maandag 15 maart 2021

Hardlopers in de storm

Zaterdagmiddag 13 maart 2021

Eén van de Feinsumer fazanten

















Feinsumer fazanten
Het weer trekt vandaag de aandacht. 
Onstuimig weer, harde wind met regelmatig zware windstoten, gepaard gaand met hevige regenbuien.
Dat tekent deze dag.
Nu weten we dat er rondom Feinsum fazanten in het veld leven, en af en toe is er wel eens een fazant die aan de rand van de bebouwde kom een wandeling langs ons huis maakt.
Vandaag was het weer zover, en zijn ze met zijn tweeën. 
Kennelijk maakt de stormachtige wind de fazanten onrustig, want verschillende keren lopen de fazanten - nu eens met zijn tweeën en dan eens alleen - op hoge snelheid heen en weer door de tuin tegenover ons huis. 
Net op het moment dat de pas even wordt ingehouden, lukt het me om vanuit huis één van de twee fazanten op de foto te zetten.

woensdag 10 maart 2021

Stem volgende week op ..... ?

Woensdag 10 maart 2021
Het verkiezingsbord bij It Spoardok in Feinsum

















Actie en reactie
Het is verkiezingstijd. Volgende week gaan we op voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten Generaal.
Burgerlijke gemeenten hebben her en der in dorpen en steden weer grote verkiezingsborden geplaatst, waarop de politieke partijen hun verkiezingsposters kunnen plakken.
Bij elke verkiezing ontstaat daar weer het nodige gedoe over. Partijen die elkaars verkiezingsposters over elkaar heen plakken, posters die geheel of gedeeltelijk van de verkiezingsborden worden gescheurd, en verkiezingsposters die worden bekrast en beklad, waarmee ze soms grotendeels of geheel onleesbaar worden gemaakt. Spandoeken zijn in de afgelopen weken kapot gesneden, en er is inmiddels gepoogd om verkiezingsborden in brand te steken.

Van deze tijd?
In ons dorp Feinsum bij It Spoardok is dat niet anders, alhoewel de baldadigheid hier wel een heel ernstige vorm heeft aangenomen. Van alle affiches die op dit Feinsumer verkiezingsbord zijn geplakt, zijn nog drie redelijk zichtbaar, en van nog slechts twee van die drie verkiezingsposters is de naam van de betreffende politieke partij leesbaar.
Je kunt er van alles van vinden.
Wellicht dat dit na volgende week in de gemeenteraad van onze gemeente Leeuwarden een goede aanleiding is om eens met elkaar in gesprek te gaan over het nut en de noodzaak van dergelijke verkiezingsborden, in ons tijdperk waarin we via allerhande media door politieke partijen en door mediabedrijven al worden overspoeld met uitingen van politiek-promotionele aard. 
Zijn deze borden Anno 2021 nog wel van deze tijd?
Is het doel van deze borden bereikt?

maandag 8 maart 2021

De ontdekking van de hemel

Maandag 8 maart 2021
Cover van 'Ontdekking van de hemel'

Is de hemel een organisatie 
die op het punt staat begrepen en opgerold te worden 
door de technologisch hoogontwikkelde mens 
van de twintigste eeuw?

Totaalroman
De bijna duizend pagina's tellende roman 'De ontdekking van de hemel' (1992) is een totaalroman, waarin alle thema’s en obsessies uit het werk van de auteur Harry Mulisch in 65 hoofdstukken bijeenkomen. 
Dit monumentale boek is tegelijk een psychologische roman, een filosofische roman, een tijdroman, een ontwikkelingsroman, een avonturenroman en een alles overkoepelend mysteriespel.
In zijn magnum opus wilde Harry Mulisch alles wat hij eerder had geschreven in een compleet nieuwe samenhang vatten. Hij wilde het mysterie van hemel en aarde voor eens en altijd duiden. Met 'De ontdekking van de hemel' bevestigde Mulisch in een raamvertelling van de 65 overrompelende hoofdstukken niet alleen zijn plek bij ‘de grote drie’ van de naoorlogse literatuur uit Nederland; hij wilde er zijn collega's Willem Frederik Hermans en Gerard Reve zelfs mee naar de kroon te steken.

De klassieker vertaald en verfilmd
"Ik ben de Tweede Wereldoorlog", had Mulisch beweerd. Hij bedoelde daarmee dat hij in zich de genen verenigde van zijn collaborerende vader uit Oostenrijk-Hongarije en die van zijn in Antwerpen geboren Duits-Joodse moeder. Die nogal dubbelzinnige identiteit van enerzijds daderschap (van vaderszijde) en anderzijds slachtofferschap (van moederszijde) in één werd een fundament van zijn schrijverschap, en deze thematiek resoneerde ook mee in zijn roman 'De ontdekking van de hemel'.
Dit boek heeft in de loop van de jaren de status van een klassieker verworven. Het boek werd in 2007 uitgeroepen tot het beste Nederlandstalige boek aller tijden. De roman werd veelvuldig vertaald en bekroond.
In het jaar 2001 waagde Jeroen Krabbé zich aan een verfilming van 'Discovery of Heaven'. Dat was beslist geen sinecure, want deze roman is een vernuftig literair spel met verwijzingen naar theologie, mythologie, filosofie, astronomie, kabbalistiek en nog veel meer. Het boek vraag al lezende als het ware een soort beklimming, maar ja, het panorama is dan onderweg wel adembenemend.

Doel en plan
In het verhaal van deze bestseller beraamt een oude, vergeetachtige Chef (lees: God) een vermaledijd plan. Een engel krijgt van Hem de belangrijke taak om drie uitzonderlijke mensen op aarde op een gewiekste manier samen te brengen. De uitbundige sterrenkundige Max Delius, de introverte taalkundige Onno Quist en de betoverende celliste Ada Brons moeten een driehoeksverhouding aangaan, opdat een uitzonderlijke jongen ter wereld kan komen.
In de roman ontstaat in het jaar 1967 een diepe vriendschap tussen Max Delius (wiens moeder is vergast in Auschwitz en wiens vader juist fout was in de oorlog) en Onno Quist (de jongste zoon van een beroemd conservatief politicus). Gezamenlijk ontmoeten zij de Ada Brons, die eerst een verhouding krijgt met Max, en daarna met Onno. 
Tijdens een verblijf van de drie op Cuba raakt Ada zwanger, waarna Onno met haar trouwt. Deze zwangerschap is dus het eigenlijke doel van de engel geweest, want Ada zal bevallen van een zoon, Quinten, en dát is de jongen die het zogenoemde 'testimonium' terug zou moeten brengen, al weet Quinten dat zelf niet. 

Adembenemende race tegen de klok
De drie mannelijke hoofdpersonen hebben ieder voor zich een (on)bewuste drang, namelijk: Quinten om op reis te gaan en iets te doen (al weet hij niet precies wat), Onno om via de politiek van Nederland een beter land te maken, en Max om het heelal beter te begrijpen.
Het kost allemaal grote offers en het zorgt voor een spectaculair spel met de natuurelementen, maar de engel slaagt uiteindelijk wel in diens opzet. De door God uitverkoren boreling Quinten Quist groeit op als een verblindende bolleboos, in wie hemel en aarde onlosmakelijk met elkaar zijn verknoopt. 
Het eindspel - zijnde een adembenemende race tegen de tijd in het heilige Rome - moet dan nog beginnen. De vraag die rijst, is echter of het bereiken van hun doel, voor zowel Max, Onno en Quinten, als voor de mensheid in zijn geheel, al dan niet een goede zaak is.



zaterdag 6 maart 2021

Een wandelmekka in een web van zandpaden

Zaterdag 6 maart 2021
Over zandpaden door het Noordseveld

 















Fascinerende voetreis door de kop van Drenthe
De Groninger Onlanden en de fijnmazige waterlopen tussen de stad Groningen en het Drentse Veenhuizen vormen een natuurlijke loper die de stad en het platteland verbinden. Hier is in korte tijd een prachtige wildernis geschapen en ontstaan, die zich kan meten aan de vermaarde Oostvaardersplassen of de Veluwe. Reeën foerageren hier tot aan de rand van de Groningse nieuwbouwwijken, de vos struint door het Groninger Stadspark en de bever en de otter voelen zich thuis in de nieuwe, langgerekte moerasdelta.
De in 2016 gepubliceerde wandelgids 'Langs de mooiste diepjes in de kop van Drenthe' is het tweede deel in de 'Wandelknooppuntenreeks' van landschapsjournalist en voetreiziger Fokko Bosker. Deze wandelaar-schrijver neemt je als wandelaar als het ware mee op een voetreis door een fascinerend landschap met een heel eigen geschiedenis.
De twaalf thematische verhalen die bij de twaalf etappes horen, staan stil bij de rijke cultuurhistorie van de streek, bij de opmerkelijke flora en fauna en daarnaast ook bij de ultieme schoonheid van het wandelen. De auteur omarmt de neerbuigende kwalificatie van 'landloper' als geuzennaam en geeft aan het bestaan als lanterfanter een nieuwe, positieve betekenis.
Deze 'landloper' Bosker heeft in zijn wandelgidsen al vele duizenden kilometers in Fryslân en Groningen verkend. De Kop van Drenthe - waarover deze wandelpublicatie gaat - behoort qua afwisseling en ongeplaveide wegen volgens Fokko tot de mooiste streken voor voetreizigers. Bosker voert je met deze wandelgids verhalenderwijs door een wandel-eldorado.

Een lustoord onder handbereik
In zijn wandelgids beschrijft Bosker een uitgestrekt gebied met verhalen, die de historie, de natuurbeleving en het wandelgenot met elkaar verbinden.
De route voert je in zeven etappes over een afstand van 122 kilometer van Groningen, via Roden, Norg en Een naar Veenhuizen, waarna je via Zeijen, Donderen en Eelde weer terug loopt naar de stad Groningen. Deze langeafstandswandeling is verrijkt met vijf rondwandelingen, in en vanuit Roden, Norg, Veenhuizen, Eelde en Groningen, over een totale afstand van 93 kilometer.
De totale afstand van 215 wandelkilometers toont je in twaalf trajecten de schoonheid van de natuur, en vooral van de variatie in oude landschappen. Door het in de loop van de afgelopen jaren herinrichten van de beekdalen is in dit gebied als het ware een samenhangend wildpark van nieuwe natuur geschapen en ontstaan.
In de begeleidende etappeteksten is veel aandacht besteed aan de natte en kruidenrijke groenlanden langs het netwerk van beken en stroompjes, voor de aardkundige vorming van het gebied en voor de cultuurhistorische elementen van deze regio.

Wandelknooppuntenreeks
Alhoewel het boek als tweede deel van een Wandelknooppuntenreeks wordt betiteld, tref je als lezer-wandelaar de Wandelknooppunten niet in de reisgids aan. De wandelgids bevat dus geen routebeschrijving in opeenvolgende wandelknooppunten. Wel wordt in het verhalende deel in globale bewoordingen iets aangegeven van markante punten onderweg, die enige indruk geven van de te volgen route, maar dat is niet een complete routebeschrijving zoals die in wandelgidsen te doen gebruikelijk is. Maar wat wel de route goed aangeeft, dat is de wandelkaart die als bijlage bij deze wandelgids is gevoegd. Die toegevoegde wandelkaart is goed gedetailleerd, en daarop staan in verschillende kleuren de routes van de zeven etappes van het hele traject en ook van de vijf rondwandelingen. Deze wandelkaart zou moeten volstaan om correct 'en route' te blijven.

Een wandelmekka in een web van zandpaden
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om vandaag de vierde etappe van deze wandelgids te gaan lopen.
Deze vierde etappe is het Rondje Norg, volgens de wandelgids 19 kilometer lang. 
Het thema van deze wandeling is 'Een wandelmekka in een web van zandpaden'. De route voert ons over een groot aantal zandpaden door het beekdal van het Oostervoortse Diep. Dit rijk vertakte netwerk van smalle en brede zandpaden, vormt samen het wandelmekka van Norg. 
Deze vierde etappe begint op de Brinkhofweide nabij de 13e eeuwse Catharinakerk van Roden. De route voert ons dan door het Norgerholt, over de Oosteresch, langs Westerveen, door de Peestermaden en over het Noordsche Veld, om dan door het Noordseveld weer terug te keren naar Norg.

Van Norg naar het Norgerholt
Om 8:20 uur verlaten we Feinsum en rijden we met de auto naar het centrum van Norg. Als we vertrekken uit Feinsum regent het licht en de temperatuur is 3 graden Celsius. Die loopt vandaag op tot maar 7 graden Celsius. Als we in het Drentse es-dorp Norg arriveren, regent het niet meer. We vertrekken om 9:30 uur vanaf de Brinkhofweide, met het zicht op de 13e eeuwse Margarethakerk van Norg. Langs deze Sint-Margarethakerk lopen we in westelijke richting. Bij de voorbereiding van deze etappe zag ik dat de routebeschrijving in onze wandelgids niet correspondeert met de route op onze wandelkaart die bij deze wandelgids hoort. Duidelijk is wel dat we niet de beschrijving uit de wandelgids moeten opvolgen, maar dat we de wandelkaart als leidraad moeten nemen. 
Daarom volgen we het Boersma's Pad het dorp uit, om daarna over het zandpad van de Heegkampsweg naar het Norgerholt te lopen. Bodemonderzoek wees hier uit dat dit bos al tenminste 1.000 jaar oud is, en dat het daarmee één van de oudste bossen van Nederland is.
Aan de overzijde van de Asserstraat gaan we weer een zandpad op, om dan over de Reeweg en Bonhagen door een mooi oud Drents essen-landschap te wandelen. De zon breekt door, dus even genieten van het lenteweer.
Ten zuiden van een nieuwbouwwijk van Norg gaan we over een brede zandweg (de Veldweg) het bos in. Daar passeren we het oorlogsmonument voor de gevangenen uit het Groningse Scholtenshuis, die in de Tweede Wereldoorlog vlak voor de bevrijding hier werden gefusilleerd.
In het bos komen we dan op een open plek, die het Westerveen wordt genoemd. Hier ligt een kruis van vier korte en brede waterlopen, die alle vier naar het midden aflopen, naar een klein bosven. Schoonebeker heideschapen lopen op het grasland tussen die waterlopen; al met al een bijzondere open plek hier in een bosperceel.

Over de Oosteresch langs Peest
Vervolgens lopen we over de Oosteresch noordelijk langs het dorp Peest. De zandpaden voeren ons daarna in noordoostelijke richting door een bosperceel van de Peestermaden. Vlak nadat we het Oostervoortse Diep zijn overgestoken, moeten we over een veldpad door een vochtig plasdras-weidegebied. Het waterpeil is hier zo hoog, dat mijn wandelsokken door en door nat zijn als ik het hoger gelegen bosperceel aan de overzijde van dit beekdal bereik. Zoiets heb je natuurlijk liever niet, maar het is geen belemmering om verder te lopen. 

Noordsche Veld, schatkamer van de prehistorie
Langs de bosrand en langs het heideveld van Noordsche Veld lopen we dan parallel aan het Oostervaartse Diep in zuidelijke richting. Waar het bos op houdt en het heideveld begint, staat een houten bank, waarop we plaatsnemen voor een thermoskankoffiepauze. We zien vanaf hier onder andere enkele prehistorische grafheuvels (tussen Steentijd en IJzertijd) van het Noordsche Veld.
Als we even later over een zandpad langs de boomwal van het Noordsche Veld lopen, valt ons op dat hier wel heel veel mierenhopen zijn aan de voet van deze boomwal, toch zeker wel meer dan twintig op een rij. In en op deze mierenhopen zijn de mieren druk in de weer.
Vanuit het zuiden doorkruisen we het open heidegebied 'de Negen Bergen' van het Noordsche Veld. Hier en daar passeren we de prehistorische Celtic Fields en zien we ook de 2.800-4.000 jaar oude grafheuvels, waarvan een aantal zijn gerestaureerd, nadat ze op last van de Duitse bezetters in de Tweede Wereldoorlog zijn verwijderd, om hier een imitatie vliegveld aan te leggen, als afleidingsinstrument voor de Geallieerden.
Voorbij een informatiepunt gaat we het bos in, om in dezelfde richting door te lopen tot aan het Donderboerkamp, een voormalig munitieterrein van Defensie, waarvan nog 24 munitiebunkers resteren, uit de tijd van de Koude Oorlog, waarin de Amerikaanse bondgenoot haar munitie opsloeg in de bunkers onder aarden wallen.

Terug door Peestermaden en Noordseveld
Dan arriveren we bij de Natuurplaats Noordsche Veld, waar onder andere een bezoekerscentrum van Staatsbosbeheer is gevestigd. Bij het restaurant is het mogelijk om consumpties-to go te kopen, dus daar maken we dankbaar gebruik van. Tijdens onze pauze op een houten bankje genieten we hier van een kop verse koffie en een kop heerlijke warme soep.
Als we even later in het bezoekerscentrum van Staatsbosbeheer staan, schuilen we daar voor een fikse hagelbui, die over gaat in een langdurige lichte regenbui.
Als het nagenoeg droog is, steken we de Donderseweg over, om dan aan de overzijde nog op de grens van bos en veld parallel aan de N858 in de richting van Norg te lopen.
We steken het Oostervaartse Diep weer over, en volgen de Donderseweg een eindje, alvorens we die N858 oversteken om dan over brede zandpaden door het Noordseveld en het Oosterveld weer terug te wandelen naar Norg.
Vanuit Norg rijden we voor een gezinsbezoek naar Meerstad, vanwaar we na het avondeten weer terug rijden naar Feinsum. We zijn ruimschoots vóór 21:00 uur weer thuis, dus ook ruim vóór het ingaan van de avondklok, één van de maatregelen in de hedendaagse strijd tegen het Corona-virus.

vrijdag 5 maart 2021

Bonte Luwen an 'e Kouwe Faart

Woensdag 3 maart 2020

De Kouwe Faart meandert bij Zwarte Haan buitendijks

















Kouwe Faart
In een nagenoeg rechte lijn stroomt de Kouwe Faart vanaf de Friese Blikvaart over Het Bildt naar zee, naar de Waddenzee.
Bij de Waddenzeedijk stuit de Kouwe Faart in Zwarte Haan op het H.G. Miedemagemaal, dat het zoete water vanuit het Bildt loost op de Waddenzee. Dit gemaal is overigens ook uitgerust met een vispassage, zodat vissen - zoals de paling - hier van zoet naar zout water kunnen passeren, of van zout naar zoet water.

Zwarte Haan
Zwarte Haan was vroeger een plek van grote bedrijvigheid. Vanaf hier vertrok voorheen de veerboot naar Ameland. Hier waren vroeger de slikwerkers aan het werk om land aan te winnen (opbillen) uit zee, en vanaf hier gingen de plaatselijke zeevissers met kleine bootjes de Waddenzee op om zeevis te vangen.
Het opgebilde land was vruchtbaar, dus ook boeren konden hier prima de kost verdienen. Dit is ook de plek waar mijn voorgeslacht van Koehoorn-zijde vandaan komt; een familie van boeren. Hier werd en wordt mijn moedertaal - het Bildts - gesproken. Dit is het land waar ik als kind binnendijks en buitendijks de ruimte kreeg om taal en cultuur te ontdekken.
Voorbij het Miedemagemaal gaat de Kouwe Faart het Waddengebied op. Niet in een rechte lijn, maar meanderend door het slik naar zee.

Seefeugels en bonte luwen
Dat vooral de overgangen van water en slik voedselrijk zijn, blijkt wel uit het feit dat langs de randen van de buitendijks meanderende Kouwe Faart grote groepen vogels foerageren. Verderop zie ik aan beide zijden van de Kouwe Faart honderden meeuwen staan, lopen en vliegen. Bildtkers noemen ze 'seefeugels'. Onvergetelijk is dat ik vroeger als kind in het voorjaar voorzichtig tussen - honderden nesten door - de meeuwenkolonies doorkruiste die tussen Zwarte Haan en het Noorderleeg nestelden op de hogere drooggelegen slikvelden
Tussen de Waddenzee en die meeuwenkolonie bevindt zich een grote kolonie scholeksters, in het Fries 'strânljip' (vrij vertaald: strandkiviet) genoemd, maar voor mij in mijn moedertaal de zogenoemde 'bonte luw'.

zondag 28 februari 2021

Zigzag over de flanken van het Lieversche Diep naar Norg

Zondag 28 februari 2021
Via de Mensingheweg over het Lieversche Diep


Fascinerende voetreis door de kop van Drenthe
De Groninger Onlanden en de fijnmazige waterlopen tussen de stad Groningen en het Drentse Veenhuizen vormen een natuurlijke loper die de stad en het platteland verbinden. Hier is in korte tijd een prachtige wildernis geschapen en ontstaan, die zich kan meten aan de vermaarde Oostvaardersplassen of de Veluwe. Reeën foerageren hier tot aan de rand van de Groningse nieuwbouwwijken, de vos struint door het Groninger Stadspark en de bever en de otter voelen zich thuis in de nieuwe, langgerekte moerasdelta.
De in 2016 gepubliceerde wandelgids 'Langs de mooiste diepjes in de kop van Drenthe' is het tweede deel in de 'Wandelknooppuntenreeks' van landschapsjournalist en voetreiziger Fokko Bosker. Deze wandelaar-schrijver neemt je als wandelaar als het ware mee op een voetreis door een fascinerend landschap met een heel eigen geschiedenis.
De twaalf thematische verhalen die bij de twaalf etappes horen, staan stil bij de rijke cultuurhistorie van de streek, bij de opmerkelijke flora en fauna en daarnaast ook bij de ultieme schoonheid van het wandelen. De auteur omarmt de neerbuigende kwalificatie van 'landloper' als geuzennaam en geeft aan het bestaan als lanterfanter een nieuwe, positieve betekenis.
Deze 'landloper' Bosker heeft in zijn wandelgidsen al vele duizenden kilometers in Fryslân en Groningen verkend. De Kop van Drenthe - waarover deze wandelpublicatie gaat - behoort qua afwisseling en ongeplaveide wegen volgens Fokko tot de mooiste streken voor voetreizigers. Bosker voert je met deze wandelgids verhalenderwijs door een wandel-eldorado.


Een lustoord onder handbereik
In zijn wandelgids beschrijft Bosker een uitgestrekt gebied met verhalen, die de historie, de natuurbeleving en het wandelgenot met elkaar verbinden.
De route voert je in zeven etappes over een afstand van 122 kilometer van Groningen, via Roden, Norg en Een naar Veenhuizen, waarna je via Zeijen, Donderen en Eelde weer terug loopt naar de stad Groningen. Deze langeafstandswandeling is verrijkt met vijf rondwandelingen, in en vanuit Roden, Norg, Veenhuizen, Eelde en Groningen, over een totale afstand van 93 kilometer.
De totale afstand van 215 wandelkilometers toont je in twaalf trajecten de schoonheid van de natuur, en vooral van de variatie in oude landschappen. Door het in de loop van de afgelopen jaren herinrichten van de beekdalen is in dit gebied als het ware een samenhangend wildpark van nieuwe natuur geschapen en ontstaan.
In de begeleidende etappeteksten is veel aandacht besteed aan de natte en kruidenrijke groenlanden langs het netwerk van beken en stroompjes, voor de aardkundige vorming van het gebied en voor de cultuurhistorische elementen van deze regio.

Wandelknooppuntenreeks
Alhoewel het boek als tweede deel van een Wandelknooppuntenreeks wordt betiteld, tref je als lezer-wandelaar de Wandelknooppunten niet in de reisgids aan. De wandelgids bevat dus geen routebeschrijving in opeenvolgende wandelknooppunten. Wel wordt in het verhalende deel in globale bewoordingen iets aangegeven van markante punten onderweg, die enige indruk geven van de te volgen route, maar dat is niet een complete routebeschrijving zoals die in wandelgidsen te doen gebruikelijk is. Maar wat wel de route goed aangeeft, dat is de wandelkaart die als bijlage bij deze wandelgids is gevoegd. Die toegevoegde wandelkaart is goed gedetailleerd, en daarop staan in verschillende kleuren de routes van de zeven etappes van het hele traject en ook van de vijf rondwandelingen. Deze wandelkaart zou moeten volstaan om correct 'en route' te blijven.

Zigzag over de flanken van het Lieversche Diep naar Norg
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om vandaag de derde etappe van deze wandelgids te gaan lopen.
Deze derde etappe is volgens de wandelgids 19 kilometer lang. 
Het thema van deze wandeling is 'Zigzag over de flanken van het Lieversche Diep naar Norg'. De route voert ons door het beekdal van het Lieversche Diep, die verderop in het noorden ook Oude Diep en Peizerdiep wordt genoemd, en die zuidelijker de Aa of het Groote Diep wordt genoemd. De etappe van vandaag kruist driemaal deze lange Drentse waterloop, vandaar dat het thema van deze wandeling spreekt over het zigzaggend gaan over de flanken van het Lieversche Diep.
Deze derde etappe begint op de Brink bij de 13e eeuwse Catharinakerk van Roden. De route voert ons dan door Roderesch en Alteveer naar Lieveren, en daarna langs Steenbergen en Langelo naar Norg.

Van Roden via Nieuw-Roden naar Roderesch
Om 8:00 uur verlaten we Feinsum en rijden we met de auto naar het centrum van Norg. We rijden door een behoorlijk dichte mist. Het vriest één graad, en als we in Norg arriveren, zien we de klonten ijs van een groot aantal bevroren mistdruppels op onder andere de buitenspiegels van de auto. We zijn met één auto naar Norg gereden en laten hier onze auto achter, want we kunnen gelukkig met een bus van Norg naar Roden rijden. We vertrekken vanuit Norg om 9:31 uur en wij zijn dan de enige passagiers in deze achtpersoons bus. Om 9:43 uur stappen we uit in de Raadhuisstraat in Roden, om dan een eindje terug te lopen naar de Brink van Roden, waar onze etappe van vandaag begint bij het standbeeld van Ot & Sien, tegenover de Roder Catharinakerk.
Eerst lopen we door het midden van Landgoed Mensinge, langs de havezate Mensinge - met bovenop een schoorsteen een groot nest met twee ooievaars - naar de camping verderop. Langs de camping gaat de route dan in westelijke richting. Na een stukje Norgerweg gaan we een schouwpad op langs een brede sloot, met links en rechts van deze sloot de plaatselijke begraafplaats.
Voorbij de tennisvelden gaan we de Hullenweg op, en dan lopen we langs de zuidelijke dorpsrand van Nieuw-Roden.
Door een lange laan gaat de route verder, parallel aan de Esweg, maar verderop komen we op de Esweg, die we volgen, om verderop de plaats Roderesch binnen te wandelen.

Langs de grens van bos en beekdal
Voorbij Roderesch passeren we eerst het woonwagenkamp van de Berkenheuvel, waarna we over een smal schelpenpaadje naar het Holveen gaan. Bij het kombord van Alteveer verlaten we de doorgaande weg, om met een boog over bospaden aan de zuidkant om het Holveen te gaan lopen. Het Holveen is ook de plaatselijke natuurijsbaan. Over het stille wateroppervlak van het Holveen hangt een dichte mist, dus de overkant van het Holveen kunnen we niet zien. Uit tegenovergestelde richting komen twee mountainbikers, die ons vragen of we lieslaarzen bij ons hebben, want verderop zou het bospad nogal drassig zijn. Maar ja, als mountainbikers die drassige stukken gepasseerd hebben, dan kunnen wij er ook langs, dus we lopen door en constateren verderop dat het inderdaad wel drassig is, maar dat we er prima omheen kunnen lopen.
Over de Melkweg lopen we naar de Alterveerse Bossen. Op de grens van bos en beekdal gaan we dit bosgebied in. Verderop gaan we over het open heidegebied van Moltmakersstuk, om aan de overzijde het ongeveer 125 jaar oude Mensingebos in te gaan. Als je hier over de bospaden loopt, zie je rechts van je het betrekkelijk grote hoogteverschil van het daar naar beneden aflopende beekdal van het verderop meanderende Lieversche Diep. We moeten dan een klein stukje langs de Mensingheweg, om daar het Lieversche Diep over te steken. Het meanderende riviertje verdwijnt aan beide zijden van de weg slingerend in de mist.

Door het Norger esdorpenlandschap
Over de Zwarteweg en over het onverharde pad van Achter het Bos lopen we naar het Lieverderbosch. Dat bosperceel doorkruisen we, om aan de zuidzijde van het bos het dorp Lieveren binnen te lopen. In Lieveren is het dorpscafé gesloten, dus we nemen een eindje verder plaats op een bank, om hier te pauzeren met een broodje met de door ons in de thermoskan meegenomen koffie.
Na deze koffiepauze verlaten we Lieveren over het zandpad van De Drift. We kruisen eerst de Zuidesch, daarna steken we weer het Groote Diep (zo heet het Lieversche Diep hier) over, en kruisen we de Norgerweg, op weg naar de Noorderduinen. Aan de zuidwestzijde van de Noorderduinen arriveren we bij de grote hunebed, die hier op een redelijk hoge duin staat. We zijn hier niet alleen, want dit grote hunebed is kennelijk wel een attractie hier in de regio. 
Een klein eindje voorbij dit hunebed gaan we in zuidelijke richting de Steenbergeresch op. Dit zandpad over de uitgestrekte glooiende es voert ons naar de Zuursche Duinen. Ook in dit natuurreservaat passeren we een hunebed, echter kleiner dan de vorige. 
Vanuit dit glooiende gebied van bos & duin dalen we over een slingerend smal fiets- en voetgangerspad het beekdal weer in. Op het laagste punt steken we het Groote Diep wederom over.
In een nogal schril contrast met dit historische beekdal lopen we vervolgens naar het Langeloër gasveld van de NAM. Fokko Bosker betitelt dit industrieel complex in zijn wandelgids terecht als het Pernis van Drenthe.

Door bos en over duinen naar een zonnig Norg
We lopen snel door naar de Langeloër duinen. Voordat we dit bosgebied van Norg in gaan, pauzeren we nog een keertje voor een laatste broodje met drinken erbij. Op het Duinenpad ontmoeten we een gezin met twee dochtertjes, die enthousiast met pen en papieren in de weer zijn. Op mijn vraag of ze een speurtocht lopen, vertellen ze dat ze dat niet doen, dan worden er twee ballen tevoorschijn gehaald, en vertellen ze dat ze gaan klootschieten, zoals dat in Drenthe te doen gebruikelijk is. Over het Duinenpad gaan we het bosgebied van de Langeloër duinen in. Wat een prachtig gebied is dit toch.  
Een schitterend glooiend duinenterrein, grotendeels bebost, en met prachtige paden, waarop wij veel stellen en gezinnen vrolijk zien wandelen. Men geniet hier zichtbaar volop van dit aantrekkelijke bosgebied. 
Voorbij de boscamping blijven we rechtdoor lopen, over het Kerkpad, dat ons - als bijna vanzelfsprekend - precies tegenover de Norger dorpskerk brengt. Deze Sint-Margaretakerk staat volop in de zon. Her en der staan kleine groepjes mensen met elkaar te praten op de Brink, enkelen genieten van ijs en van koffie-to go. Auto's rijden af en aan over de Brink.
Toen we zojuist bij de Langeloër duinen arriveerden, begon de zon op de valreep toch nog te schijnen. Bijna de hele wandeling was het bewolkt en mistig, maar nu is de lucht prachtig blauw, en de volle zon doet velen goed. De temperatuur is vandaag opgelopen van één graad onder nul naar 7 graden Celsius, en dit mooie weer hier in Norg vormt een prachtige afsluiting van deze aantrekkelijke wandeling over de flanken van het Lieversche Diep.

vrijdag 26 februari 2021

Een enkeltje van de hel naar het paradijs

Vrijdag 26 februari 2021

Langs de Rodervaart met het Leekstermeer achter ons

















Fascinerende voetreis door de kop van Drenthe
De Groninger Onlanden en de fijnmazige waterlopen tussen de stad Groningen en het Drentse Veenhuizen vormen een natuurlijke loper die de stad en het platteland verbinden. Hier is in korte tijd een prachtige wildernis geschapen en ontstaan, die zich kan meten aan de vermaarde Oostvaardersplassen of de Veluwe. Reeën fourageren hier tot aan de rand van de Groningse nieuwbouwwijken, de vos struint door het Groninger Stadspark en de bever en de otter voelen zich thuis in de nieuwe, langgerekte moerasdelta.
De in 2016 gepubliceerde wandelgids 'Langs de mooiste diepjes in de kop van Drenthe' is het tweede deel in de 'Wandelknooppuntenreeks' van landschapsjournalist en voetreiziger Fokko Bosker. Deze wandelaar-schrijver neemt je als wandelaar als het ware mee op een voetreis door een fascinerend landschap met een heel eigen geschiedenis.
De twaalf thematische verhalen die bij de twaalf etappes horen, staan stil bij de rijke cultuurhistorie van de streek, bij de opmerkelijke flora en fauna en daarnaast ook bij de ultieme schoonheid van het wandelen. De auteur omarmt de neerbuigende kwalificatie van 'landloper' als geuzennaam en geeft aan het bestaan als lanterfanter een nieuwe, positieve betekenis.
Deze 'landloper' Bosker heeft in zijn wandelgidsen al vele duizenden kilometers in Fryslân en Groningen verkend. De Kop van Drenthe - waarover deze wandelpublicatie gaat - behoort qua afwisseling en ongeplaveide wegen volgens Fokko tot de mooiste streken voor voetreizigers. Bosker voert je met deze wandelgids verhalenderwijs door een wandel-eldorado.


Een lustoord onder handbereik
In zijn wandelgids beschrijft Bosker een uitgestrekt gebied met verhalen, die de historie, de natuurbeleving en het wandelgenot met elkaar verbinden.
De route voert je in zeven etappes over een afstand van 122 kilometer van Groningen, via Roden, Norg en Een naar Veenhuizen, waarna je via Zeijen, Donderen en Eelde weer terug loopt naar de stad Groningen. Deze langeafstandswandeling is verrijkt met vijf rondwandelingen, in en vanuit Roden, Norg, Veenhuizen, Eelde en Groningen, over een totale afstand van 93 kilometer.
De totale afstand van 215 wandelkilometers toont je in twaalf trajecten de schoonheid van de natuur, en vooral van de variatie in oude landschappen. Door het in de loop van de afgelopen jaren herinrichten van de beekdalen is in dit gebied als het ware een samenhangend wildpark van nieuwe natuur geschapen en ontstaan.
In de begeleidende etappeteksten is veel aandacht besteed aan de natte en kruidenrijke groenlanden langs het netwerk van beken en stroompjes, voor de aardkundige vorming van het gebied en voor de cultuurhistorische elementen van deze regio.

Wandelknooppuntenreeks
Alhoewel het boek als tweede deel van een Wandelknooppuntenreeks wordt betiteld, tref je als lezer-wandelaar de Wandelknooppunten niet in de reisgids aan. De wandelgids bevat dus geen routebeschrijving in opeenvolgende wandelknooppunten. Wel wordt in het verhalende deel in globale bewoordingen iets aangegeven van markante punten onderweg, die enige indruk geven van de te volgen route, maar dat is niet een complete routebeschrijving zoals die in wandelgidsen te doen gebruikelijk is. Maar wat wel de route goed aangeeft, dat is de wandelkaart die als bijlage bij deze wandelgids is gevoegd. Die toegevoegde wandelkaart is goed gedetailleerd, en daarop staan in verschillende kleuren de routes van de zeven etappes van het hele traject en ook van de vijf rondwandelingen. Deze wandelkaart zou moeten volstaan om correct 'en route' te blijven.

Een enkeltje van de hel naar het paradijs
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om vandaag de tweede etappe van deze wandelgids te gaan lopen.
Deze tweede etappe is een rondje, en is volgens de wandelgids 20 kilometer lang. Je kunt de route met twee kilometer inkorten, door het uitstapje richting Leekstermeer door de Polder Leutingewolde over te slaan. Wij lopen echter de gehele route, tot bijna aan het Leekstermeer.
Het thema van deze wandeling is 'Een enkeltje van de hel naar het paradijs'. Het huidige gebied 'Natuurschoon Terheijl' - waar we vanmiddag doorheen wandelen - was eeuwen geleden een vooruitgeschoven post van de Groninger kloosterorde in Aduard. Omdat het verhaal gaat dat de abt van dat Sint-Bernardusklooster in Aduard monniken die een misstap hadden begaan naar deze kloostervestiging stuurde om daar tot inkeer te komen, kreeg deze strafplaats de spotnaam 'De Helle'. Een geestelijke uit later tijden stichtte echter op deze plek een buitenplaats, die hij 'Paradijs' noemde. De overgang van De Helle naar Paradijs zou je kunnen beschouwen als het enkeltje ter heil (Terheijl).
Deze tweede etappe begint op de Brink bij de 13e eeuwse Catharinakerk van Roden. De route voert ons dan langs het Peizerdiep via Roderwolde en Sandebuur tot aan de zuidoever van het Leekstermeer, om ons daarna via Leutingewolde en Terheijl weer terug te laten wandelen naar de Brink in Roden.

Van Roden naar de koffie-to go
Om 8:00 uur verlaten we Feinsum en rijden we met de auto naar de Brink in Roden. Onze etappe begint daar vandaag om 9:00 uur bij de Roder Catharinakerk. Langs Landgoed Mensinge met haar monumentale 13e eeuwse havezate Mensinge wandelen we Roden uit. Aan het eind van het campingterrein gaan we het zandpad op in de richting van het Lieversche Diep. Toch lopen we daar niet aan toe, want het zandpad buigt af, om dan langs het bosperceel van Hooghout en langs de golfbaan naar de Weehorsterweg te gaan. Daar steken we het Peizerdiep over, waarna we langs de Buiningskampen naar de drukke Roderweg lopen. Gelukkig hoeven we maar een klein eindje langs die verkeersweg te lopen, want als snel buigen we af in noordwestelijke richting, om over het Moleneind richting Foxwolde te lopen. 
Dan hebben we geluk, want we het zag er naar uit dat we onderweg geen verse koffie zouden kunnen drinken, maar tegenover het uit 1884 stammende Peizer tolhuis zien we een koffiepunt staan. Daar staat buiten nota bene een koffieautomaat, waar je verschillende soorten koffie of heet theewater kunt krijgen. Je kunt er cash betalen, of via electronisch betalen, bijvoorbeeld middels een Tikkie. We genieten hier - met dank aan initiatiefnemer Ard - van een vers kopje 'koffie-to go' in de buitenlucht.

Door het historisch landschap van Foxwolde langs het Peizerdiep
Vlak na onze koffiepauze steken we het Peizerdiep weer over, om dan voorbij het Tichelwerk bij het volgende tolhuis (ook 1884) in Foxwolde de Roderwolderweg op te gaan in de richting van de Dobben en het Kleibosch. Een mooie route volgt dan door die twee oerbospercelen van Het Drentse Landschap. Eeuwen geleden groeven de monniken van het Sint-Bernardusklooster van Aduard hier de potklei op om er bij hun Tichelwerk kloostermoppen van te bakken, waarmee met name kloosters en kerken werden gebouwd. We passeren dus een alleszins historische plek. 
Voorbij het bos komen we weer in het open veld van Polder Zuidermaden, om daar over een hoge polderdijk langs een brede aftakking van het Peizerdiep te wandelen op het grasdijkpad naar de Schipsloot. Eergisteren liepen we aan de overzijde van het Peizerdiep. In de verte zien we de skyline van Hoogkerk en van de stad Groningen. Tussen ons en dat stedelijk gebied ligt het natuurgebied De Onlanden, waar we eergisteren doorheen wandelden.

Molen Woldzigt en de Jacobskerk van Roderwolde
Als we bij de Schipsloot arriveren, buigen we af naar het noordwesten, om dan langs de Schipsloot naar het vóór ons liggende dorp Roderwolde te lopen. Uit tegenovergestelde richting komt ons door de Schipsloot een gezin met twee kinderen tegemoet in een kano. Ook zij genieten volop van dit mooie gebied en van het schitterende voorjaarsweer bij een temperatuur vandaag van 4 tot 8 graden Celsius, met volop zonneschijn.
Tegenover de olie- en korenmolen Woldzigt (1852) - tevens Nederlands Graanmuseum - wandelen we Roderwolde binnen. Tegenover deze hoge stellingmolen - de hoogste van Nederland - nemen we plaats op een bankje bij het dorpshaventje, voor een kop thermoskankoffie met een broodje; onze tweede pauze.
Na deze pauze lopen we naar de Jacobskerk, die wij in het jaar 2013 ook al eens passeerden tijdens het bewandelen van het Jacobspad, de Groninger aanlooproute voor pelgrims op weg naar het Spaanse Santiago de Compostela. Gelukkig is de kerk open, en kunnen we het interieur van de kerk, met haar mooi gedecoreerde kerkramen bekijken. Verder is de Jacobskerk ook stempelplaats voor de passerende pelgrims van Sint Jacobus.
Na dit kerkbezoek wandelen we Roderwolde uit over het Kruiskamp.

Van Sandebuur langs het Leekstermeer naar Leutingewolde
Vanaf de Kruiskamp wandelen we naar het buurtschap Sandebuur, gebouwd op een zandrug te midden van de laaggeleden weiden rondom. Voorbij het laatste huis van Sandebuur gaat de route verder als karrenspoor, en nog weer verderop als een veldpad over de polderdijk Sandebuurse Dijk van Polder Leutingwolde, die de grens vormt met het natuurgebied rondom het Leekstermeer.
Zodra we bij de Rodervaart aankomen, draait de wandelrichting naar het zuiden, langs het broekbos van Korte Bolmert. Voorbij de oude vuilstortplaats en het water van de Goltbooren komen we bij het gemaal Rodervaart en de houten fietsers- en voetgangersbrug over de Rodervaart. Wij steken hier de Rodervaart over, om dan door een glooiend landschap naar de Esch van Leutingewolde te lopen.
Even later lopen we het buurtschap Leutingewolde binnen, voornamelijk bestaande uit boerderijen in een rustieke dorpsomgeving. Nadat we De Ring rechtsom zijn gegaan, volgt een lang stuk langs de Turfweg het buurtschap uit, naar de N372 (de drukke weg tussen Leek en Roden).

De Helle, Vagevuur en Paradijs nu Natuurschoon Terheijle
Als we aan de andere zijde van de N372 de routekaart willen opvolgen, stuiten we op een erf op drie waarschuwingsborden, namelijk: doodlopende weg, eigen weg en verboden toegang. We bellen aan bij de woning en vragen de bewoner of hij ons de goede weg kan wijzen. Dan blijkt dat deze eigen weg al enige tijd niet meer is opengesteld voor het doorgaande publiek, en dat slechts enkele honderden meters verderop de wandelroute verder gaat. Als we bij die laan van de Toutenburgsingel aankomen, zien we een opgemetselde toegangspilaar van rode potklei-steen, met in de metselsteen de naam 'Terheijl', als verwijzing naar het natuurgebied van Landgoed Natuurschoon Terheijl, dat wij tijdens deze etappe gaan doorkruisen. 
We gaan de laan in en lopen dan door tot aan de pingoruïne met de onheilspellende naam Vagevuur. Hier zijn we dus aankomen in het land van De Helle en van Paradijs, waarover ik hierboven reeds schreef, verwijzend naar het thema van deze wandeletappe. 
Bij Vagevuur zijn twee houten bankjes. De grote bank is in gebruik bij drie gezinnen met basisschoolkinderen. Wij nemen plaats op het andere bankje aan de waterkant, en dan vindt Durkje onder het bankje een zogenoemde Happy Stone. Ze roept de kinderen, die dit fraai beschilderde natuursteentje graag willen hebben. Eén van de meisjes is de gelukkiger verkrijgen van al weer zo'n verrassingssteen, die je momenteel op de mooiste en gekste plaatsen kunt vinden. Wij pauzeren hier, om ons brood te eten en weer iets te drinken, alvorens we verder gaan.

IJs op de Roder Brink
Daarna volgt een rondje door dit bosgebied en langs de Maatlanden. In het zuidelijke bosperceel volgen we het pad zoals dat aangegeven is op onze routekaart. Om op dat pad te komen, moeten we echter door een drassige sloot, waarin de boomstammen van het voormalige bruggetje schots en scheef liggen. Dat het smalle bospad kennelijk niet meer bedoeld is om over te wandelen, blijkt wel als we aan het eind van dit bospaadje voor een afsluiting met ijzerdraad komen te staan. We kunnen er echter gemakkelijk omheen lopen, om dan over de brede paden verder te gaan door de opeenvolgende kleine bospercelen van Natuurschoon Terheijl.
We steken op zeker moment de N372 weer over en wandelen dan Roden in. Het enige wat we dan nog maar hoeven te doen is diagonaal in zuidoostelijke richting Roden te doorkruisen, totdat we om ongeveer 15:00 uur - na dus ongeveer 6 uren wandelplezier - weer terugkomen op de Brink bij de Catharinakerk. Op de Brink is de ijssalon open, en omdat het nog steeds stralend zonnig weer is, en we de twintig kilometers erop hebben zitten, trakteren we onszelf maar eens op schepijs.
Na die zomerse traktatie rijden we vanaf de Roder Brink weer terug naar huis in Feinsum. 

donderdag 25 februari 2021

De Onlanden als broedplaats voor nieuwe wildernis

Woensdag 24 februari 2021

Over de Oude Stuw Sterrebos in het Lieversche Diep



















Fascinerende voetreis door de kop van Drenthe
De Groninger Onlanden en de fijnmazige waterlopen tussen de stad Groningen en het Drentse Veenhuizen vormen een natuurlijke loper die de stad en het platteland verbinden. Hier is in korte tijd een prachtige wildernis geschapen en ontstaan, die zich kan meten aan de vermaarde Oostvaardersplassen of de Veluwe. Reeën fourageren hier tot aan de rand van de Groningse nieuwbouwwijken, de vos struint door het Groninger Stadspark en de bever en de otter voelen zich thuis in de nieuwe, langgerekte moerasdelta.
De in 2016 gepubliceerde wandelgids 'Langs de mooiste diepjes in de kop van Drenthe' is het tweede deel in de 'Wandelknooppuntenreeks' van landschapsjournalist en voetreiziger Fokko Bosker. Deze wandelaar-schrijver  neemt je als wandelaar als het ware mee op een voetreis door een fascinerend landschap met een heel eigen geschiedenis. 
De twaalf thematische verhalen die bij de twaalf etappes horen, staan stil bij de rijke cultuurhistorie van de streek, bij de opmerkelijke flora en fauna en daarnaast ook bij de ultieme schoonheid van het wandelen. De auteur omarmt de neerbuigende kwalificatie van 'landloper' als geuzennaam en geeft aan het bestaan als lanterfanter een nieuwe, positieve betekenis. 
Deze 'landloper' Bosker heeft in zijn wandelgidsen al vele duizenden kilometers in Fryslân en Groningen verkend. De Kop van Drenthe - waarover deze wandelpublicatie gaat - behoort qua afwisseling en ongeplaveide wegen volgens Fokko tot de mooiste streken voor voetreizigers. Bosker voert je met deze wandelgids verhalenderwijs door een wandel-eldorado.

Een lustoord onder handbereik
In zijn wandelgids beschrijft Bosker een uitgestrekt gebied met verhalen, die de historie, de natuurbeleving en het wandelgenot met elkaar verbinden.
De route voert je in zeven etappes over een afstand van 122 kilometer van Groningen, via Roden, Norg en Een naar Veenhuizen, waarna je via Zeijen, Donderen en Eelde weer terug loopt naar de stad Groningen. Deze langeafstandswandeling is verrijkt met vijf rondwandelingen, in en vanuit Roden, Norg, Veenhuizen, Eelde en Groningen, over een totale afstand van 93 kilometer.
De totale afstand van 215 wandelkilometers toont je in twaalf trajecten de schoonheid van de natuur, en vooral van de variatie in oude landschappen. Door het in de loop van de afgelopen jaren herinrichten van de beekdalen is in dit gebied als het ware een samenhangend wildpark van nieuwe natuur geschapen en ontstaan.
In de begeleidende etappeteksten is veel aandacht besteed aan de natte en kruidenrijke groenlanden langs het netwerk van beken en stroompjes, voor de aardkundige vorming van het gebied en voor de cultuurhistorische elementen van deze regio.

Wandelknooppuntenreeks 
Alhoewel het boek als tweede deel van een Wandelknooppuntenreeks wordt betiteld, tref je als lezer-wandelaar de Wandelknooppunten niet in de reisgids aan. De wandelgids bevat dus geen routebeschrijving in opeenvolgende wandelknooppunten. Wel wordt in het verhalende deel in globale bewoordingen iets aangegeven van markante punten onderweg, die enige indruk geven van de te volgen route, maar dat is niet een complete routebeschrijving zoals die in wandelgidsen te doen gebruikelijk is. Maar wat wel de route goed aangeeft, dat is de wandelkaart die als bijlage bij deze wandelgids is gevoegd. Die toegevoegde wandelkaart is goed gedetailleerd, en daarop staan in verschillende kleuren de routes van de zeven etappes van het hele traject en ook van de vijf rondwandelingen. Deze wandelkaart zou moeten volstaan om correct 'en route' te blijven.

De Onlanden als broedplaats voor nieuwe wildernis
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om vandaag de eerste etappe van deze wandelgids te gaan lopen.
Deze eerste etappe is volgens de wandelgids 18 kilometer lang, maar als we vanmiddag terug in Roden constateren dat we zo'n zes uren onderweg zijn geweest, kunnen we met zekerheid stellen dat de route veel langer dan die 18 kilometer is, waarschijnlijk zoiets als 25 kilometer. Op zich is dat niet erg, integendeel, want dat betekent zo'n zeven kilometer meer & langer wandelplezier.
De temperatuur loopt vandaag op van 14 naar 18 graden Celsius, dus warm voor de tijd van het jaar.
Het thema van deze wandeling is 'De Onlanden als broedplaats voor nieuwe wildernis'. De Onlanden is het open veenweidegebied tussen de stad Groningen in het noordoosten, de plaats Peize ten zuiden, en de plaats Roden in het zuidwesten. Grote delen van deze vroeger in cultuur gebrachte gronden zijn weer teruggegeven aan de natuur. De mens en de natuur hebben deze natte gronden in de loop der jaren veranderd in wat we tegenwoordig ook wel 'nieuwe wildernis' noemen. In De Onlanden heeft de natuur weer meer vrij spel gekregen, waardoor je het als een soort broedplaats voor nieuwe wildernis zou kunnen betitelen.
Deze eerste etappe van vandaag begint in het centrum van de stad Groningen, en voert ons dan door De Onlanden en via de dorpen Peize en Altena naar de plaats Roden als bestemming.

De stad uit
Om 7:45 uur verlaten we Feinsum en rijden we met de auto naar het busstation in het centrum van Roden. We parkeren de auto en wandelen naar de bushalte, en juist op dat moment komt de bus naar Groningen aanrijden. We stappen in, en de bus vertrekt direct om 8:46 uur richting Groningen. Omdat er elk kwartier een bus vanuit Roden naar Groningen gaat, hadden we niet specifiek op een bepaalde vertrektijd gereden, maar een nog snellere aansluiting van uit je auto stappen en dan onmiddellijk in een bus stappen die direct vertrekt, is niet mogelijk. In 27 minuten brengt de bus ons naar de bushalte van het Hoofdstation van Groningen. Hier in het centrum van de stad Groningen begint namelijk onze eerste etappe. Na enkele startfoto's gemaakt te hebben in het stationsgebied, zijn we om 9:15 uur klaar voor vertrek. 
Door het Groninger Stadspark lopen we naar de tunnel onder de A7. Ten zuiden van de A7 lopen we langs het Groninger volkstuincomplex Piccardthof, en vervolgens aan de westzijde om de Piccardthofplas heen. Even later lopen we over de Madijk langs het Omgelegde Eelderdiep. Rechts van ons zien we de huizen van de nieuwbouwwijk, links stroomt het Eelderdiep door de Hoogemaden, en vóór ons ligt Bruilweering en zien we het verkeer over de A7 rijden.
Ter hoogte van de Borchsingel bij Knarsrensweering gaan we De Onlanden in, en daarmee laten we de stad Groningen achter ons. Tijdens de elfde etappe zullen we weer terugkeren in de stad, om tenslotte als twaalfde etappe nog een rondje Groningen te lopen. Maar voor nu zijn we de stad uit.

De Onlanden doorkruist
Als we over het pad richting Peizermade lopen, zien we - vlak voordat we het meanderende Eelderdiep oversteken - een eekhoorn tussen de bomen door huppelen. Even later klimt hij in een boom en gaat zich daar tegoed doen aan de boombast van enkele dunnere takken van die boom. 
Met de zoomlens maak ik foto's en een filmpje, en ondertussen gaat de eekhoorn rustig door met zijn maaltijdje boombast.
Getuige de naampalen langs de Groningerweg verlaten we het Groninger Stadspark aan de zuidkant van Peizermade.
We stekende N372 over en gaan dan via de Langmadijk dieper De Onlanden in. Vrij snel nadat we de Gouwe overstaken, komen we bij de brug over het Peizerdiep. Daar nemen we een koffiepauze op een bankje aan de overzijde van het Peizerdiep. Bij de splitsing van de Roderwoldsedijk gaan we het onverharde pad van de Onlandsedijk op, dieper de Polder Matsloot Roderwolde in. Het pad loopt hier tussen hoog opgeschoten rietvelden door een drassig laagveengebied.
Nadat we de Onlandse Wijk over zijn gegaan, slaan we af in zuidelijke richting om door de veenpolder over een brede polderdijk verder te lopen. Dit grasdijkpad voert ons langs het elzenbroek-moerasbos Het Waal, en verderop komen we dan weer op de Rodewolderdijk. Die volgen we totdat we vlak voor Roderwolde arriveren. We gaan Roderwolde echter niet in, want onze route voert ons nu naar het oostelijker gelegen Peizerdiep.
We steken het Peizerdiep over, en gaan dan eerst over een verhard pad, en verder over een graspad alsmaar langs het Peizerdiep. Verderop zien we in het westen de dorpskerk en de molen van Roderwolde.

Peize en De Pol
Verderop verlaten we het Peizerdiep, om door het open weidegebied van de Stenhorsten en van Noordbroekstukken over smalle veldpaden richting Peize te lopen.
Peize wandelen we over de onverharde Esweg binnen aan de noordzijde en onze route gaat linksom aan de oostzijde door en langs Peize. Op een speelveld met trimveld komt een jongen ons tegemoet, en vraagt ons of we 'de schat' al hebben gevonden. Hij veronderstelt dat wij bezig zijn met geocaching. Als we hem vertellen dat we daar niet mee bezig zijn, vraagt hij waar we dan wel naar op zoek zijn. Wij wijzen hem op de picknickbank verderop, want daar willen we weer een korte rustpauze nemen om onze laatste broodjes te eten. We nemen plaats en hebben het zicht op jongeren en ouderen die verderop hun sportoefening afwerken op het parcours van het trimveld. Net op het moment dat we de broodjes hebben verorberd, komt de puber weer bij ons, en noemt het zelf ook wel een beetje een gekke vraag, maar wil toch graag weten of we voor hem wellicht nog een broodje hebben. Als we hem vertellen dat hij dan net te laat is, heeft hij zijn oplossing al klaar: "O.k., dan gaan we nu naar McDonalds".
De jongen vertrekt met zijn metgezel, en wij gaan naar Het Bosplan Peize, om dat bosperceel te doorkruisen in zuidelijke richting. Van Peize lopen we daarna naar De Pol.

Via Altena naar het Lieversche Diep
Bij De Horst veranderen we van richting, om verderop het buurtschap Witte Veenskampen te passeren. Omdat de Oostingslaan onderbroken wordt door de N386 moeten we met een kleine omweg via de Hornweg en de Boerlaan onze weg vervolgen. Waar we dan weer bij het eind van de Oostinglaan komen, is het de bedoeling dat we het veld in gaan. De route loopt hier namelijk verder als veldpad door de weilanden, onder andere langs een dorpsbosje, met het dorp Altena vóór ons in zicht.
Altena verlaten we over de Lieverseweg. Na de Groote Velddijk en de Scharenhulsedijk door het Groote Veld zien we op een gegeven moment het Sterrebos al in het beekdal van het Lieversche Diep. Voordat we bij het Sterrebos komen, moeten we eerst het Lieversche Diep oversteken. Dat gebeurt in twee fasen, namelijk eerst over een brug en daarna over De Oude Stuw Sterrebos. Dit is zichtbaar een populaire recreatieplek - ook vanwege de mooie vistrap - want her en der staan en lopen de mensen.

Van het Sterrebos naar Roden
Aan de overzijde van het Lieversche Diep nemen we het oeverpad langs het Lieversche Diep / Oude Diep (tevens de bovenloop van het Peizerdiep). Op een plek waar vanaf het hoger gelegen weiland het regenwater wegvloeit naar de waterloop, kunnen we nog maar net met droge voeten verder. 
Ook als we iets verderop langs een brede sloot verder gaan over een veldpad in de richting van Roden, zijn er regelmatig plaatsen waar we diep door de drassige modder voorzichtig verder gaan. Tractoren hebben het veldpad van de oever aan de rechterzijde stuk gereden, dus daar kun je niet lopen. En de smalle strook diep langs de sloot is hier en daar zo drassig, dat we op dergelijke plekken laag over de aflopende slootwal moeten lopen om droog over te komen. Aan het eind van het pad zien we dat de wandelaars uit tegenovergestelde richting met een tekst op een geel-rode streekpadwegwijzer worden gewaarschuwd voor de slechte kwaliteit van dit oeverpad. Met een kleine omweg kun je een zandpad volgen als droege voeten-variant. 
Voorbij dit waarschuwingsbordje gaan we verder over twee zandpaden richting Roden. Bij het Landgoed Mensinge wandelen we Roden binnen. Op het landgoed zijn verschillende werklui van een bomenverzorgingsbedrijf met veel en groot materieel bezig om de bomen op het landgoed de nodige verzorging te geven.
Nu nog enkele honderden meters, en dan arriveren we bij de Catharinakerk van Roden, het eindpunt van deze eerste etappe.

Over de lock down op straat
Omdat we vanaf hier nog terug moeten naar onze auto bij het busstation, wandelen we vervolgens door het hoofdwinkelgebied van Roden naar onze auto aan de andere zijde van het winkelcentrum. In het winkelgebied horen we een buiten zijn kapsalon op straat staande kapper aan voorbijgangers vertellen dat hij nu direct al voor enkele weken volgeboekt is met knipklanten, nadat gisteren door het kabinet bekend werd gemaakt dat de behandelsalons van de zogenoemde contactberoepen - zoals kappers - weer open mogen na bijna drie maanden sluiting door de 'lock down' als maatregel tegen verspreiding van het Corona-virus. Begrijpelijk dat kappers en consumenten hier blij van worden, maar zorginstellingen uiten vandaag hun bezorgdheid, want wat gaat dit betekenen voor de wijze waarop het Corona-virus zich verder zal gaan verspreiden? 
Als we bij onze auto arriveren, stappen we in en rijden we tot slot weer terug naar Feinsum. De eerste etappe - beginnend in de stad Groningen - door de provincies Groningen & Drenthe zit erop. De volgende etappe zal het 'Rondje Roden over Terheijl' zijn, maar daarover in een volgende blog meer.

dinsdag 23 februari 2021

Zonsondergang in Feinsum

Dinsdagavond 23 februari 2021

Zonsondergang in Feinsum

Tussen landweer & Friese Waterlinie

Dinsdag 23 februari 2021
 
Cover van de wandelgids van Fokko Bosker

Wandelen door de Stellingwerven
Ooststellingwerf en Weststellingwerf vormen al eeuwenlang een eigenzinnige Saksische enclave in Fryslân, met een eigen dialect en karakter. Bij uitstek geschikt voor voetreizen. Een schilderachtig palet van loofbos en naaldwoud, heidevelden, bouwland, zompig moeras, zandverstuivingen en karakteristieke boerendorpen. Een verademing voor de lanterfant.
De wandelgids 'Tussen landweer & Friese waterlinie' verbindt de oude geschiedenis met het ontstaan van het landschap en de mooie hedendaagse natuur en cultuur. De dertien bijbehorende thematische verhalen verweven de rijke historie van de streek met de prachtige flora en fauna.
Fokko Bosker verkende ongeveer zes jaar geleden geleden verrassende wandelroutes vanaf de toppen van het Friese land tot aan de waterrijke delta richting voormalige Zuiderzee.
De Friese Saksen zijn trots op hun gebied, eigenheid en cultuur en delen die graag met gasten.

Tussen landweer & Friese Waterlinie
In het jaar 2015 verscheen de wandelgids 'Tussen Landweer & Friese Waterlinie', geschreven door de landschapsjournalist Fokko Bosker. Deze wandelgids bevat vijf Themaroutes, die zijn opgebouwd uit 13 afzonderlijke wandelroutes door de Friese gemeenten Ooststellingwerf & Weststellingwerf, over een afstand van 250 kilometer, en qua etappe-routes gebaseerd op het Friese Wandelknooppuntennetwerk.
De 13 etappes worden door Bosker vooral verhalend beschreven, waarbij de streekhistorie en de flora en fauna van de streek uitgebreid aan bod komen. De gids heeft derhalve meer het karakter van een wandelgids, dan een routegids, want je leest wel veel over wat je onderweg wandelend passeert, maar de incidentele teksten over de te wandelen etappe-routes zijn zo globaal, dat ze niet kunnen worden gebruikt om de route onbezorgd foutloos te lopen. In mijn hieronder vermelde blogs heb ik regelmatig aangegeven waar enkele onduidelijkheden zitten in de combinatie van wandelgids en wandelknooppunten in het veld, opdat de na ons volgende wandelaars vooraf weten waar iets meer dan gemiddelde oplettendheid en voorbereiding op de route wenselijk is.

Vijf themaroutes
Elke etappe van deze wandelgids heeft een eigen thema, en wel als volgt:
  • Themaroute 1: Rondje Landweer in vijf etappes, van Elsloo via Oosterwolde, Haulerwijk en Ravenswoud weer terug naar Elsloo (5 etappes, met een totale afstand van 90 kilometer);
  • Themaroute 2: Et Laand van Lend' en Kuunder, van Makkinga naar Oldeberkoop, en weer terug (2 etappes, met een totale afstand van 39 kilometer);
  • Themaroute 3: Over de grens, van Boyl via Noordwolde naar Wolvega (2 etappes, met een totale afstand van 42 kilometer);
  • Themaroute 4: Modern waterbeheer zegen voor natuur, een rondje bij Wolvega (1 etappe, met een afstand van 21 kilometer);
  • Themaroute 5: Op het otterpad / Driedaagse dwaaltocht door de laagveenmoerassen in Zuidoost-Friesland, van Wolvega via Scherpenzeel en Ossenzijl weer terug naar Wolvega (3 etappes, met een totale afstand van 58 kilometer).
Padvinden in het Wandelknooppuntennetwerk van Zuid-Oost Fryslân
Van elke etappe wordt in de wandelgids het startpunt en het eindpunt aangegeven, en de route-aanwijzing bestaat uit de opeenvolgende Wandelknooppuntennummers, die je wandelend 'in het veld' passeert. De twee kaartjes - van Ooststellingwerf en Weststellingwerf - in de wandelgids met daarin de knooppuntennummers zijn beide zozeer verkleind afgebeeld, dat die niet kunnen worden gebruikt als betrouwbare routegids.
Verder moet je er als wandelaar altijd rekening mee houden dat het Nederlandse - en ook het Friese - Wandelknooppuntennetwerk nog volop in ontwikkeling is. Het ligt dan ook voor de hand dat een wandelgids van het jaar 2015 deels achterhaald is ten opzichte van de actuele Wandelknooppuntpalen die je onderweg in het veld aantreft. Je weet dan vooraf dat de nummers in de wandelgids niet geheel meer overeenkomen met de palen van het Wandelknooppuntennetwerk die je in het veld passeert. 
Ondertussen heeft Fryslân al wel de drie hele mooie Wandelknooppuntkaarten '1. Meren', '2. Wadden' en '3. Wouden' (versie 2020), dus als je bijvoorbeeld deze wandelgids van Fokko Bosker als uitgangspunt neemt, en die legt naast de Wandelknooppuntenkaart van het Friese Recreatieschap Marrekrite, en dan met ook bijvoorbeeld Google Maps vooraf de juiste route uitstippelt, dan lukt het prima om de door Fokko Bosker beoogde route te bewandelen. 

De 13 etappes
Durkje en ik hebben in jaren 2018, 2019 en 2021 de 13 etappes van deze wandelgids als volgt gelopen:
  1. Op 13 oktober 2018 wandelden we eerst de route van Elsloo naar Oosterwolde, over een afstand van 18 kilometer;
  2. Op diezelfde 13 oktober 2018 liepen we aansluitend het zogenoemde intermezzo rond Oosterwolde, over een afstand van 10 kilometer;
  3. Op 24 februari 2019 wandelden we van Oosterwolde naar Haulerwijk, over een afstand van 19 kilometer;
  4. Op 14 april 2019 wandelden we van Haulerwijk naar Ravenswoud, over een afstand van 24 kilometer;
  5. Op 7 april 2019 liepen we van Ravenswoud naar Elsloo, over een afstand van 19 kilometer;
  6. Op 20 februari 2021 wandelden we van Makkinga naar Oldeberkoop, over een afstand van 19 kilometer;
  7. Op 22 februari 2021 liepen we van Oldeberkoop terug naar Makkinga, over een afstand van 20 kilometer;
  8. Op 9 januari 2021 wandelden we van Boyl naar Noordwolde, over een afstand van 18 kilometer;
  9. Op 15 januari 2021 liepen we van Noordwolde naar Wolvega, over een afstand van 24 kilometer;
  10. Op 2 juni 2019 wandelden we een rondje rond Wolvega, over een afstand van 21 kilometer;
  11. Op 31 januari 2021 liepen we van Wolvega naar Scherpenzeel, over een afstand van 18 kilometer;
  12. Op 5 februari 2021 wandelden we van Scherpenzeel naar Ossenzijl, over een afstand van 21 kilometer;
  13. Op 14 februari 2021 liepen we van Ossenzijl naar Wolvega, over een afstand van 19 kilometer;

In het heetst van de strijd

Maandag 22 februari 2021
 
Bospad over de zandrug van Frankrijk bij Nijeberkoop

















Tussen Landweer & Friese Waterlinie
In het jaar 2015 verscheen de wandelgids 'Tussen Landweer & Friese Waterlinie', geschreven door de landschapsjournalist Fokko Bosker. Deze wandelgids bevat vijf Themaroutes, die zijn opgebouwd uit 13 afzonderlijke wandelroutes door de Friese gemeenten Ooststellingwerf & Weststellingwerf, over een afstand van 250 kilometer, en qua etappe-routes gebaseerd op het Friese Wandelknooppuntennetwerk.
De 13 etappes worden door Bosker vooral verhalend beschreven, waarbij de streekhistorie en de flora en fauna van de streek uitgebreid aan bod komen. De gids heeft meer het karakter van een wandelgids, dan een routegids, want je leest wel veel over wat je onderweg wandelend passeert, maar de incidentele teksten over de te wandelen etappe-routes zijn zo globaal, dat ze niet kunnen worden gebruikt om de route onbezorgd foutloos te lopen.

Wandelen in thema's en in etappes
Durkje en ik hebben besloten vandaag de voor ons laatste route te wandelen van de 13 etappes van deze wandelgids. We lopen vandaag de tweede van de twee etappes van Themaroute 2, met als thema-titel 'Et laand van Lend' en Kuunder'. Dat Saksisch Stellingwerver thema verwijst naar de tocht heen en terug tussen Makkinga en Oldeberkoop, waarbij je wandelt door het tweestromenland tussen de twee Friese rivieren Lende (of Linde) ten zuiden en Kuunder (of Kuinder, Tjonger, Tsjonger) ten noorden van deze twee etappes.
Deze tweede etappe, van Oldeberkoop naar Makkinga, is volgens de wandelgids 20 kilometer lang, maar als we aan het eind van de route constateren dat we bijna zes uren onderweg zijn geweest, vermoeden we dat de route ongeveer vijf kilometer langer is.
Etappe 2.2 is getiteld: 'In het heetst van de strijd'. De plaatsen Makkinga en Oldeberkoop liggen op de eeuwenoude verdedigingslinie - uit de Spaanse tijd - tussen enerzijds het Friese Slijkenburg & Overijsselse Kuinre, voorheen beide gelegen aan de voormalige Zuiderzee, en anderzijds Frieschepalen, op de grens van Fryslân/Groningen, waar dit Friese verdedigingswerk aansloot op de Groninger Waterlinie tot aan Nieuweschans, op de Nederlands-Duitse landsgrens. De strijd die hier heeft plaatsgevonden met de Spaanse en Munsterse troepen, is bepalend geweest voor onze vaderlandse geschiedenis. Dankzij deze Friese Waterlinie met haar schansen, wallen, grachten en bastions is Fryslân nooit gevallen in de verdediging tegen de Spanjaarden en tegen de Munsterse troepen. 

Padvinden in het Wandelknooppuntennetwerk van Zuid-Oost Fryslân
Van elke etappe wordt in de wandelgids het startpunt en het eindpunt aangegeven, en de route-aanwijzing bestaat uit de opeenvolgende Wandelknooppuntennummers, die je wandelend 'in het veld' passeert. Het kaartje in de wandelgids met daarin de knooppuntennummers is zozeer verkleind afgebeeld, dat die niet kan worden gebruikt als betrouwbare routegids.
We kunnen vandaag gebruik maken van het Friese Wandelknooppuntennetwerk, waar de routebeschrijving in knooppunten correspondeert met de routeknooppuntpalen in het veld.
We komen vandaag een behoorlijk eind met de Friese Wandelknooppuntendeelkaart 3 van de Wouden, en met alle andere aanwijzingen in de routegids en in het veld, kunnen we de bedoelde route goed volgen zoals die door samensteller Bosker is bedoeld. Onderweg merken we echter wel dat de opeenvolgende nummers van de wandelknooppunten uit onze wandelgids niet geheel corresponderen met de Wandelknooppuntpalen in het veld, want er ontbreken genummerde palen en ander palen in het veld staan niet in onze wandelgids, maar dat is vandaag geen belemmering om goed 'en route' te blijven. 

Etappe 2.2: In het heetst van de strijd
Om ongeveer 8:00 uur vertrekken we met twee auto's vanuit Feinsum. Met beide auto's rijden we eerst naar het centrum van Makkinga. Vlakbij de Laurentiuskerk parkeren we de eerste auto. Daarna rijden we met de andere auto door naar het centrum van Oldeberkoop, zo'n acht kilometer verderop naar het westen. Iets na 9:00 uur parkeren we onze auto bij de Bonifatiuskerk van Oldeberkoop. Hier begint vandaag onze etappe.
De temperatuur loopt vandaag tijdens onze wandeling op van 7 tot 14 graden Celsius. De wind vanuit het zuiden waait niet hard en de zon schijnt vanmorgen al vroeg. De lucht wordt licht vertroebeld door de enorme wolk van Saharazand die vandaag hoog over Nederland drijft. Hoe later het wordt, hoe meer de bewolking toeneemt, maar het blijft vandaag prima wandelweer. Het is een ware lentedag. Onderweg staan sneeuwklokjes, krokussen en een forsythia al in bloei.

Van Bonifatiuskerk naar zonnepark Molenbosch in Oldeberkoop
We lopen achter de eeuwenoude Bonifatiuskerk van Oldeberkoop langs in de richting van Hotel Lunia. Bij de oprit zien we dat het hotel 'koffie-to-go' verkoopt, dus die onthouden we even voor straks. We gaan namelijk via de Heerenveenseweg eerst het Meulebosch in. Even later willen we het bungalowpark Molenbosch binnenwandelen, maar dan moeten we de pas inhouden. Op dit moment rijdt namelijk een grote truck met oplegger het bungalowpark in. Op de dieplader staat een groot transformatorstation, dat stapvoets over de rijplaten door het bungalowpark moet, ondertussen met behulp van transportpersoneel vóór en achter de lange vrachtwagencombinatie goed oplettend dat het hoog opgaande transformatorstation tussen de dikke bomen door kan, en aan de bovenzijde niet in botsing komt met overhangende takken. 
We blijven rustig achter het transportpersoneel aan lopen, totdat de vrachtwagen bij de bosrand stopt, en één van de mannen aangeeft dat we hem langs de zware vracht kunnen volgen, om zo om de vrachtwagencombinatie heen te lopen. Aan de voorzijde van de truck zien we wat de bedoeling van dit spektakel is. Men is namelijk bezig om in het weiland aan beide zijden van het pad een heel groot zonnepark te bouwen. Alle onderstellen staan al opgesteld, maar de zonnepanelen moeten er nog op worden gemonteerd. Verderop staat aan op de rechter weide een hoge kraan klaar, die straks het transformatorstation van de oplegger zal takelen, om het dan in de gereed zijnde ondiepe bouwput te plaatsen.

Go for coffee
We laten dit in aanleg zijnde zonnepark achter ons, en lopen door een klein bosperceel naar het open veld, waar we voorbij de bosrand in de verte de rivier de Tjonger zien in het beekdal verderop. Waar nu de brug over de Tsjonger ligt, was vroeger één van de verdedigingswerken van de Friese Waterlinie: de zogenoemde Tolbrugschans.
We volgen de bosranden en wandelen daarna door het bos en langs een andere bosrand naar de Wolvegasterweg. Die weg volgen we richting Oldeberkoop. Daarbij passeren we de boerderijwinkel langs de weg, die bij Kaasboerderij De Stelp hoort. In het gebouwtje staan enkele verkoopautomaten, waarin je tegen betaling allerhande boerderijproducten kunt kopen, zoals boerenkaas, aardappelen, droge worst, diverse zuivelproducten, geschenkmanden, en allerlei andere streekproducten.
Nadat we de bebouwde kom van Oldeberkoop weer binnen zijn gelopen, zouden we eigenlijk in zuidelijke richting verder moeten gaan, maar we kiezen ervoor om eerst even door (terug) te lopen naar Hotel Lunia, want daar kunnen we immers verse koffie-to-go kopen. Binnen haal ik koffie, en buiten vinden we een plek om heerlijk in de volle winterzon te genieten van een heerlijke kop koffie, met een broodje erbij.

Van Koepelbosch naar Bekhofschans
Na deze koffiepauze lopen we langs de voormalige Landbouwschool weer terug naar de Wolvegasterweg, om daar over mooie bospaden door het noordelijk deel van het Koepelbosch naar het zuidelijke deel van het Koepelbosch te lopen, dat aan de overzijde van de N351 ligt. Aan de achterzijde van het wegrestaurant komen we op het pad naar het grote hertenkamp van het Koepelbosch. Hier is het al gezellig druk. Veel jonge ouders zijn hier aan het wandelen met hun kleine kinderen, al dan niet in hun wandelwagens. We gaan dieper het Koepelbosch in, om uiteindelijk uit te komen bij de rivier de Linde.
Aan de overzijde van de Noordwolderweg gaan we de Madenweg op in oostelijke richting. Deze asfaltweg voert ons naar de brug over de Linde, op de locatie waar vroeger het verdedigingswerk van de Bekhofschans was. Op een verhoging heeft men een heg geplant in de vorm van de muren van deze voormalige schans, dus zo kun je enigszins een beeld krijgen van hoe deze Bekhofschans er vroeger uit zag.

Van Stuttebosch naar Frankrijk
Achter de Bekhofschans gaan we het Stuttebosch in voor een rondje boswandelen, linksom eerst door het hoger gelegen droge bos, waarna het rondje verder gaat rondom de veel lager gelegen wetlands van het Stuttebosch. 
Als we even later weer terugkomen bij de Bekhofschans, pauzeren we op de picknickbank tussen de Bekhofschans en de Linde. Tijdens deze pauze komt een auto aanrijden. Bestuurster en grote hond stappen uit, en na een kort praatje met ons gaan ze samen ook het Stuttebosch in voor een wandelrondje.
Na deze etenspauze gaan wij het schelpenpad op dat langs de Lende loopt in oostelijke richting. Dat pad voert ons naar de Bovenweg. Als we over de parallelweg Nijeberkoop in zijn gelopen, gaan we voorbij Landgoed Boschhoeve de Oosteregge op. Ten zuiden volgen dan mooie paden door een door de IJstijd geschapen glooiend landschap van de streek die hier Frankrijk heet.  

Via Twijtel naar Makkinga
Via de Abbendijk - met nog een omweggetje door een klein bosperceel - steken we de Bovenweg over, om dan via de Abbendijk naar het buurtschap Twijtel te lopen.
Vanaf de kruising in Twijtel volgen we de Bercoperweg tot aan de ijsbaan aan de rand van Makkinga. Tegenover dat ijsbaanterrein verlaten we de Bercoperweg om nog een boswandeling door het prachtige, heuvelachtige Makkingasterbos te maken. Aan de zuidkant steken we de Bovenweg wederom over, om dan over de Middelburen naar de Wemerweg te lopen.
Nog eenmaal steken we de Bovenweg weer over, om dan via de Wemerweg terug te lopen naar Makkinga. Aan de zuidkant van Makkinga gaan we nogmaals het Makkingasterbos in, waarna we over het bospad langs het hertenkamp Makkinga binnen wandelen. Door een woonwijk gaan we naar de Bercoperweg, en dan is het via de Bercoperweg door het centrum van Makkinga nog maar een klein stukje naar de Laurentiuskerk, waar we vanmorgen onze auto parkeerden.
Bij de Laurentiuskerk aangekomen, zien we dat de kerkdeur open staat, dus we gaan nog even naar binnen om het kerkinterieur te bezichtigen van deze uit 1775 stammende dorpskerk.
Tot slot rijden we van Makkinga terug naar Oldeberkoop, waar we onze andere auto afhalen, om dan weer terug te rijden naar Feinsum.
We sluiten hiermee de laatste etappe af van deze wandelgids, met de constatering dat dit ook al weer zo'n prachtige route is door de mooie Stellingwerven.