Pelgrimsroute van Ponferrada (S) naar Santiago de Compostela (S)
Camino de Invierno van Ponferrada naar Santiago de Compostela
Van A Rua de Valdeorras naar Soldón
Zaterdag 9 mei 2026 – 21,4 km.
Dag 5: 69,1 – 90,5 km.
Spaanse Camino de Invierno
Vanuit verschillende windstreken van Spanje lopen allerlei Spaanse pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela.
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om dit jaar - in 2026 - de gehele Camino de Invierno te lopen tot in Santiago de Compostela.
Deze ‘Camino de Invierno’ is de ongeveer 270 kilometer lange pelgrimstocht van Ponferrada naar Santiago de Compostela.
Vandaag lopen we van deze Camino de Invierno onze 5e etappe, over een afstand van 21,4 kilometer, van A Rua de Valdeorras naar Soldón. We dalen daarbij van ongeveer 350 meter naar circa 250 meter hoogte, maar er zitten wel enkele klimmen in deze etappe tot achtereenvolgens ongeveer 505 en 450 en 475 meter, ofwel de hele dag behoorlijk klimmen en dalen.
Vertrek uit A Rua de Valdeorras
Onze wekker hadden we voor vanmorgen gezet op 6:15 uur in hotel Espada in A Rua de Valdeorras.
Durkje en ik ontbijten in de hotelkamer.
Om 7:30 uur verlaten we ons hotel en dan gaan we van start.
Daarbij lopen we eerst het centrum in van de stad, tot aan de kruising met het stadhuis.
Daar gaan we een eerste – zojuist geopende – bar in, waar we voor ons beiden een kop koffie bestellen, en de barman ook vragen of hij onze thermoskan met vier koppen Café Americano wil vullen. Die gaat vandaag vol mee op pad. We zullen geen horeca zien onderweg, maar koffie hebben we nu wel bij ons.
Aan een muur hangt een bordje met de mededeling ‘ik loop de camino’.
We klimmen naar het oude deel van de stad, waar we het pension Pillabán passeren. We worden geroepen, en als we achterom kijken, zien we de Noorse pelgrim op het balkon van het pension staan. We praten onderaan het balkon nog even met hem voordat wij verder gaan.
Tegenover dit pension staat een wegkruis, met daarachter de kerk van onze lieve vrouwe Fátima.
We zien een Aziatische pelgrim vóór ons uit lopen, maar omdat hij nogal snel loopt, ontmoeten we hem de hele dag niet.
We klimmen de stad uit, en krijgen buiten de bebouwde kom een mooi uitzicht over het rivierdal van de Sil, met de bebouwing van A Rua de Valderorras in de diepte.
Voortdurend bergop
Via een hoge bypass komen we langs Hotel Berna. En daarnaast naderen we een ander hotel, waar zojuist vier Spaanse dames het gebouw hebben verlaten, om op stap te gaan met dagrugzakken op de rug.
Twee van hen halen we al in nog voordat ze van start gaan, en de twee anderen lopen vóór ons uit.
Als we over de asfaltweg van de LU-933 lopen, zien we hier ook de resultaten van de verwoestende werking van de bosbrand van vorig jaar augustus 2025.
Op de hellingen linksonder en rechtsboven ons staan veel verkoolde boomstammen nog overeind.
In de bocht van de asfaltweg passeren we een fabriek, waar op deze vroege zaterdagochtend volop wordt gewerkt.
De weg gaat alsmaar omhoog, dus we krijgen een prachtig uitzicht over de riviervallei van de Río Sil.
Rechts van de weg valt het water van de hoge bergwand als een kleine waterval kletterend naar beneden.
Om 9:05 uur wandelen we de provincie Ourense uit, en de provincie Lugo binnen.
Vijf minuten later maakt een informatiebord ons duidelijk dat we de bergen van de Montañas do Courel nu betreden, die door de Unesco zijn aangewezen als Geopark.
Verrassend Alvaredos
Om 9:15 uur lopen we de bebouwde kom van het bergdorpje Alvaredos binnen.
Links van de weg staat een boom vol met rijpe morellen, waarvan we enkele plukken en eten. Het aantal pitten op het asfalt maakt duidelijk dat hier ook door anderen al volop is genoten van die lekkere rijpe rode morellen.
We lopen door de smalle straat van Alvaredos.
Aan de bomen op weg naar Alvaredos en nu hier ook in het dorpje zien we allerlei beschilderde figuren, die de bergwand en ook het dorp opfleuren. We vragen ons af of deze wellicht zijn gemaakt, en overal zijn opgehangen om de mensen die hier wonen zo goed mogelijk op te fleuren na die hele angstige tijd die ze vorig jaar zomer in augustus van 2025 hebben beleefd ten tijde van die allesverwoestende bosbranden in deze buurt.
Links tegen een gevel hangt een mooi informatiebord dat verwijst naar de camino.
Dan zien we dat hier een hele mooie stempelplek in ingericht voor de passerende pelgrims van de Camino de Invierno.
