners van Fryslân, zoals bijvoorbeeld rijke boeren, notarissen en predikanten (pastorietuinen). In Fryslân kennen we nogal veel Friese volksnamen van het Sneeuwklokje, zoals onder andere:
- Snieklokje, eigenlijk niet meer dan een letterlijke Friese vertaling van 'Sneeuwklokje';
- (Neakene) Boutsje; vrij te vertalen als"(Naakte) Stengel';
- Neaken Earske, ofwel een 'Naakte Dribbel/Drentel;
- Foarjiersberntsje, ofwel het Voorjaarskindje;
- Wyt Wyfke, ofwel het "Witte Vrouwtje';
- Neaken Manstje/Neaken Wyfke, te vertalen als 'naakt mannetje/naakt vrouwtje'.

Deze kerk van Cornjum is in 1873 gebouwd naar het ontwerp en onder toezicht van architect Foppe Brouwer uit Cornjum. De kerk staat op een vrij lage terp op een ruim kerkhof met een dichte boomzoom. Ten zuiden, aan de voet van deze terp, ligt de laaggelegen ijsbaan van dit Friese dorp. Ten oosten van het koor van de kerk ligt het landgoed van Martenastate, een landgoed dat ook bekend staat vanwege haar mooie stinsenplanten.

In de kerktoren hangen twee luidklokken, die in 1948 de oorspronkelijke luidklokken vervingen, die in de Tweede Wereldoorlog verdwenen. De huidige luidklokken dragen de bijpassende Friese tekst: 'Mei it wrâldsbestel sa forrinne dat hja nou hingjen bliuwe kinne", ofwel de wens dat de situatie in de wereld zo mag voortschrijden dat in elk geval deze klokken hier in de toren mogen blijven hangen. Laten we hopen dat die wens werkelijkheid mag blijven.

Voor de sneeuwklokjes geldt dat in elk geval niet, want het is ijdele hoop om te verwachten deze mooie witte klokjes het jaar rond zullen blijven hangen. Over enige weken zullen deze witte Sneeuwklokjes zijn vergaan, maar we willen er graag op blijven vertrouwen dat we ze in het volgende voorjaar van 2012 - en ook nog vele jaren daarna weer mogen zien als de eerste 'Lentebodes van Cornjum'.

donderdag 10 februari 2011

Ontspoorde overweg in Cornjum

Donderdag 10 februari 2011

In het blogbericht van gisteren schreef ik over het ruimen van de spoorlijn tussen Leeuwarden en Stiens. Over de gehele lengte van het spoortracé zijn de spoorstaven compleet met bielzen door een kraan zo uit de grond getrokken. Als je over het spoortracé zou vliegen, zou je daardoor nu als het ware een langgerekte ladder in het landschap zien liggen.

Alleen bij alle tussengelegen spoorweg-overwegen bij Jelsum, Cornjum, Britsum en in Stiens heeft men enkele meters spoor laten liggen, waardoor het verkeer deze overwegen ongehinderd kan passeren. Eén van deze overwegen is de overweg in de Skeltedyk ten westen van Cornjum. De laatste spoorstaven van het 'Noord-Friesche Lokaalspoor' liggen hier betekenisloos in het wegdek.

vrijdag 19 februari 2010

Verkeerssignaal om bewust te stemmen op lijst 1

Vrijdag 19 februari 2010

Ook de lokale politieke partij Gemeentebelangen van de gemeente Leeuwarderadeel werpt zich met autoreclame in de strijd om de aandacht voor en om de stem van de kiezer tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart aanstaande. En als dan de FNP kiest voor promotie middels een kleine vrachtwagen, moet je als concullega-partij toch tenminste met een verrassend alternatief komen.

En dat is voor de partij en haar lijstaanvoerderend raadslid Reitze Ketellapper koren op de molen, want met deze markante lijsttrekker mag je elke keer iets nieuws, iets verrassends verwachten. Zo ook nu in 2010.

Afgelopen dinsdag tijdens de marktdag in Stiens had ik het kanariegele Peugeot-bestelbusje van Gemeentebelangen al zien staan op een prominente parkeerplaats langs de Langebuorren. Toen ik gisteren en vandaag onderweg was tussen Leeuwarden en Stiens viel mijn oog bij de afslag Cornjum ter hoogte van het autogaragebedrijf van Ketellapper op de aandachttrekkende promotionele opstelling van Gemeentebelangen.

Aan de eerder deze week geziene reclameauto is op deze zichtlocatie namelijk een aanhangwagen gekoppeld. Het is een gehuurde aanhangwagen, die doorgaans wordt gebruikt bij de verkeerssignalering ten behoeve van weggebruikers. De knipperende lichtboodschappen van deze verkeerssignaleringswagen luiden kort maar krachtig: "Stem bewust" en "Stem lijst 1".

Op de auto staat de verkiezingsbelofte 2010 van Gemeentebelangen: "Beloven is doen".
Dat belooft wat!

zaterdag 9 januari 2010

Martenastate in een winters Cornjum

Vrijdag 8 januari 2010

Door de combinatie van aanhoudende mist en vorst is Friesland veranderd in een sprookjesachtig landschap. Besneeuwde gebouwen en velden en berijpte bomen tekenen het landschap wit. Laat in de middag gaat de zon onder, daarbij de lucht in het westen zacht oranje-roze afstekend boven de witte ondergrond en horizon.

Op weg naar huis rijd ik door Cornjum.

Aan de voet van de deels afgegraven dorpsterp schaatst een twintigtal kinderen en volwassenen in het eerste schijnsel van de baanverlichting. Tegen de hoogopgaande terpwand staat een groepje schaatser met elkaar te praten; hier enige beschutting vindend tegen de koude oostenwind, die over het Aldlân de ijsbaan bereikt.

Ik wandel hier in Cornjum een eindje over het bevroren en besneeuwde wandelpad van de Swarte Singel, gaande in de richting van Martenastate (zie ook mijn weblogbericht van 11 mei 2009). De aanduiding "Swarte" in de naam "Swarte Singel" is tijdens deze winterdagen geen representatieve benaming, want de singel is sneeuwwit, dus eigenlijk is het vandaag meer een "Sniewite Singel".

Een eindje van de Swarte Singel af - voorbij de brug over de besneeuwde ijsvloer van de slotgracht - brengt Martenastate tenminste nog enige kleur in het witte wintersprookjestafereel. Vóór mij in het Cornjumerbos is het stil, achter mij hoor ik de door de sneeuw en de terpwand gedempte klanken van de Cornjumer ijsbaan.

Even later waarschuwt onze Friese weerman Piet Paulusma op Omrop Fryslân Radio voor de verwachte harde wind en sneeuwbuien, die morgen en overmorgen Friesland met onder andere sneeuwduinen letterlijk en figuurlijk nog dieper in de sneeuwwinter zullen brengen.

dinsdag 30 juni 2009

Maaike Grendel exposeert in Stiens

Dinsdag 30 juni 2009

Tot 31 augustus 2009 exposeert Maaike Grendel haar schilderijen in het Gemeentehuis van de gemeente Leeuwarderadeel te Stiens. Maaike Grendel is in 1966 geboren in Leeuwarden en woont nu bijna 14 jaar in Cornjum, gelegen tussen Leeuwarden en Stiens, waar zij ook haar atelier en een kleine galerie heeft.

In haar jeugd ging Maaike's interesse al op de basisschool uit naar de creatieve vakken. Maar sinds 2004 is zij pas gaan tekenen en schilderen, om zo haar ideeën op bijvoorbeeld papier, doek en paneel te zetten. Ze is autodidact en volgt in 2009 een cursus tekenen en schilderen bij Joke Zwaan.

Maaike is heel divers in haar werk. Ze schildert het liefst op acrylbasis, maar vindt het ook boeiend om met gemengde technieken te werken. Een mooi voorbeeld van zo’n gemengde techniek met acryl is het kunstwerk “Klaproosjes”, een werk van 80 bij 79 centimeter, geproduceerd in het jaar 2004.

Naast schilderen houdt Maaike Grendel zich ook bezig met digitale fotografie en met het bewerken van haar foto’s..

woensdag 13 mei 2009

Martenastate: hoe schoon ook, 't zal eenmaal vergaan

Woensdag 13 mei 2009

“Niets is hier blijvend. Alles, hoe schoon ook, zal eenmaal vergaan.” Woorden uit de Zangbundel van Johannes de Heer, die wijzen op de vergankelijkheid van de mens, van natuur en cultuur. Eergisteren (over cultuur) en gisteren (over natuur) schreef ik de eerste twee delen van een drieluik over het landgoed Martenastate in Cornjum (zie mijn weblogberichten van 11 en 12 mei 2009). Vandaag het derde en laatste deel van deze serie: over de vergankelijkheid van de mens.

De familie Martena is lang eigenaar geweest van het landgoed Martenastate te Cornjum. Verschillende generaties Martena hebben het oude kasteeltje Martenastate bewoond. Jonkheer Duco Martena Burmania van Vegelin van Claerbergen was de laatste adelijke bewoner van het geslacht Martena.

De familie Vegelin van Claerbergen liet in het begin van de negentiende eeuw - in 1809 - op hun landgoed Martenastate een eigen familiegraf aanleggen, in de vorm van een grafheuvel. Deze grafheuvel is te vinden aan de zuidoostkant van het landgoed. Onder de tien grote grafstenen van deze particuliere begraafplaats ligt de familie Martena begraven. Ook de al eerder genoemde jonker Duco, die als laatste bewoner geen nageslacht achter liet.

Deze grafheuvel wordt omzoomd door verschillende monumentale beuken. Bijzondere bewoners zijn de Blauwe Reigers, die bij deze grafheuvel – gelegen naast de eenvoudige natuurcamping aan de zuidkant van het terrein van Martenastate - een Reigerkolonie bevolken.

dinsdag 12 mei 2009

Martenastate: een State met een Stinzentuin

Dinsdag 12 mei 2009

Het landgoed Martenastate in Cornjum is een 4,5 hectare groot park rondom Martenastate (zie mijn weblogbericht van 11 mei 2009). Het is één van de rijkste Stinzentuinen van Fryslân. Sinds 2001 wordt het parkbeheer in opdracht van Stichting Martenastate uitgevoerd door It Fryske Gea

Een Stinzenplant is een plant die in bepaalde gebieden in Nederland alleen voorkomt op bijvoorbeeld oude landgoederen, boerenhoven, pastorietuinen en voormalige stadswallen. Het zijn in de regel planten met opvallende bloemen en voorjaarsbloeiers. Deze planten zijn in het verleden van elders aangevoerd en aangeplant om te verwilderen. Sommige soorten - zoals de Vingerhelmbloem - komen van nature wel in Nederland voor. Andere Stinzenplanten - zoals de Holwortel - komen van nature niet in Nederland voor, maar eenmaal aangeplant, verwilderen ze gemakkelijk in het Stinzenmilieu. De laatste categorie zijn de exotische Stinzenplanten, die oorspronkelijk uit Azië komen en die zich wel in het stinzenmilieu handhaven, maar zich daarbuiten niet verder verspreiden.

Het woord "Stinzenplant", komt van het Friese woord "Stins" (steenhuis), dat slaat op een versterkt en met stenen gebouwd huis. Dit waren de woningen van adellijke of anderszins aanzienlijke heren, die dikwijls landgoederen bezaten.

De eerste Stinzenplanten werden al vanaf de late Middeleeuwen gekweekt. Het aanplanten van Stinzenplanten kreeg een grote impuls aan het einde van de 18e eeuw door de opkomst van de Engelse landschapsstijl. Het ideaal van deze tuinarchitectuur was de natuur en men wilde haar verder perfectioneren. Daarom werden er planten uitgezet ter verwildering. Deze werden vaak uit Midden- en Zuid-Europa gehaald. Om de planten te laten aanslaan voegde, men veel kalkrijk puin toe.

