Woensdag 21 oktober 2026
Mens en machine
Je kunt tegenwoordig bijna niet meer om Artificial Intelligence (AI; kunstmatige intelligentie) heen. Ook filosofen discussiëren en beschrijven wat de effecten ervan op de mensheid zijn.
Zo beschreef de Duits-joodse filosoof Günther Anders (1902–1992) halverwege de twintigste eeuw al hoe de mens, vergeleken met de machine, maar een achterhaald wezen is en zich daarvoor schaamt. Diep vanbinnen zou hij het liefst een machine zijn; niet geboren, maar gemaakt. Hij noemde dit gevoel ‘Prometheïsche schaamte’: de schaamte die je voelt wanneer je wordt geconfronteerd met de beschamend hoge kwaliteit’ van door de mens gemaakte dingen.
Door de razendsnelle technologische ontwikkelingen, en vooral de opkomst van kunstmatige intelligentie, is de filosofie van deze 20e eeuwse filosoof actueler dan ooit.
AI en de menselijke reactie op de perfecte machine
Over deze thematiek verzorgt journalist-schrijver Tom Grosfeld vanavond een lezing van Studium Generale Leeuwarden in de Beurs te Leeuwarden. Daarin verkent Grosveld wat de filosofie van die filosoof Günther Anders juist in deze AI-tijden zo actueel en urgent maakt, maar ook wat er van de mens over blijft wanneer zijn schaamte alleen maar verder toeneemt.
Die gevoelens van schaamte zijn namelijk alleen maar versterkt in de 21e eeuw; denk daarbij bijvoorbeeld aan de komst van het internet, de smartphone, de zelfrijdende auto en de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie.
Deze gevoelens zullen niet afnemen, maar - in tegendeel - nog verder versterken, want we zitten vast in een vicieuze cirkel: hoe beter machines worden, hoe minder bekwaam mensen hoeven zijn, waardoor de mens steeds kleiner lijkt tegenover de grenzeloze mogelijkheden van technologie.
Het thema van deze lezing luidt: ‘Diep vanbinnen wil de mens een machine zijn’, met als subthema: ‘AI en de menselijke reactie op de perfecte machine’.
Mens en/of ding
- De mythe van Prometeus zegt dat alle dieren zijn uitgerust met passende vermogens, behalve de mens. Maar een mens stal het vuur van de goden, schonk het aan de mensen, hetgeen erin resulteerde dat de mens symbool stond voor de mens als technologisch wezen. Alleen zo de mens zijn in de wereld.
- En nu wil de mens gemaakt zijn, maar als mens realiseer je je dat je een minderwaardig mens bent. Alleen machines hebben in dat denken recht om trots te zijn.
- De mens van nu schaamt zich inmiddels niet alleen maar voor diens gebrekkige lichaam, maar ook voor zij/haar beperkte denkkracht.
- De mens zal uiteindelijk kleiner worden ten opzichte van grenzeloze machines, bijvoorbeeld door een als het ware goddelijke AI, dat grenzeloze superintelligentie gaat worden.
- We zijn in ons tijdsbestek betoverd door AI, tot bijna religieuze hoogtes, omdat we het niet kunnen begrijpen. Technologie wordt daarin tot God verheven, iets wat was, is en altijd zal zijn. Met alle eigenschappen en oneindigheden van dien.
- De mens is nu meer dan ooit kleiner geworden ten opzichte van de machine. Wij zijn door technologie betoverd, en vervreemden ons van de wereld, worden en zijn incapabel.
- AI roept nauwelijks weerstand op, en wij willen zo onfeilbaar worden als technologie. AI lijkt ons al geen angst meer in te boezemen. De mens is in het AI-tijdperk gereduceerd tot een soort computer met beperkte rekenkracht, in de hoop dat hij/zij nog wel geoptimaliseerd wordt.
- Er zijn wel reserve-onderdelen van machines, maar niet van de mens. De mens is niet vervangbaar, en waarom is de mens eigenlijk geen massaproduct?
- De mens verlangt ernaar onsterfelijk te zijn. We proberen er alles aan te doen om te ontkomen aan de dood. Bijvoorbeeld door het maken van foto’s van onszelf, waarmee we dan denken dat we enigszins onsterfelijk zijn.
- In onze poging ons leven te mechaniseren, doen we alsof wij computers zijn. Het zijn onze pogingen als mens om een ding te worden.
- De mens mag dan wel buiten de natuur staan, maar maakt er desondanks toch onderdeel van uit. Dat is de gespletenheid van de mens.
- De visie van de transhumanisten luidt: De wereld bestaat uit data. De singulariteit (zijnde: de toestand of het punt waarin normale regels, wetten of berekeningen niet meer geldig zijn of vastlopen) is in aantocht. De mens wordt daarin beschouwd als voorbereiding op een technologische God.
- Zou de mens als soort verdwijnen? Als we samensmelten met machines, zou de mens kunnen verdwijnen. Wat in data gevangen kan worden, blijft bestaan; en de rest van de mens zou in die visie verdwijnen.
- Pogingen om grote IT-bedrijven te beperken, falen, waardoor ons menselijke falen onvermijdelijk wordt. De mens kan nog wel de enorme superintelligentie ontwerpen, en dan zelf ten onder gaan.
- Als we niet zo technologisch vooruitstrevend waren geweest, hadden we als mens op aarde nog veel langer kunnen bestaan.
- Dat we als mens verdwijnen, is het resultaat van het feit dat we als mens technologische wezens zijn.
Licht provocerend tegen-idee van Tom Grosman
- Een digitaal bestaan als mens begrenst onze levens, waaraan we nauwelijks kunnen ontsnappen. We zouden eigenlijk een andere, niet digitale wereld moeten herscheppen
- Zou nostalgie vervreemdend zijn, en/of zouden we ons daarmee als mensheid op aarde kunnen redden?
- Zouden wij kunnen besluiten om terug te gaan door een deels niet-digitale wereld te gaan bewonen?
- Er is onder aanhangers ervan al een analoge wereld aan het ontstaan, als een soort van vaag verlangen, maar wellicht niet heel serieus verder uit te voeren. Wel verraadt dat onze vervreemding in deze digitale wereld, waarin een filter tussen de digitale wereld en ons bestaat.
- Verschillende delen van ons leven zat in afzonderlijke apparaten, waar we vroeger heel aandachtig mee bezig waren (bijvoorbeeld analoog fototoestel, foto-album, bandrecorder). Die fragmentatie schept orde in ons leven.
- Door de analogisering van onze privé-ruimte kunnen we weer contacten met andere mensen leggen, en neemt de invloed van technologie op ons leven af.
- Door een groter wordende analoge wereld te creëren, zou de digitale praktijk steeds verder op de achtergrond geraken.
- Die analoge wereld is goed op ons als mens afgestemd, wat kan leiden tot meer trots en minder schade.
- Daarbij is overigens wel haast geboden!
Tot slot enkele vraagstellingen ter overdenking naar aanleiding van deze lezing
- Als alles nu al is ingebakken in technologie, hoe ontsnap je daar dan aan?
- Zouden wij de computer ook kunnen gebruiken om meer mens te worden?
- Gaat de Big Tech Industry ons wellicht meer kosten dan dat het ons gaat opleveren?
- Wordt er momenteel niet al te lauw gereageerd op wat AI ons op den duur gaat brengen of kosten?
- Klopt het dat steeds meer mensen in deze wereld zichzelf kwijtraken?
- Is het zo dat de macht van de systemen – dat je bijvoorbeeld heel veel al digitaal moet doen (bv. met een chatbox) – de macht over ons gaat overnemen?
- Missen we wellicht verbeeldingskracht om te zien wat we onszelf met al die systemen aandoen?
- Waarom blijven we de technologie toch steeds gebruiken? We weten immers dat dat de verkeerde kant op gaat.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten