donderdag 17 september 2026

Zonsondergang in Feinsum

Donderdagavond 17 september 2026

Zonsondergang in Feinsum
















 

De "Friese Spoorweg-Quaestie”

Donderdag 17 september 2026
 
Ilja Nieuwland vertelt over de Friese Spoorweg Quaestie

Eerste Nederlandse spoorlijnen
Na het openen van de eerste twee Nederlandse spoorlijnen rond 1840 schoot het met het nationale spoorwegnet niet zo op. Het initiatief werd overgelaten aan privé-partijen, en die bleken vaak terug te schrikken voor de financiële en bestuurlijke risico’s. Pas in 1860 nam de overheid een groter aandeel en werd besloten een tiental staatslijnen aan te leggen. 
Eén van de belangrijkste daarvan was een verbinding van Harlingen naar Duitsland via Leeuwarden en Groningen (Lijn B). De enige open zeehaven van Nederland - in Harlingen - moest zo een belangrijk element worden in de nationale handel. Maar de verbinding met het Pruisische Rijnland, het machtige industriële centrum van Duitsland, was nog altijd omslachtig.
Al vanaf de jaren vijftig werden plannen gecirculeerd om een directe verbinding aan te leggen van Harlingen naar Salzbergen, maar het duurde tot 1865 voordat verschillende Friese notabelen het initiatief namen om die ambities verder uit te werken. Het project van de Noorder-Spoorweg-Maatschappij werd groots aangepakt. In de archieven van Tresoar liggen nog altijd de getuigenissen: bijna honderd monumentale platen en tien dikke mappen vol plannen. Elk detail werd doordacht, zoals stations in neogotische stijl, locomotieven en wagons, spoorstaven, wissels en bruggen; zelfs de hekken langs het traject werden in tekeningen uitgewerkt. Landmeters trokken door Fryslân en stelden kadastrale kaarten samen; juristen werkten aan onteigeningsplannen en ingenieurs berekenden hellingen en bochten. 
 
Waarom rijden we dan niet dagelijks met de trein van Harlingen naar Bolsward? 
De precieze reden van bovenstaand vraagstuk is gehuld in een mist van bureaucratie en mislukte financiering. Misschien waren de kosten toch te hoog, speelden politieke belangen en verloren investeerders daarom hun vertrouwen. Hoe dan ook, de plannen vervaagden, de mappen werden dichtgeslagen, de tekeningen opgeborgen. Uiteindelijk kwam er een toch wat armzalig substituut: tussen 1882 en 1947 exploiteerde de Nederlandsche Tramweg Maatschappij (NTM) een aantal tramdiensten tussen Harlingen en Heerenveen. 
Harlingen, toch ooit gedacht als een belangrijke poort naar Europa, bleef een havenstad met onvervulde dromen, en in het gebied er achter veranderde er vooralsnog ook weinig.

Lunchlezing van Ilja Nieuwland over de Noorder-Spoorweg-Maatschappij
Over deze spoor-perikelen verzorgt Ilja Nieuwland vandaag de Lunchlezing in Tresoar te Leeuwarden. De titel van zijn lezing luidt: 'De Friese Spoorweg-Quaestie - Het spoor van belofte - Hoe een spoorlijn Fryslân had kunnen veranderen, of niet?'
In deze lezing vertelt Nieuwland het verhaal van de Noorder-Spoorweg-Maatschappij, haar ambities en uiteindelijk falen. En Ilja staat ook stil bij het Fryslân dat er had kúnnen zijn en dat er heel anders uit zou zien dan wat we uiteindelijk kregen.
Ilja Nieuwland (1970) is historicus en werkt bij het Huygens Instituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Hij heeft gepubliceerd over de geschiedenis van paleontologie, die van architectuur, en over andere historische thema’s. Recent verscheen van hem ‘The Lost Termini of Berlin. A History of the Railway Stations that shaped the German Capital’.

Ilja Nieuwland over de Friese Spoorweg-Quaestie
In 1930 werden in de Kanselarij te Leeuwarden de plannen voor een mogelijk nieuwe spoorlijn gevonden, met daarin 10 platen en honderd boeken, met daarop een complete spoorlijn van het hele tracé, tot op detailnivo al uitgewerkt, met daarbij bijvoorbeeld ook alle stations gedetailleerd getekend. Alles bij elkaar omvatte dat een compleet plan uit 1863. We zien tijdens deze lezing de tekening van het geplande station van Harlingen aan het havenfront van de stad.
Deze plannen komen uit de zogenoemde IJzeren Eeuw, waarin spoorplannen lang symbool stond voor moderniteit. Treinen zouden de diligence en de trekschuit moeten vervangen. De nieuwe treinwagons zouden de klassen in de maatschappij gescheiden kunnen laten reizen. Klassenbesef zat en zit heel diep in de spoororganisatie verankerd.
Na 1860 begon het aanleggen van meer, nieuwe spoorlijnen stil te liggen. Dat zat de gegoede burger-heren dwars, en mede daardoor kwamen er plannen voor óók het noorden in Nederland.
In 1854 komt het plan op voor de lijn van Harlingen - Leeuwarden – Duitsland, afkomstig van Cornelis Sixma van Heemstra. Harlingen zou daarbij exporthaven worden als enige ijsvrije haven, waar ook grotere schepen binnen konden lopen. Vanuit Amsterdam en Rotterdam kwam gaandeweg tegenwerking op dit spoorplan in noord-Nederland. Fryslân beseft zich dan steeds meer dat ze achter gaat lopen in haar ontwikkeling. 
In 1857 kwam er een nationaal spoorplan, dat al heel sterk lijkt op het huidige spoorplan.

De Friesche Spoorweg-Maatschappij
De Friesche Spoorweg-Maatschappij werd opgericht in 1858.
De overheid was terughoudend qua financiering van spoorlijnen, en wilde het investeren grotendeels overlaten aan particuliere partijen.
In deze periode was er sprake van geheel nieuwe kennis voor wat betreft het ontwerpen en ontwikkelen van spoorlijnen. Een zekere Alexander Kistel was toen daarentegen al specialist op dit gebied. 
Ene Elias Jan Hendrik Dull had in die tijd al veel spoorweg-initiatieven rond Almelo ontwikkeld. Dull tekende eerst voor de spoorlijn van Harlingen naar Heerenveen, toen van Heerenveen naar  Meppel, daarna van Meppel naar Almelo, en tot slot van Almelo naar Rheine, met aansluiting op het Pruisische deel. 
Het treinspoorplan van Harlingen naar Heerenveen werd geschrapt, maar er kwam wel een geheel ander plan, namelijk via Hoogeveen en Coevorden, waarin Harlingen en Heerenveen toch weer terug kwamen in de planvorming. 
In 1879 speelt het initiatief van de zogenoemde Lijn der Toekomst, van Harlingen via Bolsward en Sneek naar Heerenveen. Iedereen verwacht dat die lijn er toch wel zal komen, en daarom stappen de particulieren er niet in qua particuliere financiering. Het gaat onverhoopt echter toch niet door, maar een tram komt er daarentegen wel van de Nederlandse Tramweg Maatschappij, die een zeer uitgebreid spoorwegnetwerk opbouwde in Fryslân. Maar ook dit had een eindig karakter en bestaat nu al niet meer.

De Nederlandse Spoorwegmaatschappij 
De Nederlandse Spoorweg-maatschappij wilde het spoor door Fryslân beginnen in de zeehaven van Harlingen, namelijk bij een te bouwen immens groot station aan de havenzijde van Harlingen, zoals hier op de foto als impressie afgebeeld.
Daarna zouden dan achtereenvolgens stations komen in Kimswerd, Arum, Wytmarsum, Bolsward, Nijlân, Ysbrechtum, Sneek, Joure en Heerenveen.

De verloren gegane belofte
Iedereen nam aan dat deze spoorlijn wel door zou gaan, en daarom zetten velen er financieel niet op in, met als gevolg dat het nooit iets is geworden met deze lijn.
  • Kleine plaatsen blijven aan een spoorlijn doorgaans ook kleine plaatsen.
  • Steden die al behoorlijk in ontwikkeling zijn en dan een spoorlijn krijgen, varen veelal wel bij een spoorlijn.
Sneek en Bolsward zijn de grootste verliezers van het niet doorgaan van de plannen inzake deze spoorlijn. Het onwelwillende Sneek had daar trouwens zelf de hand in, maar Bolsward - die wel graag wilde meewerken - heeft uiteindelijk nooit een spoorlijn gekregen
Nieuwland hoopt over deze spoor-perikelen binnenkort een boek te publiceren. 

Junior in Feinsum over de brug van Senior

Dinsdag 15 september 2026
 
Hyltsje junior bij 'it âld stee' van Hyltsje senior

















Hyltsje junior & senior
Een auto stopt bij ons huis, en een man die ik nog niet ken, komt bij de deur. Hij stelt zich voor als Hyltsje Rijnks. Direct gaat bij mij een lichtje branden, want we wonen immers tegenover de Hyltsjebrêge van Feinsum, genoemd naar ook een Hyltsje Rijnks, oud inwoner van Feinsum, die aan de andere kant van It Kanael woonde.
Nadat Hyltsje binnen is genodigd, vertelt hij de kleinzoon (pakesizzer) van zijn Feinsumer grootvader Hyltsje Rijnks te zijn, die samen met zijn vrouw, beppe Aukje,op de westelijke oever van It Kanael heeft gewoond in een huisje met bijgebouwen op rand van de akker waar afgelopen zomer de aardappelen nog groeiden.

Onderwijsloopbaan in Groningen
Hyltsje junior is geboren in het huisje ten westen van pake & beppe hun huisje, namelijk aan de Feinsumer Feart bij de Slagdykster Mûne, waar wij vanuit onze woning het zicht op hebben.
Voor de 'jongfeint' Hyltsje junior was er vroeger na zijn schoolgang op de Bewaarschool van Stiens en de MULO geen gelegenheid om als boer zijn kost te verdienen, dus doorleren was het devies. Hij ging naar de Rijkskweekschool en werd schoolmeester in het Groningse Baflo. Daarna studeerde hij MO-A-Engels en werd leraar Engels op de Landbouwhuishoudschool in het Groningse Woldendorp. Zijn onderwijsloopbaan zette hij later voort en kwam ten einde als docent Engels op de Middelbare Detailhandelschool in de stad Groningen, en als pensionado woont hij momenteel in het Groningse Paterswolde.

Wonen aan de Feinsumer Feart en It Kanael
Hyltsje strooit met namen en plaatsen van met name Feinsum, Oude Leie en Oude Bildtzijl, en als even later zijn familiefotoalbum op tafel komt, vertelt hij honderduit over zijn grootouders, zijn ouders, zijn familie, de dorpelingen en over zichzelf. In een uur tijd wordt mij heel veel duidelijk over Feinsumers, over Feinsum en omgeving, en specifiek over de 'pôles' (woonstee) van pake & beppe en van heit & mem tegenover ons huis.

Hyltsje op de foto bij brug en huis van pake Hyltsje 
Hij heeft ook nog een krantenknipsel meegenomen van recent in het Dagblad van het Noorden gepubliceerde foto's van de Feinsumer Hylke de Groot, met wie ik hem ook nog even in contact breng, omdat hij graag met Hylke (zijn naamgenoot) ook kennis wil maken.
Voordat Hylke junior vertrekt, maken we nog een serie foto's van Hyltsje, onder andere bij het informatiebord tegenover de vroegere woonplek ('ald stee') van zijn grootouders, en natuurlijk daarnaast ook een portret staand op de betonnen brug over It Kanaal, op de brug die naar zijn pake Hyltsje is genoemd, de Hyltsjebrêge van de Hege Hearewei ten westen van Feinsum.

woensdag 16 september 2026

Turfroute - Wandelroute 11 Bakkeveen / Allardsoog

Maandagmiddag 14 september 2026
 
Door de Bakkeveensterduinen op It Mandefjild

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 11 - Bakkeveen / Allardsoog
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. Inmiddels is de temperatuur opgelopen naar 18 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit het Speelbos Sparjebird rijden we naar het drieprovinciënpunt tussen Bakkeveen en Een-West, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein aan de rand van It Mandefjild. Hier begint ons derde rondje van vandaag om 13:45 uur. 
Deze wandelroute 11 kreeg als thema: 'De oertijd klopt aan de deur', verwijzend naar het stuifduinenlandschap van It Mandefjild, dat haar oorsprong in de oertijd kent.

Over de Heide van Allardsoog
Vanaf de Nije Drintse Wei gaan we het natuurgebied van It Mandefjild op. Al snel lopen over de holle weg, die diep door dit landschap snijdt, gevormd door onder andere de karren die vanaf eeuwen geleden hier hun sporen letterlijk en figuurlijk achter lieten.
In dit heidelandschap is langs de holle weg op deze heide ook een grafheuvel gevonden. 
Voordat we vanuit het zuiden in oostelijke richting verder gaan, passeren we een dobbe in het heide-landschap.
We gaan nu door het bosperceel eerst langs het conferentieoord van Nieuw Allardsoog, en dan naar de Schaapskooi, waar we door een recent aangelegd tunneltje lopen, waarover de schapen ongehinderd tussen de schaapskooi en het heideveld kunnen lopen.
Met een wijde bocht gaat het dan verder aan de noordzijde om de Heide van Allardsoog heen. En even later gaat het zuidwaarts verder naar het centrum van It Mandefjild.
Door het bos gaat het dan verder in zuidwestelijke richting. Weer noordelijker bij de bosrand aangekomen, nemen we plaats op een forse houten picknickbank voor onze lunchpauze. Dat het toch ook op deze maandagmiddag druk is op It Mandefjild blijkt wel uit het feit dat gedurende deze pauze meerdere wandelaars en wandelstellen ons passeren.

Door de Bakkeveensterduinen
Na deze lunchpauze lopen we door langs de bosrand, om dan de Bakkeveensterduinen in zuidelijke richting te doorkruisen. 
We komen uiteindelijk aan de zuidkant van het duinenlandschap bij de bosrand, die we in oostelijke richting volgen. Hier en daar zien we de eerste mooie paddenstoelen al weer als voorbode van de herfst.
De heide van It Mandefjild staat in bloei, dus dat geeft mooie kleurrijke plaatjes in dit golvende landschap van zand en heide.
Met een grote bocht lopen we om de Poepedobbe heen, die we vanwege de bomenzoom tussen het zandpad en de pingo-ruïne (dobbe) helaas niet kunnen zien.
Dan komt het moment dat we de Nije Drintse Wei moeten oversteken. Aan de overzijde van de weg gaat de route dan verder door een smalle bosstrook die in de vorm van een halve maan langs de Nije Drintse Weg gaat.  
In dit bosperceel komen we langs het verzets-monument van Bakkeveen, waarmee de tien slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog worden herdacht, die hier door de Duitsers op deze plek zijn gefusilleerd, waar ook de beroemd geworden kunstschilder Hendrik Nicolaas Werkman deel van uitmaakte als gefusilleerde.

Afsluiting van de Turfroute
Nog eens weer steken we de Nije Drintse Wei over, om dan over een smal bospaadje langs deze weg terug te lopen naar het drieprovinciënpunt, waar onze auto staat.
Vanuit Bakkeveen rijden we dan eerst naar Dokkum voor koffievisite bij Theo & Ineke, waarna we bloemen naar het graf van Durkje haar ouders brengen in Broeksterwâld, op deze eerste sterfdag van haar mem.
Met het voltooien van deze wandelronde 11 hebben we nu alle fiets- en alle wandelroutes van de gids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland' gelopen, en sluiten we na de bijna 750 kilometers hiermee dit mooie wandelproject af. 

dinsdag 15 september 2026

Turfroute - Wandelroute 10 Hemrik

Maandag 14 september 2026
 
Het tweede rondje begint in het Speelbos Sparjebird

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 10 - Hemrik
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
  •   3. Oldeberkoop en omgeving, over een lengte van 11,3 kilometer;
  • 10. Hemrik, met een lengte van 5,8 kilometer;
  • 11. Bakkeveen / Allardsoog, met een lengte van 8,4 kilometer.
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. Inmiddels is de temperatuur opgelopen naar 16 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit Oldeberkoop rijden we naar het Speelbos Sparjebird, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein. Hier begint ons tweede rondje van vandaag om 12:00 uur. Op dat moment horen we de klok van de klokkenstoel van de Witte Kerk van Hemrik luiden, hetgeen ze op werkdagen doorgaans op deze tijd handmatig doen.
Deze wandelroute 10 kreeg als thema: 'Mooi kan ook zonder opsmuk en spektakel', verwijzend naar het feit dat een voor ons alledaags landschap van natuur en cultuur ook heel mooi kan zijn.

Van Speelbos Sparjebird naar Hemrik
Over de bospaden van Speelbos Sparjebird - waar ik vroeger als lagere schoolkind enkele jaren meedeed aan de zomervakantiespelen - lopen we naar de Bûtewei. Dan steken we de Sparjeburd over om vervolgens langs de tamelijke nieuwe camping de route over de halfverharde Bûtewei te vervolgen. Op de camping ontmoeten we een Filippijnse vrouw, die vertelt dat ze hier met haar man kampeert, en over enkele dagen voor zes maanden met haar man vertrekt naar de Filippijnen, waarna ze volgend jaar dan weer voor zes maanden terug komen voor een half jaar verblijf in Nederland.
Van de Bûtewei stappen we over op het onverharde veldpad van de Binnenwei, totdat we de bebouwde kom van Hemrik bereiken. 
In Hemrik komen we langs de Witte Kerk, waarvan we zojuist de klok van de klokkenstoel hebben horen luiden, toen we vertrokken vanuit het Speelbos Sparjebird.
Over de Fabryksleane gaat het vervolgens naar de voormalige cichoreifabriek / melkfabriek De Nijverheid, waarnaast ook het plaatselijke openluchtzwembad is gevestigd. 
Dit industrieel erfgoed van de vervallen fabriek ziet er als verlaten uit. 
Vanaf hier lopen we langs de Opsterlandse Compagnons-vaart naar de Brug Sparjeburd over de vaart.



Via Weinterp terug naar Sparjeburd
Over de Weinterp laten we de vaart achter ons, om noordelijker een langgerekt bosperceel in de gaan, waar we conferentieoord New Eden passeren.
Dan vervolgen we onze route volgens de bewegwijzering over de bospaden van het Speelbos Sparjebird, totdat we om 13:10 uur terugkeren bij onze auto op de parkeerplaats in dit bosgebied.
We stappen in de auto en rijden dan vanuit dit Speelbos Sparjebird naar het drie provinciënpunt tussen Bakkeveen en Een-West, waar straks tot slot onze derde wandelronde van vandaag aanvangt. 

Turfroute - Wandelroute 3 als rondje Oldeberkoop en omgeving

Maandagochtend 14 september 2026
 
Glaskunstpodium bij de parkvijver in het Molenbosch van Oldeberkoop

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 3 - Oldeberkoop en omgeving
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
  •   3. Oldeberkoop en omgeving, over een lengte van 11,3 kilometer;
  • 10. Hemrik, met een lengte van 5,8 kilometer;
  • 11. Bakkeveen / Allardsoog, met een lengte van 8,4 kilometer.
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit Feinsum rijden we naar het dorpscentrum van Oldeberkoop, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein diagonaal tegenover de Bonifatiuskerk van Oldeberkoop. Hier begint ons eerste rondje van vandaag om 8:50 uur.
Deze wandelroute kreeg als thema: 'Een bijzondere plaats waar kunst en natuur samensmelten', verwijzend naar de uiteenlopende kunstuitingen - en ander samensmelten(?) - die we onderweg passeren.

Oorlog in de Tjongervallei
Voorbij de Oosterwoldseweg en de Auke Faberlaan komen we op een smal voetpad dat noordelijk om Oldeberkoop heen loopt. Aan de felrode bessen en de eerste bladeren in herfstkleuren van de lijsterbes kunnen we heel goed zien dat de herfst voor de deur staat.
Op deze noordelijke omgang komen we langs een houten standbeeld van een voetballer met de bal aan zijn voeten.
Aan de overzijde van de Heerenveenseweg gaan we het parkgebied van het Molenbosch in, waar we wederom langs kunstobjecten lopen, waaronder bij de parkvijver een glaskunstwerk op een rondgaand houten podium.
Door het bungalowpark en tussen de zonnepanelenvelden door lopen we naar de noordzijde van het Molenbosch, tot waar je het zicht krijgt op de Tjongervallei in het noorden. 
Als we op het bosrandpad in westelijke richting lopen, stuiten we op een obstakel midden op het smalle bospad. Als we daar omheen lopen ('wurmen'), zien we dat dit een gecamoufleerde legerjeep is. Voorbij de jeep zien we twee gecamoufleerde soldaten met wapens tegen de bosrand aan liggen in het gras, met achter zich in de bosschages nog een gecamoufleerde legerjeep. We maken een praatje met de beide soldaten, die hier vannacht hebben overnacht, en die vertellen dat ze hier op oefening zijn in het veld, en tot nader order hier moeten waken.
Nog een eindje verder treffen we nog een derde gecamoufleerde soldaat aan met zijn wapen en ook een granaatwerper, die vanaf zijn verdekte positie een uitstekend zicht heeft over een langwerpig veld in dit coulissenlandschap.
Als we de doorsteek even later maken naar de Wolvegaasterweg, vertellen we een vrouw die uit tegengestelde richting komt aanwandelen dat ze straks niet moet schrikken als ze daar ineens op drie gecamoufleerde soldaten stuit in het bos. Ze vertelt dan dat ze die hier gisteren ook al heeft gezien, dus ze is erop voorbereid.
Wij maken vervolgens over een volgend veldpad de doorsteek van de Wolvegaasterweg naar de Stellingenweg.

Vrede in de Lindevallei
Aan de overzijde van die Stellingenweg gaan we de Lindevallei in, eerst door een bosperceel, en dan tussen het bos en de Noordwoolder Voart (Linde) over een veldpad door het open veld van deze riviervallei. Aan de vegetatie kun je zien dat hier niet veel mensen komen.
Waar we vanuit het veld een bocht om gaan in noordelijke richting zien we een eindje verderop op het bospad aan de bosrand een man en een vrouw stevig tegen elkaar aan staan. Hier blijkt niet zozeer oorlog te zijn zoals in de Tjongervallei, maar is het meer een kwestie van vrede in de Lindevallei. 
Als ze ons de hoek om zien komen, trekken ze beiden snel hun slips omhoog, en hij direct daarna ook de spijkerbroek, en zij haar legging. Dan dralen ze niet lang meer, en verwijderen ze zich van ons over het bospad. Wij gaan door in ons eigen tempo, maar de vrouw is de snelste niet, dus we naderen hen al snel. In een volgende bocht waar het bospad linksaf verder gaat, stappen zij daarentegen rechtsaf tussen de bomen door naar de bosrand verderop, en wat zich daar dan zal afspelen, laat zich raden. Laten we maar zeggen dat de liefde alles overwint.
Na dit toch wel opmerkelijk vredige tafereel vervolgen wij onze route door het Koepelbosch naar het hertenkamp, waar we op een damhert stuiten, die de confrontatie met ons ook al niet wil aangaan.
Dan steken we de Stellingenweg (N351) wederom over, om dan aan de overzijde onze route nog een eindje door het Koepelbos te vervolgen.