Het park van Martenastate wordt omlijst en doorsneden door een aantal lanen met ten dele zeer oude bomen. Onder de oude lanen - zoals bijvoorbeeld die van de Kastanjelaan aan de zuidoostzijde van het park - vormt zich vroeg in het voorjaar een tapijt van duizenden bol- en knolgewassen. In totaal worden er op Martenastate twaalf verschillende soorten stinzenflora aangetroffen. Naast de hierboven genoemde zijn dat ook het Haarlems klokkenspel, de Bostulp, Daslook, Gele anemoon, Adderwortel en de Boerenkrokus.

maandag 11 mei 2009

Martenastate ook van W.C. de Groot

Maandag 11 mei 2009

Vanmiddag ben ik even op mei-bezoek geweest op het botanisch-weelderige landgoed van Martenastate in Cornjum. Deze state (en landgoed) is genoemd naar één van zijn eerste bewoners: de heer Duco Martena, ooit getypeerd als staatsman, held en geleerde in de geschiedschriften van Wopke Eekhof.

De laatste bewoner van de voormalige state was jonker Duco Martena van Burmania Vegelin van Claerbergen. Aangezien hij geen nazaten had, vermaakte hij Martenastate aan de kerkvoogdij van Cornjum. De Nederlandse Hervormde gemeente werd daarmee echter eigenaar van een vervallen en verpauperd hoofdgebouw.

De kerkvoogdij besloot in 1899 de voormalige state te slopen en te vervangen door een “slot”. Dit gebouw bestaat nog steeds en is gelegen op het eiland in de slotgracht van het park van Martenastate. Het tegenwoordige Martenastate is een ontwerp van de bekende Leeuwarder architect Willem Cornelis de Groot (1853-1939), die dit miniatuur-kasteeltje ontwierp in Neo-Renaissancestijl, met de opvallende "sipel op 'e toer": het ui-vormige dak van de toren.

In de nu kleinere 19e-eeuwse state zijn ornamenten van de oude state hergebruikt. Het in neorenaissancistische trant uitgevoerde miniatuurkasteeltje heeft een L-vormige plattegrond met een traptoren in de oksel van de vleugels. De toren heeft een vierzijdige onderbouw, die overgaat in een achtzijdige bovenbouw als overgang naar de ui-vormige bekroning. Beide vleugels kregen verzorgde trapgevels met zware hoekschoorstenen. Boven de ramen zijn hoge boogtrommels met siermetselwerk (à la W.C. de Groot) aangebracht. De schildhoudende leeuwen op een zware cordonlijst tegen het torentje en op de hoek van de lange vleugel zijn nog onderdelen van de oude state.

Een bijzondere state, zo in het buitengebied tussen Leeuwarden en Stiens. Een mooie "W.C. de Groot", de architect die in Leeuwarder zulke prachtige bouwwerken op zijn naam zette; denk maar eens aan het Gabbema Gasthuis (1906) in de Leeuwarder Wybrand de Geeststraat, ook zo'n monumentaal topstuk van deze vermaarde architect.

maandag 2 juni 2008

Maandelijks luchtalarm over Nederland

Maandag 2 juni 2008

Om precies 12.00 uur hoor ik het luchtalarm opstarten, waarna het enige tijd op vol volume luid over Leeuwarden loeit. Dit is het alarm waarmee elke maand in heel Nederland wordt getest of de sirenes van het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem (WAR) overal werkt. Ook wil de overheid met dit maandalarm dit alarmsysteem bij de burger in het bewustzijn houden.

In Nederland staan meer dan 4.000 sirenes op hoge palen en op hoge gebouwen. Zo staat er ook een sirene op een paal bij de voetbalkantine van vv DTD in Cornjum.

Dit luchtalarm - dat vroeger is ingevoerd om te waarschuwen voor een bombardement - is in de laatste jaren incidenteel gebruikt bij grote branden en lekkages waarbij gevaarlijke stoffen vrijkwamen. Heinenoord, Helmond, Enschede en Vlaardingen zijn plaatsen waar dit luchtalarm in de afgelopen vijf jaren werd ingezet om de burgers op te roepen om ramen en deuren te sluiten en om via radio of televisie kennis te nemen van de oorzaak en geadviseerde handelwijze bij aanwezig onheil.