donderdag 19 oktober 2023

WaddenWandelen op Texel van Stuifweg Paal 19 naar Oosterend & Dagwandeling Oosterend

Maandag 16 oktober 2023
 
De poldermolen in Drijvers Vogelweid De Bol op Texel

















Wandelroutes over zes Waddeneilanden
WaddenWandelen op Texel
Etappe van Stuifweg Paal 19 naar Oosterend & Dagwandeling Oosterend
Maandag 16 oktober 2023 – 23,5 km.
Dag 4: 59,3 – 82,8 km

Wandelzesdaagse op Texel
In 2013 gaf de ‘Stichting Wandelnet’ de wandelgids van Streekpad 4 uit. De titel van deze routegids is ‘WaddenWandelen’ en de subtitel is ‘Wandelroutes over zes Waddeneilanden’. In deze wandelgids kun je kiezen uit verschillende wandelingen op de Waddeneilanden Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en het Duitse eiland Borkum, met een totale wandelafstand van 276 kilometer.
Voor de maand oktober 2023 hebben Durkje en ik de zesdaagse wandeling op Texel geselecteerd. Die hele (Wadden-)wandeling op Texel heeft een totale lengte van 129,3 kilometer. Daarvan hebben we in april/mei 2013 als onderdeel van het Texelpad al de zogenoemde ‘Wandeling Dwars Over’ gedaan, met een lengte van 11,3 kilometer. De resterende 118 kilometers hebben we over zes etappes verdeeld, waarvan de vierde –  van vandaag - een lengte heeft van 23,5 kilometer.

Aangenaam herfstweer
Om 7:00 uur staan we op in onze caravan op Camping Boerderij Hoogvliet bij De Waal op Texel, en om 8:15 uur verlaten we de camping, om dan met de auto met de fietsen achterop naar Oosterend te rijden. Hier laten we de auto achter aan de rand van het dorp, en dan fietsen we de 5,2 kilometers naar het bungalowpark Prins Hendrik aan de Stuifweg ter hoogte van Paal 19. 
Het is nog fris zo vroeg in de ochtend, want het is nog maar 8 graden Celsius. Vergeleken met de afgelopen twee wandeldagen heeft de wind behoorlijk aan kracht verloren, dus het fietsen gaat qua temperatuur en tegenwind prima zo. 
Bij het recreatiepark Prins Hendrik stallen we onze fietsen in de overdekte fietsenstalling. Om 9:05 uur beginnen we hier aan onze etappe van vandaag.
Het blijft vandaag droog, en de temperatuur loopt tijdens onze etappe op tot 13 graden Celsius. Af en toe schijnt de zon, bij een matige wind, dus al met al beleven we vandaag een dag met aangenaam herfstwandelweer.

Dijkwandeling en straten in Oost
Vanaf de Stuifweg gaan we de Waddenzeedijk over, om dan in zuidelijke richting buitendijks over het fietspad van Paal 19 naar Paal 17 langs het Overdiep – deel van de Waddenzee - te wandelen. 
Bijna halverwege kijken we even over de zeedijk, om van bovenaf Drijvers Vogelweid De Bol te bekijken, met daar ook de poldermolen.
Bij Paal 17 aangekomen, steken we de zeedijk over, om dan binnendijks naar het dorpje Oost te lopen. 
Het eerste deel van de weg door Oost is opnieuw bestraat, maar als we het dorp doorkruisen, komen we in het deel dat in het geheel geen bestrating meer heeft, dat nog wacht op het bestraten van de doorgaande weg door het dorp.

Tussen tuunwaltjes van Oost naar Oosterend 
Voorbij Oost verlaten we de Mosselweg, om dan tussen de Texelse ‘tuunwaltjes’ tussen de schapenweides met schapen door van Oost naar Oosterend te lopen. Het groene veldpad is doorgaans goed begaanbaar, maar over een stuk van ongeveer vijf meter staat het pad van tuunwal links tot tuunwal rechts geheel onder water. We kunnen alleen maar droog over, als we ons - vasthoudend aan het lange gras van de tuunwal - tegen de tuunwal klauterend verder voortbewegen, tot de plek waar het graspad weer droog begaanbaar is.
Om 10:00 uur wandelen we het – voormalige - vissersdorp Oosterend binnen.
Eerst passeren we het prachtige Texelse bronzen beeld van het schaap met de twee lammeren, staand vóór de oude Vermaning, de Doopsgezinde kerk.
Tussen de kleine huisjes van de Peperstraat wandelen we het dorpscentrum binnen.
Verderop draait de Peperstraat naar links, en dan komen we voorbij de plaatselijke supermarkt bij de dorpskerk van Oosterend. Bij de kerk in de Kerkstraat nemen we plaats op een zitbank, waarop we koffiedrinken en een broodje eten.

Dagwandeling tussen Oosterend en De Waal
Nu onderbreken we de doorgaande route van het Waddenwandelen tijdelijk, om – nu we toch hier zijn – een uitstapje te maken op een rondwandeling tussen Oosterend en De Waal.
Deze in de wandelgids genoemde ‘Dagwandeling Oosterend’ begint met route C1 in De Waal, om dan naar Oosterend te lopen, waarna route C2 volgt, van Oosterend terug naar De Waal.
Maar omdat Durkje en ik nu in Oosterend zijn, beginnen we met routedeel C2 van Oosterend naar De Waal, om dan straks nog volgens routedeel C1 van De Waal terug te lopen naar Oosterend.
Vanaf de kerk gaan we via de Peperstraat en de Kotterstraat het dorp uit, om dan langs de Oosterweg door te lopen tot aan de Westerbuurt aan het begin van Oost.
Hier gaan we de Zwinweg op, die ons voert naar het Buitenzwin. Aan de overzijde van die brede waterloop gaat de route verder over het akkerpad langs het Buitenzwin.
Rechts passeren we verschillende akkers – waaronder een maïsakker – die al zijn geoogst.

Langs het Eierlands Kanaal naar Eijerlands End
Het akkerpad buigt af naar de Schorrenweg, die we kruisen. Dan lopen we langs een brede sloot verder, totdat we bij de hoge polderdijk aankomen langs het Eierlands Kanaal.
We zien vandaag voortdurend vliegtuigjes rondcirkelen. Als die op de juiste hoogte zijn, springen groepjes parachutisten eruit, en dan zien we de kleurrijke parachutes met daaronder de  parachutisten langzaam dalen tot op het vliegveld tussen Zuid-Eierland en Midden-Eierland.
Wij lopen door het hoge en natte gras aan de voet van de polderdijk langs de rietkraag van het Eierlandse Kanaal. 
Dat graspad eindigt bij een huisje met de naam ‘Eijerlands End’.
Dat huis draagt een sierlijke geveldecoratie met diezelfde naam.

Plas-dras wandelen door de polder
Dan gaan we de Polder Waalenburg in. Voorbij de Natuurboerderij Plassendaal gaan we een graspad op, langs de Westerkolk, een grote ondiepe waterplas in het grasland.
Aan het hekwerk van het graspad hangt een bordje waarop staat dat de verdergaande toegang verboden is, maar wij blijven toch maar de in onze wandelgids aangegeven wandelroute volgen.
Bij een breed water aangekomen, gaan we – zoals aangegeven – verder langs de rietkraag, op zoek naar de plek waar we het water kunnen oversteken. Door het plas-dras grasland lopen we totdat we niet verder kunnen, en pas als we een eindje teruglopen, zien we verscholen in het riet de doorgang naar de houten brug waarmee we de brede waterloop kunnen oversteken.
Dan is het in het sompige grasland zoeken naar de volgende oversteek. Het natte grasland doorkruisend zien we op een gegeven moment een dam, waarmee we de oversteek kunnen maken. 
En dan staan we voor een braakliggende akker, waarvan de lagere delen onder water staan. Over de hogere akkerruggen lukt het ons om  - met de nodige voorzichtigheid - met droge voeten de akker over te steken, en dan komen we nog eens in een sompig grasland, waarmee we uiteindelijk dit uitermate natte gebied kunnen verlaten.
Op meerdere kaarten staat deze route wel als wandelpad aangeduid, maar eigenlijk is de route te onduidelijk en in dit jaargetijde niet geschikt om doorheen te ‘baggeren’. Maar goed, de aanhouder wint, en zo bereiken wij zonder vallen en opstaan de droge asfaltweg aan de andere zijde van de uitermate natte polderpercelen.

Voegen in De Waal
We volgen de asfaltweg naar de Zaandammerdijk. Die steken we over, om dan over een smal graspad en een akkerpad via de Groeneweg het dorp De Waal binnen te lopen. 
In De Waal gaan we eerst naar de dorpskerk met de hoge kerktoren. Een voeger is aan het werk om een deel van de kerkmuur herstellend te voegen.
Bij het gesloten cultuurhistorisch museum vinden we een zitplaats op het pleintje, waar we onze lunchpauze houden in de luwte van de dorpsbebouwing.
Na deze rustpauze lopen we over het Hogereind het dorp uit, naar de rotonde buiten De Waal.

Rond De Zandkes Kleiput
Over de Oosterenderweg verlaten we De Waal. Daarna volgen we de Spangerweg naar het buurtschap Spang.
Links zien we een eind van de weg af het bosje waarin een eendenkooi zit. Bij ’t Waagehuus bereiken we de Waddenzeedijk.
Dan gaan we over de dijk, om rond De Zandkes Kleiput verder te gaan.
Links hebben we vanaf Deltahoogte een mooi uitzicht over De Zandkes Kleiput, en rechts van ons over het water van de Waddenzee.
Op de grasdijk liggen veel restanten van door zeevogels gevangen en verorberde krabben.
Hier en daar zitten meeuwen en steltlopers tussen het zeewier op de basaltblokken op de grens van dijk en zee.

Binnendijks door Nieuweschild
Bij Paal 14 klimmen we weer de Waddenzeedijk over, maar nu van buitendijks naar binnendijks gebied. We komen dan door het buurtschap Nieuweschild, waar Friese dakdekkers van Roosma uit Aldemardum aan het werk zijn met het rietdekken van de grote daken van een riante nieuwbouwvilla.
Links van de asfaltweg is een veldje waar varkens lopen.
De vijf varkens staan met z’n allen boven op een bietenbultje, waar ze zich tegoed doen aan de suikerbieten.
Als we bij de Oostkaai het dorp Oosterend binnenwandelen, zien we twee zwaarbepakte wandelaars aankomen vanuit het dorp.

Terug naar de Maartenskerk van Oosterend
De beide mannen vertellen dat ze - net als wij - het rondje Texel wandelen volgens de route van het Waddenwandelen op Texel. Vader en zoon zijn zo zwaar bepakt, mede omdat ze ook hun tentje meedragen, waarin ze de nachten onderweg doorbrengen.
Als we verder lopen, ontmoeten we nog eens weer twee jongemannen (de twee andere zonen) met een hond, die met fikse rugzakken op ons tegemoet komen.
In Oosterend komen we langs onze auto. Onze rugzakken leggen we in de auto, en dan wandelen we het dorpscentrum van Oosterend binnen.  
We lopen langs de imposante 12e eeuwse Maartenskerk van Oosterend, de oudste kerk van Texel.
Aan de andere zijde van de kerk gaan we de supermarkt binnen, waar we de boodschappen halen voor de komende twee wandeldagen.
Vervolgens rijden we vanuit Oosterend naar de Stuifweg bij Paal 19, waar we onze fietsen afhalen bij bungalowpark Prins Hendrik.
Tot slot rijden we dan terug naar onze caravan op de boerderijcamping nabij De Waal.

WaddenWandelen op Texel van Strandslag Paal 21 naar Stuifweg Paal 19

Zondag 15 oktober 2023
 
Strandwandelen van Paal 29 naar Paal 30 op Texel

















Wandelroutes over zes Waddeneilanden
WaddenWandelen op Texel
Etappe van Strandslag Paal 21 naar Stuifweg Paal 19
Zondag 15 oktober 2023 – 24,7 km.
Dag 3: 34,6 – 59,3 km

Wandelzesdaagse op Texel
In 2013 gaf de ‘Stichting Wandelnet’ de wandelgids van Streekpad 4 uit. De titel van deze routegids is ‘WaddenWandelen’ en de subtitel is ‘Wandelroutes over zes Waddeneilanden’. In deze wandelgids kun je kiezen uit verschillende wandelingen op de Waddeneilanden Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en het Duitse eiland Borkum, met een totale wandelafstand van 276 kilometer.
Voor de maand oktober 2023 hebben Durkje en ik de zesdaagse wandeling op Texel geselecteerd. Die hele (Wadden-)wandeling op Texel heeft een totale lengte van 129,3 kilometer. Daarvan hebben we in april/mei 2013 als onderdeel van het Texelpad al de zogenoemde ‘Wandeling Dwars Over’ gedaan, met een lengte van 11,3 kilometer. De resterende 118 kilometers hebben we over zes etappes verdeeld, waarvan de derde –  van vandaag - een lengte heeft van 24,7 kilometer.

Fietsen in weer en wind
Om 7:00 uur staan we op in onze caravan op Camping Boerderij Hoogvliet bij De Waal op Texel, en om 8:15 uur verlaten we de camping, om dan met de beide fietsen achter op de auto naar het parkeerterrein bij hotel Prins Hendrik bij Paal 19 aan de Stuifweg nabij Oosterend te rijden. Hier laten we de auto achter, en dan fietsen we de 11,2 kilometers naar Strandslag Paal 21 ten noorden van De Koog, naar het strandpaviljoen aan de Noordzeezijde van Texel. Het is nog fris zo vroeg in de ochtend, want het is nog maar 6 graden Celsius. Bovendien waait het hard en moeten we vooral op stukken in westelijke richting pal in de wind op fietsen. Onderweg krijgen we ook met een lichte regenbui te maken, maar die duurt gelukkig niet lang en het is niet meer dan door de wind opgezweepte motregen.
Bij Strandslag Paal 21 stallen we onze fietsen op het parkeerterrein vóór de strandopgang. Om 9:30 uur beginnen we hier aan onze etappe van vandaag.

Fazanten en hazen op het pad 
Als we nog maar net over een graspad door de duinen van De Nederlanden lopen, zien we vier fazanten vóór ons op het pad.
We lopen op ze af, en de fazanten rennen dan enkele honderden meters voor ons uit over het graspad.
Op een gegeven moment verdwijnt één van de fazanten in het struikgewas, en verderop vliegen de andere drie fazanten op, en verdwijnen ze voor ons uit het zicht.
Nog een eindje verder zien we twee konijnen op het pad. Als ze ons zien, verdwijnt de ene rechts van het pad, en de andere links van het pad, in het struikgewas.
Nu, en ook de rest van de dag, is het uitermate wisselvallig weer. Links van ons komen donkere regenwolken over ons heen, en rechts van ons schijnt de zon uitbundig.
Maar we houden het hier in de duinen niet droog, want bij tijd en wijle regent het even, en zoeken we beschutting onder een groepje bomen of hoge struiken langs het pad. Steeds na zo’n vijf minuten kunnen we al weer droog verder.

Slag door De Nederlanden
Nadat we een eind door de duinen hebben gewandeld, komen we in een vlakker landschap, met graslanden tussen de duinen links en verderop rechts.
Op de Slag door Nederlanden komen we langs een langgerekt duinmeer. Langs het water staan enkele dode berken.
Er zitten al ettelijke zwammen aan de boomstam van de berken, die gestaag hun natuurlijke werk doen aan en in het dode hout van de berken.
Als we bij het natuurreservaat van De Slufter komen, kunnen we een heel eind in de verte al de vuurtoren op de kop van Texel zien staan.

Overstroomde paden in de Slufter
We volgen het bewegwijzerde pad, maar komen daarmee in De Slufter bedrogen uit, want in het natte gebied staat het pad vóór ons helemaal onder water, dus hier kunnen we zo niet verder.
Onverrichterzake lopen we een eind terug, om dan over de Slufterdijk naar de duinenrij te lopen.
Aan het eind van de Slufterdijk volgen we de voet van de Zanddijk in noordelijke richting. Een eindje verderop komen we op de plek waar het Waddenwandelen-pad door de Slufter had moeten aankomen bij de Zanddijk. Ook hier kun je zien dat het pad geheel onder water staat.
Dat heeft overigens te maken met het feit dat de Noordzee vrij spel heeft om aan de noordwestzijde van Texel door een gapend gat in de duinenrij het open gebied van De Slufter binnen te dringen.
Je kunt zien dat dat binnenstromen en overstromen hier ook daadwerkelijk plaatsvindt.
We kunnen langs de Zanddijk verder, maar dat betekent wel dat we aan de voet van de duinenrij op de scheiding met De Slufter over de hoger gelegen oeverdelen moeten lopen, waarop allerhande soorten plantenresten zijn aangespoeld op de vloedlijn. Als je daar op loopt, zak je elke keer diep weg in die aangespoelde plantenresten, maar je kunt hier zo dus wel lopen.
Op de plek waar we bij een oversteek over de duinenrij De Slufter verlaten, arriveert juist op dat moment een groep van bijna twintig deelnemers met een boswachter van Staatsbosbeheer, die hier beginnen met een excursie in De Slufter.

Door de Eierlandsche Duinen naar het Noordzeestrand
Aan de binnenzijde van de duinenrij staat langs het fietspad een zitbank, waarop we plaatsnemen voor onze koffiepauze van vanmorgen. We zitten hier achter de duin uit de wind van achteren, en in de zon van voren, dus een mooie plek om even te pauzeren met een broodje erbij.
Daarna volgen we het brede betonnen wandel- en fietspad tot aan het recreatiepark Sluftervallei in De Krim. Daar begint het fiks te regenen, dus we schuilen bij de Sluftervallei achter een immens billboard.
Als het even later weer droog is, wandelen we door de Eierlandsche Duinen in de richting van de Noordzee. Ook hier weer krijgen we te maken met een regenbui, maar in dit open duinenlandschap is er geen gelegenheid om te schuilen, dus we gaan gewoon door.
Bij de strandopgang van Paal 29 komen we bij de Noordzee.
De harde wind uit zee creëert hoge golven op zee.
Wij gaan het strand op, en lopen dan langs de vloedlijn in de richting van paal 30.
Af en toe moeten we even een kleine oversteek maken over een priel, waar de zee de lager liggende delen van het strand opzoekt. Een grote stap erover heen is wel genoeg om die oversteek te maken.

Langs de vuurtoren van Texel
Dan komt de vuurtoren van Texel in zicht.
De vuurtoren staat als een waar baken boven op een hoge duin.
Het rood en wit van de vuurtoren steekt met een mooi contrast af tegen de blauwe lucht en de witte wolken.
Bij de vuurtoren, de horeca en op de parkeerplaats is het een drukte van belang. Veel mensen trotseren weer en wind om hier toch de vuurtoren, de horeca en het strand van Texel te bezoeken.
Wij passeren de vuurtoren en de parkeerplaats en laten de vuurtoren al snel weer achter ons.
Als we achterom kijken, zien we rechts van de vuurtoren boven de horizon de mooie kleuren van de regenboog.
De wandelroute verlaat de doorgaande asfaltweg, om dan over een heel smal paadje tussen het duinmeertje van De Robbenjager rechts van ons en de hoge duinenrij links van ons verder te gaan.
Over smalle zandpaadjes tussen hoog opgaande struiken gaan we prachtig voort. 

Kaap Noord
Dan komen we bij Paal 33 aan bij het restaurant van Kaap Noord. 
Daar gaan we naar binnen, want een kop warme chocolademelk is voor ons op zo’n stormachtige en koude wandeldag een ware traktatie onderweg.
Het is buitengewoon druk binnen, en vlak nadat wij binnen zijn gekomen, zijn alle tafels bezet, dus dit is big business voor de horeca op zo’n frisse najaarszondag in de herfstvakantie.
Vanaf de plaats waar we zitten, zie ik de boot van de robbentocht aanmeren aan de hoge houten steiger verderop.
Als we even later vanuit het restaurant naar die veerbootsteiger (tussen Texel en Vlieland) lopen, komen ons zo’n vijftig passagiers tegemoet, die mee zijn geweest op de robbentocht van dat schip. Ze wandelen af op het restaurant van Kaap Noord, dus daar zal het straks nog moeilijker worden om er een tafeltje te krijgen voor een consumptie in dat restaurant.

De Schicht van de Deltawerken Texelse Zeedijken
We zijn nog maar net buiten of het begint al weer te regenen. Weer zo’n bui van ongeveer vijf minuten, zoals we die vandaag eerder al enkele malen hebben gehad.
Als het weer droog is, gaan we de Stengweg op, en lopen we langs de dijk naar De Cocksdorp. 
Ook daar begint het weer te regenen. We zoeken en vinden een plaats bij de dorpskerk om een broodje te eten en iets te drinken. 
Daarna verlaten we De Cocksdorp, om over de zeedijk naar het monument De Schicht te lopen. 
Dit is het monument dat hier is opgericht ter herinnering aan de Deltawerken van de Texelse zeedijken, gedurende de jaren 1961-1981, als reactie op de Watersnoodramp van 1953.

Natuurreservaat Dorpzicht
Voorbij De Schicht gaan we de polder in ten zuiden van De Cocksdorp. Door dit Natuurreservaat Dorpszicht is een route aangelegd dat rond de plas-dras graslanden in deze polder gaat. De graslanden zijn plas-dras en staan op meerdere plekken deels onder water, maar dat geldt zeker ook voor het graspad waarmee we deze laaggelegen polder doorkruisen. Met de nodige aandacht en voorzichtigheid lukt het ons toch om met droge voeten dit natuurreservaat weer uit te wandelen.
Over de Hollandse Weg en over een halfverhard karrenspoor in het verlengde daarvan lopen we naar het Eierlands Kanaal.

Voetveer en polderroute
Daar ligt een zelfbedieningsvoetveer, waarmee we op eigen kracht het kanaal vlot over kunnen steken.
Over eerst de grasdijk en later de Eendrachtsweg lopen we door de polder naar de Stuifweg. Over de Stuifweg wandelen we tot slot naar Paal 19 bij de Waddenzeedijk, waar we bij het Bungalowpark Prins Hendrik onze auto hebben staan.
Met de auto rijden we dan om 15:45 uur eerste naar Strandslag Paal 21, waar we onze fietsen afhalen, waarna we tenslotte terug rijden naar onze camping nabij De Waal. Het is nu lekker zonnig weer, maar de temperatuur is nog maar 9 graden Celsius. Ook de rest van de middag blijft het wisselvallig weer, met af en toe een buitje en zonneschijn.

WaddenWandelen op Texel van ’t Horntje naar Strandslag Paal 21

Zaterdag 14 oktober 2023
 
De duin op bij Paal 11,48 op Texel

















Wandelroutes over zes Waddeneilanden
WaddenWandelen op Texel
Etappe van ’t Horntje naar Strandslag Paal 21
Zaterdag 14 oktober 2023 – 23,1 km.
Dag 2: 11,5–34,6 km

Wandelzesdaagse op Texel
In 2013 gaf de ‘Stichting Wandelnet’ de wandelgids van Streekpad 4 uit. De titel van deze routegids is ‘WaddenWandelen’ en de subtitel is ‘Wandelroutes over zes Waddeneilanden’. In deze wandelgids kun je kiezen uit verschillende wandelingen op de Waddeneilanden Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en het Duitse eiland Borkum, met een totale wandelafstand van 276 kilometer.
Voor de maand oktober 2023 hebben Durkje en ik de zesdaagse wandeling op Texel geselecteerd. Die hele (Wadden-)wandeling op Texel heeft een totale lengte van 129,3 kilometer. Daarvan hebben we in april/mei 2013 als onderdeel van het Texelpad al de zogenoemde ‘Wandeling Dwars Over’ gedaan, met een lengte van 11,3 kilometer. De resterende 118 kilometers hebben we over zes etappes verdeeld, waarvan de tweede –  van vandaag - een lengte heeft van 23,1 kilometer.

Beginnen bij de veerboot in ‘t Horntje
Om 7:00 uur staan we op in onze caravan op Camping Boerderij Hoogvliet bij De Waal op Texel, en om 8:15 uur verlaten we de camping, om dan met de beide fietsen achter op de auto naar het parkeerterrein bij het strandpaviljoen van Strandslag Paal 21 bij De Koog te rijden. Hier laten we de auto achter, en dan fietsen we de 13,5 kilometers naar ’t Horntje, naar de veerboothaven van Texel. Daar stallen we onze fietsen, en drinken we binnen in het havenrestaurant eerst een kop koffie.
De man die een eindje verderop ook koffie zit te drinken, loopt buitenom naar de wachtruimte van de veerbootmaatschappij TESO. Even later komt hij opgewonden terug bij de bediende in het restaurant en vertelt dat hij zijn telefoon in de toiletruimte van de wachtruimte heeft laten liggen, en dat die ruimte nu op slot zit. De bediende vertelt dat hij dan pas maandag weer over zijn smartphone kan beschikken, omdat alle deuren in de wachtruimte dan pas weer open gaan. Ik schat in wat er fout gegaan kan zijn, en vraag de man even met me mee te lopen. Dan wijs ik hem op het trappetje naar beneden naar de toiletruimte om de hoek, waar ik zojuist ook even ben geweest. Nu pas ziet de man – een migrant – dat hij op zoek naar zijn smartphone abusievelijk voor de afgesloten deur van een schoonmaakruimte heeft gestaan. Door de spanning van het verliezen van zijn telefoon zag hij de lager gelegen deur van de toiletruimte niet meer. We gaan er naar binnen, en daar ligt inderdaad zijn telefoon in de toiletruimte. Met grote opluchting en blijdschap bedankt hij me hartelijk voor mijn hulp.
Om 9:45 uur beginnen Durkje en ik hier aan onze etappe van vandaag.

Rond de Mokbaai
Omdat de wind inmiddels is gedraaid van het zuidwesten naar het noordwesten, is de stroming van de warme lucht veranderd in koude lucht. De temperatuur is derhalve vannacht behoorlijk gedaald tot net boven de tien graden Celsius, en het waait de hele dag hard, dus het was zojuist een frisse en stevige fietstocht van De Koog naar ’t Horntje.
Als we de zeedijk op gaan, merken we pas hoe guur het weer is, vanwege de lage temperatuur en de harde wind. Vanaf de zeedijk hebben we het uitzicht op Den Helder, aan de overzijde van het Marsdiep, waarop overigens op dit moment de veerboot vaart van Texel naar Den Helder.
We wandelen buitendijks langs de oever van de Mokbaai, en volgen daarbij de wegwijzers van het streekpad ‘Waddenwandelen’.
Verderop lopen we binnendijks over het Mokwerk en langs het binnenmeertje van De Petten, waar een grote groep vogelaars bezig is met het observeren en fotograferen van de watervogels in en bij De Petten.
Voorbij deze vogelaars gaan we buitendijks verder en dan lopen we met een wijde boog links om de Mokbaai heen.
Daarna gaan we door de Karhoek over de Mokweg, met de Mokbaai aan onze linkerzijde. In de berm zien we enkele mooie paddenstoelen in de berm langs de Mokweg.

Strandwandelen langs de vloedlijn
Waar we de Mokbaai achter ons laten, lopen we zuidelijk van De Geul het duinengebied in van de Kelderhuispolder. 
Door die Kelderhuispolder wandelen we naar De Horsmeertjes in de duinvallei.
Vervolgens maken we de oversteek over prachtige duinpaden naar de hoge duinen langs de Noordzeekust.
Door het rulle duinzand klimmen we over de laatste duinenrij richting strand en zee.
In De Hors bereiken we de zee bij Paal 8.
Van Paal 8 lopen we naar Paal 9. Hier en daar ligt een kwal op het strand.
We wandelen langs de vloedlijn van Paal 8 richting Paal 9.
Hier en nu op het strand merken we pas echt hoe hard het vanuit het noordwesten waait. We moeten opboksen tegen de stormachtige wind die over zee en strand ons met kracht tegemoet komt. De schuimvlokken van de branding vliegen met gezwinde vaart rollend over het strand. Linksboven de zee en rechtsboven de duinen zien we de regenboog.
De routegids geeft aan dat we bij Paal 11,48 het strand moeten verlaten, om dan de hoge duinenrij over te steken.

Door Bollekamer en Westerduinen
Het is nu twaalf uur, dus een mooi moment voor onze lunchpauze. Aan de binnenzijde van de duinenrij staat een zitbank, het ‘Heb ik je vandaag al gezegd dat ik van je hou’- bankje.
Daarop nemen we plaats voor een korte pauze, om een broodje te eten en iets te drinken.
Daarna gaat de route landinwaarts verder over het Kompas Pad door een mooi gebied van duin en heide van de Bollekamer.
We lopen daarna door de Westerduinen. Op een duinpad langs een boszoom ligt een door weer en wind verweerde tak in de vorm van een kruishout.
Bewegwijzerd volgen we ook hier de mooi paden door het open landschap van de duinen. Slechts hier en daar staat een hoge struik of een boom. Daar hebben we geluk mee, want op een gegeven moment begint het licht te regenen. Het is maar motregen, maar door de harde wind komt die zachte regen ook hard aan. Vandaar dat we even in de luwte van een groepje bomen en struiken schuilen voor de combinatie van wind en regen. Boven ons trekt een grote regenwolk over ons heen, maar om ons heen is sprake van een mooie helderblauwe lucht met hier en daar dikke witte wolken. We hoeven gelukkig niet lang te wachten, want even later is het al weer droog, en wandelen we in het najaarszonnetje vrolijk verder.

Door vallei en schuim
Daarna gaan we door het bosgebied van De Dennen. We passeren in dit Nationaal Park Duinen van Texel verderop de Moksloot, en komen dan in de uitgestrekte Bleekersvallei. 
Door de Bleekersvallei lopen we terug naar de hoge duinenrij, op naar het strand. Vlak voordat we de laatste hoge duin vóór de zee willen oversteken, zien we rechts van ons zandpad een konijn zitten, die geen aanstalten maakt om te vluchten als we hem naderen. Dit konijn is behoorlijk ziek; ziet er qua vacht niet goed uit, en zijn achterpoten en heup functioneren nauwelijks nog. Dit konijn zal vast en zeker geen lang leven meer beschoren zijn. 
Even later nemen we de steile strandopgang richting strand en zee.
Bovenop de duin krijgen we een prachtig zicht over de zee en het strand van Paal 16,44.
Over het strand lopen we naar de vloedlijn.
Dan volgen we wederom tussen het wegwaaiende witte zeeschuim de witte vloedlijn naar Paal 17.
 

De Koog
Bij Paal 17 gaan we vanaf het strand over de hoge zeekering weer landinwaarts. Dan volgt nog eens weer een lange wandeling door de duinen, nu in de richting van De Koog.
Maar voordat we daar aankomen, maken we eerst nog een boswandeling over de brede bospaden van het bosperceel ten zuidwesten van De Koog.
In De Koog doorkruisen we de hele Dorpsstraat van zuid tot noord, en voordat we De Koog verlaten, pauzeren we nog even in een abri aan de rand van de bebouwde kom.
Daarna hoeven we alleen nog maar door het bosperceel ten noordwesten van De Koog te gaan, om even later op de parkeerplaats bij Strandslag Paal 21 te arriveren, waar we vanmorgen onze auto hebben geparkeerd.
Op de terugweg halen we in De Koog eerst nog boodschappen voor de komende twee wandeldagen, alvorens we naar het haventerrein van de veerboot in ’t Horntje terug rijden. Daar halen we onze fietsen af, en tot slot rijden we dan terug naar onze camping bij De Waal.

WaddenWandelen op Texel - Dagwandeling B1 Den Hoorn

Vrijdag 13 oktober 2023
 
Bij het Boetje van Klemat op Texel

















Wandelroutes over zes Waddeneilanden
WaddenWandelen op Texel
Dagwandeling B1 Den  Hoorn
Vrijdag 13 oktober 2023 – 11,5 km.
Dag 1: 0-11,5 km

Wandelzesdaagse op Texel
In 2013 gaf de ‘Stichting Wandelnet’ de wandelgids van Streekpad 4 uit. De titel van deze routegids is ‘WaddenWandelen’ en de subtitel is ‘Wandelroutes over zes Waddeneilanden’. In deze wandelgids kun je kiezen uit verschillende wandelingen op de Waddeneilanden Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en het Duitse eiland Borkum, met een totale wandelafstand van 276 kilometer.
Voor de maand oktober 2023 hebben Durkje en ik de zesdaagse wandeling op Texel geselecteerd. Die hele (Wadden-)wandeling op Texel heeft een totale lengte van 129,3 kilometer. Daarvan hebben we in april/mei 2013 als onderdeel van het Texelpad al de zogenoemde ‘Wandeling Dwars Over’ gedaan, met een lengte van 11,3 kilometer. De resterende 118 kilometers hebben we over zes etappes verdeeld, waarvan de eerste – van vandaag - een lengte heeft van 11,5 kilometer.

De eerste halve Dagwandeling B vanuit Den Hoorn
Om 8:00 uur staan we op in onze caravan op Camping Boerderij Hoogvliet bij De Waal op Texel, en om 9:30 uur verlaten we de boerderijcamping, om dan met de auto naar Den Hoorn te rijden. Daar laten we de auto achter, en dan begint vandaag vanuit het dorpscentrum onze eerste etappe van deze zesdaagse wandeling .
Aanvankelijk waren we van plan om hier een vijfdaagse wandeling van te maken, maar de weerberichten deden ons gisteravond iets anders besluiten. Gisteren zijn we van Feinsum naar Texel gereden, om vannacht en de komende nachten op Texel te kamperen op de Camping Boerderij Hoogvliet bij De Waal. Het plan was aanvankelijk om vandaag de etappe van ’t Horntje naar Strandslag Paal 21 te lopen, maar die etappe schuiven we door naar morgen, als het beter weer is.
Voor vandaag wordt namelijk slecht weer voorspeld. Het zal de hele dag vaak en veel regenen, en bovendien krijgen we te maken met een stormachtige zuidwestenwind met af en toe zware windstoten. Op de Buienradar hebben we gezien dat de kans op regen het kleinst is tussen 10:00-13:00 uur, en dat er dan bovendien sprake is van heel geringe neerslag. Dat tijdsvenster is te kort om een etappe van ruim 23 kilometer (etappe 1) te lopen, maar een kortere route zou binnen die drie uren wel mogelijk zijn. 
Nu is het zo dat de Dagwandeling B van Den Hoorn bestaat uit twee rondjes van respectievelijk 11,5 kilometer (B1) en  11,1 kilometer (B2). Als we op de zesde wandeldag route B2 lopen, kunnen we na afloop nog heel goed met de boot de oversteek maken naar Den Helder, om dan op een geschikte tijd - aan het eind van de middag - weer in Feinsum aan te komen. En vandaag zouden we dan de 11,5 kilometers van B1 prima kunnen lopen in dat betrekkelijk droge tijdsvenster van 10:00-13:00 uur, dus: zo gezegd, zo gedaan. Vandaag wandelen we 'Dagwandeling B1 Den Hoorn'.

Pelgrims van start bij het witte kerkje van Den Hoorn
Om 10:20 uur staan we in het dorpscentrum van Den Hoorn gereed voor vertrek van deze etappe. Het is nog droog, dus de regenkleding hoeft nog niet aan. 
We lopen over de Kerkstraat naar het beroemde witte kerkje van Den Hoorn. Daar vallen Durkje en ik als pelgrims direct met de neus in de boter, want als we het kerkhofpad op lopen, zien we op de bestrating direct een metalen Jacobsschelp
Bij het toegangshek van het kerkhof staat een paal met daarop een wegwijzer voor pelgrims, met daarop een gele caminopijl en gestileerde Jacobsschelp op de camino-blauwe ondergrond. 
Toen Durkje en ik onze vierde klassieke pelgrimsroute – via Parijs op de Via Turonensis – in Nederland begonnen, vingen we deze pelgrimage vanuit Noord-Holland aan in Den Oever, en bewandelden wij eerst het pelgrimspad ‘Van Wad tot IJ', om daarna verder te lopen over andere pelgrimspaden door Nederland, België, Frankrijk en Spanje.
Noord-Hollandse pelgrims zouden echter nóg noordelijker kunnen beginnen, namelijk op Texel. En dat is mede de aanleiding geweest om enkele jaren geleden het witte kerkje van Den Hoorn aan te wijzen als de startlocatie voor pelgrims die vanuit Noord-Holland willen gaan pelgrimeren naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela. 
En hier staan we dus op die plek waar de pelgrimage voor Noord-Hollanders en voor anderen die hier willen aanvangen kan beginnen. 
Omdat het licht begint te regenen, trekken we voor de zekerheid in de luwte van deze kerk alvast onze regenkleding aan, en daarna laten we het witte kerkje en Den Hoorn achter ons.

Hekkelen langs de Oude Weg
Over de Westerweg lopen we in noordelijke richting, tot aan de afslag van de Oude Weg. Aan het begin van de Oude Weg staat met borden aangegeven dat deze weg is afgesloten voor verkeer, maar dat de aanliggende bedrijven bereikbaar zijn. De verkeersregelaar bij dit bord komt in dit ruige weer niet uit de auto, en laat ons ongehinderd toch deze weg op gaan.
Daar passeren we een eind verderop iemand die met een tractor de sloot rechts van de weg hekkelt. De maaier aan de voorzijde van de tractor maait het gras en riet, en een draaiende installatie van brede vorken draait aan de achterkant van de tractor dan het gemaaide van onder uit de slootwal naar boven om het in de berm te storten.

Verkeersregelaar uit Yemen tussen harde wind en warme gevoelens
Op de T-splitsing van de Oude Weg en de Rommel Pot – waar de duinen beginnen – is de weg rechtsaf door meerdere objecten geheel afgesloten. Toch staat er een verkeersregelaar bij het hoge hek. Hij staat hier in de stormachtige wind helemaal alleen in het open veld, met overigens wel goed beschermende kleding aan, en het is weliswaar niet koud, maar wel een uitdaging om hier op zo’n stil weggetje vol in de stormwind als verkeersregelaar te staan. 
We stappen even op hem af om een praatje met de man te maken. Hij spreekt Engels, en vertelt ons dat hij afkomstig is uit Yemen, dat hij vanwege de onveilige situatie in Yemen zo’n negen jaar geleden zijn thuisland al moest ontvluchten. Hij woont inmiddels in Enkhuizen en heeft een verblijfsvergunning voor Nederland. Zijn vrouw en hun twee zonen van 18 en 17 en hun dochter van 10 jaar verblijven bij haar ouders in Dubai, waar hij geen visum voor kan krijgen. Hij straalt als hij ons vertelt dat - "Thank God" - zijn vrouw en drie kinderen over een maand vanuit Dubai naar Nederland komen, waar het na negen jaar herenigde Yemenitische gezin dan in Enkhuizen mag gaan wonen. We wensen hem en zijn binnenkort herenigde gezin veel geluk in Nederland, en hopen dat ze hier een goede tijd mogen beleven.

Met harde tegenwind langs De Bonte Belevenis
Langs de rand van de duinen lopen we in zuidelijke richting over de Rommel Pol. De rechterzijde van het asfaltwegdek is weggehaald, want hier worden momenteel de voorbereidingen getroffen om van deze brede weg een smallere eenrichtingsweg met naastliggend fietspad te maken.
Verderop gaan we bij De Mient naar binnen bij De Bonte Belevenis, de winkel in, waar een groot aantal zelfgeproduceerde producten wordt verkocht, zoals kaarsen, zeep, whisky en bier. We maken een rondgang door de winkel met deze ambachtelijke producten, en maken een praatje met de verkoopster die deze winkel vandaag beheert.
Buiten gaan we de Rommel Pol weer op, en dan lopen we pal in de harde wind op, met af en toe stevige windstoten.

Kamperen in de duinen van Loodsmansduin bij Den Hoorn
Verderop wandelen we de bebouwde kom van Den Hoorn weer binnen, en links van ons zien we dan weer het witte kerkje in de verte.
Over de Witteweg lopen we langs de duinen naar de duincamping Loodsmansduin, waar Durkje en ik vroeger ook met onze kinderen en met ons Witrussische gastkind Aksana wel hebben gekampeerd. Het valt ons op dat het eerste gedeelte van dit kampeerterrein momenteel is bebouwd met duinbungalows, en dat verderop een groot aantal camperplaatsen is gecreëerd. Daar pauzeren we kort voor een broodje op een picknickbank van één van de leegstaande trekkershutten. 
Pas daarna komen we op het ons van vroeger bekend zijnde kampeerterrein, waarin op de duinen en in de duinpannen ook momenteel wordt gekampeerd met tenten en caravans.

Wolwerk van Hendrikje in het Boetje van Klemat
Ten zuiden van Loodsmansduin gaan we verder langs en door de duinrand van Pietersduin.
Met een grote bocht lopen we door De Kuil over de Mokweg weer terug in de richting van Den Hoorn.
We passeren onderweg het zogenoemde Boetje van Klemat, een hele oude Texelse schapenboet (schuur), die in het Klemat staat, het oude land van Den Hoorn.
We gaan er naar binnen, want langs de weg staat aangekondigd dat er een atelier is gevestigd in deze boet. 
Binnen valt direct het grote wollen kunstwerk op, dat de naam van ‘Het hart van Venus’ heeft gekregen. Vanuit dit wollen kunstwerk – waar ook één persoon in kan – klinkt een kloppend hart.
Rondom deze wollen kunstinstallatie hangen schilderijen, die evenals het wolwerk zijn gemaakt door kunstenares Ericka Voortman, die als artiestennaam Hendrikje hanteert.
We kunnen om het wollen kunstwerk heen lopen, de schilderijen bekijken, en er liggen kunstkaarten te koop voor wie ze wil meenemen.

Mediterrane klaver en de Hollands-Friese oorlog
Verrast zijn we als we even later voorbij deze boet in de berm een roodbloeiende klaversoort ontdekken, die we helemaal niet kennen. 
Bij nader onderzoek blijkt het een Mediterrane soort te zijn, met als naam Inkarnaatklaver. Een Texelaar komt voorbij, en als we hem wijzen op deze klaversoort, vertelt hij dat hij de plant wel eens heeft zien staan, maar daar verder geen aandacht aan had geschonken. Hij bedankt ons dat we via Google Lens hebben uitgezocht welke klaversoort dit is, en dat we dat hier even met hem delen.
Als we arriveren bij de kruising met de Stolpweg zien we ook hier – maar nu buiten in het veld – een in het oog springende grote installatie staan van Hendrikje, getiteld 'Vloedlijn'.
Aan de overzijde van de Stolpweg komen we langs een zwerfsteen, waarop een plaat is bevestigd waarop staat dat op deze plek de nederzetting Oude Horn in het jaar 1398 is verwoest door de Friezen. Dit monument is derhalve een herinnering aan de Hollands-Friese oorlog van 1398, waarin de bewoners van Oude Horn vluchtten naar het nabijgelegen Clijf, dat later de naam Den Hoorn kreeg.

De storm van Den Horn en de Hoornderweg
We gaan een hoge polderdijk op bij de oude havensluis van Den Horn. Daar krijgen we de volle laag van de tot stormkracht groeiende wind. 
Als we op De Grie bij boerderij De Grie komen, begint het ook nog serieus te regenen, dus daar trekken we onze regenkleding aan. Dat blijkt overigens geen overbodige handeling te zijn, want als we even later verder lopen naar de Hoornderweg, worden we door de zeer harde windstoten en de stormachtige wind herhaaldelijk bijna van de weg gewaaid, en als we dan op de T-kruising bij de Hoornderweg aankomen, begint het nog harder te waaien en ook nog harder te regenen.
Op de Hoornderweg moeten we nu pal in de wind op, richting Den Hoorn lopen. De fikse regen en de stormachtige wind met zware windstoten geselen ons van voren. 
Maar we zetten door en houden vol, dus verderop bereiken we over het fietspad uiteindelijk het begin van de bebouwde kom van Den Hoorn.

Terug in de luwte van Den Hoorn
Hier op deze entree van Den Hoorn staat een grote witbeschilderde zwerfsteen. Dit kunstwerk van Leny van ’t Noordende kreeg als titel ‘Zwerfstien’, en daarop schilderde de kunstenares een groot aantal afbeeldingen met jaartallen, die samen de ontstaansgeschiedenis van het zuiden van Texel verbeelden.
Als we dan de bebouwde kom van Den Hoorn binnenwandelen, profiteren we van de bebouwing aan onze linkerhand, want nu kunnen we in de luwte van die gebouwen op een veel rustiger wijze het dorp doorlopen, totdat we arriveren in het dorpscentrum van Den Hoorn, waar voor ons vandaag om 13:30 uur deze Dagwandeling B1 eindigt.
In een abri trekken we onze regenkleding uit, en eten we nog het resterende broodje, alvorens we door regen en stormwind met de auto vanuit Den Hoorn terugrijden naar onze boerderijcamping nabij De Waal op Texel.

donderdag 12 oktober 2023

Cultureel geograaf Jaap Lengkeek over ‘Het moderne reizen’

Woensdagavond 11 oktober 2023
 
Lezing van Jaap Lengkeek in Utrecht

Altijd weer op reis: waarheen, waarvoor?
De Camino Academie is een platform waar wetenschap en pelgrims elkaar vinden in gedeelde academische interesse rondom het fenomeen ‘pelgrimage’.
Deze Camino Academie organiseert dit najaar drie lezingenavonden rond het thema van ‘Het moderne reizen’. 
Reizen is een fenomeen dat in de loop der tijden steeds andere vormen aanneemt. 
In een lezingencyclus van drie avonden staan we met drie reisexperts kritisch stil bij de actuele reislust.
Deze lezingenavonden vinden plaats in Huize Cervantes te Utrecht.

Het moderne reizen bevraagd
De corona-crisis (2020) zette veel stop, en vooral het op reis gaan werd gemist. 
Inmiddels (2023) is het palet aan reizen weer uiterst divers, bijvoorbeeld: all-in reizen, groepsreizen, actieve reizen, thematische reizen, etc. 
Je kunt je afvragen of pelgrimeren naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela ook een vorm van een themareis is, als naadloos passend in de trend van actieve reizen. Tal van vragen dringen zich dan op, zoals: 
  • Wat bezielt de toerist? 
  • Wat zoekt de reiziger? 
  • Waardoor worden reizigers gedreven? 
  • Is reizen een vlucht uit het leven van alledag? 
  • Schaffen we in de reis de werkelijkheid even af? 
  • Is inderdaad de pelgrim een halve toerist, en de toerist een halve pelgrim?
‘Het moderne reizen’ roept dus vragen op. 
In deze drie avondlezingen van de Camino Academie worden dergelijke vragen aan de orde gesteld.

Jaap Lengkeek over toeristen en hun reisverhalen
De eerste spreker was filosoof Ruud Welten op 27 september 2023.
De tweede spreker is emeritus professor dr. Jaap Lengkeek, oud-hoogleraar culturele geografie aan de universiteit van Wageningen, en bedenker en uitwerker van het concept ‘homo turisticus’. Recent verscheen van zijn hand: ‘Het eeuwige leven van reisverhalen. Waarom we altijd erop uit willen’.
Lengkeek stelt in het begin van zijn avondlezing voorop dat hij de pelgrimage ook beschouwt als een vorm van toerisme.
Lengkeek is voor zijn verdergaande onderzoek inzake toerisme gedoken in de oude reisliteratuur, die terug gaat tot zo’n viereneenhalfduizend jaar geleden. Deze reisverhalen hebben een enorme overlevingskracht, tot zelfs ook over millennia heen.
We bespreken vanavond onder andere: waarom mensen reizen, sinds wanneer mensen reizen, en wat reisverhalen uit het verleden ons leren over het nu.

I. Reizen in de oudheid
Het eerste reisverhaal waarover Jaap Lengkeek vertelt, is de zogenoemde Gilgamesh epos, handelend over Gilgamesh, de sterke man die de reus versloeg, en die dan – op reis gaand en zijnd–het fenomeen van ‘de dood’ wil verkennen. Dat dit reizen (toerisme) van Gilgamesh veel schade kan aanrichten, wordt in dit verhaal geïllustreerd. In dat opzicht zou je kunnen zeggen dat toerisme ook een soort van grensoverschrijdend gedrag is. Dit verhaal gaat over macho’s, over grenzeloos respectloos gedrag, tot voorbij de grenzen van de dood. Zijn reis resulteert overigens wel in de stelling dat Gilgamesh wijs is geworden door zijn reis.

Variaties hierop in doelen en soorten grenzen
Lengkeek zijn tweede reisverhaal gaat over Herodotos, die - nieuwsgierig van aard – op onderzoek gaat naar wat elders is, en naar wat daar (elders) vroeger was.
Het derde reisverhaal gaat over Mirabilia, over allerlei wonderlijke zaken die worden aangetroffen in tempels. Pausanius schreef een uitgebreide gids over wat je in de tempels allemaal kunt vinden. Die tempels waren niet alleen in trek op grond van religie, maar ook omdat er anderszins wonderbaarlijke zaken waren te zien en te beleven.
Het vierde reisverhaal is van Horatius, die verhaalde over zijn vriendentochtje en Moezelreisje, met daarin mooie verhalen over onder andere sport, lekker eten en over vakantieliefdes. Er is dus niet veel nieuws onder de zon.
De Romein Plinius schreef zijn ‘Naturalis Historia’, met breed georiënteerde reisbeschrijvingen over van alles en nog wat, tot bijvoorbeeld ook beschrijvingen van de op locaties aangetroffen gesteenten.
Dergelijke reisverhalen gaan vaak over het overschrijden van grenzen - van landen en tijden - en over het voortbestaan in drukke tijden.
Al die oude reisverhalen -afkomstig uit tijden met een ander wereldbeeld en met een andere visie op onze wereldbol - hebben later een grote invloed gehad op het denken van filosofen, geografen en schrijvers.

II. Met religieuze bagage
Het volgende verhaal – verteld door Jaap Lengkeek – is het verhaal van Egeria, die het Oude Testament als reisgids gebruikte, om aan de hand van de in de Bijbel genoemde plekken die locaties te bezoeken. Zo komt Egeria bijvoorbeeld op de berg Nebol, waarvan in de Bijbel wordt geschreven dat Mozes op die berg stond, en hij vanaf die berg wel over het Heilige Land mocht uitkijken, maar dat Mozes dat land niet mocht binnengaan. Zo beschrijft Egeria ook dat ze op de bijbelse plek was waar Lot in een zoutpilaar veranderde. 
Als je zelf op zulke - in reisverhalen beschreven - locaties zou staan, zouden dergelijke reisverhalen je een context kunnen geven van wat je daar ziet.
Naast deze bijbels georiënteerde reisverhalen zijn er nog veel meer reisverhalen van reizigers binnen bijvoorbeeld andere grote godsdiensten (zoals uit het Boeddhisme (over kloosters en reizigers), en bijvoorbeeld  ook de Hadj en de handel van moslims), maar om de presentatie nu niet al te lang te maken, worden die vanavond niet besproken.

Reizen en verhalen
Uit oude verhalen van islamitische reizigers komt naar voren, dat zij tijdens hun reizen vooral ook waren gespitst op aspecten zoals (anderssoortige) woningen, (verschillend) uiterlijk, (verschillend qua) kleding, (gebrek aan) hygiëne, (andere vormen van) sexualiteit, (andere) eetgewoontes, (zichtbare) afgoderij, (onbekende) begrafenisrituelen, en vreemde verhalen (over bijvoorbeeld reuzen).
We onderscheiden ook lange afstandsroutes, bijvoorbeeld tussen Europa en Azië (zoals bijvoorbeeld de Zijderoute, en de verhalen van Marc ‘o Polo). Zo zijn er reisverhalen bekend van handelaren en diplomaten, en verhalen over reizende predikers die zelfs tot China reikten. Maar evengoed zijn er ook reisverhalen bekend over dronkenmanspartijen, en over martelaren die door islamieten gedood werden omdat ze christenen waren.
Naar de inhoud van reisverhalen gezien, zie je grote verschillen, zoals bijvoorbeeld verhalen over wonderen, over vreemd uitziende monsters, en over zoektochten naar het zogenoemde aardse paradijs, want ja, ergens in het Midden Oosten zou toch ook het aardse paradijs moeten zijn, dus daar is in vroeger jaren dan ook enorm naar gezocht. Zo was de Bijbel – met daarin het verhaal over het aardse paradijs - bijvoorbeeld een grote beweegreden om op zoek te gaan naar het paradijs op aarde.
De auteur John Mandeville schreef veel reisverhalen, die een literair succes werden. 
Het is overigens opmerkelijk om in de verhalen uit de Middeleeuwen te zien welk mensbeeld men toen had van vermeend bestaande uitzonderlijke personages, zoals mensen met maar één been, eenogen, tweehoofdigen, mensen zonder hoofd op de romp, of mensen met hondenkoppen. Ook daarover bestaan allerlei verschillende, fantastische reisverhalen.

III. Nuttige reisinformatie
En zo onderscheiden we ook reisverhalen die nuttig kunnen zijn, bijvoorbeeld verhalen over de scheepvaart, over profijt, strategie en nieuwsgierigheid.
Het wereldbeeld van de ontdekkingsreiziger Christoffel Columbus wordt ook wel ‘de tepel van Columbus’ genoemd. Columbus beschouwde het aardse paradijs in de vorm van een soort tepel boven op onze aardbol. Columbus ging de wereldzeeën over, op zoek naar het aardse paradijs (wat al een hele oude gedachte was) om daar goud te vinden, in de veronderstelling en in de hoop dat dat goud vanuit het aardse paradijs (vanuit die tepel op de aardbol) ergens over de aarde zou stromen.
Dan kennen we ook het reisverhaal ‘La Relación’, het verhaal van de wereldreiziger Amerigo Vespucci. Zijn reisverhalen werden door hem in brieven naar zijn thuisland gezonden, waar men dan kennis kon nemen van Vespucci’s reisverhalen. 
Van allerlei reizen over de wereld werden de reisverhalen verzameld, en daarvan werden later – in de vorm van compilaties - nuttige reisverhalen geschreven.
Een groot voordeel van de uitvinding van de boekdrukkunst is, dat vanaf dat moment al die reisverhalen die werden geschreven, en de afbeeldingen van die reizen (bijvoorbeeld in de vorm van prenten) voortaan terecht kwamen in gedrukte en vermenigvuldigde (reis)boeken. Verder werden er toen ook atlassen en globes gemaakt. In de boeken met reisverhalen uit die tijd worden ook allerlei hoogte- en dieptepunten beschreven.
Een indertijd heel veel gelezen boek is het reisverhaal over, naar en op Nova Zembla (de overwintering). Reisverhalen namen toen al een enorme vlucht. 
Reisverhalen staan erom bekend dat ze vooral over de grenzen van het bekende heen gaan. 
Dergelijke verhalen zijn publieksgericht geschreven, en ze vormen voor de lezer een referentiekader.

Specifieke reisverhalen
Dan kennen we ook de verhalen van de zogenoemde ‘Grand Tour’, die verhalen over reizende jongelui, over studenten die van universiteit naar universiteit trokken, maar die onderweg en op locatie de meest liederlijke dingen deden. Dus eigenlijk is er ook hier niets nieuws onder de zon.
Reizende schrijvers gaan zich op een gegeven moment ook verdiepen in specifieke (ook oriëntale en antropologische) zaken, zoals bijvoorbeeld in naturalisme, in planten (botanie), en in andere mensen die er anders uitzien dan jijzelf (die verhalen zijn meer antropologisch van aard). Zo beschreef (in woorden en beelden) Robert Jacob Gordon bijvoorbeeld zijn reisverhalen over Zuid-Afrika.
Ook de ontdekking van de witte vlekken op aarde werden beschreven, waaronder bijvoorbeeld de landen in Afrika (toen dat voor de reisschrijver nog een onontdekt land was), en het zogenoemde Terra Incognita Australis (het zuidland Australië).
Verder zijn er reisverhalen bekend van de mensen die op zoek gingen naar de  bronnen van de Nijl. Al dit soort reisverhalen kun je scharen onder de noemer van het leren kennen van de toen nog onbekende landstreken.

Reisverhalen met een missie
De apostolische genootschappen gingen op reis, met het doel om vreemde volkeren onder andere te civiliseren en te kerstenen. Ondertussen hadden dergelijke reizen ook wel commercie ten doel. 
Het brede publiek raakte breed geïnteresseerd in reisverhalen. 
We kennen onder andere de reisverhalen van en over dr. Livingstone. De journalist Henri Morton Stanley ging bijvoorbeeld voor zijn krant op expeditie ‘through the dark continent’ om de vermoedelijk verdwenen dr. Livingstone op te sporen. 
De Belgische koning Leopold wilde op een gegeven moment ook een Afrikaanse kolonie hebben, zoals veel andere landen die al hadden. Uit alle reisverhalen hierover blijkt wel dat Afrika indertijd als een grabbelton van te koloniseren landen werd beschouwd.

IV. Toerisme en de kracht van het verhaal
Wij kunnen lessen trekken uit al die oude reisverhalen, die vertellen over het overschrijden van allerlei (eigen) grenzen van de alledaagse leefwereld. Dan kun je bijvoorbeeld denken aan het overschrijden van grenzen van anderen, en van het overschrijden van grenzen van ruimte en tijd. Reizen betekent in dat opzicht dat we proberen om die grenzen te overschrijden.
We kunnen wel stellen dat ‘de toerist’ niet bestaat, maar toeristen bestaan wel.

Plenaire discussie na de pauze
Na de korte pauze komen we weer bijeen in de zaal, en dan is er volop gelegenheid om de spreker vragen te stellen, en met elkaar plenair in gesprek te gaan over de thematiek van vanavond.
Enkele zaken uit dit geanimeerde groepsgesprek die dan aan de orde zijn:
  • Waar komt toch die tegenwoordige hausse aan over de wereld trekkende reizigers vandaan, met name op bijvoorbeeld Schiphol? Jaap Lengkeek wijt dat ook aan het feit dat dit in elk geval mede mogelijk is gemaakt door de gestegen inkomens.
  • De reisindustrie produceert veel pakkende verhalen, die mensen geïnteresseerd maken om erop uit te trekken. Paradijzen worden daarin beloofd, en de reisindustrie maakt je daarmee duidelijk dat zij je brengt waar je wilt zijn. Zij schotelen je de meest fantastische kant en klare reisverhalen voor.
  • Het kan ook best zo zijn dat juist vanwege het feit dat er al zoveel aan reisverhalen is geschreven over pelgrimeren, heel veel mensen de Spaanse Camino lopen. Reisverhalen van pelgrims inspireren anderen om de Camino (of een camino) ook op te gaan.
  • Hoe onderscheidt een pelgrim zich van de toerist? Daar kwamen we tijdens onze voorgaande lezingavond niet eenduidig uit. Vroeger deed je de pelgrimstocht als boetedoening. Maar geldt dat tegenwoordig nog wel? Dat valt in de meeste gevallen wel zeer te betwijfelen.
  • ‘De toerist’ bestaat niet. Er zijn allerlei soorten toerisme(n). Alle toeristen zijn wel reizigers, maar niet alle toeristen zijn pelgrim. 
  • Er zijn heel veel typen pelgrims, bijvoorbeeld  religieus van aard, of spiritueel (losmaken van je normale leven), om anderssoortige relaties te krijgen/hebben met meer dan jezelf, of omdat het wandelen een ongelofelijk specifiek ervaring is qua landschap, tijd, cadans (met invloed op je eigen denkprocessen). Het is een heel persoonlijke en ook fysieke ervaring.
Delen via social media
Er is tegenwoordig een enorme behoefte om via social media vooral ook te laten zien wat je hebt meegemaakt tijdens je reis. Je kunt niet je hele reis aan anderen laten zien. Verder houd je er doorgaans wel je eigen herinnering aan over, en om die herinnering levend te houden, kun je die wel laten ondersteunen met de door jou onderweg gemaakte foto’s. Je verhalen en foto’s kun je tijdens je reis of nadien desgewenst delen via social media.
Reizen is een vluchtig iets, en dat zou je via social media dus prima kunnen delen. Dat delen via social media geeft doorgaans een extra glans aan het reizen, en evenzo ook aan het pelgrimeren.
Als je gebombardeerd wordt met reisverhalen van reisburo’s, met reismagazines, of met verhalen van andere pelgrims; hoe kun je dan nog je eigen reis- of pelgrimsverhaal overeind houden. En kun je dat überhaupt wel, òf ben je zelf al te veel deel van het hele verhaal?

Reisgedrag
Soms kun je onderweg teleurgesteld raken als dat wat je onderweg ziet en beleeft niet voldoet aan wat je er voordien van verwachtte.
Een fietser in de zaal vertelt ons dat hij onderweg van zijn reis niets via social media deelde. Wel heeft hij voor zichzelf er een fotoboekje van gemaakt om op die wijze zijn eigen reisverhaal voor zichzelf te creëren. Zijn fotoboekje heeft dan voor hem de functie om daarmee zijn eigen herinneringen over het onderweg zijn weer naar boven te halen.
We kunnen er wel vanuit gaan dat er geen einde komt aan toerisme en aan het reisgedrag. Er zullen namelijk altijd mensen blijven die zoeken naar dat specifieke van een bepaalde reis.
In het reisgedrag onderkennen we ook zoiets als repeteergedrag; zo van: In de voetsporen van de oorspronkelijke reizigers wil ik datzelfde óók zien en beleven.
We maken in de reiswereld onderscheid tussen verschillende vormen van reisbeleving, want de beleving van lopers, fietsers, of mensen die anderszins reizen, verschilt zondermeer.
We zien trouwens tegenwoordig ook dat het zijn van ‘reiziger’hoger wordt gewaardeerd dan het zijn van ‘toerist’. We realiseren ons namelijk dat het begrip ‘toerist’ een negatievere lading heeft dan het verschijnsel ‘reiziger’. 
Bij het verschijnsel ‘reizen’ is het overigens interessant om eens te kijken over welke soort ‘reizen’ we het dan hebben. Om daar onderscheid in te maken, zou je kunnen kijken over welke grenzen je als reiziger gaat (bijvoorbeeld in tijd of ruimte).
Om het onderscheid te maken tussen de toerist en de pelgrim wordt vaak gezegd dat het de pelgrim niet zozeer gaat om de beoogde bestemming (de heilige plek), maar dat het vooral om de reis daarnaar toe gaat. Van de pelgrim wordt beweerd dat de beleving van het onderweg zijn veel meer impact heeft dan de aankomst op de plaats van bestemming. Dat heeft er overigens ook mee te maken dat de reis er naar toe veel langer duurt dan dat ene moment van aankomst (bij bijvoorbeeld de kathedraal van Santiago de Compostela).

Tegenstellingen
De druk van het toerisme in de huidige samenleving is heel groot, en de druk van de toeristische sector om dat zo duurzaam mogelijk te doen, is ook heel groot. Er zijn overigens ettelijke technische oplossing te bedenken om toerisme te verduurzamen.
Nog altijd zien we dat de behoefte en de wens om als reiziger los te komen van moraal en van morele druk  voor komt in zichtbaar reisgedrag. Zo zijn bijvoorbeeld jongerenreizen naar exotische bestemmingen daar goede voorbeelden van. Jongeren gebruiken die extreme jongerenreizen veelal ook om hun eigen grenzen te verkennen. Dat grenzenloze jongerengedrag is dan meestal tijdelijk en situationeel, want eenmaal weer thuis treedt die jongere ineens weer in het normale gedragspatroon.
Tot slot wordt benoemd dat het in de reispraktijk van alledag ook voorkomt dat verschillende typen reizigers met ieder hun eigen motieven elkaar onderweg ontmoeten. Een bekend en actueel voorbeeld hiervan is dat je in Italië bijvoorbeeld ziet dat vluchtelingen-migranten op hun tocht door het land pelgrims van tegenovergestelde richting ontmoeten, die lopend onderweg zijn naar Rome. Dat moet toch wel een heel vreemde – en wellicht ongemakkelijke - ontmoeting zijn van mensen uit heel verschillende werelden, met sterk verschillende motieven en doelen.

Herfstwandelen door de Hunzevallei bij Gieterveen

Woensdag 11 oktober 2023
 
Paarden in de Hunzevallei

















Langs De Beek naar de Hunze
Bewolkt is het vandaag, maar wel met een aangename temperatuur, en slechts heel even voelen we een lichte motregen; dus het is vandaag zo'n najaarsdag waarin het toch wel prima is om naar buiten te gaan. En dat ga ik doen, samen met mijn ex-collega Peter, met wie ik ter gelegenheid van zijn nog recente pre-pensionering heb afgesproken dat we dat heuglijke feit met een gezamenlijke wandeletappe gaan bezegelen.
Vandaag gaan we gedurende enkele uren zo'n tien kilometer wandelen door de Hunzevallei, tussen Gieterveen en Gieten.
Ik haal Peter af bij Huize Bareveld in Bareveld, en dan rijden we samen naar Gieterveen.
We beginnen onze rondwandeling in Gieterveen bij Het Kleine Kerkje. Daar starten we op de Herenweg Noord, en zo lopen we Gieterveen uit.  
In noordelijke richting wandelen we naar De Beek, het gekanaliseerde riviertje dat verderop uitmondt in de rivier de Hunze. We volgen de loop van deze sterk meanderende beek
In het veld ontmoeten we een kudde jonge stieren, die ons nieuwsgierig zien naderen, en die op het moment dat we dichterbij hen komen, zich met sprongetjes uit de voeten maken. 
We lopen door de ochtendvochtige, sompige graslanden van De Maden.

Lang langs De Hunze
Door het natte hoge gras in deze polder steken we in de ruige weilanden over van De Beek naar de Hunze, die hier ook wel de Oostermoersche Vaart wordt genoemd. We volgen daarna de hoge oostelijke oever van de Hunze.
In de polder kun je zien waar de oude meanders liggen van de Hunze. Hier en daar zijn ze afgesloten van de Hunze, en zijn het nu grote of kleine waterplassen langs de Hunze.
Langs de meanderende Hunze lopen we in zuidelijke richting over een smal veldpad naar de Herenweg Zuid.
Die volgen we trouwens maar een klein eindje, want al vrij snel gaan we De Lenten op; een fietspad dat de Hunze op twee plekken kruist. Via de eerste brug met een stuw steken we een gekanaliseerde doorsteek van de Hunze door.
Vervolgens gaan we over de tweede brug, waarmee we de naastgelegen riviermeander oversteken.
Ten zuiden van de brug kun je aan de stroming in de rivier zien dat hier toch nog wel van een zeker verval sprake is.
We lopen nu door de Oude Landen, het beekdal van de Hunze. 

Door de Hooimaden
Ter hoogte van een bomengroep bij Bonnerklap steken we de Hunzeweg over. Dan gaat het verder over de hoge polderdijk, die het beekdal links afsluit van de polder rechts van ons. Bij een hoge waterstand van de Hunze kan het water het beekdal overstromen, en zal de polderdijk verdere overstroming naar de er achter liggende polders voorkomen.
In de Hooimaden lopen we recht op een kleine kudde paarden af. De paarden blijven naar ons staan kijken, totdat we hen heel dicht hebben genaderd. Ze maken enigszins plaats, opdat we tussen de paarden door kunnen lopen. Als we ze voorbij zijn, lopen ze vlak achter ons zo'n honderd meter met ons mee,
Zo lopen we verder door de Hooimaden, totdat we bij de Veenhoverdijk het westelijke deel van het beekdal verlaten. Een informatiebord van Het Drentse Landschap vermeldt dat het Hunzedal hier het Torenveen wordt genoemd.
Nogmaals steken we de Hunze over, naar de oostoever, eerst met een brug over de meander, en direct daarna over het gekanaliseerde deel van die meander.

Terug naar Gieterveen
En nu lopen Peter en ik terug, in noordelijke richting, door het beekdal van de Hunze, over de oostoever tussen de Hunze links en de Torenveense weg rechts van ons. Heel even lopen we dicht langs de stromende Hunze.
Waar de Bonnerdijk en de Hunzeweg de Hunze kruisen, gaan we de Hunzeweg op, om iets oostelijker over enkele veldpaden tussen de akkers door in noordelijke richting naar de Herenweg Zuid te lopen. Rechts van ons graspad worden de aardappelen met een aardappelrooimachine geoogst.
Even later lopen we op de kruising van de Herenweg Zuid en het Boerenveen het dorp Gieterveen weer binnen.
Tot slot lopen we langs Het Kleine Kerkje terug naar onze hier geparkeerde auto. Dan valt ons het grote billboard op, waarop wordt aangekondigd dat de singer-songwriter Roon Staal hier op 28 oktober 2023 zal gaan optreden, zoals hij dat op 5 november 2023 ook in Feinsum zal gaan doen in de Sint-Vituskerk van Feinsum.
Vanuit Gieterveen rijden we naar Bareveld, waar we in het wegrestaurant Huize Bareveld genieten van een heerlijke lunch. Dan hebben we ook volop de tijd om eens even goed bij te praten over wat ons beiden zoal als pre-pensionado's bezig hield en houdt. En bovenal is het heel gezellig en waardevol om weer eens bij te praten over allemaal andere zaken die ons zoal bezig hielden en die ons in de nabije toekomst volgens huidige plannen bezig zullen (gaan) houden. 

maandag 9 oktober 2023

Nu ook stempelen & rusten voor Jabikspaad-pelgrims bij de Sint-Vituskerk van Stiens

Maandag 9 oktober 2023
 
Stempelkastje en zitbank tegen de muur van de Sint-Vituskerk van Stiens

















Pelgrimsstempels langs het Jabikspaad
Wandelaars en pelgrims die het Friese Jabikspaad bewandelen, kunnen op tientallen locaties langs dit meerdaagse pelgrimspad een stempel krijgen in hun Jabikspaad-stempelkaart of in hun pelgrimspaspoort van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob. Bij aankomst in Santiago de Compostela laat je in het pelgrimsbureau al je verkregen stempels zien, en dan ontvang je het pelgrimscertificaat van de bisschop van Santiago de Compostela. Maar bovenal is het heel mooi om onderweg op het pelgrimspad al die mooie stempels te verzamelen, omdat ze onder andere de verscheidenheid tonen van al die mooi plekken onderweg.
De Sint-Vituskerk van Stiens ligt aan de oostelijke route van het Friese Jabikspaad. Pelgrims hadden vaak moeite om het kerkstempel van de Sint-Vituskerk te krijgen, omdat er niet altijd iemand in de kerk is om voorbijtrekkende wandelaars of pelgrims te ontvangen. Al enkele jaren hebben we bij deze en gene de idee geopperd om een stempelkasje bij de kerk te plaatsen, zoals het Jabikspaad die op andere plekken ook al jaren heeft. Daar kun je als wandelaar of pelgrim dan zelf het pelgrimsstempel plaatsen in je kaart of paspoort.

Kerkstempel van de Sint-Vituskerk 
Toen onze Stienser Protestantse Gemeente-leden Petra, Tea en Ciska bezig waren met de voorbereidingen voor de groep gemeenteleden die het Jabikspaad samen zouden gaan bewandelen, kwam het zo gewenste stempelkastje weer in beeld. 
Inmiddels heeft deze groep gemeenteleden het Jabikspaad geheel bewandeld van het Bildtse Sint-Jacobiparochie tot in het Overijsselse Hasselt, en behalve alle goede zaken die dit gemeenschappelijk wandel-/-pelgrimsproject heeft opgeleverd, heeft dit project ook ertoe geleid dat het kerkstempel nu beschikbaar is gesteld aan wie het Jabikspaad bewandelt met een stempelkaart of pelgrimspaspoort. De stichtingsbestuurders van het Jabikspaad hebben namelijk gezorgd voor de productie en levering van een stempelkastje, een stempel en een stempelkussen.
Aan het gereedschappenhokje van de Stienser Sint-Vituskerk is vorige week het nieuwe stempelkastje bevestigd, met daarin het pelgrimsstempel van de kerk. Daar zullen veel wandelaars en pelgrims blij van worden, want zij ervaren daardoor ook het heerlijke gevoel van gastvrijheid van onze Protestantse Gemeente te Stiens, immers, ze zien dat hier goed voor hen wordt gezorgd.

Gastvrijheid van de Protestantse Gemeente te Stiens
En daar bleef het niet bij, want op dezelfde locatie is vorige week tegelijk ook een mooie nieuwe zitbank geplaatst, zodat wandelaars en pelgrims hier vanaf nu ook van een comfortabel rustmoment kunnen genieten.
Voor pelgrims zijn de ontmoetingen met anderen - wandelaars, pelgrims of lokale inwoners - een belangrijk onderdeel van de dag. In de zomermaanden is onze Sint-Vituskerk op gestelde dagen opengesteld voor iedereen die de kerk wil bezichtigen. Een kopje thee of koffie daarbij leidt binnen - zo leert de ervaring - vaak tot goede gesprekken.
Op alle andere dagen waarop de kerk gesloten is, kan de voorbijganger nu plaatsnemen op het bankje op het kerkhof, tegen de kerkmuur, en ook die plek zal vast en zeker wel gaan leiden tot mooie ontmoetingen en gesprekken met anderen die bijvoorbeeld een rondje om de kerk maken.
Hoe het ook zij, en wat er ook gebeurt, in elk geval kunnen we stellen dat de Protestantse Gemeente te Stiens twee mooie elementen - het stempelkastje en de zitbank - heeft toegevoegd om voorbijtrekkende wandelaars en pelgrims op het Jabikspaad gastvrij te faciliteren.

zondag 8 oktober 2023

Sing In over Genade met Promise van Urk

Zondagavond 8 oktober 2023
 
Sing In van Gospelgroep Promise van Urk in De Hege Stins te Stiens

















Sing in in Stiens
De Gospelgroep Promise van Urk verzorgt vanavond in De Hege Stins van onze Protestantse Gemeente te Stiens een Sing In, met als thema 'Genade' (in het Engels: Grace). 
Het is een avondviering met alle elementen van een kerkdienst, met heel veel afwisseling qua muziek, namelijk een mix van songs uit diverse bronnen, waaronder opwekkingsliederen, meertalig gezongen, en in een schitterende performance.
Deze avonddienst wordt georganiseerd door de Stienser Evangelisatie- en Zendingscommissie van onze protestantse gemeente. Bij haar Sing Ins staat zang en samenzang centraal, en ook deze keer komt dat goed uit de verf.

Gospelgroep Promise van Urk
Voorafgaand aan deze kerkdienst zingt Promise het "Gebed voor de Koning": 'Kom laten wij de naam bezingen, van Hem die Israël leidt'. Daarop volgt samenzang van het lied: "Laat het huis gevuld zijn".
Bij de start van deze Sing In worden de kerkgangers en de gospelgroep welkom geheten door Tea Stapert, namens de organiserende Evangelisatie- en Zendingscommissie, en dan neemt Gospelgroep Promise onder leiding van haar dirigent Menno Hakvoort de dienst over met het deels in duet-vorm gezongen Votum & Groet.
Daarna zingt Promise het lied 'Verwachting': 'Ik zie uit naar de Heer', dat wij vervolgens beantwoorden met samenzang van "Wacht op de Heer".
Voorafgaand aan het gebed om de Heilige Geest - door dirigent Hakvoort - zingen we de geloofsbelijdenis "Credo", met in het tussenstuk een lang fragment dat wordt begeleid op keyboard met kerkorgelklanken.
Het gebed beantwoordt Promise met 'Come Breath of Life": 'Kom Heilige Geest, zet ons opnieuw in vuur en vlam'. Dit is overigens een prachtig muziekstuk, met een heel mooi tussenstuk, waarin keyboard, gitaar en drums prominent klinken. Dat lied beantwoorden we met samenzang van "Hier ben ik Heer", deels met een solo-partij en met knap gezongen tegenstemmen.
 

Grace
De eerste schriftlezing is uit Johannes 3: 1-5, over Nicodemus, gelezen uit de Herziene Statenvertaling, die Promise als bijbelvertaling hanteert. De tweede Johannes-lezing gaat over de verzen 14-18. Daarop zingt Promise "Gezegend zij die horen naar Gods Woord, en die leven daar uit". Daaropvolgend zingen we in samenzang "God wijst mij een weg als ik zelf geen uitkomst zie".
De eerste Verkondiging gaat over Genade, ofwel "Grace", dat hier ook als gezongen lied op volgt: 'Uw genade schijnt op mij'. Hierin zit een mooie solo-partij, met instrumentaal heel mooi vioolspel, en met rust-brengende klanken van het keyboard.
Daarna zingen we samen "Door Uw genade mogen wij hier binnengaan".
  

Genade & Zegen
De tweede Verkondiging vormt een inleiding op het daarop gezongen lied "He won't pass you by", met als oproep dat als er aan je deur wordt geklopt (wie je ook bent, of wat je ook verkeerd hebt gedaan): 'Laat Hem binnen'. Deze song kent ook een solo-partij, met een indrukwekkende performance van het gospelkoor als geheel.
Dan zingt Promise "Jezus Overwinnaar": 'De Held die voor ons strijdt'. Dit wordt 'full power' gezongen, op indrukwekkende wijze. 
En evenzo indrukwekkend is het gezongen gebed & zegen met het prachtige lied "Agnus Dei", met diverse solo-partijen: 'Jezus, Lam Gods. dat de zonden van de wereld draagt'. Ook hier weer de verrassende variatie van duet en sterk dragende koorzang.
Dan naderen we het eind van deze avondkerkdienst, als wij het 'Gebed & Zegen' samen zingen.
Gospelgroep Promise sluit deze Sing In af met een ons toegezongen zegenbede, die in het Noors de "Velsingnelsen" (van het Oslo Gospel Choir) wordt genoemd.
Het verbaast ons niet dat de uitvoering van deze avonddienst in de prachtige uitvoering door de Urker Gospelgroep Promise veel lof en waardering verdient, dat door de kerkgangers dan ook aan het eind van deze Sing In wordt onderstreept met een hartelijk en welverdiend applaus.