zondag 14 februari 2021

Onbezorgd lanterfanten in Tweestromenland

Zondag 14 februari 2021 - Valentijnsdag

Over de Oosterdallaan, op de grens van Fryslân en Overijssel

















Tussen Landweer & Friese Waterlinie
In het jaar 2015 verscheen de wandelgids 'Tussen Landweer & Friese Waterlinie', geschreven door de landschapsjournalist Fokko Bosker. Deze wandelgids bevat vijf Themaroutes, die zijn opgebouwd uit 13 afzonderlijke wandelroutes door de Friese gemeenten Ooststellingwerf & Weststellingwerf, over een afstand van 250 kilometer, en qua etappe-routes gebaseerd op het Friese Wandelknooppuntennetwerk.
De 13 etappes worden door Bosker vooral verhalend beschreven, waarbij de streekhistorie en de flora en fauna van de streek uitgebreid aan bod komen. De gids heeft meer het karakter van een wandelgids, dan een routegids, want je leest wel veel over wat je onderweg wandelend passeert, maar de incidentele teksten over de te wandelen etappe-routes zijn zo globaal, dat ze niet kunnen worden gebruikt om de route onbezorgd foutloos te lopen.

Wandelen in thema's en in etappes
Durkje en ik hebben besloten vandaag weer een route te wandelen van de 13 etappes van deze wandelgids. We lopen vandaag de derde en laatste etappe van Themaroute 5, met als thema-titel 'Op het otterpad - Driedaagse dwaaltocht door de laagveenmoerassen in Zuidoost-Friesland'.
Deze etappe van Ossenzijl naar Wolvega is 19 kilometer lang, maar omdat we vanmorgen vanaf de dorpsrand van Ossenzijl eerst nog de laatste kilometer lopen van onze voorgaande etappe van vorige week, komt er feitelijk nog ongeveer een kilometer bij, en is onze wandelafstand vandaag zo'n 20 kilometer.
Etappe 5.2 is getiteld: 'Onbezorgd lanterfanten in Tweestromenland'. Met dat Tweestromenland wordt het gebied tussen de Friese rivieren de Tjonger (Tsjonger) en de Linde (Lende) bedoeld.

Padvinden in het Wandelknooppuntennetwerk van Zuid-Oost Fryslân
Van elke etappe wordt in de wandelgids het startpunt en het eindpunt aangegeven, en de route-aanwijzing bestaat uit de opeenvolgende Wandelknooppuntennummers, die je wandelend 'in het veld' passeert. Het kaartje in de wandelgids met daarin de knooppuntennummers is zozeer verkleind afgebeeld, dat die niet kan worden gebruikt als betrouwbare routegids.
We kunnen vandaag voor een deel wel gebruik maken van het Friese Wandelknooppuntennetwerk, waar de routebeschrijving in knooppunten correspondeert met de routeknooppuntpalen in het veld.
Omdat het wandelknooppuntennetwerk op onze wandelkaarten alleen voor Fryslân goed gedocumenteerd is, en nog niet voor Overijssel, moeten we naast enkele wandelknooppunten-richtlijnen ons vandaag vooral richten op andere aanduidingen, zoals een uitgebreider routebeschrijving, en het volgen van Overijsselse knooppunten. Vandaag lopen we namelijk in het grensgebied van Overijssel en Fryslân. 
We komen vandaag een behoorlijk eind met de Friese Wandelknooppuntendeelkaart 3 van de Wouden, en met alle andere aanwijzingen in de routegids en in het veld, kunnen we de bedoelde route prima volgen zoals die door samensteller Bosker is bedoeld. Al snel hebben we in de gaten dat de wegwijzers van het Waterreijkpad - zoals in de wandelgids vermeld - niet (meer) langs de route staan, maar dat je de groene pijlen-route daarentegen wel prima kunt volgen om 'en route' te blijven.

Etappe 5.3: Onbezorgd lanterfanten in Tweestromenland
Enkele minuten vóór 8:00 uur vertrekken we met twee auto's vanuit een winters en dan al zonnig Feinsum, en rijden we eerst naar het centrum van Wolvega. Vlakbij het treinspoor parkeren we de eerste auto. Daarna rijden we met de andere auto door naar de noordwestelijke dorpsrand van Ossenzijl. Om 9:00 uur parkeren we onze auto in Ossenzijl. Hier begint vandaag onze etappe.
Bij ons vertrek vanmorgen vanuit Ossenzijl vriest het 6 graden, en die temperatuur loopt vandaag op tot net 2 graden boven het vriespunt. Het waait niet hard en de zon schijnt vanmorgen volop, dus bij deze winterse temperatuur is het schitterend winterweer voor onder andere schaatsers en voor ons als wandelaars.

Schaatsweer in een schitterend winterlandschap bij Ossenzijl
In Ossenzijl steken we in het dorpscentrum eerst de brug over. Enkele schaatsers klunen over de brug, en stappen aan de overzijde op de Ossenzijlersloot. Ook op de Motorkade en richting Kalenberg zien we schaatsers gaan en komen. 
Bij Buitencentrum Weerribben en De Kluft nemen we het fietspad van het Breeweersepad langs het Kanaal Steenwijk-Ossenzijl. Op het parkeerterrein bij het Buitencentrum staan nu al veel auto's en we zien tientallen schaatsers met lange streken over het kanaalijs gaan. Gezinnen, schaatsmaten en stelletjes die ervoor hebben gekozen om nu op deze vroege ochtend al te gaan schaatsen, hebben de goede keuze gemaakt, want met die aangename zonneschijn erbij is het hier prachtig schaatsweer in dit schitterende winterlandschap van sneeuw en ijs.
 

Met slechts twee Z-bochten wandelen we in een nagenoeg rechte lijn - richting IJsselham - van Ossenzijl naar Oldemarkt. Daar passeren we eerst de protestantse en daarna de rooms-katholieke kerk, om verderop voorbij de basisschool door een woonwijk naar de Frieseweg te lopen, die we daarna volgen om Oldemarkt aan de oostzijde te verlaten.

Van Oldemarkt langs Paasloo en Blesdijke
Voorbij Oldemarkt volgen we over de Markeweg en over de Oosterdallaan precies de grenslijn tussen Overijssel en Fryslân. De glooiende Oosterdallaan is bedekt met nog een behoorlijke laag sneeuw van de afgelopen week.
Ook in oostelijke richting blijven we nog heel lang de Overijssels-Friese provinciegrens volgen. Over smalle en brede dik besneeuwde veldpaden lopen we achter het dorp Paasloo langs en ook langs het Landgoed De Spinnerskaampe. Bij een bankje tegen een bosrand pauzeren we even om een broodje te eten en de meegenomen koffie uit de thermoskan te drinken. Een schitterende pleisterplek tussen de besneeuwde velden en heerlijk vol in de winterzon. In deze Corona-tijd zijn helaas geen horeca-gelegenheden geopend, maar niet getreurd, want hete koffie uit een thermoskan in het open veld is ook al een heerlijke traktatie onderweg. 
Het veldpad voert ons naar de Paasloërweg, die we een klein stukje volgen, omdat we iets verderop het bos in moeten. Maar voordat we dat bosperceel bereiken, zien we vlak vóór ons twee reeën op ons af komen. Ze willen de Paasloërweg oversteken, maar als ze ons zien, keren ze na enige aarzelen om en spoeden ze zich snel weer het bosgebied in.
Voor ons volgt daarna een mooie boswandeling door de bospercelen aan weerszijden van de Friese Veldweg. Zo lopen we ten zuiden van Blesdijke, en verderop ook nog over de stille Blesdijker Heide. 

Happy Valentijn! met warme chocolademelk in De Blesse
Bij het plaatselijke voetbalveld wandelen we De Blesse in. We weten dat op de hoek van de Steenwijkerlaan en de Spoorlaan een benzinestation met een shop is, en op goed geluk proberen we daar een warm drankje te scoren. Dat lukt, want de shop is open, en de warme dranken-automaat is in werking, dus even later staan we weer buiten met een heerlijke kop warme chocolademelk 'to go'. De shopmedewerker vertelt dat ze er geen slagroom bij kan aanbieden, maar ik krijg bij het afrekenen wel vier roze snoepjes mee in een zakje, want - zegt ze - "het is vandaag een bijzondere dag." Ik moet daar even over nadenken, maar al snel realiseer ik me dat het vandaag Valentijnsdag is. Kortom, warme chocolademelk met roze snoepgoed; Happy Valentijn!

Van Peperga naar de Linde
Na nog weer een broodje met bruine 'zopie' kunnen we gevoed en gelaafd weer verder. In De Blesse steken we de spoorlijn Heerenveen-Steenwijk over, en daarna lopen we onder de A32 door naar de Pieter Stuyvesantkerk met Pieter Stuyvesant-monument bij de entree van Peperga.
In Peperga steken we de weg over naar het Catspolderpad. Dit geasfalteerde fiets- en voetpad is hier en daar besneeuwd, met op enkele plekken nog de restanten van de sneeuwduinen, die afgelopen week tijdens de uren durende sneeuwjacht zijn ontstaan. Fietsen door die sneeuwduinen zal niet gaan, maar wandelend komen we er prima door heen.
Zo lopen we de Lendevallei in, naar de Domeinenweg die parallel aan de Lende loopt. Het fietspad langs deze rivier richting De Hoeve is afgesloten voor alle verkeer, want het gevaarlijke wegdek vraagt om een ingrijpende renovatie.

Door de Lendevallei terug naar Wolvega
Via de hoge fietsers- en voetgangersbrug steken we de bevroren Linde over. Hier bij de rivier staan enkele auto's, hoogstwaarschijnlijk van schaatsers. Twee schaatsers binden hun schaatsen onder, en gaan de Linde op in oostelijke richting, op naar Kontermansbrug bij De Hoeve.
Aan de overzijde van de rivier komen we langs een grote zandwinput, die veelal het domein is van uiteenlopende watervogels. De plas is nu echter een grote ijsvlakte, waar tientallen schaatser dankbaar gebruik van maken. We gaan hier even het ijs op, en zien een mooie ijsvloer liggen, waarop je een grote ronde kunt schaatsen. Dat doen velen dan ook.
Wij wandelen om deze ijsvlakte heen, om zo door de winterse broeklanden van de Lendevallei naar Wolvega te lopen, waar we twee weken geleden zijn begonnen aan deze driedaagse thema-wandeltocht.
Via de Stellingenweg en de Lycklamaweg lopen we tenslotte onder andere langs het Van der Valkhotel, en de Sint-Franciscuskerk weer terug naar de spoorwegovergang in het centrum van Wolvega.
Als we bijna bij de auto zijn, wordt ik geroepen. Als ik om me heen kijk, zie ik mijn naaste collega Geert-Jan staan. We zien elkaar online wel enkele malen per week, maar elkaar ontmoeten is er vanwege de Corona-beperkingen al lange tijd niet van gekomen, dus fijn om elkaar weer even 'live' te ontmoeten.
Met de ene auto rijden Durkje en ik daarna weer terug naar Ossenzijl, waar we onze andere auto afhalen, waarna we tenslotte terug rijden naar huis. Het is nu één graad boven nul, en het wordt al behoorlijk bewolkt, dus we hebben het mooiste deel - het zonnige deel - van deze prachtig winterse zondag goed benut.

Zaterdag is schaatsdag in Feinsum

Zaterdag 13 februari 2021

Schaatsen op It Kanael van Feinsum

















Op redens oer
Wonen aan de route van de Elfstedentocht heeft zo zijn gevarieerde voordelen. Of het nu suppers zijn die via de Feinsumer Feart staand door Feinsum peddelen, of recreanten die met een zeilbootje of een pleziervaartuig ons dorp passeren als passanten van de Elfstedenvaarroute, of bijvoorbeeld Maarten van der Weijden die zwemmend de hele Elfstedenroute zwom; elke passant geniet op zijn of haar manier van de doortocht door Feinsum.
En natuurlijk wachten we al zo lang op het moment dat ook de Elfstedenschaatsers weer in grote getale 'op redens oer' door Feinsum zullen flitsen over het ijs van de Feinsumer Feart. Zal die vermaarde Elfstedenschaatstocht er ooit weer eens van komen? We zullen dat 'bjusterbaarlik barren' hopelijk ooit weer eens zien en beleven.
Maar voor nu kunnen we ook volop genieten van al die schaatsers - jong en oud - die deze dagen op schaatsen door Feinsum glijden. Er wordt door Feinsumers al enkele dagen geschaatst op It Kanael vóór ons huis, en inmiddels is het ook mogelijk om - overigens nog wel rekening houdend met de gevaarlijke windwakken - op de schaats het traject van Oude Leije via Feinsum naar de Dokkumer Ee af te leggen.
Dat daar dankbaar gebruik van wordt gemaakt, blijkt wel uit de auto's die enkele uren per dag geparkeerd staan langs de Holdingawei en de Hege Hearewei in en bij Feinsum.
 
Vandaag zijn wij voor enkelen van die schaatsers in- en uitvalsbasis. Vanmorgen rond 9:00 uur stappen Jan Wijbe en Pieter bij ons op het ijs om over de Feinsumer Feart naar de Dokkumer Ee te schaatsen; eerst naar Bartlehiem, en vervolgens op en neer naar Snakkerburen bij Leeuwarden. En vanmiddag komen Jan, Peter en Jakob vanuit Bartlehiem over de Feinsumer Feart naar Feinsum schaatsen, om na de inname van een warm drankje weer op te stappen op It Kanael in Feinsum, om vervolgens over de Feinsumer Feart weer terug te keren naar de Dokkumer Ee.

Wat is het toch prachtig dat we in deze moeilijke Corona-tijd door de natuur in de gelegenheid worden gesteld om betrekkelijk zorgeloos te genieten van dat waardevolle natuurijs op de Friese boezem, en wat genieten we van dat groot geluk dat we er ook nog heel mooi zonnig winterweer bij hebben. Heel even iets loslaten van al die Covid-zorgen en - zij het blijvend voorzichtig - vooral genieten van al dat moois dat koning winter ons buiten schenkt.  

Al te grote voetstapjes in de sneeuw

Vrijdag 12 februari 2021
 

Hele grote voetstappen in de sneeuw











Sneeuwvertier voor groot en klein

In onze kinderjaren was het te doen gebruikelijk dat je als kind van de zondagschool ter gelegenheid van de viering van het Kerstfeest een mooi kinderboek kado kreeg. De boeken van onder andere schrijver W.G. van de Hulst waren populair om kado te geven en om kado te krijgen.
Eén van de kinderboeken die ik me van mijn kindertijd kan herinneren, is het boek 'Voetstapjes in de sneeuw', geschreven door de kinderboekenschrijver W.G. van de Hulst.
Aan dat boek moest ik denken toen ik in de afgelopen dagen na de urenlange sneeuwval allerlei voetstappen in de sneeuw zag. De pootafdrukken van een hond waren duidelijk zichtbaar, en ook de afdrukken van een rondhuppende haas waren onmiskenbaar zichtbaar in de sneeuw.
Maar van een heel andere orde zijn de voetstapjes - zeg maar gerust reuzenvoetstappen - van heel andere oorsprong. Dit zijn geen behoedzame loopsporen, maar uitbundige sprong-sporen van iemand die met hele hoge sprongen diepgaand door de sneeuwduin in de tuin is gegaan. Een mooi voorbeeld van sneeuwvertier.
Wie, o wie is zo uitbundig expressief met krachtige sprongen diep door de sneeuw gegaan?
Wie het weet, mag het zeggen.


woensdag 10 februari 2021

Hilda van der Veen exposeert in NHL Stenden Hogeschool

Woensdag 10 februari 2021
 

Schilderij 'Dansers / Balans' van Hilda van der Veen

Schilderijen-expositie

Tot en met 25 februari 2021 exposeert kunstschilderes Hilda van der Veen enkele van haar schilderijen in de Art Gallery van NHL Stenden Hogeschool te Leeuwarden.
Deze publiek toegankelijke expositieruimte bevindt zich op de begane grond achter het Auditorium van ons Leeuwarder hogeschoolgebouw aan de Rengerslaan 8.
NHL Stenden Hogeschool organiseert deze expositie in samenwerking met het Leeuwarder Kunstbureau Art Connection.

De wereld zien biedt alle inspiratie.
De drang om weer te geven.
Niet dralen, maar doen en durven.
Alles vervliegt, vervaagt, vastleggen is vergeefs.
Zin blijven zien in schilderen.
Schilderen wat mensen zien in het leven.
De schoonheid en de leegte.

Werk van Hilda van der Veen
Voor Hilda van der Veen zijn schilderen en tekenen als een tweede natuur. Ze maakt voornamelijk figuratief werk.
In haar werk is de 'vergankelijkheid' leidend. Of het nu gaat om verdriet, lust, plezier of verveling;  dagelijkse dingen zetten haar aan tot 'maken', tot 'verbeelden'. Het geeft Hilda een bepaalde ruimte om te doen wat ze wil, en biedt de gelegenheid om haar tijd vreugdevol en zinvol te vullen.
Binnen werkt Van der Veen aan schilderijen van bijvoorbeeld hoofden en mensfiguren. Buiten schildert ze in het landschap de wind, de zon, de kou, de geuren en de kleuren, het licht en de sfeer.

Bij de expositie in NHL Stenden Hogeschool:

Mensenkinderen; hoe kwetsbaar zijn we
Vooruit, we gaan.
Verder en door.
Met immer moed.
Want voort zullen we.
Verliezen zullen we.
Achter laten we.
Laat maar vallen.
Hoe laat leven we eigenlijk?
Terug kunnen we niet.
Maar een moeilijke weg is ook een weg.
Maar niet vallen, pas op dat je niet valt.
Werk als een weerspiegeling van een tijdperk.
In harde lijnen, transparant, in kleur en in zwart.

Zonsondergang in Feinsum

Dinsdag 9 februari 2021

Zonsondergang in Feinsum

maandag 8 februari 2021

Feinsum na de sneeuwjacht

Maandag 8 februari 2021
 

Feinsum bij de Hyltsjebrêge over It Kanael, na sneeuwjacht en vorst











Woest en ledig, of ... toch niet!

Al enkele dagen was Nederland gewaarschuwd voor de uit Rusland en Wit-Rusland komende kou. Gisteren werd in Fryslân het weer getypeerd door urenlang aanhoudende lichte sneeuwval, met temperaturen net onder nul, maar ook met een snijdende harde oostenwind, waardoor de gevoelstemperatuur daalde naar zo'n 15 graden onder nul.

Rond het middaguur deed het uitzicht vanuit onze woonkamer mij gisteren denken aan bijbelteksten uit bijvoorbeeld Genesis (1:1&2 "In den beginne schiep God de hemel en de aarde. De aarde nu was woest en ledig" (NBG51) ) en uit Jeremia (4:23 "Ik zag het land aan, en ziet, het was woest en ledig; ook naar den hemel, en zijn licht was er niet. (SV)").
Maar de 'leegheid' waarover deze twee bijbelteksten spreken, werd even later gevuld door toch nog een ander beeld, namelijk van twee hazen die voortdurend op hoge snelheid heen en weer holden over de kale akkers vóór ons huis.

Sneeuwsculpturen
Vanmorgen vroeg sneeuwt het niet meer. De nogal fijne en droge sneeuwvlokjes zijn grotendeels in westelijke richting gewaaid over de akkers en weilanden. Het gras heeft nog iets van het wit van de sneeuw vastgehouden, maar de akkers liggen er al weer voornamelijk kaal bij.
De doorgaande weg van Feinsum is goed begaanbaar, en hier en daar hebben de opzwepende en draaiende winden prachtige natuurlijke sneeuwsculpturen gecreëerd; niet 'woest en ledig', maar 'verstild en geschapen'. 
De combinatie van fijne sneeuw en felle wind resulteert in schitterende ronde vormen, zoals we die ook wel kennen van zandformaties op de stranden van onze Friese Waddeneilanden.

Winter in Feinsum
Maar niet alleen de sneeuw heeft het landschap veranderd. De vorst van gisteren en van vannacht heeft een dunne ijsvloer gelegd over de Friese wateren. De vorst van slechts enkele graden in Nederland valt echter in het niet bij de barre winterse temperatuur van -25 graden Celsius, waarover Aksana ons vandaag vanuit Wit-Rusland rapporteert. 
Op de Dokkumer Ee, de Feinsumer Feart en op It Kanael tegenover onze woning ligt een grillig geschapen ijsvloer. De wind heeft vrij spel gehad, met als gevolg dat er geen gladde ijsvloer is ontstaan. En door die harde wind zie je op veel plekken - onder andere onder de Feinsumer Hyltsjebrêge - nog grote wakken.
Waar aan de westrand van Feinsum It Kanael en de Feinsumer Feart bij elkaar komen, hebben de watervogels zich gegroepeerd rond het grote wak bij de Feinsumer Brêge. Ik zie de sporen van de hazen in de sneeuw op het land, de meerkoeten op de wal, en rondom het lange wak in de Feinsumer Feart de eenden op het ijs.
Dit is winter in Feinsum.


zondag 7 februari 2021

Hoor de stilte

Zondag 7 februari 2021
 

Cover van de Twaklank, over wandelen in de stilte
Foto gemaakt bij de Feinsumer Feart, zicht op Stiens

Stilte, Besinning, Ferbining
Op 2 november 2020 was ik voor een avondbijeenkomst van Nijkleaster in de Sint-Redbadtsjerke van Jorwert. Tijdens het toiletbezoek halverwege de avond viel mij een korte tekst op, die daar was geschreven op een krijtbordje in de toiletruimte. Op dat bord stond geschreven: ‘Hoor de stilte’.
Sinds 2012 ben ik vice-voorzitter van het kloosterbestuur van Nijkleaster, en in die hoedanigheid is het begrip ‘stilte’ voor mij binnen dit nieuwe Friese klooster een bekend begrip. Nijkleaster staat namelijk vooral voor ‘Stilte, Bezinning, Verbinding’, en ook in die volgorde.
Veel activiteiten van Nijkleaster beginnen met ‘Stilte’. Stilte biedt me de mogelijkheid om naar binnen te kijken, om met volle aandacht in contact te komen met mezelf, met mijn stemming, mijn gevoel, mijn wensen, en met mijn daar achterliggende behoeften.
Vanuit die diepe Stilte krijg je toegang tot Bezinning, waarin we de opening vinden tot Verbinding, met God, met jezelf en uiteindelijk ook met je medemens.


Goede God,
Wijs mij de weg
naar stilte in mijn hoofd
en rust in mijn lijf.
Geef licht op mijn pad,
naar vrede in mijn hart
en liefde in mijn ziel.
(Aalt van de Glind)

Luister en hoor
Maar, over ‘stilte’ gesproken: kun je de stilte eigenlijk wel horen?
Of is het horen van de stilte niet meer dan het besef van de afwezigheid van geluid?
En als je de stilte ergens zou willen zoeken, waar zou je dan heen gaan?
Is er eigenlijk wel een plek op heel de aarde waar je de absolute stilte zou kunnen horen?

Uit eigen ervaring weet ik dat waar ik ooit stil ben geworden, ik altijd wel iets hoor, of juist dán iets hoor. Stil geworden tussen de dikke muren van de eeuwenoude kloosterkerk van Nijkleaster in Jorwert, hoor ik nog net een auto rond de kerk rijden. Op enig andere stille plek hoor ik bijvoorbeeld een vliegtuig of een vogel over vliegen, of hoor ik nog het ritselen van bladeren, of nog net dat zachte suizen van een heel klein beetje wind in en langs mijn oor.

Naar de stilte in mij
Als ik zo dan nergens de stilte kan vinden, moet ik die wellicht anders zoeken en vinden. Als ik die andere stilte wil vinden, moet ik misschien wel tot mezelf komen, me naar binnen richten, en dan in mijzelf de rust en stilte zoeken en vinden. Met enige oefening vind ik daar dan een aangename, warme stilte. En in die innerlijke stilte stel ik mijzelf in de gelegenheid om me in alle rust persoonlijk te bezinnen.
Zo beginnen wij als bestuurders van Stifting Nijkleaster ook altijd onze bestuursvergaderingen, in de kerk, in de kring. Daar in onze Stilte laten we de drukte van onze werkdag los, en Bezinnen we ons op de overgang van de hectiek van de dag naar de aandacht voor reflectie op hoe wij als klooster zin en nieuwe betekenis kunnen geven aan wie wij binnen Nijkleaster ontmoeten. Na dat stiltemoment verlaten we de stille kring, om ons in de Voorkerk als bestuursleden met aandacht te Verbinden met elkaar en met de zaken die wij tijdens de bestuursvergadering bespreken.

Stil gebed
Ga zelf eens op zoek naar die stilte. Misschien thuis op een stille plek, op een stil moment van je dag, of heel vroeg in de ochtend buiten op zoek naar de stilte van de dageraad , of in de stilte van een bos, of zoek het zo mogelijk in een stille winterwandeling in de sneeuw. Tijdens een wandeling in stilte over lange paden door het open veld, over een eindeloos strand of door de duinen kun je zomaar ineens al je woorden loslaten, om dan alleen maar te wandelen, om een kilometer te luisteren naar jezelf. Het kan dan zomaar zo zijn dat je ineens ontdekt dat je in stilte woorden geeft aan je gevoel, aan wat je gelukkig maakt, of aan wat je ten diepste wenst. Het stapje naar een stil gesprek met God is dan nog heel klein, want God hoort in die stilte jouw stil gebed.

Column
Deze (mijn) column werd gepubliceerd in de Twaklank van februari 2021.
Twaklank is het informatie- en opinieblad van de Protestantse Gemeente te Stiens.

 





vrijdag 5 februari 2021

Oude Verdedigingslinie stimuleert natuurontwikkeling

Vrijdag 5 februari 2021
 

Op het voormalige havenhoofd van de Zuiderzee-haven van Kuinre











Tussen Landweer & Friese Waterlinie
In het jaar 2015 verscheen de wandelgids 'Tussen Landweer & Friese Waterlinie', geschreven door de landschapsjournalist Fokko Bosker. Deze wandelgids bevat vijf Themaroutes, die zijn opgebouwd uit 13 afzonderlijke wandelroutes door de Friese gemeenten Ooststellingwerf & Weststellingwerf, over een afstand van 250 kilometer, en qua etappe-routes gebaseerd op het Friese Wandelknooppuntennetwerk.
De 13 etappes worden door Bosker vooral verhalend beschreven, waarbij de streekhistorie en de flora en fauna van de streek uitgebreid aan bod komen. De gids heeft meer het karakter van een wandelgids, dan een routegids, want je leest wel veel over wat je onderweg wandelend passeert, maar de incidentele teksten over de te wandelen etappe-routes zijn zo globaal, dat ze niet kunnen worden gebruikt om de route onbezorgd foutloos te lopen.

Wandelen in thema's en in etappes
Durkje en ik hebben besloten vandaag weer een route te wandelen van de 13 etappes van deze wandelgids. We lopen vandaag de tweede etappe van Themaroute 5, met als thema-titel 'Op het otterpad - Driedaagse dwaaltocht door de laagveenmoerassen in Zuidoost-Friesland'.
Deze etappe van Scherpenzeel naar Ossenzijl is 21 kilometer lang. 
Etappe 5.2 is getiteld: 'Oude Verdedigingslinie stimuleert natuurontwikkeling'. Dat kan verwijzen naar verschillende vormen van verdediging. Zo komen we vandaag bijvoorbeeld op de oude zeewering/zeedijk van de voormalige Zuiderzee. En we bewandelen de Lindedijk, die de diepe polder aan de noordzijde van de Linde behoedt voor overstromingen. Verder komen we langs een linie van schansen - zoals die van Kuinre en van Slijkenburg - die waren opgericht om aanvallen van de Spaanse troepen in de Tachtigjarige Oorlog te weerstaan. Tenslotte lopen we vandaag - alhoewel het niet tot deze etappe behoort - nog over het voetpad van Spanga naar Scherpenzeel, ook al zo'n linie (waterkering), met links door boeren gecultiveerde akkers en weilanden, en rechts van ons het moerasachtige, radiaal verkavelde natuurgebied van de Rottige Meente. Al deze verdedigingslinies hebben nu wel iets in zich van natuurontwikkeling, gerelateerd aan die oude verdedigingslinies.

Padvinden in het Wandelknooppuntennetwerk van Zuid-Oost Fryslân
Van elke etappe wordt in de wandelgids het startpunt en het eindpunt aangegeven, en de route-aanwijzing bestaat uit de opeenvolgende Wandelknooppuntennummers, die je wandelend 'in het veld' passeert. Het kaartje in de wandelgids met daarin de knooppuntennummers is zozeer verkleind afgebeeld, dat die niet kan worden gebruikt als betrouwbare routegids.
We kunnen vandaag voor een deel wel gebruik maken van het Friese Wandelknooppuntennetwerk, waar de routebeschrijving in knooppunten correspondeert met de routeknooppuntpalen in het veld.
Omdat het wandelknooppuntennetwerk op onze wandelkaarten alleen voor Fryslân goed gedocumenteerd is, en nog niet voor Overijssel en de Noordoostpolder, moeten we naast enkele wandelknooppunten-richtlijnen ons vandaag vooral richten op andere aanduidingen, zoals een uitgebreider routebeschrijving, het volgen van Overijsselse knooppunten, en ook fietsknooppunten. 
We komen vandaag een behoorlijk eind met de Friese Wandelknooppuntendeelkaart 3 van de Wouden, en met alle andere aanwijzingen in de routegids en in het veld, kunnen we de route volgen zoals die door samensteller Bosker zo is bedoeld.

Etappe 5.2: Oude Verdedigingslinie stimuleert natuurontwikkeling
Om 7:45 uur vertrekken we bij het ochtendgloren vanuit een druilerig Feinsum, en rijden we naar het Friese Scherpenzeel. Om 8:45 uur parkeren we onze auto in Scherpenzeel. Hier begint vandaag onze etappe.
Bij ons vertrek vanmorgen vanuit Scherpenzeel is het 3 graden, en die temperatuur loopt vandaag slechts een graad op. De lucht is zwaarbewolkt, en we lopen een groot deel van de dag in de regen. Het weer vormt een combinatie van een behoorlijke bui, enkele buitjes, heel even licht zonneschijn, en af en toe een stevig aanwakkerende wind, die vooral koud is op ons kilometers lange traject in oostelijke richting langs de Linde.

Zicht op drie provincies
Aan de zuidkant van Scherpenzeel passeren we het monument voor de Friese zeevaarder en kolonisator Pieter Stuyvesant (stichter van Nieuw Amsterdam; tegenwoordig New York), die in zijn jonge jaren als domineeszoon heeft gewoond in Scherpenzeel. Aan de overzijde van de Pieter Stuyvesantweg staat het ernstig vervallen café-restaurant De Veehandel, waarnaast trouwens een nieuwe bijzaal wordt en is gebouwd. 

Over de betonweg van de Nieuweweg gaan we richting Skoattersyl; onderweg De Gracht overstekend, om aan het eind van de Nieuweweg bij de voormalige Zuiderzeedijk op te klimmen. Als we bovenop de Zeedijk in westelijke richting kijken, zien we eerst over een stukje Fryslân en verderop over de provincie Overijssel, en in de verte zien we Flevoland al liggen. We lopen vandaag een drieprovinciëntocht.
Over de Zeedijk lopen we naar het plaatsje Skoattersyl. Daar steken we de oude zeesluis van de rivier de Tsjonger (Kuinder) over, en als we dan even later op de Worstsloot wandelen, lopen we precies over de Fries-Overijsselse provinciegrens.

Regenloop door het Kuinderbos
Tot nu toe ging het met het weer nog prima. In westelijke richting lopen met de oostenwind in de rug is goed te doen. Maar er dreigt en komt verandering. Vóór ons wordt de lucht boven het Kuinderbos dreigend donker. En nog voordat wij op de Worstsloot het bos bereiken, begint het al te regenen. Wij zijn dan ter hoogte van een 'Rustpunt', maar die is gesloten, dus we nemen de paraplu's ter hand en gaan verder, beschutting tegen de regen krijgend van de paraplu. 
Het begint behoorlijk te regenen, maar het lukt prima om zonder regenkleding verder te gaan, en ook later op de dag hoeft de regenkleding niet aan. De paraplu volstaat keer op keer bij alle "buien en buitjes", zoals weerman Piet Paulusma die vanmorgen voorspelde.
In zuidoostelijke richting doorkruisen we zo ongeveer de helft van het Kuinderbos. De route verlaat het bos bij het voormalige havenhoofd van de oude zeehaven van Kuinre, dat overigens nog een heel eind verder ligt. Daar ontmoeten we een ander stel dat op de parkeerplaats verderop hun auto heeft verlaten om ook even te kijken bij dit gerestaureerde symbool van de Zuiderzeevaart. Ze vinden het jammer dat het voortdurend regent vandaag, en gaan al snel weer terug naar hun auto verderop.
Wij steken de Hopweg over en gaan dan door het zuidoostelijke deel van het Kuinderbos verder, langs de Burcht (de voormalige schans) naar Kuinre.

Van Kuinre naar Slijkenburg
In Kuinre hebben we geluk, want daar passeren we een benzinestation, waar koffie-to go te koop is. Binnen halen we koffie en buiten eten we een broodje en genieten we van de heerlijke warme koffie.
Daarna lopen we verder langs Kuinre, om dan bij de Havendijk de Linde over te steken.
De route gaat dan verder over de Wyberbuurseweg langs de Bij of Tuschenlinde naar Slijkenburg.
Aan de dorpsrand van Slijkenburg staat een abri met een zitbankje. De abri biedt ons perfect bescherming tegen de koude oostenwind, dus daar kunnen we voor het eerst vandaag even een korte pauze zitten om er een broodje te eten.
Na deze lunchpauze wandelen we door Slijkenburg naar het dijklichaam waarop een monument staat - met daarbij een oud kanon - dat de herinnering oproept aan de plek waar vroeger de schans van Slijkenburg stond.

Lindedijk hoog langs de Linde
In Slijkenburg gaan we de hoge Lindedijk (ook wel Waterkeringpad genoemd) op. Omdat deze Lindedijk de meanderende rivier de Linde (Lende) volgt, slingert deze hoge dijk door het landschap. Het regent af en toe en het begint harder te waaien. We lopen boven op de Lindedijk met een koude tegenwind vanuit het verre oosten. Voor de komende week wordt een klassieke winter voorspeld, met behoorlijke vorst, veel sneeuw en een harde wind, waarbij sneeuwjacht wordt verwacht. De koude wind komt vanuit Rusland en Wit-Rusland, en vandaag voelen we hier op de dijk al de eerste tekenen van de komende winterse week.
We komen na enkele kilometers bij de brug over de Linde, bij de Lindehoek. Vanaf hier zouden we volgens onze routegids nog ongeveer een kilometer naar Ossenzijl moeten lopen, maar dat gaan we vandaag nog niet doen. We hebben er namelijk voor gekozen om vanaf deze Lindebrug in noordelijke richting direct terug te lopen naar Scherpenzeel, want vanaf hier is het nog maar zo'n vier kilometer (dus een uurtje wandelen) terug naar Scherpenzeel. Omdat we nu ongeveer 20 kilometer hebben gelopen, kunnen we nog best vier kilometer terug lopen naar Scherpenzeel. Voordeel is dat we dan weer terug komen bij onze auto, die we daar vanmorgen hebben geparkeerd. Omdat dit een prima optie is, kozen we ervoor, want daardoor hoeven we vandaag niet met twee auto's naar het begin- en eindpunt van vandaag te lopen. Dus vanaf De Lindehoek gaan we terug naar Scherpenzeel, zodat we vandaag niet 21 kilometer lopen, maar 24 kilometer.

Voetpad van Spanga naar Scherpenzeel
Maar voordat we teruglopen naar Scherpenzeel loop ik nog even over de Lindebrug naar de hier ter plaatse gevestigde jachthaven van De Lindehoek. Onze volgende etappe begint bij deze jachthaven, en om te voorkomen dat we onze auto hier de volgende keer in de smalle berm zouden moeten parkeren, vraag ik de havenmeester of het akkoord is dat wij de volgende keer onze auto voor enkele uren mogen parkeren op het terrein van deze jachthaven. Dat zal toch vast wel kunnen en mogen op dit grote haventerrein, dacht ik optimistisch, vertrouwend op de gastvrijheid van zo'n recreatie-ondernemer. Maar..., het mag niet van de havenmeester van De Lindehoek. Jammer, dan lossen we het parkeren een volgende keer wel anders op. Komt vast wel goed.
Onverrichterzake gaan we de Linde weer over, en dan wandelen we eerst via de Marktweg, en daarna langs de Scheene, naar het voetpad van Spanga naar Scherpenzeel. We kennen dat mooie schelpenpad langs de Rottige Meente van de vorige keren dat we hier al eens langs liepen. Dit voetpad komt langs de kleine hooggelegen begraafplaats, geheel omgeven met een brede sloot; en op de begraafplaats een klokkenstoel. 
 

Een eindje verder pauzeren we nog eens, om een laatste broodje en onze meegenomen thermoskan-koffie te nuttigen. Even later staan we al weer voor de Pieter Stuyvesantweg. Die steken we over, om vervolgens via de parallelweg terug te lopen naar de dorpsentree van Scherpenzeel, waar we vanmorgen onze auto hebben achtergelaten. Tot slot rijden we weer terug naar huis in Feinsum.

zondag 31 januari 2021

Rottige Meente ideale springplank voor de herintroductie van de otter

Zondag 31 januari 2021
 

Loopbruggetje over de Scheene in de Rottige Meente











Tussen Landweer & Friese Waterlinie

In het jaar 2015 verscheen de wandelgids 'Tussen Landweer & Friese Waterlinie', geschreven door de landschapsjournalist Fokko Bosker. Deze wandelgids bevat vijf Themaroutes, die zijn opgebouwd uit 13 afzonderlijke wandelroutes door de Friese gemeenten Ooststellingwerf & Weststellingwerf, over een afstand van 250 kilometer, en qua etappe-routes gebaseerd op het Friese Wandelknooppuntennetwerk.
De 13 etappes worden door Bosker vooral verhalend beschreven, waarbij de streekhistorie en de flora en fauna van de streek uitgebreid aan bod komen. De gids heeft meer het karakter van een wandelgids, dan een routegids, want je leest wel veel over wat je onderweg wandelend passeert, maar de incidentele teksten over de te wandelen etappe-routes zijn zo globaal, dat ze niet kunnen worden gebruikt om de route onbezorgd foutloos te lopen.

Wandelen in thema's en in etappes
Durkje en ik hebben besloten vandaag weer een route te wandelen van de 13 etappes van deze wandelgids. We lopen vandaag de eerste etappe van Themaroute 5, met als thema-titel 'Op het otterpad - Driedaagse dwaaltocht door de laagveenmoerassen in Zuidoost-Friesland'.
Deze etappe van Wolvega naar Scherpenzeel is 18 kilometer lang.
Etappe 5.1 is getiteld: 'Rottige Meente ideale springplank voor de herintroductie van de otter'. Dat verwijst naar de terugkeer van de - bedreigde en indertijd bijna uitgestorven - otter in het natuurgebied de Rottige Meente.

Padvinden in het Wandelknooppuntennetwerk van Zuid-Oost Fryslân
Van elke etappe wordt in de wandelgids het startpunt en het eindpunt aangegeven, en de route-aanwijzing bestaat uit de opeenvolgende Wandelknooppuntennummers, die je wandelend 'in het veld' passeert. Het kaartje in de wandelgids met daarin de knooppuntennummers is zozeer verkleind afgebeeld, dat die niet kan worden gebruikt als betrouwbare routegids.
We kunnen vandaag voor een deel wel gebruik maken van het Friese Wandelknooppuntennetwerk, waar de routebeschrijving in knooppunten correspondeert met de routeknooppuntpalen in het veld. Er zijn echter ook enkele onvolkomenheden in de nummering en in de volgorde van de nummering, maar als je de huidige Wandelknooppuntendeelkaart 3 van de Wouden erbij gebruikt, kun je de route foutloos bewandelen. 

Etappe 5.1: Rottige Meente ideale springplank voor de herintroductie van de otter
Om 8:15 uur vertrekken we bij het ochtendgloren vanuit Feinsum, en brengen we een auto naar het eindpunt van vandaag, in het Friese Scherpenzeel. Onderweg zien we de zon opkomen. Vanuit Scherpenzeel rijden we met de andere auto terug naar Wolvega, waar we die auto parkeren bij het gerenoveerde NS-station van 1865. Om 9:30 uur parkeren we onze auto op het P+R-terrein bij dat treinstation. Hier begint vandaag onze etappe.
Bij ons vertrek vanmorgen vanuit Wolvega vriest het 6 graden. De lucht is bijna onbewolkt, dus we lopen voor een groot deel van de dag onder een helder blauwe winterlucht. Het waait overigens nagenoeg niet, dus het is schitterend winterwandelweer; beslist niet koud.
Dat het wel winters weer is, blijkt uit het laagje ijs op de wateroppervlaktes en uit de rijk berijpte omgeving. Dit weer en deze winterse omgeving nodigen velen uit om te genieten van al dan moois buitenshuis. Nadat velen vanwege de Corona-maatregelen weer een week binnen hebben gezeten, is het wel heel aantrekkelijk om op deze zonnige zondag naar buiten te gaan, om te genieten van weer en natuur. Dat velen dat doen, blijkt ook wel uit het feit dat we vandaag opmerkelijk veel wandelaars, joggers, wielrenners en fietsers ontmoeten over de gehele lengte van deze etappe. 
Langzaam stijgt de temperatuur vandaag. Voor ons en voor vele anderen een schitterende dag om onder andere te wandelen door het natuurgebied van de Rottige Meente.

Wandelen langs de Linde
Vanaf het NS-station wandelen we eerst naar het Van der Valk-hotel. Daar nemen we het fiets- en voetpad dat langs de Lindewijk loopt, de nieuwbouwwijk van Wolvega. Zo verlaten we Wolvega aan de zuidkant. 
Nadat we de Linde zijn overgestoken, gaan we verder over de Domeinenweg naar de Steenwijkerweg. Waar we de Steenwijkerweg oversteken, begint het geasfalteerde fiets- en wandelpad van het Stroomkantpad. Dat pad volgt eerst een oude meander van de rivier de Linde, maar verderop ligt het pad langs de Linde.



Bij een gemaal gaat het Stroomkantpad over in de Sasweg, die hier ook langs de Linde loopt.
Verderop gaan we met een brug over de Linde, en aan de overzijde van deze Fries-Overijsselse grensrivier verlaten we de Sasweg, om dan over het pad van Gapenburg verder langs de Linde te wandelen in westelijke richting.
Bij de zelfbedieningspont richting Oldemarkt, veranderen we van richting, om dan verderop weer langs de Lende naar Driewegsluis te wandelen.
Vanwege de Corona-pandemie is het horeca-Paviljoen Driewegsluis helaas gesloten, maar gelukkig hebben we zelf een thermoskan koffie meegenomen. Op twee eenzame terrasstoelen nemen we plaats, om heerlijk volop in de warme winterzon te genieten van een meegenomen broodje met koffie.

Door de Rottige Meente
We verlaten nu de Linde, want die draait hier af richting Ossenzijl. Wij moeten naar het natuurgebied van de Rottige Meente, dus wij wandelen na deze pauze voorbij de Linthorst Homan-sluis over de Lindedijk langs de Jonkers- of Helomavaart.
Bij de brug van de Pieter Stuyvesantweg over deze vaart, veranderen we van richting, om dan na een eindje over de parallelweg van de Pieter Stuyvesantweg al spoedig het natuurgebied de Rottige Meente in te kunnen wandelen.
Dit laaggelegen, natte laagveenmoerasgebied heeft prachtige wandelpaden, zowel verhard als onverhard. De onverharde paden zijn een groot deel van het jaar drassig, maar omdat de toplaag van de bodem vannacht is bevroren, zijn zelfs de meest drassige delen van de onverharde voetpaden heel goed toegankelijk.
Over deze mooie onverharde natuurpaden doorkruisen we de Rottige Meente, totdat we via een voetgangsbruggetje de waterloop van de Scheene oversteken.
Daarna gaat de route verder over het asfaltpaadje van het Scheenepad langs de Scheene, langs een aantal kleine veenhuisjes, die deels voor permanente bewoning of voor recreatieve bewoning zijn aangepast.

Het Voetpad door de Grote Veenpolder van Munnekeburen naar Scherpenzeel
Op een gegeven moment zien we rechts van ons in het noorden het dorp Munnekeburen liggen. 
De route gaat dan verder over een schelpenpad naar dit dorp, waar de voormalige lagere school en de kerk en ook enkele woningen op hoogtes zijn gebouwd, om geen natte voeten te krijgen ingeval de waterstand in dit laagveengebied al te grote hoogtes zou aannemen.
Ter hoogte van de dorpskerk van Munnekeburen gaat de route verder over het zogenoemde Voetpad richting Scherpenzeel. Dit voetpad loopt op enkele honderden meters afstand parallel aan de verbindingsweg van Munnekeburen naar Scherpenzeel.
 

Het Voetpad is een schitterend oud voetpad dat aan de noordzijde langs de petgaten en legakkers van de Rottige Meente loopt.
Links en rechts staan oude huisjes en boerderijtjes, die door dit oude Voetpad met elkaar zijn verbonden. Af en toe passeren we de plek waar toch ook nog een nieuw huis is of wordt gebouwd. Het is een bijzonder karakteristiek stukje Fryslân dat we nu doorkruisen.
Enkele kilometers verder kruist dit Voetpad de Pieter Stuyvesantweg. Hier eindigt onze route van vandaag. We wandelen over de parallelweg langs de Pieter Stuyvesantweg naar het monument ter gedachtenis aan Pieter Stuyvesant, dat op een hoge pijler staat bij de entree van Scherpenzeel.
Iets verderop staat onze auto. We eten nog even een broodje, stappen in, en rijden terug naar Wolvega, waar onze andere auto staat. Als we even later vanuit Wolvega weer terug rijden naar Feinsum, zie ik op het display van de auto dat de temperatuur rond 14:30 uur 2 graden Celsius is. Dit betekent dat de dagtemperatuur in deze regio met acht graden is gestegen vandaag. Dat is bijkans ongemerkt gebeurd, waarschijnlijk omdat we weinig wind hebben ervaren vandaag, en omdat het de hele dag heerlijk zonnig was.


zaterdag 30 januari 2021

Lof der dwang

Zaterdag 30 januari 2021
 

Cover van 'Lof der dwang'

Democratische dwang
Veel verbaal geweld, maar geen oplossingen.
Zo typeert socioloog en journalist-schrijver Herman Vuijsje (1946) de woordenstroom over normvervaging en zorgzame samenleving. 
Het gebrek aan respect voor het algemeen en andermans belang blijft ondertussen toenemen.
In zijn boek 'Lof der dwang' (1989) houdt Herman Vuijsje een gedurfd pleidooi voor een betrokken inmenging in elkaars leven, en voor 'democratische dwang' als middel daartoe.
Burgers zullen zich - volgens Vuijsje - alleen socialer gedragen als medeburgers dat ook doen.
Herman Vuijsje stelt dat daarvoor een overheid nodig is die met daadkracht optreedt, en dat een wethandhavingsapparaat duidelijk aanwezig is.
In een prikkelende verkenning van de openstaande wegen doorbreekt Herman Vuijsje met het boek 'Lof der dwang' het taboe.
Om tot een werkelijk 'verantwoorde samenleving' te komen, is een grotere mate van dwang onvermijdelijk.
Maar ja, wie neemt de handschoen op?


Week 1 van de Corona-avondklok
Toen precies een week geleden de avondklok als anti-Coronamaatregel inging, was al voorzien dat deze vergaande vrijheidsbeperkende maatregel tot verzet zou leiden. Iedereen kon wel aanvoelen dat het alleen maar opleggen van deze maatregel niet zou gaan betekenen dat iedereen zich daar geheel aan zou gaan houden. De overheidsinstanties verklaarden dan ook klip en klaar dat de maatregel strikt gehandhaafd zou worden, en dat overtreders van de avondklok in elk geval zouden kunnen rekenen op een boete van 95 euro. 
Een dergelijke maatregel opleggen en die niet handhaven, zou in elk geval in Nederland sowieso tot een fiasco leiden, dus handhaven en ook melden dat er gehandhaafd zou worden, is een harde vereiste voor een optimaal resultaat. Dwang met regels zónder handhaving werkt niet, althans niet in Nederland. 

Dwang in historisch perspectief
Al geruime tijd stond het boek 'Lof der dwang' van Herman Vuijsje in onze boekenkast. Het leek mij een goed idee om in deze eerste week van de avondklok deze ode aan het verschijnsel 'dwang met handhaving' te gaan lezen. Terugblikkend op de grote maatschappelijke onrust en de rellen die zijn ontstaan bij het ingaan en bij het handhaven van deze Corona-avondklok kan ik wel stellen dat de inhoud van dit boek goed past bij wat we in de afgelopen week in Nederland hebben beleefd.
Herman Vuijsje schreef meerdere publicaties over naoorlogse cultuurverschuivingen in Nederland. Ook dit boek 'Lof der dwang' plaatst de manier waarop met name Nederlanders al dan niet gewenst omgaan met regels in een historisch perspectief. De vele beschreven observaties en voorbeelden uit onze samenleving maken duidelijk dat wet- en regelgeving alleen maar succesvol zijn in combinatie met enige vorm van dwang; derhalve dan ook 'Lof der dwang'.

Aanstelleritis in Amsterdam

  • De bodem is uit de sociale controle gevallen.
  • Bemoeien moet met overleg gebeuren, altijd afgestemd op de objectieve omstandigheden.
  • Sociale controle werkt alleen als het daartoe strekkende gedrag conform de norm is, en ook op sociale ondersteuning kan rekenen.
  • Sociale controle in de grote stad kan alleen gedijen bij de gratie van een betere wetshandhaving door politie en justitie.
  • Als je onbeschaafd handelende lieden tegenover je vindt, moet je zelf ook maar een beetje minder verfijnd gaan optreden.
  • Schreeuwen is misschien wel de meest gênante vorm van sociale controle. Wie schreeuwt, doorbreekt niet alleen de privacy, maar laadt ook nog de verdenking van onbeheerstheid op zich.
De openbare ruimte op de tocht
  • Het openbaar domein wordt - toch al aangetast - niet verdedigd, maar verder prijsgegeven.
  • Als de overheid het functioneren van haar eigen voorzieningen niet kan afdwingen, waarom zouden particulieren dan wel voor toezicht en controle kiezen?
  • Je wilt je eigen omgeving gewaarborgd hebben, schoon kunnen houden, de veiligheid zelf in de hand kunnen houden.
  • Het gedoogdenken heeft in Nederland een hoge graad van vanzelfsprekendheid bereikt.
  • De grimmigheid in/van een buurt kun je voorkómen als je bij de bouw van die buurt rekening houdt met de maatschappelijke realiteit, opdat en zodat minder storende, meer geïntegreerde oplossingen bedacht kunnen worden.
De tram als niemandsland
  • Aanwezigheid van controleurs levert 'sociale winst' op.
De terugkeer van de punt
  • In onze dagen treedt een kentering op. De tolerantie is vertaald in duidelijke normvervaging.
Lessen van Voorthuizen
  • Een diender moet niet altijd op de lieve toer gaan
  • Het respect voor andermans eigendommen neemt af.
  • De politiepostcommandant van Voorthuizen beschouwt het dorp als zijn 'eigen tuintje'.

Klikken in de rechtsstaat

  • In Nederland rust op klikken bij het gezag een duidelijk taboe.
  • Motieven als Tolerantie, Respect voor de privacy en voor de rechtsstaat, en Afkeer van eigenrichting functioneren als dekmantel voor onverschilligheid en geïntimideerdheid.
  • Het is heel principieel om iemand niet aan te geven. Het is toevallig ook het veiligste om dat niet te doen.
  • Iemand 'verklikken' of 'aangeven' heeft nog steeds een zwaar beladen klank.
  • Er zijn ook slachtoffers in het geding. Hun positie is veel minder met rechtswaarborgen omkleed.
  • Ik zou het absurd vinden een erbij snabbelende bijstandsontvanger aan te geven.
  • Het negatieve effect voor het algemeen belang is per saldo gering, misschien is zelfs van een positief effect sprake.
  • Burgers die kennis hebben van een misdrijf, moeten dit aan de bevoegde instanties melden.

De opkomst van het Doe-Maar-denken

  • In nog steeds toenemende mate geloven Nederlanders dat je 'moet opkomen voor jezelf'.
  • Waar een stevig vangnet hangt, kan men zijn naaste gerust laten vallen.
  • De vermaatschappelijking van verantwoordelijkheid en schuld is in de verzekeringssfeer zo ver voortgeschreden, dat de idee van morale aansprakelijkheid en verwijtbaarheid praktisch is verdampt.
  • Sinterklaasavond behoort tot de weinige gelegenheden waarbij wij moreel commentaar geven op andermans handelen.
  • Met Kerst moet je 'goed' zijn; van Sinterklaas mag je 'niet stout' zijn, en de Sint zegt daar precies bij wat hij bedoelt.
Aftocht der Apologen (beroepsbegrijpers)
  • Mensen worden weer in toenemende mate verantwoordelijk gehouden voor hun eigen lotgevallen.
  • Elke revolutie moet op een gegeven moment de vraag onder ogen zien: Werkt het ook?
  • Overal in de samenleving zet de ontwikkeling naar een minder moraliserende opstelling van de buitenwereld inzake de privé-afspraken tussen mensen zich onverminderd voort.
  • 'Normovertredingen' werden vooral beliefd te worden gezien als een 'signaal om hulp' of 'een voorstel aan de samenleving'.
  • Normen verslijten net zo snel als schoenen.
  • Normovertredingen zijn noodsignalen; kan best, maar dat wil nog niet zeggen dat er niet tegen moet worden opgetreden.
  • Je wilt vanuit verankerde standpunten je lijn bepalen.
Het dilemma van de uitslovers
  • In het verkeer blijken de Nederlanders hun gedrag in toenemende mate zelf te 'reguleren' en te 'controleren'.
  • Mensen worden in toenemende mate afhankelijk van elkaar, en zullen dus steeds meer rekening met elkaar moeten houden. Hoe ze die onderlinge contacten reguleren, kunnen ze best zelf uitdokteren.
  • Dankzij de onderhandelingscultuur letten we meer op anderen.
  • De onderhandelingshuishouding werkt 'beter' naarmate de betrokkenen een besef hebben van wederzijdse afhankelijkheid.
  • Als het directe eigenbelang samenvalt met dat van de groep, gedragen Nederlanders zich gedisciplineerd. Waar beide belangen haaks op elkaar staan, neemt tot in de meest abjecte situaties de neiging tot normafwijkend gedrag toe.
  • Prisoner's dilemma: Geen van beiden durft over de schuld van de ander te zwijgen, uit vrees dat deze hem wèl zal verraden. Daardoor worden beiden veroordeeld.
  • Amoreel gedrag is vaak gesignaleerd in samenlevingen waar extreme armoede en uitzichtloosheid heersen.
  • Amoreel handelen wordt ook bij ons in toenemende mate als normaal beschouwd. Het persoonlijk eigenbelang staat centraal.
  • Waarom zou jij je uitsloven als niemand anders dat doet?
Het vuil, de stad en de hond
  • Vroeger was een hond een hond, nu is hij 'vermenselijkt'.
Dwingen in Nederland
  • Zelfs tegenover heroïnehoeren wordt het gedogen volgehouden tot de dood erop volgt. Zij moeten maar op vrijwillige basis van gedrag veranderen.
  • De gedoogzone staat voor vertwijfeling en onmacht, vermomd als tolerantie, als onbekrompen politieke visie en permissiveness (tolerantie).
  • Er is een geringe bereidheid van de Nederlandse regering om tot maatregelen van dwang en controle over te gaan.
  • Nederlanders brengen overheidstoezicht, overheidscontrole en overheidsdwang onmiddellijk in verband met totalitaire onvrijheid.
  • Amerikanen zijn gewend de democratie te bekijken als een gecompliceerd stelsel van checks and balances, waarin naast eigen verantwoordelijkheid controle een sleutelrol vervult.
  • In Nederland zijn overheidstoezicht en sociale controle lange tijd beschouwd als diametraal tegenover elkaar staande mogelijkheden.
  • Zeker in de steden gaat sociale controle tegenwoordig door voor een blijk van aanstellerij.
  • Wanneer burgers zich niet meer verantwoordelijk voelen, terwijl de overheid zich beperkt tot het preken van de verantwoordelijke samenleving, ontstaan er stukken 'niemandsland'.
  • De verzorgingsstaat vereist op bepaalde punten een sterkere overheidsbemoeienis dan een terugtredende overheid.
  • Een meer verantwoordelijke samenleving krijgen we alleen als de overheid duidelijk laat zien dat zij bereid is de sociale controle te ondersteunen.
  • De neiging van de overheid om in te grijpen in de persoonlijke levenssfeer van burgers is uiterst gering, omdat de burgers dat zo willen.
Op weg naar een kwintaire sector (overheidsdienstverlening)
  • Mensen maken een kosten-baten-analyse bij elke moreel geladen beslissing.
  • Nog steeds is er behoefte aan gewetensbevestiging, aan voorgangers in rituelen met behulp waarvan mensen zichzelf en elkaar in bedwang kunnen houden.
  • Om eigenzinnige burgers in een geïndividualiseerde samenleving aan het belang van normen en wetten te herinneren, is een permanente public relations-inspanning nodig.
  • Bewogen oproepen dwingen en dreigen niet, en iedere moderne burger weet dat andere burgers amoreel gedrag alleen achterwege zullen laten als er sancties in het geding zijn.
  • Veel politieagenten hebben het gevoel dat zij tot de laatsten der Mohikanen behoren wanneer het gaat om het bewaken van de moraal in de samenleving. De maatschappelijke steun die de politieman geniet, wordt steeds geringer, terwijl de hulp die hij verleent als vanzelfsprekend wordt gezien.
  • Een ongeremde seksbeleving, waarbij je je helemaal kunt laten gaan, is zo ongeveer een grondrecht geworden.
Is Big Brother nog wel links?
  • In een geïndividualiseerde maatschappij blijkt de optelsom van individuele voorkeuren zodanige schade te kunnen toebrengen aan het belang van allen, dat de overheid wel dwangmaatregelen móet nemen.
De Controleurs
  • In Amerika zijn grote delen van de openbare ruimte al in 'controle-eilanden' veranderd.
  • Nederlanders hebben het zo grijs gemaakt dat ze weer meer controle over zichzelf afroepen.
  • De minder moralistische en meer 'zakelijke' visie op het naleven van regels, die leidt tot meer normoverschrijding, maakt ook het ondergaan van controle minder pijnlijk.
  • De Kamer is zelf ook meer controle-minded geworden. Ze ziet zichzelf steeds meer als controleur, niet alleen als wetgever. Controle wordt meer aanvaard als onderdeel van de democratie.
  • De combinatie van advies- en controletaken rukt in de hele controlesector op. De ene keer je adviespet op, de andere keer je politiepet, dat gaat botsen.
  • Controle is niet meer de hoofdtaak van de treinconducteur. Veiligheid en service zijn belangrijker volgens de huidige NS-filosofie.
  • Eigenlijk willen de meeste mensen weer meer controle, op anderen en ook op zichzelf.
  • Niet alleen lijken burgers weer in toenemende mate bereid om controle door functionarissen te accepteren, ook de weerstanden tegen een efficiënte aanpak van toezicht en controle verminderen.
  • Vrouwen: ideale opzieners van de verzorgingsstaat?

zondag 24 januari 2021

In the beginning

Zondag 24 januari 2021
 

Cover van 'In den beginne'

Spanning tussen streng chassidisch en liberaal

Het boek 'In the beginning' (1975) is de vierde roman van Chaim Potok. 
Herman Harold (Chaim) Potok (1929–2002) was een Amerikaans schrijver en rabbijn. Hij kreeg vanwege de traditie van zijn Poolse immigranten-ouders na zijn geboorte ook nog de Hebreeuwse namen Chaim Tzvi. 'Chaim' betekent 'leven'.
De spanning tussen enerzijds een streng chassidisch milieu en anderzijds een liberale opvoeding, is iets wat Chaim Potok ervoer in zijn eigen leven. Hij werd opgevoed in een orthodox-joods gezin. In zijn orthodox-joodse familie en omgeving heeft Chaim veel weerstand moeten trotseren om van zijn talent zijn beroep te kunnen maken.
Peter Sollet en Jeannette Bos hebben dit boek uit het Engels vertaald, en op de Nederlandse boekenmarkt verscheen dit boek in 1987 met de titel 'In den beginne'.
De titel van deze roman is ontleend aan de eerste woorden van de Bijbel: "In den beginne schiep God de hemel en de aarde".
De titel van dit boek geeft ook aan dat het proces van volwassenwording geen werkelijk einde kent. De opdracht van van de hoofdpersoon is het begin van zijn verdere leven.
Voor een goed begrip van de gebruikte terminologie begint dit boek met een Woordenlijst, waarin de in het boek gebruikte termen zoals Chanoeka, gojim en sjofar worden verklaard.

Alle begin is moeilijk
Dit boek begint heel passend met de beginzin "Alle begin is moeilijk".
De roman beschrijft hoe de hoofdpersoon David Lurie - een ziekelijk, maar wel hoogbegaafd jongetje - opgroeit, hoe hij Hebreeuws en Engels leert lezen, hoe hij gefascineerd raakt door de bijbelwetenschappen, besluit die te gaan studeren; en welke obstakels David daarbij tegenkomt, zoals : gezondheidsproblemen, antisemitisme, depressie van zijn vader (na de crisis) en van zijn moeder (na de Tweede Wereldoorlog), en ook het onbegrip van Davids familie. |
Het verhaal speelt zich af in de twintiger tot veertiger jaren van de vorige eeuw in New York. Maar veel gebeurtenissen uit het verleden in Poolse steden van die tijd - zoals Lvov en Bobrek - spelen ook een rol. Alleen het laatste hoofdstuk speelt zich af bij het oorlogsmonument van Bergen-Belsen ('Hier is het verleden'), waar Davids hele Poolse familie is overleden.

In den beginne
David wordt geconfronteerd met antisemitisme, armoede en met het joodse geloof. Alhoewel David het joodse geloof op een ander manier bestudeert dan dat men gewoon was in de joodse wereld, probeert David in dat joodse geloof toch zijn geluk te vinden.
In deze roman staat het thema 'geweld' centraal. David komt bijvoorbeeld voor de keuze te staan of Jodenhaat - naast Polen en Duitsland ook in de Verenigde Staten - al dan niet met geweld moet worden beantwoord. Ook in New York worden namelijk Joden openlijk afgetuigd. Daar staat tegenover dat de Joden óók geweld gebruikten. David zijn vader is bijvoorbeeld lid van de 'Am Kedosjiem', een organisatie die zich met wapens verzet tegen Jodenvervolging.
David kiest daarentegen een andere weg. Hij wil zijn tegenstanders namelijk met woorden verslaan.
Zelfs  als zijn Joodse geloofsgenoten het niet van David accepteren dat hij behalve niet-joodse, zelfs ook Duitse werken over hun heilige geschriften leest, blijft David zich openstellen voor de meer moderne methoden om de Tora en daarmee ook het Jodendom te verdedigen,

"Als je het heden voedt,
mag je het verleden nooit vergeten."

zaterdag 23 januari 2021

De Acht om de Groate Kerk

Zaterdag 23 januari 2021
 

Cover van de wandelgids
De drie van de Acht
In het jaar 2011 gaf de Stichting Alde Fryske Tsjerken na de restauratie en bij de heropening van De Groate Kerk een wandelgids uit met als titel: 'De Acht om de Groate Kerk'. De subtitel 'Wandelroutes rondom Sint-Jacobiparochie' maakt duidelijk dat het gaat om meerdere wandelroutes rondom Sint-Jacobiparochie. 
Johannes de Jong zorgde voor de tekst, de fotografie en voor de vormgeving; en de eindredactie van deze wandelgids was in handen van Jaap van der Boon.
Op de cover van deze wandelgids prijken enkele foto's van karakteristieke punten langs de route; en op de achterzijde worden een aantal teksten vermeld, die de wandelaar van deze routes onderweg stof geven tot nadenken. Deze citaten zijn afkomstig uit het inspiratieboek 'Pelgrimeren, Onderweg naar Santiago de Compostela'.
Deze wandelgids bevat drie verschillende routes, die samen als het ware de vorm van een '8' vormen ten noorden, in, en ten zuiden van Sint-Jacobiparochie. Alle drie routes beginnen bij De Groate Kerk van Sint-Jacobiparochie, het startpunt van de pelgrimsweg van het Nederlandse Sint-Jacob naar het Spaanse Sint-Jacob (Sant-iago de Compoostela).
Je kunt als wandelaar kiezen uit een totale afstand van 10 kilometer, over de volgende drie routes:

  1. De Monumentenroute, van 1,5 kilometer;
  2. De Route om de Noord, van 5 kilometer;
  3. De Route om de Zuid, van 3,5 kilometer.
Middagwandelen
De hele week al zijn de weersvooruitzichten voor vandaag en morgen niet erg mooi. Met enkele graden boven nul en met een doorgaans matige wind is het weliswaar niet erg koud, maar er wordt elke keer wel gewaarschuwd voor winterse buien, waarin regen en sneeuw elkaar kunnen afwisselen. Niet echt een weertype dat ons uitnodigt om op grotere afstand van huis een lange wandeling van zo'n 20 kilometer te gaan maken. 
Gisteravond bleek de voorspelling te zijn dat het vanmorgen zou gaan regenen, en dat het vanmiddag droog is, waarna de avond - de eerste avond van de anti-corona-avondklok - weer getekend zou worden door winterse neerslag. 
Daarom hebben Durkje en ik er gisteravond voor gekozen om vanmorgen eerst iets anders te gaan doen, om pas rond het middaguur op stap te gaan voor een iets kortere middagwandeling. Daartoe kozen we voor vandaag derhalve de wandelroute 'De Acht om de Groate Kerk'.
Om 12:00 uur arriveren we met de auto vanuit Feinsum bij de prachtige Groate Kerk van Sint-Jacobiparochie.
 

1. Monumentenroute
Deze eerste route voert ons langs monumenten in verschillende bouwstijlen uit de 18e, de 19e en uit de 20e eeuw. 
De route begint bij de voormalige pastorie (1760) van Sint-Jacobiparochie, die achter de Groate Kerk staat. 
Over het Oosteinde loop je dan langs een woonhuis met een trapgevel uit 1790, en daarna naar de Kadal, waar de oudste boerderij (1649) van Het Bildt staat.
Vlak vóór het eind van de bebouwde kom keer je om bij de villa uit 1914, in chalet-stijl en met tekenen van art-nouveau. 
Over het Oosteinde weer terug wandelend naar de Groate Kerk, passeer je de imposante 21 kamers rijke dokterswoning uit 1914, herkenbaar aan het zeshoekige torentje op het dak van dit grote pand. 
Voorbij de Groate Kerk passeer je daarna aan het Westeinde een woonhuis uit 1765.
Tot slot keer je om naar de neoclassicistische Groate Kerk (1843), een ontwerp van de beroemde architect Thomas Romein uit Leeuwarden.

2. Route om de Noord
Voor de tweede route lopen we vanaf de Groate Kerk in westelijke richting over het Westeinde. Daarbij passeren we eerst de hoek waar vroeger een café met herberg stond, en daarna lopen we langs De Jacobshoeve, en zien we iets verder de plek waar men vroeger het evangelisatiegebouw 'Zoar' (1899) achter een woonhuis heeft gebouwd. 
Bij de westrand van de bebouwde kom lopen we het zogenaamde Spoorrondsy op; een wandelpad over het tracé van de voormalige spoorlijn van de 'Noord Friesche Lokaal Spoorweg', vroeger van Leeuwarden via Sint-Jacobiparochie naar Harlingen.
 

Onderweg krijgen we af en toe even te maken met een kleine bui, die gepaard gaat met een vrij harde westenzeewind, maar ondertussen schijnt verderop om ons heen ook de zon.
Daarna gaat de route verder over het Sandpad, tegenwoordig een schelpenpad, dat is vernoemd naar het oude kerkenpad. Dit Sandpad volgen we langs de buitenrand van enkele boomgaarden (appels, peren, pruimen), waarna het schelpenpad tussen de vruchtbare akkers door loopt naar de Oude Bildtdijk, een voormalige zeekering uit 1505.
Over de Oude Bildtdijk wandelen we langs de machinefabriek van Meijer naar de T-splitsing met de Kadal. Hier steken we via de brug weer de Ouwe Faart over, om daarna over het fietspad langs de Kadal weer terug te lopen naar Sint-Jacobiparochie. 
Op de plaats waar vroeger het oude station van Sint-Jacobiparochie heeft gestaan, slaan we rechtsaf, om dan over een smal schelpenpaadje langs de Delfts rode (inmiddels witgeschilderde) tuindorp-arbeidershuisjes naar de George van Saksenstraat te lopen. Deze volgen we tenslotte langs de uit 1904 daterende dorpskerk tot aan het grote plein vóór de Groate Kerk.

3. Route om de Zuid
Nadat we bij de Groate Kerk even uit de wind en in de zon hebben gepauzeerd om iets te eten en te drinken, gaan we verder, met de derde route van vandaag.
Over het Zuideinde lopen we eerst langs café De Brouwerij, en daarna langs een karakteristiek graanpakhuis uit 1880 en daarna een iets ouder graanpakhuis uit 1860. We ontmoeten bij het tweede pakhuis de eigenaar van de antiekzaak naast de Groate Kerk, die hier in beide voormalige graanpakhuizen zijn voorraad voor de verkoop van antiek heeft staan.
Iets verderop komen we langs de imposante voormalige aardappelbeurs van Sint-Jacobiparochie, en dan gaat de route verder, het dorp uit naar de plaatselijke begraafplaats ten zuiden van het dorp.
Aan de oostzijde van het Zuideinde gaan we verder over een betonpad langs de 37 meter hoge slanke watertoren uit 1957. 
Een heel eind verder in zuidelijke richting zien we de nieuwe radartoren bij Wier, waarmee het Nederlandse luchtruim wordt bewaakt door de Vliegbasis Leeuwarden.
Tussen ons betonpad en die radartoren loopt het restant van een oude geul (1505), de Klaine Blikvaart. Die waterloop stroomt daar verderop door een veel lager geleden gebied. Deze natte gronden zijn niet zo geschikt voor de landbouw, dus daar zien we overwegend natte graslanden, die deel uitmaken van het natuurgebied van Staatsbosbeheer. Vlak voordat we weer naar het noorden afbuigen, horen we verderop een grote groep ganzen gakken in het veld.
Het betonpad voert ons weer terug naar de oostelijke rand van de bebouwde kom van Sint-Jacobiparochie. Bij de eerder gepasseerde villa uit 1914 wandelen we het Bildtse Sint Jabik weer binnen. Onder het kombord staat ook aangegeven dat we nu het 'Santiago aan het Wad' weer binnenwandelen, en vóór ons zien we al weer de toren van de Groate Kerk, eindpunt van deze mooie wandelroute in drie delen.


donderdag 21 januari 2021

Camino de Santiago

Donderdag 21 januari 2021
 

Cover van het boek 'Camino de Santiago'

Heilige mannen van het pelgrimspad

Tussen de steden Nájera en Burgos is de Spaanse Camino de Santiago gekenmerkt door een opvallende concentratie van heiligdommen, waar de middeleeuwse pelgrim halverwege het pelgrimstraject van de Pyreneeën naar Santiago de Compostela kon verpozen.
Eerbiedwaardige mannen - vereerd in de kerken van San Millán de la Cogolla, San Juan de Ortega en Santo Domingo de la Calzada - worden tot op heden nog herdacht in de naamgeving van de plaatsen waar ze leefden en stierven.
In de stad Burgos herinneren de kerk van San Lesmes en de kapel van San Amaro aan twee andere heiligen, die hun leven in dienst stelden van de pelgrims naar Galicia.
Het loont de moeite de grafmonumenten van deze vijf heiligen te bezoeken. Die monumenten werden namelijk met grote kunstvaardigheid opgericht, uit dankbaarheid aan hen die de Camino (het Spaanse pelgrimspad) letterlijk en figuurlijk begaanbaar maakten.

Mireille Madou
Hierover schreef Mireille Madou het boek 'Camino de Santiago', dat ze de pakkende ondertitel gaf van "Heilige pelgrims, pelgrimsheiligen en heiligdommen langs de weg", waarmee ze kort maar kracht aangeeft waarover dit boek gaat.
Dit boek verscheen in het jaar 1990. Gedeelten van dit boek werden eerder gepubliceerd in het pelgrimstijdschrift 'De Jacobsstaf', het magazine dat wordt uitgegeven door het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, waarvan Mireille Madou mede-oprichtster en erelid was. Deze vereniging telt momenteel inmiddels zo'n 13.000 leden.
Het boek verscheen eerder ter gelegenheid van de jaarwisseling van 1989-1990, als geschenk voor vrienden en relaties van uitgeverij Conserve.
Schrijfster Mireille Madou (1931-2020) studeerde kunstgeschiedenis. Vanaf 1976 doceerde ze kunstgeschiedenis van de Middeleeuwen aan de Rijkuniversiteit te Leiden. Haar onderzoeksgebied besloeg de heiligeniconografie, de geschiedenis van het middeleeuwse kostuum en de Camino de Santiago.

Heilige pelgrims, pelgrimsheiligen en heiligdommen langs de weg
Levenshoudingen en mentaliteiten veranderen in de loop der tijd. Eeuwen geleden ging men op bedevaart met grote godsvrucht en zachtmoedigheid. De hedendaagse pelgrim vertrekt vaak na een grondige voorbereiding, leest reisgidsen en wegenkaarten, en bezoekt dan met een cultuurhistorische inslag onderweg de diverse monumenten.
De grafmonumenten langs de camino - die in dit boek worden besproken - leggen hun getuigenis af van de waardering van de vijf hier besproken pelgrimsheiligen.
Dit boek is geschreven voor de pelgrims en andere reizigers die de verre reis naar het Spaanse Galicië gaan maken. De inhoud gaat vooral over dat stukje Spaanse Camino tussen de pelgrimssteden Nájera en Burgos. Vijf heiligen van dit stukje pelgrimspad staan in dit boek centraal. Hun leven en werken en hun grafmonumenten worden in deze publicatie belicht, om hen niet te vergeten en om hen onderweg te bezoeken en te gedenken.

San Millán de Cogolla
San Millán de Cogolla is geboren in of rond het jaar 474. Begonnen als schaapherder, ging hij in de leer bij een monnik, om daarna veertig jaar een leven van strenge boete en ontberingen te leiden. De roem van zijn heiligheid verspreidde zich. In het jaar 575 werd hij begraven in de grot waarin hij het grootste deel van zijn leven doorbracht. De plaats San Millán de Cogolla wordt beschouwd als belangrijk voor het ontstaan van een monastieke traditie in Spanje. Het graf van San Millán de Cogolla is in de Middeleeuwen één van de meest bezochte monumenten langs de camino.
Wie het klooster van San Millán de la Cogolla wil bezoeken, verlaat Nájera niet in westelijke richting om naar Santo Domingo de la Calzada te gaan, maar loopt vanuit Nájera in zuidelijke richting, om eerst naar San Millán de Cogolla te gaan, om dan pas na die lange zuidelijke omweg weer noordwestelijk verder te lopen naar Santo Domingo de la Calzada.
Pelgrims bezoeken San Millán de Suso (boven, met daar het praalgraf van San Millán de Cogolla) en San Millán de Yuso (beneden; dat onder invloed van het klooster van het Franse Cluny kwam te staan).

Santo Domingo de la Calzada
Santo Domingo de la Calzada leefde van omstreeks 1019 tot 1109. Deze herdersknaap voelde zich geroepen tot het kloosterleven. Hij koos ervoor om in een paleisruïne bij de plaats Ayuela - ver van de bewoonde wereld - God te dienen in volstrekte eenzaamheid.
Zij roeping werd de verzorging van pelgrims, waardoor hij het bouwen van een pelgrimshospitaal als eerste noodzaak beschouwde. Ook zorgde hij voor een verharde straat (een calzada) tussen Nájera en Redecilla, via Azofra en Cirueña, en hij bouwde een brug voor de pelgrims over de rivier de Oja. 
Vanaf het jaar 1094 werd deze heilige wegenbouwer bijgestaan door Juan de Ortega. 
Na zijn overlijden werd de nederzetting rond het pelgrimshospitaal van deze heilige wegenbouwer genoemd naar hem: Santo Domingo de la Calzada. Hier vinden we tegenwoordig ook het praalgraf van deze heilige patroon van de stad.
Eén van de meest beroemde mirakelverhalen van Santo Domingo de la Calzada is het verhaal van de haan en de hen, die tot op de dag van vandaag nog in levende lijve als witte hen en witte haan zijn te aanschouwen in de 15e eeuwse een kooi tegenover het praalgraf in de kerk van Santo Domingo de la Calzada. Hij is de patroon voor allen die werkzaam zijn in een bouwbedrijf, maar voor de pelgrims is hij de heilige van de haan en de hen.

San Juan de Ortega
San Juan de Ortega leefde tot 1163. Hij koos een gevaarlijk en onherbergzaam gebied om daar zijn levenswerk te realiseren, in dienst van de arme pelgrims. Vijftien jaar lang werkte hij samen met Santo Domingo de la Calzada. 
Na zijn bedevaart naar Rome en Jeruzalem vestigde hij zich als eremiet (kluizenaar) in de omgeving van de plaats Urteca. In het jaar 1120 realiseerde hij er een kapel, en tien jaar later een pelgrimshospitaal.
Hij wijdde zich aan de aanleg van een weg tussen Atapuerca en Villafranca de Montes de Oca en hij bouwde bruggen tussen Logroño en Ortega. In Ortega stichtte hij een kloostergemeenschap, mede voor de veiligheid en een goed onthaal van de pelgrims.
Hij is begraven in zijn kapel van Sint Nikolaas in het tegenwoordige San Juan de Ortega. Hij is de patroon van de metselaars, de architecten en de bruggenbouwers. Zijn grafmonument wordt beschouwd als de meest monumentale 12e-eeuwse grafcreatie in Noord-Spanje.
Zijn ander grafmonument - een praalgraf - is nooit bedoeld geweest voor zijn lichaam, maar om hem ermee te eren en ervoor te zorgen dat zijn wonderdaden in de gedachtenis van latere generaties pelgrims zouden voortleven.

San Lesmes
San Lesmes leefde tot 1097. Als kind onderscheidde hij zich al door zijn deugdzaamheid. Hij deed afstand van al zijn bezittingen ten bate van de armen en ging als arme pelgrim op bedevaart naar Rome.
Terug in Spanje vestigde hij zich bij een kapel in Burgos, waarbij ook een hospitaal stond waar de pelgrims naar Santiago de Compostela een onderkomen vonden. Zijn grootste zorg ging uit naar de pelgrims.
Uiteindelijk werd na zijn overlijden San Lesmes een rustpunt en tevens pelgrimsdoel op zich. Zijn graf in de kerk van San Lesmes ligt aan de camino door Burgos. Zijn praalgraf tonen de vier kardinale deugden: Voorzichtigheid, Rechtvaardigheid, Sterkte en Matigheid. Ontdaan van alle luister rust San Lesmes met grote waardigheid en sereniteit in het graf in het midden van zijn kerk.

San Amaro
Van San Amaro is het sterfjaar niet bekend.
Om de kapel van San Amaro te bezoeken, moet je als pelgrim een kleine omweg maken langs de oude camino, die voorbij het Hospital del Rey door Burgos loopt. Dat koninklijk hospitaal is oorspronkelijk gesticht voor het welzijn van de armen en van de pelgrims.
Als pelgrim op weg naar Santiago de Compostela vond San Amaro een onderkomen in dit hospitaal. Omdat hij hier werd getroffen door de grote liefde waarmee pelgrims werden ontvangen, keerde hij na zijn aankomst in Santiago de Compostela terug naar het Hospital del Rey, waar hij zijn diensten als medewerker aanbood. Zijn zachtmoedigheid en geduld, zijn naastenliefde en godsvrucht werden door iedereen opgemerkt.