Pelgrimsroute van Genève (Z) via Le Puy-en-Velay (F) naar Santiago de Compostela (S)
Via Gebennensis van Genève naar Le Puy-en-Velay
Pelgrimeren van Auberives-sir-Varèze naar Le Buisson
Dinsdag 4 augustus 2026 – 18,3 km lopen & 19,3 km fietsen
Dag 14: 229,5 – 247,8 km
Via Gebennensis
Tijdens onze eerste pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2005 tot en met 2012 van het Friese Sint-Jacobiparochie (NL) via het Franse Vézelay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Lemovicensis naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Tijdens onze tweede pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2011 tot en met 2015 vanuit het Franse Le Puy-en-Velay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis wederom naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Vorig jaar (in 2025) liepen we de verbindingsroute voor pelgrims van de Via Lemovicensis naar de Via Podiensis, namelijk van Vézelay zuidwaarts naar Le Puy-en-Velay.
Dit jaar (in 2026) lopen we de ruim 350 kilometer lange pelgrimsroute ‘Via Gebennensis’, van het Zwitserse Genève naar het Franse Le Puy-en-Velay.
Dit is met name voor Duitsers, Oostenrijkers en Zwitsers een aanlooproute naar Le Puy-en-Velay, waar ze dan doorstarten op de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis.
Bij het pelgrimeren op de Via Gebennensis maken we gebruik van drie pelgrimsgidsen, namelijk de Duitstalige van Renate Flori (in 18 etappes, versie 2023, Rother), de Duitstalige van Hartmut Engel (50 tracé’s, versie 2025, Conrad Stein Verlag) en de Frans-Duitstalige van Henri Jarnier (15 etappes, versie 2024, Association Rhône-Alpes des Amis de Saint-Jacques)).
Wij zijn van plan deze verbindende aanloop-pelgrimsroute in 20 etappes te lopen.
Eerst van Le Buisson/Maclas naar Auberives-sur-Varèze
Vandaag wandelen we van de Via Gebennensis de 14e etappe, van Auberives-sur-Varèze naar Le Buisson, over een etappe-afstand van 18,3 kilometer.
De wekker wekt ons om 5:30 uur in onze caravan op Natural Area Camping Les Cerisiers in Maclas vlakbij Le Buisson, onze uitvalsbasis voor deze vierde serie van vier wandeldagen.
Na het ontbijt verlaten we de camping in het ochtendgloren om 6:35 uur, en rijden we op de fiets vanaf Natural Area Camping Les Cerisiers bij Maclas naar Auberives-sur-Varèze, waar we de fietsen stallen bij de SuperU-supermarkt, want hier begint vandaag onze etappe.
Het is vanmorgen ongeveer 19 graden Celsius als we vertrekken. Het is aanvankelijk licht bewolkt, en reeds vroeg in de ochtend breekt de zon door. De temperatuur stijgt tijdens deze etappe vandaag naar 34 graden Celsius. Naarmate de etappe vordert, voelen we steeds vaker een zachte, warme wind, dus al met al is het mooi – maar wel weer tamelijk warm - wandelweer tijdens deze etappe. Het is dus ook vandaag weer een tropische dag.
Auberives-sur-Varèze
Nadat we in Auberives-sur-Varèze de fietsen op slot hebben gezet bij de supermarkt, en de rugzakken vertrekklaar hebben gemaakt, gaan we al om 7:35 uur van start met onze volgende etappe.
Langs de N7 – die de plaats doorsnijdt – wandelen we via de plek waar we gisteren onze etappe beëindigden naar de rand van de bebouwde kom.
Voorbij Auberives-sur-Varèze komen we langs een kale helling, waarin je in het bodemprofiel mooi kunt zien hoeveel keien en stenen er door de gletsjers in de IJstijd terzijde zijn gedrukt tot heuvels.
Clonas-sur-Varèze
Na een half uur wandelen we in een buitenwijk de plaats Clonas-sur-Varèze al binnen.
We hebben dan nog wel een behoorlijke afdaling te gaan, waarbij we het zicht krijgen op de kerk en haar omliggende gebouwen.
Als we even van de doorgaande route af gaan om het centrum van de plaats te bekijken, lopen we tussen de nieuwbouw rechts van ons, en een café-terras links van ons door.
In het centrum wordt het stadspleintje grondig heringericht, waar op dit moment vier stratenmakers druk mee in de weer zijn.
Op het café-terras zitten al enkele mensen aan een ochtenddrankje, en wij gaan erbij zitten, en bestellen koffie.
Na deze koffiepauze lopen we langs het nieuwe plein naar de Mairie, waar we de medewerkster binnen vragen om een gemeentestempel, maar dat zit er niet in.
Dan maar naar buiten om de kerk er tegenover te bezichtigen, maar ook die vlieger gaan niet op, want de kerkdeur is afgesloten.
Onverrichterzake lopen we langs het café-terras het centrum uit, om Clonas-sur-Varèze achter ons te laten.
De brede Rhône over
Om 8:45 uur hebben we van bovenaf goed zicht op de kerncentrale, die aan de oever van de Rhône staat.
Via nogal wat omweggetjes worden we naar de Rhône-brug geleid. Daarbij moeten we ten zuiden van Saint-Alban-du-Rhône bij een heel steil talud op klimmen, om dan bovenaan over een vangrail te klimmen.
Na deze uitdagende klim en overstap lopen we langs de drukke verkeersweg in de richting van de Rhône, en dan zie je ook waarom wij deze halsbrekende toer uit moesten halen; we moeten namelijk een dubbelspoor oversteken.
Bij één van de huizen aan de rand van Saint-Alban-sur-Rhône lopen we onder een walnotenboom door, waarbij je heel goed de groeistadia van de walnoot, van gladde groene vrucht naar verschrompelde vrucht kunt zien.
Om 9:35 uur staan we aan het begin van de lange en hoge rivierbrug over de Rhône.
Omdat we hier achter de vangrail liepen, klimmen we daar nu over heen, om op het smalle voetpad van de rivierbrug de hele brede Rhône over te steken.
Alternatieve route door Chavanay zoeken
Aan de overzijde van de Rhône lopen we direct de bebouwde kom binnen van Chavanay.
Direct bij de oversteek via de brug over de beek Valenzice doet de eerste onregelmatigheid zich al voor. Voor overstekende voetgangers is er bij deze brug - die voor de ene helft is afgesloten - geen instructie gegeven hoe over te steken. Daarom steken we eerst de weg over, en gaan dan over het afgesloten deel van de brug naar de overzijde.
Daar ontdekken we dat de doorgaande pelgrimsroute is afgesloten. Even op de kaarten kijken van boek en telefoon, en dan hebben we al snel een alternatieve route gevonden om de plaats in te gaan.
Op een zijgevel van een gebouw staat een prachtige muur-schildering, met ook aandacht voor het wandelend pelgrimeren.
Bij de Mairie gaan we naar binnen, en daar krijgen we vlot een gemeentestempel in onze pelgrimspaspoorten.
Dan lopen we verder op de reguliere route, maar ook hierop, bij het opnieuw oversteken van dezelfde beek is geen alternatief gegeven.
In het park naast de route gaan we zitten voor onze koffiepauze, en dan vinden we met de route op Organic Maps wel een prima alternatief.
We kunnen namelijk iets verderop via een noodbrug de Valenzice oversteken, dus dat doen we.
De beek ligt overigens grotendeel droog.
Klimmen naar de Chapelle du Calvaire
Buiten Chavanay zetten we een fikse klim in, waarbij we al snel een vergezicht krijgen over de Rhône in de riviervallei achter ons.
We gaan door met de klim over de hellingpaden van de beboste heuvel.
Ook waar we de Chapelle du Calvaire bereiken, hebben we weer een schitterend uitzicht over de Rhône-vallei.
We gaan de kapel binnen en verwonderen ons over de vele Jacobalia die hier in deze hooggebouwde kapel aanwezig zijn.
Binnen staat een kast met onder andere enkele kleine Jacobalia.
Bij de ingang en verderop staan drie beelden, waarvan twee van een pelgrim en de andere van de heilige Jacobus.
Aan de muur hangt een oud handschrift, en op de muur is een fresco geschilderd van verschillende pelgrims.
Op de andere zijde staat een fresco van een processie, en we zien ook nog een kleurrijk kerkraam van – als je goed kijkt - een pelgrim.
Als we alles hebben gezien, maak ik nog even een ommetje om de kapel.
Zolang we hier verblijven, zit en loopt er ook een groep Franse jongeren, afkomstig uit Nice, die in de regio op vakantie zijn.
Eén van de jongedames vraagt of ze met onze camera ook even foto’s moet maken van ons samen, hetgeen we haar graag laten doen.
Daarna maken we nog een praatje met deze oudere jongeren. Eén ervan heeft een kindje bij zich, die ze ter plekke nog borstvoeding geeft.
Door wijngaarden en bos
We gaan verder met onze klim voorbij de kapel, en komen verderop in de wijngaarden van de Rhône-wijnen.
Vlak voordat we het pad tussen de wijngaarden verlaten, om een asfaltweg op te gaan, zie ik onder een wegwijzer nog een hele oude Jacobsschelp op een beton-wegwijzer van de pelgrimsroute, bijna aan het zicht onttrokken door de begroeiing er omheen.
Dan naderen we het dorpje La Ribaudy.
We doorkruisen La Ribaudy overigens ook.
En ook als we La Ribaudy verlaten hebben, volgen we een prachtige route over hellingpaden tussen de wijngaarden door.
Vanuit een wijngaard gaat we een bosgebied in. Daar maken we de afdaling naar een beekje, om daar via een bruggetje het beekje over te steken.
Dan gaan het weer omhoog, het beekdal uit, maar even later gaat het wederom naar beneden, omdat we nog eens weer een nagenoeg droogstaand beekje moeten oversteken via stapstenen.
En ook daarna gaat het weer omhoog, het beekdal uit.
Hete tocht naar Bessey
Het zijn niet alleen maar wijngaarden waar we doorheen lopen, want dit gebied is in grote omtrek ook ingevuld met boomgaarden met heel veel appels, en ook al behoorlijk rijpe peren.
Her en der vind je nog oude schuilhutjes, van steen gebouwd, vaak aan de randen van wijngaarden.
Als we bij het plaatsje Morzelas langs lopen, zien we op een bordje vermeld staan dat we hier op een hoogte van 295 meter lopen.
We gaan nu een mooi smal veldpad op in de richting van Bessey.
Zo langzamer schijnt de zon genadeloos, en is de temperatuur behoorlijk opgelopen. Vooral daar waar we geen zuchtje wind voelen, is het behoorlijk warm tot heet.
Om 12:25 uur krijgen we voor het eerst het dorpje Bessey in zicht. De kerk is al duidelijk te zien.
Nog eens weer komen we langs een schuilhut op de scheiding van wijngaard en veldpad.
We kunnen overigens niet over vlak terrein naar Bessey lopen, want we moeten eerst nog een afdaling afwikkelen, omdat we het veel dieper gelegen beekje van de Moulina moeten oversteken.
Dan gaat het weer omhoog, dat beekdal uit, en naderen we Bessey. Vanaf enige hoogte zien we ver vóór ons een man lopen op het veldpad richting Bessey, die op kleine afstand gevolgd wordt door een bepakt paard. Wellicht ook een pelgrim?
Even later lopen wij ook over dat veldpad naar Bessey.
Ter hoogte van het wrak van een oude tractor lopen we de bebouwing van Bessey binnen.
Vier pelgrims en een wandelaar in de abri van Bessey
In het dorpscentrum aangekomen, valt ons direct de muurschildering op van een huis naast de dorpskerk.
We lopen naar de Eglise Saint-Jean Baptiste, en maken een rondje door deze dorpskerk.
Bij de kerkdeur hangt een tekening, met daarop de tekst dat we binnen in de kerk een kerkstempel zullen aantreffen voor onze pelgrimspaspoorten. Daar maken wij ook gebruik van.
Heel mooi van deze kerk is dat er een kerkraam is met daarin de afbeelding van de heilige Jacobus, de beschermheer van de pelgrims van Santiago de Compostela.
Ook zomaar een zijkapel van de kerk is door de lichtinval van dit uur heel mooi.
En zoals in veel kerken, ook hier een afbeelding van het geboorteverhaal van Jezus, in een kerkraam met Jozef, Jezus en Maria.
Toen we deze Johannes de Doper-kerk in gingen, stond de wandelaar met het paard al verderop in het dorp. Als we de kerk uit komen, loopt hij ons net voorbij.
Ik roep hem om even een praatje met hem te maken. Hij stopt, en vraagt me zorgelijk of ik hopelijk weet waar hij water kan vinden in dit dorpje, want verderop heeft hij geen water aangetroffen. Zijn paard moet nodig drinken, aldus de wandelaar. Durkje raakt gelijktijdig bij de kerkdeur in gesprek met de andere Franse wandelaar die de wandelaar met het paard vergezelt. Samen pelgrimeren ook zij – net als wij - naar Le Puy-en-Velay.
Ik zie een jonge vrouw uit een huis komen, en wijs de paard-begeleider op haar verschijnen, met de melding dat ik al buiten Bessey een aankondiging had gezien dat hier in Bessey een abri voor pelgrims zou zijn met een watertappunt. Voordat de vrouw aangesproken kan worden met de vraag waar we die kunnen vinden, rijdt ze al weg, en komt een jongen op een scooter aangereden. Ik wijs hem op de man die een vraag heeft over water in het dorp, en dan zegt de jongen dat hij de man en zijn paard zal begeleiden naar het watertappunt bij de rustplek voor pelgrims.
Durkje en ik en de andere Fransman volgen hem, en als we bij de pelgrims-abri arriveren, zit daar ook een andere wandelaar, Pauline, een jonge Franse vrouw, die een wandeltocht maakt over aan elkaar verbonden langeafstandspaden, in Frankrijk de GR’s genoemd.
Het paard krijgt snel water uit de emmer die de man bij zich heeft, en dat paard doet zich direct tegoed aan het verse, koele water. Wij ook overigens, en daarna wordt het paard verderop in de schaduw aan een boom gebonden, en zitten wij met zijn vijven gezellig bijeen voor onze lunchpauze.
Opvallend is trouwens dat hier in het wegdek in Bessey enkele gestileerde Jacobsschelpen zijn aangebracht als wegwijzer.
Via Goëly naar de camping bij Le Buisson, tussen Goëlly en Maclas
Na deze pauze hoeven wij niet zover meer, maar het is wel heel erg warm geworden ondertussen.
Om 13:30 uur arriveren we in het buurtschap Le Mas de Goëly.
Enkele minuten later lopen we het dorpje Goëly binnen, dat we doorkruisen.
We lopen door over veldpaden in de richting van Le Buisson. Waar een tekstbord ons wijst op onze camping, vervolgen we de route richting Le Buisson linksaf op een ander veldpad.
En als we dan een eind verderop de richtingwijzer naar onze camping bereiken, lopen we nu niet – maar morgen wel - door naar Le Buisson, maar gaan we de camping te midden van de kersenboomgaard op, waar we afdalen naar onze caravan, waar we om 13:50 uur al arriveren.
Na direct even iets kouds uit de koelkast gedronken te hebben, stappen we in de auto, en rijden we van de camping van Maclas naar Auberives-sur-Varèze terug, waar we bij de bakker brood kopen voor morgen, en dan onze fietsen laden op het fietsenrek van de auto.
Daarna rijden we terug naar de camping. De temperatuurmeter geeft dan 37 graden Celsius aan.
















