woensdag 19 augustus 2026

Pelgrimeren van Bellegarde-Poussieu naar Auberives-sur-Varèze

Pelgrimsroute van Genève (Z) via Le Puy-en-Velay (F) naar Santiago de Compostela (S)
Via Gebennensis van Genève naar Le Puy-en-Velay
Pelgrimeren van Bellegarde-Poussieu naar Auberives-sur-Varèze
Maandag 3 augustus 2026 – 16,0 km lopen & 15,0 km fietsen
Dag 13: 213,5 – 229,5 km
 
In de kloosterkerk van het Karmelklooster Notre-Dame de Surieu
























Via Gebennensis
Tijdens onze eerste pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2005 tot en met 2012 van het Friese Sint-Jacobiparochie (NL) via het Franse Vézelay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Lemovicensis naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Tijdens onze tweede pelgrimage van Durkje en mij wandelden we van 2011 tot en met 2015 vanuit het Franse Le Puy-en-Velay over de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis wederom naar het Spaanse bedevaartsoord Santiago de Compostela.
Vorig jaar (in 2025) liepen we de verbindingsroute voor pelgrims van de Via Lemovicensis naar de Via Podiensis, namelijk van Vézelay zuidwaarts naar Le Puy-en-Velay. 
Dit jaar (in 2026) lopen we de ruim 350 kilometer lange pelgrimsroute ‘Via Gebennensis’, van het Zwitserse Genève naar het Franse Le Puy-en-Velay. 
Dit is met name voor Duitsers, Oostenrijkers en Zwitsers een aanlooproute naar Le Puy-en-Velay, waar ze dan doorstarten op de klassieke Franse pelgrimsroute van de Via Podiensis.
Bij het pelgrimeren op de Via Gebennensis maken we gebruik van drie pelgrimsgidsen, namelijk de Duitstalige van Renate Flori (in 18 etappes, versie 2023, Rother), de Duitstalige van Hartmut Engel (50 tracé’s, versie 2025, Conrad Stein Verlag) en de Frans-Duitstalige van Henri Jarnier (15 etappes, versie 2024, Association Rhône-Alpes des Amis de Saint-Jacques)). 
Wij zijn van plan deze verbindende aanloop-pelgrimsroute in 20 etappes te lopen.

Eerst van Auberives-sur-Varèze naar Bellegarde-Poussieu
Vandaag wandelen we van de Via Gebennensis de 13e etappe, van Bellegarde-Poussieu naar Auberives-sur-Varèze, over een etappe-afstand van 16,0 kilometer.
De wekker wekt ons om 5:30 uur in onze caravan op Natural Area Camping Les Cerisiers in Maclas vlakbij Le Buisson, onze uitvalsbasis voor deze vierde serie van vier wandeldagen.
Na het ontbijt verlaten we de camping om 6:40 uur, en rijden we met de auto – met beide fietsen achterop het fietsenrek - vanaf Natural Area Camping Les Cerisiers bij Maclas naar Auberives-sur-Varèze, waar we de auto stallen bij de SuperU-supermarkt.
Vervolgens fietsen we van Auberives-sur-Varèze naar Bellegarde-Poussieu, want hier begint vandaag onze etappe.
Het is vanmorgen nota bene al 23 graden Celsius als we vertrekken. Het is aanvankelijk bewolkt, maar reeds in de ochtend breekt de zon door. De temperatuur stijgt tijdens deze etappe vandaag naar 37 graden Celsius. Regelmatig voelen we een zachte, warme wind, dus al met al is het mooi – maar wel heet - wandelweer tijdens deze etappe. Het is dus nog eens weer een tropische dag.

Koeler en frisser door het bos
Nadat we in Bellegarde-Poussieu de fietsen op slot hebben gezet bij de begraafplaats, en de rugzakken vertrekklaar hebben gemaakt, gaan we om 8:15 uur van start met onze volgende etappe. 
Bij de start ontmoeten we een vrouw met twee kinderen, een jongen en een meisje, die vanaf hier ook aan de wandel gaan. De jongen heeft een smartphone in de hand, en gebruikt die bij het navigeren. We halen hen in en vervolgen onze route in het verlengde van waar we eergisteren stopten.
De atmosfeer is benauwd en de aanvangstemperatuur al behoorlijk hoog. Als we een bospad op gaan, merk je dat de temperatuur daar iets  lager is, en het voelt ook wat frisser dan erbuiten.
In het bos komen we op een hoog punt langs een waterreservoir, ten behoeve van de drinkwatervoorziening van deze buurt.
Een omgevallen boom ligt in delen over en langs het pad, maar we kunnen gemakkelijk onder de grote takken doorlopen die over het bospad liggen.

Karmelklooster Notre-Dame de Surieu
Om 9:20 uur arriveren we bij het nog steeds in gebruik zijnde Karmelklooster Notre-Dame de Surieu.
Eerst komen we langs een verdiept aangelegd amphitheater, waar de doorgaande pelgrimsroute linksaf buigt.
Dat afslaan doen we nog niet, want we willen eerst een bezoek brengen aan dit klooster. Als we derhalve rechtdoor lopen, komen we eerst langs een burchttoren, die rechts van het pad staat. Een bordje ‘Privé’ erbij maakt duidelijk dat we er niet naar toe mogen lopen.
Dan volgt links een burchtwooncomplex, waar ook op wordt vermeld dat het hier gaat om een privé-woongebouw, dus ook hier mogen en kunnen we niet het terrein op. 
Dan staan we voorbij een kleine parkeerplaats vóór de 12e eeuwse kloosterkerk.
We gaan er naar binnen. Een vrouw verlaat op dat moment de kerk, en een andere vrouw zit in stil gebed achter in de kerk. 
We mogen het koorlicht zelf ontsteken, en dan maken we een rondgang door deze eeuwenoude kloosterkerk.
In het koor hangt een beeldje van de gekruisigde Jezus, en tegen de achterwand van het koor staat een beeldje van Maria met Jezus;
Als we weer buiten staan, ontmoeten we een non van dit Karmelklooster, aan wie we vragen of we een kloosterstempel van dit klooster kunnen krijgen in onze pelgrimspaspoorten. De zuster haalt de stempel, en in het bureau van het kloostergebouw krijgen we dan een stempel van dit Karmelklooster in onze pelgrimpaspoorten. Daarna nemen we afscheid van de zuster, en verlaten we het kloosterterrein.

Afdalen naar Saint-Romain-de-Surieu
Dan zetten we een schilderachtig mooie afdaling in over mooie smalle hellingpaden, het diepe beekdal in.
Het beekje steken we over via een rond boogbruggetje.
Dan komen we langs een in de rots gebouwd vertrek dat een graf in de rots zou kunnen voorstellen. Maar misschien zit er ook wel een bron in dat donkere rotsbouwwerk.
Erbij treffen we een stempelkopie van deze locatie aan voor onze pelgrimspaspoorten, en in hetzelfde bakje treffen we ook een gastenboek aan.
Bijzonder voor ons als pelgrims is, dat er boven een Jacobsschelp aan de muur een nis is gemaakt, waarin een beeldje van de heilige Jacobus staat.
Na een mooie afdaling over een hellingpad gaat het over asfalt verder naar de veel lager liggende plaats Saint-Romain-de-Surieu.
De route loopt echter niet door de bebouwde kom, want al snel nadat we de doorgaande weg  hebben bereikt, verlaten we Saint-Romain-de-Surieu al.

Klim naar de Eglise de Saint-Romain 
Wel gaan we in een steile klim over asfalt tussen enkele huizen door nog langs de Eglise de Saint-Romain. Op de kaart hadden we gezien dat er bij deze 11e/12e eeuwse kerk een picknickplaats is.
Maar daar aangekomen worden we teleurgesteld want er is op de hele grote open ruimte vóór de kerk geen enkele zitplaats, en al helemaal niet in de schaduw. Voor de zekerheid maken we nog een rondje om de kerk, maar ook daar treffen we helaas geen zitplaats aan.

Peperkaasje kopen op de zuivelboerderij 
We komen verderop langs de kaasboerderij waar men de zelf geproduceerde kazen ook verkoopt. We gaan het winkeltje van de kaasboerderij in, en kopen daar een lekker peperkaasje van deze zuivelboerderij Ferme de la Limone.
Vervolgens trekken we verder omhoog, en dan vinden we bij het laatste huis van deze straat op een kruispunt van wegen een hoge betonnen put waarop we enigszins in de schaduw en iets in de wind kunnen gaan zitten. Hier houden we onze eerste broodjespauze. We hebben vandaag geen koffie bij ons, dus we pauzeren met brood en melk; ook een prima combinatie. 
De man die achter ons bezig is met hout zagen, komt even later langs met zijn tractor, met er achterop een partij brandhout. Hij vraagt of we de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela lopen, en dat wordt het begin van een gesprek met de belangstellende man over ons pelgrimeren.
Daarna gaan we het bos weer in, waar we op zeker moment moeten afdalen naar een bosbeekje. Dat beekje staat bijna droog, dus we kunnen met droge voeten het bosbeekje oversteken, en dan gaat het weer omhoog, het beekdal uit.
Als we na weer een hete klim in het bos – geplaagd door dikke vliegen – op veel hoger niveau het bos uit komen, zien we vanaf de bosrand in de verte in het dal alvast de plaats Assieu liggen.

IJskoude cola in Assieu
Nu volgt de afdaling naar Assieu.
We weten dat de pelgrimsroute niet door het centrum van Assieu gaat, maar langs de rand van het dorp. Daar begint trouwens de straat met de ons prima passende straatnaam ‘Rue de Saint Jacques de Compostelle’.
Aan het begin van deze straat staat trouwens ook een mooi beeldje van de heilige Jacobus, ofwel Saint-Jacques.
We gaan deze ringweg-straat wel in, maar lopen die niet geheel uit, want we willen in het centrum van Assieu op zoek naar een horecagelegenheid voor een korte koele pauze.
In het centrum aangekomen, zien we de Mairie, waar we dan eerst maar een gemeentestempel halen voor onze pelgrimspaspoorten. Dat gaat vlot in een wel heel goed ge-aircoold gemeentehuis.
De ambtenares vertelt op mijn vraag, dat verderop in het dorp een bar en een restaurant geopend zijn, en dat we daar dus wel terecht kunnen voor onze pauze.
Daarom lopen we vanuit het gemeentehuis langs de gesloten Saint-Pierre-au-Liens-kerk naar de bar op het volgende kruispunt. Daar zitten al enkele mannen op het terras met een drankje, en ook wij settelen ons daar heerlijk in de schaduw met een fris windje op dat terras. IJskoude cola is snel besteld en geleverd, dus binnen de kortste keren laven wij ons beiden aan een flesje ijskoude frisdrank. 
Daarna nog één en dan hebben we zoveel verkoeling en boost verkregen, dat we vol goede moed en energie voort kunnen met de laatste – ongeveer - vijf kilometers van deze hete etappe.

De Rhône-vallei in
Als we weer terug zijn op de ‘Rue de Saint-Jacques-de-Compostelle’, lopen we op die straat het dorp uit, en gaat de verharde weg in het veld over in een halfverhard karrenspoor.
Durkje gaat haar paraplu nu weer gebruiken als schaduwscherm, en zo laten we in het hete open veld de plaats Assieu al snel achter ons. 
En vóór ons zien we over de vlakte van de vallei heel ver in de verte al de bergen die oprijzen aan de overzijde van de Rhône, waar we morgen naar toe lopen.
Ondertussen begint het overigens een beetje harder te waaien, hetgeen ons buitengewoon welkom is. Met dat lichte maar warme briesje gaan we iets frisser voorwaarts, totdat we langs de A7 lopen, en die iets verderop via een viaduct oversteken.
Aan de andere zijde van de A7 lopen we langs uitgestrekte boomgaarden, die hier in de regio heel veel zijn. Grote aantallen appels hangen al aan de bomen in de boomgaarden, maar die appels hebben nog wel de nodige groei-tijd nodig.

Tot slot 38 graden Celsius
Nog geen tien minuten na de oversteek over de A7 lopen we de bebouwde kom van Auberives-sur-Varèze binnen.
Dan hoeven we nog maar een eindje door een woonwijk en langs de N7 te lopen, totdat we arriveren op de plek waar we vanmorgen onze auto bij de supermarkt hebben geparkeerd. We kopen nog enkele boodschappen bij deze Super-U, en dan rijden we met de auto terug naar onze fietsen in Bellegarde-Poussieu. Daar om 13:30 uur aangekomen, bij overigens inmiddels een temperatuur van 37 graden Celsius, laden we de fietsen op het fietsenrek, en voordat we vertrekken, picknicken we nog even met het laatste brood, in de schaduw van een hele grote kastanje, bij de auto. Daarna rijden we terug naar onze camping in Maclas. Als we naar de camping rijden, zien we op het dashboard van de auto dat de buitentemperatuur al is opgelopen naar 38 graden Celsius. Deze dag mag dus met recht een hete wandeldag worden genoemd.

Geen opmerkingen: