zondag 28 juni 2026

Waarom we weten wat goed is, maar toch anders doen

Donderdag 18 juni 2026
 
Presentatie van Joris Galama in de Beurs te Leeuwarden

Duurzaam of niet-duurzaam
We weten inmiddels heel goed wat de klimaatuitdagingen zijn. 
We kennen de cijfers, de scenario’s en de oproepen tot duurzamer gedrag. 
Toch blijven we massaal niet-duurzaam gedrag vertonen. 
Sterker nog: in veel gevallen is niet-duurzaam gedrag nog altijd statusverhogend, zoals vliegen naar zonnige vakantiebestemmingen. 
Daarbij zien we dat zelfs mensen die zichzelf als duurzaam beschouwen, zich lang niet altijd duurzaam gedragen.
Vanavond wonen Durkje en ik hierover de lezing bij van Bianca Harms & Joris Galama, die in de Beurs te Leeuwarden wordt georganiseerd door Studium Generale Leeuwarden. Zij zijn de lector en een kenniskringlid van het lectoraat Transformational Media van NHL Stenden Hogeschool.
In deze Studium Generale-lezing staan we stil bij die paradox, vanuit een systeemperspectief. Ons gedrag staat namelijk niet op zichzelf, maar is ingebed in een groter systeem van normen, infrastructuren, economische prikkels en culturele beelden. 
  • Waarom vinden we het bijvoorbeeld volkomen onacceptabel als iemand een batterij op straat gooit, maar nauwelijks vreemd als diezelfde persoon zonder nadenken het vliegtuig pakt? 
  • Wanneer verschuift binnen zo’n systeem de norm en wordt bepaald gedrag ineens maatschappelijk onacceptabel, zoals roken binnenshuis?
Inleiding van Bianca Harms 
Bianca Harms richt zich in haar werk als lector vooral op marketing en marketingtactieken om de wereld een beetje mooier te maken.
Eerst vraagt Bianca ons hoe belangrijk wij duurzaam gedrag vinden, en daarna hoe zeer wij al bezig zijn met duurzaam gedrag. Dan blijkt dat van velen hun duurzaam gedrag lager zit dan het belang dat men er aan hecht.
  • In 2022 hadden we al 1,7 Aarde nodig om te voorzien in ons niet-duurzaam gedrag.
  • Als we doorgaan met wat we nu doen, is de opwarming op Aarde van 1,5 graden al over vier jaar het geval. Toch leiden die gegevens niet tot drastische gedragsverandering. Er is maar een kleine groep mensen die haar gedrag afstemt op haar duurzaamheidsambitie.
  • Er zijn nogal wat  praktische barrières die ons duurzaam gedrag blokkeren.
  • Vooral duurzame gedragingen die onze identiteit veranderen, stuiten in ons veelal op weerstand.
  • Mensen veranderen niet alleen omdat ze iets belangrijk vinden. Je moet (1) het namelijk kunnen, (2) het moet je mogelijk zijn, (3) je moet gemotiveerd zijn, (4) moet kunnen kiezen en (5) het stuit op je weerstanden.
  • De vraag is waarom verandert de groep mensen niet die wel duurzamer wil leven, maar het niet doet. En waarom maakt het systeem duurzaam gedrag zo moeilijk? We vragen namelijk mensen om duurzaam gedrag te vertonen in een omgeving die duurzaam gedrag lang niet altijd ondersteunt.
  • De weerstanden zitten ook in het economische domein van 'meer groei en meer welzijn'.
  • Er wordt nog steeds reclame gemaakt voor niet duurzame opties. Ze zijn vaak nog goedkoper. Niet-duurzaam gedag biedt soms meer gemak, en verder geldt nog steeds wel de norm van niet duurzaam handelen.
  • Gedragsverandering is eigenlijk een systeemvraagstuk.
Presentatie van Joris Galama 
Joris Galama zijn studiethema’s richten zich met name op gedragsverandering en duurzaamheid.
Waarom blijkt niet-duurzaam gedrag nog normaal?
Bij zijn onderzoeksopdracht bekijkt Galama of het mogelijk is om duurzamer te gaan leven, en hoe je dat dan kunt bereiken, en dat kunt gaan doen.
  • We moeten de factoren in kaart zien te brengen, die ervoor zorgen dat we uit het dal komen waarin we nog niet zulk duurzaam gedrag vertonen, dat wel zou moeten of zoals we dat zouden willen. 
  • Waar zou je veranderingen in het systeem teweeg kunnen brengen die ons allen tot duurzamer gedrag verleiden en brengen?
  • Daarbij is de vraag wat we normaal vinden. Als niet-duurzaam gedrag nog normaal is, moeten we wellicht nadenken over de vraag hoe we duurzaam gedrag uiteindelijk normaal gaan vinden. Dat kan wel, maar daar gaat de nodige tijd over heen. Zo waren bijvoorbeeld slavernij, roken, het niet dragen van autogordels en de zwarte pieten voorheen nog normaal, terwijl dat inmiddels nu al op grote schaal is veranderd. Het moment dat dat verandert, noemen we het 'Tipping Point', ofwel het kantelpunt. 
  • Op zo'n kantelpunt kan een klein extra duwtje in de goede richting  net genoeg zijn om het systeem in een andere toestand te brengen. 
  • Een gedragsveranderingscampagne doet bijvoorbeeld wel iets, maar je hebt nog iets extra’s nodig om het tipping point te bereiken. 
  • Soms kan een verandering heel snel gaan. Kijk maar naar het aantal mensen dat in de coronatijd een mondkapje ging dragen. Als zo’n 25% van de mensen de verandering inzet, kan het soms heel snel gaan. 
  • Niet-duurzaam gedrag is een hele stabiele situatie, en het systeem is zo ingericht dat het heel moeilijk is om van niet-duurzaam gedrag over te gaan naar duurzaam gedrag.
  • Bij de overgang naar duurzaam gedrag moeten we er eigenlijk voor zorgen dat een terugval niet meer mogelijk is.
  • Bij verandering van gedrag kijken we voortdurend naar anderen om ons heen. Daar is sprake van sociale vergelijking, ofwel kijken naar mensen die het beter doen dan wij, òf kijken naar mensen die het slechter doen dan wij. 
  • De mensen die het wel beter doen dan wij, zouden moeten opstaan, om de anderen ertoe te brengen het óók beter (bijvoorbeeld duurzamer) te gaan doen.
  • We zien dat duurzaam gedrag zich niet verspreidt als een virus, want de verandering stokt of gaat (te) traag.
  • Als ik zie dat anderen zich niet duurzaam gedragen, waarom zou ik me dan wel duurzaam gaan gedragen?
  • Als we constant worden blootgesteld aan vliegvakanties (bijvoorbeeld door reclame en social media), is het logisch dat we daar in mee gaan, en blijven denken dat dat normaal is.
  • De actuele algoritmes versterken het sociale mechanisme van het al dan niet duurzaam gaan gedragen. Als je iets constant ziet, voelt het uiteindelijk als normaal.
  • Verder is er sprake van een do good-dilemma, want als je heel goed bezig bent, en anderen doen dat (nog) niet, dan ervaar je het als een dilemma om te beginnen over bijvoorbeeld je eigen duurzame gedrag. 
  • Voorbeeld-gevers durven zich namelijk veelal niet uit te spreken. Ze houden zich stil. Maar dan denken de anderen dat jij niet duurzaam leeft, omdat je er niet over praat. Dan zal hij/zij dat waarschijnlijk niet gaan doen.
Hoopvol
  • Gedragsverandering is wel degelijk mogelijk. Mensen moeten zich er vooral wel over uitspreken. ‘Doing good louder’ noemen ze dat.
  • Dat er tegenin gaan is heel complex, en moeilijk om te doen. 
  • Als je je niet uitspreekt over je duurzame gedrag, gebeurt en verandert er nooit iets. Jij kunt dat zaadje planten. In het begin zie je het effect nog niet, maar kracht en energie hierin stoppen, kan wel helpen om resultaten te boeken.
  • De morele lading heb je absoluut nodig om resultaten te boeken. Zonder het noemen van die morele lading krijg je de discussie en verandering niet op gang.
  • Dus, laat je duurzame gedrag zien, en spreek je daarover uit. Als je het niet-duurzame gedrag niet meer laat zien, helpt dat ook al om de overstap naar duurzamer gedrag te gaan maken.
  • Om gedrag te veranderen, moet je het systeem begrijpen, en daar iets mee doen.
Van ‘Do bad in silence’ naar 'Do good louder
  • Media kunnen normen versterken. Zo kun je door duurzame alternatieven zichtbaar te maken, het duurzame gedrag wel gaan normaliseren. Duurzame influencers zouden daar een belangrijke rol in kunnen spelen.
  • Communicatie kan via media een positief effect teweeg brengen. 
  • Het lectoraat Transformational Media onderzoekt hoe communicatie kan bijdragen aan maatschappelijke transities richting duurzaamheid, gezondheid en welzijn. Daarbij kijken ze niet alleen naar gedrag, maar ook naar de context waarin dat gedrag ontstaat.
  • We moeten overstappen van ‘do bad in silence’ naar ‘do good louder’. Kortom, vertel vooral over je duurzame gedrag, en laat dat zien.

Geen opmerkingen: