woensdag 3 juni 2026

Pelgrimeren van Ponferrada naar Villavieja

Pelgrimsroute van Ponferrada (S) naar Santiago de Compostela (S)
Camino de Invierno van Ponferrada naar Santiago de Compostela
Van Ponferrada naar Villavieja
Dinsdag 5 mei 2026 – 16,4 km.
Dag 1: 0,0 – 16,4 km.
 
Hier begint de Camino de Invierno in Ponferrada


















Spaanse Camino de Invierno
Vanuit verschillende windstreken van Spanje lopen allerlei Spaanse pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela.
Durkje en ik hebben ervoor gekozen om dit jaar - in 2026 - de gehele Camino de Invierno te lopen tot in Santiago de Compostela.
Deze ‘Camino de Invierno’ is de ongeveer 270 kilometer lange pelgrimstocht van Ponferrada naar Santiago de Compostela.
Vandaag lopen we van deze Camino de Invierno onze 1e etappe, over een afstand van 16,4 kilometer, van Ponferrada naar Villavieja. We stijgen daarbij van ongeveer 500 meter naar 800 meter hoogte.

Vertrek uit Ponferrada
Onze wekker hadden we voor vanmorgen gezet op 6:45 uur in ons appartement Bierzo Habita Apartemento in het stadscentrum van Ponferrada, waar we gisteren met de bus vanuit Astorga naar toe zijn gereisd.
We ontbijten in het appartement, en dan maken we ons gereed voor vertrek.
Om 8:00 uur verlaten we ons appartement en dan doorkruisen we de stad Ponferrada in zuidelijke richting.
Daarbij passeren we ook de grote burcht van Ponferrada.
Door de hele stad zien we enkele en groepjes pelgrims met rugzakken op weg naar het startpunt van hun volgende etappe. De overgrote meerderheid van hen zal vandaag verder gaan op de Camino Franchés, en slechts een enkeling zal vanuit Astorga evenals wij de Camino de Invierno op gaan. We zullen vandaag zien of er meer pelgrims zullen zijn die ook hun eerste etappe op de Camino de Invierno zullen gaan lopen.
Om 8:25 uur staan we op de rotonde waarop heel prominent het wegkruis staat waarop de beeltenis staat van Sint Jacobus. Dit Sint-Jacobswegkruis wordt beschouwd als het officiële startpunt van de Camino de Invierno.
Iets verderop zien we de eerste wegwijzer van de Camino de Invierno staan. Aan een passerende docente van de school voor voortgezet onderwijs verderop vragen we of zij een foto van ons wil maken bij deze allereerste wegwijzerpaal, hetgeen ze graag voor ons doet.
Dan steken we de weg over, en komen we langs een informatiepaneel van en over de Camino de Invierno.
Hier en nu begint voor ons de pelgrimstocht op de Camino de Invierno van Ponferrada naar Santiago de Compostela. 
We steken de eerste brug over, en komen direct daarna al bij de volgende brug, namelijk de middeleeuwse stenen boogbrug over de Río Boeza.
Als we die oversteken, verlaten we Ponferrada, en is onze tocht begonnen.

Oteiro
Aan de overzijde van de rivier komen we in het plaatsje Oteiro. Daar gaan we rechtsaf parallel aan de rivier in westelijke richting, waar we drie werkmannen ontmoeten, namelijk een straatveger, een man van een waterleidingsbedrijf en een man die de weg afzet vanwege graafwerkzaamheden. Die laatste waarschuwt ons in het voorbijgaan dat wij ons nu niet begeven op de weg naar Santiago de Compostela. Als ik zeg dat we wel op de goede weg zijn, zie je hem denken, en direct daarna vraagt hij of dit dan de route van de Camino de Invierno is, hetgeen ik bevestig. Nu begrijpt hij onze aanwezigheid op deze weg en route.
Slechts enkele minuten later komen we langs de ruïne van een gebouw, waarvan de muren het hebben begeven. Bij het instorten is een naast het gebouw geparkeerd staande auto deels bedolven onder de zware stenen van de muren. 
De auto is total loss, en is afgezet met rood-wit lint en een hek, omdat het geheel deels op de openbare weg staat en ligt.
We lopen nog onder een enorme betonnen buis door, die hier wellicht is opgebouwd voor neerstromend watertransport vanuit de bergen naar Ponferrada.
Net voorbij Casa del Botillo en het bedrijf Embutidos Pajariel voor chorizo en voor andere varkensvleesproducten eindigt de asfaltweg, en gaat die over in een halfverharde weg. 
We lopen nu parallel aan de snelstromende Río Sil, en omdat we klimmen, krijgen we rechts van ons een mooi uitzicht over de stad Ponferrada.

Langs de Monte Parajiel
Een mooi nieuw routepaneel maakt duidelijk dat het nog 3,3 kilometer is naar de volgende plaats, naar Toral de Merayo.
We klimmen alsmaar verder bergop van de Monte Parajiel, en krijgen van steeds hoger nivo een steeds wijder uitzicht over Ponferrada en haar regio.
De bomen zijn prachtig groen in deze tijd, maar we lopen onder een dode boom door, waarbij ik moet denken aan een liedje dat in enigszins gewijzigde vorm daar heel goed bij past, en overigens ook bij deze pelgrimstocht. Het liedje weerklinkt nog lange tijd in mijn gedachten, als volgt:
“Nu gaan de bomen nog dood,
nu gaat de zon nog onder,
en geen mens kan zonder water en zonder brood.
Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw,
de hemel en de aarde,
stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw,
de hemel en de aarde.”
We lopen af en toe langs een wijngaard.
Verderop aan de voet van een bergwand zien we een medulas. We zullen ze in de komende dagen veel meer zien.
Om 9:40 uur gaan we over een prachtig hol hellingpad verder, waar de wanden aan beide zijden hoog op gaan.
Dit is een prachtig stuk van deze route.

Koffiepauze in Toral de Merayo
Tien minuten later komen we aan in het dorpje Toral de Merayo. Daar hangt een houten paneel aan een tuinmuur, waarop staat dat het over de Camino de Invierno nu nog 233 kilometer is naar Santiago de Compostela.
We doorkruisen de straten van Toral de Merayo.
Bij de de oude stenen boogbrug – de Puente de Toral de Merayo – aangekomen, zien we dat de bar van de supermarkt nog is gesloten. 
Daarom steken we via deze oude brug de Río Oza over.
Aan de andere kant van de rivier worden we verblijd met een bar die wel open is. Derhalve nemen we plaats op het terras van deze Bar Cantina Marcos, waar we genieten van koffie met cake en toast met tomatenpuree.
Op het terras voegt zich ook een andere pelgrim bij ons. Het is een Noorse pelgrim, die een voorgaande tocht met een Noorse medepelgrim is aangevangen, maar die is wegens fysieke problemen enkele dagen geleden gestopt met het pelgrimeren, dus deze Noor hier bij ons gaat nu alleen verder, en hij loopt dus vandaag ook zijn eerste etappe van de Camino de Invierno, van Ponferrada naar Borrenes, maar hij heeft in de route die wij lopen, een doorsteek van enkele kilometers gemaakt, waarmee hij niet door Villavieja komt, waar wij vannacht overnachten. 
Na deze koffiepauze lopen we langs de eerste kerk, en even later langs de tweede kerk. 
Prachtig om door deze straten van dit dorp te lopen, met al die voor ons zo bijzondere huizen en bouwstijlen aan beide zijden van de straat.

De pas over
Buiten Toral de Merayo passeren we een man die een andere, oudere man voortduwt in een rolstoel. Het is hier nog niet steil, dus zo’n ochtendwandeling is voor hen op deze wijze prima te doen.
Dan verlaten we de verharde weg, en gaat de route verder over een graspad, het open veld in.
We klimmen tussen de wijngaarden door.
Links en rechts gaan de bergmassieven hoog op, maar wij lopen door een lagere pas over deze bergrug, waar we om 11:00 uur het hoogste punt van bereiken.
Enkele minuten later zien we tijdens de afdaling van de pas vóór ons alvast het volgende dorp liggen, namelijk Villalibre de la Jurisdicción.

Villalibre de la Jurisdicción
Om 11:15 uur wandelen we Villalibre de la Jurisdicción binnen. Een vrouw plukt aan de dorpsrand enkele morellen van de boom, en eet ze op. Wij volgen haar voorbeeld, en genieten van de heerlijke smaak van de rijpe bessen.
In een schuur langs de straat staan twee oude wagens, die wellicht niet meer worden gebruikt.
We passeren de dorpskerk.
Ook hier weer een prachtig straatbeeld van de grote variatie aan huizen langs de weg.
Bij twee wegwijzers verlaten we het dorp op de Calle de Camino de Invierno.

Stempelen en lunchen in Priaranza del Bierzo
Zo’n 1,6 kilometer verder wandelen we al weer het volgende dorp binnen, namelijk Priaranza del Bierzo.
Het begint licht te regenen. Langs de kant van de weg bloeien al prachtige planten, met kleurrijke bloemen, waaronder ook paarse lelies.
Rechts van de weg is een ijzeren tuinhek geplaatst, waarin allemaal bloemen en vlinders zijn verwerkt.
En in een tuin enkele huizen verder staat een enorme cactus overdadig in bloei; heel mooi.
In de vensterbank van één van de huizen staat een rieten korf met daarin appels. Op een bordje erbij staat dat passerende pelgrims hiervan een appel mogen meenemen, waar we graag en dankbaar gebruik van maken.
We stoppen even op de doorgaande route, want we willen hier in het dorp even naar het gemeentehuis om daar een stempel voor onze pelgrimspaspoorten te halen. Daar werkt ook de ambtenares Laetitia, die voor ons via WhatsApp twee bedden heeft gereserveerd in de slaapzaal van de  herberg waar we vannacht zullen overnachten.
Bij het gemeentehuis aangekomen, horen we van de oude dames die in de dokterspost zitten te wachten dat het gemeentehuis op de bovenste verdieping is. Boven aangekomen, blijken alle binnendeuren afgesloten te zijn. Er is niemand. Dat is jammer.
Daarom loop ik naar de bar aan de overzijde van de straat, om daar een stempel te halen, en enkele postzegels te kopen in de Tabac-afdeling van deze bar.
Als ik terugkom in het gemeentehuis hoor ik van Durkje dat een man en een vrouw zojuist naar boven zijn gelopen. Met de pelgrimspaspoorten ga ik naar boven, en daar blijkt dat Laetitia inderdaad nu boven aan het werk is. Ik toon haar onze WhatsApp-communicatie en dan zet ze heel enthousiast in onze beide pelgrimpaspoorten ook het stempel van de gemeente. Ze waardeert zichtbaar dat we bij haar op bezoek zijn gekomen.
Op een bankje in de hal van het gemeentehuis houden we onze lunchpauze van de door ons meegenomen broodjes en koffie.
Dan lopen we door de hoofdstraat terug naar de dorpskerk.
Voorbij de kerk dalen we behoorlijk steil af door het dorp, langs smalle steegjes en door smalle straatjes.
Een man is bezig met het voegen van het tegelwerk van een trappetje naar een woonhuis.
Een oude vrouw staat gebukt voorover bij aarden bloempotten om geraniums te verzorgen.
Ook hier weer dat zo eigene straatbeeld van deze streek.
Links van de straat staat een oude kar in een schuur, en rechts op straat staat een oude houten kar bij een huis.
De muren en de kozijnen en deuren in de schuren en huizen vormen een schilderachtig tafereel.

Santalla del Bierzo
We gaan verder naar het volgende dorp. Om 13:00 uur wandelen we de bebouwde kom van Santalla del Bierzo binnen.
Bij de ingang van het dorp is een uitzichtpunt gebouwd, want vanaf deze plek vanaf deze hoogte krijg je een enorm vergezicht te zien over de omgeving ten noorden van het dorp.
Op een helling onderaan de doorgaande weg is een man bezig gras te maaien met een zeis.
We doorkruisen het dorp, en geven onze ogen goed de kost, om te genieten van het straatbeeld van ook dit dorp.
Op de Calle Chaos verlaten we zo’n tien minuten later Santalla del Biezo.
Vanaf nu zetten we weer een fikse stijging in, die pas op ons eindpunt van vandaag zal eindigen.

Voorbij de Ermita Virgen del Carmen bergop
Daarbij komen we langs de Ermita Virgen del Carmen. 
Rondom bij de oever van het beekje zijn enkele banken geplaatst waar je als pelgrim bij mooi weer heerlijk zou kunnen vertoeven. Het regent echter, en het houdt niet op, maar gelukkig blijft het beperkt tot lichte regen, dus een paraplu en regenkleding hebben we bij deze neerslag gelukkig niet nodig.
We gaan een smal hellingpad op naar de N-356.
Bij die asfaltweg aangekomen, steken we de weg over, en daar gaat het verder omhoog.
Over een steenachtig en verderop rotsachtige bergpad gaat het alsmaar hogerop.
Bovenop een bergtop zien we de ruïne van een niet meer te herkennen gebouw. 
Vanaf de N-356 gaat het over een afstand van zo’n 2,5 kilometer steeds verder omhoog, waarbij we een steeds mooier uitzicht krijgen over het bergachtige gebied.
Tegen 14:00 uur lopen we tussen kolossale rotsformaties door, steeds maar hoger.

In de pelgrimsherberg Manuel Fuentes in Villavieja
Een kwartiertje later passeren we een richtingwijzer, die verwijst naar de pelgrimsherberg hogerop in het dorp
Voorin het bergdorpje passeren we een klein steenkolentreintje, dat is tentoongesteld op een spoorrail.
Bij de toeristische Casa Rural van het dorpje wandelen we de bebouwing van Villavieja binnen.
En dan om 14:15 uur arriveren we bij de pelgrimsherberg Manuel Fuentes van het dorp.
We hebben gisteren al van de ambtenares Laetitia de toegangscode van de pelgrimsherberg gekregen, en na het kennisnemen van alle informatie op de deur en op de gevel openen we met die code het sleutelkastje van de herberg.
Als we binnen zijn, zien we dat we de eersten zijn in deze herberg. We weten niet of er nog meer pelgrims zullen komen. Eerst installeren we ons in de goed geoutilleerde herberg, en dan is het tijd om te douchen, en onze foto’s en verslagen gereed te maken. 
Aan het eind van de middag komt er nog een derde pelgrim bij, een Spaanse man van tegen de zestig jaar uit het Spaanse Vigo, die nu al voor de zevende keer deze Camino de Invierno gaat lopen. Bij deze Spanjaard blijft het ook, dus we overnachten vannacht met z’n drieën in een slaapzaal van 16 bedden van 8 stapelbedden.
Omdat dit dorp in het geheel geen voorzieningen heeft, hebben we gisteren alle boodschappen voor vandaag en morgen gehaald, en dat meegenomen in onze rugzakken. Daar zit ook het warm eten bij voor vanavond. Boven op de overloop van de herberg bij de ingang van de slaapzaal hebben we een prachtige verwarmde plek om te verblijven, en te eten.
Als we alles klaar hebben voor vandaag, gaan we naar bed, terugkijkend op een bijzonder mooie eerste dag op de Camino de Invierno.

Geen opmerkingen: