vrijdag 16 oktober 2020

Te vellen essen in Feinsum

Dinsdag 13 oktober 2020

De grootste es wordt afgevoerd











Essentaksterfte

Eind september 2020 stuurde de gemeente Leeuwarden aan de bewoners van Feinsum een brief, waarin werd gesteld dat het slecht gaat met de essen in de gemeente Leeuwarden. De essentaksterfte rukt al enkele jaren op in Europa, en ook in Nederland. Door een schimmel sterven eerst de takken van essen af, en op termijn zou de hele boom sterven. Tegen deze boomziekte is niets te doen, dus snoeien of kappen is het enige dat helpt. In Feinsum zullen dientengevolge twee essen worden gekapt.

Boomkap aan de Hege Hearewei
Tegenover ons huis staat een es, die zichtbaar kampt met deze essentaksterfte. Vanmorgen is het dan zover dat door boomrooierij Terpstra in opdracht van onze gemeente deze zieke es wordt gekapt. 
Het gaat allemaal heel snel. Eerst wordt het omliggende bosschage weg gezaagd, en direct daarna komt de heen en weer rijdende kraan weer terug bij de grootste es, en na een korte tijd van motorzagen zwaait de es in de klemmen van de kraan hoog door de lucht. 
De stammen en takken worden in kleinere delen gezaagd, en na enige tijd wordt alle hout door de klaarstaande vrachtauto afgevoerd.
Wat langs de Hege Hearewei nu nog rest, zijn slechts enkele boomstronken in de smalle berm tussen het wegdek en de sloot. 

De dag van het einde en het einde van de dag

Zaterdag 10 oktober 2020

 

Het einde van de dag in Dokkum bij zonsondergang










De dag van het einde
Gistermiddag en gisteravond hebben Durkje en ik gewaakt bij het sterfbed van Durkje haar vader, in Talma Hûs te Feanwâlden. Vanmorgen vroeg om 7:00 uur zijn wij er al weer. De situatie is ogenschijnlijk nog onveranderd. Tot het eind van de ochtend zitten we bij hem te waken, totdat we om 10:30 uur worden afgelost door een broer en schoonzus van Durkje. 
Wij rijden dan even door naar de Waadwente in Dokkum, waar Durkje haar moeder momenteel voor een revalidatie van enkele weken verblijft. We vertellen haar over onze bevindingen van gisteren en van vanmorgen. 
Tegen één uur vanmiddag komen we weer thuis, en dan worden we direct al gebeld met het verdrietige bericht dat Durkje haar vader net een kwartier geleden in zijn diepe slaap rustig is overleden. Dit is dan de dag die eens onvermijdelijk zou aanbreken: de dag van het einde.

Het einde van de dag
Een groot verdriet overvalt ons, want ook al was Durkje haar vader onlangs nog 93 jaar geworden, en ook al zagen we dit levenseinde al enkele dagen aankomen, het gemis is groot.
Vanaf dit moment moet er van alles worden geregeld. Gelukkig zijn alle vijf broers en de zus van Durkje al enkele dagen heel nabij in Fryslân, dus we kunnen met man en macht aan het werk om te doen wat nu moet worden gedaan.
Nadat we aan het eind van de middag het eerste plenaire familieberaad hebben gehad in de Waadwente te Dokkum, gaan we aan het eind van de middag in subgroepen uiteen, om uitvoering te geven aan de gemaakte afspraken. Ik verlaat de Waadwente om in Dokkum voor enkelen van ons een warme maaltijd af te halen. Als ik het grote parkeerterrein van de Waadwente op loop, valt mijn oog op de prachtig gekleurde lucht van een schilderachtige zonsondergang. Op de een of andere manier zijn dit voor mij gevoelsmatig op dit specifieke moment de zo geheel bijpassende kleuren van het einde van de dag, op deze dag van het einde.

woensdag 7 oktober 2020

Eindstation Terwispel

Dinsdag 6 oktober 2020

Cover van 'Eindstation Terwispel'

Oudehorne en Ter Idzard
De Friese amateur-historicus 'Lieuwe Boonstra' is een groot kenner van de regionale geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in Fryslân, gepassioneerd voor en gespecialiseerd in de reconstructie van de in deze oorlog neergestorte bommenwerpers van de Geallieerden. Al vele jaren zien we met waardering de resultaten van onderzoek en verzamelpassie van deze neef van Durkje. Lieuwe en zijn inzet zou een groot voorbeeld kunnen zijn voor alle jonge mensen die van plan zijn om een specifiek deel van de Friese geschiedenis nader te onderzoeken.
Zijn onderzoek naar en reconstructie van vliegtuigcrashes van Geallieerde bommenwerpers leidde in 1992 al tot de co-productie (samen met Foppe de Boer en Yme de Jong) en publicatie van het boek 'Een Brits litteken in Friese bodem', over de crash boven het Friese Oudehorne van een Lancaster-bommenwerper. En over de reconstructie van die zelfde bommenwerper en daarnaast ook van een andere bommenwerper die in Ter Idzard neerstortte, publiceerde Lieuwe in 2016 nog een tweede boek, van eigen hand, getiteld 'Missing in Action', waarin hij verslag doet van zijn bevindingen uit zijn onderzoeksjaren 1988-1998.

Terwispel
Zijn volgende zoektocht in de jaren 2001-2019 resulteerde in een uitvoerige reconstructie van twee andere bommenwerpers, die met een tussenpoos van 24 dagen neerstortten in het Friese Terwispel. Door zijn expertise met anderen te delen, was Lieuwe Boonstra in staat om na deze jarenlange intensieve zoektocht naar de feiten en achtergronden van ook deze twee vliegtuigcrashes wederom een rijk geïllustreerd boek te schrijven en dat ook weer in eigen beheer te publiceren. Dit nieuwe boek gaf hij als titel: 'Eindstation Terwispel', met als subtitel 'Reconstructie van het neerstorten van twee Britse bommenwerpers in Terwispel op 15 augustus en 8 september 1941'.
Deze reconstructie is gedocumenteerd met zo'n 200 foto's en documenten, waarvan veel nooit eerder werden gepubliceerd, voor een groot deel afkomstig uit overheidsarchieven en uit nalatenschappen, veelal in particulier bezit van families van de gecrashte vliegeniers.

Reconstructie van twee crashes
Op zijn verzoek heb ik medio februari 2020 het redigeren van de concept-tekst van dit boek verzorgd, en daarbij viel mij op hoe gedegen Lieuwe zijn onderzoek heeft verricht en hoe compleet hij de reconstructie van deze twee vliegtuigcrashes op schrift heeft gezet. Het verhaal van deze twee crashes is gebaseerd op getuigenverslagen vanuit alle relevante perspectieven. In zijn boek lees je bijvoorbeeld het verhaal van de Geallieerde vliegers, van de Duitse nachtjagers, maar ook de getuigenverslagen van de inwoners van Terwispel en van de politieagenten die snel ter plaatse waren na de beide crashes. 
Zowel in de nacht van 15 augustus 1941 als van 8 september 1941 stortten bij Terwispel twee Britse bommenwerpers neer in Fryslân. De eerste was een Whitley-bommenwerper en de tweede was een bommenwerper van het type Wellington.
Mij is duidelijk geworden dat Lieuwe Boonstra alles in het werk heeft gesteld om een betrouwbare reconstructie te maken ten behoeve van dit boek. Op voortreffelijke wijze beschrijft Lieuwe heel gedetailleerd de ins en outs van deze twee dramatische crashes. Het groot aantal in het boek opgenomen illustraties, en alle daarin afgebeelde documenten uit Britse, Duitse en Friese bronnen maken deze reconstructie heel realistisch en waarheidsgetrouw.

Whitley & Wellington
Voor de cover van dit boek - met als titel 'Eindstation Terwispel' - maakte de Poolse grafische kunstenaar Piotr Forkasiewicz een levensechte illustratie van een Wellington-bommenwerper, vliegend boven een door het vuur roodgekleurd doelgebied.
Dit waardevolle kijk- en leesboek bevat twee delen. Deel 1 behandelt de crash van de Whitley-bommenwerper van Terwispel, en deel 2 gaat over de neergestorte Wellington-bommenwerper van Terwispel. Van de - per nacht - honderden bommenwerpers van de Royal Airforce (RAF) die vanuit Groot-Brittannië vertrokken om onder andere Duitse steden te bombarderen, keerden regelmatig tientallen toestellen na zo'n nacht niet terug op hun Britse vliegbasis, zo ook de twee Britse bommenwerpers die neerstortten bij het Friese Terwispel.
Meer dan 600 jonge vliegeniers keerden niet leven terug naar huis. Zij werden in Friese aarde begraven. En wie de crash wel overleefde, werd meestal gevangen genomen, en belandde doorgaans in krijgsgevangenschap. Wie na de bevrijding nog leefde, werd door de Geallieerde bevrijders teruggebracht naar Engeland, waar - zo mogelijk - het leven & werken in vrijheid werd hervat.

Introductie voor de lezers
Met zijn boek wilde Lieuwe Boonstra in woord en beeld met name de Duitse nachtjagerpiloten en de elf Geallieerde bemanningsleden van de Whitley en van de Wellington een gezicht geven. De in het boek afgebeelde foto's van al deze vliegeniers tonen de bevlogen vliegeniers in veel gevallen als militair, maar ook in privé-setting.
Het verhaal begint met fragmenten uit het dagboek van Hans Engbert van der Wal uit Lippenhuizen, die het neerstorten van de beide vliegtuigen noemt.
Daarna volgen enkele artikelen uit de lokale krant De Woudklank, waarmee een indruk wordt gegeven van de invloed van de Duitse bezetters op de Friese bevolking in de regio van Terwispel.
Een goede keus van de auteur is geweest om daarna eerst in enkele pagina's een beschrijving te geven van de organisatie van de Duitse luchtverdediging ten tijde van de zomer van 1941 in Fryslân, vanuit de vliegbasis (Fliegerhorst) Leeuwarden en het radarpeilstation bij Trimunt, op de grens van Groningen en Fryslân. Een goede uitleg over het systeem van de Helle Nachtjagd (met zoeklichten en radargeleiding) en van de Dunkle Nachtjagd (met een Freya-apparaat, schotelantennes, de boordradar en de Seeburg-evaluatietafel) helpen de lezer om het verhaal van de beide crashes verderop in dit boek goed te begrijpen. 

Noodsprong boven Terwispel
De bemanning van de Whitley-bommenwerper bestond uit vijf jonge mannen in de leeftijd van 21 tot en met 34 jaar, afkomstig uit Engeland, Schotland en Nieuw-Zeeland. Alle vijf vliegers overleefden deze crash.
De aanval - een 'Angriff von hinten-unten' - van een Duitse Dornier-nachtjager werd deze Geallieerde vliegers en hun Whitley-bommenwerper noodlottig.
Aan de hand van de gevechtsrapporten van de Duitse soldaten en van getuigenrapportage van bijvoorbeeld een gemeenteveldwachter bouwt Lieuwe het verhaal op over deze crash. Foto's tonen de betrokken militairen, en afbeeldingen van documenten illustreren de beschreven feiten.
Pas 60 jaar na de oorlog - in 2005 - heeft Groot-Brittannië de krijgsgevangenrapporten van ook deze vijf overlevenden vrijgegeven, dus pas vanaf dat moment kon Lieuwe de speurtocht naar de families van deze vliegeniers met succes beginnen.
Met een groot aantal documenten als illustratie volgt dan het verhaal van het leven in de verschillende krijgsgevangenkampen, waarin deze vijf krijgsgevangen vliegers achtereenvolgens verbleven. Daar lees ik bijvoorbeeld over het feit dat één van deze vijf vliegeniers mede-oprichter was van de zogenoemde 'Barbed Wire University': een universiteit achter prikkeldraad. Hij wordt na de oorlog in kranten getypeerd als 'een man met bravoure, een intellectueel en groot spreker, die gelooft in de kunst van het mogelijke en de onvermijdelijkheid van geleidelijkheid, over zijn dankbaarheid om te leven en over zijn temperamentvolle neiging tot optimisme'. Kortom, een man die ik graag had willen ontmoeten.
Waardevol is ook dat de schrijver van dit boek ons meeneemt in de oorlogscorrespondentie van deze vijf krijgsgevangenen, die vanuit de kampen naar hun familie thuis schrijven. 
Bijna vier jaar na hun crash - als de oorlog voorbij is - komt deze vijfkoppige bemanning weer veilig thuis.

Noodlot boven Terwispel
Veel tragischer is het lot van de inzittenden van het andere Britse gevechtsvliegtuig..
De bemanning van de Wellington-bommenwerper bestond uit zes jonge mannen in de leeftijd van 20 tot en met 28 jaar, die (dus) nog relatief onervaren waren op het gebied van operationele vluchten boven vijandelijk gebied. 
Dit deel begint met een kennismaking met het heldhaftig optreden van de piloot van dit vliegtuig, tijdens een voorgaande zes tot negen uren durende vlucht voor een bombardement op Bremen.
Op de bewuste 8e september van 1941 was de Wellington na een bombardement op Berlijn op de terugreis naar huis. Hun noodlot was dat ze worden onderschept door de meest succesvolle nachtjager van de Fliegerhorst Leeuwarden. De triomfantelijke gevechtsrapporten van de Duitse vliegers verhalen over hun succesvolle aanval op de Wellington. Zij zien het getroffen vliegtuig neerstorten bij Terwispel.
Daarna lezen we het proces-verbaal van de gemeentepolitie van Opsterland. 
De hele bemanning (vijf Engelsen en een Schot) kwam om. Foto's tonen de ravage op de dag na de crash. Eén van de vliegeniers kan worden geïdentificeerd, maar de stoffelijke resten van de overige vijf bemanningsleden zijn onherkenbaar. Alle zes bemanningsleden worden begraven op de algemene begraafplaats van Gorredijk, waar tot op de dag van vandaag de rij van zes grafstenen kan worden bezocht om deze vechters voor onze vrijheid eer te bewijzen.
Bijzonder uitgebreid zien en lezen we dan in het boek alle beschikbaar zijnde administratieve stukken over de vermissing, de identificatie en over het onderzoek van de zes graven na de oorlog. Resultaat per heden is dat bekend is wie in de graven 1 en 2 begraven liggen, en dat de graven 3 tot en met 6 collectieve graven zijn, met de achternaam op alfabetische volgorde genoemd op de zandstenen grafmonumenten te Gorredijk.
Dit deel sluit af met aanvullende informatie over de nabestaanden van deze zes vliegeniers.

Triomf versus Verlies
Dat de verzamelaar-historicus-auteur Lieuwe Boonstra wederom een topprestatie heeft geleverd met het schrijven van dit boek, is mij na het lezen van dit rijk gedocumenteerde boek wel duidelijk geworden.
Het verdient alleszins waardering dat er zoveel jaar na de oorlog nog altijd mensen zijn die met passie en grote toewijding alles op alles zetten om een deel van onze geschiedenis zo goed te documenteren en op schrift te zetten. Het vraagt een engelengeduld en heel veel doorzettingsvermogen om het materiaal vanuit al die perspectieven van Duitsers, Geallieerden, en Friese omwonenden zo compleet te krijgen, dat het mogelijk wordt om alle feiten vanuit al die perspectieven naast elkaar te leggen, waarmee alle afzonderlijke documenten in combinatie met elkaar het sluitende bewijs leveren van wat er echt is gebeurd op die bewuste oorlogsdag, die voor de ene partij een dag van triomf werd, en voor de tegenpartij een dag van verlies werd.
En dit boek laat ons ook zien wat de kracht is van samenwerking, als al die verzamelaars, onderzoekers en auteurs het door hen gevonden materiaal van en over de oorlog aan elkaar beschikbaar stellen, opdat er boeken en documentaires kunnen worden gepubliceerd waarmee wij ruim 75 jaar later kennis kunnen nemen van al het leed dat oorlog teweeg brengt. Het zijn ware lessen voor jou en mij, om nooit te vergeten.


dinsdag 6 oktober 2020

Oriëntatiegesprek in Jorwert

Maandag 5 oktober 2020

 

In de kloosterkerk van Nijkleaster te Jorwert










Oriënteren op de jaren 2019-2026
Tegen het vallen van de avond komen we met een klein groepje bestuurders bijeen in de Voorkerk van de Sint-Radboudkerk te Jorwert. Vanuit ons stichtingsbestuur hebben we een opdracht meegenomen om ons te oriënteren op de komende planperiode van de toekomstige leef- en werkgemeenschap van Nijkleaster.
Als we op afzienbare termijn kunnen beginnen met de restauratie van de kloosterboerderij en met de bouw van een kleine accommodatie voor vaste bewoners en gasten, stappen we een nieuw tijdperk in van een operationeel Fries klooster, op eigentijdse leest geschoeid.
Dat zal ook nieuwe vormen van leiderschap en van management en bestuur vragen, en voor het realiseren van onze droom van een nieuw Fries protestants klooster hebben we nog de nodige financiële middelen nodig voor met name restauratie, verbouw, nieuwbouw en voor de start van een gezonde exploitatie.
Zo'n doorstart roept allerhande vragen op, waarvoor we ons momenteel als kloosterbestuur gesteld zien. Met die uitdagende vragen zijn we momenteel op oriënterende basis aan het werk om zowel richting als doel, als ook een goede weg daar naar toe te bepalen.

Managen en faciliteren
Onder verantwoordelijkheid van het stichtingsbestuur zal er op termijn ook leiding moeten worden gegeven en zullen er middelen moeten zijn om Nijkleaster de goede kant op te (kunnen) sturen. 
Om daar verstandige keuzes in te maken, voerden we in september en voeren we ook vandaag enkele oriënterende gesprekken met externe partijen, om nog beter in beeld te krijgen wat die verstandige keuzes zouden kunnen zijn, en hoe wij onze plannen gefinancierd en exploitabel krijgen. Vandaag zijn we daartoe in gesprek met een vertegenwoordiger van een Fries organisatieadviesburo, om te onderzoeken wat wenselijk en wat haalbaar is en of een toekomstige werkrelatie - in welke omvang en vorm dan ook - ons kan helpen om Nijkleaster succesvol door de tweede planperiode van zeven jaar te loodsen.

zondag 4 oktober 2020

Bonifatius Kloosterpad - Etappe 5 - Van Drachten naar De Wilp

Zondag 4 oktober 2020  

Bij de voormalig kloosterlocatie van In Tribus Montibus

Een ontdekkingsreis en pelgrimage
Wandeljournalist Fokko Bosker publiceerde samen met co-auteur Lammert de Hoop in het jaar 2019 de wandelgids 'Bonifatius Kloosterpad'. Het titelblad van dit boek vermeldt dat het hier gaat om 'Een ontdekkingsreis en pelgrimage door het 'wilde' oosten van Fryslân'. Het gaat om een wandelgids die de kleurrijke geschiedenis van de kloosters in Fryslân beschrijft in routekaarten, foto's en begeleidende teksten.
Durkje en ik waren aanwezig bij de presentatie van het Bonifatius Kloosterpad, die plaatsvond op 15 november 2019 in de Bonifatiuskapel te Dokkum.
Deze wandelgids bevat twaalf aaneengesloten etappen en dertien lokale rondwandelingen. In totaal beslaat het wandelnetwerk zo'n 450 kilometers in oostelijk Fryslân, het gebied tussen het Friese Waddeneiland Schiermonnikoog en Wolvega.

In het voetspoor van heiligen en pelgrims
Met zijn wandelgids neemt auteur Fokko Bosker je als wandelaar mee in een schitterend gebied met veel cultuur en natuur. Hij laat je wandelen naar oude kloosterlocaties en uithoven. Het is een tocht door Wad en Woud, in een rijke afwisseling van streeklandschappen en prachtige natuurgebieden.
Tegelijk met deze wandelgids verscheen ook het bijbehorende boek 'Bonifatius Kloosterpad - In het voetspoor van heiligen en pelgrims'. Dit begeleidend schrijven in boekvorm biedt per wandelroute inspirerende verhalen over het gebied dat deze wandelgids bestrijkt.
De wandelgids is gebaseerd op het Wandelknooppunten-netwerk. De routebeschrijving in de wandelgids is uiterst beknopt, maar het volgen van de als routebeschrijving achtereenvolgens genoemde wandelknooppunten zou moeten volstaan om de beschreven routes goed te lopen.
Wie de vele Friese klooster- en kerkenpaden, schouwpaden, lijk- en dijkwegen van deze wandelroute loopt, maakt kennis met de vele sprekende getuigen uit vervlogen tijden van middeleeuwse kloosterorden in Fryslân. Dit Bonifatius Kloosterpad belicht de rijke Friese geschiedenis van kloosters en landschappen, en toont je al wandelend ook de relatie tussen beide zaken.
Met het bewandelen van alle 25 routes van deze wandelgids gaan Durkje en ik op voetreis tussen uitersten, die de verbeeldingskracht van de pelgrim voedt en inspireert.

Door het grensgebied van Fryslân en Groningen
Voor vandaag hebben we de vijfde etappe van deze gids op het wandelprogramma staan, met een afstand van 26,63 kilometer.
Deze Etappe 5 kreeg als titel: 'Van Drachten naar De Haar of De Wilp' met als subtitel: 'Liefdesbrief van non Dolerosa schetst onvervuld verlangen'. De subtitel verwijst naar Dolerosa: één van de nonnen van het vroegere vrouwenklooster 'In Tribus Montibus' in het Groningse Trimunt. De liefdevolle verzorging van een gewonder Spaanse soldaat door de non Dolerosa wakkerde het vuur van hun verliefdheid aan. Het bleef echter bij een onvervuld verlangen, want een liefdesrelatie tussen een Spaanse soldaat en deze non was natuurlijk geen acceptabele optie. De kloosterlijke zeden schreven immers voor dat kloosterlingen de begeerten van de wereld leerden te weerstaan.
Om 7:25 uur rijden we vanmorgen met beide auto's van Feinsum naar het Groningse dorp De Wilp, waar we één van de auto's parkeren. Dan rijden we met de andere auto vanuit De Wilp naar het Karmel Klooster in Drachten, want hier begint de vijfde etappe van het Bonifatius Kloosterpad.
Het is zwaarbewolkt, en de temperatuur is vanmorgen bij vertrek 11 graden Celsius. De zon zien we vandaag nauwelijks, en er waait een stevige en frisse wind uit het zuiden. In de buurt van Drachtstercompagnie krijgen we te maken met hele lichte motregen, overigens van weinig betekenis, en hoe later het wordt, hoe mooier het weer wordt. Langzaam verdwijnt de bewolking en krijgt de zon meer greep. De temperatuur loopt vanmiddag op tot 14 graden Celsius, dus het is fris, maar wel goed wandelweer.

Van het klooster naar De Forten
Om 8:35 uur vertrekken we bij het Drachtster Karmel Klooster. We nemen de tunnel onder de A7 en wandelen tot aan het buurtschap It Súd.
Daar gaan we Het Zuiderend op, weer terug richting Drachten. Bij het buurtschap De Forten naderen we bij de A7 Drachten. In dit buurtschap werden vroeger acht betonnen huisjes gebouwd voor niet-aangepaste gezinnen die men liever niet binnen de bebouwde kom van Drachten had. Ze werden dus buiten de Drachtster leefgemeenschap geplaatst, evenals de schippersfamilies die men liever niet in Drachten aan wal had. Het haventje dat men in De Forten daartoe ooit groef, is in elk geval geen succes geworden, want de schippers weigerden hier te verblijven.
In De Forten gaan we door een lange tunnelbak onder de snelweg A7 door.

Doodlopend veldpad
Aan de andere zijde van de A7 gaan we aan de zuidkant langs het Drachtster ziekenhuis Nij Smellinghe, om vervolgens door woonwijk De Venen naar de drie Tjaarda-flats te lopen.
Daar steken we de weg over, om dan door het monumentale buurschap Ureterpvallaat naar De Wâldwei (N31) te lopen.
Aan de oostzijde van de Wâldwei nemen we de viaductopgang richting Ureterp, maar al spoedig moeten we de Hegebrêchsterleane verlaten, om aan de voet van het talud over een drassig veldpad naar de A7 te lopen. Daar aangekomen volgt een evenzo drassig veldpad langs de A7 in oostelijke richting. Dit pad is al lang niet meer onderhouden, dus door de hoog opgeschoten grassen worden we wegens de regenval van afgelopen nacht onderweg behoorlijk nat.
Op de zuidoostelijke plek waar het Drachtster bedrijventerrein van Azeven Noord eindigt, buigt het veldpad af in noordelijke richting.
 


Gek genoeg loopt de wandelroute hier dood, want zowel op de doorgaande wandelroute als naar de verharde weg over het bedrijventerrein heeft iemand de doorgangen versperd met hoge hekken, afgesloten met sloten. Kennelijk wil de grondeigenaar van deze nogal rommelige kavel naast het doorgaande pad geen wandelaars laten passeren langs zijn grondgebied. Omdat wij toch door moeten op de route zit er voor ons niets anders op dan boven de sloot om de hekken heen te klauteren.

Naar Drachtstercompagnie
Daarna gaan we verder over De Doese en De Feart in de richting van Drachtstercompagnie. We komen dan in het gebied waar je herhaaldelijk waterlopen kruist. Deze 17e en 18e eeuwse wijken (alle met naam en graafjaar aangegeven) vormen in dit coulissenlandschap de zichtbare nalatenschap van de veenderij-geschiedenis van deze streek.
Over de Steffensreed lopen we van De Feart naar De Dammen. Dit pad volgt de langgerekte zijden van de lange kavels, die door het uitgraven van alle parallelle waterlopen zo zijn ontstaan in de turf-rijke veengronden.
We volgen De Dammen en De Fallaetswei tot in Drachtstercompagnie, het dorp waar ik tijdens mijn eerste studie, aan de Christelijke Pedagogische Akademie van Drachten, in de zeventiger jaren stage heb gelopen op de plaatselijke christelijke basisschool. De kerk van de Protestantse Gemeente gaat hier op dit moment uit, en tussen de kerkgangers zie ik ook Henk Poelman staan, die samen met mij enkele jaren bestuurslid is geweest van de Kristlik Fryske Folksbibleteek. We raken op het kerkplein enige tijd in gesprek met kerkgangers, die zojuist de kerk hebben verlaten. Daarna eten we net voorbij de kerk even een broodje op een zitbank in het dorp.

Benedictijns klooster 'In Tribus Montibus' in Trimunt
Aan de noordkant van Drachtstercompagnie gaat de route verder over een mooi pad langs Imerwyk, een brede waterloop uit de tijd van de turf-winning. Daarna gaat de route verder over de Klamersreed naar de Folgersterloane. We passeren in buurtschap Luchtenveld het bekende kerkje 'Jezus leeft', en lopen vervolgens naar De Skieding, de grensweg tussen Fryslân en Groningen. Voorbij die provinciegrens arriveren we bij 't Strandheem, een recreatieplas. Het campingrestaurant en het partycentrum en ook het naastgelegen café zijn alle gesloten, dus een kop koffie onderweg zit er vandaag voor ons niet in. Daarom gaan we door over het Natuurpad, aangelegd op het talud van de voormalige spoorlijn tussen Drachten en Groningen.
Bij de plaatselijke autosloper buigen we af naar het zuiden, om over de Leidyk's Reed en de Parkweg naar de Leidijk te lopen.
Als we de Leidijk verlaten, komen we op de Kloosterweg. Dan wordt het wel duidelijk: we naderen de voormalige kloosterlocatie van het Benedictijnse (en later Cisterciënzer) vrouwenklooster 'In Tribus Montibus' (1208-1604), dat haar naam ontleende aan de drie verhogingen in het landschap, waarop het nonnenklooster stond. Tot 1846 was hier nog de 'bagijneput', die pelgrims eeuwenlang naar zich trok vanwege de legende van de geneeskrachtige werking van het water uit deze kloosterput. 
Voorbij het kloosterterrein maken we nog een korte omgang door het bos van Trimunt, en vervolgens gaat we met het viaduct van de Postdijk weer over de A7, in zuidelijke richting.

De Haar met Haarsterbosch
De volgende plaats waar we doorheen lopen, is De Haar. Bij boerderij Op de Haar gaan we echter weer in noordelijke richting, naar het Haarsterbosch. Bij het draaihek dat toegang geeft tot het smalle voetpad naar het Haarsterbosch hangt een plakkaat waarop mountainbikers erop wordt gewezen dat er toch echt geen sprake is van een fietspad als je eerst je fiets over zo'n draaihek moet tillen. Kortom, dan is het alleen voor wandelaars. ATB-ers die zich overigens dan toch nog wel op dit pad wagen, krijgen in het Haarsterbosch een probleem, want heel regelmatig is er een boomstam over het pad gelegd, dus van aangenaam doorfietsen is hier sowieso al geen sprake. Maar voor ons als wandelaars is dit Ontginningsbos (1930) een prachtig bosperceel met een mooi slingerend bospaadje. Links en rechts zien we prachtige paddenstoelen op rottend hout en op de herfstachtige bosbodem.
Via een zandpad komen we weer terug op de Haarsterweg. Al geruime tijd passeren we geen zitbanken, maar het is zo langzamerhand wel echt nodig om even te rusten en vooral ook om enkele broodjes te eten. Op het achtererf van een al deels ingezakt huisje vinden we een desolate plek om even zittend te rusten en te eten. De bolsters en kastanjes vallen om ons heen op de grond, maar geen ervan raakt ons.
 


Op pad naar De Wilp
Vanuit De Haar volgen we het kaarsrechte karrenspoor van het Bareveld. In het verlengde van dit halfverharde pad gaan we verder over de Achterwijkseweg in de richting van de Wilpstervaart. We lopen echter niet tot aan de vaart, maar buigen ter hoogte van de voetbalvelden en de tennisvelden af naar de doorgaande weg door De Wilp. Vlak vóór de Wilpstervaart arriveren we om 14:20 uur bij onze auto, die we hier vanmorgen hebben geparkeerd.
Daarna rijden we met deze auto naar Drachten, waar we onze andere auto afhalen bij het Drachtster Karmel Klooster. Tot slot rijden we dan met beide auto's weer terug naar Feinsum. Onderweg breekt de zon door de wolken, en de bewolking verdwijnt in de uren erna geleidelijk, waardoor het later op de middag prachtig zonnig weer wordt.

zaterdag 3 oktober 2020

Jabixhûs pelgrimeert op Jabikspaad langs Feinsum

Zaterdag 3 oktober 2020

 

Pelgrims van het Jabixhûs bij Refugio Ultreia Feinsum










Jabikspaad-etappe van Sint-Jacobiparochie naar Britsum
Als we vanmiddag zitten te lunchen, strijkt een groepje van vijf wandelaars neer tegenover onze refugio, op de ronde zitbank van het Flinterplein in Feinsum. 
Het blijkt te gaan om een groep wandelaars, die betrokken is bij het Leeuwarder Stadsklooster Jabixhûs.
Ze zijn vanmorgen bij De Groate Kerk in Sint-Jacobiparochie begonnen aan een groepswandeldag op het Friese Jabikspaad, dat van Sint-Jacobiparochie naar Hasselt de aanlooproute vormt naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Vandaag loopt deze groep tot aan Britsum, waar ze gezamenlijk de maaltijd zullen genieten ten huize van het echtpaar dat vandaag ook meeloopt. Ze krijgen een stempel van onze Refugio Ultreia Feinsum in hun stempelkaart van het Jabikspaad, en na een gezellige ontmoeting bij onze refugio gaat de groep de Hyltsjebrêge over om dan over de slingerende Hege Hearewei het Jabikspaad richting Stiens en Britsum te vervolgen.


 

vrijdag 2 oktober 2020

De vreemdeling heilig verklaard

Vrijdag 2 oktober 2020

  

Bij het standbeeld van de Friese edelman-pelgrim Evermarus in Belgisch Rutten











Over gaan en komen

Vanaf 2005 hebben Durkje en ik elk jaar enkele malen wandelend gepelgrimeerd naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela, naar het vermeende graf van Sint Jacobus de Meerdere, één van de heiligverklaarde apostelen van Jezus Christus. Onze eerste pelgrimage begon in Sint-Jacobiparochie, op het Friese Jabikspaad, en eindigde in Santiago de Compostela; dus van Sint Jacob naar Sint Jacob (Sant Iago).
Dat pelgrimeren is al een eeuwenoud verschijnsel. Van de bijbelverhalen kennen we de pelgrimages naar Jeruzalem, en wij kennen ook de pelgrimsliederen, zoals Psalm 121: “Ik sla mijn ogen op naar de bergen, waar komt mijn hulp vandaan. ….. de Heer houdt de wacht over je gaan en je komen …..”

De eerste Friese pelgrim
De oorsprong van het Jabikspaad ligt in de geschiedenis van één van de eerste boetelingen die vanuit Fryslân op pelgrimstocht werden gestuurd. De abt ‘Freark van Hallum’ zond omstreeks 1170 vanuit het Norbertijner Klooster Mariëngaarde heer Asing op boete-pelgrimage. Zijn reisgenote Gertrudis bereikte Santiago de Compostela. Zij is één van de eerste Friese pelgrims naar ‘Sint Jacob’ die wij bij name kennen. De plaats waar klooster Mariëngaarde stond, ligt nu aan het Jabikspaad tussen Oude Bildtzijl en Feinsum, waar Durkje en ik nu een overnachtingsplek voor pelgrims hebben: Refugio Ultreia Feinsum.

Peregrinus
Een pelgrim is op bedevaart naar een heilige plaats. Evenals Rome en Jeruzalem is Santiago de Compostela zo’n heilige plaats. Het woord ‘pelgrim’ is afgeleid van het Latijnse woord ‘peregrinus’, wat ‘reiziger’ betekent. Een peregrinus komt van elders. Deze pelgrim gaat door en over een voor hem of haar vreemd land, en wordt dus gezien als de vreemdeling die over je akker of over jouw erf loopt, of die de nacht in jouw dorp of in je stad verblijft.
Als Durkje en ik ’s zomers bij temperaturen van regelmatig 30-40 graden Celsius pelgrimeren door Frankrijk en Spanje, zijn wij onderweg ook zulke vreemdelingen, die bezweet en met roodgekleurde hoofden onder onze grote pelgrimshoeden en bepakt met een rugzak steden, dorpen en buurtschappen binnenlopen, wellicht even op zoek naar een schaduwrijke plek in of bij een kerk; even iets eten en vooral veel drinken. Als vluchtige vreemdelingen in onbekende streken worden wij bijna altijd heel gastvrij ontvangen en is men doorgaans van harte bereid om ons verder op weg te helpen. Wij voelen ons gedragen op die weg.

Friese edelman-pelgrim Evermarus

Dat die gastvrijheid niet zo vanzelfsprekend is – zeker eeuwen geleden niet – werd ons maar al te duidelijk toen Durkje en ik afgelopen zomervakantie op onze Belgisch-Franse pelgrimage door het dorpje Rutten (tussen Tongeren en Namen) in België wandelden. Want wat zagen wij daar tot onze verrassing?
In Rutten passeerden wij het standbeeld van Evermarus. Deze Evermarus was een Friese edelman, die naar verluid rond het jaar 700 hier in dit Belgische Rutten werd vermoord toen Evermarus terugkwam van zijn pelgrimage van Fryslân naar Santiago de Compostela. In het naburige dorpje Herstappe – waar we ook doorheen zijn gelopen – kreeg Evermarus voor de nacht onderdak bij de vrouw van de rovershoofdman Hacco. Toen Hacco dat hoorde, ging deze rover de volgende dag de godvruchtige Evermarus achterna, en werd de christelijke Evermarus samen met zijn zeven metgezellen door de heidense Hacco vermoord in Rutten. Zoals zoveel christelijke pelgrims kwam ook deze pelgrim dus niet weer terug in Fryslân. Overleven als vreemdeling in een ander land is dus iets van alle tijden.

Eind goed, al goed
Maar het bleef niet bij deze moord alleen. Onze Friese edelman-pelgrim Evermarus werd namelijk heilig verklaard in het jaar 968. Zijn stoffelijke resten werden overgebracht naar de St-Martinuskerk in Rutten. Op de plek van zijn eerste graf werd in de 10e eeuw door de dienstdoende pastoor Ruzelinus een houten kapel gebouwd, en in de 11e eeuw bouwde de abt van deze parochie hier een stenen kapel, ter nagedachtenis aan de heilig verklaarde Friese pelgrim. Nabij het huidige monument voor Evermarus staat nu een derde kapel, die in 1784 voor de heilige Evermarus is gebouwd. Die kapel bleek gesloten toen wij er afgelopen zomer langs kwamen, maar door een raam zagen we een tweede, ander beeld van Evermarus in die kapel van Rutten, waarin Evermarus als pelgrim is getooid met diverse pelgrimsattributen. En tegenover het veld waarop deze huidige Sint-Evermarus-kapel staat, staat ook nog de St-Evermarus-zaal. De reliekschrijn met zijn schedelkap bevindt zich nu in de abdijschat van St. Johann-Baptist, de abdijkerk van Burtscheid in Aken. De vreemdeling werd dus heilig verklaard, en wordt zeker niet vergeten.

De heilige Fries wordt niet vergeten
Op de naamdag van Sint Evermarus is er nog elk jaar op 1 mei een processie bij de Sint-Evermaruskapel in het Belgische Rutten. Op de heilige weide van Sint Evermarus wordt dan ook elk jaar het zogenaamde Evermarus-spel gespeeld. Dit is een mysteriespel, waar nagenoeg het hele dorp aan meewerkt, waarin de gebeurtenissen van de moord op Evermarus en zijn metgezellen op spectaculaire wijze worden nagespeeld door tientallen ruiters, waarbij één van de spelers als pelgrim – zij het tijdelijk - ontsnapt aan de dood.
Het is in elk geval bijzonder te noemen dat de marteldood van deze Friese christen-vreemdeling, vermoord door een heidense rovershoofdman, zoveel eeuwen later nog wordt herdacht, en dat het leven en sterven van de Friese edelman-pelgrim Evermarus tot op de dag van vandaag levend wordt gehouden in de persoon van deze heiligverklaarde vreemdeling.

Column
Deze (mijn) column werd gepubliceerd in de Twaklank van september 2020. 
Twaklank is het informatie- en opinieblad van de Protestantse Gemeente te Stiens.



zondag 27 september 2020

Bonifatius Kloosterpad - Etappe 4 - De Veenhoop naar Drachtster Karmelklooster Drachten

 Zondag 27 september 2020

 

Bij de Amerikaanse windmolen 'Herkules' bij Petgatten De Feanhoop










Een ontdekkingsreis en pelgrimage
Wandeljournalist Fokko Bosker publiceerde samen met co-auteur Lammert de Hoop in het jaar 2019 de wandelgids 'Bonifatius Kloosterpad'. Het titelblad van dit boek vermeldt dat het hier gaat om 'Een ontdekkingsreis en pelgrimage door het 'wilde' oosten van Fryslân'. Het gaat om een wandelgids die de kleurrijke geschiedenis van de kloosters in Fryslân beschrijft in routekaarten, foto's en begeleidende teksten.
Durkje en ik waren aanwezig bij de presentatie van het Bonifatius Kloosterpad, die plaatsvond op 15 november 2019 in de Bonifatiuskapel te Dokkum.
Deze wandelgids bevat twaalf aaneengesloten etappen en dertien lokale rondwandelingen. In totaal beslaat het wandelnetwerk zo'n 450 kilometers in oostelijk Fryslân, het gebied tussen het Friese Waddeneiland Schiermonnikoog en Wolvega.

In het voetspoor van heiligen en pelgrims
Met zijn wandelgids neemt auteur Fokko Bosker je als wandelaar mee in een schitterend gebied met veel cultuur en natuur. Hij laat je wandelen naar oude kloosterlocaties en uithoven. Het is een tocht door Wad en Woud, in een rijke afwisseling van streeklandschappen en prachtige natuurgebieden.
Tegelijk met deze wandelgids verscheen ook het bijbehorende boek 'Bonifatius Kloosterpad - In het voetspoor van heiligen en pelgrims'. Dit begeleidend schrijven in boekvorm biedt per wandelroute inspirerende verhalen over het gebied dat deze wandelgids bestrijkt.
De wandelgids is gebaseerd op het Wandelknooppunten-netwerk. De routebeschrijving in de wandelgids is uiterst beknopt, maar het volgen van de als routebeschrijving achtereenvolgens genoemde wandelknooppunten zou moeten volstaan om de beschreven routes goed te lopen.
Wie de vele Friese klooster- en kerkenpaden, schouwpaden, lijk- en dijkwegen van deze wandelroute loopt, maakt kennis met de vele sprekende getuigen uit vervlogen tijden van middeleeuwse kloosterorden in Fryslân. Dit Bonifatius Kloosterpad belicht de rijke Friese geschiedenis van kloosters en landschappen, en toont je al wandelend ook de relatie tussen beide zaken.
Met het bewandelen van alle 25 routes van deze wandelgids gaan Durkje en ik op voetreis tussen uitersten, die de verbeeldingskracht van de pelgrim voedt en inspireert.

Van Kloesewier via Smelna Convent naar Karmelklooster
Voor vandaag hebben we de vierde etappe van deze gids op het wandelprogramma staan, met een afstand van 14,17 kilometer.
Deze Etappe 4 kreeg als titel: 'De Veenhoop naar Drachtster Karmelklooster Drachten' met als subtitel: 'Twee bakstenen grafzerken en manshoge monniken van wilgentenen'. De subtitel verwijst naar de vroegere bewoners van het Smelna Convent in het Friese Smalle Ee. Augustijner monniken stichtten rond het jaar 1200 een dubbelklooster bij Smalle Ee, en nadat de - toen inmiddels Benedictijner - monniken dat klooster 200 jaar later hadden verlaten, ging dit convent verder als het vrouwenklooster Smelna, ook wel 'Onser Lyewe Vrouwen Smelligeraconvent' genoemd. Dit vrouwenklooster stond mede aan de basis van het Friese 'Kloosterpad 1453', dat Durkje en ik in de jaren 2011 en 2012 reeds bewandelden. 
Om 8:30 uur rijden we vanmorgen met beide auto's van Feinsum naar het Karmelklooster van Drachten, waar we om 9:15 uur één van de auto's parkeren. Dan rijden we met de andere auto vanuit Drachten door naar De Veenhoop, want hier begint de vierde etappe van het Bonifatius Kloosterpad.
Het is zwaarbewolkt, en de temperatuur is vanmorgen bij vertrek 15 graden Celsius. De zon zien we vandaag nauwelijks, en er waait een stevige en frisse wind over het kale veenweidegebied. Vannacht heeft het gestormd en geregend, en 's middags komt er nog enige regen van weinig betekenis, maar wij hebben vandaag het geluk dat we de hele route zonder regen kunnen lopen. Kortom, fris maar goed wandelweer.

Petgatten De Feanhoop
Om 9:40 uur vertrekken we vanaf 't Stalt in De Veenhoop. We steken het Polderhoofdkanaal over bij de sluisbrug en lopen dan over de Bûtendiken langs de Binnenfeart. Op het polderdijkpad passeren we een inwoner van De Veenhoop met zijn hond. De hond houdt ons - zichtbaar zenuwachtig - voortdurend in de gaten als we hen naderen. Als ik de man in het voorbijgaan iets zeg over wat ik waarneem, vertelt de man dat deze hond afkomstig is uit Bulgarije, en daar als pup hoogstwaarschijnlijk slecht is behandeld. De hond heeft daar een angstcomplex van over gehouden, en schrikt van alle onverwachte geluiden en beweging. Gelukkig zijn er dan weer hondenliefhebbers die zulke honden liefdevol opvangen in Nederland, om zo'n psychisch beschadigde hond een beter thuis te geven.
Even later passeren we de Amerikaanse windmolen 'Herkules'. Daarna verlaten we - in de buurt van het vroeger verdronken (overstroomde) buurtschap Kloesewier - vlak vóór het voormalige poldergemaal tijdelijk even de Bûtendiken, om dan over een vochtig veldpad langs de Petgatten De Feanhoop met haar broekbossen verder te lopen naar de Drachtster Heawei. Na een klein stukje Drachtster Heawei gaan we dan aan de andere zijde van de petgaten langs het Krûme Gat weer terug naar de Bûtendiken ter hoogte van de Monnike Ie (ook wel de Wide Mûntsegroppe genoemd). Rechts van ons rijden een man en een vrouw op en neer met een open rijtuig met ingespannen Fries paard.

Van kloosterdorp Smalle Ee naar havendorp De Wilgen 
We vervolgen onze route over de Bûtendiken, langs de Oer-Ee in het uitgesleten gletsjerdal van de IJstijd, tot aan Smalle Ee. Links van ons ligt de lage retentiepolder Noarderkrite, die geschikt is gemaakt om al te grote hoeveelheden oppervlaktewater op te vangen. Die natte gronden mogen dus overstromen. Aan onze rechterzijde ligt het lage veenweidegebied van de Grote Veenpolder, dat tegen overstroming wordt beschermd door de Bûtendiken.

Bij de oude haven van Smalle Ee nemen we enkele minuten plaats op een houten bank om een broodje te eten en weer iets te drinken. Ondertussen hebben we het uitzicht op een skûtsje, waarvan de contouren en de kleuren weerspiegelen in het rimpelende wateroppervlak van dit eeuwenoude haventje.
Na deze eerste pauze lopen we over de Kleasterkampen door Smalle Ee en langs het voormalige kloosterterrein van Smelna naar het recreatiegebied langs de oever van de Smalle Eesterzanding, en dan verder door naar de villawijk van De Wilgen. 

Deze route voert ons langs de Drachtster jachthaven De Drait. Daar passeert ons een voormalige schoolbus; een opvallende oldtimer.
Net voorbij het oude buurtschap Bûtenstfallaat verlaten we de Postlaan, om dan over het schelpenpad langs de rivier De Drait verder te gaan.

Naar het Karmelklooster van Drachten
Bij de rotonde van de Lauwers pakken we weer een stukje oude route op. Vanaf hier volgen we namelijk de oude singel, die als een groene ader door de Drachtster woonwijk De Drait loopt, tot aan de Zuiderhogeweg. Bij de planontwikkeling van De Drait heeft de gemeente Smallingerland er tientallen jaren geleden voor gekozen om dit oude pad door (en) de singel te behouden. Dat singelpad volgen we voortdurend, tot aan het Poortgebouw Drachten. Daar steken we de Overstesingel over, om dan over het vroegere terrein van Maartenswouden (tegenwoordig Talant genoemd) achter de Drachtster Begraafplaats & Uitvaartcentrum Slingehof langs te lopen. 
Als we dat voorbij zijn, komen we langs mijn ouderlijk huis, waar we genieten van een gezellige koffiepauze 'by mim thús'.
Nadat we daar ook onze broodjes hebben gegeten, vertrekken we op het moment dat Pieter & Esther hier ook op bezoek komen. 
Dan gaan we over de rotondebrug de Zuiderhogeweg over, om vervolgens via de Eikesingel en het fiets-/voetpad langs de hoge aarden bult van Drachten door te lopen naar het Drachtster Karmelklooster, waar we vanmorgen onze auto hebben geparkeerd.
Vervolgens rijden we met die auto terug naar De Veenhoop, waarna we via Oldeboorn en Nes met beide auto's weer terug rijden naar huis.

Administreren en archiveren voor Nijkleaster

Donderdag 24 september 2020

's Avonds in de kloosterkerk van Nijkleaster

Alles was pionieren
Vanavond komen we in klein comité van Stifting Nijkleaster bijeen in de Voorkerk van de Sint-Radboudkerk van Jorwert. Op het programma staat de overdracht van een deel van ons kloosterwerk, namelijk het administratieve, waaronder het documenteren en archiveren van allerhande zaken die met Nijkleaster te maken hebben. 
Als ik de kloosterkerk binnen kom, is het al schemerig geworden in deze eeuwenoude dorpskerk. Het laatste daglicht valt nog door de kleine rondbogige kerkramen naar binnen. Over enkele minuten zal het donker zijn in deze kerkzaal.
Er is in de afgelopen bestaansjaren van Stifting Nijkleaster heel veel pionierswerk gegaan, hetgeen ook heeft geresulteerd in een grote hoeveelheid van bijvoorbeeld documenten, bestanden, publicaties, brochures en uiteenlopende berichten in allerhande media, van print tot audiovisueel.
Jaren geleden zijn we al begonnen met de eerste voorbereidende werkzaamheden om een degelijke administratie op te bouwen, om stukken ook digitaal te delen, en om relevante stukken tijdig en duurzaam te archiveren.

Voorbij het pionieren
Nu we inmiddels twee nieuwe vrijwilligers hebben aangetrokken die zich bezig houden met het bestuurssecretariaat, is het moment gekomen dat we alles wat we voorheen al hebben gedaan aan het nieuw samengestelde bestuurssecretariaat gaan overdragen. Dat is de reden dat we hier vanavond bijeen zijn. 
Met een historisch resumé lopen we vanavond veel van de gedane arbeid langs, en bespreken we ook waar we nu staan in onze ontwikkeling van de totale administratie van (Stifting) Nijkleaster. 
Tot slot blikken we nog even vooruit naar wat de plannen voor de komende tijd zijn, bijvoorbeeld over ICT en archiveren, en daarna sluiten we deze overdrachtsavond af. De nieuwe vrijwilligers van het bestuurssecretariaat nemen na vanavond het stokje over van de twee voorgaande bestuurssecretarissen.

woensdag 23 september 2020

Zonsondergang in Feinsum

Woensdag 23 september 2020

Zonsondergang in Feinsum


Zonsondergang in Feinsum

Dinsdag 22 september 2020

Zonsondergang in Feinsum


Pelgrimeren met Jabikspaad-rondje door Fryslân

Pelgrim Jenno bij Refugio Ultreia Feinsum

Maandag 21 september 2020

Pelgrimeren in Corona-tijd
De Brabantse pelgrim Jenno heeft al een indrukwekkend aantal kilometers op uiteenlopende wandelroutes gelopen, zowel in Nederland als in het buitenland.
Zoals zoveel pelgrims heeft hij vanwege de Corona-crisis ook al besloten om dit jaar - helaas - niet te gaan wandelen op de Spaanse Camino.
Maar een pelgrim moet wandelen, dus als dat in het buitenland tijdelijk niet verantwoord is, komen alle mooie routes binnen Nederland (weer) in beeld. Dat is iets wat Durkje en ik in het afgelopen jaar al van veel ervaren en beginnende pelgrims hebben gehoord.
'As it net kin, sa't it moat, dan moat it mar sa't it kin", zeggen we dan in Fryslân.

Jabikspaad als opstap naar Santiago de Compostela
En zo ging dat ook bij pelgrim Jenno. Wegens leeftijdsontslag nog maar enkele weken geleden gestopt met werken, lonkt het mooie Friese Jabikspaad als wenkend perspectief in deze overgangsperiode van werk naar pensionering.
Nu zou je - zoals doorgaans wordt gedaan - er voor kunnen kiezen om het Jabikspaad te gaan bewandelen van het Friese Sint-Jacobiparochie via Jirnsum naar het Overijsselse Hasselt, waarbij je dan kiest voor de west-route via Franeker of voor de oost-route via Feinsum, maar het kan ook anders.
En dat doet deze Brabantse pelgrim.

Naar en vanaf Santiago aan het Wad
In het jaar 2018 - dat in het teken stond van 'Ljouwert-Fryslân Kulturele Haadstêd' - is ook het in omgekeerde richting bewandelen van het Jabikspaad meer in de belangstelling komen te staan. Je loopt dan niet vanuit Sint-Jacobiparochie via Hasselt naar het zuiden, richting Santiago de Compostela, maar wandelt in noordelijke richting vanuit bijvoorbeeld Hasselt en via Jirnsum oostwaarts of westwaarts naar Sint-Jacobiparochie, om in dat zogeheten 'Santiago aan het Wad' vlak boven het Friese 'Sant-Iago' aan te komen bij de zee, op de Waddenzeedijk ter hoogte van Zwarte Haan.
Pelgrim Jenno combineert dat allemaal. Hij is vorige week zijn wandelpelgrimage begonnen in het Friese Jirnsum, en heeft eerst de west-route van het Jabikspaad gelopen via onder andere Jorwert, Franeker en Boer naar Sint-Jacobiparochie, waarna hij vanuit Sint-Jacobiparochie verder is gaan pelgrimeren over de oost-route richting Feinsum. 
Aan het eind van gistermiddag arriveert hij in onze Refugio Ultreia Feinsum, om bij ons als pelgrim te overnachten in onze overnachtingsaccommodatie voor passerende pelgrims. 

Voorbij de Jirnsumer Moeting
Na een gezellige avond met goede gesprekken aan tafel, en een verkwikkende nachtrust, vertrekt pelgrim Jenno vanmorgen na het ontbijt, om zijn pelgrimsroute te vervolgen over het Jabikspaad.
 


Hij gaat vandaag naar Swichum, waar hij de komende nacht zal overnachten (ook wel 'tsjemping' genoemd) in de kerkrefugio in het Swichumer dorpskerkje.
Morgen gaat het dan verder richting Jirnsum, vanwaar de west-route en de oost-route vanaf de 'Jirnsumer Moeting' samen als één pelgrimspad verder gaan op weg naar Hasselt, en daarna verder naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.

zondag 20 september 2020

Bonifatius Kloosterpad - Etappe 3 - Garyp naar De Veenhoop

Zondag 20 september 2020

Door de Jan Durkspolder van Oudega naar De Hooidammen













Een ontdekkingsreis en pelgrimage
Wandeljournalist Fokko Bosker publiceerde samen met co-auteur Lammert de Hoop in het jaar 2019 de wandelgids 'Bonifatius Kloosterpad'. Het titelblad van dit boek vermeldt dat het hier gaat om 'Een ontdekkingsreis en pelgrimage door het 'wilde' oosten van Fryslân'. Het gaat om een wandelgids die de kleurrijke geschiedenis van de kloosters in Fryslân beschrijft in routekaarten, foto's en begeleidende teksten.
Durkje en ik waren aanwezig bij de presentatie van het Bonifatius Kloosterpad, die plaatsvond op 15 november 2019 in de Bonifatiuskapel te Dokkum.
Deze wandelgids bevat twaalf aaneengesloten etappen en dertien lokale rondwandelingen. In totaal beslaat het wandelnetwerk zo'n 450 kilometers in oostelijk Fryslân, het gebied tussen het Friese Waddeneiland Schiermonnikoog en Wolvega.

In het voetspoor van heiligen en pelgrims
Met zijn wandelgids neemt auteur Fokko Bosker je als wandelaar mee in een schitterend gebied met veel cultuur en natuur. Hij laat je wandelen naar oude kloosterlocaties en uithoven. Het is een tocht door Wad en Woud, in een rijke afwisseling van streeklandschappen en prachtige natuurgebieden.
Tegelijk met deze wandelgids verscheen ook het bijbehorende boek 'Bonifatius Kloosterpad - In het voetspoor van heiligen en pelgrims'. Dit begeleidend schrijven in boekvorm biedt per wandelroute inspirerende verhalen over het gebied dat deze wandelgids bestrijkt.
De wandelgids is gebaseerd op het Wandelknooppunten-netwerk. De routebeschrijving in de wandelgids is uiterst beknopt, maar het volgen van de als routebeschrijving achtereenvolgens genoemde wandelknooppunten zou moeten volstaan om de beschreven routes goed te lopen.
Wie de vele Friese klooster- en kerkenpaden, schouwpaden, lijk- en dijkwegen van deze wandelroute loopt, maakt kennis met de vele sprekende getuigen uit vervlogen tijden van middeleeuwse kloosterorden in Fryslân. Dit Bonifatius Kloosterpad belicht de rijke Friese geschiedenis van kloosters en landschappen, en toont je al wandelend ook de relatie tussen beide zaken.
Met het bewandelen van alle 25 routes van deze wandelgids gaan Durkje en ik op voetreis tussen uitersten, die de verbeeldingskracht van de pelgrim voedt en inspireert.

Vrouwenklooster Sinaï van Sigerswâld
Voor vandaag hebben we de derde etappe van deze gids op het wandelprogramma staan, met een afstand van 16,38 kilometer.
Deze Etappe 3 kreeg als titel: 'Garyp naar De Veenhoop' met als subtitel: 'Gevluchte nonnen bouwen klooster Sinaï op arme Friese heide'. De subtitel verwijst naar de vijf Grauwe Begijnen, die vanwege de Hoekse en Kabeljauwse twisten in 1482 uit het Noord-Hollandse Hoorn vluchtten naar de overzijde van de Zuiderzee, naar Fryslân, waar ze van de pastoor van Garyp de suggestie kregen om zich te vestigen bij de kerkruïne van Sigerswâld. Deze 'witte susters' bouwden hier hun nonnenklooster, dat na de Reformatie op last van de Friese stadhouder in 1581 door brand werd verwoest. Alleen de uit de grond opgegraven botten en kloostermoppen getuigen nog van wat hier ooit vrouwenklooster Sinaï is geweest. 
Om 7:20 uur rijden we vanmorgen met beide auto's van Feinsum naar Ie Sicht bij De Hooidammen, waar we om 8:00 uur één van de auto's parkeren. Dan rijden we met de andere auto vanuit De Hooidammen naar Garyp, want hier begint de derde etappe van het Bonifatius Kloosterpad.
Het is onbewolkt, en de temperatuur is vanmorgen bij vertrek 9 graden Celsius. De grote ochtendzon komt in haar volle glorie nog maar net boven de bomen uit. Bij aankomst vanmiddag in De Hooidammen is het 20 graden Celsius, en zo'n zomerse dag geeft je het gevoel dat de zomer van 2020 nog lang niet voorbij is.

Vanuit Garyp naar Sigerswâld
Als we om 8:30 uur vanaf Bakkerij Van der Zee door Garyp lopen, valt ons op dat veel woningen een poster voor het raam hebben hangen, met daarop de tekst 'Trots op Spar Bijlsma'. In 2019 won deze plaatselijke Spar-supermarkt een prijs als beste Spar in de regio, en daarbij werd ook nog een duurzaamheids-award gewonnen. Samen met haar klanten viert de Spar dit nog steeds met de posters in het dorp. De aanduiding 'Trots op' zien we tegenwoordig ook bij heel veel boerderijen, in de combinatie van 'Trots op de boer', waarmee het grote belang wordt onderstreept van onze Nederlandse boeren, van hun belangrijke bijdrage aan de totale voedselproductie voor binnen- en buitenland.
Als we nog maar net Garyp uit zijn gewandeld, lopen we het buurtschap Sigerswâld al in, dat wordt doorsneden door de N31, ook wel de Wâldwei genoemd. Voorbij de tunnel onder de Wâldwei door gaan we verder door Sigerswâld. Rechts van onze route heeft een eind verderop bijna honderd jaar lang het nonnenklooster Sinaï gestaan, van 1482 tot 1581.

Opletten tijdens het wandelen
Als we over Sigerswâld-Gariperwei lopen, passeren we eerst het Nonnenpad, en daarna de Susterfeart; twee namen die Anno 2020 nog steeds verwijzen naar dat voormalige oude vrouwenklooster van zo'n 500 jaar geleden.
Voorbij de Zustervaart vervolgen we onze route over een veldpad tussen de weilanden door. Dit pad volgt met veel bochten de boomwallen die in een lange rij langs de weilanden liggen. We weten dat er in dit gebied veel reeën leven, dus we letten goed op of we er één of enkele zien op of langs de overwoekerde paden langs de boomsingels. En we hebben geluk, want al vrij snel zien we verderop twee reeën op het pad staan. Ongeveer een minuut staan we elkaar met zijn vieren roerloos aan te kijken, en dan gaan de beide reeën er met sprongen in hoog tempo vandoor, het weidse veld in.



Dit veldpad wordt niet gemaaid en zichtbaar slechts sporadisch bewandeld, dus de wilde vegetatie is hoog opgeschoten. Omdat alles nog door en door nat is van de dauw, zijn onze schoenen en ook onze sokken en broekspijpen al binnen enkele tientallen meters doorweekt van het water. Verder moet je hier voorzichtig lopen, want er kruipen veel houtachtige uitlopers van met name braamstruiken over het pad. Af en toe blijf je met je voet even haken achter zo'n houtachtige braamtak, dus het is vooral een kwestie van opletten dat je niet struikelt. De route is hier op de meeste plaatsen goed aangegeven, maar op een T-kruising van paden ten zuiden van It Utein ontbreekt van een wegwijzer elk spoor. We gaan nu in zuidelijke richting naar buurtschap It Utein.

Koffieverrassing in Oudega
Even later wandelen we over de asfaltweg door It Utein. Daar passeren we een opvallend mooie minibieb, die de naam 'Boekensilo' draagt, die ook wel lijkt op een ronde Afrikaanse hut. De opbrengst van de verkoop van boeken, tijdschriften en groentetuinproducten is bestemd voor een liefdadigheidsproject in Malawi.
Vanuit It Utein loopt een smal voetpad langs boomsingels naar een woonwijk van Oudega.
Vanuit het noorden lopen we door Oudega tot aan de 12e eeuwse Sint-Agathakerk, die vroeger is gebouwd zo ongeveer halverwege tussen de kloosters van Sigerswâld en Smalle Ee.
Waar we ongeveer Oudega uit lopen, passeren we Camping De Stjelp. Tijdens onze route passeren we vandaag geen horeca, dus we vragen bij de receptie van deze camping of hier ook koffie wordt geschonken. Dat blijkt normaal gesproken niet het geval te zijn, omdat de campinggasten zelfvoorzienend zijn, maar het eigenaarsechtpaar is van harte bereid om ons koffie aan te bieden, en daar krijgen we dan ook nog heerlijke zelfgebakken koek bij. 
Als de campingeigenares even later hoort dat wij het Bonifatius Kloosterpad lopen, vertelt ze dat ze ook nog één van de sponsoren is van dit wandelpad. Na deze gezellige koffiepauze gaan we weer verder.

Door de Jan Durkspolder naar De Hooidammen

Ten westen van Oudega gaan we de Jan Durkspolder in, een prachtig waterrijk natuurgebied van It Fryske Gea. Er loopt een mooi breed graspad door dit natuurgebied. Links zien we voornamelijk graslanden en rechts van ons liggen de rietvelden. Hier en daar tekenen zich ook hier al weer de prachtige kleuren van de naderende herfst af, bijvoorbeeld tegen de oostoever van de Alde Geau aan onze linkerzijde.
Vlak vóór de Wijde Ee gaan we rechtsaf, om dan langs boerderij waar Wytske geboren en getogen is over de Headammen naar de hoge brug van De Hooidammen te gaan.
We gaan niet met de pont over van De Hooidammen naar De Veenhoop, aan de overzijde van het Grytmansrak. Onze volgende (de vierde) etappe begint aan de overzijde wel in De Veenhoop.
Op een picknickbank aan de Hooidamsloot gaat we zitten om iets te eten en te drinken, alvorens we de brug over gaan naar onze auto bij Ie Sicht. Het is nu 12:00 uur, dus we hebben de route van vandaag in 3,5 uur afgelegd.
Vanuit De Hooidammen rijden we dan weer terug naar Garyp, waar we de andere auto afhalen, waarna we weer terug rijden naar Feinsum.

woensdag 16 september 2020

Hoera voor pake

 Woensdag 16 september 2020

Dank je wel, Elwin.



Bouwvoorbereiding voor Nijkleaster

Dinsdag 15 september 2020

Opening van de vergadering van Nijkleaster bij ondergaande zon in Jorwert











Vieren bij ondergaande zon
Voor de tweede avond op rij in deze week heb ik een vergadering voor de Stifting Nijkleaster in Jorwert.
Vanavond komen we als stichtingsbestuur van Nijkleaster bijeen in de Sint-Radboudkerk van Jorwert. Normaal gesproken vergaderen we aan de grote kloostertafel in de Voorkerk van Nijkleaster, maar omdat die voor de negen deelnemers te klein is voor een veilige Corona-opstelling, wijken we vanavond uit naar de grote kerkzaal van onze Jorwerter kloosterkerk.
Zoals te doen gebruikelijk, wordt onze bestuursvergadering ook vanavond geopend met een korte viering in de kring van bestuurders. Deze keer doen we dat niet in het koor van de kerkzaal, omdat we vanavond in die kerkzaal ook vergaderen.
Daarom gaan we voorafgaand aan onze bijeenkomst met zijn negenen naar buiten, om bij de ingang van de kerk onze avondopening onder leiding van pionierspredikant Hinne Wagenaar in een grote kring te vieren.
Tijdens deze korte viering van stilte, lezing en wisselzang heb ik tussen de bomen door - die rondom de kerk staan - het zicht op een prachtig ondergaande zon. Na deze avondopening blijven we nog heel even buiten staan om te genieten van dit kleurenrijke natuurspektakel.

Financieren en voorbereiden van nieuwbouw en restauratie
Daarna gaan we met zijn allen naar binnen, waar de vergadering door bestuursvoorzitter Alex Riemersma wordt geopend, waarin vanavond vooral de voortgang van alle voorbereidingen op restauratie van en nieuwbouw bij It Westerhûs centraal staan.
De plannen worden steeds concreter, en we schatten in dat we op afzienbare termijn in elk geval kunnen beginnen met bouw en restauratie van deze hele oude kloosterboerderij, met de hoop en in het Godsvertrouwen dat op gewenste termijn ook de laatste gelden nog zullen worden geschonken aan Nijkleaster, om daarmee dan ook de volgende en laatste bouwfasen van Nijkleaster te realiseren.
We hopen dat nog een aantal grote geldgevers zich tot Nijkleaster zullen richten om met aanmerkelijke financiële bijdragen de nieuwbouw en ook de restauratie volledig mede mogelijk te maken.
We zijn benieuwd wie ons financieel zullen helpen om het waarde(n)volle nieuw- en verbouwprogramma geheel mogelijk te maken.

  • Zijn er nog mensen of organisaties die 'dood' geld voor Nijkleaster 'levend' willen maken?
  • Wil iemand aan Nijkleaster bijvoorbeeld onroerend goed schenken zoals grond, een woonhuis, een bedrijfsruimte of een boerderij, waarvan de verkoopopbrengst ten goede zal komen aan Nijkleaster?
  • Is er iemand, of is er bijvoorbeeld een rijke kerkelijke gemeente met een groot banksaldo bereid om niet voor financieel rendement, maar voor geestelijk rendement te gaan?
  • Of wil iemand als mede-investeerder partner worden in het Friese klooster van Nijkleaster?
Alle hulp is gewenst, dus wie komt ons daarbij helpen?
Vanwaar komt onze hulp?
Wij bidden tot God, en vragen het u!

Korte avondbijeenkomst voor Nijkleaster in Jorwert

Maandag 14 september 2020

Kerkpad naar de Sint-Radboudkerk in Jorwert

Herfstloper uitgerold
Aan het begin van de avond arriveer ik bij de Sint-Radboudkerk in Jorwert.
Over het kerkpad - tussen de twee heggen door - loop ik naar de ingang van deze kloosterkerk van Nijkleaster.
Het pad is een grindpad, met een dikke laag grind, waarin je betrekkelijk diep wegzakt als je er overheen loopt.
Zo langzamerhand wordt dit grindpad bedekt door de afgevallen bladeren van de bomen rondom de kerk.
De herfst wordt hier zichtbaar gemaakt in de mooie herfstkleuren van de bladeren op het kerkpad.
Recht vóór me schijnt het warme licht van de ondergaande zon tussen de boomstammen door, met als resultaat dat vóór mij als het ware een prachtig gekleurde 'herfstloper' is uitgerold.

Vrijwilligersmiddag
We komen vanavond in de Voorkerk van de Sint-Radboudkerk in klein comité bijeen om de Vrijwilligersmiddag van oktober aanstaande voor te bereiden.
Nijkleaster viert elk jaar haar Jaardag / Jierdei op een zondag in oktober, maar vanwege de huidige Coronacrisis, hebben we als stichtingsbestuur van Nijkleaster eerder al besloten dat we de ze Jaardag dit jaar niet door laten gaan. Dat is jammer, maar wij voelen ons verantwoordelijk voor het welzijn van onze gasten.
Wat in onze ogen wel wenselijk en verantwoord is, dat is het organiseren van een verwenprogramma voor alle vrijwilligers van Nijkleaster.
Dan gaat het om enkele tientallen vrijwillige medewerkers, voor wie wij Corona-veilig een aantrekkelijke ontmoeting kunnen organiseren, om elkaar op persoonlijke wijze te informeren over allerlei ins en outs van Nijkleaster-ontwikkelingen, en om elkaar weer eens op veilige wijze persoonlijk te ontmoeten. Vanavond gaan we de opzet en de inhoud van deze Vrijwilligersmiddag bespreken.

zondag 13 september 2020

Bonifatius Kloosterpad - Rondje 8 - Drachten over Beetsterzwaag, Olterterp en Ureterp

Zondag 13 september 2020

Bij de 13e/14e eeuwse kloosterkerk van Kortehemmen











Een ontdekkingsreis en pelgrimage
Wandeljournalist Fokko Bosker publiceerde samen met co-auteur Lammert de Hoop in het jaar 2019 de wandelgids 'Bonifatius Kloosterpad'. Het titelblad van dit boek vermeldt dat het hier gaat om 'Een ontdekkingsreis en pelgrimage door het 'wilde' oosten van Fryslân'. Het gaat om een wandelgids die de kleurrijke geschiedenis van de kloosters in Fryslân beschrijft in routekaarten, foto's en begeleidende teksten.
Durkje en ik waren aanwezig bij de presentatie van het Bonifatius Kloosterpad, die plaatsvond op 15 november 2019 in de Bonifatiuskapel te Dokkum.
Deze wandelgids bevat twaalf aaneengesloten etappen en dertien lokale rondwandelingen. In totaal beslaat het wandelnetwerk zo'n 450 kilometers in oostelijk Fryslân, het gebied tussen het Friese Waddeneiland Schiermonnikoog en Wolvega.

In het voetspoor van heiligen en pelgrims
Met zijn wandelgids neemt auteur Fokko Bosker je als wandelaar mee in een schitterend gebied met veel cultuur en natuur. Hij laat je wandelen naar oude kloosterlocaties en uithoven. Het is een tocht door Wad en Woud, in een rijke afwisseling van streeklandschappen en prachtige natuurgebieden.
Tegelijk met deze wandelgids verscheen ook het bijbehorende boek 'Bonifatius Kloosterpad - In het voetspoor van heiligen en pelgrims'. Dit begeleidend schrijven in boekvorm biedt per wandelroute inspirerende verhalen over het gebied dat deze wandelgids bestrijkt.
De wandelgids is gebaseerd op het Wandelknooppunten-netwerk. De routebeschrijving in de wandelgids is uiterst beknopt, maar het volgen van de als routebeschrijving achtereenvolgens genoemde wandelknooppunten zou moeten volstaan om de beschreven routes goed te lopen.
Wie de vele Friese klooster- en kerkenpaden, schouwpaden, lijk- en dijkwegen van deze wandelroute loopt, maakt kennis met de vele sprekende getuigen uit vervlogen tijden van middeleeuwse kloosterorden in Fryslân. Dit Bonifatius Kloosterpad belicht de rijke Friese geschiedenis van kloosters en landschappen, en toont je al wandelend ook de relatie tussen beide zaken.
Met het bewandelen van alle 25 routes van deze wandelgids gaan Durkje en ik op voetreis tussen uitersten, die de verbeeldingskracht van de pelgrim voedt en inspireert.

Vanuit beslotenheid naar licht
Voor vandaag hebben we het achtste rondje van deze gids op het wandelprogramma staan, met een afstand van 27,22 kilometer.
Dit Rondje 8 kreeg als titel: 'Drachten over Beetsterzwaag, Olterterp en Ureterp' met als subtitel: 'Vanuit de beslotenheid naar het licht'. De subtitel verwijst naar de transformatie die het Karmelklooster van Drachten meemaakte. Nadat de laatste ongeschoeide Karmelietessen het Karmelklooster in 1993 verlieten, waarin ze als bid-orde in afzondering leefden, wordt het voormalige klooster nu commercieel gebruikt voor allerlei culturele activiteiten, waarbij het licht als het ware wordt gevierd.  
Om 7:20 uur rijden we vanmorgen met onze auto van Feinsum naar het Karmelklooster in Drachten, want hier begint het achtste rondje van het Bonifatius Kloosterpad.
Het is bewolkt, en de temperatuur is vanmorgen bij vertrek 15 graden Celsius. Hoe later het wordt, hoe zonniger het wordt. Bij terugkomst in Drachten is de temperatuur vanmiddag al opgelopen naar 23 graden Celsius. De stevige wind is nog wel fris, maar het is droog en heel geschikt wandelweer.

Van Karmelklooster naar kloosterkerk van Kortehemmen
Durkje en ik starten aan de voorkant van het Karmelklooster. Dan lopen we langs de zijkant langs de tuinmuur, die de kloostertuin aan ons oog onttrekt.
Verderop passeren we de woning waar Jan & Wytske met Gerjan & Arjen wonen, en dan nemen we een smal voet- en fietspad, dat ons naar en langs de Drachtster sportvelden voert. Na de tunnel onder de Zuiderhogeweg nemen de onderdoorgang van de Oude Slingeweg onder de A7 door, om daarna door de al oude singel van het verlengde van de Zuiderhogeweg in zuidelijke richting te lopen naar de Suderskarren. Over de Himsterfinnen en de Boerestreek gaat het Bonifatius Kloosterpad daarna verder naar de eeuwenoude kloosterkerk van Kortehemmen, die zo rond het jaar 1300 van kloostermoppen (Alde Friezen) is gebouwd, waarschijnlijk vanuit het voormalige, nabije klooster van Smalle Ee. Deze eeuwenoude kerk staat momenteel in de steigers wegens restauratiewerkzaamheden. 

Beetsterzwaag en Olterterp
Daarna gaat de route verder door het bosperceel tussen de A7 en Beetsterzwaag, en wandelen we geruime tijd op het Schuinpad (bij Oud-Beets), tot aan de rand van de bebouwde kom van Beetsterzwaag. Over de Helomareed gaan we dan naar de Hoofdstraat van Beetsterzwaag, die we lange tijd volgen. 
In Beetsterzwaag doorkruisen we de overtuin van het Lycklamahuis, en iets verderop gaat ons pad dan verder over het Kerkepad Oost naar de Sint-Hippolytuskerk (1500) van Olterterp. Daar eten we even een broodje voordat we verder gaan. In Het Witte Huis van Olterterp drinken we koffie.
Achter Het Witte Huis gaan we het beukenbos van Olterterp in. In dat bos passeren we enkele bomen die in de boomstam een groot houtsculptuur hebben.

Via Heidehuzen naar Ureterpvallaat
Bij het buurtschap Heidehuzen verlaten we het bos, om dan over een smal voetpad door het beekdal langs het Alddjip (ook wel Koningsdiep of Keningsdjip genoemd) naar Aldhôf te lopen. Het hoog opgeschoten riet met haar dikke rietpluimen hangt ver over het paadje, dus ons rest een smal pad om voort te gaan langs deze oude rivier.
Over de Bûtewei gaan we ter hoogte van Selmien West onder de N381 door, en al vrij snel na deze tunnel volgen we een mooi singelpad naar Selmien East. Die weg volgen we in de richting van Ureterp, maar al vóór Ureterp zouden we linksaf moeten gaan. Toch lopen we nog even door richting Ureterp, tot aan de dorpskerk, daterend van het jaar 1250, gebouwd door Cisterciënzers. Tegenover deze Ureterper Piterkerk is een gesloten Teehûs, waar we op een picknickbank een rustpauze houden om hier weer iets te eten en te drinken.
 

Dan lopen we enkele honderden meters weer terug, om dan over de eerst verharde en later onverharde Brouwerslaan naar Ureterpvallaat te gaan. In dit buurtschap volgen we De Feart, maar die oude weg wordt onderbroken door het klaverblad van de A7 ten zuidoosten van Drachten. Aan de overzijde van dat klaverblad pakken we het vervolg van De Feart weer op. Veel van de oude huizen hier in dit buurtschap Ureterpvallaat zijn gemeentelijke monumenten. Het woord vallaat verwijst naar de lokale sluis tussen Ureterp en Drachten.

Klooster van de Franciscaner Minderbroeders
Aan de voet van de hoge Tjaardaflats beginnen we bij Speeltuin Spijkerdorp aan een pad dat aan de westzijde van de geluidswal van de N31 ligt.
De Drachtster woonwijk De Wiken doorkruisen we via de groene strook van grasvelden en vijvers, tot aan de Noorderdwarsvaart.
Daarna volgt het lange stuk over De Kaden, tot aan de Grote Kerk (1743) van Drachten. Als we hier zijn, merken we dat het drukker op straat wordt. Er worden ook dranghekken langs de weg geplaatst, en als we voorbij winkelcentrum Raadhuisplein zijn, is duidelijk geworden dat we hier het parcours doorkruisen van de '8 van Drachten', een hardloop- en wandelevenement over een afstand van acht kilometer. Een deel van het centrum van Drachten wordt daartoe verkeersvrij gemaakt. 
We steken de Zuiderbuurt over, en passeren dan MuseumDr8888, dat is gevestigd in wat sinds 1937 tot 1970 het Drachtster klooster van de Minderbroeders was.




Door het opengestelde deel van de oorspronkelijke kloostertuin van de Franciscaner paters lopen we langs het Drachtster gemeentehuis, langs De Lawei en door de parkachtige woonwijk en het Jonko Park op het voormalige Drafbaanterrein.

Karmelklooster voor Ongeschoeide Karmelietessen
Als we de Eikesingel even later oversteken, ontmoeten we Jan & Wytske, die zojuist een eind gaan fietsen. Nadat we een tijdje met hen hebben gesproken, wandelen we langs de bult van Drachten en langs de kloostertuinmuur weer terug naar de voorzijde van het Karmelklooster (1936), het eindpunt van deze wandelroute. 
 

Als kind ben ik vroeger wel in het publieke deel van dit klooster van de zusters Onze Lieve Vrouwe van de Berg Karmel geweest, om daar rondgeleid te worden en om te horen wat deze Karmelietessen zoal deden in het klooster. Ze verdienden de kost onder andere door avondmaalsbrood voor de kerken in de regio te bakken, en deden intern ook inpakwerk voor de Philipsfabriek van Drachten. Af en toe kwamen deze in lange donkerbruine pijen geklede nonnen vroeger ook wel bij ons in de winkel en werkplaats om bijvoorbeeld hun fietsen te laten repareren.
Bij aankomst is het 14:00 uur, dus we hebben deze 27,22 kilometers in zes uren afgelegd.
Het is nog steeds prachtig weer, met een stevige wind, maar het is een volop zonnige zondag. Vanaf het Karmelklooster rijden we terug naar huis.