zaterdag 27 juni 2026

PeerkePad - Etappe 3 van Berg aan de Maas naar Opitter

Woensdag 10 juni 2026
 
Voorbij de Cassishoeve op een akkerpad onder een dreigende lucht

















PeerkePad tussen Wittem & Tilburg
Het PeerkePad is onder andere een wandelroute van circa 165 kilometer tussen het Nederlands-Limburgse dorpje Wittem en de Brabantse stad Tilburg, aangevuld met zeven rondwandelingen. Deze wandelroute (sinds 2009) laat je lopen door de verrassend mooie bos- en weidegebieden van de Brabantse en (Belgisch-)Limburgse Kempen, door de Maasvallei en door het Limburgse Heuvelland. De bijbehorende wandelgids beschrijft deze route zowel noord- als zuidwaarts in zeven of acht trajecten.
Deze wandelroute is helaas niet gemarkeerd en verbindt twee bedevaartsoorden met elkaar, namelijk Wittem (het klooster als bedevaartsoord in het redemptoristenklooster dat aan de heilige Gerardus Majella is gewijd) & Tilburg (waar de zalig verklaarde Peerke Donders is geboren).

Etappe 3 van Berg aan de Maas (NL) via Meeswijk (B) naar Opitter (B)
Dit jaar (2026) gaan Durkje & ik samen met Durkje haar broer Eelke & schoonzus Ike het PeerkePad noordwaarts bewandelen, van Wittem naar Tilburg. Dat delen we op in eerst een vijfdaagse van 8 tot en met 12 juni 2026, namelijk van Wittem naar Schaft; en van 22 tot en met 25 juni 2026 nog een vierdaagse van Schaft naar Tilburg.
Vandaag wandelen we met zijn vieren de derde etappe, van Berg aan de Maas (de grens-Maas tussen Nederland en België) naar het Belgische Opitter, over een afstand van 20,6 kilometer. Dat is van de wandelgids het eerste deel van het derde traject van Berg aan de Maas naar Bree (dat is gewijd aan het derde Werk van Barmhartigheid: De dorstigen laven).
Om 06:00 uur staan we op, en ontbijten we in onze caravan op natuurcamping Zavelbos nabij Opoeteren-Maaseik in Belgisch Limburg. Deze camping gebruiken we gedurende deze vijfdaagse als uitvalsbasis.
We verlaten de camping om 7:25 uur en rijden dan met beide auto’s naar het eindpunt in Opitter, waar we één auto parkeren bij de ingang van dit dorp. Dan rijden we gevieren met de andere auto naar de locatie van de pont die vaart tussen het Nederlandse Berg aan de Maas en het Belgische Meeswijk aan de westzijde van de Maas, waar we deze auto parkeren op het parkeerterrein bij de rivierpont.

Langs Maas en Oude Maas
Om 8:05 uur stappen we uit de auto, en dan maken we ons klaar voor vertrek.
We dalen af in de richting van de pont die hier de grens-Maas bevaart. 
Op het moment dat de pont vanaf onze kant in Meeswijk de oversteek gaat maken naar Berg aan de Maas aan de overzijde, maken twee mannen van die gelegenheid gebruik om hun meetvaartuig vanaf een boottrailer achteruit te water te laten.
Nu gaan we het fietspad op van de Palmenhof. Linksboven ons staat een oorlogsmonument waarmee de Nederlandse militairen op naam worden herdacht die hier op deze plek aan het begin van de Tweede Wereldoorlog op 10 mei 1940 vóór dag en dauw zijn gesneuveld.
Dan beginnen we aan onze tocht over het fietspad van de Palmenhof langs de Maas.
Het is behoorlijk fris buiten met een stevige wind in de rug. Gelukkig is het nog droog, en dat blijft het vandaag ook nog wel enkele uren.
Verderop vervolgen we onze etappe over de Winterdijk Dilsen-Stokkem. Daarbij lopen we langs een hele oude meander van de Oude Maas, die hier inmiddels deel uitmaakt van het nieuwe natuurgebied Negenoord-Kerkeweerd. Dit dijkpad blijven we volgen tot aan Stokkem.

Dilsen-Stokkem
Zodra we Stokkem bereiken, dalen we af van de rivierdijk en doorkruisen we Stokkem. Daarbij komen we onder andere langs een beeld van een vrouw die aan het ‘struipen’ is. Dat is een bezigheid van vrouwen en kinderen in vroeger tijden, die de jonge wilgentwijgen (de zogenoemde ‘wissen’) tussen twee ijzers door trokken, om die twijgen daarmee te schillen, opdat deze wilgentenen konden worden gebruikt voor vlechtwerk.
Over de Stokkemerbaan wandelen we vanuit Stokkem vervolgens naar Dilsen. De bebouwde kom van Oud-Dilsen gaan we in bij het oversteken van de Vrietselbeek.
Over de Watermolenstraat draaien we door verschillende woonstraten naar het Mariapark, waar de alleenstaande Oude Toren boven de gebouwen en bomen uittorent.
Het begint dan licht te regenen. We schuilen heel even, en zien verderop heel toevallig het wandelstel van PeerkePad-wandelaars lopen, dat we gisteren op de Snijdersberg ontmoetten. Aan de overzijde van de N78 verdwijnen zij in het kasteelpark, en daarna zien we hen vandaag niet meer.
Als het weer redelijk droog is, steken wij de N78 over, en dan wandelen we langs het Kasteelpark Ter Motten het centrum in van Dilsen. 
Een eindje verder komen we langs de Sint-Martinuskerk. Boven de kerkdeur hangt een mooie beeltenis van Sint Maarten, die een deel van zijn mantel af snijdt, om dat aan een arme bedelaar te geven.
We kunnen de kapel in van deze grote kerk, om van achter een glazen wand toch een blik te werpen op het interieur van de Sint-Martinuskerk, inclusief het koor met de mooie kerkramen.

Sporen van Dilsen naar de Zuid-Willemsvaart
Voorbij Dilsen gaan we het open veld in, om eerst over de Soerenbosweg en daarna over de Ritserstraat langs weiden en akkers en langs een bosperceel te lopen over verharde wegen.
Op het tweede deel van de Biesestraat gaan we een karrenspoor op door een laan, waarmee we het asfalt van de parallelle Biesestraat letterlijk even kunnen ontlopen.
Aan het eind van het verharde vervolgdeel van de Biesestraat komen we op de T-kruising met de Klaverstraat. Hier moeten we een spoorpad op, maar omdat de Reseltbeek ons dat belet, gaan we eerst een stukje naar rechts op de Klaverstraat, om iets verderop het kaarsrechte fietspad van het Kolenspoor op te kunnen gaan.
We willen zo langzamerhand graag een koffiepauze houden op een bankje, want zo onderhand hebben we circa tien kilometer onafgebroken gelopen. Pas als we de ijzeren Kolenspoorbrug bereiken over de Zuid-Willemsvaart, zien we een houten bank staan, waarop we plaatsnemen voor onze koffiepauze. 
Op het moment dat we even later de Zuid-Willemsvaart oversteken, nadert van achteren een groep van zo’n twintig oudere dames op de fiets, en gaan we goed aan de kant op de brug om deze damesfietsgroep veilig te laten passeren op deze rivierbrug.

Nooit meer oorlog
Aan de overzijde van het kanaal volgen we een klein eindje de Kanaalstraat langs het brede kanaal, om dan al vrij snel het bos in te wandelen naar de Weerstandskapel aan de Brugstraat. 
Met deze Weerstands-kapel worden de mannen van het Belgische verzet (Weerstand) herdacht, die hier in de Tweede Wereldoorlog zijn gesneuveld bij een beoogde wapendropping door de Geallieerden.
Een plaquette in de kapel maakt duidelijk dat het onze plicht is om het offer van deze verzetsstrijders in onze herinneringen en in die van onze kinderen te bewaren, opdat wij hun daden nooit zullen vergeten, en zij niet voor niets zijn gesneuveld. 
Na deze herdenking gaan we het bospad achter de kapel op, om verderop over de Weerstandersweg naar de Panoramaheuvel te lopen, vanwaar wij een mooi vergezicht krijgen over de waterpartijen van het Bargerven in dit bosgebied.
Daarna duiken we dieper het bos in, waarbij we een flinke klim moeten maken.

Dreigende luchten pakken zich samen
Dat bos komen we uit in de Bosbeekvallei, waar we na het oversteken van de Bosbeek aankomen bij de oude Volmolen, met het grote waterrad.
Bij het Danshuis Volmolen vinden we een lang houten zitblok, waarop we onze lunchpauze houden.
Na deze middagpauze lopen we de Volmolenstraat langs een broekbos helemaal uit tot aan de Neeroeterenstraat, waarop we net voorbij de Cassishoeve een akkerpad op gaan in de richting van enkele bospercelen.
De lucht wordt steeds dreigender, en we besluiten bij aankomst bij de bosrand verderop onze regenkleding aan te trekken. 
Dat hebben we nog maar net gedaan, en dan begint het al koud en hard te waaien, en even later wandelen we over een akkerpad langs een boomzoom al in de regen.
Het regent gelukkig niet al te hard, maar de buien zijn wel zo hevig dat het tijdig dragen van onze regenkleding ons waarlijk goed doet.

Door regen en bos naar Opitter
Bij een volgende boszoom aangekomen, regent het nog behoorlijk.
Toch duurt het niet al te lang, en langzamerhand neemt de intensiteit van de regen af, en wordt het geleidelijk droog.
We lopen door een uitgestrekt bosgebied verder in de richting van Opitter. Daarbij passeren we in het bos onder andere de open plek in het bos van Paalkamperen Itter.
Verderop gaat het bospad over in de Zandbergenstraat en dan om 14:00 uur arriveren we bij de eerste huizen van Opitter op de Zandbergenstraat bij onze auto.
Vanuit Opitter rijden we dan terug naar de rivierpont van Berg aan de Maas en Meeswijk aan de grensrivier de Maas. Eelke en Ike rijden daar vandaan terug naar de camping, en Durkje en ik gaan met onze auto nog even verder naar Maasmechelen voor de nodige inkopen.
Vanmiddag krijgen we op de camping nog met enkele buien te maken, en het avondeten nuttigen we derhalve gevieren in de caravan van Ike & Eelke.
Daarna hebben we nog de hele avond tijd voor het verrichten van allerlei werkzaamheden die wij voor de rest van deze wandeldag nodig of wenselijk achten.

PeerkePad - Etappe 2 van Meerssen naar Berg aan de Maas

Dinsdag 9 juni 2026
 
Bij de Augustinuskerk van Elsloo

















PeerkePad tussen Wittem & Tilburg
Het PeerkePad is onder andere een wandelroute van circa 165 kilometer tussen het Nederlands-Limburgse dorpje Wittem en de Brabantse stad Tilburg, aangevuld met zeven rondwandelingen. Deze wandelroute (sinds 2009) laat je lopen door de verrassend mooie bos- en weidegebieden van de Brabantse en (Belgisch-)Limburgse Kempen, door de Maasvallei en door het Limburgse Heuvelland. De bijbehorende wandelgids beschrijft deze route zowel noord- als zuidwaarts in zeven of acht trajecten.
Deze wandelroute is helaas niet gemarkeerd en verbindt twee bedevaartsoorden met elkaar, namelijk Wittem (het klooster als bedevaartsoord in het redemptoristenklooster dat aan de heilige Gerardus Majella is gewijd) & Tilburg (waar de zalig verklaarde Peerke Donders is geboren).

Etappe 2 van Meerssen naar Berg aan de Maas
Dit jaar (2026) gaan Durkje & ik samen met Durkje haar broer Eelke & schoonzus Ike het PeerkePad noordwaarts bewandelen, van Wittem naar Tilburg. Dat delen we op in eerst een vijfdaagse van 8 tot en met 12 juni 2026, namelijk van Wittem naar Schaft; en van 22 tot en met 25 juni 2026 nog een vierdaagse van Schaft naar Tilburg.
Vandaag wandelen we met zijn vieren de tweede etappe, van Meerssen naar Berg aan de Maas, over een afstand van 18 kilometer. Dat is van de wandelgids het tweede deel van het tweede traject van Houthem naar Berg aan de Maas (dat is gewijd aan het tweede Werk van Barmhartigheid: De naakten kleden) en daarna het eerste deel van het derde traject van Berg aan de Maas naar Bree (dat is gewijd aan het derde Werk van Barmhartigheid: De dorstigen laven).
Om 06:00 uur staan we op, en ontbijten we in onze caravan op natuurcamping Zavelbos nabij Opoeteren-Maaseik in Belgisch Limburg. Deze camping gebruiken we gedurende deze vijfdaagse als uitvalsbasis.
We verlaten de camping om 7:25 uur en rijden dan met beide auto’s naar het eindpunt in Berg aan de Maas, waar we één auto parkeren bij de veerboot over de Maas. Dan rijden we gevieren met de andere auto naar Meerssen, waar we deze auto parkeren nabij het centrum van dit stadje.

Over de Kruisberg en de A2 naar Bunde
Om 8:35 uur stappen we uit de auto, en dan lopen we eerst naar de basiliek van Meerssen, waar we gisteren ons eerste traject van het PeerkePad beëindigden. 
Onze tocht van vandaag begint derhalve op de Markt van Meersen, waar nog de laatste wagens staan van de kermis, die hier gistermiddag nog vol in bedrijf was.
Door het centrum en een woonwijk lopen we naar de Cazenderstraat, waarover we de bebouwde kom van Meerssen verlaten. 
De straat gaat over in een onverhard pad, dat een bosgebied in gaat. In dat Kalverbos gaat het op een gegeven moment over de Kruisbergstraat behoorlijk heuvelopwaarts, dus al vroeg op de dag moeten we klimmen, de Kruisberg op.
Voorbij een wit huis aan de bosrand verlaten we het Kalverbos, en dan lopen we langs het Boksterveld in de richting van Maastricht Aachen Airport, waar juist op dat moment vlak vóór ons een groot vrachtvliegtuig op de startbaan aan het taxiën is.
Nadat we de A2 over zijn gestoken, gaat de route verder over een karrenspoor van de Trentelenweg door een boomgaard. Dit brede pad voert ons naar de bebouwde kom van Bunde.

Door het Bunderbos
Na even naar rechts te hebben gelopen, verlaten we de Kasennerweg, om dan over een heel smal voetpad langs een boomgaard over het Kapelvoetpad het open veld door te gaan.
Aan het eind van een veldpad komen we bij manege De Peerdestal. 
Als we dan na de oversteek over Op de Locht linksom door het open veld om deze manege heen lopen, zien we vóór ons het Bunderbos. 
We betreden dat Bunderbos, maar lopen eerst een eindje langs de bosrand.
Over het Berghorstvoetpad doorkruisen we het bos. Nabij een spoorlijn gaat het op een gegeven moment steil naar beneden, totdat we in het beekdal komen waardoor de Beekhorstbeek stroomt.
Het water staat hier ter hoogte van een onderdoorgang onder de spoorlijn niet hoog, dus we kunnen de beek onder in dit beekdal gemakkelijk oversteken.
Maar daarna volgt dan wel een steile klim het beekdal uit.
Een behoorlijk lang eind blijven we dan alsmaar parallel aan de spoorlijn lopen, en als we daarbij dan overstappen op de Moorveldsberg, wandelen we na een behoorlijk lang bostraject langs de eerste woonhuizen van Hulsen.

Koffie op de Snijdersberg in Geulle
Toch gaan we bij het spoorviaduct dit dorp niet in, want de route gaat verder langs het watervalletje van de Molenbeek en in een bosperceel ook langs de Molenbeek.
Na het oversteken van de Molenbeek gaat het dan met een behoorlijke klim over het bospad van het Beukenpad dieper het bos in, naar de Snijdersberg van Geulle. Als we daar de asfaltweg oversteken, krijgen we een mooi vergezicht over de Maasvallei.
Na nog een stuk door een bosperceel gelopen te hebben, komen we op een open plek nabij enkele huizen, waar meerdere picknickbanken staan, waarvan we er één gebruiken voor onze koffiepauze. 
We hebben nu ongeveer 6,5 kilometer gelopen, als we tijdens deze koffiepauze op de Snijdersberg een wandelend stel zien aankomen met grote rugzakken op de rug. Dat blijken twee wandelaars te zijn die eveneens het PeerkePad lopen. Zij doen echter het hele traject in één doorgaande tocht, hetgeen wij in twee delen hebben opgeknipt.
Als ze even later verder lopen, dreigen ze verkeerd te lopen, en kunnen we hen nog terugroepen, om hen te wijzen op een heel smal paadje dat hier tussen twee woonhuizen door gaat als PeerkePad. 
Door dat Steegske en over het Weidevoetpad lopen wij hen achterna naar het dorpje Geulle.
Om 10:50 uur laten we de bebouwde kom van Geulle achter ons.
Langs de Eijkskensweg loopt door het langgerekte bosperceel langs deze asfaltweg een geasfalteerd pad, dat we op gaan net buiten de bebouwde kom van Geulle.

Via Terhagen naar Elsloo
Waar dat bospad weer terugkomt bij de Eijkskensweg slaan we linksaf de Lindebergstraat op, die we uit lopen tot aan de wegkapel van Amsterveld, op de kruising met de Schuthagerweg.
In het verlengde van de Lindebergstraat gaan we na het oversteken van de Schuthagerweg verder over het verlengde van de Lindebergstraat, die hier de vorm heeft van een brede holle weg, aan beide zijden omgeven door bomen, en daarmee een heel mooi beschutte holle weg.
Vlak voordat we bij de spoorlijn aankomen, moeten we dit pad verlaten, om dan een eindje langs het spoor linksaf naar het buurtschap Terhagen te lopen, waar we via een spoorbrug aan de overzijde in het buurtschap Terhagen aankomen.
Direct al verlaten we Terhagen om over een voetpaadje naar het bosgebied van het Kasteelparkje van de Stichting Het Limburgs Landschap te lopen, waar we in een rechte lijn doorheen lopen over De Steeg.
Via een klim over een lange bostrap komen we aan in Elsloo ter hoogte van de Kapel aan de Kaak.

Maria-pelgrim Barry uit Erica inmiddels in Elsloo
Door de Dorpsstraat van Elsloo lopen we naar Op de Berg.
Hier kunnen we over de straat die het kerkhof doorsnijdt naar de Augustinuskerk lopen.
Door één van de kerkdeuren kunnen we de zijkapel in lopen, van waaruit we toch nog enig zicht krijgen op het interieur van deze kerk.
Dan lopen we rechts om de kerk, langs het baarhuis op het kerkhof.
Tegenover Café De Dikke Stein staat nog een enorm hoge meiboom.
Aan de voet van de meiboom staat de plaquette van Jónkheit De Dikke Stein, en in de top van de lange meiboom hangt nog een krans.
Om 11:35 uur verlaten we de bebouwde kom van Elsloo, en dalen we af naar de brug over het Julianakanaal. 
Op een bank bij het begin van de kanaalbrug over het Julianakanaal zit een wandelaar met zijn grote rugzak te pauzeren. We raken met hem in gesprek. Het blijkt de Drentse pelgrim Barry uit Erica te zijn, die na zijn eerste pelgrimage naar Jeruzalem, sinds Pinksteren jongstleden als pelgrim langs allerlei Maria-plekken onderweg is voor zijn pelgrimage naar het Portugese bedevaartsoord Fátima.

Langs het Julianakanaal via Klein Meers naar Veldschuur
Na een tamelijk lang gesprek met deze avontuurlijke pelgrim wensen we hem een ‘Buen Camino’, en dan steken wij via de brug het Julianakanaal over.
Over het fietspad lopen we op enige afstand parallel langs het Julianakanaal. Nadat we de naastliggende asfaltweg hebben overgestoken, gaan we onder de volgende kanaalbrug van de Scharbergbrug onder de A2 door, en ook daarna blijven we het Julianakanaal volgen over een mooi breed fietspad, met aan onze linkerhand overigens de Maas in zicht.
Ter hoogte van Kleine Meers verlaten we het Julianakanaal en dalen we af van de kanaaldijk naar Kleine Meers.
Na het doorkruisen van Kleine Meers komen we in Veldschuur aan. Voordat we de Veldschuurdijk op gaan, vinden we een zitplaats op een tuinmuurtje, waar we met de frisse wind in de rug op deze prachtig weer-dag onze lunchpauze houden.

Van Maasband langs de Maas naar Oud-Urmond
Over de Veldschuurdijk lopen we naar de rivier de Maas, die we bereiken bij Maasband.
Via achtereenvolgens de Oeverendijk, de Weertdijkweg, de Dijkweg en de Moulweg gaat het dan alsmaar langs de Maas door de Maasvallei naar (Oud-)Urmond. Lang voordat we daar arriveren, zien we al de beide hoog gebouwde terpkerken, die we straks zullen passeren.
Maar eerst moeten we nog het riviertje de Ur oversteken, die links van ons uitmondt in de Maas, vandaar waarschijnlijk ook de plaatsnaam Ur-mond.
Om 13:35 uur wandelen we de bebouwde kom van Urmond binnen.
In Oud-Urmond komen we eerst langs de witte protestantse kerk van Urmond.
En even later arriveren we bij de eveneens zo hoog gebouwde andere kerk van Oud-Urmond, de Martinuskerk.
Aan de voet van de hoge muur vóór de kerk staat het standbeeld van de Waterratte, die voor de plaatselijke bevolking een belangrijk symbool is voor het jaarlijkse carnaval. In de periode van carnaval draagt de Waterratte een hoed, maar nu niet.
Op de Grote Straat houden we even halt bij de ingang van de Martinuskerk, maar die is helaas gesloten, zo blijkt.
Dan gaat het verder, langs het Schippershuis, over de stenen trap tussen het huis en kerk naar beneden.
Door de Kloosterstraat en het Kloosterpad verlaten we Urmond vervolgens over de Raadhuisstraat.

Berg aan de Maas in Nederlands Limburg
Die straat blijven we alsmaar rechtdoor volgen, en dan wandelen we om 14:00 uur de bebouwde kom van Berg aan de Maas binnen, maar dan moeten we nog een behoorlijk eind verder rechtdoor.
Pas als we de kerk van Berg aan de Maas bereiken, krijg je het gevoel in het centrum van Berg aan de Maas gearriveerd te zijn.
Rechts van de straat staat een mooie Limburgse dorpshoeve, en links van ons staat de hoge plaatselijke kerk, de Sint-Michaëlskerk.
Nu hoeven we alleen nog maar voorbij de kerk over de Berger Maasstraat af te dalen naar de Maas, waar we vanmorgen de ene auto hebben geparkeerd op het parkeerterrein bij de veerboot, die de beide Maasoevers aan Nederlandse en Belgische zijde met elkaar verbindt. 
Hier eindigt ons tweede traject van het PeerkePad. 
Daarmee hebben we de twee wandeldagen door Nederlands Limburg afgesloten, en morgen beginnen we aan de overzijde van de Maas in België aan onze volgende driedaagse tocht door Belgisch Limburg naar Noord Brabant.
Vanuit Berg aan de Maas rijden we met de hier geparkeerd staande auto terug naar Meerssen, waar we de andere auto afhalen, om dan met beide auto’s tot slot terug te keren naar de camping Zavelbos in het Belgische Opoeteren-Maaseik.

PeerkePad - Etappe 1 van Wittem naar Meerssen

Maandag 8 juni 2026
 
Start van het Peerkepad in Pelgrimsoord Klooster Wittem


















PeerkePad tussen Wittem & Tilburg
Het PeerkePad is onder andere een wandelroute van circa 165 kilometer tussen het Nederlands-Limburgse dorpje Wittem en de Brabantse stad Tilburg, aangevuld met zeven rondwandelingen. Deze wandelroute (sinds 2009) laat je lopen door de verrassend mooie bos- en weidegebieden van de Brabantse en (Belgisch-)Limburgse Kempen, door de Maasvallei en door het Limburgse Heuvelland. De bijbehorende wandelgids beschrijft deze route zowel noord- als zuidwaarts in zeven of acht trajecten.
Deze wandelroute is helaas niet gemarkeerd en verbindt twee bedevaartsoorden met elkaar, namelijk Wittem (het klooster als bedevaartsoord in het redemptoristenklooster dat aan de heilige Gerardus Majella is gewijd) & Tilburg (waar de zalig verklaarde Peerke Donders is geboren).

Van de heilige naar de zalige 
De heilige Gerardo (Gerardus) Majella (1726-1755) is de patroonheilige van kleermakers, portiers en zwangere vrouwen, een nogal verscheiden groep mensen op het eerste gezicht. Maar wanneer je weet dat deze 18e eeuwse Italiaanse kloosterling een zoon van een kleermaker was, zelf enige tijd portier is geweest en bekend stond om zijn onderdanige gehoorzaamheid waarmee hij beledigingen en pijnigingen doorstond, klinkt het al wat logischer. 
De zalige Petrus (Peerke) Donders (1809 -1887) is een in 1982 zalig verklaarde missionaris die veel met leprapatiënten in de melaatsenkolonie Batavia in Suriname heeft gewerkt. Hij wordt gezien als de patroon van de mondiale samenleving.
Dit jaar (2026) gaan Durkje & ik samen met Durkje haar broer Eelke & schoonzus Ike het PeerkePad noordwaarts bewandelen, van Wittem naar Tilburg. Dat delen we op in eerst een vijfdaagse van 8 tot en met 12 juni 2026, namelijk van Wittem naar Schaft; en van 22 tot en met 25 juni 2026 nog een vierdaagse van Schaft naar Tilburg.

Bezinning op zeven werken van barmhartigheid
Bezinning, stilte, verbondenheid en genieten zijn de kernwoorden die bij deze tocht passen. 
Het PeerkePad is in eerste instantie bedoeld ter nagedachtenis aan de pater Peerke Donders. Door elke wandeldag aandacht te geven aan een bepaald thema van de 'Zeven Werken van Barmhartigheid' geeft men aan de tocht als het ware een pelgrimskarakter. 
Daarentegen gaat het hier natuurlijk ook om ronduit mooie wandelingen door de Geul- en Maasvallei en door prachtige natuurgebieden in Belgisch Limburg en door de Brabantse Kempen.
Bij de voorbereiding van deze negendaagse hebben we gebruik gemaakt van twee versies van de wandelgids, namelijk de versie van 2009 en de versie van 2018, aangezien de meest actuele versie van 2025 in het voorjaar van 2026 helaas niet meer leverbaar is, en een nieuwe versie nog in de maak is.
Deze twee wandelgidsen zijn voorzien van wandelkaarten van wisselende kwaliteit, foto's en bezinningsteksten zoals gebeden. Daarnaast worden erin ook enkele overnachtingsmogelijkheden vermeld.

Etappe 1 van Wittem naar Meerssen
Vandaag wandelen Eelke & Ike met Durkje en mij de eerste etappe, van Wittem naar Meerssen, over een afstand van 18,5 kilometer. Dat is van de wandelgids het gehele eerste traject van Wittem naar Houthem (dat is gewijd aan het eerste Werk van Barmhartigheid: De doden begraven), en het eerste deel van het tweede traject van Houthem naar Meersen (dat is gewijd aan het tweede Werk van Barmhartigheid: De naakten kleden).
Om 06:00 uur staan we op, en ontbijten we in onze caravan op natuurcamping Zavelbos nabij Opoeteren-Maaseik in Belgisch Limburg. Deze camping gebruiken we gedurende deze vijfdaagse als uitvalsbasis.
We verlaten de camping om 7:45 uur en rijden dan met beide auto’s naar het eindpunt in Meerssen, waar we één auto parkeren. Dan rijden we gevieren met de andere auto naar Wittem, waar we deze auto parkeren bij Pelgrimsoord Klooster Wittem.

Een bijzondere start van het PeerkePad in Pelgrimsoord Klooster Wittem
Het is bijna 9:00 uur als we op het parkeerterrein vóór het pelgrimsoord Klooster Wittem uit de auto stappen. Deze negendaagse tocht beginnen we in de kloosterkerk van Wittem. 
We maken een rondje door de grote kloosterkerk.
Dan maken we de doorsteek van de kloosterkerk naar de Ontmoetingsruimte van het kloostercomplex, waar op dit moment een expositie is te zien over het pelgrimeren naar Santiago de Compostela, waarbij men wandelschoenen van pelgrims op het podium tentoonstelt, met erbij een korte tekst van en over de eigenaren van deze wandelschoenen.
Links van het podium staan de schoenen van pelgrim Ellen, die bij het opstarten van haar lange pelgrimage naar Santiago de Compostela na haar eerste pelgrimsdag vanuit Sint-Jacobiparochie bij ons in onze Refugio Ultreia Feinsum heeft overnacht.
In de inmiddels ook geopende boekwinkel vragen we de vrijwilligers of we hier een actuele versie van de wandelgids van het PeerkePad kunnen kopen, maar bij navraag van de dames bij de elders ook aanwezige schrijver van deze wandelgids – pater Henk Erinkveld – horen we van hem dat die nieuwe versie nog niet klaar is.
In de kloosterboekwinkel zien we ook het pas uitgegeven boek ‘De Camino de Santiago in 101 voorwerpen’ (2026). Als we de dames van de boekwinkel laten zien dat mijn pelgrimshoed die ik nu op heb, staat afgebeeld op de cover en (is beschreven) in de inhoud van dit boek, roepen de dames pater Erinkveld erbij, en gaan we met hem in de Ontmoetingsruimte in gesprek over zijn initiatief van het PeerkePad, de hier aanwezige pelgrimsschoenenexpositie en belooft hij mij alvast de meest actuele pdf-versie van het PeerkePad te sturen, opdat wij dit kunnen gebruiken bij het navigeren tijdens de na vandaag nog komende acht dagen op het Peerkepad.
Na ook nog een bezoek te hebben gebracht aan de Heilige Gerardus Majella-kapel verlaten we het kloostercomplex, en gaan we om 9:45 uur van start met het PeerkePad, op de enorme parkeerplaats vóór het omvangrijke Redemptoristen-kloostercomplex van Wittem.

Van Wittem naar Gulpen
Vanuit het kloostercomplex wandelen we langs het 15e eeuwse Kasteel Wittem over de Wittemer Allee.
Waar de Wittemer Allee rechtsaf buigt, steken we de Sinselbeek/Selzerbeek over, om aan de overzijde een steentjespad op te gaan in de richting van Gulpen. Onderweg steken we het riviertje de Geul over, om verderop op een wilgenpad langs de Gulp te lopen, en vanaf de rand van de bebouwde kom lopen we langs de Gulp in de richting van het centrum van Gulpen.
Over de Nieuwstraat gaat het heuvelopwaarts, onder andere langs het hoog op het kerkhof staande restant van de vroeger veel grotere kerk van Gulpen.

Over de Dolsberg naar Beertsenhoven
Tegenover Hoeve De Burgh gaan we een woonwijk in, om daar al vrij snel een smal pad op te gaan, waar we een eindje verder een veldpad van draaihekje naar draaihekje op gaan, waarmee we het eerste stuk van de klim maken, de Dolsberg op. 
Na nog een eind verder de Dolsberg op hebben we een prachtig uitzicht over het dal waarin Gulpen nog duidelijk is te zien.
Door het heuvelbos maken we de afdaling naar het buurtschap Beertsenhoven.

Stokhem
Vanuit Beertsenhoven is het niet ver naar de rand van de bebouwde kom van Stokhem.
Hier, maar ook elders in tuinen van huizen, zien we wegkruisen en tuinkruisen die zijn versierd met de gele bloemenkransen van Pasen.
Voorbij de voormalige dorpsput van Stokhem komen we aan de rand van de bebouwde kom van Stokhem langs de Mariakapel.
Over een asfaltweg lopen we langs twee campings, en voorbij deze tweede campings gaan we een prachtig hellingpad op, met links de hoog opgaande heuvelhelling, en rechts de Geul. Net voorbij de tweede camping komen we langs de Gronselenput, waar die camping haar naam aan ontleent.
En direct daarna passeren we de schuilkelder die in de zachte rotswand is uitgehouwen aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, waarna de lokale omwonenden zich tijdens de bombardementen in de nadagen van de oorlog konden terugtrekken, om te schuilen voor het levensgevaar van die bombardementen.
Aan het eind van dit prachtige heuvelpad komen we door het buurtschap Engwegen.

Schin op Geul
Dan gaat het verder naar Schin op Geul, waar we om 11:45 uur arriveren.
Het is tijd voor een koffiepauze, en die willen we houden op een geschikte plek in Schin op Geul.  
Daartoe lopen we door tot over de Geul heen naar de op fikse hoogte gebouwde Mauritiuskerk. 
Aan de voet van de kerkheuvel staat een prachtige mozaïekbank in de zon, waarop we gaan zitten voor onze koffiepauze in het zonnetje.
Na deze pauze wordt het een zoekplaatjes, want als we de routebeschrijving van onze wandelgids volgen, komen we – na eerst een eindje te ver te zijn gelopen – achter de kerk en langs de voormalige pastorie bij het treinstation van Schin op Geul.
Daar moeten we twee sporen oversteken, om dan over een graspad parallel aan de spoorlijn verder te gaan.
Aan de overzijde van het tweede spoor blijkt dat we op geen enkele manier een graspad langs de spoorlijn mogen en kunnen volgen.
Daarom lopen we weer terug naar de kerk, en gaan verderop door een spoortunnel, om aan de overzijde bij een recreatiepark van Landal te komen. Bij de receptie laten we ons vermoeden bevestigen dat we tussen het park en de spoorlijn een smal voetpaadje op kunnen gaan, met de garantie dat we onderweg richting Valkenburg ook echt dóór kunnen lopen.

Over de Schaelsberg naar Valkenburg
Een eindje verderop zien we tot onze verrassing bij een klein spoorviaduct dat we hier jaren geleden ook als eens langs zijn gelopen toen we het zuidelijke deel van het Pelgrimspad (LAW) bewandelden.
Het pad loopt eerst inderdaad parallel aan de spoorlijn, maar verderop volgt dan een fikse klim, want we moeten de Schaelsberg op. Op de berg aangekomen, zien we vóór ons de Kluis van Schaelsberg, waarin tot 1930 aansluitend 16 kluizenaars hebben gewoond.
We lopen om de kluis heen, en komen dan langs de kruiswegstaties in de vorm van een cirkel.
Voorbij de kluis volgt een mooi veldpad door een heuvelachtig landschap, en dan ineens zien we vlak vóór een afdaling Valkenbug vóór ons in het dal liggen.
We dalen hier af, en komen dan na een eindje langs de spoorlijn bij een spoorviaduct, waar we doorheen moeten naar Kasteel Oost van Valkenburg.

Langs de Geul door Valkenburg
Met een wijde bocht lopen we over een voetpad om de kasteeltuin heen, waarna we de Geul oversteken en direct daarna langs de Geul naar het centrum van Valkenburg lopen, dat we bereiken bij de kapel voor de heilige Barbara.
Vanaf het sluiscomplex krijgen we alvast een prachtig uitzicht over Valkenburg, dat wordt doorsneden door de Geul.
Linksboven in de verte zien we trouwens nog de ruïne van het vroegere kasteel Genhoes van Oud-Valkenburg.
Voordat we verder langs de Geul gaan, steken we de Geul even over, om inkopen te doen in het stadscentrum van Valkenburg.
Daarna komen we wederom langs de stratenmakers, die hier bezig zijn om de huidige bestrating weg te halen, om vervolgens de specie van de straatstenen af te bikken, en die dan de schone straatstenen opstapelen, waarna ze in later instantie weer kunnen worden gebruikt bij het herbestraten.
Inmiddels is de temperatuur vandaag al opgelopen tot boven de twintig graden, en genieten we van wel heel prachtig zonnig, maar niet al te warm wandelweer.
We vervolgen de route langs de Geul naar de kerk van Sint Nicolaas en Sint Barbara. We kunnen de kerk in tot in de voorhal, waar al meerdere kaarsjes branden, en waar door bezoekers in ons bijzijn nog meer kaarsjes worden aangestoken.
Door het traliewerk kunnen we toch nog het interieur van deze grote kerk bekijken, waarin de beeltenis van Sint Nicolaas prominent aandacht krijgt.
Dan verlaten we de kerk, die in 2023 ook ernstig heeft geleden aan de verschrikkelijke overstroming van de Geul die vooral ook Valkenburg heeft geteisterd.
Via de pélerin(=pelgrims)weg gaan we door de poort van kasteel Den Halder. 
Bij het fotograferen van de beeldengroep bij dit kasteel word ik aangesproken door een vrouw die verrast reageert op de Sint-Jacobs-schelpen op mijn pelgrimshoed, waarbij ze vertelt dat ze buitengewoon geboeid gisteren net het boek ‘De Camino’ van schrijfster Aniya Niewierra heeft uitgelezen.
  
Naar Château St-Gerlach
Daarna verlaten we het stadscentrum van Valkenburg. Op de Plenkertstraat passeren we eerst de prehistorische vuursteenmijn, waar twee mannen bezig zijn om de begroeiing weg te halen met bosmaaiers.
Vrij snel daarna passeren we het museum voor de Romeinse catacomben in de bergwand links van ons.
Voorbij het gesloten boscafé Tivoli gaan we het natuurreservaat Ingendael in, dat we aan beide zijden van de Geul doorkruisen naar Château St-Gerlach.
In de uitgestrekte beeldentuin van Château St.-Gerlach komen we – net als in Schin op Geul – wederom langs een decoratieve mozaïekbank, waarop we plaatsnemen voor – deze keer – onze lunchpauze.
Tijdens dit mooie weer genieten we tijdens de lunch van de prachtige beelden die in deze beeldentuin ten verkoop zijn tentoongesteld.

Als God het wil, zal ik aankomen
We lopen daarna om het gebouwencomplex van het voormalige stiftklooster (nu hotel) en de St-Gerlachkerk heen, en dan gaan we de kerk in, die is gewijd aan Sint Gerlach, wiens praalgraf in het midden van het schip van de kerk is opgesteld.
In de zogenoemde Dagkapel bekijken we de kleurrijk gedecoreerde Sint-Gerlachwand. 
Het interieur van de kerk is heel licht vanwege de vele hoge kerkramen.
De muurschilderingen beelden de belangrijke momenten van het leven van de heilig verklaarde Gerlachus uit, onder andere zijn aankomst als pelgrim naar en in Jeruzalem.
Achter in de kerkzaal zien we het majestueuze kerkorgel van de St-Gerlachkerk.
Buiten gekomen, maken we een klein uitstapje binnen de kerkhofmuren naar de Refugio Sint Gerlach, waar pelgrims van Sint Jacob op vertoon van hun pelgrimspaspoort de nacht kunnen doorbrengen in dit pelgrimsverblijf.
Een  gebeeldhouwde plaquette bij de ingang van de refugio vermeldt de volgende pelgrimstekst: “Als God het wil, zal ik aankomen”.

Naar de Basiliek van het Allerheiligst Sacrament van Meerssen
Voorbij de kerk van Sint Gerlach passeren we de Sint-Martinuskapel.
Tegenover het enorme gebouwencomplex van een zorginstelling gaan we langs een hotel een pad op, het open veld in. Achter ons zien we de kleurrijke toren van het Ronald McDonald Huis van deze zorginstelling.
Waar we arriveren bij een brug over de Geul ter hoogte van de Geulhemermolen, gaan we de Geul niet over, maar lopen we eerst langs de Geul naar de Sint-Martinuskapel verderop.
Nu moeten we nog een asfaltweg kruisen, en door een viaduct onder de snelweg A79 door.
Nadat we verderop via een fietspad een spoorlijn hebben overgestoken, gaan we het mooie brede graspad van het Herkenbergvoetpad op langs een akker, en dan zien we in de verte vóór ons heel duidelijk al de basiliek van Meerssen, ons eindpunt voor vandaag. 
Om 16:30 uur arriveren we bij de Basiliek van het Allerheiligst Sacrament in Meerssen.
Bij de kerk op de Markt worden we ingehaald met de luidruchtige muziek van de kermis op het kerkplein.
We laten de kermis achter ons, en gaan de basiliek binnen.
Met de dan gedempte tonen van de kermis maken we een rondgang door de enorme kerk van Meerssen.
De vele symbolen in de kerk maken deze basiliek tot een bijzonder geheel.
Na dit kerkbezoek lopen we om de kerk heen, en gaan we terug naar de verderop geparkeerd staande auto, waarmee we met zijn vieren terugrijden naar het Klooster Wittem, waar we vanmorgen onze andere auto hebben geparkeerd. Dan rijden we tenslotte vanuit Wittem terug naar Camping Zavelbos, waar we gedurende deze wandeldagen op het PeerkePad verblijven en overnachten.

vrijdag 19 juni 2026

Lezing van Henk Dillerop over Traliewerk en bijzondere gevangenisverhalen

Donderdag 4 juni 2026
 
Lezing van Henk Dillerop in Tresoar te Leeuwarden

















Lezing van Henk Dillerop in Tresoar
Henk Dillerop heeft ruim veertig jaar gewerkt tussen en met criminelen. Hij sprak met moordenaars, verkrachters, overvallers, drugshandelaren en brandstichters. Niet als maffiabaas, maar zestien jaar als gevangenisdirecteur en daarvoor zesentwintig jaar als rechercheur bijzondere zaken en als chef van de criminele inlichtingendienst. 
Tegenwoordig onderzoekt hij in zijn vrije tijd onopgeloste moordzaken, schrijft een boek over veertig jaar Moord en Ander Ongemak in Leeuwarden (1975 – 2015) en maakt hij true crime podcasts, zoals: 'Sicco, de verdwenen marechaussee', 'De Bajes Bazen' en 'Fokko, de vermoorde kastelein'.

Traliewerk
Vanmiddag verzorgt Henk Dillerop een lezing in Tresoar te Leeuwarden, die deel uitmaakt van de afsluiting van het project Traliewerk, waarin vrijwilligers de afgelopen periode hebben geholpen om Friese gevangenisregisters toegankelijk te maken voor onderzoek en publiek.
In dit project is totaal 13 meter archief gedigitaliseerd door 900 vrijwilligers, waarvan 200 mensen heel intensief (dubbel) invoer- en controlewerk hebben gedaan. Daarbij zijn bijvoorbeeld 200.000 namen ingevoerd. Daarmee wordt veel kennis geactiveerd.
De lezing begint met een trailer ‘Hel of hotel’, over zes mensen die laten zien wat het gevangen zijn met mensen doet.  
Dillerop gaat ons iets over zijn ervaringen in het gevangeniswezen vertellen, als onder andere voormalig directeur van een gevangenis.

Dochter overleden
Hij begint met één van zijn gedichten, over een gedetineerde in de uitzichtloze stilte van zijn cel, en vertelt dan over twee bewakers die een gedetineerde in een uitzonderlijk geval uit zijn cel halen, omdat er bezoek voor de gedetineerde is. Dan krijgt de gedetineerde in Leeuwarden bericht dat zijn 16-jarige dochter een ernstig scooter-ongeluk heeft gehad en in Nijmegen in coma ligt. Toch kreeg deze vader de mededeling dat hij niet naar zijn dochter mocht, en ingesloten zou blijven in Leeuwarden. De volgende dag kwam de mededeling dat zijn dochter was overleden. Ook toen werd het besluit genomen dat hij niet bij de uitvaart van zijn dochter mocht zijn. Wel mocht hij onder geheimhouding en onder toezicht afscheid nemen van zijn dochter. Duidelijk mag zijn en duidelijk mag daarmee zijn dat een gevangenis geen hotel is.

Woensdag gehaktdag
Dit tweede verhaal gaat over een slagerszoon die in het vreemdelingenlegioen trad. Hij trouwde, scheidde, en vond een andere vrouw, gingen wonen in de provincie Groningen, waar het stel veel ruzie had, waarbij ook klappen werden uitgedeeld. Hij vermoordde zijn vrouw met een hakbijl en begroef zijn vrouw in de tuin. Toen meldde hij zijn vrouw bij de politie als vermist. De man bleef vrij man, en schreef het boek ‘Woensdag gehaktdag’ over een man die zijn vrouw vermoordde.  
De man ging terug naar de Randstad, verkocht zijn huis in Groningen. De nieuwe bewoners vonden de resten van de vrouw van deze man toen het tuinschuurtje werd gesloopt. De man bekende de moord, en kreeg een gevangenisstraf van zeven jaar. 

Anatomie van een seriemoordenaar
Een seriemoordenaar vermoordde aantoonbaar vijf vrouwen. Hij zat bij Henk Dillerop in zijn gevangenis opgesloten. Deze moordenaar kreeg levenslange gevangenisstraf. Bij levenslange gevangenisstraf was het vroeger zo geregeld dat je na 25 à 26 jaar automatisch gratie kreeg. Dat veranderde later, want levenslang werd toen daadwerkelijk levenslang. Maar vanaf 2013 deed het Europees Hof de uitspraak dat levenslang niet humaan is. Inmiddels geldt de voormalige 26-jaars norm weer, weliswaar onder bepaalde voorwaarden.
Soms komt het ook voor dat een levenslang veroordeelde weigert aan zijn invrijheidstelling mee te werken. 

Levenslang
Levenslange gevangenisstraf doet trouwens heel veel met die gevangenen, maar voor iedere gedetineerde is dat anders. Ze zitten dan wel in een hele kleine wereld.
Zo’n 40 mensen zitten momenteel in Nederland levenslang gevangen.
Verder zijn er in Nederland daarnaast ook tientallen langgestraften in de zogenoemde ‘long stay’.

Vrouwengevangenis
Een getrouwde vrouw had niet zo’n goed huwelijk. Ze vergiftigde haar man met zware medicatie. 
De arts stelde daarop een natuurlijke dood vast. De man werd begraven. De vrouw kreeg 350.000 euro uitgekeerd van de levensverzekering. 
Ze verhuisde naar Franeker en werd daar verliefd. Ze dacht terug aan haar eerste moord. Probeerde haar tweede man ook te vermoorden, wat uiteindelijk lukte, en ook hier stelde de arts een natuurlijke dood vast. De vrouw kreeg toen 250.000 euro van de levensverzekering uitgekeerd.
Ze werd wederom verliefd, nu op een man uit Brabant. Het huis zou in de verkoop komen, en ze stak toen het huis van de vrouw in brand. De politie vond echter sporen van brandbare vloeistoffen op de vrouw. 
Wegens ernstige twijfel werden daarop de beide lichamen van haar eerste twee mannen opgegraven, en van de tweede moord werd daarbij toen aangetoond dat die man was vergiftigd. De vrouw werd gevangen gezet.

Vitaminegebrek onder gedetineerden
Op een zondagmiddag werd fruit uitgedeeld in een gevangenis. Twee stuks fruit per dag is de norm. Er was te weinig fruit, dus de gedetineerden die onvoldoende kregen, klaagden. Een bewaker compenseerde dat door de tekortgeschoten gedetineerden daags erna drie stuks fruit te geven.
Dat leidde tot een klacht tegen de gevangenisdirecteur. Dit komt dan voor bij de beklagrechter, en die verklaarde deze klacht ongegrond. De gedetineerden gingen daarentegen in hoger beroep. Dat moest op neutraal terrein plaatsvinden met vijf nieuwe rechters van elders. Ook deze rechters verklaarden de klacht (wederom) ongegrond.  

Bijzondere gevangenisverhalen
Na deze lezing zijn we van harte welkom in Kafee De Gouden Leeuw in Tresoar, waarin bijzondere verhalen uit de gevangenisregisters worden gedeeld. Dat was een mooie gelegenheid om nog verder in de wereld achter de archieven te duiken.

Avondvierdaagse komt door Feinsum

Maandag 1 juni 2026
 
Water & pepermunt in de verzorgingspost op het Flinterplein van Feinsum

















Avondvierdaagse 2026
Vandaag gaat de Avondvierdaagse in Stiens van start.
Vanavond gaat de wandelroute van 7 kilometer door ons dorp Feinsum.
Vanmiddag is de verzorgingspost op het Flinterplein tegenover ons huis al gereedgemaakt. Er zijn vlaggetjes opgehangen en er is een grote jerrycan met water gebracht.
Daarna komen er twee dames van de verzorgingsploeg, die vanavond post zullen vatten in de verzorgingspost in Feinsum.

Verzorgingspost op het Feinsumer Flinterplein
Aan het begin van de avond begint de stroom kinderen met hun ouders en andere begeleiders op gang te komen.
Tijdens hun passage vanaf de Hege Hearewei over de Holdingawei melden alle deelnemers zich bij de verzorgingspost waar ze water te drinken krijgen, en als toegift pepermunt mee krijgen.
Als alle deelnemers langs zijn gekomen, en de 'bezemploeg' die gelederen sluit, vertrekken de verzorgsters en wordt de verzorgingspost opgeruimd.
Dan wordt het weer stil op straat.

Het Fries is dood, leve het Nedersaksisch! De Richthofenkolleksje als bron voor een taal(r)evolutie

Dinsdagavond 26 mei 2026
 
SGL-lezing van Vincent Robijn in de Beurs te Leeuwarden


















Pinksterdinsdaglezing
De Richthofenkolleksje is een unieke verzameling handschriften met Oudfriese rechtsteksten.
Terecht dat Fryslân trots is op dit door UNESCO erkende bronnen-corpus. 
Maar de Friezen zouden niet het alleenrecht op de Richthofenkollekjse moeten hebben. 
Een deel van deze handschriften is namelijk niet in het Fries geschreven, maar in een vroege vorm van het Nedersaksisch; de taal van Oost-Nederland die inmiddels een officiële erkenning heeft als regionale taal binnen Nederland. 
Vincent Robijn houdt vanavond de zogenoemde Pinkstertiisdei-lezing als een pleidooi voor het verbreden van de waardering van de Richthofenkolleksje, namelijk óver de grenzen van het Friese taalgebied heen.
In zijn inleiding op deze lezing vertelt Tresoar-directeur Arjen Dijkstra dat deze lezing op Pinksterdinsdag wordt verzorgd, omdat de Friezen van vroeger op die dag bij elkaar kwamen om recht te spreken.
Vincent Robijn, van origine afkomstig van Ameland, is opgeleid als middeleeuws historicus en archivaris. Hij is werkzaam als directeur van Collectie Overijssel, de archieforganisatie van Overijssel.  Zijn lezing houdt hij in het Amelander dialect.

