donderdag 24 september 2026

Burgumer pelgrims op het Jabikspaad in Feinsum

Donderdag 24 september 2026
 
Burgumer pelgrims passeren Feinsum over de Hyltsjebrêge op het Jabikspaad

















Pelgrims op bezoek in Refugio Ultreia Feinsum
Vanmiddag een verrassend bezoek in Refugio Ultreia Feinsum. Een pelgrimsechtpaar uit Burgum passeert Feinsum op het Jabikspaad. Het zijn Anna & Klaas, die vanmorgen met de bus naar Sint-Annaparochie zijn gereden, en van daaruit naar Sint-Jacobiparochie zijn gelopen, om daar bij de Groate Kerk van start te gaan met de oostelijke routeversie van het Friese Jabikspaad naar het Overijsselse Hasselt.
Dit ervaren pelgrimsechtpaar heeft al ettelijke pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela afgerond, onder andere via de Camino Francés vanuit Saint-Jean-Pied-de-Port, de Camino del Norte en Camino Primitivo vanuit Irun en de Camino Portugués vanuit Lissabon. 
Bovendien hebben Anna & Klaas ook veel wandelervaring opgedaan op ettelijke langeafstandswandelroutes in onder andere Fryslân, Nederland, Duitsland, Italië en Nieuw-Zeeland, kortom veel en mooie kilometers in de benen, en bovendien nog vol passie met betrekking tot pelgrimeren en wandelen. 
Durkje en ik documenteren onze pelgrimstochten met verhalen en foto's, en zij doen het naast Polarsteps ook met filmbeelden met muziek als ondertoon.

Nu pelgrimeren in Fryslân en volgend jaar weer in Spanje 
In een lang gesprek aan tafel in onze Refugio Ultreia Feinsum raken we niet uitgepraat over onze wederzijdse passie en over bijzondere belevenissen tijdens onze pelgrimages. Maar ja, de pelgrim moet door, dus na de koffie en een goed gesprek nemen we afscheid bij onze refugio en gaan Anna & Klaas samen het pelgrimspad van het Jabikspaad weer op, de Hege Hearewei op, om via de Hyltsjebrêge over It Kanael de tocht van het Jabikspaad te vervolgen, vandaag nog tot in Stiens. 
Ze hebben mooie plannen, want voor volgend jaar staat de pelgrimstocht van Mérida over de Vía de la Plata en de Camino Sanabrés naar Santiago de Compostela op de agenda, in aansluiting op de al gelopen Camino Mozárabe vanuit Almería naar Mérida.

Acht Friese terpkerkjes van de Provinciewandelgids - Route 12

Woensdag 23 september 2026
 
Aankomst vanuit het veld bij de kerk op de terp van Leons

















Provinciewandelgids Fryslân
Wandelroutemaker Bart van der Schagt ontwikkelde in de loop der jaren veel wandelroutes, zoals de welbekende NS-routes en de zogenoemde Groene Wissels.
Zijn focus is breder dan alleen maar natuur en landelijk gebied, want met zijn routes wil Van der Schagt de wandelaars ook laten genieten van leuke dorpjes en gezellige stadjes, kortom niet alleen onverharde routes, maar inclusief de beleving van dorpen & steden en natuur & landschap.
Vandaag wandelen Durkje en ik een route uit zijn in 2023 verschenen wandelgids 'Provinciewandelgids Fryslân'. 
Deze wandelgids bevat 22 wandelroutes, waarvan de diversiteit de karakteristieke kenmerken en de grote verscheidenheid van onze provincie Fryslân laten zien. Van deze 22 wandelroutes gaan er 19 door landschap & natuur (waarvan 4 op de Friese Waddeneilanden) en 3 zijn groene stadswandelingen door Dokkum, Franeker en Leeuwarden. Deze wandelroutes variëren van 5 tot 23 kilometer per route.
In de wandelgids staat van elke route een globaal oriëntatiekaartje, en de link naar de website waar je een meer gedetailleerde kaart en ook een gps-track kunt downloaden.

Route 12 - Acht Friese terpkerkjes
Vandaag lopen Durkje en ik Routenummer 12, met een lengte van 24 kilometer, die als titel heeft: Acht terpkerkjes.
Startplaats en eindpunt van deze route is het Friese terpdorp Deinum, maar wij kiezen ervoor om te starten in Weidum.
Deze route door het weidse Friese landschap gaat van terpkerk naar terpkerk, dus ook van terp naar terp.
Deze etappe gaat door en langs de volgende acht Friese terpdorpen: Weidum, Jorwert, Leons, Blessum, Deinum, Boksum, Jellum en Bears. Op de terp van elk van deze dorpen staat een prachtige eeuwenoude kerk.
We vertrekken vanuit Feinsum om 7:55 uur, en rijden dan naar de Johanneskerk van Weidum, waar we onze auto parkeren om 8:15 uur.
Bij aanvang van deze wandeldag is het 12 graden Celsius. Het weer vandaag is aangenaam, met in het begin van de ochtend nog wel zonneschijn, maar naarmate de dag voortschrijdt, neemt de bewolking toe, en krijgen we even te maken met lichte motregen. Even later is het al weer droog en kunnen we het laatste stuk van deze etappe droog afwikkelen. Al met al is het toch prima weer voor een dagwandeling in het begin van de inmiddels aangevangen herfst.

Eerst van Weidum naar Jorwert
De wandelgids laat deze route beginnen in Deinum, maar daar kiezen wij niet voor. Durkje en ik willen vanmorgen als onderdeel van deze etappe namelijk de viering bijwonen van de Nijkleasterkuier van Nijkleaster in Jorwert. We schatten in dat we er ongeveer drie kwartier over zullen doen om van Weidum naar Jorwert te lopen, dus als we om 8:30 uur beginnen te wandelen vanuit Weidum, zijn we ruim op tijd in de Sint-Radboudkerk van Jorwert, waar elke week op woensdag de kloosterkuier van Nijkleaster begint met een korte viering in de kloosterkerk. Na deze viering gaan wij dan samen verder met deze etappe.
Bij de Johanneskerk van Weidum aangekomen, zien we een ons bekende bedrijfswagen staan van Vellema Torenuurwerken uit Hallum, en het licht in de 13e eeuwse kerk brandt, dus we hebben een sterk vermoeden dat een uurwerkreparateur in de kerktoren aan het werk is. Ons vermoeden is juist, want als we de kerk binnen gaan, en de toren in lopen, zien we boven op het platform een reparateur bij het torenuurwerk aan het werk. Het uurwerk is door hem net gerepareerd, en we maken nog even een praatje met de reparateur alvorens we het kerkinterieur van deze laat-romaanse kerk bezichtigen.
Om 8:30 uur lopen we over een betonpad langs de pluktuin van het dorp de plaats Weidum uit. 
Vanaf de Hegedyk gaan we de Arsumerdyk op. 
Links van de weg staat de lisdodde te pronken in de boerensloot.




Viering voor de Kleasterkuier van Nijkleaster
Na het oversteken van de spoorlijn tussen Leeuwarden en Mantgum wandelen we om 9:00 uur Jorwert binnen.
Enkele minuten later zijn we dan al bij de Sint-Radboudkerk van Jorwert, de kloosterkerk van Nijkleaster.
We zijn dus mooi op tijd aangekomen bij deze Sint-Redbadtsjerke om de viering van de Kleasterkuier bij te wonen.
Na een bijzonder warm welkom gaan we de kerkzaal in, waar we plaatsnemen in de kring in het koor van deze eeuwenoude dorpskerk, waar om 9:30 uur onder leiding van voorgangster Tjitske Hiemstra de ochtendviering aanvangt.
We zijn met ruim vijftig aanwezigen in de kerk, en beleven een goede viering, waarin we zingen en bidden, ons bezinnen op een voorgelezen tekst, en na afloop met zijn allen koffiedrinken. Na een plenaire kennismakingsronde begint de kleasterkuier. We gaan met zijn allen de kerk uit om Jorwert te verlaten. 
Aan de rand van de bebouwde kom gaan wij de Jaenbuorren op om straks het veld in te gaan. De Nijkleaster-kuiergroep volgt ons even later op afstand. Zij gaan echter richting Fûns.

Door het open veld van de Leonserpolder naar Leons
Wij verlaten de Jaenbuorren, klimmen over een hek en gaan dan het veldpad op, dat ook onderdeel is van het Jabikspaad. Op de dammen kunnen we boven de sloten voorzichtig om de hoge damhekken heen lopen, om onze route door het open veld te vervolgen.
In een sloot zien we een zwanenpaar met nota bene nog vijf al vrij grote zwanenjongen. 
We volgen de wegwijzers van het Jabikspaad door het veld.
We lopen hier door het natuurgebied van de Leonserpolder, met hier en daar grazende paarden, koeien en schapen. En veldmuizen zien we te over vandaag. Die vormen hier momenteel een ware plaag in deze regio. We zien we overal langs de route.
Om 11:20 uur wandelen we vanuit het veld het terpdorpje Leons binnen.
Bij de Catharinakerk van Leons drinken we een kop koffie op een houten bank, en eten we een broodje in de luwte van het huisje naast de oude terpkerk.

Van Hoptille naar de Mariakerk van Blessum
Na deze pauze wandelen we vanuit Leons in de richting van Húns. Maar we komen niet door Húns, want onze wandelroute gaat aan de overzijde van de Boalserter Feart verder over het fiets- en wandelpad langs deze vaart.
We gaan onder de N359 door en komen om 12:00 uur aan bij de brug over Boalserter Feart in Hoptille.
We verlaten Hoptille in oostelijke richting.
Buiten het buurtschap Hoptille gaan we de Hilaardermieden op. Dit fiets- en wandelpad voert ons naar de vogelkijkhut. Vanuit die houten hut zien we verderop een groep witte reigers in het veld foerageren.
Dan steken we de Hilaarder Feart over.
Het verharde pad voert ons naar Blessum, waar we een bezoek brengen aan de recent verbouwde Mariakerk van het dorp.
In de kerkzaal zijn twee mannen aan het werk om ervoor te zorgen dat de kerkzaal wordt voorzien van raambekleding.
In de kerkzaal ligt onder een glazen vloerplaat een enorme grafzerk, die je van bovenaf door het glas goed kunt bekijken.
Na het bezichtigen van deze verbouwde terpkerk lopen we om de kerk heen, en gaan we verder met de route.
Vrij snel daarna verlaten we de bebouwde kom van Blessum via de Buorren.

Door een diepe spoortunnel naar de hoge terp van Deinum
Buiten Blessum gaan we de Aldeleane op. Dit fiets- en wandelpad voert ons naar de nieuwe spoortunnel die onder de spoorlijn tussen Deinum en Dronryp ligt.
Dit deel van de route is tijdens de aanleg van deze tunnel tijdelijk afgesloten geweest, maar er ligt nu een nieuw betonpad opdat je niet meer door het veld hoeft te lopen of te fietsen, de tunnel is al klaar en begaanbaar, en op het moment dat we bij de spoortunnel aankomen, passeert een trein richting Leeuwarden.
Ons valt op hoe enorm steil de neergang en de opgang is van deze spoortunnel. Voor wandelaars is dat geen probleem vanwege de betonnen trap in de tunnel, maar wie hier met een fiets door de fietsgoot naar beneden en daarna naar boven moet, is een dergelijke steile helling een grote uitdaging. Voor senioren met een zware e-bike zal dit absoluut een dilemma zijn. Gelukkig heeft iemand op provisorische wijze een minder steile helling met traptreden van hout in de tunnel getimmerd, zodat je minder steil op en neer kunt gaan. Maar ideaal is dit zeker niet.
Aan de andere zijde van de spoortunnel lopen we naar Deinum, dat we om 13:10 uur binnen wandelen.
In Deinum houden we onze lunchpauze op een bank op het kerkhof bij de helaas gesloten Sint-Janskerk. 

Van Deinum naar de terpkerk van Boksum
Voorbij het treinstation van Deinum gaan we de Hegedyk op. Wat ons vooral opvalt aan de berm tussen het fietspad en de rijweg is de grote verscheidenheid aan paddenstoelen in het hoge gras. Zo zien we hier bijvoorbeeld een enorm groot cluster prachtvlamhoed, en verderop heel veel kleine witte paddenstoeltjes, waarschijnlijk champignons.
Van de Hegedyk gaan we het Blessumerpaed op, waarmee we verderop door een tunnel onder de N359 door gaan. Links van deze toegangsweg naar Boksum graast een grote kudde koeien.
Over de Fockingastrjitte lopen we naar de op een hoge terp staande Sint-Margarethakerk.
Vlak vóór de opgang naar de kerk zijn twee werkmannen bezig om het brugdek van de voetgangersbrug te vervangen met nieuw hardhout. 
Deze Sint-Margaretha-kerk is vaak opengesteld voor het publiek, en zo ook vandaag, dus we kunnen en gaan naar binnen.
Net als in de dorpskerk van Blessum zien we ook hier weer zo'n mooi beschilderd orgelgordijn bij het in 2013 gerestaureerde kerkorgel.

De vlag hangt halfstok op It Westerhûs van Nijkleaster
We laten Boksum achter ons als we het Hylaerderpaed op gaan richting Hilaard. In de verte zien we het klooster van Nijkleaster achter Hilaard. Daar, op It Westerhûs zien we de vlag halfstok hangen.  
Henk Kroes - die van wezenlijke betekenis is geweest voor de ontstaansgeschiedenis van Nijkleaster - is vorige week na een lang ziekteproces helaas overleden. Vanmiddag wordt voor hem de rouwdienst in Boazum in besloten kring gehouden. Gisteravond hebben Durkje en ik zijn gezinsleden gecondoleerd in Boazum. Ruim twaalf jaar heb ik als vice-voorzitter samen met bestuursvoorzitter Henk Kroes en andere bestuursleden en heel veel kleaster-vrijwilligers een bijdrage mogen leveren aan het ontwerp en de ontwikkeling en (op)bouw van Nijkleaster, dus vandaag is voor ons een verdrietige dag van afscheid van Henk Kroes. Vanmorgen hebben we Henk ook herdacht in de ochtendviering in Jorwert, en vandaag hangt de vlag op It Westerhûs dus halfstok, ter eer en nagedachtenis aan deze zo betrokken bestuurder, die ook niet schroomde om de handen uit de mouwen te steken ten tijde van de restauratie en nieuwbouw van ons prachtige klooster onder de rook van Hilaard.

Via Jellum naar de state en kerk van Bears
Maar ons leven en ook onze wandeling gaat door, dus wij lopen over de Hilaarderdyk van Hilaard naar Jellum, waar we op de Smidshoeke de bebouwde kom binnenwandelen.
Dan gaat het over de Hegedyk naar de theaterkerk, het Mammemahuis van Jellum. Deze kerk is helaas gesloten, dus we kunnen er niet naar binnen, en dus gaan we door over de Hegedyk.
We gaan even later de Bearsterdyk op, en om 15:00 uur wandelen we het dorp Bears binnen.  
In Bears moeten we met een grote bocht om het terrein van het voormalige Uniastate heen. Eerst passeren we het oude poortgebouw van Uniastate, dat momenteel in de steigers staat. 
Het dreigde al lang, maar nu begint het dan toch te motregenen, dus we maken gebruik van de paraplu als we om het stateterrein heen lopen. Vanaf de andere zijde krijgen we een mooi vrij zicht op het daar gebouwde geraamte van de vroegere Uniastate.
Dan komen we bij de terpkerk van Bears, waar een banier en twee vlaggen wapperen. Er staan twee fietsen bij de kerk, en de kerkdeur is open, dus we gaan er naar binnen.
Hier bekijken we de schilderijen van mijn vroegere klasgenoot, de kunstschilder Gosse Koopmans, die hier momenteel enkele van zijn schilderstukken exposeert.

Terug naar Weidum na de rondgang om Nijkleaster
Als we even later de kerk van Bears verlaten, is het gelukkig al weer droog buiten, dus kan de paraplu weer in onze rugzak. Dan lopen we terug naar de Hegedyk, en gaan we vooreerst naar het buurtschap It Wiel, waar we de Wielster Feart oversteken.
Daarna gaat het verder over het fietspad langs de Hegedyk, naar Weidum, waar we om 15:50 uur arriveren.
Door de dorpskom wandelen we naar het kaatsveld van Weidum, vanwaar we het zicht krijgen op de dorpskerk Weidum.
Met een omweggetje door de Kûperssteech en door de Bornialeane komen we dan om 16:00 uur weer terug bij de Johanneskerk van Weidum, waar we vanmorgen onze wandeling van 24 kilometer aanvingen.
We stappen in de auto en rijden terug naar huis, na al weer zo'n bijzondere wandeldag, en deze keer met een royale bocht rondom het Friese klooster Nijkleaster, waar we al vele jaren een sterke binding mee hebben.

De kracht van Artificial Intelligence in wijken en dorpen

Dinsdag 22 september 2026
 
Beamerscherm in de presentatie van Gerard Duursma

Artificial Intelligence foar wyk & doarp
De kracht van Artificial Intelligence (AI ofwel Kunstmatige Intelligentie) in wijken en dorpen kan liggen in het versterken van de lokale leefbaarheid, het slimmer organiseren van voorzieningen en het overbruggen van de kloof tussen beleid en burger. 
Waar kunstmatige intelligentie vaak geassocieerd wordt met grote datacenters en grote organisaties, bewijst de praktijk dat kleinschalige, gerichte toepassingen juist in dorpskernen en stadswijken het verschil kunnen maken.
Door beschikbare data en lokale kennis slim te combineren, helpt AI om gemeenschappen bijvoorbeeld toekomstbestendig te houden. 

AI helpt op lokaal niveau in je dorp
Organisaties zoals de Friese stichting Doarpswurk laten zien dat AI lokale verenigingen kan ondersteunen bij administratieve taken, zoals het automatisch controleren van betalingen of het opstellen van dorpsagenda’s en beleidsplannen, het aanvragen van subsidies en vergunningen, en het maken van presentaties. 
Dit verlaagt de druk op vrijwilligers, en maakt het werk voor die dorpsvrijwilligers gemakkelijker en wellicht ook leuker.

Presentatie van Gerard Duursma
Vanavond organiseert het team Gebiedswerkers van de gemeente Leeuwarden een kennismaking met het nieuwe college van 5 wethouders van de gemeente Leeuwarden.
Als gastspreker daarbij is Gerard Duursma uitgenodigd, die een presentatie verzorgt over ‘De kracht van AI in wijken en dorpen’.
Deze bijeenkomst wordt georganiseerd in het Leeuwarder Kooi Stadion, waarin de deelnemers van deze avondbijeenkomst na afloop van de lezing en de kennismaking met de wethouders ook een rondleiding door het Leeuwarder voetbalstadion krijgen.

Duursma over AI 
Duursma begint met de vertoning van een video waarin zijn digitale avatar het woord doet. Daarna neemt hij de presentatie van zijn digi-Duursma over.
Hij begint te vertellen over zijn eigen historie op het gebied van computer- en internetgebruik, thuis en op school en ook als docent bij de toenmalige NHL.
  • De kloof in de mate waarin AI door mensen wordt gebruikt, is tussen die gebruikers extreem groot, en die kloof wordt met de dag groter. Duursma toont ons de verschillen tussen de gebruikersstadia 1 tot en met 4, die van 1. niet gebruiken, via slechts 2. losse vragen stellen, en via 3. structureel samenwerken, naar je 4. werk uiteindelijk anders organiseren.
  • Er zijn verschillende AI-modellen, zoals taalmodellen, beeldmodellen, videomodellen, spraakmodellen en multimodale modellen.
  • Vroeger namen machines eerst het fysieke werk over, maar in de toekomst en ook nu al neemt de nieuwe technologie de denkkracht over. Zo gaan we over van 1. mechanisering via 2. electrificatie en 3. digitalisering naar het 4. AI-tijdperk.
  • Als wij als mensen toegang krijgen tot kennis en denkkracht, verandert ook hoe wij ons werk en onze besluiten organiseren.
  • AI is niet meer dan een soort versterker; het maakt namelijk alleen sterker wat er al is (zoals de ideeën, kennis en creativiteit).
  • Van de eerste weerstand tegen AI gaan we in de loop van de tijd naar een nieuwe manier van werken, waarbij we onze oude manier moeten (leren) loslaten. Maar als je daar doorheen bent, zie je wat AI heeft en kan, wat wij zelf hebben en kunnen.
  • Duursma leeft AI als het ware elke dag. Zijn stem is inmiddels zijn werkinterface. Met zijn podcastmicrofoon geeft hij richting aan AI. 
  • AI kan ook altijd met je mee gaan, op straat, via je stem, via je Ray Ban-bril en via je oortjes. 
  • We moeten het onderwijs veel menselijker maken, door AI te gebruiken, zo stelt Duursma.
Waar zit alle kennis over wijken en dorpen
Na deze algemene inleiding gaat Duursma verder met zijn verhaal, en nu toegespitst op wat AI kan betekenen voor het vrijwilligerswerk in wijken en dorpen:
  • Die kennis zit vaak alleen nog in de hoofden van mensen, soms ook maar in één van al die mensen.
  • Die kennis moet uiteindelijk in een AI-laag boven of tussen organisaties komen te zitten, dan heb je namelijk allen toegang tot alle beschikbare kennis en informatie. 
  • Een bedrijf werkt op de drie assen van 1. medewerkers, 2. processen en 3. technologie, en voor het eerst komen daar nu digitale medewerkers (de zogenoemde AI-agents) bij. Die digitale medewerkers moet je overigens wel eerst opvoeden. 
  • AI gaat je na de nodige voorbereiding uiteindelijk helpen met alle kennis van de wijk of van je dorp. Zo kun je bijvoorbeeld met behulp van AI van een speeltuinidee naar een subsidieaanvraag gaan als je als dorp bijvoorbeeld een speeltuin wilt opknappen.
  • De meest geavanceerde AI-notitie app is momenteel al ter grootte van een credicard.
  • AI helpt mensen met het voorbereiden, en de mensen wegen daarna dan zelf af en beslissen, want mensen blijven de verantwoordelijkheid dragen.
  • We kunnen AI-modellen steeds beter inzetten. AI kon eerst alleen helpen, maar AI verandert straks ook je werkwijze.
  • Het moeilijkste bij de transitie van je huidige werkwijze naar de overstap naar AI-gebruik is je eigen manier van denken en werken.
  • Het innerlijk kompas van de mens wordt overigens wel steeds belangrijker naarmate we meer met AI gaan werken.
  • Automatiseer de routine, en maak dan ruimte voor wat telt, zoals tactisch en strategisch werk, en zorg voor verbinding met jezelf en je omgeving.
In gesprek met spreker, wethouders en rondleiders
Na deze lezing krijgen de genodigden in de volle zaal de gelegenheid om nog enkele vragen aan de spreker te stellen. 
Vervolgens worden de vijf huidige wethouders van het College van B&W van de gemeente Leeuwarden voorgesteld aan de aanwezigen in de zaal, en worden de deelnemers in de zaal in de gelegenheid gesteld om vragen aan deze vijf wethouders te stellen, die zijn vervolgens individueel of één voor één beantwoorden. 
Voordat dit avond-programma wordt afgesloten met een hapje en een drankje, verschijnen vier rondleiders van het Leeuwarder voetbalstadion ten tonele, met Geert van Tuinen in de lead, die ons in vier groepen meenemen door het stadion om ons door het tamelijk nieuwe Kooi Stadion rond te leiden. Zo bezoeken we onder andere een skybox, de perskamer, de tribune, de kleedkamer van de thuisclub en uiteraard buiten ook het grasveld.

maandag 21 september 2026

Compostelle - Le grand chemin

Maandag 21 september 2026
 
Cover van 'Compostelle - Le grand chemin'

Bloemlezing van Xavier Barral i Altet
Santiago! ... Duizenden pelgrims hebben deze vreugdekreet al geslaakt bij aankomst in het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela, bij het graf van Sint Jacobus de Meerdere, de nobele apostel die in Jeruzalem stierf, daarna in Carthago werd begraven en die in de 9e eeuw de 'Matamoros' (Morendoder) werd, als het symbool van de Spaanse strijd tegen de Moren. 
In de 12e eeuw beschreef de pelgrimsgids 'Codex Calixtinus' de vier belangrijkste pelgrimsroutes vanuit Frankrijk, die ten finale in Spanje samenkomen en vanaf dat punt de zogenoemde 'Camino Franchés' vormen. 
Hoewel de rustplaatsen zoals vroeger de herbergen en de zogenoemde gasthuizen zijn veranderd en de pelgrimstocht relatief korter en minder gevaarlijk is geworden, zijn de heilige plaatsen onderweg (zoals Tours, Vézelay, Conques, Toulouse, Roncesvalles, León, Jaca, Burgos) en in Santiago de Compostela als het ware een bloemlezing van romaanse kunst.
Zo'n bloemlezing van middeleeuwse kunst - maar dan in boekvorm - is samengesteld door Xavier Barral i Altet (1947), een hoogleraar middeleeuwse kunstgeschiedenis.
Zijn Franstalige boek kreeg als titel: 'Compostelle - Le grand chemin', dat werd gepubliceerd in 1993, en als herdruk verscheen in 2002.

Bloemlezing over pelgrimeren in de Middeleeuwen langs Romaanse kunst
Dit boek biedt een rijk geïllustreerd (kunst)historisch overzicht (zwart-wit en in kleur) van de beroemde pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela.
De volgende thema's worden door de Spaanse kunsthistoricus in dit boek beschreven:
  • 1. Sint Jacob de Morendoder (Santiago Matamoros of ook Saint Jacques le 'Matamore'; over hoe de heilige Jacobus de Meerdere in de 9e eeuw uitgroeide tot een symbool van de strijd tegen de Moren, en over het leven, de legenden en de wonderen rondom deze apostel-pelgrim, alsmede over de ontdekking van zijn graf in Galicië.
  • 2. De middeleeuwse pelgrimages; over de oorsprong van de pelgrimstocht.
  • 3. De belangrijkste Franse pelgrimsroutes, als aanlooproute naar Santiago de Compostela: de Via Tolosana (via Toulouse), de Via Lemovicensis (via Vézelay), de Via Turonensis (via Tours) en de Via Podiensis (via Le Puy-en-Velay); en natuurlijk ook de Spaanse hoofdroute van de Camino Franchés, eindigend in Santiago de Compostela. Hierin wordt onder andere geschetst hoe de pelgrimstocht door de eeuwen heen werd ervaren, inclusief de gevaren, de overnachtingen in hospitalen en herbergen, en de spirituele motivatie van de pelgrims.
  • 4. De glorie van de Romaanse kunst, waarin de schrijver als Middeleeuwen-specialist van de historische pelgrimsroutes de belangrijkste religieuze bouwwerken en monumenten beschrijft en analyseert.
  • 5. De aankomst in Santiago de Compostela, over onder meer de stad, de pleinen, de kerken, de schatten en de rituelen.
Tot slot eindigt dit boek met een overzicht van historische documenten, getuigenissen, een verklarende woordenlijst en bijbehorende (ook bibliografische) bronnen.

zondag 20 september 2026

Startzondag 2026 in De Hege Stins van Stiens

Startzondag 20 september 2026
 
De dans van jong & oud tijdens Startzondag 2026 in De Hege Stins

















Beweeg mee! - Kerk-zijn in het krachtenveld van Christus
Vandaag viert onze Protestantse Gemeente te Stiens in de goed gevulde kerkzaal van De Hege Stins haar jaarlijkse Startzondag, waarmee het nieuwe kerkelijke seizoen van 2026-2027 wordt geopend.
Voorgangers zijn de pas ingetreden dominee André Priem en de vandaag afscheidnemende domina Inge de Rouwe.
De muzikale omlijsting wordt verzorgd door onze gemeenteband United, die vandaag na 16 jaar trouwe dienst met grote dank afscheid neemt van één van haar gitaristen, Jan Veltman.
Vandaag wordt in deze ochtendviering ook het nieuwe jaarthema van de Protestantse Kerk in Nederland geïntroduceerd, dat 'Beweeg mee!' luidt, met als subthema 'Kerk-zijn in het krachtenveld van Christus'.

Diverse vormen in subsessies
De ochtendkerkdienst wordt geopend door dominee Priem, en de Schriftlezing wordt even later uitgevoerd door lector Sjoerd Bakker, bestaande uit enkele verzen uit het bijbelboek Efeziërs 4, over de eenheid, groei en opbouw van de kerk als het levende lichaam van Christus. 
Daarop aansluitend gaat de gemeente in subgroepen uiteen, naar uiteenlopende activiteiten (hier proeverijen genoemd) zoals:
• 'Peper & Zout' organiseert een uitdagend spel;
• Luisteren naar het verhaal van twee diakenen over hun werkbezoek aan Ghana;
• Samen met de bloemencommissie iets moois maken met bloemen - één van die bloemstukken wordt straks aangeboden aan de afscheidnemende gitarist van de band;
• Met elkaar twee gedichten bespreken - waarvan er straks in de dienst één zal worden voorgelezen; 
• Samen zingend een lied instuderen - dat we later in de dienst gezamenlijk gaan zingen;
• In tweetallen op pad gaan in de vorm van een Emmaüs-wandeling, waarin wandelend met elkaar wordt gesproken;
• Het inoefenen van een dans - die na deze subsessie door kinderen en twee volwassenen ten tonele zal worden gebracht; 
• Meedoen in een bijeenkomst van de Kindernevendienst - waarvan we later in de dienst de resultaten zien; 
• Inventariseren welke items door dominee Priem straks meegenomen kunnen worden in de overdenking die straks door hem zal worden uitgesproken in de plenaire voortzetting van de kerkdienst.

Lof bij afscheid
Als alles uit het draaiboek is uitgevoerd in de kerkdienst, wordt met lovende woorden afscheid genomen van domina Inge de Rouwe, die in de vacante tijd van het werven van een nieuwe gemeentepredikant het crisispastoraat in onze kerkelijke gemeente voor een belangrijk deel voor haar rekening heeft genomen. En ze heeft veel meer dan dat voor onze gemeente gedaan, waar we haar buitengewoon dankbaar voor zijn, en dat wordt formeel, maar later ook persoonlijk door gemeenteleden aan haar welverdiend uitgesproken. 
Voorafgaand aan de kerkdienst was er gelegenheid om met elkaar koffie te drinken en appeltaart te eten, en na afloop van de kerkdienst blijft een deel van de gemeente achter in de kerk voor een andere proeverij, zijnde de lunch. 
Maar voordat dat plaatsvindt, kan iedereen op persoonlijke wijze afscheid nemen van domina Inge de Rouwe, en speelt United op de achtergrond een medley van mooie kerkmuziek.

donderdag 17 september 2026

Zonsondergang in Feinsum

Donderdagavond 17 september 2026

Zonsondergang in Feinsum
















 

De "Friese Spoorweg-Quaestie”

Donderdag 17 september 2026
 
Ilja Nieuwland vertelt over de Friese Spoorweg Quaestie

Eerste Nederlandse spoorlijnen
Na het openen van de eerste twee Nederlandse spoorlijnen rond 1840 schoot het met het nationale spoorwegnet niet zo op. Het initiatief werd overgelaten aan privé-partijen, en die bleken vaak terug te schrikken voor de financiële en bestuurlijke risico’s. Pas in 1860 nam de overheid een groter aandeel en werd besloten een tiental staatslijnen aan te leggen. 
Eén van de belangrijkste daarvan was een verbinding van Harlingen naar Duitsland via Leeuwarden en Groningen (Lijn B). De enige open zeehaven van Nederland - in Harlingen - moest zo een belangrijk element worden in de nationale handel. Maar de verbinding met het Pruisische Rijnland, het machtige industriële centrum van Duitsland, was nog altijd omslachtig.
Al vanaf de jaren vijftig werden plannen gecirculeerd om een directe verbinding aan te leggen van Harlingen naar Salzbergen, maar het duurde tot 1865 voordat verschillende Friese notabelen het initiatief namen om die ambities verder uit te werken. Het project van de Noorder-Spoorweg-Maatschappij werd groots aangepakt. In de archieven van Tresoar liggen nog altijd de getuigenissen: bijna honderd monumentale platen en tien dikke mappen vol plannen. Elk detail werd doordacht, zoals stations in neogotische stijl, locomotieven en wagons, spoorstaven, wissels en bruggen; zelfs de hekken langs het traject werden in tekeningen uitgewerkt. Landmeters trokken door Fryslân en stelden kadastrale kaarten samen; juristen werkten aan onteigeningsplannen en ingenieurs berekenden hellingen en bochten. 
 
Waarom rijden we dan niet dagelijks met de trein van Harlingen naar Bolsward? 
De precieze reden van bovenstaand vraagstuk is gehuld in een mist van bureaucratie en mislukte financiering. Misschien waren de kosten toch te hoog, speelden politieke belangen en verloren investeerders daarom hun vertrouwen. Hoe dan ook, de plannen vervaagden, de mappen werden dichtgeslagen, de tekeningen opgeborgen. Uiteindelijk kwam er een toch wat armzalig substituut: tussen 1882 en 1947 exploiteerde de Nederlandsche Tramweg Maatschappij (NTM) een aantal tramdiensten tussen Harlingen en Heerenveen. 
Harlingen, toch ooit gedacht als een belangrijke poort naar Europa, bleef een havenstad met onvervulde dromen, en in het gebied er achter veranderde er vooralsnog ook weinig.

Lunchlezing van Ilja Nieuwland over de Noorder-Spoorweg-Maatschappij
Over deze spoor-perikelen verzorgt Ilja Nieuwland vandaag de Lunchlezing in Tresoar te Leeuwarden. De titel van zijn lezing luidt: 'De Friese Spoorweg-Quaestie - Het spoor van belofte - Hoe een spoorlijn Fryslân had kunnen veranderen, of niet?'
In deze lezing vertelt Nieuwland het verhaal van de Noorder-Spoorweg-Maatschappij, haar ambities en uiteindelijk falen. En Ilja staat ook stil bij het Fryslân dat er had kúnnen zijn en dat er heel anders uit zou zien dan wat we uiteindelijk kregen.
Ilja Nieuwland (1970) is historicus en werkt bij het Huygens Instituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Hij heeft gepubliceerd over de geschiedenis van paleontologie, die van architectuur, en over andere historische thema’s. Recent verscheen van hem ‘The Lost Termini of Berlin. A History of the Railway Stations that shaped the German Capital’.

Ilja Nieuwland over de Friese Spoorweg-Quaestie
In 1930 werden in de Kanselarij te Leeuwarden de plannen voor een mogelijk nieuwe spoorlijn gevonden, met daarin 10 platen en honderd boeken, met daarop een complete spoorlijn van het hele tracé, tot op detailnivo al uitgewerkt, met daarbij bijvoorbeeld ook alle stations gedetailleerd getekend. Alles bij elkaar omvatte dat een compleet plan uit 1863. We zien tijdens deze lezing de tekening van het geplande station van Harlingen aan het havenfront van de stad.
Deze plannen komen uit de zogenoemde IJzeren Eeuw, waarin spoorplannen lang symbool stond voor moderniteit. Treinen zouden de diligence en de trekschuit moeten vervangen. De nieuwe treinwagons zouden de klassen in de maatschappij gescheiden kunnen laten reizen. Klassenbesef zat en zit heel diep in de spoororganisatie verankerd.
Na 1860 begon het aanleggen van meer, nieuwe spoorlijnen stil te liggen. Dat zat de gegoede burger-heren dwars, en mede daardoor kwamen er plannen voor óók het noorden in Nederland.
In 1854 komt het plan op voor de lijn van Harlingen - Leeuwarden – Duitsland, afkomstig van Cornelis Sixma van Heemstra. Harlingen zou daarbij exporthaven worden als enige ijsvrije haven, waar ook grotere schepen binnen konden lopen. Vanuit Amsterdam en Rotterdam kwam gaandeweg tegenwerking op dit spoorplan in noord-Nederland. Fryslân beseft zich dan steeds meer dat ze achter gaat lopen in haar ontwikkeling. 
In 1857 kwam er een nationaal spoorplan, dat al heel sterk lijkt op het huidige spoorplan.

De Friesche Spoorweg-Maatschappij
De Friesche Spoorweg-Maatschappij werd opgericht in 1858.
De overheid was terughoudend qua financiering van spoorlijnen, en wilde het investeren grotendeels overlaten aan particuliere partijen.
In deze periode was er sprake van geheel nieuwe kennis voor wat betreft het ontwerpen en ontwikkelen van spoorlijnen. Een zekere Alexander Kistel was toen daarentegen al specialist op dit gebied. 
Ene Elias Jan Hendrik Dull had in die tijd al veel spoorweg-initiatieven rond Almelo ontwikkeld. Dull tekende eerst voor de spoorlijn van Harlingen naar Heerenveen, toen van Heerenveen naar  Meppel, daarna van Meppel naar Almelo, en tot slot van Almelo naar Rheine, met aansluiting op het Pruisische deel. 
Het treinspoorplan van Harlingen naar Heerenveen werd geschrapt, maar er kwam wel een geheel ander plan, namelijk via Hoogeveen en Coevorden, waarin Harlingen en Heerenveen toch weer terug kwamen in de planvorming. 
In 1879 speelt het initiatief van de zogenoemde Lijn der Toekomst, van Harlingen via Bolsward en Sneek naar Heerenveen. Iedereen verwacht dat die lijn er toch wel zal komen, en daarom stappen de particulieren er niet in qua particuliere financiering. Het gaat onverhoopt echter toch niet door, maar een tram komt er daarentegen wel van de Nederlandse Tramweg Maatschappij, die een zeer uitgebreid spoorwegnetwerk opbouwde in Fryslân. Maar ook dit had een eindig karakter en bestaat nu al niet meer.

De Nederlandse Spoorwegmaatschappij 
De Nederlandse Spoorweg-maatschappij wilde het spoor door Fryslân beginnen in de zeehaven van Harlingen, namelijk bij een te bouwen immens groot station aan de havenzijde van Harlingen, zoals hier op de foto als impressie afgebeeld.
Daarna zouden dan achtereenvolgens stations komen in Kimswerd, Arum, Wytmarsum, Bolsward, Nijlân, Ysbrechtum, Sneek, Joure en Heerenveen.

De verloren gegane belofte
Iedereen nam aan dat deze spoorlijn wel door zou gaan, en daarom zetten velen er financieel niet op in, met als gevolg dat het nooit iets is geworden met deze lijn.
  • Kleine plaatsen blijven aan een spoorlijn doorgaans ook kleine plaatsen.
  • Steden die al behoorlijk in ontwikkeling zijn en dan een spoorlijn krijgen, varen veelal wel bij een spoorlijn.
Sneek en Bolsward zijn de grootste verliezers van het niet doorgaan van de plannen inzake deze spoorlijn. Het onwelwillende Sneek had daar trouwens zelf de hand in, maar Bolsward - die wel graag wilde meewerken - heeft uiteindelijk nooit een spoorlijn gekregen
Nieuwland hoopt over deze spoor-perikelen binnenkort een boek te publiceren. 

Junior in Feinsum over de brug van Senior

Dinsdag 15 september 2026
 
Hyltsje junior bij 'it âld stee' van Hyltsje senior

















Hyltsje junior & senior
Een auto stopt bij ons huis, en een man die ik nog niet ken, komt bij de deur. Hij stelt zich voor als Hyltsje Rijnks. Direct gaat bij mij een lichtje branden, want we wonen immers tegenover de Hyltsjebrêge van Feinsum, genoemd naar ook een Hyltsje Rijnks, oud inwoner van Feinsum, die aan de andere kant van It Kanael woonde.
Nadat Hyltsje binnen is genodigd, vertelt hij de kleinzoon (pakesizzer) van zijn Feinsumer grootvader Hyltsje Rijnks te zijn, die samen met zijn vrouw, beppe Aukje,op de westelijke oever van It Kanael heeft gewoond in een huisje met bijgebouwen op rand van de akker waar afgelopen zomer de aardappelen nog groeiden.

Onderwijsloopbaan in Groningen
Hyltsje junior is geboren in het huisje ten westen van pake & beppe hun huisje, namelijk aan de Feinsumer Feart bij de Slagdykster Mûne, waar wij vanuit onze woning het zicht op hebben.
Voor de 'jongfeint' Hyltsje junior was er vroeger na zijn schoolgang op de Bewaarschool van Stiens en de MULO geen gelegenheid om als boer zijn kost te verdienen, dus doorleren was het devies. Hij ging naar de Rijkskweekschool en werd schoolmeester in het Groningse Baflo. Daarna studeerde hij MO-A-Engels en werd leraar Engels op de Landbouwhuishoudschool in het Groningse Woldendorp. Zijn onderwijsloopbaan zette hij later voort en kwam ten einde als docent Engels op de Middelbare Detailhandelschool in de stad Groningen, en als pensionado woont hij momenteel in het Groningse Paterswolde.

Wonen aan de Feinsumer Feart en It Kanael
Hyltsje strooit met namen en plaatsen van met name Feinsum, Oude Leie en Oude Bildtzijl, en als even later zijn familiefotoalbum op tafel komt, vertelt hij honderduit over zijn grootouders, zijn ouders, zijn familie, de dorpelingen en over zichzelf. In een uur tijd wordt mij heel veel duidelijk over Feinsumers, over Feinsum en omgeving, en specifiek over de 'pôles' (woonstee) van pake & beppe en van heit & mem tegenover ons huis.

Hyltsje op de foto bij brug en huis van pake Hyltsje 
Hij heeft ook nog een krantenknipsel meegenomen van recent in het Dagblad van het Noorden gepubliceerde foto's van de Feinsumer Hylke de Groot, met wie ik hem ook nog even in contact breng, omdat hij graag met Hylke (zijn naamgenoot) ook kennis wil maken.
Voordat Hylke junior vertrekt, maken we nog een serie foto's van Hyltsje, onder andere bij het informatiebord tegenover de vroegere woonplek ('ald stee') van zijn grootouders, en natuurlijk daarnaast ook een portret staand op de betonnen brug over It Kanaal, op de brug die naar zijn pake Hyltsje is genoemd, de Hyltsjebrêge van de Hege Hearewei ten westen van Feinsum.

woensdag 16 september 2026

Turfroute - Wandelroute 11 Bakkeveen / Allardsoog

Maandagmiddag 14 september 2026
 
Door de Bakkeveensterduinen op It Mandefjild

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 11 - Bakkeveen / Allardsoog
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. Inmiddels is de temperatuur opgelopen naar 18 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit het Speelbos Sparjebird rijden we naar het drieprovinciënpunt tussen Bakkeveen en Een-West, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein aan de rand van It Mandefjild. Hier begint ons derde rondje van vandaag om 13:45 uur. 
Deze wandelroute 11 kreeg als thema: 'De oertijd klopt aan de deur', verwijzend naar het stuifduinenlandschap van It Mandefjild, dat haar oorsprong in de oertijd kent.

Over de Heide van Allardsoog
Vanaf de Nije Drintse Wei gaan we het natuurgebied van It Mandefjild op. Al snel lopen over de holle weg, die diep door dit landschap snijdt, gevormd door onder andere de karren die vanaf eeuwen geleden hier hun sporen letterlijk en figuurlijk achter lieten.
In dit heidelandschap is langs de holle weg op deze heide ook een grafheuvel gevonden. 
Voordat we vanuit het zuiden in oostelijke richting verder gaan, passeren we een dobbe in het heide-landschap.
We gaan nu door het bosperceel eerst langs het conferentieoord van Nieuw Allardsoog, en dan naar de Schaapskooi, waar we door een recent aangelegd tunneltje lopen, waarover de schapen ongehinderd tussen de schaapskooi en het heideveld kunnen lopen.
Met een wijde bocht gaat het dan verder aan de noordzijde om de Heide van Allardsoog heen. En even later gaat het zuidwaarts verder naar het centrum van It Mandefjild.
Door het bos gaat het dan verder in zuidwestelijke richting. Weer noordelijker bij de bosrand aangekomen, nemen we plaats op een forse houten picknickbank voor onze lunchpauze. Dat het toch ook op deze maandagmiddag druk is op It Mandefjild blijkt wel uit het feit dat gedurende deze pauze meerdere wandelaars en wandelstellen ons passeren.

Door de Bakkeveensterduinen
Na deze lunchpauze lopen we door langs de bosrand, om dan de Bakkeveensterduinen in zuidelijke richting te doorkruisen. 
We komen uiteindelijk aan de zuidkant van het duinenlandschap bij de bosrand, die we in oostelijke richting volgen. Hier en daar zien we de eerste mooie paddenstoelen al weer als voorbode van de herfst.
De heide van It Mandefjild staat in bloei, dus dat geeft mooie kleurrijke plaatjes in dit golvende landschap van zand en heide.
Met een grote bocht lopen we om de Poepedobbe heen, die we vanwege de bomenzoom tussen het zandpad en de pingo-ruïne (dobbe) helaas niet kunnen zien.
Dan komt het moment dat we de Nije Drintse Wei moeten oversteken. Aan de overzijde van de weg gaat de route dan verder door een smalle bosstrook die in de vorm van een halve maan langs de Nije Drintse Weg gaat.  
In dit bosperceel komen we langs het verzets-monument van Bakkeveen, waarmee de tien slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog worden herdacht, die hier door de Duitsers op deze plek zijn gefusilleerd, waar ook de beroemd geworden kunstschilder Hendrik Nicolaas Werkman deel van uitmaakte als gefusilleerde.

Afsluiting van de Turfroute
Nog eens weer steken we de Nije Drintse Wei over, om dan over een smal bospaadje langs deze weg terug te lopen naar het drieprovinciënpunt, waar onze auto staat.
Vanuit Bakkeveen rijden we dan eerst naar Dokkum voor koffievisite bij Theo & Ineke, waarna we bloemen naar het graf van Durkje haar ouders brengen in Broeksterwâld, op deze eerste sterfdag van haar mem.
Met het voltooien van deze wandelronde 11 hebben we nu alle fiets- en alle wandelroutes van de gids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland' gelopen, en sluiten we na de bijna 750 kilometers hiermee dit mooie wandelproject af. 

dinsdag 15 september 2026

Turfroute - Wandelroute 10 Hemrik

Maandag 14 september 2026
 
Het tweede rondje begint in het Speelbos Sparjebird

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 10 - Hemrik
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
  •   3. Oldeberkoop en omgeving, over een lengte van 11,3 kilometer;
  • 10. Hemrik, met een lengte van 5,8 kilometer;
  • 11. Bakkeveen / Allardsoog, met een lengte van 8,4 kilometer.
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. Inmiddels is de temperatuur opgelopen naar 16 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit Oldeberkoop rijden we naar het Speelbos Sparjebird, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein. Hier begint ons tweede rondje van vandaag om 12:00 uur. Op dat moment horen we de klok van de klokkenstoel van de Witte Kerk van Hemrik luiden, hetgeen ze op werkdagen doorgaans op deze tijd handmatig doen.
Deze wandelroute 10 kreeg als thema: 'Mooi kan ook zonder opsmuk en spektakel', verwijzend naar het feit dat een voor ons alledaags landschap van natuur en cultuur ook heel mooi kan zijn.

Van Speelbos Sparjebird naar Hemrik
Over de bospaden van Speelbos Sparjebird - waar ik vroeger als lagere schoolkind enkele jaren meedeed aan de zomervakantiespelen - lopen we naar de Bûtewei. Dan steken we de Sparjeburd over om vervolgens langs de tamelijke nieuwe camping de route over de halfverharde Bûtewei te vervolgen. Op de camping ontmoeten we een Filippijnse vrouw, die vertelt dat ze hier met haar man kampeert, en over enkele dagen voor zes maanden met haar man vertrekt naar de Filippijnen, waarna ze volgend jaar dan weer voor zes maanden terug komen voor een half jaar verblijf in Nederland.
Van de Bûtewei stappen we over op het onverharde veldpad van de Binnenwei, totdat we de bebouwde kom van Hemrik bereiken. 
In Hemrik komen we langs de Witte Kerk, waarvan we zojuist de klok van de klokkenstoel hebben horen luiden, toen we vertrokken vanuit het Speelbos Sparjebird.
Over de Fabryksleane gaat het vervolgens naar de voormalige cichoreifabriek / melkfabriek De Nijverheid, waarnaast ook het plaatselijke openluchtzwembad is gevestigd. 
Dit industrieel erfgoed van de vervallen fabriek ziet er als verlaten uit. 
Vanaf hier lopen we langs de Opsterlandse Compagnons-vaart naar de Brug Sparjeburd over de vaart.



Via Weinterp terug naar Sparjeburd
Over de Weinterp laten we de vaart achter ons, om noordelijker een langgerekt bosperceel in de gaan, waar we conferentieoord New Eden passeren.
Dan vervolgen we onze route volgens de bewegwijzering over de bospaden van het Speelbos Sparjebird, totdat we om 13:10 uur terugkeren bij onze auto op de parkeerplaats in dit bosgebied.
We stappen in de auto en rijden dan vanuit dit Speelbos Sparjebird naar het drie provinciënpunt tussen Bakkeveen en Een-West, waar straks tot slot onze derde wandelronde van vandaag aanvangt. 

Turfroute - Wandelroute 3 als rondje Oldeberkoop en omgeving

Maandagochtend 14 september 2026
 
Glaskunstpodium bij de parkvijver in het Molenbosch van Oldeberkoop

















Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland
De turfvaarten in Zuidoost-Fryslân zijn eeuwenoud en vaak met de hand gegraven. 
De zogenoemde 'Turfroute' verbindt sinds 1974 al die vaarten met elkaar. De kanalen met haaks daarop sloten, bossen, elzensingels, heide, weiden en beekdalen geven het gebied een eigen charme. 
In twintig pakkende verhalen en routes slaan de journaliste Janneke Donkerlo en de schrijver van routegidsen Fokko Bosker als het ware bruggen tussen de vaart en het omliggende landschap. Zij nemen het water als vertrekpunt voor hun rondwandelingen en fietstochten door dit rijk geschakeerde landschap van coulissen van elzen- en eikensingels, in een fijnmazig patroon van vaarten en wijken.
Resultaat van hun werk is de in 2024 uitgegeven routegids 'Wandelen & fietsen vanaf de Turfroute in Zuidoost-Friesland'.

23 tochten met een totale lengte van 746,9 kilometer
Deze routegids bestaat uit 11 fietstochten en 12 wandeltochten, die Durkje en ik van plan zijn om alle te gaan wandelen. 
  • Tien fietstochten hebben een totale lengte van 387,4 kilometer, waarvan de kortste 13,7 km en de langste 63,4 km lang is. Die hebben we inmiddels alle tien gelopen.
  • De twaalf wandeltochten hebben een totale lengte van 134,5 kilometer, waarvan de kortste 4,6 km en de langste 15,9 km lang is.
  • De veel langere 'Fiets-Turfroute' door Zuidoost-Fryslân heeft een totale lengte van 225 kilometer. Ook deze hebben we inmiddels geheel gelopen.
De 23 tochten hebben derhalve een totale lengte van 746,9 kilometer. We zijn van plan die afstand te bewandelen in circa 35 dagetappes, variërend tussen ongeveer 15 en 35 kilometer per dag, zo mogelijk in combinaties van (delen) van die wandeletappes en fietsetappes.

Wandelroute 3 - Oldeberkoop en omgeving
Vandaag wandelen we achtereenvolgens drie verschillende rondjes met een totale lengte van 25,5 kilometer, namelijk:
  •   3. Oldeberkoop en omgeving, over een lengte van 11,3 kilometer;
  • 10. Hemrik, met een lengte van 5,8 kilometer;
  • 11. Bakkeveen / Allardsoog, met een lengte van 8,4 kilometer.
We vertrokken daartoe vanmorgen vanuit Feinsum om 7:50 uur, bij een aanvangstemperatuur van 11 graden Celsius. De temperatuur loopt vandaag op naar zo'n 19 graden Celsius. 
Het weer is de hele dag stralend zonnig, met hier en daar lichte bewolking, dus heerlijk wandelweer vandaag.
Vanuit Feinsum rijden we naar het dorpscentrum van Oldeberkoop, waar we de auto parkeren op het parkeerterrein diagonaal tegenover de Bonifatiuskerk van Oldeberkoop. Hier begint ons eerste rondje van vandaag om 8:50 uur.
Deze wandelroute kreeg als thema: 'Een bijzondere plaats waar kunst en natuur samensmelten', verwijzend naar de uiteenlopende kunstuitingen - en ander samensmelten(?) - die we onderweg passeren.

Oorlog in de Tjongervallei
Voorbij de Oosterwoldseweg en de Auke Faberlaan komen we op een smal voetpad dat noordelijk om Oldeberkoop heen loopt. Aan de felrode bessen en de eerste bladeren in herfstkleuren van de lijsterbes kunnen we heel goed zien dat de herfst voor de deur staat.
Op deze noordelijke omgang komen we langs een houten standbeeld van een voetballer met de bal aan zijn voeten.
Aan de overzijde van de Heerenveenseweg gaan we het parkgebied van het Molenbosch in, waar we wederom langs kunstobjecten lopen, waaronder bij de parkvijver een glaskunstwerk op een rondgaand houten podium.
Door het bungalowpark en tussen de zonnepanelenvelden door lopen we naar de noordzijde van het Molenbosch, tot waar je het zicht krijgt op de Tjongervallei in het noorden. 
Als we op het bosrandpad in westelijke richting lopen, stuiten we op een obstakel midden op het smalle bospad. Als we daar omheen lopen ('wurmen'), zien we dat dit een gecamoufleerde legerjeep is. Voorbij de jeep zien we twee gecamoufleerde soldaten met wapens tegen de bosrand aan liggen in het gras, met achter zich in de bosschages nog een gecamoufleerde legerjeep. We maken een praatje met de beide soldaten, die hier vannacht hebben overnacht, en die vertellen dat ze hier op oefening zijn in het veld, en tot nader order hier moeten waken.
Nog een eindje verder treffen we nog een derde gecamoufleerde soldaat aan met zijn wapen en ook een granaatwerper, die vanaf zijn verdekte positie een uitstekend zicht heeft over een langwerpig veld in dit coulissenlandschap.
Als we de doorsteek even later maken naar de Wolvegaasterweg, vertellen we een vrouw die uit tegengestelde richting komt aanwandelen dat ze straks niet moet schrikken als ze daar ineens op drie gecamoufleerde soldaten stuit in het bos. Ze vertelt dan dat ze die hier gisteren ook al heeft gezien, dus ze is erop voorbereid.
Wij maken vervolgens over een volgend veldpad de doorsteek van de Wolvegaasterweg naar de Stellingenweg.

Vrede in de Lindevallei
Aan de overzijde van die Stellingenweg gaan we de Lindevallei in, eerst door een bosperceel, en dan tussen het bos en de Noordwoolder Voart (Linde) over een veldpad door het open veld van deze riviervallei. Aan de vegetatie kun je zien dat hier niet veel mensen komen.
Waar we vanuit het veld een bocht om gaan in noordelijke richting zien we een eindje verderop op het bospad aan de bosrand een man en een vrouw stevig tegen elkaar aan staan. Hier blijkt niet zozeer oorlog te zijn zoals in de Tjongervallei, maar is het meer een kwestie van vrede in de Lindevallei. 
Als ze ons de hoek om zien komen, trekken ze beiden snel hun slips omhoog, en hij direct daarna ook de spijkerbroek, en zij haar legging. Dan dralen ze niet lang meer, en verwijderen ze zich van ons over het bospad. Wij gaan door in ons eigen tempo, maar de vrouw is de snelste niet, dus we naderen hen al snel. In een volgende bocht waar het bospad linksaf verder gaat, stappen zij daarentegen rechtsaf tussen de bomen door naar de bosrand verderop, en wat zich daar dan zal afspelen, laat zich raden. Laten we maar zeggen dat de liefde alles overwint.
Na dit toch wel opmerkelijk vredige tafereel vervolgen wij onze route door het Koepelbosch naar het hertenkamp, waar we op een damhert stuiten, die de confrontatie met ons ook al niet wil aangaan.
Dan steken we de Stellingenweg (N351) wederom over, om dan aan de overzijde onze route nog een eindje door het Koepelbos te vervolgen.

Koffiepauze met koprol achterover
Na het oversteken van de Heerenveenseweg wandelen we de bebouwde kom van Oldeberkoop weer binnen. 
In het centrum kopen we bij de plaatselijke bakker brood voor de komende dagen, en dan wandelen we om 11:15 uur langs de geit van de Geitefok en langs de middeleeuwse Bonifatiuskerk terug naar onze auto.
Op de parkeerplaats ontkoppelen we de auto van de laadpaal, en willen we onze koffiepauze houden op de tweezijdige picknickbank die hier bij de laadpaal staat.
Echter, als we onze spullen op de picknickbanktafel hebben gelegd, en naast elkaar op de picknickbank gaan zitten, gaat het mis, want we vallen met al ons hebben en houden achterover, waarbij de picknickbank over ons heen valt. Zo wordt ons duidelijk dat deze picknickbank niet verankerd is in de grond en kopzwaar is als twee personen op één zijde gaan zitten. Niet handig, wel vermakelijk.
Gelukkig bezeren we ons niet, is alles nog heel, en gaan we in onze tweede poging ieder op een zitbank tegenover elkaar zitten. En zo kunnen we zonder verder ongemak toch nog heerlijk in het zonnetje genieten van onze broodjes- met koffiepauze.
Na dit eerste rondje met toch wel enkele bijzondere gebeurtenissen stappen we in de auto, en rijden we van Oldeberkoop naar Sparjebird, waar we ons tweede rondje van vandaag gaan lopen.

zaterdag 12 september 2026

Via Gebennensis von Genf nach Le Puy-en-Velay

Zaterdag 12 september 2026
 
Cover van de wandelgids van de 'Via Gebennensis'

Voortraject
Tijdens onze eerste pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2005 tot en met 2012 van het Friese Sint-Jacobiparochie (NL) via het Franse Vézelay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Lemovicensis naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Tijdens onze tweede pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2011 tot en met 2015 vanuit het Franse Le Puy-en-Velay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis wederom naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Vorig jaar (in 2025) liepen we de verbindingsroute voor pelgrims van de Via Lemovicensis naar de Via Podiensis, namelijk van Vézelay zuidwaarts naar Le Puy-en-Velay. 
 
Via Gebennensis volgens Hartmut Engel
Dit jaar (in 2026) liepen Durkje en ik de ruim 350 kilometer lange pelgrimsroute ‘Via Gebennensis’, van het Zwitserse Genève naar het Franse Le Puy-en-Velay. 
Dit is met name voor Duitsers, Oostenrijkers en Zwitsers een aanlooproute naar Le Puy-en-Velay, waar ze dan doorstarten op de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis.
Bij het pelgrimeren op de Via Gebennensis maakten we gebruik van drie pelgrimsgidsen, namelijk:
  • A. de Duitstalige van Renate Flori (in 18 etappes, 2e druk - versie 2023, van uitgeverij Rother);
  • B. de Duitstalige van Hartmut Engel (50 tracé’s, 12e druk - versie 2025, van uitgever Conrad Stein Verlag) en 
  • C. de Frans-Duitstalige van Henri Jarnier (15 etappes, versie 2024, van uitgever Association Rhône-Alpes des Amis de Saint-Jacques)). 
Daarnaast hebben we bij de voorbereiding en in het veld - naast de wandelgids van Engel - ook gebruik gemaakt van de download van de route in de app 'Organic Maps' op onze smartphone.
De titel van de wandelgids van Hartmut Engel luidt 'Via Gebennensis' met als subtitel 'Frankreich: Jakobsweg von Genf nach Le Puy-en-Velay'.
Deze Duitstalige wandelgids beschrijft de hele pelgrimsroute van Genève (Genf) tot Le Puy-en-Velay tamelijk gedetailleerd in 50 etappes, en biedt daarbij aanvullende informatie over de infrastructuur - met hoogteprofielen en overnachtingsmogelijkheden - van deze route en met name voorin enkele historische achtergronden en bezienswaardigheden onderweg. Daarna volgt een thematisch deel met korte beschrijvingen van allerhande praktische zaken voor onderweg.
Via de website van de uitgever kun je de GPS-Tracks van de route downloaden en uploaden in je device (zoals smartphone, tablet). Het zoeken in deze wandelgids wordt je vergemakkelijkt door de inhoudsopgave voorin, en het trefwoordenregister achter in de gids.
In deze routegids staan 18 wandelkaarten, 18 hoogteprofielen, 2 stadsplattegronden en een uitklapbare overzichtskaart van de hele Via Gebennensis. De wandelkaarten tonen nu en dan ook varianten van de hoofdroute, waar je als pelgrim naar eigen gelieven een keus uit kunt maken, bijvoorbeeld omdat je een bepaald object wilt bekijken, of omdat je op een specifieke slaapplaats wilt overnachten.
De wandelgids is geïllustreerd met 37 mooie kleurenfoto's die je vooraf een beeld geven van wat je onderweg zoals zult zien, en na het voltooien van de route vormen die illustraties een bron van herkenning en herinnering. Op de cover van deze routegids staat een foto van een neoclassisistische kerk: de Eglise St.-Aquilin in de plaats Frangy.
 

De Via Gebennensis in 20 etappes
Deze wandelgids biedt een etappes-overzicht in 50 etappes, waarbij per etappe de afstand wordt vermeld.
Durkje en ik waren van plan deze verbindende aanloop-pelgrimsroute in 20 etappes te lopen, en dat hebben we uiteindelijk als volgt ook zo kunnen doen in de periode van 19 juli 2026 tot en met 11 augustus 2026: