Posts tonen met het label trein. Alle posts tonen
Posts tonen met het label trein. Alle posts tonen

woensdag 9 februari 2011

Dockumer Lokaeltsje is het spoor bijster

Woensdag 9 februari 2011

Op 29 juni 2009 schreef ik een weblogartikel over het 'Dockumer Lokaeltsje", de welbekende volksnaam van de voormalige spoorlijn van Leeuwarden, via Stiens, naar Dokkum. Toen was het spoor van Leeuwarden tot in Stiens nog intact en herkenbaar in het Noordfriese landschap. Het spoor werd toen echter al niet meer gebruikt voor treinverkeer.

Af en toe kwam de spoorlijn nog wel eens in het nieuws als deze of gene een plannetje had bedacht om de spoorlijn of het spoortraject voor andere doeleinden te gebruiken. Het bleef steeds bij ideeën. De conditie van het spoor ging met de jaren achteruit. Gras, struiken en andere planten overwoekerden het spoor, dat hier en daar uitsluitend nog als wandelpad werd gebruikt door wandelaars die bijvoorbeeld hun hond uit lieten of wandelaars die het Jabikspaad bewandelden vanaf de Pim Mulierwei in Stiens naar de Menno van Coehoornwei richting Britsum.

En dan verschijnt er vorige week een gele kraan op het spoor. En mannen in gele pakken. Het spoor wordt over de volle lengte van Leeuwarden tot in Stiens met snijbranders in lange stukken gesneden. De kraan tilt de spoorstaven compleet met de onderliggende bielzen uit de grond en stapelt ze op een aan de kraan bevestigde platte laadwagon. Hoge stapels spoor met bielzen worden naar het voormalige spooremplacement van Stiens gereden. Tegenover het voormalige treinstation worden vervolgens de spoorstaven van de bielzen verwijderd.

Als ik vandaag in Stiens nabij het witte stationsgebouw bij de Truerderdyk de spoorwegovergang passeer, is de kraan hier bezig met het verplaatsen van de lange spoorstaven. Ze liggen haaks over het resterende spoor en worden door de kraan gedeponeerd in een verderop staande container. De bielzen liggen aan beide zijden van het spoor hoog opgestapeld. De ijzeren platen en dikke ijzeren bouten waarmee de spoorstaven waren bevestigd aan de spoorbielzen liggen hier in grote hoeveelheden tussen het spoor en aan beide zijden van het spoor.

Dit is het einde van het vroegere 'Noord-Friesche Lokaalspoor'. In het jaar 1901 passeerde hier voor het eerst het 'Dockumer Lokaeltsje' vanuit Leeuwarden naar Ferwerd. Nu, 110 jaar later, is het oude lokaalspoor verleden tijd. Over enkele dagen resteert alleen nog een kilometers lang groen spoortracé vanaf de Stienser Lege Hearewei tot aan Leeuwarden toe. Het biedt ruimte voor nieuwe ideeën, nieuwe politieke debatten, nieuwe onderhandelingen en allicht nieuwe plannen die wellicht ooit eens ten uitvoer zullen worden gebracht.

woensdag 24 maart 2010

De Electrificatie van 1952

Woensdag 24 maart 2010

In 1922 werd besloten om een deel van het Nederlandse spoorwegnet te elektrificeren. Dat zou het einde inluiden voor de stoomtrein. Daar gingen echter nog wel jarenlang uitgebreide discussies en onderzoeken aan vooraf. Er waren tegenstanders, die zich afvroegen waarom elektrificatie nodig was. Verder was toen nog de vraag welk systeem het beste gebruikt zou kunnen worden. En ook op de vraag waar de benodigde elektriciteit vandaan moest komen, moest nog een antwoord worden gevonden.

Het spoorwegnet rond Leeuwarden onderging in de eerste twintig jaren na de Tweede Wereldoorlog geen uitbreiding of inkrimping. Kort na de bevrijding kwamen de treinen weer op gang met haveloze rijtuigen en opgelapte stoomlocomotieven, waarvan vele in de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog door Geallieerde vliegeniers waren stukgeschoten.

Bij de aanvang van de Zomerdienstregeling op 18 mei 1952 werd in Noord-Nederland de voltooiing van de elektrificatie van de spoorlijn tussen Zwolle en Leeuwarden gevierd. Deze datum wordt beschouwd als de afsluiting van het snel herstel en de radicale vernieuwing van het spoorwegbedrijf. Niet alleen op deze hoofdlijn ging de stoomtrein letterlijk van de baan, ook op andere lijnen werd de toen onrendabele stoomtractie vervangen door electromotorische dieseltreinen.

In het Leeuwarder stationsgebouw hangt ter gelegenheid van deze Electrificatie van 18 mei 1952 een groot tegeltableau, met daarop de passende tekst: “De minsken wolle ornaris wêze hwêr’t se net binne”. Deze spreuk werd vele jaren later ook gekozen als de titel van een in 1995 uitgegeven boek van de uit Friesland afkomstige kunstenares Wapke Feenstra

Dit bijzondere tegeltableau is aangeboden door het Departement Leeuwarden en Omstreken van de Nederlandse Maatschappij voor Nijverheid en Handel. De grondkleur blauw past bij de kleur van de blauwe elektromotorische treinen, die destijds in de volksmond ook wel de “Blauwe Engel” werden genoemd.

maandag 29 juni 2009

It Dokkumer Lokaaltsje is ‘t paad noch net alhiel bjuster

Moandei 29 juny 2009

"It Dokkumer Lokaaltsje” is de folksnamme fan it âld spoar fan Ljouwert fia Stiens nei Dokkum. It is it eastlike diel fan ‘e “Noord-Friesche Locaalspoorweg-Maatschappij” (it NFLS), oprjochte yn 1899. Yn 1901 gie de earste persoane-trein oer dit spoar fan Ljouwert fia Stiens nei Ferwert. Letter waard it spoar trochlutsen fia Ternaard, Dokkum, Mitselwier en yn 1913 ek noch oan’t Aenjum ta. Us Jan Wijbe siet mei syn klassegenoaten noch op 9 septimber 1992 yn ‘e persoane-trein dy’t fan Stiens nei Ljouwert en wer werom ryd, by gelegenheid fan it 750 jierrich bestean fan ús gemeente Ljouwerteradiel.

Yn Stiens op ‘e oergang fan it lokaaltsje dwers troch de Truerderdyk stiet noch it ferruste, inkel Andreaskrús, wat hjir seit dat it in inkeldspoar wie. It skean steand Andreaskrús is makke fan de twa diagonalen fan in rjochthoek. Der wurdt sein dat Jezus syn apostel Andreas yndertiid krusige is op sa’n soarte fan krús. Dêrom neame wy it in Andreaskrús.

It is allegearre âlde spoar-gloarje.
Hjoed sjogge jo yn Stiens noch spoaren fan krús en spoar, mar it is sûnder doel net folle mear as âld izer.

Mar net alle gloarje fergiet; âlde lieten bliuwe bygelyks.
Sa bliuwe de wurden en de meldy fan it liet oer “It Dokkumer lokaaltsje” bestean.
Harkje (sjoch de weblink hjirûnder), lês en sjong ris mei.

Weblink nei "It Dockumer Lokaeltsje"

Yn it noarden fan Fryslân, der ried ris in tram mei in gong fan sa'n tritich yn 't oer.
Mar de tiid gong foarby en dat tramke moast wei.
En doe rekke de bouhoek fol fjoer.
Refrein:
Yn it Dokkumer lokaaltsje, siet men rom it hiele ein.
En it wie der sa smûk, as men siet yn 'e hoek.
O, wat wie dochs dat tramke soms fijn.


In kommisje fan trije, dy kaam oan it wurd.
Foar dy tram der moast komme in bus.
En it duorre net lang, want it spoar wie net bang.
En no hinget in elts oan ‘e lus.
Refrein

Hiel de bouhoek stiet stram, hast yn fjoer en yn flam,
want de bus no dy is oan 'e rol.
En jo stean by de wei en jo kinne net mei,
want de bus, no dy is altyd fol.
Refrein

Dêrom no ta beslút, smyt dy bus der wer út,
en jou ús dan mar leaver it spoar.
Ek al fret hy de koal ek by 't weintsje hast fol,
en al wie men fan 't reizgjen wat goar.
Refrein



donderdag 9 april 2009

De vernieuwde NS-Intercitytrein ICMm 4011

Donderdag 9 april 2009

Het lijkt zo gewoon. Zoals gisteren. In Leeuwarden stap je in de trein richting Utrecht. Gewoon een trein, zo lijkt het, althans aan de buitenkant. Binnengekomen valt de geur van nieuw materiaal op. Een oude trein met een nieuw interieur?

Ja, klopt, ik stap een ICMm binnen, hetgeen een type treinstel is. ICM is het eerste materieel van de Nederlandse Spoorwegen (NS) dat speciaal werd ontworpen voor intercitydiensten. De afkorting ICM betekent: InterCityMaterieel. Uniek aan het ICM is de doorloopkop, beter bekend onder de officiële bijnaam "Koploper". Tot 2005 konden treinreizigers ook tijdens de treinreis door zo'n doorloopkop tussen twee verschillende treinstellen lopen.

In 2007 werd begonnen met de revisie van de eerste serie ICM. Het treinstel waar ik gisteren in reisde, wordt na de revisie ICMm genoemd. Deze treinstellen zijn op het moment van de reivisie al 20 jaar oud en gaan na de revisie nog weer eens 15 jaar mee.

De revisie bestaat onder andere uit het afsluiten van de doorloopkop, een modernisering van het interieur, de creatie van extra zitplaatsen, inbouw van airco en een invalidentoilet, het aanleggen van draadloos internetten en beeldschermen met actuele reisinformatie en entertainment. De kosten van deze hele revisie-operatie zijn begroot op 190 miljoen euro. Het nieuwe interieur van de ICMm 4011 ziet er prachtig uit: rode lederen stoelen in de 1e klas en met blauwe stof in de 2e klas.

Door het keukentje en twee van de drie toiletten te verwijderen, zijn er ruim 10% meer zitplaatsen bij gekomen. Bij de eerste klas is er één coupé verdwenen, waardoor er nu nog maar twee coupé's in zitten. De 1e en 2e klas zijn van elkaar gescheiden door een transparante glazen wand met draaideur.