Lezing over de Richthofenkolleksje en taal
De Richthofenkolleksje werd geregistreerd in het Nederlandse Unesco-register ‘The Memory of the World’ (dat archieven waardeert en erkent), zulks vanwege de historische kennis van het recht en geschreven onze tweede landstaal.  
De Richthofen-kolleksje zijn tien handschriften van het oud-Friese landrecht, die in de loop der jaren bijeen zijn verzameld, en die uiteindelijk door Von Richthofen zijn aangekocht. De familie wilde er later vanaf, en voor 15.000 gulden werd de collectie aangekocht om die voor Fryslân te behouden. Ze kwamen bij de Provinciale Friese Bibliotheek, en zijn daardoor uiteindelijk nu ondergebracht bij Tresoar in Leeuwarden.
  • Je moet de Richthofenkollesje in een veel breder verband gaan bekijken, namelijk niet alleen vanuit het Friese, maar ook vanuit het Nedersaksische. Vier van de tien handschriften zijn niet in het Fries, maar in het Nedersaksisch geschreven.
  • Nedersaksisch omvat het Gronings, Stellingwerfs, Drents, Sallands, Twents, Veluws, en Achterhoeks, en daarmee waait het over verschillende provincies heen. Dat is mooi, maar dat geeft ook de nodige problemen bij de gelijkberechtiging in die afzonderlijke provincies. Samenwerking tussen provincies hieromtrent blijkt lastig te zijn. In Fryslân ligt dat daarentegen veel gemakkelijker.
  • Via de cultuur – zoals in de muziek – wordt gewerkt aan de herwaardering van het Nedersaksisch, denk daarbij ook aan Normaal en Daniël Lohues. 
  • Het gebied van de Friezen in de jaren 500-1000 was verstrekkend, namelijk van Zeeland tot en met Noord-Duitsland. Door de toenemende invloed van de Franken, begon de ontfriezing van de Friese landen 
  • Het oudste Fries op schrift dateert van rond het jaar 1100, namelijk van wetsteksten. Daarmee - en in dit geval - biedt de Richthofenkolleksje ook toegang tot het oud-Fries.
  • Het Nedersaksisch verspreidde zich naar Oost-Duitsland. Het was ook voor een deel als handelstaal gekoppeld aan de handelsbetrekkingen van bijvoorbeeld het Hanze-gebied, tot zelfs in Tallinn.  
  • De Moderne Devotie (van onder andere Geert Groote en Thomas a Kempis) zorgde er ook voor dat veel Latijnse religieuze teksten (waaronder bijbelteksten) werden vertaald naar het Nedersaksisch. 
  • In ongeveer 150 jaar tijd (namelijk in de 14e – 16e eeuw) is het oud-Fries grotendeels verdwenen, en ging men over naar het Middel-Nederduits, het Nedersaksisch.
  • De Richthofenkolleksje verbindt dus eigenlijk twee talen, namelijk het Fries en het Nedersaksisch.
  • Eigenlijk moeten we voortaan over de taalgrens heen kijken, en de Richthofenkolleksje zowel vanuit het Fries als vanuit het Nedersaksisch beschouwen. 
  • Momenteel wordt de internationale erkenning aangevraagd voor de Richthofenkolleksje bij de Unesco.

Basisschoolcatechese in Hallum over Pelgrimeren naar Santiago de Compostela

Dinsdag 26 mei 2026
 
Impressie van een minipelgrimage naar de 'kathedraal' van Hallum
























Pelgrimeren voor kinderen
De Protestantse Gemeente Mariëngaarde te Hallum organiseert dit jaar enkele middagen basisschool-catechese voor de leerlingen van de groepen 7 & 8 van de christelijke basisschool, die meer willen weten over kerk en geloof.
Aan Durkje en mij hebben de organiserende pastor en kerkelijk werker gevraagd of wij samen één middagprogramma willen verzorgen, over pelgrimeren naar de kathedraal van Santiago de Compostela.
Net weer terug van onze voorjaarspelgrimage vanuit Santiago de Compostela is dat prachtig om te doen, dus we werken daar van harte aan mee.
Het programma begint vlak na twee uur en duurt ongeveer anderhalf uur, en we krijgen te maken met een groep belangstellende basisschoolkinderen, die het leuk vinden om te luisteren naar onze pelgrimsverhalen, die we hen op verschillende locaties binnen en buiten vertellen.

Wat is pelgrimeren
We ontvangen de groep basisschoolkinderen in het kerkelijke centrum De Hoeksteen van Hallum met drinken en een koekje. Het is vanmiddag warm, dus drinken is belangrijk, en daar hebben we al een eerste aandachtspunt te pakken omtrent pelgrimeren.
Na een eerste kennismaling vertel ik wat pelgrimeren is, en waar de pelgrim van Sint Jacob naar op weg is, namelijk naar het graf van Sint Jacob. Zoals Santiago de Compostela een grafkelder heeft voor Jacobus, heeft ook de Sint-Maartenkerk van Hallum een grote grafkelder.
Als de kinderen weten hoe je een pelgrim kunt herkennen (bijvoorbeeld rugzak met daarop de Jacobsschelp) krijgen ze een kijkopdracht in een filmpje, waarin ze wellicht één of meer pelgrims aantreffen.
Dan inventariseert Durkje met de kinderen wat je allemaal mee moet nemen in bijvoorbeeld je grote rugzak als je wekenlang of maandenlang op pelgrimstocht gaat naar en door Spanje.

Pelgrimstocht rond de grote terpkerk
Als dat allemaal in onze rugzakken zit, krijgen ook de kinderen een kleine Jacobsschelp aan hun rugzak of als halsketting gedragen, en gaan we naar buiten op mini-pelgrimstocht naar de 'kathedraal' van Hallum, naar de Sint-Maartenkerk, hoog op de dorpsterp. Ze krijgen ook een witte steen mee, maar daarover straks meer.
Voordat we naar buiten gaan, staan we in een kring op het podium in de kerkzaal van De Hoeksteen, waar iedereen de pelgrims-Zegen van Saint Patrick mee krijgt.
Op het kerkpad rondom de grote Sint-Maartenkerk hangen geel op blauw-caminopijlen, die de kinderen de juiste weg wijzen naar de ingang van de 'kathedraal'. Hen wordt gewezen op de gele pijlen, die je de juiste weg wijzen, zoals de Bijbel dat ook doet op je levensweg. En die Bijbel in je leven is voor ons als het route-boekje op het pelgrimspad. 
Onder leiding van pelgrim Durkje rondom de kerk lopend, komen we aan bij het grote kruis, dat vanmiddag symbool staat voor het 'Cruz de Ferro' op het pelgrimspad. Zoals pelgrims bij dat ijzeren kruis een steen achterlaten van iets wat hen belast (of verblijdt), schrijven de kinderen hier iets dergelijks op hun witte steen, en leggen ze hun steentje aan de voet van het houten kruis.
Een eindje verder op onze pelgrimstocht rond de kerk steken we een kaarsje aan, als teken van het licht van Christus, waarmee we dan denken aan iemand die we missen, of aan iemand die wel een steuntje in de rug kan gebruiken. Op het kerkhof zoeken de kinderen een plek waar ze die electrisch brandende kaarsjes achterlaten, zoals je als pelgrim onderweg in kerken ook een kaarsje voor iemand aansteekt en achterlaat.

In de 'kathedraal' van Hallum
Aan het eind van onze pelgrimage rond de grote kerk van Hallum gaan we deze 'kathedraal' van Hallum binnen, waar we als pelgrims blij worden van onze aankomst, en een pelgrimsstempel krijgen van onze Refugio Ultreia Feinsum. 
Daar leg ik in de kerk aan de kinderen het systeem uit van het pelgrimspaspoort, waarin de pelgrim onderweg zoveel mogelijk pelgrimsstempels verzamelt, om die bij aankomst in het pelgrimsburo in Santiago de Compostela als bewijs te tonen van haar of zijn pelgrimstocht, waarna de pelgrim daar welverdiend het pelgrimscertificaat van de bisschop van Santiago de Compostela krijgt uitgereikt.
En zoals de pelgrim vanuit Spanje vaak nog een pelgrimsansichtkaart naar haar/zijn geliefden in Nederland stuurt, gaan ook hier nu de kinderen een echte pelgrimsansichtkaart naar hun ouders/broers/zusters verzenden, die vanmiddag door de organisatoren in de brievenbus worden gedeponeerd, en die dan een dezer dagen thuis wordt bezorgd door de postbode. Alle kinderen zoeken een mooie pelgrimsansichtkaart uit, adresseren die, en schrijven een persoonlijk bericht naar hun thuisfront.
En daarmee eindigt voor deze basisschoolkinderen hun geslaagde mini-pelgrimage in de 'kathedraal' van Hallum. 

89e Motor Elfstedentocht passeert Feinsum

Pinkstermaandag 25 mei 2026
 
De motorrijders naderen Feinsum over de Hege Hearewei

















Elfstedentocht voor motorrijders
Vandaag vindt de 89ste editie plaats van de Motor Elfstedentocht. 
De tocht wordt georganiseerd door de Friesche Motorclub (FMC).
Deze tocht op Pinkstermaandag voert de deelnemende motorrijders door de elf Friese steden, over een afstand van zo'n 240 kilometer.
Deze Motor Elfstedentocht is een jaarlijks terugkerend evenement voor motoren, motoren met zijspan, trikes, solexen en voor bijzondere auto’s zoals oldtimer auto's èn voor speciale uitvoeringen van nieuwere auto's, solexen en brommers.
Deelnemers kunnen zich inschrijven voor verschillende starttijden. Voor elke starttijd is een maximaal aantal deelnemende voertuigen, waarmee de deelnemers over een lang lint van motoren worden verspreid over de Elfstedenroute.
Zo'n 3.500 motorrijders maken deel uit van deze jaarlijks terugkerende beleving.

Claxonnerend langs Feinsum
De route van deze Motor Elfstedentocht passeert ook Feinsum, namelijk over de Hege Hearewei.
Dan zitten wij goed, want vanuit onze woning hebben we een prachtig uitzicht over het open landschap waardoor de motorrijders Feinsum naderen en passeren. 
Rond het middaguur komen de eerste grotere groepen motorrijders voorbij, en zo langzamerhand groeit het aantal Feinsumers en andere belangstellenden dat aan de dorpsrand op de T-kruising van Holdingawei en Hege Hearewei een mooie zichtplek vindt om dat lange lint van allerlei soorten motorrijders voorbij te zien komen.
Vandaag passen we op twee van onze kleinzonen, Aaron en zijn jongere broer Simeon. Als de driejarige Aaron in de gaten krijgt dat de motoren af en aan rijden, is hij niet meer te houden. Tijdens de lunch wil hij voortdurend vanuit ons huis zwaaien naar de motorrijders, en zodra we klaar zijn met eten, moeten we natuurlijk naar buiten, want dáár gebeurt het allemaal, en dat wil je niet missen.
Daarom posteren we ons op twee tuinstoelen in de berm van de T-kruising van de Holdingawei en de Hege Hearewei, en dan begint voor Aaron het grote zwaaifeest. Er gaat bijna geen motorrijder voorbij die geen zwaaiende kinderhand krijgt, en die bijna twee uren durende zwaaipartij resulteert in vrolijk zwaaiende en claxonnerende motorrijders, waardoor het enthousiasme van Aaron superlang stand houdt. 
Zo is ook deze Motor Elfstedentocht - net zoals al die andere Elfstedentochten - een vrolijk vermaak voor deelnemers en publiek, voor zowel jong als oud. 

Op ús eigen wize

Pinksterzondagmiddag 24 mei 2026
 
It Feest fan Ferbining van Nijkleaster op Kleaster Westerhûs

















Feest van Verbinding
Vanmiddag zijn we in groten getale naar de Sint-Redbadtsjerke van Jorwert gekomen, voor de Pinksterviering 2026 van de Kloostergemeente Nijkleaster-Westerwert.
Het thema van dit 'Feest fan Ferbining' is dit jaar: 'Op ús eigen wize'.
Het programma van dit feest van verbinding begint met de Pinksterviering in de kloosterkerk van Jorwert, waarna we met zijn allen over gaan naar Klooster Westerhûs te Hilaard om daar feest te vieren voor die verbinding.

Pinksterviering 
De voorganger van deze Pinksterviering is dominee-kleasterling Hinne Wagenaar, en de muzikale begeleiding wordt verzorgd door musicus Hindrik van der Meer op vleugel.
De viering begint met het muziekstuk 'Veni Creator Spiritus', waarna Nijkleaster-voorzitster Gea van Wieren ons allen welkom heet, en zij voorstelt om te gaan zingen: 'Yn dit hûs mei hannen boud', dat vervolgens vol hartstocht samen wordt gezongen.
Na de bemoediging en het gebed om warmte zingen we het lied 'Niet verdeeld, maar samen', in het Nederlands, het Fries en het Engels.
Daarna volgt een inleiding op deze Pinksterzondag en volgt de bijbellezing van Psalm 84 in de versie van Huub Oosterhuis, maar in de vertaling van en voorgelezen door kloosterlinge Albertsje Spliethoff; hetgeen we beantwoorden met het in het Latijn, Fries en Nederlands zingen van 'Veni Sancte Spiritus'.
De tweede bijbellezing gaat over het verhaal van Filippus die de Ethiopiër ('de kamerling uit morenland') ontmoet, en die lezing beantwoorden we met het zingen van het lied 'Laudate omnes gentes' in het Latijn, het Fries en het Nederlands.

Op ús eigen wize
De preek die op deze bijbellezingen volgt, gaat over het thema van deze dienst: 'Op ús eigen wize'.
  • De wind, het vuur en de gesproken taal brengen de mensen in verwarring, met name omdat ieder de boodschap in eigen taal hoort.
  • Het communiceren in minderheidstalen geeft bemoediging en geeft een 'boost' aan je eigenheid, aan je eigen taal, aan je cultuur, aan je sociale structuren, en daarmee dus ook aan 'ús eigen wize'.
  • Je kunt worden wie je zelf wilt zijn.
  • Voor iedereen - dus óók voor jóu - is er een plek bij God.
  • "Word Mijn getuigen, tot het einde der aarde!"
  • Wij mogen hier allen zijn in en als inclusieve gemeenschap, wie we ook zijn, ongeacht volk en ras, met al wat wij ook met ons meedragen aan pijn, verdriet en vreugde.
  • We mogen allen het evangelie ontvangen in onze eigen taal en cultuur, op onze eigen wijze!
Uitbreiding van de Kring van Nijkleaster 
Na drie muziekstukken uit Afrika, van Papoea en van Mozart - gespeeld door Hindrik van der Meer - gaan we over naar de vier verschillende vormen van overgang die we in onze kloostergemeenschap straks onder de aandacht zullen brengen. Maar eerst zingen we nog het lied 'Zij zit als een vogel'.
Twee van de interne kloostelingen (Trees & Reinier) zullen vandaag de overstap maken naar de status van externe kloosterling, en twee andere externe kloosterlingen (Jolanthe & Jan Durk) maken daarentegen de overstap van externe kloosterling naar interne kloosterling.  
En nestor Harry Kaspers wordt op zijn verzoek na een lange staat van dienst binnen de protestantse (klooster)gemeente met lof losgemaakt van zijn ambt in de Kleasterried van de huidige kloostergemeente. 
Vier andere kleasterkrachten hebben de wens te kennen geven aan Nijkleaster te worden verbonden als Kleasterling. Na de inleiding op deze verbinding wordt de Belofte van de Kleasterlingen uitgesproken, en wordt die met het samen weer drietalig zingen van 'Take, O take me as I am' bevestigd door alle reeds verbonden en alle vier nu te verbinden Kleasterlingen, te weten: Marja Crucq, Gerrit van Heijkop, Minke Hiemstra en Nicolette Vlaming.  
Dan krijgen de vier nieuwe Kleasterlingen hun Nijkleaster-ketting van belofte omgehangen, en nemen zij figuurlijk en ook letterlijk plaats in de gemeenschap van Kleasterlingen.
Dominee-kleasterling Reinier Nummerdor spreekt vervolgens de gebeden uit, die wij samen beantwoorden met het gezongen 'God fan fier en hein ús Heit'.
Dan krijgen we ter heenzending nog de Zegen van God mee, hetgeen we beantwoorden met het lied 'Seinige bisto, in seine bisto'.

Feest van Verbinding
Na deze buitengewoon inspirerende Pinksterfeestviering gaan we allen vanuit de kloosterkerk van Jorwert naar het Kleaster Westerhûs onder de rook van Hilaard. Daar gaan we het vrolijke 'Feest fan Ferbining' vieren.
Daar vindt - in het weiland bij Kleaster Westerhûs - het overgangsritueel plaats voor de kleasterlingen die vandaag ieder op eigen wijze hun overstap binnen Nijkleaster maken. 
Daar - op het kloosterterrein - worden we in de gelegenheid gesteld om de vier nieuwe Kleasterlingen te feliciteren met hun overgang naar de positie van Kleasterling, en kunnen we Harry Kaspers grote dank zeggen voor het vele en goede dat hij voor de kerkelijke gemeente, voor de Stifting Nijkleaster, en voor de nieuwe Kloostergemeente van Nijkleaster heeft gedaan.
Daar - in de kloosterboerderij - vindt ook de boekpresentatie van 'ACTS on Freedom' plaats, geschreven door Hinne Wagenaar.
En voorts wordt er geproost op al deze overgangen tijdens het feest van verbinding, en is het nog lang gezellig in de gebouwen en op het kloosterterrein van Nijkleaster.