We zetten het pelgrimsstempel in onze pelgrimspaspoorten.
Als we de plek goed in ons opnemen, zien we van alles staan en hangen en liggen, wat de passerende pelgrim vrolijk maakt.
Zo staat er bijvoorbeeld een weggeefkorf met pakjes vruchtendrank en appels en sinaasappels.
We nemen er iets van mee, en doen geld in het donativo-geldkistje, om de aardige initiatiefnemer te bedanken voor dit gulle gebaar.
We kunnen hier zelfs nota bene naar de wc.
In een schuur naast een ronde woning mogen we naar binnen, waar achter twee grote ronde vloeistoftanks een sanitairruimte is met zelfs douche en toilet.
Er tegenover is een kippenhok, versierd met kleurrijke afbeeldingen van een haan, een kip en eieren.
Als we verder trekken, zien we achter ons drie van de vier Spaanse pelgrims in gesprek met de Spaanse mevrouw die ons zojuist de wc wees, en daar staat ook een ons nog niet bekend pelgrimsstel bij.
Als we de bebouwde kom van Alvaredos uit lopen, worden we in stilte gadegeslagen door een witte kat, die op een tuinmuur ons zit na te kijken.
We lopen nog langs de ruïne van wat vroeger ook een in gebruik zijnd gebouw is geweest.
En dan dalen we af via een smal bergpad, en laten we Alvaredos achter ons.
205 meter afdalen
Vóór ons ligt dan de vallei waardoor de Sil stroomt.
Over een schilderachtig hellingpad zetten we de afdaling in.
Een prachtig kleurrijk lijnenspel ligt vóór ons tegen de berghelling van paden en planten.
In de berm van de berghelling links van ons bloeien volop gele bloemen.
Nu volgt een lange afdaling over een steenachtig hellingpad.
Onderweg zien we hoe heel langzaam de natuur zich weer herstelt na die verschrik-kelijke bosbrand van vorig jaar.
Mossen en kruiden brengen weer kleur en geur aan op de verbrande aarde.
Dat ziet er allemaal wel mooi uit, maar de zwartgeblakerde bomen en struiken zullen nog lang de stille getuigen zijn van de dodelijke bosbrand.
We worden ingehaald door het pelgrimsechtpaar van zojuist. Het blijkt een echtpaar uit België te zijn, dat ook de Camino de Invierno geheel bewandelt.
De vrouw heeft al enkele camino’s gelopen, en voor haar echtgenoot is dit de tweede camino.
We lopen voorzichtig naar beneden, want het pad gaat steil naar beneden, en een valpartij heb je zomaar te pakken, dus het gaat langzaam stapje voor stapje naar beneden.
Montefurado
Om 10:15 uur bereiken we het bergdorp Montefurado.
Voorin het dorp lopen we langs het spoor.
Daarbij komen we langs het treinstation, waar we het perron op gaan om te kijken of er ook bankjes staan.
Er blijkt nota bene een overdekte wachtruimte te zijn op het perron. Daar gaan we naar binnen, om hier te genieten van onze koffiepauze.
Het valt ons dan op dat een vinkje verwoede pogingen doet om onze wachtruimte in te vliegen, maar de durf ontbreekt kennelijk. Dan zien we boven op een schakelkast een vogelnestje.
Daar zitten enkele kuikens in, die natuurlijk nog gevoed moeten worden door het vinkje.
Zolang we binnen zitten, komt het ouder-vogeltje de wachtruimte niet binnen, en we zien dat ze ongerust afwacht totdat wij even later vertrekken.
In de verte boven ons zien we alvast de kerk van Montefurado staan.
We lopen de bebouwde kom van Montefurado binnen.
Even later passeren we de kerk met de van dikke rode stenen gebouwde muren.
We doorkruisen Montefurado door verschillende smalle straten.
Aan de rand van het bergdorpje komen we langs enkele in de rotsen uitgehouwen grotten, waar men vroeger allicht eten en drinken bewaarde.
We gaan bergopwaarts, en krijgen achter ons Montefurado goed in beeld.
Rechts van het pad is nog een andere grot, waarin een heiligenbeeldje staat, zulks ter aanbidding.
Enkele minuten na elf uur ligt Montefurado al diep achter ons.
Dalen en klimmen langs de Sil naar Farrapas
Mooi is het om te zien dat we op heel veel plekken erop worden gewezen dat we op de Camino de Invierno lopen.
Als we nog eens veertig minuten hebben geklommen, genieten we van het prachtige vergezicht over de diepe vallei van de Río Sil.
Het kale, steenachtige pad gaat verderop over in een groen begroeid hellingpad.
We moeten in de bocht van het pad een doorwaadbare plek kruisen.
Direct daarna passeren we wéér zo’n doorwaadbare plek, waar we nog doorheen kunnen, en waar voor de zekerheid voor grote waterstromen stapstenen voor passanten zijn geplaatst, om in elk geval met droge voeten deze waterstromen uit de bergen te passeren.
Waar we vervolgens weer bergop gaan, ruiken we de ons bekende geur van de naast het pad staande enorme eucalyptusbomen.
In de richting van Bendilló moeten we wederom behoorlijk klimmen. We hebben onderweg inmiddels de regenkleding aan gedaan, want het begint licht te regenen, en er wordt een steviger regen voorspeld.
Als we de kapel van Farrapas passeren, zien we daar de vier Spaanse pelgrims met de twee Belgische pelgrims pauzeren.
Bendilló
Om 13:40 uur lopen we de bebouwde kom van Bendilló binnen.
We doorkruisen de smalle straten van dit ook al grotendeels verlaten bergdorpje.
In de tuin van de dorpskerk zit de Amerikaanse pelgrim Steven uit Seattle te pauzeren. We hadden hem eerder onderweg al ontmoet toen hij ons voorbij ging op het moment dat wij uit voorzorg alvast onze regenbroeken aantrokken. ‘I like your hat’, zegt hij, wijzend op mijn pelgrimshoed. Dat heb ik gedurende deze voorjaarspelgrimage al vaker gehoord. Steven vertelt dat hij vandaag doorloopt naar Quiroga, en dan morgen een korte etappe loopt, dus we concluderen dat we elkaar wellicht morgen of later nog wel eens zullen zien.
We nemen afscheid van elkaar en lopen dan langs de dorpskerk van Bendilló.
Vanaf daar gaat het verder in de richting van de ommuurde begraafplaats aan de rand van het dorp.
Die ligt zo’n vijftig meter voorbij de kerk.
Vanuit Bendillo gaat het steil naar beneden.
Niet uitglijden in de regen bij stijgen en dalen
Het regent af en toe even matig, en eigenlijk stopt het niet meer, dus de berghelling begint al behoorlijk glad te worden. Voorzichtig gaat het langzaam naar beneden, een glijpartij voorkomend. Dat gaat goed, en ondertussen krijgen we toch regelmatig hele mooie vergezichten te zien over de rivier de Sil.
Om 13:05 uur kunnen we nota bene voor het eerst in de verte en in de diepte een deel van de bebouwing zien van Soldón, waar we naar op weg zijn.
Van Bendilló naar Soldón is het nog wel bijna drie kilometer lopen, waarbij we eerst voorzichtig dalen en daarna ook nog twee lagere toppen over moeten, en bij het gebruikelijke tempo van zo’n drie kilometer per uur, betekent het dat we vanuit Bendilló nog wel een uur onderweg zijn tot we arriveren in Soldón.
We lopen over rotsachtige en steenachtige bergpaden verder.
Om 13:35 uur zijn we Soldón al zo dicht genaderd dat we het naambord van de Río Sil met het blote oog kunnen lezen.
Naar een prachtig appartement in Soldón
Met het nodige bochtenwerk in de laatste afdaling wandelen we ter hoogte van het kleine kerkje de bebouwde kom van Soldón binnen.
Door hele smalle, gladde, steile straatjes volgen we de route door Soldón.
Dan komen we om 13:45 uur onder het hoge viaduct uit bij de lage brug over de Río Soldón. Daar hangt bij een tuinmuur een plakkaat van ons appartementencomplex. De poort er naar toe zit echter op slot. We bellen en appen met de eigenaar Luis, waarop hij ons meldt dat we een klein eindje terug moeten lopen, om daar een betonpaadje op te gaan, waarover we het appartementengebouw zouden bereiken. Daarbij komt de mededeling dat er al iemand onderweg is om ons daar te ontvangen.
We lopen over dat betonpad naar boven, en even later komt Luis met de auto aanrijden, waarna hij ons hartelijk ontvangt en ons rondleidt door ons prachtige appartement. Hij doet direct de verwarming aan, en oppert dat we bij de verwarming maar snel onze regenkleding moeten drogen.
Hij laat de door ons bestelde boodschappen zien, die al in de koelkast en op het aanrecht liggen, en dan betalen we Luis de verblijfskosten plus de door hem voor ons zo vriendelijk gehaalde boodschappen.
Wel heel fijn dat hij - na zijn aanbod - die boodschappen voor vanmiddag, vanavond en voor morgen voor ons heeft gehaald, want daardoor hoefden wij dat vandaag niet allemaal mee te dragen in onze rugzakken.
Luis vertrekt, en dan kunnen we onze natte spullen drogen (inmiddels regent het al behoorlijk), kunnen we douchen en verkleden, hebben we vanmiddag alle tijd om in een prima geoutilleerd en heerlijk (warm) appartement de nodige tijd te besteden aan de door ons vandaag gemaakte foto’s en voor het schrijven van het dagverslag.
We kunnen hier niet uit eten in dit verlaten buurtschap, maar met de in huis gehaalde boodschappen koken we onze warme maaltijd, en genieten we volop van dit heerlijke appartement met uitzicht over de Río Soldón.





Geen opmerkingen:
Een reactie posten