Koffiepauze met koprol achterover
Na het oversteken van de Heerenveenseweg wandelen we de bebouwde kom van Oldeberkoop weer binnen. 
In het centrum kopen we bij de plaatselijke bakker brood voor de komende dagen, en dan wandelen we om 11:15 uur langs de geit van de Geitefok en langs de middeleeuwse Bonifatiuskerk terug naar onze auto.
Op de parkeerplaats ontkoppelen we de auto van de laadpaal, en willen we onze koffiepauze houden op de tweezijdige picknickbank die hier bij de laadpaal staat.
Echter, als we onze spullen op de picknickbanktafel hebben gelegd, en naast elkaar op de picknickbank gaan zitten, gaat het mis, want we vallen met al ons hebben en houden achterover, waarbij de picknickbank over ons heen valt. Zo wordt ons duidelijk dat deze picknickbank niet verankerd is in de grond en kopzwaar is als twee personen op één zijde gaan zitten. Niet handig, wel vermakelijk.
Gelukkig bezeren we ons niet, is alles nog heel, en gaan we in onze tweede poging ieder op een zitbank tegenover elkaar zitten. En zo kunnen we zonder verder ongemak toch nog heerlijk in het zonnetje genieten van onze broodjes- met koffiepauze.
Na dit eerste rondje met toch wel enkele bijzondere gebeurtenissen stappen we in de auto, en rijden we van Oldeberkoop naar Sparjebird, waar we ons tweede rondje van vandaag gaan lopen.

zaterdag 12 september 2026

Via Gebennensis von Genf nach Le Puy-en-Velay

Zaterdag 12 september 2026
 
Cover van de wandelgids van de 'Via Gebennensis'

Voortraject
Tijdens onze eerste pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2005 tot en met 2012 van het Friese Sint-Jacobiparochie (NL) via het Franse Vézelay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Lemovicensis naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Tijdens onze tweede pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2011 tot en met 2015 vanuit het Franse Le Puy-en-Velay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis wederom naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Vorig jaar (in 2025) liepen we de verbindingsroute voor pelgrims van de Via Lemovicensis naar de Via Podiensis, namelijk van Vézelay zuidwaarts naar Le Puy-en-Velay. 
 
Via Gebennensis volgens Hartmut Engel
Dit jaar (in 2026) liepen Durkje en ik de ruim 350 kilometer lange pelgrimsroute ‘Via Gebennensis’, van het Zwitserse Genève naar het Franse Le Puy-en-Velay. 
Dit is met name voor Duitsers, Oostenrijkers en Zwitsers een aanlooproute naar Le Puy-en-Velay, waar ze dan doorstarten op de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis.
Bij het pelgrimeren op de Via Gebennensis maakten we gebruik van drie pelgrimsgidsen, namelijk:
  • A. de Duitstalige van Renate Flori (in 18 etappes, 2e druk - versie 2023, van uitgeverij Rother);
  • B. de Duitstalige van Hartmut Engel (50 tracé’s, 12e druk - versie 2025, van uitgever Conrad Stein Verlag) en 
  • C. de Frans-Duitstalige van Henri Jarnier (15 etappes, versie 2024, van uitgever Association Rhône-Alpes des Amis de Saint-Jacques)). 
Daarnaast hebben we bij de voorbereiding en in het veld - naast de wandelgids van Engel - ook gebruik gemaakt van de download van de route in de app 'Organic Maps' op onze smartphone.
De titel van de wandelgids van Hartmut Engel luidt 'Via Gebennensis' met als subtitel 'Frankreich: Jakobsweg von Genf nach Le Puy-en-Velay'.
Deze Duitstalige wandelgids beschrijft de hele pelgrimsroute van Genève (Genf) tot Le Puy-en-Velay tamelijk gedetailleerd in 50 etappes, en biedt daarbij aanvullende informatie over de infrastructuur - met hoogteprofielen en overnachtingsmogelijkheden - van deze route en met name voorin enkele historische achtergronden en bezienswaardigheden onderweg. Daarna volgt een thematisch deel met korte beschrijvingen van allerhande praktische zaken voor onderweg.
Via de website van de uitgever kun je de GPS-Tracks van de route downloaden en uploaden in je device (zoals smartphone, tablet). Het zoeken in deze wandelgids wordt je vergemakkelijkt door de inhoudsopgave voorin, en het trefwoordenregister achter in de gids.
In deze routegids staan 18 wandelkaarten, 18 hoogteprofielen, 2 stadsplattegronden en een uitklapbare overzichtskaart van de hele Via Gebennensis. De wandelkaarten tonen nu en dan ook varianten van de hoofdroute, waar je als pelgrim naar eigen gelieven een keus uit kunt maken, bijvoorbeeld omdat je een bepaald object wilt bekijken, of omdat je op een specifieke slaapplaats wilt overnachten.
De wandelgids is geïllustreerd met 37 mooie kleurenfoto's die je vooraf een beeld geven van wat je onderweg zoals zult zien, en na het voltooien van de route vormen die illustraties een bron van herkenning en herinnering. Op de cover van deze routegids staat een foto van een neoclassisistische kerk: de Eglise St.-Aquilin in de plaats Frangy.
 

De Via Gebennensis in 20 etappes
Deze wandelgids biedt een etappes-overzicht in 50 etappes, waarbij per etappe de afstand wordt vermeld.
Durkje en ik waren van plan deze verbindende aanloop-pelgrimsroute in 20 etappes te lopen, en dat hebben we uiteindelijk als volgt ook zo kunnen doen in de periode van 19 juli 2026 tot en met 11 augustus 2026:

dinsdag 8 september 2026

Verbintenisdienst voor dominee André Priem in Stiens

Zondag 6 september 2026
 
Dominee Priem & domina De Rouwe tijdens de Dienst van Verbinding

















Verbintenisviering
Voor met name onze Protestantse Gemeente te Stiens en voor dominee André Priem is het vandaag een feestelijke dag, want dominee Priem wordt vandaag als gemeentepredikant verbonden aan onze Protestantse Gemeente te Stiens.
De zogenoemde Verbintenisdienst daartoe vindt vanmiddag plaats in De Hege Stins te Stiens.
Voorgangers zijn vandaag domina Inge de Rouwe en dominee André Priem.
De muzikale omlijsting wordt vandaag verzorgd door organist Auke de Boer, in samenwerking met Lucjan Anjema op cornet en Annejin Anjema op flügelhorn. Voorts werkt de VituStinsCantorij onder leiding van Marieke van de Meer mee, en speelt ook onze gemeenteband United vanmiddag een rol, zij het digitaal, op beeldscherm in de kerk.

Dienst van Verbinding
Het eerste deel van deze bijeenkomst is de Dienst van Verbinding. Daarin gaat domina Inge de Rouwe voor, die in de vacante periode op interim-basis is verbonden aan onze kerkelijke gemeente.
De viering begint met het gebruikelijke aansteken van de kaars van verbinding, waarna we het intochtslied zingen.
Na het stil gebed, de bemoediging en groet volgt het in wisselzang gezongen drempelgebed.
Na inleidende woorden van de voorgangster zingen we het lied 'Zing een nieuw lied voor God de Here'. 
Dominee André Priem wordt door de voorgangster gepresenteerd aan de gemeente, en dan doorloopt ze met ons allen de Opdracht, de Gelofte, de Verbintenis en de Zegen van onze nieuwe predikant. 
Wij mogen dan gezamenlijk onze instemming met deze verbintenis onderstrepen door van onze zijde als gemeente onze nieuwe gemeentepredikant te Aanvaarden en te Verwelkomen: "Ja, dat willen wij van harte".
Dit ritueel sluiten we af met het samen zingen van Lied 213.
" ...
Wij zijn onderweg als pelgrims,
vinden bij elkaar houvast.
Naast elkaar als broers en zusters,
dragen wij elkanders last.
..."

Dienst van het Woord
Na deze Verbinding vangt de Dienst van het Woord aan, onder leiding van de zojuist ingetreden voorganger dominee Priem.
Na de Vredegroet en het Gebed om de verlichting met de Heilige Geest volgt de schriftlezing van Psalm 145 door lectrice Ciska Vos. Dat beantwoorden we met het samen zingen van het tweede vers van deze psalm: "Ik zal getuigen van Uw heerlijk licht ...".
In zijn overdenking die daarop volgt staat het voor onze gemeente zo treffende thema van deze dienst centraal, zijnde 'Samen kom je verder'.
Dominee André Priem:
  • David is vol lof over God, en wil dat duidelijk maken aan iedereen, door over Zijn grootheden te vertellen.
  • We hebben elkaar nodig, over generaties heen, en over de hele wereld.
  • Woorden doen wat, doen ertoe.
  • We moeten elkaar vertellen over Gods (goede) daden.
  • Het is mooi om je leven met God te delen.
  • We mogen anderen ook iets van Gods goedheid laten zien.
  • Samen onderweg met God.
  • Alleen ga je sneller, maar samen kom je verder. 
De band United heeft het gezongen lied 'Breng ons samen als kerk van de Heer, verbonden met U en elkaar' opgenomen, en dat wordt na de verkondiging op het beamerscherm vertoond, waarbij wij dit lied - door United begeleid - samen zingen als antwoord op de preek van zojuist.
Dan komen de kinderen terug uit de Kindernevendienst en is er gelegenheid voor Dank & Voorbeden. Dit gebed eindigt met het gezamenlijk zingen van het 'Onze Vader' in het Fries met de woorden van "God fan fier en hein ús Heit."
De feestelijke viering wordt afgesloten met het samen zingen van het slotlied 'Samen in de naam van Jezus, heffen wij een loflied aan'. Tijdens de dienst is al uitbundig gezongen, en ook bij dit slotlied onder begeleiding van de organist en de koperblazers en cantorij wordt er zo uitbundig gezongen dat de pannen op het kerkdak bij wijze van spreken zouden trillen als die op het dak boven ons zouden liggen. Dat zegt ook iets over de Geest en vreugde onder ons.

Toespraken en Ontmoeting
Aansluitend op de Zegen en Heenzending met het gezongen Amen, nemen we weer plaats en luisteren we nog naar enkele toespraken. 
Eén spreker valt in dit verband vooral op, en dat is dominee Endre Iszla, de predikant van onze Hongaarse zustergemeente uit Debrecen, waarmee wij als Protestantse Gemeente te Stiens al vele jaren warme contacten onderhouden.
Dominee Iszla is speciaal voor deze Verbintenisviering met zijn twee zonen vanuit Hongarije naar Stiens gereisd om zijn diepe verbondenheid met onze gemeente en met onze nieuwe voorganger te onderstrepen.
Hij houdt zijn toespraak in het Engels, en wel zo gestructureerd en duidelijk dat een vertaling niet nodig is, want nadien hoor ik dat zelfs gemeenteleden die nauwelijks Engels spreken of verstaan, klip en klaar duidelijk is geworden wat de inspirerende boodschap van deze Hongaarse dominee Endre Iszla is voor onze gemeente en voorganger. Kennelijk is - met het Pinksterfeest nog in ons achterhoofd - taal geen grote barrière meer als de Geest spreekt. 

Tichelpad - Hannekemaaierspad van Delfzijl naar Termunten

Vrijdag 4 september 2026
 
Harde wind en regen op de zeedijk bij het Eemshotel van Delfzijl

















Stichting Hannekemaaierspad
De Stichting Hannekemaaierspad is opgericht om cultuurhistorisch waardevolle wandelpaden te behouden. Om haar doel te bereiken, houdt deze stichting zich sinds 1999 bezig met het ontwikkelen van een wandelpadennetwerk van meerdaagse trektochten, die zijn gebaseerd op de historische reisroutes van de zogenoemde Hannekemaaiers, de trekkende seizoen-arbeiders die al vanaf circa 1600-1650 vanuit Duitsland in Nederland kwamen werken.
Deze stichting vindt het belangrijk dat de bovengenoemde cultuurhistorische paden blijven bestaan, want anders dreigen die meestal onverharde paden in rap tempo te verdwijnen. De stichting beijvert zich er derhalve voor om deze oude wandelpaden op te sporen, teneinde die cultuurhistorische wandelpaden op te nemen in wandelroutegidsen. Zo neemt de bekendheid ervan toe, en worden deze oude paden weer en meer belopen. 

Tichelpad – Hannekemaaierspad van Groningen naar Termunten
Eén van de wandelgidsen van het Hannekemaaierspad beschrijft de 95 kilometer lange trektocht van de Nederlandse stad Groningen naar het Groningse dorpje Termunten, beginnend bij de Martinitoren in de Groninger provinciehoofdstad en eindigend bij de Ursuskerk in Termunten. 
Deze wandelgids legt aan de westzijde in de stad Groningen ook de verbinding met het Hannekemaaierspad van Groningen naar Leeuwarden.
Durkje en ik hebben bij de voorbereiding gebruik gemaakt van de Nederlandstalige digitale versie, en in het veld van de foutdruk van de Duitstalige eerste drukwerkversie van deze wandelgids, beide uitgegeven in het jaar 2021.
Dit Hannekemaaierspad van Groningen naar Termunten kreeg de naam: Tichelpad, verwijzend naar steenbakkers, steenovens en steenfabrieken.

Traject 5 van Delfzijl naar Termunten
Vandaag bewandelen Durkje en ik de vijfde van onze vijf trajecten van dit Tichelpad van Groningen naar Termunten, over een afstand van circa 16,8 kilometer, van Delfzijl naar Termunten. 
Daartoe staan we op om 6:00 uur en vertrekken we vanmorgen om 7:30 uur met de auto vanaf Camping Ekenstein in Appingedam, dat voor deze vijf etappes onze uitvalsbasis is, om naar Termunten te rijden, waar we de auto parkeren nabij de plaatselijke bushalte.
Met een achtpersoons busje rijden we dan conform de dienstregeling van 8:12-8:41 uur naar het bus-/treinstation van Delfzijl.
Bij vertrek vanmorgen in Appingedam is het 16 graden Celsius, en we staan aan het begin van een dag met onstuimig weer. De temperatuur stijgt naar 18 graden Celsius aan het eind van de etappe. Vandaag waait het hard en het regent veelvuldig en af en toe stevig, dus alleszins onstuimig weer. Droog blijven in regenkleding is door dit ruige weer geen optie; aan het eind van de wandeldag is alles derhalve nat.

Start bij de Kruiskerk van Delfzijl
We komen vanmorgen aan op de hoek van de Stationsweg en de Waterstraat in Delfzijl. Het regent al, dus de regenkleding moet direct aan. Maar voordat we de regenkleren aantrekken, steken we de Stationsweg over om bij Hotel Restaurant Boven Groningen eerst een kop koffie te drinken, alvorens we vertrekken. Binnen trekken we ook de regenkleding aan, en dan gaan we op stap, door de Noordersingel en de Singel naar de Rijksweg. Op de Singel passeren we de voormalige synagoge van Delfzijl.
Om 9:10 uur gaan we van start gaan vóór de Kruiskerk aan de Menno van Coehoornsingel, waar we gisteren onze route onderbraken.
Vijf minuten later passeren we het gebouw van de voormalige zeevaartschool Abel Tasman.
Aan de Koningin Julianalaan komen we langs het mozaïek van de Kiepkerel, die mooi past in het kader van het Hannekemaaierspad dat we deze week bewandelen.
Daarna gaan we de Landstraat in om een stukje door het stille winkelcentrum van Delfzijl te lopen.
We gaan de Kustweg op, de straat waaraan ik acht jaar heb gewoond, waarvan vier jaar met Durkje samen, en dan lopen we om het MuzeeAquarium heen naar de zeedijk.
Als we bovenop de zeedijk lopen, passeren we het Eemshotel terwijl de regen en wind om ons heen geselt.
Over de stadsmuur van de Delfzijlse schans lopen we tussen het centrum rechts van ons en het haventerrein links van ons.

De kerk en de Ripperda’s van Farmsum
Bij de ingang van de bebouwde kom van Farmsum gaan we van de zeekademuur af, en wandelen we op de Nieuweweg langs het boezemgemaal De Drie Zijlen Delfzijl uit en daarmee Farmsum in.
Op de Pastorietuin bereiken we de majestueuze kerk van Farmsum. Tot onze verrassing blijkt de kerkdeur niet op slot te zijn, en als we er binnen gaan, ontmoeten we in de hal van de kerk drie mannen, waarvan twee van het plaatselijke College van Kerkrentmeesters, en een mij bekend voormalig hoofd der school van Delfzijl. We horen dat ze hier op dit moment zijn in het kader van de overdracht die plaatsvindt van deze markante kerk naar de stichting Groninger Kerken. Omdat een medewerkster van het Utrechts Catharijne Convent momenteel bezig is om een inventarisatie in woord en beeld te maken van alle roerende goederen hier in de kerk, zijn we hier nu bij wijze van uitzondering op een doordeweekse dag welkom, en worden wij in de gelegenheid gesteld om het interieur van de kerk te bezichtigen, hetgeen we graag doen. 
Bijzonder is de ronde vorm van de opstelling van de kerkbanken in deze kerk.
Ook bijzonder zijn de grafzerken die bij de recente restauratie van deze kerk uit de kerkbodem zijn gelicht, en die hier nu vertikaal zijn opgesteld langs de kerkmuren.
Van de beroemde familie Ripperda liggen er ook twee enorme grafzerken in het koor van de kerk. We krijgen een uitgebreide toelichting bij de zerken, over de restauratie en over de geschiedenis van deze kerk.
Na deze lange onderbreking hervatten we buiten in weer en wind onze route, en lopen we door Farmsum langs onder andere de voormalige locatie van de Ripperdaborg en de eeuwenoude Joodse begraafplaats (1655) naar de Binnenhoofd Brug van de Zeesluis van Delfzijl.

Door Weiwerd en langs Heveskes
Bij deze zeesluis moeten we tamelijk lang wachten, omdat een groot schip van buitengaats naar binnengaats gaat, en direct erna een ander schip vanuit het Eemskanaal de zee (Eems) op gaat.
Als de brug zich dan uiteindelijk weer sluit, steken we het Eemskanaal over, en doorkruisen we de wierde van het sinds 1972 voormalige Groningse dorpje Weiwerd, dat in de tweede helft van de vorige eeuw moest wijken voor de oprukkende industrie van Delfzijl.
Nagenoeg alle huizen zijn in de loop der tijd afgebroken, in de beplanting is de oude wierdestructuur inmiddels zichtbaar gemaakt, en het oude kerkhof ligt nog aan de doorgaande Heemskesweg.
Op de Oosterwierum lopen we langs de Oosterhornhaven. Links van ons zien we in de verte nog het eeuwenoude kerkje van Heveskes, dat nog resteert van het dorp Heveskes, dat in dezelfde tijd ook moest wijken voor de industrieplannen van Delfzijl.
Vanaf de Sluis Walleweer lopen we de stromende regen langs rijen windturbines en zonnepanelen naar de zeedijk.

Eveneens verdwenen dorp Oterdum
Over de asfaltweg aan de voet van de zeedijk lopen we op en neer naar het Monument voor het Verdwenen Dorp Oterdum. Ook dit vroegere dorp Oterdum moest wijken voor industrie en voor het verhogen van de zeedijk.  
Er zijn geen huizen meer, en ook geen kerk. De graven rond de kerk zijn niet verwijderd, maar de grafstenen zijn enkele meters hoger in en op de zeedijk herplaatst boven de oorspronkelijke graven.
Erbij staat een monument op de dijk, de zogenoemde Hand van Oterdum. Dit is helaas niet meer de oorspronkelijke bronzen versie van het kunstwerk, omdat dat bronzen beeld jaren geleden is gestolen. Inmiddels er er een nieuwe versie – maar nu in kunststof – herplaatst.
Het monument van hand en grafzerken herinnert ons aan het oude Oterdum van voorheen op deze plek aan zee.
Dit is ook de plek waar vroeger (vóór 1600) de veerboot voer tussen Nederland (Oterdum) en Duitsland (Emden), ook in de tijd dat de Hannekemaaiers en de tichelaars heen en weer reisden over de Eems.

Vis op vrijdag in Termunterzijl
Vervolgens lopen we over de Valgenweg richting Borgsweer. 
Toch gaan we Borgsweer niet in, omdat we naar links afbuigen door een bosperceel in de richting van Marinapark Zeestrand. 
Over het voetpad langs het Termunterzijl-diep lopen we naar de zeesluis van Termunterzijl.
Langs de Boog van Ziel op de Oude Sluis krijgen we het zicht op de jachthaven van Termunterzijl.
Tot nu toe hebben we zonder pauze zo’n vier uren aaneen gelopen, dus het is hoog tijd voor de lunchpauze. Daartoe gaan we Vispaleis Westerhuis binnen, waar we genieten van kibbeling met koffie, een heerlijk warme lunch zonder harde wind en regen.
Langs het museumgemaal willen we conform de aangegeven wandelroute de doorsteek over de brug van het Benedenhoofd van de Nieuwe Sluis maken, maar die ophaalbrug staat open, dus de doorsteek naar het Gemaal Rozema van Termunterzijl is niet mogelijk.
Daarom maken we de oversteek over de Termunterzijlbrug, om dan volgens de aangegeven route langs het Binnenmeer Termunterplas te lopen naar de voet van de zeedijk, vanwaar we het mooi uitzicht krijgen op Termunten met haar dorpskerk.

Bestemming Ursuskerk in Termunten 
Vanaf de zeedijk nemen we tot slot het smalle voetpaadje door het veld naar Termunten, waar we recht op de 13e eeuwse Ursuskerk af lopen.
We lopen om de kerk heen, en zien dat de kerkdeur uitnodigend open staat.
Als we binnen stappen, komen we langs het display van het Ziltepad, dat ook langs deze kerk gaat.
Daar achter staat het 12e eeuwse doopvont van Bentheimerzandsteen van deze kerk.
En daar achter, in een nis in de kerkmuur, staat een kaars met ernaast een poppetje van een man in een rotanstoel.
De kerkbanken zijn uit deze kerkzaal gehaald, en vervangen door tafels en witte stoelen met rode zitkussens. Door die combinatie van deze oude decoratieve kerk met het meer eigentijdse meubilair is een aantrekkelijke verblijfsruimte gecreëerd.
Kleurrijk zijn de rozetramen onder de hoog opgaande kerkramen in de kerkmuur rondom het koor.
In het koor staat een witte kist, met daarop het afschrift Kerk te Termunten.
Hier in deze kerk eindigt het Tichelpad, dus daarmee hebben we vandaag het 95 kilometer lange Hannekemaaierspad afgerond. Durkje vult nog het gastenboek van deze kerk in, en dan verlaten we deze mooie dorpskerk.
Nabij de bushalte stappen we in de auto, en dan rijden we terug naar de camping bij Appingedam, waar we bij aankomst in de aanhoudende regen direct de caravan gereed maken voor vertrek. Tot slot rijden we met de caravan terug van Appingedam naar huis, terugblikkend op een prachtige route door het noorden van de provincie Groningen, over het Tichelpad van Groningen naar Termunten.

