zaterdag 7 november 2026

Donateursbijeenkomst 2026 van Stichting Alde Fryske Tsjerken

Zaterdag 7 november 2026
 
Presentatie van Bearn Bilker

Opening
Vandaag zijn we met ongeveer driehonderd donateurs van de stichting Alde Fryske Tsjerken aanwezig bij de jaarlijkse donateurs-bijeenkomst in de Grote of Jacobijnerkerk van Leeuwarden. 
Hanneke Lens heet namens het stichtingsbestuur de aanwezigen van harte welkom, en onderstreept het belang van de circa 3.650 donateurs en van de vrijwilligers van deze stichting. 
Deze stichting staat voor het behoud van en het organiseren van activiteiten in haar kerken, alhoewel deze middag niet wordt georganiseerd in één van de kerken van deze stichting.
Niet (zoals aangekondigd) de bestuursvoorzitter Gerben Hoogterp en de directeur Atze Jan de Vries (en ook niet op het moment dat in het programma stond), maar alleen Atze Jan loopt met ons nu alvast een aantal van de actuele werkzaamheden van de stichting langs, onder andere langs de kwestie van de discussie die nog loopt over of en hoe de Sint-Vituskerk van Feinsum deels wel en deels niet geschikt kan en/of zal worden gemaakt voor het gebruik van onder andere de gezamenlijke leden van de Vereniging Dorpsbelang Finkum. Verder gaat het over kerken in steigers, kerkhoven, het Ziltepad en de bureaucratie waarmee de stichting te maken krijgt. 

Bearn Bilker spreekt voor donateurs
Het programmablad van deze middag meldde dat we vervolgens een presentatie zouden krijgen van Bearn Bilker over de invloed van de adel op de 'âlde' Friese kerken. Maar dat loopt anders dan ons vooraf is gecommuniceerd.
Bilker begint namelijk met een lang verhaal over het begin van de Friese adel in de Middeleeuwen, over de mensen die zich vestigen in het noorden van Fryslân, waar dorpjes ontstaan met daarin ook verdedigingsgebouwen, de zogenoemde stinsen. Die lezing - waarover het vanmiddag niet zou gaan - heb ik vier jaar geleden in de Sint-Genovevakerk van Jelsum al een keer bijgewoond, zie daartoe de blog die ik daarover toen schreef, waar ik nu inhoudelijk in deze nieuwe blog niet verder op in ga. 
Pas in het allerlaatste deel van zijn presentatie gaat Bilker in op het thema van de aangekondigde lezing, namelijk over de invloed van de adel op de 'âlde' Friese kerken. 

Dan vertelt hij het volgende:
  • De Friese adel had een andere positie in de kerken, dan elders in ons land. 
  • De kerk van Augsbuurt is gebouwd in 1782 door de adellijke familie van Cornelis van Scheltinga. 
  • De adellijke familie Jeppema bouwde in de 13e eeuw de kerk van Westernijkerk. 
  • De familie Lycklama à Nijeholt bouwde de Adelskerk van Oud-Beets.
  • Verder kennen we de rouwborden van bijvoorbeeld de familie Van Sytzama in de kerk (1795) van Friens. Ook Aldwâld en Idaerd en Kimswerd hebben bijvoorbeeld adellijke rouwborden, adelsdeuren, grafkelders, begraafplaatsen en kerkbanken. 
  • Van de kerk waarin we nu in zitten, kennen we uiteraard het Oranjepoortje van deze Grote of Jacobijnerkerk van Leeuwarden.
Organist Peter van der Zwaag laat daarna van zich horen op het grote kerkorgel, en wel verrassend 'The Bohemiam Rhapsody' van Queen, toch ook een beetje adelachtig qua bandnaam, en ook in deze vertolking op orgel uiteraard uitbundig in haar fragmenten en uiteindelijk ingetogen qua slot. Dat wordt door het publiek gewaardeerd met een welverdiend applaus.

Geen wisselprogramma in beide kerken
Na de pauze zou de stichting volgens het toegezonden middagprogramma haar donateurs een wisselprogramma aanbieden. Zo zou de ene groep de nabije Waalse Kerk van Leeuwarden eerst gaan bezoeken, zulks onder leiding van Bearn Bilker, waar hij zou gaan vertellen over die bijzondere kerk, over Franstalige kerkdiensten, en over Anna van Hannover, die het prachtige Schwartzenburg-orgel van deze kerk heeft bekostigd. 
De andere groep zou na de pauze van de stichtingsvoorzitter en de directeur in de Grote Kerk een inkijkje krijgen in het actuele werk van de stichting.
Na 25 minuten zouden beide groepen dan wisselen van locatie en programma.
De ene helft van de deelnemers worden tijdens de pauze naar de Waalse Kerk gestuurd, waar hen dan blijkt dat zij daar dan niet het vooraf aangekondigde programma aangeboden krijgen, dus die wandelen weer terug naar de Grote Kerk, want daar staat wel koffie en thee klaar. Zij voegen zich bij de andere subgroep, die dan niet meer wordt gestuurd naar de Waalse kerk, zoals wel schriftelijk vooraangekondigd.

Stadhouders en het Huis van Oranje Nassau
Als dit anders gelopen wisseldeel van het middagprogramma is afgelopen, en iedereen weer in de kerkzaal van de Grote Kerk heeft plaatsgenomen, houdt Bearn Bilker zijn tweede presentatie. Daarin gaat hij niet zozeer in op de drie items die in de Waalse Kerk aan de orde zouden komen, maar begint hij met een lang verhaal over de geschiedenis van de Friese stadhouders, wat overigens in het programma niet stond aangekondigd.
Heel kort vertelt hij nog wel even iets over de Franstalige kerkdiensten in de Waalse Kerk, noemt ook nog wel dat het Anna van Hannover was die het bijzondere Schwartzenburgorgel van de Waalse Kerk heeft bekostigd, en verwijst hij in zijn geschiedenisverhaal over de Friese Nassaus naar de grafkelder en de koningskraak in deze Jacobijnerkerk.
Aan het eind van de middag volgt dan nog een hapje en een drankje in de Jacobijnerkerk.

Twee wandelaars op het Jabikspaad van Sint-Jacobiparochie naar Stiens

Zaterdag 7 november 2026
 
Over de Hyltsjebrêge van Feinsum verder op het Jabikspaad richting Stiens

















Inhaaldag voor pelgrims
Rond het middaguur krijgen we kort bezoek van twee wandelaars op het Jabikspaad. 
Ze komen naar onze Refugio Ultreia Feinsum om een refugio-stempel te halen in de stempelkaart van het Jabikspaad.
Het zijn twee dames van een uit vier dames bestaande wandelgroep, die al vele kilometers hebben afgelegd op pelgrimspaden, waaronder ook in Portugal en Spanje, kortom, ervaren pelgrims.
Eén van hen was op 26 september 2026 al bij ons op bezoek geweest met de andere twee wandelende dames, en vandaag komt ze dan nog met de laatste van de vier, die dit traject de vorige keer in september jongstleden niet mee heeft gelopen. 
Dat wordt vandaag dus door dit tweetal ingehaald, en dan hebben ze in elk geval alle vier dit traject gelopen, en één van hen dus twee keer, toen in september en nu in november.
We hebben het even gezellig met elkaar, drukken ons refugio-stempel en ook het Jabikspaadstempel van Feinsum af op de stempelkaart, en dan gaan ze samen weer in de kou op pad, het Jabikspaad op, de Hyltsjebrêge over, en verder over de Hege Hearewei naar Stiens. 
Nog een half uurtje, en dan hebben ze hun eindpunt van deze eerste etappe van het Jabikspaad voltooid.

vrijdag 6 november 2026

Zes bolwerken van de Provinciewandelgids Fyslân

Vrijdagmiddag 6 november 2026
 
Vanaf het Parksterbolwerk zicht op het Baantjebolwerk van Dokkum

















Provinciewandelgids Fryslân
Wandelroutemaker Bart van der Schagt ontwikkelde in de loop der jaren veel wandelroutes, zoals de welbekende NS-routes en de zogenoemde Groene Wissels.
Zijn focus is breder dan alleen maar natuur en landelijk gebied, want met zijn routes wil Van der Schagt de wandelaars ook laten genieten van leuke dorpjes en gezellige stadjes, kortom niet alleen onverharde routes, maar inclusief de beleving van dorpen & steden en natuur & landschap.
Vandaag wandelen Durkje en ik een route uit zijn in 2023 verschenen wandelgids 'Provinciewandelgids Fryslân'. 
Deze wandelgids bevat 22 wandelroutes, waarvan de diversiteit de karakteristieke kenmerken en de grote verscheidenheid van onze provincie Fryslân laten zien. Van deze 22 wandelroutes gaan er 19 door landschap & natuur (waarvan 4 op de Friese Waddeneilanden) en 3 zijn groene stadswandelingen door Dokkum, Franeker en Leeuwarden. Deze wandelroutes variëren van 5 tot 23 kilometer per route.
In de wandelgids staat van elke route een globaal oriëntatiekaartje, en de link naar de website waar je een meer gedetailleerde kaart en ook een gps-track kunt downloaden.

Route 9 - Zes bolwerken
Vanmiddag lopen Durkje en ik Routenummer 9, met een lengte van 5 kilometer, die als titel heeft: Zes bolwerken.
Startplaats en eindpunt van deze route is het busstation van de Friese Elfstedenstad Dokkum. 
Deze route gaat eerst over de hoge vestingwallen rondom de binnenstad, en daarna doorkruist de wandelroute het oude stadscentrum van Dokkum.
Zes bolwerken verwijst in dezen naar de zes bolwerken van Dokkum. Deze route bezoekt alle zes uitbouwen van de verdedigingswal rondom de Dokkumer binnenstad.
We zijn vanmorgen vroeg al vertrokken vanuit Feinsum om 8:15 uur, en reden toen eerst naar Holwert aan de Waddenzee, waar we onze eerste van de twee wandelrondjes hebben gelopen.
Bij aanvang van deze wandeldag was het 2 graden Celsius. De ijsbloemen stonden op de ramen van onze auto. Het is behoorlijk fris, maar het is ook heerlijk zonnig vandaag, onbewolkt, en geen hinderlijke wind. 
Vanochtend liepen we vooraf al een ronde van 19 kilometer rond Holwerd, waarmee onze wandelafstand vandaag 19 + 5 = 24 kilometer is. Bij terugkomst vanmiddag in Holwert was het 8 graden Celsius, en als we aan het eind van deze wandelrondes in Dokkum in de auto stappen, is het 12 graden Celsius. Al met al is het dus heel mooi herfstweer voor een lange dagwandeling in twee delen.

Bolwerken rondom de stad
Vanaf de Stationsweg steken we om 13:15 uur via de Aalsumerpoort de Noorder Gracht over. Daarbij kruisen we de stadsgracht over een tijdelijke brug, want maandenlang wordt hier gewerkt aan het opbouwen van een nieuwe brug over de stadsgracht.
Langs de Noorder Gracht lopen we over de vestingwal naar het Noorderbolwerk.
Daaraan voorbij gaat het verder langs de Noorder Gracht naar het Parksterbolwerk. Als we rondlopen op dat Parksterbolwerk, krijgen we over de Driepypstergracht alvast een mooi herfstig uitzicht op de Molen Zeldenrust, die verderop bovenop het Baantjebolwerk staat.
Vlak voordat we bij Molen Zeldenrust op het bolwerk komen, steken we via de brug het Klein Diep over, vanwaar we het zicht krijgen op het Dokkumer stadhuis op de Zijl, die ook het beroemde keerpunt is van de Elfstedentocht op de schaats. 
We maken een rondje om de Molen Zeldenrust, en als we even later lang de Baantjegracht lopen, krijgen we achter ons nog mooi het uitzicht op deze markante molen bovenop het bolwerk.
En vóór ons zien we dan al Molen De Hoop, waarin momenteel een dierenspeciaalzaak is gevestigd.
Ook hier maken we hoog over de vestingwal een rondje om de molen. 
Vervolgens gaan we over het Zuiderbolwerk verder. Bij de Woudpoortbrug aangekomen over de Zuidergracht gebruiken we de houten bank bij het kanon van de Woudpoort voor onze lunchpauze, heerlijk in de najaarszon, terwijl heel veel voetgangers, fietsers en automobilisten ondertussen voor ons langs lopen en rijden.
Ook op de meest oostelijke punt van het Zuiderbolwerk maken we weer een rondje rond het bolwerk, dat hier is ingericht in de vorm van een oude begraafplaats.
Ter hoogte van De IJsherberg steken we eerst het Grootdiep en direct erna de Halvemaanspoort over, en dan gaat het verder over het Oosterbolwerk langs de Hardridersgracht.

Kuieren door de binnenstad van Dokkum
Door de smalle Lijnbaansteeg verlaten we - bijna op het eind van de rondgang langs alle bolwerken - het Zuiderbolwerk, om in tegengestelde richting over de Oostersingel terug te lopen naar Het Grootdiep.
De Diepswal langs Het Grootdiep volgen we totdat we de Kleine Breedstraat in moeten gaan, en daarna de Lange Oosterstraat tot aan de Hoogstraat. 
Op de Zijl gaat het dan vóór het mooie stadhuis langs verder over de Suupmarkt en de Nauwstraat tot aan de Legeweg. Als we die Legeweg uitlopen, komen we langs twee vrouwen die buiten op straat heerlijk in de zon bij drie spinnewielen zitten te spinnen. De ene vrouw spint één lange draad van een handvol schapenwol, en de andere vrouw draait met haar spinnewiel van twee van die dunne woldraden één dubbele gedraaide woldraad. Daarmee kunnen ze dan breien. We blijven een tijdje bij hen staan om dit proces te bekijken, waarbij de vrouwen ons uitleg geven over het spinnen van wol.

Langs kerken en Waag terug naar het bolwerk
Via de Hogepol gaan we de Achterom op, waar we langs de smalle binnenstadsgracht verder gaan, totdat we op de Kloostersingel bij de Anjelierstraat komen. Die gaan we in, om direct daarna al rechtsaf te gaan naar de Markt van Dokkum. Op de Markt komen we eerst langs de 11Fountains IJsfontein, waar vanmiddag al een behoorlijk laagje wit ijs op ligt.
Bij het diagonaal kruisen van de Markt lopen we ook langs de Grote of Martinuskerk van Dokkum.
Nadat we even later ook om de H. Martinus en H.H. Bonifatius en Gezellen-kerk heen zijn gelopen, gaat het via allerlei binnenstadsstraatjes naar De Waag op de Grote Breedstraat.
Aan het eind van die winkelstraat blijven we alsmaar de Koornmarkt volgen, totdat we weer terug zijn op het Oosterbolwerk. Vanaf hier hebben we mooi het zicht op de Kereweer, waar we enkele malen fotografen druk het rijtje huizen (1676) zien fotograferen.
Door het hele smalle steegje van de Kereweer komen we uit op het Noorderbolwerk, en dan hoeven we alleen nog maar naar de Aalsumerpoort te lopen, waar we rond 14:45 uur de Noorder Gracht oversteken, om vervolgens over de Stationsweg terug te lopen naar onze auto, waarmee we terug rijden naar huis.

Boeddha in Fryslân van de Provinciewandelgids Fryslân

Vrijdag 6 november 2026
 
De Stoepa van het Tibetaans-boeddhistisch centrum bij Hantum

















Provinciewandelgids Fryslân
Wandelroutemaker Bart van der Schagt ontwikkelde in de loop der jaren veel wandelroutes, zoals de welbekende NS-routes en de zogenoemde Groene Wissels.
Zijn focus is breder dan alleen maar natuur en landelijk gebied, want met zijn routes wil Van der Schagt de wandelaars ook laten genieten van leuke dorpjes en gezellige stadjes, kortom niet alleen onverharde routes, maar inclusief de beleving van dorpen & steden en natuur & landschap.
Vandaag wandelen Durkje en ik een route uit zijn in 2023 verschenen wandelgids 'Provinciewandelgids Fryslân'. 
Deze wandelgids bevat 22 wandelroutes, waarvan de diversiteit de karakteristieke kenmerken en de grote verscheidenheid van onze provincie Fryslân laten zien. Van deze 22 wandelroutes gaan er 19 door landschap & natuur (waarvan 4 op de Friese Waddeneilanden) en 3 zijn groene stadswandelingen door Dokkum, Franeker en Leeuwarden. Deze wandelroutes variëren van 5 tot 23 kilometer per route.
In de wandelgids staat van elke route een globaal oriëntatiekaartje, en de link naar de website waar je een meer gedetailleerde kaart en ook een gps-track kunt downloaden.

Route 8 - Boeddha in Fryslân
Vanmorgen lopen Durkje en ik eerst Routenummer 8, met een lengte van 19 kilometer, die als titel heeft: Boeddha in Fryslân.
Startplaats en eindpunt van deze route is het dorpscentrum van het Friese Holwert. 
Deze route gaat buiten Holwert eerst over de Waddenzeedijk, en daarna landinwaarts naar Hantum, en vervolgens langs de terpdorpjes Foudgum, Brantgum en Waaxens, om dan terug te keren naar Holwert. Met uitzondering van de grasdijk gaat de route grotendeels over rustige verharde wegen en paden door een uitgestrekt Fries polderland van grotendeels akkers.
Boeddha in Fryslân verwijst in dezen naar de stoepa van het Tibetaans-boeddhistische studie- en meditatiecentrum Karma Deleg Chö Phel Ling ten zuiden van Hantum.
We vertrekken vanuit Feinsum om 8:15 uur, en rijden dan naar Holwert aan de Waddenzee, waar we onze auto zo'n twintig minuten later in het dorpscentrum parkeren.
Bij aanvang van deze wandeldag is het 2 graden Celsius. De ijsbloemen staan op de ramen van onze auto. Het is behoorlijk fris, maar het is ook heerlijk zonnig vandaag, onbewolkt, en geen hinderlijke wind. 
Vanmiddag lopen we hierna ook nog een rondje van 5 kilometer door Dokkum, waarmee onze wandelafstand vandaag 19 + 5 = 24 kilometer is. Bij terugkomst vanmiddag in Holwert is het 8 graden Celsius, en als we aan het eind van deze wandelrondes in Dokkum in de auto stappen, is het 12 graden Celsius. Al met al is het dus heel mooi herfstweer voor een lange dagwandeling in twee delen.

Eerst naar de wachtende vrouwen op de zeedijk
Onze eerste wandelronde begint op de Van Aylvawâl in Holwert. Omdat Holwert in het hoogseizoen vol dreigt te lopen met auto's van bootgasten die afreizen naar Ameland, zie je her en der op veel plekken in Holwert particuliere aanduidingen van voor alleen inwoners gereserveerde parkeerplaatsen. Toch vinden we gemakkelijk een parkeerplek in het dorp, vandaag in het laagseizoen.
Na de Foarstrjitte lopen we tussen de rollings van de Hegebuorren naar de terpkerk van Holwert.
Deze kerk heeft een opvallend hoge torenspits, die nagenoeg even hoog is als het onderstel van de kerktoren.
Op de Fiskwei verlaten we Holwert, om dan over het fietspad langs de N356 naar de Nieuwe Zeedijk te lopen. We klimmen de hoge zeedijk op, en arriveren dan bij het kunstwerk dat kunstenaar Jan Ketelaar de naam 'Wachten op hoogwater' gaf. 
Langs dit enorme kunstwerk van twee vrouwen kunnen ook wij evenals de beide dames vanaf de kruin van de Waddenzeewijk weids uitkijken over de kwelders buitendijks, naar de pier van de veerboot, over de Waddenzee, met Ameland zichtbaar op de horizon.
De dunne en de dikke vrouw zijn beeldbepalend voor deze plek, maar ook in de wijde omtrek rond deze standplaats op de zeedijk.

Langs Drieboerehuizen naar Hantum
Nadat we eerste een eind aan de voet van de zeedijk in oostelijke richting hebben gelopen, maken we door de binnendijkse polder de doorsteek naar het buurtschap Drieboerehuizen.
Vanuit dit buurtschap volgen we een eindje het fietspad langs de Ternaarderwei (N358), en dan buigen we af naar het zuiden, over de Hollewei, tussen de verspreid staande woningen en boerderijen door.
Via de Fetsewei wandelen we om 10:20 uur het dorp Hantum binnen.
In een bijna rechte lijn gaat het dan door Hantum verder naar de Nicolaaskerk van Hantum. Hier maken we een rondje om de kerk over het kerkhof.

Variatie op de Stoepawei
Als we op de Stoepawei de plaats Hantum verlaten, zien we vóór ons in de verte al de plek waar de stoepa te midden van de bomen staat, en op de voorgrond zien we een werkende kraan vóór de poldermolen aan het werk.
Als we dichterbij de Hantumermolen komen, kunnen we beter zien waaraan hier momenteel wordt gewerkt.
In de grote en diepe bouwput bij de poldermolen zien we dat hier momenteel hard wordt gewerkt aan het bouwen van een geheel nieuw vijzelgemaal. Omdat de hele bouwput nog open ligt, en er waarschijnlijk nog een doorsteek van waterloop naar waterloop moet worden gemaakt, zullen de bouwwerkzaamheden vast en zeker nog wel enkele weken duren.
Bij het stoepa-terrein aangekomen, maken we gebruik van de uitnodiging om de stoepa te komen bezoeken. 
'Karma Deleg Chö Phel Ling' is (hier) het eerste boeddhistische klooster dat in Nederland is gesticht (1986). Het ligt net buiten het Friese Hantum. Karma Deleg Chö Phel Ling is een kagyu-school en Tibetaans boeddhistisch studie- en meditatiecentrum.
Rondom de witgepleisterde stoepa met zijn gouden top bevindt zich een kloostergang met traditionele Tibetaanse gebedsmolens, en verder vind je ook her en der rijen van wapperende gebedsvlaggen.
Beide gebouwen zijn gesloten, dus we kunnen de stoepa niet betreden. Wel kunnen we door een raam de gebedsruimte bekijken, waar binnen muziek klinkt.
Tegenover de stoepa vinden we een zitbank in de zon, waar we onze koffiepauze houden, met het zicht op de door de zon blinkende bovenbouw van de stoepa.
Voorbij de stoepa gaat het dan verder over de Stoepawei langs de Hantumer Feart, waar een man bezig is de brede vaart te hekkelen met een grote kraan.

Langs Foudgum en Brantgum en Waaxens
Bij de brug over de vaart gaan wij eerst verder over de Lytse Leasterdyk, dan de Pybemawei, en vervolgens de Mellemawei. Aan het begin van het klinkerweggetje tussen de akkers door staat een waarschuwingsbord van de gemeente met de terechte melding van het slechte wegdek. 
Het wegdek mag dan slecht zijn, het loopt hier over de Mellemawei en later over de Heemstrawei wel heel mooi tussen de inmiddels al weer braakliggende akkers door, of bijvoorbeeld ook langs een akker waar nog witte en rode kolen moeten worden geoogst.
We hebben het dorpje Foudgum al linksachter ons liggen, en wandelen nu met het zicht op het volgende dorp richting Brantgum.
Brantgum gaan we echter niet in, maar we vervolgen het pad van de Heemstrawei over al weer zo'n overwoekerd klinkerweggetje, waarbij hier trouwens bij het begin niet wordt gesproken over het slechte wegdek, maar over dat hier het einde is van de openbare weg. Beide meldingen zijn uiteraard bedoeld om het doorgaande verkeer van fietsers, motorrijders en automobilisten te ontmoedigen; terecht overigens.
Op de Poelwei aangekomen, lopen we het dorp Waaxens binnen.
Een cortex-stalen kunstwerk maakt ons met uitgefreesde woorden duidelijk dat het paradijs niet ver weg hoeft te zijn.
Aan de muur van een schuurtje langs de Poelwei hangt een kleurrijk kunstwerkje van vogels op een notenbalk.

Via de Elba terug naar Holwert
Voorbij Waaxens komen we op de Poelwei langs een bermmonument voor een hier in 2021 verongelukte jongen die enkele dagen later na zijn noodlottige brommer-ongeluk stierf. Het monumentje is een stille getuige in een evenzo stil en open polderlandschap, maar staat symbool voor een nooit aflatend schrijnend verlies en gemis van een jongen van nog maar 18 jaar oud.
Waar deze Poelewei over gaat in de Lania, draaien wij de Elba op, in de richting van Holwert. Hier passeren we de ver- en nieuwbouw van de vestiging van de Dagbesteding Het Buitenhuis, een instelling voor volwassenen met geheugenstoornissen.
Op de Elbasterweg naderen we Holwert, en even later lopen we over een smal schelpenpad de bebouwde kom van Holwert binnen. 
We gaan nu de Stasjonswei op, en komen dan in het dorp langs de kerk van de Doopgezinde Gemeente van Holwert.
Achter het kerkgebouw bevindt zich een labyrint, dat we bezoeken alvorens we verder het dorp in gaan.
Om ongeveer 13:00 uur zijn we in Holwert weer terug bij onze auto, waarmee we vervolgens naar Dokkum rijden, voor onze tweede wandelronde, zijnde een stadwandeling binnen de bolwerken van de stad.

donderdag 5 november 2026

Zonsondergang in Feinsum

Donderdag 5 november 2026
 
Zonsondergang in Feinsum

Boekpresentatie van De bijbelfabriek

Woensdag 4 november 2026
 
Jesse Nutma interviewt auteur Sjoerd Wielenga

 














160 jaar Jongbloed 
Op uitnodiging van Jongbloed Media te Leeuwarden ben ik vandaag bij de boekpresentatie van het nieuwe boek ‘De bijbelfabriek’, dat is geschreven door journalist Sjoerd Wielenga. 
Dit boek beschrijft de geschiedenis van de Jongbloed uitgeverij en drukkerij. Als ondertitel kreeg dit boek mee: ‘Hoe de Friese familie Jongbloed de wereld veroverde’. 
Al generaties lang is de naam Jongbloed verbonden met Leeuwarden, met het boekenvak en in het bijzonder met het drukken en uitgeven van Bijbels. 
Het nieuwe boek vertelt het verhaal van uitvinders, die avontuur zoeken en risico’s nemen en die ondanks kerkverlating en tanend geloof een enorme passie behouden voor het drukken van Bijbels, tot in deze 21e eeuw.
In dit middagprogramma staan we stil bij de familie Jongbloed en bij hun betrokkenheid
in de afgelopen 160 jaar bij het familiebedrijf Jongbloed. Deze middag is ook bedoeld om dat samen feestelijk te vieren en zo deze bijzondere periode van 160 jaar Jongbloed gezamenlijk af te sluiten.
Deze bijeenkomst vindt vanmiddag plaats in de Grote of Jacobijnerkerk van Leeuwarden.
Het wordt een middag met daarin onder andere een interview met de auteur van het boek, en de aanbieding van het eerste exemplaar van dit boek, en verder zijn er toespraken en muziek.

Een familiegeschiedenis geopend
Herman Jongbloed opent de bijeenkomst en verwijst naar zijn betovergrootvader Auke Jongbloed - de oprichter van het familiebedrijf in 1862 - die hier in deze Leeuwarder kerk is gedoopt. 
Dan speelt organist Peter van der Zwaag een bewerking van psalm 68 op kerkorgel, waarvan de orgelklanken mij doorklinken in de aloude woorden van onder andere: 
... Geloofd zij God met diepst ontzag!
Hij overlaadt ons, dag aan dag,
Met Zijne gunstbewijzen. ...
Herman Jongbloed vervolgt: "Een boekpresentatie is altijd bijzonder, omdat een boek wordt toevertrouwd aan mensen, en in dézen wordt een hele geschiedenis geopend van al die mensen die het werk van Jongbloed hebben verricht."

Interview met auteur Sjoerd Wielenga
Redacteur Jesse Nutma van Jongbloed Media interviewt vervolgens journalist Sjoerd Wielenga.
  • Voor Sjoerd voelt het volgens eigen zeggen ook wel enigszins onwerkelijk dat zijn boek, waaraan hij sinds 2022 werkte, nu wordt gepubliceerd.
  • Voor het boek heeft hij meer dan twintig interviews gehouden in meerdere generaties Jongbloed en medewerkers van het familiebedrijf, waarin mooie anekdotes naar voren kwamen. Verder heeft heeft hij archiefonderzoek gedaan, en heeft ook online databanken en online archieven geraadpleegd. Ook oude documenten zoals bijvoorbeeld een laatste wilsverklaring werden in de onderzoeksfase bestudeerd. Toen bleek ook al de bijzondere aandacht van de Jongbloed-familie voor hun zorg voor het personeel, zoals bijvoorbeeld het instellen van een eigen ziekenfonds voor medewerkers van Jongbloed.
  • Dit boek richt zich in elk geval op de volgende drie doelgroepen: 1. familieleden; 2. bijbelliefhebbers en kerkliefhebbers; en voorts 3. de Friezen die belangstelling hebben voor de geschiedenis van Fryslân.
  • Alhoewel Sjoerd zijn betovergrootvader uit Fryslân kwam, en Sjoerd geen Frysk spreekt, moest hij soms wel in het Fries lezen en communiceren, maar met de beschikbare vertaalinstrumenten kwam dat wel goed.
  • Over het familiebedrijf vertelt Wielenga: de arbeidsomstandigheden en het werkethos van de Jongbloeds zijn in de loop der generaties wel veranderd. De leden van de Jongbloed-familie staan bekend als harde werkers, wat overigens veelal leidde tot de nodige gezondheidsproblemen. De trots van de Jongbloeds op hun werk en op hun familiebedrijf zijn voor hen belangrijk. Nu is het bedrijf al zes generaties in de familie gebleven. In die 160 jaren ging natuurlijk ook wel eens iets mis door onenigheden en ruzies. In de Eerste Wereldoorlog ging het bedrijf bijna ten onder, omdat zoon Auke van de toenmalige eigenaar Meine moest opkomen vanwege de mobilisatie.
  • In de 19e eeuw vond de arbeidersbeweging dat Jongbloed te weinig loon betaalde, dus werd een hoger loon geëist. Daarin – maar ook in andere ontwikkelingen - zie je Jongbloed als een voorbeeld van wat in die tijd in heel veel bedrijven aan de orde was.
  • Nu de drukkerij en uitgeverij inmiddels (2026) twee bedrijven zijn, lijkt dat op wat voorheen ook al eens gebeurde, toen er een aparte drukkerij en een uitgeverij Jongbloed in Leeuwarden waren.
  • Jongbloed heeft heel veel verschillende Bijbels uitgegeven en gedrukt; nota bene al bijna 100 jaar voor het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG). Jongbloed bediende eigenlijk de hele kerk in al haar bestaansjaren.
  • De christelijke grondslag van Jongbloed is na al die jaren overeind gebleven.
  • Het familiebedrijf Jongbloed is opgeheven, maar bleef in het huidige Jongbloed Media in de nieuwe vorm overeind.
  • In het drukkersvignet van Jongbloed zie je in de Bijbels een schaapje afgedrukt binnen het familiemotto ‘Door God geleid is wel geleid’. Dat logo moest eigenlijk in alle uitgaven blijven bestaan, hetgeen uiteindelijk niet is gelukt. Wel is het binnen de familie Jongbloed als familiemotto overeind gebleven.
Familie-perspectief 
Na dit interview luisteren we naar een voorlezing – vanuit het nieuwe boek - door een jonge telg Anne-Marthe uit de Jongbloed-familie.
Daarin wordt op persoonsnivo teruggeblikt op het perspectief vanuit de familie, handelend over het hebben van een uitgeverij en een drukkerij (1872). 
  • Jongbloed werd een begrip in de stad Leeuwarden, maar daar was - zo horen wij - een lange en moeizame weg aan vooraf gegaan.
  • Oprichter Auke was de jongste van de zes kinderen, en hij was - door het jong overlijden van zijn broer Auke - de tweede Auke in het gezin Jongbloed. 
  • Auke ging in Leeuwarden werken bij een drukker, op instigatie van zijn vader. 
  • Hij begon in 1862 een kantoorboekhandel in Leeuwarden, wat het begin werd van zijn familiebedrijf. 
  • Hij onderhield handelscontacten met papierleveranciers in onder andere België en Frankrijk. 
Deze voorlezing wordt opgevolgd door orgelmuziek van organist Peter van der Zwaag.

Boekpresentatie 
Drie personen krijgen vervolgens een eerste exemplaar van dit boek uitgereikt, namelijk: 1. Marjorie Jongbloed (de oudste certificaat-houdster van de zesde generatie Jongbloed); en 2. Remco Oostwoud (symbolisch namens de medewerkers, hij is account manager van het grafisch bedrijf Jongbloed); en 3. Meindert Seffinga (directeur van het Historisch Centrum Leeuwarden, "opdat de Jongbloed-historie bewaard blijve").
Alle drie komen daarop met een korte reactie aan het woord vanuit hun eigen perspectief. 
Na de dankwoorden van de eerste twee vertelt Seffinga in zijn afsluitend dankwoord dat hij onder de indruk is van de kwaliteit van dit goed leesbare geschiedenisboek over zowel de familie Jongbloed als over de medewerkers van Jongbloed.

Ondernemings-perspectief
De volgende spreker - Matthy Groen - is sinds 2016 in de directie van Jongbloed Media (van Jongbloed BV) betrokken geweest bij de overdracht van de aandelen van Jongbloed naar FB Oranjewoud, en bij de splitsing van de drukkerij en de uitgeverij van Jongbloed.
  • Hij vertelt wat hem opvalt over dit bedrijf dat al 160 jaar heeft overleefd, in een enerverend tijdperk, dat veerkracht heeft gevraagd van de familie Jongbloed. Hij noemt onder andere de oorlogen en de technische ontwikkelingen,. Aanpassingsvermogen is volgens Mattie belangrijk om zo’n familiebedrijf overeind te houden. Belangrijke personen waren in dezen onder andere de Jongbloed-familieleden, en de participanten van de Stichting FB Oranjewoud, die investeerde in deze risicovolle onderneming in een roerige tijd. Groen bedankt alle officials die een belangrijke rol hebben gespeeld om (delen van) Jongbloed overeind te houden in die spannende tijden.
Ook het belang van het Nederlands Bijbelgenootschap voor Jongbloed wordt vanmiddag nadrukkelijk genoemd inzake het belang van de continuïteit van Jongbloed. Herman Jongbloed onderstreept dat met woorden van dank jegens het NBG.

Dankwoorden
Herman Jongbloed spreekt uit dat hij hoopt dat de lezers van dit boek een nog beter beeld krijgen van de Jongbloed-familie en van het bedrijf dat door deze familie zolang is gedragen. 
Dan worden door Auke Jongbloed ook de schrijver van het boek en zijn gezinsleden als dank toegesproken. De familie Jongbloed wil de familie Wielenga bedanken met een Bijbel-kunstwerk dat ze bij het 135 jarig bestaan van de medewerkers van Jongbloed hebben gekregen voor het jubilerende bedrijf, gemaakt door kunstenaar-beeldhouwer Chris Fokma (1927-2012). Nu de familie is gestopt met de directe betrokkenheid bij het bedrijf Jongbloed, willen zij dit bijbel-beeldhouwwerk als enorme waardering nu door-schenken aan de schrijver van het Jongbloed-boek.
Herman spreekt ons allen in de zaal de wens toe conform het Jongbloed-motto: "Door God geweid is wel geweid". Daarna bedankt hij in het bijzonder ook nog Jesse Nutma, Nienke Boerema (marketing manager) en Matthy Groen van Koninklijke Eisma BV voor alles wat zij voor Jongbloed hebben betekend inzake de uitgave van dit waarde(n)volle boek.
Auke Jongbloed speelt tot slot op kerkorgel een stuk van Otto Jongbloed, en daarna gaan we naar de bijzaal voor een informele afsluiting van deze interessante boekpresentatie.

maandag 2 november 2026

PeerkePad - pelgrimstocht van een heilige naar een zalige

Maandag 2 november 2026
 
Cover van de wandelgids 'PeerkePad' (2009)

PeerkePad tussen Wittem & Tilburg
Het PeerkePad is een wandelroute van circa 165 kilometer tussen het Nederlands-Limburgse dorpje Wittem en de Brabantse stad Tilburg, aangevuld met zeven rondwandelingen. 
Deze wandelroute (sinds 2009) laat je lopen door de verrassend mooie bos- en weidegebieden van de Brabantse en (Belgisch-)Limburgse Kempen, door de Maasvallei en door het Limburgse Heuvelland. 
De bijbehorende wandelgids beschrijft deze route zowel noord- als zuidwaarts in zeven of acht trajecten.
Deze wandelroute is helaas niet gemarkeerd en verbindt twee bedevaartsoorden met elkaar, namelijk:
  • Wittem (het klooster als bedevaartsoord in het redemptoristenklooster dat aan de heilige Gerardus Majella is gewijd) & 
  • Tilburg (waar de zalig verklaarde Peerke Donders is geboren).
Van de heilige naar de zalige 
  • De heilige Gerardo (Gerardus) Majella (1726-1755) is de patroonheilige van kleermakers, portiers en zwangere vrouwen, een nogal verscheiden groep mensen op het eerste gezicht. Maar wanneer je weet dat deze 18e eeuwse Italiaanse kloosterling een zoon van een kleermaker was, zelf enige tijd portier is geweest en bekend stond om zijn onderdanige gehoorzaamheid waarmee hij beledigingen en pijnigingen doorstond, klinkt het al wat logischer. 
  • De zalige Petrus (Peerke) Donders (1809 -1887) is een in 1982 zalig verklaarde missionaris die veel met leprapatiënten in de melaatsenkolonie Batavia in Suriname heeft gewerkt. Hij wordt gezien als de patroon van de mondiale samenleving.
Bezinning op zeven Werken van Barmhartigheid
Bezinning, stilte, verbondenheid en genieten zijn de kernwoorden die bij deze tocht passen. 
Het PeerkePad is in eerste instantie bedoeld ter nagedachtenis aan de pater Peerke Donders. 
Door elke wandeldag aandacht te geven aan een bepaald thema van de 'Zeven Werken van Barmhartigheid' geeft men aan de tocht als het ware een pelgrimskarakter. 

Wandelgids versie 2009
Het gaat bij het PeerkePad ook om ronduit mooie wandelingen door de Geul- en Maasvallei en door prachtige natuurgebieden in Belgisch Limburg en door de Brabantse Kempen.
Bij de voorbereiding van alle etappes hebben we gebruik gemaakt van twee versies van de wandelgids, namelijk: de versie van 2018 en de versie van 2009, aangezien de meest actuele versie van 2025 in het voorjaar van 2026 helaas niet meer leverbaar is, en een nieuwe versie nog in de maak was.
Deze twee wandelgidsen zijn voorzien van wandelkaarten van wisselende kwaliteit, foto's en bezinningsteksten zoals gebeden. Daarnaast worden erin ook enkele overnachtingsmogelijkheden vermeld.
De wandelgidsversie van 2009 is geschreven door pater Henk Erinkveld & Paul Spapens & Jelle Wind, en draagt als volledige titel: 'PeerkePad van Wittem naar Tilburg - pelgrimstocht van een heilige naar een zalige'.
Na de Inhoudsopgave en de Inleiding volgen in deze wandelgids een Pelgrims-reisgebed en de Wandelwijzer over hoe je deze wandelgids gebruikt. 
Daarna volgen de Routebeschrijvingen in 8 etappes noordwaarts van Wittem naar Tilburg, met ervóór steeds een tekst over het bijbehorende Werk van Barmhartigheid en uitgebreide informatie over wat je onderweg zoal gaat zien aan bezienswaardigheden. Direct daarna volgt de routebeschrijving in dezelfde 8 etappes zuidwaarts.
Daarna volgen de routebeschrijvingen van de 8 bijbehorende Rondwandelingen van het PeerkePad.
Tot slot sluit deze wandelgids af met suggesties voor Overnachten langs het PeerkePad, Openbaar vervoer, Adressen, Routekaarten, Colofon en een Verantwoording omtrent de in de wandelgids opgenomen foto's.

Negen Zuidwaartse etappes & Zeven Noordwaartse halve rondwandelingen
Dit jaar (2026) hebben Durkje & ik samen met Durkje haar broer Eelke & schoonzus Ike het PeerkePad eerst noordwaarts bewandeld, zonder onderbreking van Wittem naar Tilburg. 
Dat deelden we op in eerst een vijfdaagse van 8 tot en met 12 juni 2026, namelijk van Wittem naar Schaft; en tenslotte tien dagen later nog een vierdaagse van 22 tot en met 25 juni 2026, van Schaft naar Tilburg.
Op die route noordwaarts in negen etappes hebben we van de zeven rondwandelingen van het PeerkePad alleen de noordwaarts gerichte delen bewandeld.
Daarom resteerden nog de zuidwaartse delen van die zeven rondwandelingen, die Durkje en ik samen in de periode van 11 tot en met 14 oktober 2026 ter completering hebben bewandeld, hetgeen er dan uiteindelijk in resulteert dat we ook de zeven rondwandelingen van het Peerkepad geheel hebben bewandeld; immers twee keer de halve, eerst noordwaarts (juni 2026) en toen zuidwaarts (oktober 2026).
 

Het PeerkePad hebben wij derhalve in de onderstaande 9 + 7 = 16 etappes als volgt gelopen:

zondag 1 november 2026

Eeuwig Licht in de Sint-Vituskerk van Stiens

Zondag 1 november 2026
 
Vesper in de sfeervolle Sint-Vituskerk van Stiens

Vesper in de Sint-Vituskerk 
Vanavond komen we bijeen in de goed gevulde Sint-Vituskerk van Stiens voor de vesper van de Protestantse Gemeente te Stiens.
Het thema van deze vesper is: Eeuwig Licht.
De voorganger vanavond is dominee André Priem, en muzikale medewerking wordt verleend door organist Harry Maring (kerkorgel) en door de VituStinsCantorij van Stiens (vocaal). 
Deze vesper krijgt een bijzonder accent, omdat wij in deze avondviering ook stilstaan bij de recente 
heropening van de inmiddels gerestaureerde Sint-Vituskerk.
In dit voor ons allen zo vertrouwde Godshuis van onze kerkelijke gemeente te Stiens vierden wij recent - en onze voorouders al eeuwenlang - samen geloof, hoop, liefde en verbondenheid. We hopen dat wij dat - en ook ons nageslacht - nog lang mogen voortzetten.

Eeuwig Licht
Voorafgaand aan de viering luisteren we in de sfeervol heringericht dorpskerk naar het orgelspel van Harry Maring.
Bij aanvang van de vesper wordt in deze vernieuwde kerk opnieuw het licht van Christus ontstoken door voor het eerst weer een nieuwe Paaskaars aan te steken. Later wordt ook het licht van de kaars van Verbondenheid erbij ontstoken. 
We zingen in wisselzang afwisselend als cantorij, gemeente en samen. Het Psalmgebed van Lied 27B zingen we: De Heer is mijn Licht en mijn Heil. 
Het thema over licht klinkt in de hele viering door. Het licht van de Paaskaars is het licht dat leven geeft. 
Zonder licht is er geen leven; kunnen wij niet leven. 
God zorgt voor het licht, en Christus is het Licht van de wereld. En wij mogen dat licht uitstralen.
De bijbellezing gaat ook over licht, namelijk over de schepping van het licht, tijdens de Schepping van de wereld, zoals beschreven in het eerste bijbelboek Genesis. 
We luisteren in deze viering ook naar orgelspel in enkele variaties aangaande Het licht dat weer opnieuw begon, en bij de derde variatie wordt het nu dan verrezen licht vervlochten met een ander licht-lied, namelijk dat van Huub Oosterhuis, over Licht dat ons aanstoot in de morgen, voortijdig licht waarin wij staan.
De cantorij zingt de Lofzang van Maria, en dan gaan we samen in gebed, met tussen de voorbeden tussenzang van cantorij en gemeente.
We zingen het Lied 268 over de Goede Herder, als wij slapen, en ontvangen daarna de Zegen, en wel een dubbele, namelijk eerst met de aloude woorden van de Aäronitische (priester)zegen, direct daarop gevolgd door een Ierse zegenbede, in een Friese vertolking gevoelig gezongen door de twee cantorijleden Cees Buisman & Jelte van der Meulen. 
Deze vesper wordt afgesloten als wij luisteren naar een orgelwerk van componist Harry Maring (1951), door hem zelf vanavond in ons midden op kerkorgel gespeeld.

Gezellige drukte op de Boerenstreekmarkt van Alde Leie

Zaterdag 31 oktober 2026
 
Leuk dat je er bent in Alde Leie

De Boerenstreekmarkt van Alde Leie
Vlakbij het Friese dorp Alde Leie vind je de zogenoemde 'Nije Leije', bedoeld als een broedplaats voor natuurlijk ondernemen en toekomstbestendige initiatieven. 
Bij de Nije Leije wil men de natuur verbinden met ondernemerschap, en inventiviteit verbinden met vakmanschap, zulks met respect voor de natuur. 
Geprobeerd wordt om een gemeenschap te creëren, waarin ondernemende huurders, tuinders en vrijwilligers werken en elkaar ondersteunen.
Eén van de initiatieven in de Nije Leije is de zogenoemde Boerenstreekmarkt. 
Dat is een tweewekelijkse warenmarkt met een divers aanbod van lokaal geproduceerde producten, zoveel als mogelijk verkocht door de producenten - zoals de jagers, boeren en ambachtslieden - zelf. 
Veel van die producten worden door de markthandelaren op eigen terrein gemaakt, dus je zou kunnen zeggen dat het vooral producten zijn van de eigen - op z'n Fries - 'pôle'. 
Vandaag is de Boerenstreekmarkt weer open, en drie kwartier na openingstijd wandel ik samen met Aagje, Durkje en Jelke de grote warenmarkthal binnen, op zoek naar het lokale en regionale aanbod aan levensmiddelen, aangevuld met enig non food. 

Gevarieerd aanbod
Het is om 10:45 uur vanmorgen nog betrekkelijk rustig, dus je kunt nog even in alle rust bij alle marktstands langslopen, maar als we zo'n drie kwartier later klaar zijn met onze aankopen van deze biologische en lokale streekproducten, is er al een grotere toeloop aan belangstellenden.  
Het assortiment bestaat uit bijvoorbeeld: aardappelen, groenten, fruit, zuivelproducten, vlees en gevogelte, vis, vruchtensappen, kant-en-klare maaltijden, kruiden, biologisch gekweekte paddenstoelen, brood, maar ook bloemstukken en biologisch gefabriceerde verzorgingsproducten en textielartikelen, waaronder bijvoorbeeld handgebreide wollen sokken. 
In de horecahoek zijn consumpties te koop, die ter plekke ook genuttigd kunnen worden; ook een mooie plek overigens om elkaar even te ontmoeten, want de kijkers en kopers komen vanuit de wijde omtrek naar Alde Leie.

Wat hebben dinosauriërs te maken met het sluiten van de universiteit van Franeker?

Donderdag 29 oktober 2026
 
Tonen van de aangeboden brief over de sluiting van de Universiteit van Franeker

















Paleontologie en Franeker
Vanavond neemt wetenschapshistoricus Ilja Nieuwland ons tijdens de avond van de Vrienden van Tresoar in Tresoar te Leeuwarden mee in een stukje geschiedenis van de paleontologie. 
Voorafgaand en ook aansluitend vertelt Tresoar-directeur Arjen Dijkstra over de sluiting van de Universiteit van Franeker in 1811. 
Dat zijn wel twee heel verschillende onderwerpen, die toch met elkaar samenhangen. 
Hoe? 
Dat wordt duidelijk als vanavond het bestuur van de Stichting Freonen fan Tresoar zijn vriendengeschenk voor 2026 aan Tresoar aanbiedt.

Lezing van Arjen Dijkstra over de sluiting van de Universiteit van Franeker 
Arjen Dijkstra (1979) is directeur van Tresoar en promoveerde op een onderzoek naar wiskunde in Fryslân, met name aan de Universiteit van Franeker, in de zeventiende eeuw. Hij steekt als eerste van wal.
De 'Academia Franekerensis' was van 1585 tot 1811 de universiteit in de Friese stad Franeker, van start gegaan in de Mariakapel van Franeker.
Deze sluiting was en is nog steeds een pijnlijk punt voor veel Friezen. Dat heeft deels te maken met het cadeau dat Tresoar vanavond krijgt van de vrienden van Tresoar.
  • Na Leuven (nu België) kreeg in 1575 Leiden de eerste universiteit in het noorden van toenmalig Nederland, hetgeen bij de Spanjaarden bevochten moest worden. 
  • Het christendom en de religie speelden een belangrijke rol bij de oprichting en de instandhouding van universiteiten. 
  • Harderwijk kreeg een hogeschool in het jaar 1600. Die hadden geen promotierecht, wat Franeker – opgericht in 1585 – wel had. Zo kwamen overal in Nederland hoger onderwijsinstellingen, vooral ook gericht op het opleiden van predikanten, en medici.
  • Het ging de Franeker Universiteit heel goed, als een fantastische instelling voor de opleiding van theologen, van bijvoorbeeld Balthasar Bekker, die als dominee heel invloedrijk is geweest in zijn ambt. 
  • Bij de opheffing van de Franeker universiteit is de universiteitsbibliotheek overgedragen aan de voorganger van Tresoar, dus Tresoar heeft nu een imposante bibliotheek in huis. 
  • Begin 18e eeuw was de universiteit ook befaamd vanwege de studie van de praktische wiskunde, bijvoorbeeld ook gericht op de opleiding tot landmeters.
Aardbevingen, autoriteit, salamanders en dinosauriërs 
Daarna volgt de lezing van Ilja Nieuwland over  aardbevingen, over de autoriteit van Cuvier, over salamanders en dinosauriërs, en daarmee ook de relatie met de paleontologie.
De wetenschaps-historicus Ilja Nieuwland (1970) is verbonden aan het Huygens Instituut van de Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen in Amsterdam. Daar ontwikkelt hij digitaal gereedschap voor historici in Nederland. Hij schrijft artikelen en boeken over onder andere paleontologie en promoveerde op een onderzoek over de invloed die de schenkingen aan Europese musea van gipsen afgietsels van een Diplodocus-fossiel door de Schots-Amerikaanse weldoener Andrew Carnegie in de vroege twintigste eeuw hadden op de Europese wetenschap.
Paleontologen doen wetenschappelijk onderzoek over het leven uit het geologische verleden, zulks aan de hand van fossielen en sporen van organismen.
  • De zeebeving van 1755 in Lissabon had ongeveer een hevigheid van 8 op de schaal van Richter. Dat leidde tot een aardbeving in Lissabon, waarmee de stad grotendeels (zo’n 80%) werd verwoest. Dat leidde overigens ook tot plunderingen en allerlei andere narigheid in de stad. 
  • Dit riep het vraagstuk op hoe die aardbevingen ontstonden. Men wilde dat verklaren als een natuurlijk fenomeen. Anderen wezen daarentegen op de mogelijke straf voor de ondraaglijke zonden van de mens van die tijd. 
  • De lage stad van Lissabon werd volgens strikt geometrische patronen herbouwd, en vooral ook aardbevingsbestendig, zoveel mogelijk conform rationalistische criteria volgens de kenmerken van de Verlichting. Veel werd strak gebouwd, zonder al te veel decoraties. Bij een tweede aardbeving later bleek er veel minder schade te zijn, dus kennelijk heeft deze bouwstijl wel geholpen.
  • Voltaire beschreef die Lissabonse aardbeving, en kreeg veel aandacht voor zijn boek daarover, niet alleen onder filosofen, maar ook onder bestuurders.
  • Daarna kwam de Franse Revolutie in 1789 en kwam de overgang naar een meer rationalistische wereld. In die tijd werden bijvoorbeeld standaarden gesteld, zoals bijvoorbeeld voor afstanden. 
  • Georges Cuvier (1769-1832) – een niet-Franse protestant – maakte carrière in Frankrijk. Cuvier was heel goed in het uitleggen van de natuur, en in het leggen van de verbanden in de natuur, zelfs verdergaand dan op de wijze waarop er toen al over werd gedacht. Hij probeerde ook het diverse Franse onderwijs te standaardiseren. Hij krijgt op zijn denkbeelden toch ook wel heel veel sociale kritiek. Toch wordt hij bij heel veel vraagstukken betrokken, maakt daarbij gebruik van zijn autoriteit en zijn machtspositie en van zijn toch wel autoritaire karakter. Hij is overigens wel gevoelig voor zijn positie in de maatschappij.  
  • Hij is ook bekend geworden als een soort vader van de paleontologie. Hij komt met de stelling dat dieren ook kunnen uitsterven, zoals olifanten, mammoeten en mastodonten. Hij neemt afstand van Lineüs, de hoofdautoriteit van de bestudering van dierenleven. Cuvier gebruikt zijn autoriteit bij zijn stelling dat diersoorten kunnen uitsterven. 
- Lamarck schreef over de overerving van eigenschappen.
- Darwin zegt dat de niet-aangepaste dieren doodgaan, en dat de wel aangepaste dieren blijven bestaan.
- Geoffroy St. Hilaire spreekt over de eenheid qua organische compositie.
  • Cuvier is echter meer van de school die stelt dat de functie van het dier de vorm van het dier bepaalt. Uitsterven gebeurt volgens hem in catastrofes. En het opbouwen van iets nieuws wordt dan aan God toegeschreven.
  • De autoriteit van Cuvier is ondanks zijn missers toch wel heel lang intact gebleven.
  • Als hij onder druk wordt gezet is hij niet bereid concessies te doen, maar zonder of met minder druk wilt hij nog wel eens meebewegen met zijn critici.
  • Hij was eigenlijk de eerste maatschappelijke wetenschapper.
3. Arjen Dijkstra
Dan gaat Arjen Dijkstra verder: deze Cuvier wordt ondermeer naar Franeker gestuurd om te onderzoeken of de Franeker universiteit al dan niet open moet blijven.
Napoleon vraagt zich namelijk af of al die kleine universiteiten wellicht niet wat efficiënter kunnen gaan werken. Cuvier moet dat onderzoeken, en gaat langs Europese instellingen voor hoger onderwijs in Napoleons rijk.
Friezen schenen en bleken volgens Cornelii Ekama bijzonder vaardig in de wiskunde, dus wellicht zou Franeker open kunnen blijven als ze zich zouden specialiseren in de wiskunde. De rector vraagt om de Franeker universiteit niet te sluiten, maar om daarentegen meer te gaan investeren in deze Franeker universiteit. 
Cuvier schrijft dan op waar de Franeker universiteit goed in in, bijvoorbeeld in het opleiden van landmeters. Cuvier had wel degelijk oog voor de kwaliteiten van de universiteit van Franeker (en  van Groningen). 
Toch bleef de Groninger universiteit open, en gaat  de Franeker Universiteit dicht. 
Cuvier schreef in 1811– met groot verdriet - een brief over de sluiting van de Franeker Universiteit. En díe originele brief krijgt Tresoar vanavond officieel aangeboden door de Freonen van Tresoar. 
Vijf jaar later gaat de Franeker universiteit weer open, echter nu als hogeschool, waar dan nog 35 jaar mensen worden opgeleid in een HBO-achtige opzet.
Het archief en de bibliotheek van de voormalige Franeker  universiteit liggen hier in Tresoar; het meubilair van de universiteit is achtergebleven in Franeker. 
Volgens Arjen Dijkstra heeft de Franse Georges Cuvier twee missers gemaakt, namelijk:
1. Op het terrein van de paleontologie miste hij de kans om een dinosauriër te definiëren;
2. Op het terrein van hoger onderwijs miste hij de kans om de universiteit van Groningen te sluiten, in plaats van die van Franeker.

In een interview dat hierop volgt, wordt Arjen Dijkstra gevraagd waarom hij het origineel van deze brief van Cuvier zo graag wilde hebben, en hoe hij tot het idee kwam om de Freonen van Tresoar te vragen om deze brief voor Tresoar te kopen. 
Het bleek trouwens niet eens zo’n groot probleem te zijn om deze brief aan te kopen via een veiling. Die kostte namelijk nog geen duizend euro. Het veilingburo heeft trouwens niet willen vertellen uit welke particuliere collectie deze brief afkomstig is.

zaterdag 31 oktober 2026

Ervaringsverhaal over Oekraïne & Stichting Hope for Ukraine

Woensdagavond 28 oktober 2026 
Moeder Arma & zoon Jetze zijn actief in Oekraïne

Presentatie van Arma & Jetze Regeling
Vanavond organiseert de werkgroep Vorming & Toerusting van onze Protestantse Gemeente te Stiens een avond-programma waarin enkele vormen van humanitaire hulpverlening in Oekraïne centraal staan.
Sprekers zijn moeder Arma en zoon Jetze Regeling, die ieder op eigen wijze actief zijn in een vorm van christelijke hulpverlening van de Nederlandse Stichting Hope for Ukraine.
Ze geven ons vanavond een kijkje in het werk in en de betrokkenheid bij Oekraïne via die Stichting Hope for Ukraine.
Deze christelijke hulpverleningsstichting organiseert onder andere zogenoemde herstel- en bemoedigingsreizen, en draagt zorg voor humanitaire hulptransporten; volgend jaar al zo'n 50 hulptransporten, hetgeen betekent dat zo'n transport op een vrijdag uit Nederland vertrekt, dat de vrijwilligers een week onderweg zijn naar en door Oekraïne en dat ze dan zondag weer thuiskomen in Nederland.
  • Er wordt daar in Oekraïne gewerkt aan bemoediging van slachtoffers van oorlogsgeweld en aan fysiek herstel van gebombardeerde, beschadigde gebouwen.
  • De Stichting Hope for Ukraine werkt ook samen met regionale organisaties, om haar werk in Oekraïne mogelijk te maken.
  • Jetze & Arma werken vooral in de Oekraïense regio van de hoofdstad Kyiv en Irpin, waar ze bijvoorbeeld ook brood en voedselpakketten bezorgen.
  • Oekraïeners houden heel erg vast aan hun geloof, dat óók de motivatie is van Arma & Jetze, hetgeen ze vanavond bijvoorbeeld illustreren met het opwekkingslied ‘Wij zien Jezus’, over dat de wereld soms onzeker, rauw en hard kan zijn; maar: wij zien Jezus, dwars door onmacht en pijn heen.
  • Gerben Huisman, de oprichter van de Stichting Hope for Ukraine, is een kennis van Jetze, die Jetze indertijd uitnodigde om eens mee te gaan op een humanitaire reis naar Roemenië, waar een weeshuis voor Oekraïense  kinderen is gevestigd. Daar heeft Jetze ondersteuningswerk gedaan, en hij was toen ook één dag in Oekraïne, waar hij door anderen werd uitgenodigd om iets te komen doen in Oekraïne,. Dat deed Jetze in 2024 gedurende twee maanden, waar hij toen bijdroeg aan verschillende projecten.
  • Voor Jetze zijn ouders was het natuurlijk moeilijk om hem naar dit land in oorlog te laten gaan, hetgeen er uiteindelijk daarentegen zelfs toe heeft geleid dat ook moeder Arma haar bijdrage is gaan leveren voor en in Oekraïne. Zij meldde zich aan voor met name de bemoedigingsreizen. 
  • In 2025 waren Jetze en Arma beiden - en ook samen - in Oekraïne. Het is trouwens wel begrijpelijk dat ook Arma haar ouders er aanvankelijk nog wel moeite mee hadden dat hun dochter naar Oekraïne ging. 






















Enkele thema’s die vanavond aan bod komen
  • 1. Special Needs programma: daar is Jetze mee bezig geweest. Hier gaat het om activiteiten gelijktijdig organiseren voor kinderen en hun ouders.
  • 2. Community: vrouwen maken bijvoorbeeld camouflagenetten, maken kaarsen, om zo met het materiaal de mannen in het leger aan het front te ondersteunen. 
  • 3. Rebuilding Week: hier gaat het om het herstel van huizen die zijn afgebrand, gebombardeerd, zijn vernietigd. Bij de herbouw en restauratie hebben de mensen ondersteuning nodig. Sommige gezinnen wonen nog maar in één resterende kamer van een beschadigd huis. Vaak worden aan beschadigde woningen extra kamers toegevoegd om het gezinnen iets gemakkelijker te maken. Het is dankbaar werk, en ook gezellig om dat met elkaar te doen. Bouwmaterialen zijn er wel, maar geld ontbreekt om het bouwen mogelijk te maken. Zodra er geld is, wordt met bouwen begonnen.
  • 4. Herstelreis: we kijken naar een filmpje van het mediateam, waarin wordt getoond dat het ook gezellig is om met elkaar aan herstel te werken in Oekraïne. 
  • 5. Mental Hospital: militairen die in een 'mental hospital' zitten, hebben daar drie weken de tijd om te herstellen van hun oorlogsleed. Als er voldoende geld is, kan zo'n verblijf naar behoefte soms iets langer duren. Doel is zoveel mogelijk om daarna weer terug te gaan naar het front. Deze militairen  stralen een zekere trots uit, en zijn dankbaar dat de hulpverleners voor hen aanwezig zijn. 
  • 6. Hulpverlening: er worden familiebezoeken gedaan aan familieleden van militairen, en ook wordt aandacht geschonken aan vrouwen van wie hun man is vermist of is omgekomen in de oorlog. 
  • 7. Roma: ter bemoediging worden ook de Roma-zigeuners bezocht, die momenteel leven op een vuilnisbult, waar ze bijvoorbeeld voedselpakketten krijgen uitgereikt.
Gevolgen van de oorlog
  • We bekijken met zijn allen foto’s van vernietigde gebouwen, auto’s, woonkamers.
  • Oekraïeners maken allerlei herinneringsplekken voor de omgekomen landgenoten, meestal mannen. Het is confronterend om foto’s te zien van omgekomen soldaten die bijvoorbeeld van je eigen leeftijd zijn. De grafvelden staan vol met nationale blauw-gele vlaggen, en indrukwekkend is daar te constateren dat er omgekomen mensen liggen die nog heel kort geleden zijn omgekomen. De grafvelden groeien zienderogen. 
  • De vrijwilligers van de stichting hebben meegereden in een herdenkingsstoet in Oekraïne. Omstanders gaan dan op één knie langs de weg zitten, om te knielen voor de passerende stoet. Dat is ronduit een heftig moment om mee te maken.
  • Oorlog is verschrikkelijk, maar vrijwilligers zoals Arma & Jetze beleven er ook mooie momenten. Zo worden er ook vriendschappen voor het leven gesloten, dus ook dat is er.
  • Afsluitend luisteren we naar het lied ‘God of this City’ van Chris Tomlin: 'Greater things have still to be done here'.

vrijdag 30 oktober 2026

Tsjerke- en Swalkerspaed van de Provinciewandelgids Fryslân

Woensdagmiddag 28 oktober 2026
 
Frjemd bij de brug over de Wimerts in Abbegeasterketting

















Provinciewandelgids Fryslân
Wandelroutemaker Bart van der Schagt ontwikkelde in de loop der jaren veel wandelroutes, zoals de welbekende NS-routes en de zogenoemde Groene Wissels.
Zijn focus is breder dan alleen maar natuur en landelijk gebied, want met zijn routes wil Van der Schagt de wandelaars ook laten genieten van leuke dorpjes en gezellige stadjes, kortom niet alleen onverharde routes, maar inclusief de beleving van dorpen & steden en natuur & landschap.
Vandaag wandelen Durkje en ik een route uit zijn in 2023 verschenen wandelgids 'Provinciewandelgids Fryslân'. 
Deze wandelgids bevat 22 wandelroutes, waarvan de diversiteit de karakteristieke kenmerken en de grote verscheidenheid van onze provincie Fryslân laten zien. Van deze 22 wandelroutes gaan er 19 door landschap & natuur (waarvan 4 op de Friese Waddeneilanden) en 3 zijn groene stadswandelingen door Dokkum, Franeker en Leeuwarden. Deze wandelroutes variëren van 5 tot 23 kilometer per route.
In de wandelgids staat van elke route een globaal oriëntatiekaartje, en de link naar de website waar je een meer gedetailleerde kaart en ook een gps-track kunt downloaden.

Route 16 - Tsjerke- en Swalkerspaed
Vanmiddag lopen Durkje en ik Routenummer 16, met een lengte van 15 kilometer, die als titel heeft: Tsjerke- en Swalkerspaed.
Startplaats en eindpunt van deze route is het treinstation van de Friese Elfstedenstad IJlst. 
Deze gevarieerde route gaat door het Friese polderlandschap eerst naar Oosthem, en dan met een grote bocht ten noorden van de Wimerts langs boerderijen naar het terpkerkje van Abbega, en dan over een historisch kerkpad door weilanden via Feytebuorren en Pikesyl en dan nog eens door de weilanden naar Oosthem en tot slot langs het Easthimmer Mar terug naar IJlst.
Tsjerkepaed verwijst in dezen naar het historische kerkpad dat dwars door de weilanden loopt tussen Abbega en Feytebuorren, en Swalkerspaed duidt op het graspad door de weilanden tussen Pikesyl en Oosthem.
We vertrokken eerder vanmorgen vanuit Feinsum vlak vóór 8:00 uur, en reden eerst naar de rand van Sloten, waar we onze ochtendwandelronde begonnen.
Bij aanvang van deze wandeldag was het 6 graden Celsius. Het weer is vandaag heerlijk warm zonnig voor de tijd van het jaar, nauwelijks bewolkt, en geen hinderlijke wind. 
Vanochtend liepen we vooraf al het rondje van 11 kilometer vanuit Sloten, waarmee onze wandelafstand vandaag 11 + 15 = 26 kilometer is. Bij terugkomst later vanmiddag in IJlst is het 14 graden Celsius. Al met al is het dus heel mooi herfstweer voor een lange dagwandeling.

Via Oosthem en Abbegeasterrige naar Abbegeasterketting
We beginnen deze middagronde bij het kunstwerk van de Nooitgedagt Beitel tegenover het treinstation van IJlst.
Vanaf dat treinstation lopen we over het wandel- en fietspad parallel aan het spoor over de Zuidwesthoekweg naar de Cingelweg, die we na het kruisen van het spoor op gaan om naar Oosthem te wandelen. 
In dit dorp passeren we op de Nessenwei de Johanneskerk met haar opvallend witte kerktoren, die je van ver in de omtrek steeds wijst op de kerk van Oosthem.
We gaan het dorp uit op nog steeds de Nessenwei, op weg naar het buurtschap Abbegeasterrige. 
In het gehucht verandert de straatnaam in de Rige, die we tot aan het eind uit lopen, tot waar die over gaat in de Nijewei. Hier op deze T-kruising gaan we verder in zuidelijke richting over de Abbegeasterketting, vanwaar we door het open polderlandschap achter ons nog steeds Abbegeasterrige zien liggen.
In Abbegeasterketting gaan we met de ophaalbrug over de Wimerts (ofwel Bolswarder Zeilvaart), ter hoogte van het beeld 'Frjemd', waar met dit monument de geschiedenis van Abbegea in de Tweede Wereldoorlog wordt geëerd, omdat hier destijds meer onderduikers zaten dan er inwoners waren. En verder legt dit kunstwerk ook de link naar de vraag hoe gastvrij we vandaag de dag omgaan met nieuwkomers en vluchtelingen. Het eerste Friese openluchtspel van Abbega was trouwens ook aan deze thematiek gewijd.

Van Abbega op het kerkpad door het veld naar Feytebuorren
Om 14:15 uur wandelen we de bebouwde kom van Abbega binnen. Vóór ons zien we de Gertrudiskerk staan.
Voorin Abbega verlaten we overigens het dorp ook al heel snel, om de verharde weg te verruilen voor een tegelpad dat het open veld in gaat, langs de oever van een brede vaart.
Het smalle veldpad is het kerkpad door de weilanden tussen het dorp Abbega en het buurtschap Feytebuorren.
Op dit voetpad door de graslanden passeren we onderweg twee boerderijen die midden in het open polderlandschap staan als kleine eilandjes in het groen. 
Ongeveer twintig minuten later arriveren we vanuit het veld in het buurtschap Feytebuorren, met de eeuwenoude kerk in zicht. Drie zwarte schapen zijn ondanks het schrikdraad uitgebroken uit hun weiland, en lopen kalm vóór ons uit over het tegelpad.
In Feytebuorren maken we een rondgang rond de markante Bartholomeüskerk, en constateren we dat de kerkdeur is gesloten, dus we kunnen er niet zo naar binnen lopen.
Er staat ook geen bankje in de direct nabijheid, dus onze hier beoogde lunchpauze moeten we nog even uitstellen.
Bij het verlaten van dit buurtschap lopen de drie schapen al op de dorpsstraat, dus wij gaan met een boogje om hen heen door de berm, en na het passeren van de drie, drijven we ze weer terug in de richting van het kerkpad in het weiland.

Van Kotsyl & Westhem naar Pikesyl
Over De Kat lopen we Westhem binnen, waarin we al snel bij Kotsyl via de betonnen brug een vaart kruisen.
Direct daarna verlaten we al de bebouwde kom van Westhem, voortgaand over De Kat.
En dan - op de Hissedyk net vóór de bebouwde kom van Pikesyl - zien we bij een huis een bord staan met daarop de tekst 'Rustplek voor wandelaars en fietsers' en een picknickbank, waar we graag gebruik van maken voor onze melk met broodjes-lunchpauze. De rug gekeerd naar de wind maakt dat we hier prima kunnen zitten.
Daarna wandelen we de bebouwde kom van Pikesyl binnen.

Swalkerspaed van Pikesyl naar Oosthem
In Pikesyl verlaten we de Pikesyl/Pikedyk, omdat we nu het Swalkerspaed tussen Pikesyl en Oosthem op gaan.  
Verderop verlaten we de betonweg en gaan we over een heel smal oeverpad het open veld weer in.
Dit smalle pad dicht op de sloot links en het vlak langs het werkende schrikdraad rechts van ons maakt het mogelijk om verderop voorbij een houten hek een hoge kade op te gaan, waar we comfortabeler kunnen lopen.
Op de hoge wal van de Bloedsloot ligt het karkas van een grote snoek boven op de hekkelspecie. De snoek is waarschijnlijk recent uit de brede sloot gehekkeld, op de bult hekkelspecie terecht gekomen, waar het niet weer terug kon spartelen in de sloot, en door de vogels tot prooi is geworden, want alleen de vissenhuid en het karkas resteren nog van deze onfortuinlijke snoek.
Ondanks het feit dat we nauwgezet de wegwijzers van het wandelknooppuntennetwerk volgen, blijkt even later dat we te dicht op de Wimerts zijn gekomen, want bij de polderdijk aangekomen, zien we bij het nieuwe huis dat hier momenteel wordt afgebouwd in het geheel geen bewegwijzering meer, en bovendien geeft de routekaart aan dat we iets zuidelijker langs sloten hadden moeten lopen. 
Maar niet getreurd, want we kunnen prima over de hoge polderdijk en aan de voet van de polderdijk langs De Wimerts verder lopen, totdat we op het smalle Hernepaed komen waar we langs De Wimerts Oosthem weer binnenlopen.

Langs de Easthimmer Mar terug naar IJlst
In Oosthem steken we via de draaibrug De Wimerts over, en ook dan weer passeren we de witte toren van de Johanneskerk van Oosthem.
Op de terugweg naar IJlst nemen we echter niet dezelfde weg terug als de heenreis, maar gaan we door de woonwijk van De Himmen naar het jachthaventje van Oosthem, van waar we het smalle voetpad langs de Easthimmer Mar nemen naar de Parallelwei nabij IJlst.
Om 16:30 uur wandelen we dan de bebouwde kom van IJlst binnen.
Dan hoeven we alleen nog maar terug te lopen in de richting van het treinstation, om tenslotte nabij de Stadsweg terug te keren bij onze daar geparkeerde auto. 
Met de auto rijden we tot slot terug naar Feinsum.