maandag 7 september 2026

Tichelpad - Hannekemaaierspad van Krewerd naar Delfzijl

Donderdag 3 september 2026
 
In Appingedam steken we het Damsterdiep over

















Stichting Hannekemaaierspad
De Stichting Hannekemaaierspad is opgericht om cultuurhistorisch waardevolle wandelpaden te behouden. Om haar doel te bereiken, houdt deze stichting zich sinds 1999 bezig met het ontwikkelen van een wandelpadennetwerk van meerdaagse trektochten, die zijn gebaseerd op de historische reisroutes van de zogenoemde Hannekemaaiers, de trekkende seizoen-arbeiders die al vanaf circa 1600-1650 vanuit Duitsland in Nederland kwamen werken.
Deze stichting vindt het belangrijk dat de bovengenoemde cultuurhistorische paden blijven bestaan, want anders dreigen die meestal onverharde paden in rap tempo te verdwijnen. De stichting beijvert zich er derhalve voor om deze oude wandelpaden op te sporen, teneinde die cultuurhistorische wandelpaden op te nemen in wandelroutegidsen. Zo neemt de bekendheid ervan toe, en worden deze oude paden weer en meer belopen. 

Tichelpad – Hannekemaaierspad van Groningen naar Termunten
Eén van de wandelgidsen van het Hannekemaaierspad beschrijft de 95 kilometer lange trektocht van de Nederlandse stad Groningen naar het Groningse dorpje Termunten, beginnend bij de Martinitoren in de Groninger provinciehoofdstad en eindigend bij de Ursuskerk in Termunten. 
Deze wandelgids legt aan de westzijde in de stad Groningen ook de verbinding met het Hannekemaaierspad van Groningen naar Leeuwarden.
Durkje en ik hebben bij de voorbereiding gebruik gemaakt van de Nederlandstalige digitale versie, en in het veld van de foutdruk van de Duitstalige eerste drukwerkversie van deze wandelgids, beide uitgegeven in het jaar 2021.
Dit Hannekemaaierspad van Groningen naar Termunten kreeg de naam: Tichelpad, verwijzend naar steenbakkers, steenovens en steenfabrieken.

Traject 4 van Krewerd naar Delfzijl
Vandaag bewandelen Durkje en ik de vierde van onze vijf trajecten van dit Tichelpad van Groningen naar Termunten, over een afstand van circa 21,5 kilometer, van Krewerd naar Delfzijl. Gezien de tijd die we lopen, moet de afstand langer zijn geweest, wellicht wel zoiets als meer dan 25 kilometer.
Daartoe staan we op om 6:00 uur en vertrekken we vanmorgen om 7:10 uur met de auto vanaf Camping Ekenstein in Appingedam, dat voor deze vijf etappes onze uitvalsbasis is, om naar Delfzijl te rijden, waar we de auto parkeren bij de Kruiskerk, waar wij van 1979-1987 als inwoner(s) van Delfzijl ter kerke gingen.
We fietsen dan de 8,7 kilometers van Delfzijl naar Krewerd, waar we de fietsen stallen bij de Mariakerk, op de plek waar we gisteren onze derde etappe beëindigden. Hier begint onze etappe vandaag om 8:10 uur.
Bij vertrek vanmorgen in Appingedam is het 14 graden Celsius, en we staan aan het begin van een dag met sterk wisselvallig weer. De temperatuur stijgt naar 21 graden Celsius aan het eind van de etappe. Vanmorgen waait het hard en regent het af en toe licht. Later breekt de zon enkele keren door, en dan is het direct warm, maar tussen die zonnige perioden door drijven regelmatig donkere wolken over, begint het hard te waaien, en dan zitten we zomaar weer in enige neerslag. Kortom, heel wisselvallig weer vandaag.

Start bij de Mariakerk van Krewerd
We beginnen vanmorgen in de Mariakerk op de kerkterp van Krewerd. Als we er rond 8:00 uur arriveren, staat de kerkdeur al open, klinkt er al muziek in de kerk, en branden er al enkele kaarsjes in de nis bij het beeld van Maria.
We maken nog een rondje door de kerk, alvorens we vertrekken.
Omdat het zojuist op de fiets al begon te regenen, en er meer regen wordt verwacht,  trekken we in de kerk de regenbroeken alvast aan, en gaan we rond 8:15 uur de kerk van Krewerd uit. 
Op het erf van een boerderij zien we een groep koeien achter de boerenschuur lopen.
Iets verder komt een grote vrachtwagen met een vracht bouwmaterialen aanrijden. Vanwege de aardbevingsschade zijn hier in het dorp ook al diverse bouwprojecten gaande, en hier zelfs vier op een rij.
En ook hier passeren we weer een cluster van wisselwoningen, waarin de mensen tijdens de bouw of restauratie van hun eigen huis tijdelijk wonen.
Net buiten Krewerd gaan we een smal betonpaadje op, dat door de graslanden richting Nijenklooster gaat.
Aan het eind van dit pad verslechtert het weer nogal, en trekken we eerst ook nog de regenjas of regenponcho aan om beschermd te zijn tegen de opkomende buien.

Nijenklooster en Oosterwijtwerd
We gaan de Kloosterweg op en komen dan langs de gerenoveerde boerderij Nieuwenklooster, die hier op de locatie staat van het vroegere klooster Nijenklooster.
Aan de achterzijde van de boerenschuur en het erf zien we de oude dobbe, die bij deze boerderij hoort.
Om 9:05 uur wandelen we op de Krewerderweg het dorp Oosterwijtwerd binnen.
Van de eerste boerderij die we passeren, is inmiddels de hele schuur gesloopt, en is men al begonnen met de nieuwbouw van een grote schuur, die aan het voorhuis zal worden aangebouwd.
In de Dorpstraat komen we langs de dorpskerk van Oosterwijtwerd.
We gaan het kerkhof op in de hoop dat de kerk open is voor bezichtiging. Naast de kerk staat een oude waterput, met daarop een waterpomp en een gieter.
Achter de kerk op het kerkhof zien we een labyrint, dat is gemaakt met een patroon van stenen op het kerkhof.
De kerk is helaas (nog) niet geopend, dus die kunnen we niet bezichtigen. Ons rest dus niet meer dan een verkennend rondje om de kerk te maken.

Door open veld naar Wirdum
Voorbij Oosterwijtwerd gaan we een voet- en fietspad op. Op dit pad – de Meelenbrij – moeten we via een onderdoorgang voor wandelaars en fietsers ook onder een spoorlijn door langs een brede vaart.
In een bocht van de Bolhuislaan, als we naar het westen draaien, zien we vóór ons het bosperceel van Landgoed Ekenstein, waar onze Camping Ekenstein is gevestigd, waar we deze dagen kamperen.
Bij een bankje langs het pad zien we een bijzonder bermmonumentje in de vorm van een paar wandelschoenen, waarmee het leven en sterven van een theatermaker-wandelaar wordt herdacht.
Om 10:30 uur zijn we inmiddels aangekomen bij de kerk van Wirdum.
De kerkdeur staat uitnodigend open, dus we gaan er naar binnen om de kerk te bezichtigen.
Links zien we een deel van een fresco op de muur geschilderd.
In de consistorie naast het portaal zijn passanten welkom om te pauzeren, dus hier houden we onze koffiepauze.

Door het veld naar het Damsterdiep
Wirdum verlaten we via de Fromaweg, en verderop gaat het dan voort over het smalle Alkumaheerdpad.
Vervolgens lopen we een eindje over de Wijmersweg, en dan verderop steken we via een hoge houten brug de Loppersumse Wymers over.
Dit pad door het open veld voert ons over het smalle Okkemaheerdpad naar de Merumerlaan.
De Merumerlaan verlaten we om op het Tjuchemerpad weer tussen akkers en weilanden voort te gaan in de richting van Garrelsweer. We steken de Rijksweg tussen Appingedam en Ten Boer over, en wandelen dan de bebouwde kom van Garrelsweer binnen.
In Garrelsweer maken we direct de doorsteek naar het Damsterdiep, waar we over het smalle jaagpad langs het Damsterdiep oostwaarts gaan.
Verderop in Garrelsweer steken we het Damsterdiep weer over, waar we bij het standbeeld van een Gronings volksverhaal bij de pastorie langs te komen. 
Hier maken we even een klein uitstapje naar de kerk van Garrelsweer, waar een oud kerkhof naast ligt.
Garrelsweer heeft een kleurrijke mozaïekbank in de vorm van een hoekzit. Op deze bank zien we verschillende dorpstaferelen van Garrelsweer.

Oudbouw en nieuwbouw in Garrelsweer
We lopen nu weer op de aloude Stadsweg, en ook hier zien we weer een leegstaand huis waar mensen tegen worden gehouden door hoge bouwhekken. Wellicht is dit ook weer zo’n aardbevingsschadehuis, dat eerst gerepareerd (verstevigd) moet worden.
Aan de andere kant van de weg zien we enigszins van de weg af weer een cluster wisselwoningen, waar allicht slachtoffers van woningen wonen die kampen met aardbevingsschade.
Om 12:10 uur komen we langs Tjassensheerd, dat in verschillende bouwfasen vóór een oude boerderij is geplaatst.
Ernaast staat de ruïne van de steenfabriek Enzelens.
Enkele muren en het onderste deel van een fabriekspijp staan nog troosteloos overeind.
Het zijn de stille getuigen van wat ooit een steenfabriek is geweest.

Langs Rusthoven en Ekenstein naar Camping Ekenstein
Zo’n vijf minuten later lopen we op de Stadsweg het dorp Wirdum binnen, hier aan de zuidkant van de Rijksweg en ten zuiden van het Damsterdiep gelegen.
Via de Eekwerderdraai steken we het Damsterdiep weer over in noordelijke richting.
Aan de overzijde gaan we in het bosgebied het zogenoemde Tiggelpad op, dat we volgen tot aan de Borg Rusthoven. Deze borg is inmiddels verstevigd in de vroegere jaren van de versterkingsoperatie na aardbevingsschade.
Nadat we de oprijlaan af zijn gelopen naar de weg langs het Damsterdiep, komen we voorbij de ruïne van de Rusthoven steenfabriek.
Daar wordt ons duidelijk met het zicht op de ruïne, en ook kijkend naar een oude luchtfoto hoe enorm groot deze steenfabriek in vroeger tijden is geweest.
Direct daarna komen we langs de villa Ekenstein, die ook al onderhanden wordt genomen in de inmiddels welbekende versterkingsoperatie na de Groningse aardbevingen.
En dan staan we vlak vóór 13:00 uur bij de ingang van onze Camping Ekenstein.
We gaan het kampeerterrein op naar onze caravan, waar we onze lunchpauze houden ín de caravan, omdat het onderhand al weer is gaan regenen.

Gewijzigde route naar het centrum van Appingedam
Een uur later is onze lunchpauze al weer voorbij, en lopen we de bebouwde kom van Appingedam binnen. 
We zijn dan echter nog lang niet in het centrum van Appingedam, want eerst moeten we nog via de Tjams-weersterbrug het Damsterdiep over.
Verderop in een woonwijk blijkt dat we op De Hekel het Damsterdiep niet mogen en niet kunnen oversteken, omdat er werkzaamheden aan deze brug worden verricht.
Daarom blijven we nu aan de zuidkant van het Damsterdiep, en lopen we over de Dijkhuizenweg naar het centrum van Appingedam, waarbij we onder andere een oude kalkoven passeren, die tussen de Dijkhuizenweg en het Damsterdiep staat.
Bij het binnenwandelen van het stadscentrum van Appingedam worden we overigens ook weer gewezen op een versterkingsoperatie.

Kerken aan weerszijden van het Damsterdiep in Appingedam
Dan arriveren we bij de Nicolaïkerk van Appingedam. 
De kerk is opengesteld, dus we gaan er naar binnen.
Er klinkt orgelmuziek in de kerk, en wij maken begeleid door die muziek een rondgang door deze grote, bijzondere kerk.
De kerk heeft een hoog en licht koor. Op een tafel in het koor liggen witte stenen, met daarop de namen van de gemeenteleden die in het afgelopen kerkelijk jaar zijn overleden.
Met orgelklanken kwamen we de kerk binnen, en daarmee gaan we er ook weer uit.
Dan lopen we om de kerk heen in de richting van de Nieuwe Kerkstraat.
Na het doorlopen van de Nieuwe Kerkstraat gaat het verder door de gezellig drukke Dijkstraat.
Via een smalle steeg steken we vervolgens het Damsterdiep weer over.
Dan op de Solwerderweg aangekomen, kijken we even bij de zogenoemde Basiliek, ofwel de voormalige rooms-katholieke kerk, waarin momenteel een horecagelegenheid is gevestigd.
Nog in Appingedam gaan we het Trekpad op, dat dicht langs het Damsterdiep in oostelijke richting voert.

Een bijzondere ontmoeting langs het Damsterdiep in Delfzijl
Om 15:05 uur komen we op de plek waar de komborden ons duidelijk maken dat we Appingedam nu verlaten, en dan direct Delfzijl binnenwandelen.
We blijven alsmaar over de paden lopen langs het Damsterdiep. Langs het water staan hier en daar grote villa’s en de borg Vliethoven, die imposant ogen zo aan het water.
Ook komen we langs de voormalige steenfabriek van Hijlkema, die grotendeels nog overeind staat, maar die al lang niet meer in bedrijf is. Hoge hekken belemmeren je terecht de toegang tot dit voormalige fabriekscomplex.
Wat trouwens wel heel bijzonder is, dat is dat we een oud-collega van ons ontmoeten, die direct in de gaten heeft dat wij het zijn. Ze roept ons direct bij naam, en dan zien we dat het Margriet is, die tot 39 jaar geleden onze collega was toen Durkje en ik beiden werkten aan de Christelijke Scholengemeenschap Oldenij in Delfzijl. We staan lang met elkaar te praten, want we hebben elkaar natuurlijk veel te vertellen over ons wel en wee.

Aankomst bij de Kruiskerk van Delfzijl
Bijna bij het centrum van Delfzijl aangekomen, komen we onder andere langs het standbeeld voor Maigret, het beroemde personage in de boeken van de detectives-schrijver Georges Simenon.
Dan naderen we het eind van het Damsterdiep, ter hoogte van het gemaal. 
Een meerkoetenstel zwemt langs de oever met nog één jong.
Direct daarna arriveren we om 16:15 uur bij de Kruiskerk van Delfzijl, waar we vanmorgen onze auto hebben geparkeerd.
Enkele jaren geleden bezochten we nog de stiltekapel van deze kerk, maar nu constateren we dat - ondanks het bijhangende bordje dat de kapel open is - die gesloten is. De dikke laag spinnenwebben op de kier van de deur maakt duidelijk dat de kapel ook al lang niet meer open is geweest, hetgeen jammer is, want dit was een prachtige stiltekapel.
We rijden terug naar Krewerd, en halen daar onze fietsen af, die we tenslotte meenemen naar onze camping bij Appingedam.