woensdag 18 juni 2025

Hünenweg van Bramsche naar Ueffeln

Zondag 15 juni 2025
 
Kustrotsformatie uit de Jura in de kwartsiet steengroeve in het Gehnwald

















Eerst Hondsrugpad heen
De Duitse ‘Hünenweg’ en het Nederlandse ‘Hondsrugpad’ werden in 2021 gecombineerd tot een langeafstandswandelpad tussen het Nederlandse Groningen en het Duitse Osnabrück van 324 kilometer.
De Nederlandse versie van het Hondsrugpad is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hondsrugpad – Wandelen door de prehistorie, esdorpen en grenzeloze natuur’ (2021) van Fokko Bosker. Die wandelgids beschrijft de route zuidoostwaarts vanuit Groningen naar het Duitse Meppen, en gaat dus niet verder naar het Duitse Osnabrück. Dat traject van de 9 etappes van het ‘Hondsrugpad’ hebben Durkje en ik al gelopen in de periode van 16 april 2023 tot en met 10 juni 2023, inclusief de bijbehorende 2 Verbindingsroutes, de 2 Trajecten en de 7 Rondwandelingen.

Dan Hünenweg terug
De Duitse versie van de Hünenweg is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hünenweg - Hondsrugpad’ (2023) van Idhuna Barelds. Die wandelgids beschrijft de route noordwestwaarts vanuit het Duitse Osnabrück via het Duitse Meppen naar het Nederlandse Groningen, dus – in tegengestelde tot de hierboven genoemde wandelgids – wèl het hele traject van de Hünenweg/Hondsrugpad. 
Omdat Durkje en ik de heenweg-route van Groningen naar Meppen al hebben gelopen, gaan we aansluitend de 150 kilometer lange terugweg-route van Osnabrück naar Meppen lopen, opdat we – eenmaal aangekomen in Meppen de 324 kilometer lange route van de Hünenweg/Hondsrugpad geheel wandelend hebben voltooid.
Deze route wordt gemarkeerd met een blauw schrift op gele achtergrond.

Van Bramsche naar Ueffeln
Vandaag lopen we de derde etappe van de Duitse Hünenweg, over een afstand van 13,4 kilometer, van Bramsche naar Ueffeln.
We verblijven deze vijfdaagse op Camping Waldoase nabij het Duitse Merzen, dat ongeveer op de helft van de eerste vijf etappes ligt.
We vertrekken vanmorgen om 7:40 uur vanaf de camping, en rijden dan met de auto - met op het fietsenrek onze beide fietsen - naar Ueffeln, waar we onze auto parkeren bij de Sankt-Marienkirche. Dan fietsen we van Ueffeln de 9,9 kilometers naar Bramsche, waar we onze fietsen stallen bij de Sankt-Martinskirche.
Bij vertrek is het 17 graden Celsius, en bij aankomst in Ueffeln is het 18 graden Celsius.
Het weer begint vandaag droog, maar dat verandert al snel als we op de fiets van Ueffeln naar Bramsche fietsen. De regenkleding houden we vanmorgen aan, want het blijft de hele ochtend regenen, zij het licht, maar wel zoveel dat we de regenkleding erbij aan moeten houden. Pas vanmiddag wordt het droog, en dan trekken we bij de steengroeve de regenkleding uit. Aangekomen in Ueffeln breekt de zon heel even door tijdens onze lunch, en in de loop van de middag komen er af en toe zonnige perioden, en blijft het droog.
Vandaag wandelen we door het Gehnwoud, waar vroeger zandsteen werd gewonnen, waarvan talrijke gebouwen in deze regio – zoals ook de kerk van Ueffeln – werden gebouwd.

Bramsche
Als we om 8:45 uur onze fietsen hebben gestald aan het marktplein tegenover de Sankt-Martinskirche, gaan we van start.
Over het stadsplein en langs de Sint-Maartenskerk lopen we naar het Tuchmacher Museum van Bramsche.
In een hoekje vóór een vakwerkhuis staat het symbool, het masker van Varusschlacht, met eronder de aanduidingen Geloof, Hoop en Liefde, en daaronder de spreuk dat Dank en Liefde grotere machten blijven, die meer overwinningen leveren dan alle heersers van deze aarde. Dat is een mooie spreuk om deze zondag met je mee te dragen en aandachtig te overwegen tijdens deze bos-etappe.
We laten het lakenmuseum achter ons en gaan verder door Bramsche.
Even later komen we in een klein park op de Bramscher Berg, waar het oorlogsmonument (1934) staat voor de 167 Bramscher gesneuvelden van de Eerste Wereldoorlog.
Een onderdeel van dit grote monument is ook de 28 meter hoge uitzichttoren op de Bramscher Berg.

Door het Gehnwald
Vanuit Bramsche stijgen we geleidelijk naar het Gehnwald. 
Langs een bosrand met links van ons een maïsakker slaan we rechtsaf. 
Hier doorkruisen we de boomwal, en krijgen we het zicht op het dal vóór ons.
Dat dal gaan we niet in, want de route gaat direct linksaf het Gehnwald in.
We doorkruisen dit bos over brede en smalle bospaden. Op een asfaltweggetje aangekomen, bereiken we de plek bij een dikke boom die we kennen, want hier zijn we vorig jaar van de andere kant af gekomen, waarbij wij toen net als vandaag hier bij deze boom het asfalt verlaten om het Gehnwald (weer) in te gaan.
Hier gaat het eerst over een breed karrenspoor, maar even later verandert dat in een smal bospad.
Vanaf hier volgen we de route van de Hünenweg, die voor de rest van deze dag-etappe nagenoeg gelijk is aan die van het Hannekemaaierspad van vorig jaar november 2024.
Hier en daar in het bos komen we op brede bospaden langs opslag van houtkap.
Bij een picknickplek aangekomen, na ruim zes kilometer gelopen te hebben, houden we een korte koffiepauze op de overkapte picknickbank.

Zandsteen uit de steengroeve
Op het moment dat we ons gereed maken voor vertrek, komen twee vrouwen en een man aanlopen van de andere kant, die deze picknickbank na ons gaan gebruiken voor hun pauze.
Wij lopen dan eerst naar de zogenoemde Gehnhut, die op een T-kruising zo’n 600 meter verderop in het bos staat.
Ons brede bospad gaat over in een heel smal bospad heuvelopwaarts. We komen verderop langs een oude steengroeve. Hier in het Gehnwald werd vroeger zandsteen gewonnen, dat veelvuldig werd gebruikt bij het bouwen van bijvoorbeeld de gotische Sankt-Marienkirche van Ueffeln, waarnaar we vandaag onderweg zijn.
Het is niet toegestaan deze oude steengroeve te betreden, dus we lopen er langs.
Langs het bospad zie ik prachtig oranje gekleurde zwammen op dood hout. Eerder zag ik al witte. Toen we hier in november vorig jaar (2024) liepen, waren er heel veel zwammen te zien, maar nu niet. Maar deze hele mooie oranje zwam dus wel.
Onze route is wel heel goed bewegwijzerd, dus dat is tamelijk comfortabel. Daarnaast valt het op hoeveel duidelijke wegwijzers we op veel T-splitsingen en kruisingen van bospaden in de Duitse bossen zien staan. 
En de Hünenweg wordt óók hier in de bossen heel goed aangegeven met duidelijke wegwijzers op palen en bomen.

Rondom de kwartsiet steengroeve
Inmiddels is het rond het middaguur droog geworden, en trekken we onze regenkleding uit.
Ook de trui kan uit, want de temperatuur is vandaag aangenaam, niet te koud en niet te warm; heel anders dan gisteren met die 34 graden Celsius; wàt een verschil is dat met vandaag.
We maken ongeveer twee kilometer lang een ruime bocht om een enorme kwartsiet steengroeve.
Geweerd door hoge hekken, kunnen we de groeve niet in, maar er dus wel omheen. 
Bij het verste eind van de steengroeve komen we nog langs een hele hoge rotswand van deze steengroeve. De roodbruine kleur geeft aan dat de aarde en het gesteente in de hoge rotswand nogal sterk ijzerhoudend is.
Een informatiebord enkele meters verderop meldt dat het hier gaat om een voormalige kustrotsformatie van de hier aanwezige zee uit het Jura-tijdperk.

Naar de zandstenen Sankt-Marienkirche van Ueffeln 
Zo ongeveer om 12:00 uur lopen we het Gehnwald uit, en gaat het verder over een akkerpad richting Ueffeln. In de bermen links en rechts van het pad groeien en bloeien prachtig geel met paars hoog opgaande zwarte toortsen.
Om 12:20 uur wandelen we de bebouwde kom van Ueffeln binnen.
Langs het Friesenpatt – waar we vorig jaar op een bankje hebben gepauzeerd – staat een grote slijpsteen, zoals die vroeger uit de lokale steengroeve werden gehaald, om te gebruiken als slijpsteen voor messen en andere gereedschappen.
Door een heel smal laantje lopen we van het Friesenpatt naar de brede verkeersweg die het dorp doorsnijdt. Bij de dorpsvijver en de dorpsbron aangekomen, nemen we plaats op een picknickbank om daar te lunchen alvorens we naar de auto doorlopen.
Na deze pauze bij de auto aangekomen, rijden we terug naar Bramsche, om daar onze fietsen af te halen bij de markt. Vanuit Bramsche rijden we dan terug naar Camping Waldoase bij Merzen, waar het de rest van de dag mooi weer blijft, met een prima buitentemperatuur en af en toe een zonnige periode.
Vanavond gaan we naar de pizzeria in het dorp voor onze avondmaaltijd.

Hünenweg van Rulle naar Bramsche

Zaterdag 14 juni 2025
 
Start bij de Sint-Johannes bedevaartskerk van Rulle

















Eerst Hondsrugpad heen
De Duitse ‘Hünenweg’ en het Nederlandse ‘Hondsrugpad’ werden in 2021 gecombineerd tot een langeafstandswandelpad tussen het Nederlandse Groningen en het Duitse Osnabrück van 324 kilometer.
De Nederlandse versie van het Hondsrugpad is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hondsrugpad – Wandelen door de prehistorie, esdorpen en grenzeloze natuur’ (2021) van Fokko Bosker. Die wandelgids beschrijft de route zuidoostwaarts vanuit Groningen naar het Duitse Meppen, en gaat dus niet verder naar het Duitse Osnabrück. Dat traject van de 9 etappes van het ‘Hondsrugpad’ hebben Durkje en ik al gelopen in de periode van 16 april 2023 tot en met 10 juni 2023, inclusief de bijbehorende 2 Verbindingsroutes, de 2 Trajecten en de 7 Rondwandelingen.

Dan Hünenweg terug
De Duitse versie van de Hünenweg is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hünenweg - Hondsrugpad’ (2023) van Idhuna Barelds. Die wandelgids beschrijft de route noordwestwaarts vanuit het Duitse Osnabrück via het Duitse Meppen naar het Nederlandse Groningen, dus – in tegengestelde tot de hierboven genoemde wandelgids – wèl het hele traject van de Hünenweg/Hondsrugpad. 
Omdat Durkje en ik de heenweg-route van Groningen naar Meppen al hebben gelopen, gaan we aansluitend de 150 kilometer lange terugweg-route van Osnabrück naar Meppen lopen, opdat we – eenmaal aangekomen in Meppen de 324 kilometer lange route van de Hünenweg/Hondsrugpad geheel wandelend hebben voltooid.
Deze route wordt gemarkeerd met een blauw schrift op gele achtergrond.

Van Rulle naar Bramsche
Vandaag lopen we de tweede etappe van de Duitse Hünenweg, over een afstand van 17,2 kilometer, van Rulle naar Bramsche.
We verblijven deze vijfdaagse op Camping Waldoase nabij het Duitse Merzen, dat ongeveer op de helft van de eerste vijf etappes ligt.
We vertrekken vanmorgen om 7:30 uur vanaf de camping, en rijden dan met de auto - met op het fietsenrek onze beide fietsen - naar Bramsche, waar we onze auto parkeren in het centrum aan Im  Breuel. Dan fietsen we van Bramsche de 11,6 kilometers naar Rulle, waar we onze fietsen stallen bij de abri waar we gistermiddag na onze eerste etappe zijn ingestapt in de bus naar Osnabrück. 
Bij vertrek is het 17 graden Celsius, en bij aankomst in Bramsche is het 34 graden Celsius.
Het weer is vandaag warm met veel zon en een enigszins verkoelende zachte wind.
Vandaag wandelen we door velden en bossen bergop naar het hoogste punt van de Hünenweg, naar de Schleptruper Egge (148 meter hoog). Vanaf daar gaat het dan bergaf over de rug van het Wiehengebergte, totdat je vlak vóór Bramsche het Mittellandkanaal bereikt. Langs dit kanaal en langs de rivier de Hase gaat het dan tot slot naar Bramsche.

Van Rulle naar het Wiehengebergte
Als we om 9:00 uur de fietsen hebben geïnstalleerd bij de bushalte, lopen we door de boszoom van Rulle naar de Sint-Johanneskerk, een bedevaartskerk vanwege haar zogenoemde Bloedwonder van 1347. Deze kloosterkerk behoorde vroeger toe aan het Cisterciënzer klooster.
Ten noorden van Rulle passeren we de Piusgarten, en dan gaan we heuvelopwaarts. Achter ons kunnen we vanaf de aanloop naar het Wiehengebergte Rulle nog in het Nettedal zien liggen.
Op het bospas komen we langs de Vosskühler schuilhut.
Ruim twintig minuten later passeren we nog zo’n schuilhut, de zogenoemde Clemens-Arkenstette Hütte.

Hoog over door het Wiehengebergte
Na de oversteek over de B68 gaat het alsmaar verder omhoog in de richting van de autosnelweg A1.
Bij die autosnelweg kun je zien dat het Wiehengebergte hier is onderbroken. 
Zo de snelweg oversteken mag niet, dus men heeft ervoor gezorgd dat er een pad langs de helling naar beneden loopt. Beneden aangekomen bij een asfaltweg langs een boerderij kunnen we door een tunneltje onder de A1 door lopen. 
Aan de andere kant van dat tunneltje, gaat de route eerst parallel aan de snelweg heel steil omhoog, dus ons staat hier een lange en steile klim te wachten over een smal hellingpad, naar de heuvelkam van het Wiehengebergte.
Boven aangekomen, gaan we verder met het bewandelen van de heuvelkam van het Wiehengebergte, onder andere langs de grote zendmast. Hier zijn we aangekomen op de Schleptruper Egge, met haar 148 meter hoogte het hoogste punt van de Hünenweg. En deze enorme zendmast heeft daar bovenop nog een hoogte van 234 meter.
Vanaf hier zetten we overwegend de afdaling in, naar de schuilhut ‘Auf der Egge’ in het bos.
Bij de B68 aangekomen, steken we die over, om dan naar Penter Knapp te lopen, waarvan onze wandelgids meldt dat dit een hotel en koffiehuis is. Daar binnen gekomen, zien we dat de hotelcomponent duidelijk aanwezig is, maar een ’Kaffeehaus’ en daarin een kop koffie is in geen velden of wegen te bekennen, en bovendien is er niemand aanwezig en komt er ook niemand bij de hotelreceptie, dus we keren om, lopen enkele tientallen meters terug voor onze broodjespauze in een abri langs de B68.

Afdaling van de B68 naar het Zweigkanal Osnabrück
Na deze abri-pauze gaat het heuvelopwaarts verder door de westelijke uitloper van het Wiehengebergte in de richting van het dorpje Pente.
We lopen daarbij onder andere over bospaden en boerenlandpaden en smalle asfaltweggetjes. Ter hoogte van een boerderij met manege moeten we op de smalle asfaltweg even oppassen voor drie tegemoetkomende motorrijders, waardoor we een wegwijzer niet zien staan.
Als we enkele honderden meters verder zijn gelopen tot aan de herdenkingsplaats voor de gevallenen van de 1e en de 2e Wereldoorlog en voor de gevallenen van alle andere gevoerde oorlogen, is ons door het hier op dit kruispunt ontbreken van de Hünenweg-bewegwijzering wel duidelijk dat we de afslag hebben gemist. 
Daarom lopen we die paar honderd meter terug, totdat we bij het richtingbord een veldpad op kunnen gaan tussen akkers met suikerbieten en graan.
Over het hooggelegen bospad van de meest westelijke uitloper van het Wiehengebergte gaat het dan langzamerhand bergafwaarts, totdat we bij de brug over het Zweigkanal Osnabrück aankomen.
Vanaf hier volgen we de loop van dit kanaal, dat in onze wandelgids het Stichtkanal Osnabrück wordt genoemd.

Koffiedrinken bij de mini-foodtruck aan het Mittellandkanaal
Dit kanaal mondt verderop heel breed uit in het Mittellandkanaal, dat met haar lengte van 325 kilometer de langste kunstmatige waterloop is van Duitsland.
We volgen nu het jaagpad langs het Mittellandkanal. 
Om 13:00 uur zien we ter hoogte van de bebouwing van Pente een bord in de berm langs het kanaalpad staan, waarop koffie en koek wordt aangeboden.  
Rechtsvóór ons zien we een mini-foodtruck, waarbij een jonge vrouw druk in de weer is om deze foodtruck gereed te maken voor de verkoop van dranken en koek.
We hebben nu inmiddels zo’n 15 kilometer gelopen zonder een koffiepauzeplek, dus we vragen haar om koffie. Ze onderbreekt daarop haar inrichtingswerk, en gaat binnen direct koffiezetten. Ze geeft ons de suggestie om op het bankje aan het kanaal te gaan zitten, dan brengt ze straks de koffie wel.
Als we nog maar net zitten, komen twee meisjes aangelopen van rond de twaalf jaar met een grote schaal met brownies, ja, zelf gebakken, en of we ook een brownie bij de koffie wensen.
Dat willen we graag, dus wij krijgen twee brownies, en de mededeling dat de koffie bijna klaar is. En ze hebben ook kussens bij zich, dus we hoeven niet langer op de harde bank te zitten, maar krijgen een comfortabel kussen om daarop te zitten.
Even later komen ze terug met twee koppen koffie, en genieten wij van onze koffiepauze aan het water.
Als we verder willen gaan, vraag ik bij de foodtruck wat de koffie en brownies kosten, en krijg dan als antwoord dat het een Spende is, ofwel, we mogen zelf weten wat we voor onze consumpties willen betalen. We betalen de vrijwillige bijdrage, en na nog een leuk gesprek met de twee meisjes en de moeder, gaan wij verder langs het kanaal.

Naar Bramsche
Om 13:30 uur komen we aan bij de stuw en de kanaalbrug over het Mittellandkanaal. 
Via de kanaalbrug steken we het Mittellandkanaal over.
Dan steken we door van het Mittellandkanaal naar het riviertje de Hase. De loop van deze rivier volgen we richting Bramsche.
Voorbij een waterpomphuis gaan we de dijkweg op, om over dit smalle fiets- en wandelpad op meer hoogte de Hase te blijven volgen.
Waar we de Hase achter ons laten, wandelen we het centrum van Bramsche binnen. Twee ambulancebroeders staan bij een man – zittend op de trottoirbrand - die wellicht is bevangen door de warmte (34 graden Celsius) en dat zou zomaar het gevolg kunnen zijn van de combinatie met teveel alcoholgebruik. 
Op het prachtige stadspleintje van Bramsche komen we bij de Sankt-Martinskirche. 
Toen we hier vorig jaar waren op het Hannekemaaierspad, was deze kerk open, maar nu is zij gesloten.
Hier en daar zitten er gasten op de terrassen van de horeca aan het plein, en wij nemen iets verderop ook plaats op een terras om van een – vinden we – welverdiende beker ijs te genieten.
Na deze ijspauze lopen we bij de Sint-Maartenskerk langs het informatiebord van de Hünenweg, waarop de etappe van vandaag staat beschreven en afgebeeld.
Nadat we naar de auto zijn gelopen aan Im Breuel rijden we terug naar Rulle, waar we onze fietsen afhalen, waarna we terugkeren naar onze camping bij Merzen. 
De 34 graden Celsius van vandaag is de hoogste temperatuur van deze wandelvijfdaagse, want vanaf morgen zullen de maximumtemperaturen van de komende drie wandeldagen aanmerkelijk lager zijn, aldus de weersvoorspelling.

Hünenweg van Osnabrück naar Rulle

Vrijdag 13 juni 2025
 
Bij de watermolen Knollmeyer

Eerst Hondsrugpad heen
De Duitse ‘Hünenweg’ en het Nederlandse ‘Hondsrugpad’ werden in 2021 gecombineerd tot een langeafstandswandelpad tussen het Nederlandse Groningen en het Duitse Osnabrück van 324 kilometer.
De Nederlandse versie van het Hondsrugpad is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hondsrugpad – Wandelen door de prehistorie, esdorpen en grenzeloze natuur’ (2021) van Fokko Bosker. Die wandelgids beschrijft de route zuidoostwaarts vanuit Groningen naar het Duitse Meppen, en gaat dus niet verder naar het Duitse Osnabrück. Dat traject van de 9 etappes van het ‘Hondsrugpad’ hebben Durkje en ik al gelopen in de periode van 16 april 2023 tot en met 10 juni 2023, inclusief de bijbehorende 2 Verbindingsroutes, de 2 Trajecten en de 7 Rondwandelingen.

Dan Hünenweg terug
De Duitse versie van de Hünenweg is beschreven in de Nederlandstalige versie van de wandelgids ‘Hünenweg - Hondsrugpad’ (2023) van Idhuna Barelds. Die wandelgids beschrijft de route noordwestwaarts vanuit het Duitse Osnabrück via het Duitse Meppen naar het Nederlandse Groningen, dus – in tegengestelde tot de hierboven genoemde wandelgids – wèl het hele traject van de Hünenweg/Hondsrugpad. 
Omdat Durkje en ik de heenweg-route van Groningen naar Meppen al hebben gelopen, gaan we aansluitend de 150 kilometer lange terugweg-route van Osnabrück naar Meppen lopen, opdat we – eenmaal aangekomen in Meppen de 324 kilometer lange route van de Hünenweg/Hondsrugpad geheel wandelend hebben voltooid.
Deze route wordt gemarkeerd met een blauw schrift op gele achtergrond.

Van Osnabrück naar Rulle
Vandaag lopen we de eerste etappe van de Duitse Hünenweg, over een afstand van 13,5 kilometer, van Osnabrück naar Rulle.
Gisteren hebben we ons daartoe geïnstalleerd op Camping Waldoase nabij het Duitse Merzen, dat ongeveer op de helft van de eerste vijf etappes ligt.
We vertrekken vanmorgen om 8:00 uur vanaf de camping, en rijden dan met de auto - met op het fietsenrek onze beide fietsen - naar Rulle (Wallenhorst), waar we onze auto parkeren bij de Fontänenbrunnen aan de Klosterstrasse. Dan fietsen we van Rulle de 8,2 kilometers naar Osnabrück, waar we onze fietsen stallen in de Bierstrasse bij de plaatselijke VVV. 
Bij vertrek is het 17 graden Celsius, en bij aankomst in Rulle is het 26 graden Celsius.
Het weer is vandaag zomers mooi met veel zon en een enigszins verkoelende zachte wind.
Vandaag volgen we het rivierdal van de Nette, langs watermolens. Om bij de rivier de Nette te komen, krijgen we enkele korte, maar niet steile hellingen.

Bisschopszetel Osnabrück
Osnabrück werd in het jaar 780 door Karel de Grote als bisschopzetel gesticht. 
Onze etappe begint vandaag bij het laatgotische raadhuis uit de 16e eeuw. Dit historische raadhuis staat op het marktplein van de stad.
Bij het raadhuis staat langs het marktplein ook de grote Mariakerk, een gotische hallenkerk. Die is gesloten, dus we kunnen daar niet naar binnen.
Bij het Café am Markt kunnen we wel naar binnen, om er koffie met een koek te bestellen. Onze koffiepauze houden we op het terras aan het marktplein, te midden van veel andere terrasgasten, waarvan enkelen hier uitgebreid zitten te ontbijten.
Dan lopen we in het verlengde van het marktplein door naar de Sint-Petruskathedraal van Osnabrück.
Daarvan staat de deur wèl uitnodigend open, dus hier gaan we wel naar binnen. Rechts van de ingang bevindt zich een mooie, rijk gedecoreerde zijkapel.
De kathedraal heeft aan de andere zijde een kooromgang rond het grote koor.
Rechtsboven in het koor hangt een schitterend kerkraam. Het is het zogenoemde Westrozet, dat is gedecoreerd met naoorlogs glas. 
Deze kathedraal dateert in eerste opzet al van vóór het jaar 780. Tegen de pijlers van de kerk bevinden zich de beelden van de apostelen.
Eén van die apostelbeelden stelt Sint Jacobus voor als pelgrim; de patroonheilige van de pelgrims. 
Je kunt als passerende pelgrim van Sint Jacob – want deze kathedraal ligt aan een pelgrimsroute – ook een pelgrimsstempel verkrijgen voor je pelgrimspaspoort.
Bij het uitgaan van de kathedraal is het alleszins de moeite waard om de zijkapel nog eens goed te bekijken in al haar pracht en praal.
We verlaten de kathedraal en lopen dan langs de kathedraalmuur door de zogenoemde Hexengang.

Stadswandelen door Osnabrück
We vervolgen onze weg en komen dan bij het gymnasium ook langs het Erich-Maria Remarque-vredescentrum. 
We steken het brede water van de Hause over, en lopen dan langs het water naar de vierkante Pernickerturm. 
Nadat we voorbij het treinstation Osnabrück-Altstadt onder het spoorviaduct zijn gegaan, klimmen we de Gertrudenberg op. Eerder zagen we al de geel-blauwe stickers en pijlen van de Hünenweg, maar hier zien we voor het eerst ook de geschilderde wegwijzers op de bomen langs het bospad. Vandaag is de route overigens prima bewegwijzerd.
Dan gaat het op enige afstand langs de Getrudenkerk naar het Burgerpark en naar en over het oude kerkhof van de stad. Op het kerkhof – het Hasefriedhof - komen we langs een kapel. 
Dit hele oude stadskerkhof is ten tijde van Napoleon Bonaparte aangelegd, omdat zijn jongste broer Jérome het begraven binnen de stad had verboden.
Na het kerkhof gaat het verder door de Hügelstrasse.

De Nette in het Nettedal
Vanaf de brug over de Nette volgen we de loop van de rivier.
De Nette is niet een hele brede rivier, maar hier en daar is de rivier wel buiten haar oevers getreden, waardoor aan de overzijde van de rivier een moerasachtig gebied is ontstaan.
Bij de Nackte Mühle steken we de Nette over. Sinds de Middeleeuwen (1235) wordt in deze watermolen al graan gemalen. In 1900 is er nog een zaagmolen bij gebouwd.
Tegenwoordig is het een technisch-ecologische leerplek voor jongeren en mensen met een beperking. Op het molenterrein gaan we langs een heel groot insectenhotel het heuvelbos weer in.
Iets verderop lopen we tamelijk hoog langs de Nette.
Bij een boom met een enorm bovengronds wortelstelsel gaan we nog hogerop. 
Daar is een groep basisschoolkinderen onder leiding van waarschijnlijk leerkrachten bezig met een bos-verstop-spel.

Oestringer Steine en Watermolen Knollmeyer
Vanuit het heuvelbos gaan we enkele malen een smal veldpad op, met links van ons het bos, en rechts uitgestrekte akkers met koolzaad en graan. 
Om 11:45 uur komen we bij de zogenoemde Oestringer Steine. Dit is een groep van zo’n 30 grote en kleine zwerfkeien, die de restanten zijn van twee naast elkaar gelegen hunebedden-ruïnes van elk ongeveer 15 meter lengte uit de neolitische trechterbekercultuur, dus van ongeveer 3.500-2.800 vóór Christus.
Hier houden we onze lunchpauze op één van de bankjes onder de bomen van dit archeologische monument.
Tussen twee zwerfkeien in is in de loop der jaren een boom groot geworden. Die heeft zijn weg tussen de keien naar boven gevonden, en waar dat mogelijk was, is de boomstam om de grote stenen heen gegroeid/vergroeid.
Bij een forellenkwekerij gaat het weer heuvelopwaarts. Na enkele malen stijgen en dalen, komen we bij de mooie watermolen Knollmeyer.
Deze hele oude watermolen stamt vermoedelijk uit de tijd van Karel de Grote. De eerste vermelding van de watermolen dateert van 1253.
Bij de watermolen staat een informatiepaneel van de Hünenweg in de vorm van het etappebord van de route die we vandaag wandelen.

Rulle – Osnabrück – Rulle - Merzen
Dan gaat het vanaf het niveau van de Nette weer omhoog, om iets na 12:30 uur de bebouwde kom van Rulle binnen te wandelen in het Nettedal.
In Rulle aangekomen komt ons een bus tegemoet, die naar Osnabrück gaat. We lopen nog een eindje door Rulle, en zien dan dat de volgende bus al over tien minuten naar het centrum van Osnabrück gaat.
We wachten die bus af, en tien minuten later stappen we in Rulle in, en rijden we met de bus terug naar Osnabrück. 
In Osnabrück wandelen we dan door de centrumstraten en de winkelstraten van de Altstadt naar de VVV nabij het marktplein waar we vanmorgen onze fietsen hebben achtergelaten.
Dan fietsen we vanuit de binnenstad van Osnabrück terug naar Rulle, waar we de fietsen op het fietsenrek van onze daar vanmorgen geparkeerde auto zetten, waarna we vanuit Rulle terug rijden naar onze camping Waldoase bij Merzen.
Het is heerlijk warm weer op de camping. Het is er in de schaduw van de grote bomen goed vertoeven, dus de hele middag en avond zitten we heerlijk buiten bij de caravan.

dinsdag 10 juni 2025

Oudfries en omstreken

Dinsdag 10 juni 2025 - Pinksterdinsdag
 
Frits van Oostrom in de Beurs te Leeuwarden

Late roeping
Late roepingen zijn dikwijls het sterkst, en voor Frits van Oostrom hebben het Oudfries en Fryslân veel van een (te) late roeping. 
Geboren en getogen in de Randstad, vanaf 1971 student Nederlands in een tijd dat het Fries in die opleiding achter de horizon bleef en ook nog eens gespecialiseerd in Hollandse middeleeuwse literatuur, waarin de vete met Fryslân schandelijk eenzijdig werd belicht – het zat allemaal niet mee. 
Maar het tij zou keren. En hoe? Dankzij de wonderschone wereld van het Oudfries, persoonlijke contacten, het besef dat in de middeleeuwse oorlogen met Holland de Friezen feitelijk de morele winnaars waren en, meer recentelijk, het inzicht dat de studie van het Middelnederlandse meesterwerk Van den vos Reynaerde veel aan vrije Friezen dankt. 

Frits van Oostrom
Hierover verzorgt Frits van Oostrom vanavond de zogenoemde Pinksterdinsdaglezing in de Beurs te Leeuwarden, die wordt georganiseerd door Studium Generale Leeuwarden.
Emeritus hoogleraar Frits van Oostrom (1953) is als letterkundige gespecialiseerd in de Nederlandse letterkunde van de Middeleeuwen. 
Van Oostrom zijn voordracht houdt vanavond met betrekking tot bovenstaande inleiding het midden tussen getuigenis en ‘magical mystery tour’.

Anti-Fries gevoel en strijd
De lezing wordt geïntroduceerd door Arjen Dijkstra, directeur van Tresoar. Hij looft Frits van Oostrom om de kwaliteit van zijn nieuwste grootse boek ‘de Reynaert’. 
Dijkstra vertelt dat in het 13e eeuwse boek 'Van den vos Reynaerde' evenals in het oude Fryslân op Pinksterdinsdag recht wordt gesproken. Dan geeft hij Frits van Oostrom het woord. 
  • Frits van Oostrom vertelt dat in de generatie van de studenten vóór hem het Fries ook onderdeel was van het curriculum van de studie Nederlands. Historisch vergelijkende taalstudie was daarvan toen een onderdeel. Hij erkent dat men daar en toen leed aan een stedelijke, randstedelijke blikvernauwing.
  • De 13e eeuwse dichter Jacob van Maerlant haalde in zijn tijd flink uit naar de Friezen, en bekritiseerde ook de zogenoemde Friese Vrijheid. Die zou volgens Van Maerlant nooit hebben bestaan. Hij geloofde dan ook geheel niet in dat Friese privilege. Hierover schreef Van Maerlant voor Floris V. De Hollanders gevoelden indertijd een vurige vete tegen de Friezen. Het anti-Friese gevoel en de strijd tegen de Friezen van de 13e eeuw bleef ook in de 14e eeuw overeind. De Friezen werden door hen geprofileerd als heidens volk. 
  • Van Oostrom biedt zijn excuses aan voor zijn eigen nalaten (met betrekking tot zijn aandacht voor het Fries) in het verleden, en dat wil hij vanavond goed maken door een lezing te houden over een oude Friese bron, een laatmiddeleeuwse Friese kroniek. We luisteren naar een tekst uit die oude kroniek, voorgelezen door Han Nijdam.
13e eeuws Oudfries 
  • Frits van Oostrom vertelt ons vanavond over het Oudfries in de 13e eeuw, waarvan de teksten voor een groot deel bestaan uit  rechtsteksten,  geschreven door juristen. Geleidelijk aan zie je daarin de doorbraak van Latijnse teksten naar Oud-Friese teksten. Door de inhoud en de vorm ervan zijn die volgens Van Oostrom uniek te noemen. 
  • Uit die periode stammen ook de zogenoemde Boeteregisters. Het gaat hier niet om algemene regels, maar toegepast op de specifieke wandaad met bijbehorend opgelegde boete. Dit soort recht noemen we casusrecht, hetgeen in het Amerikaanse rechtssysteem nog steeds wordt toegepast. De straffen op toch wel brute wandaden zoals ernstige letselschade waren vooral gericht op zoeken naar evenwicht, naar genoegdoening, naar proportionele vergelding.
  • Degenen die het Oudfries recht spraken in die tijd in Fryslân waren zogenoemde koningsmannen, en later werden dat zeven geprofessionaliseerde rechters. 
  • Het op schrift gestelde over die Oudfriese rechtspraak is eerder vertellend van aard, dan technisch-juridisch, en zelfs bijna literair, namelijk zeer bloemrijk met veel plastische beschrijvingen. Zo werd van de pelgrim naar Rome beschreven dat hij ‘vel en vlees over de bergen droeg’. 
  • We luisteren wederom naar Han Nijdam, naar zo’n bijna poëtische Oudfriese tekst van wanneer een moeder een deel van de erfenis van de overleden vader voor zijn zoon mag aanspreken, alleen om het leven van de vaderloze zoon te redden van onder andere vrieskou en honger.  
  • Tussen Oudfries en middeleeuws Nederlands bestond vroeger een groter verschil dan tussen huidig Fries en huidig Nederlands. Vroeger was het in die tijd van haat tussen Hollanders en Friezen geen optie geweest om de oude taalversies zo dicht bij elkaar te brengen. 
  • Misschien is het ook wel zo geweest dat de grote taalverschillen tussen het Oudfries en het middeleeuws Nederlands de onderlinge verschillen en de onderlinge strijd juist in stand hield.
Reynaert en de Friese Vrijheid
  • De voortgezette specialisering in de wetenschap leidt vaak wel tot kwaliteitsverbetering, maar het leidt er ook toe dat er een steeds grote afstand tussen vakken ontstaat.
  • Het aantal opleidingen Fries in universitair Nederland is afgenomen, heel treurig, maar wellicht zal de specialisatie in de huidige centralisatie toch ook positief uitwerken.
  • Binnen het Friese taalgebied wordt het Fries momenteel beter doorgegeven dan vroeger. Maar we moeten wel heel hard daaraan blijven werken (aldus Arjen Dijkstra). Het gaat super, maar ‘wol no oan’e slach, blinder’ (volgens Arjen Dijkstra, als intermezzo in deze lezing).
  • De grootste opdracht voor de toekomst is dat we jonge mensen vooral moeten interesseren in de schoonheid en de rijkdom van het oude Fries. 
  • Er zit een groot Fries aandeel in de Reynaert-studies (zoals lang geleden door Buitenrust Heroma, door Balkema en door Jacobus Scheltema). Die voorliefde van dergelijke vooraanstaande Friezen voor de Reynaert; zou daar dan toch een deeltje verwijzing in zitten naar de Friese Vrijheid? Zouden die Friezen dat zo hebben aangevoeld? Dat is echter nog niet aangetoond, maar dat alsnog wetenschappelijk aan te tonen, zou wel heel interessant zijn.
  • Inmiddels voelt Frits van Oostrom zich – volgens eigen zeggen - een oprechte bewonderaar van het Fries.

maandag 9 juni 2025

88e Motor Elfstedentocht langs Feinsum

Maandag 9 juni 2025 - Pinkstermaandag
 
Motorrijders komen op de Hege Hearewei over de Hyltsjebrêge bij Feinsum 













Lang lint van motoren
Vandaag vindt de 88ste editie plaats van de Motor Elfstedentocht. 
De tocht wordt ook nu weer georganiseerd door de Friesche Motorclub (FMC).
Deze tocht op Pinkstermaandag voert de deelnemende motorrijders door de elf Friese steden, over een afstand van zo'n 240 kilometer.
Deze Motor Elfstedentocht is een jaarlijks terugkerend evenement voor motoren, motoren met zijspan, trikes, solexen en voor bijzondere auto’s zoals oldtimer auto's èn voor speciale uitvoeringen van nieuwere auto's, solexen en brommers.
Deelnemers kunnen zich inschrijven voor verschillende starttijden. Voor elke starttijd is een maximaal aantal deelnemende voertuigen, waarmee de deelnemers over een lang lint van motoren worden verspreid over de Elfstedenroute.
Zo'n 3.500 motorrijders maken deel uit van deze jaarlijks terugkerende beleving.

High Five & Claxons in Feinsum
Gisteren kregen we via onze dorps-app al vooraangekondigd dat de Motor Elfstedentocht vandaag Feinsum zou passeren over de Hege Hearewei.
Dan zitten wij goed, want vanuit onze woning hebben we een prachtig uitzicht over het open landschap waardoor de motorrijders Feinsum naderen en passeren. 
Rond het middaguur komen de eerste groepen motorrijders voorbij, en zo langzamerhand groeit het aantal Feinsumers en andere belangstellenden dat aan de dorpsrand op de kruising van Holdingawei en Hege Hearewei een mooie zichtplek vindt om dat lange lint van allerlei soorten motorrijders voorbij te zien komen.
Enkele kinderen die zich op de Hyltsjebrêge hebben geposteerd, nodigen de motorrijders enthousiast zwaaiend uit tot een high five, hetgeen door veel voorbijrijdende motorrijders met een high five wordt beantwoord.
Andere motorrijders verrassen het Feinsumer publiek bij de brug met de klanken van hun claxon.
Zo is ook deze Motor Elfstedentocht - net zoals al die andere Elfstedentochten - een vrolijk vermaak voor deelnemers en publiek. 
 

Pinksterviering & Feest van Ferbining bij Kloostergemeente Nijkleaster-Westerwert

Zondagmiddag 8 juni 2025
 
Verbinding van Kleasterriedsleden & Kleasterlingen bij Nijkleaster-Westerwert




















Pinksterviering 2025
Vanmiddag vieren we in groten getale het vrolijke Pinksterfeest bij Nijkleaster in Jorwert & Hilaard.
Om 13:30 uur begint in de volle kerkzaal van de Sint-Redbadtsjerke van Jorwert de 'Pinksterviering 2025' van onze Kloostergemeente Nijkleaster-Westerwert'.
Voorganger van deze middagkerkdienst is dominee Hinne Wagenaar, tevens geestelijk leider van Nijkleaster. 
De samenzang en muzikale intermezzo's wordt op vleugel verzorgd door één van onze vaste pianisten van Nijkleaster: Hindrik van der Meer. De Kleasterlingen Reiner Nummerdor, Wikje de Jong & Sietske Visser en Saskia Leene verzorgen tijdens deze inspirerende viering respectievelijk de bijbellezing, de stemmen van een liedtekst en de gebeden.
Voordat we welkom worden geheten, luisteren we naar de pianomuziek van 'Veni Creator Spiritus' door Hindrik van der Meer. Dan zingen we samen als intredelied 'Yn dit hûs mei hannen boud'.
Na de Bemoediging en het gebed om warmte luisteren we naar de songtekst van 'Geest van hierboven' en zingen we samen tussendoor 'Geest van hierboven, leer ons geloven, hopen, liefhebben door uw kracht', in de versie van Stef Bos.

Ferbine, blinder!
We luisteren naar een inhoudelijke inleiding op deze Pinksterviering en dan naar de lezing van de tekst 'God ademt in ons', geschreven door Henri Nouwen.
Die lezing beantwoorden we met het zingen van het lied 'Veni Sancte Spiritus'. 
De tweede Pinkster-lezing komt uit het bijbelboek Handelingen, en die beantwoorden we met het zingen van het Taizé-lied 'Laudate Omnes Gentes'.
"Ferbine Hinne, Ferbine blinder!"; daarmee begint de preek van Hinne, over het 'Feest fan Ferbining'.
  • Als je zingt, mag je helemaal openstaan, staande tussen hemel en aarde.
  • Om te verbinden, moeten we veel afleren, want openheid en ontspanning zijn we in ons leven vaak kwijtgeraakt.
  • Met de komst van de Heilige Geest kregen Jezus' discipelen (en wij) verbinding met boven. Op dat moment werd (en wordt) 'Kerk' geboren.
  • In de taal van ons hart (onze moedertaal) kunnen we verbinding maken.
  • Wij mogen de adem van God, Gods Geest, opnieuw ontdekken. Dan mogen we onze angsten en onze onzekerheden loslaten, in vrijheid, en dan ontstaat er ruimte.
  • Waar Gods Geest is, daar is vrijheid!
Wij beantwoorden deze verkondiging met het zingen van het Iona-lied 'Zij zit als een vogel; Sy sweeft oer de ierde; Zij danst in het vuur; Want sy is de Geast'.

Verbinding van 2 Nijkleasterriedsleden & 5 Kleasterlingen
Dan volgt de jaarlijkse verbintenisviering van Nijkleaster, waarin vandaag twee nieuwe leden van de Nijkleasterried als bestuurder worden geïnstalleerd en vijf nieuwe Kleasterlingen worden verbonden aan Nijkleaster-Westerwert.
Als achtereenvolgens deze twee nieuwe bestuurders en de vijf nieuwe kloosterlingen aan onze kloostergemeenschap zijn verbonden, en dat wordt bevestigd met het zingen van het lied 'Take, O take me as I am / Nim my, nim my sa't ik bin / Neem mij aan zoals ik ben', bestaat de Nijkleastergemeenschap per heden uit 25 kloosterlingen, waarvan 6 inwonende kloosterlingen. De twee nieuwe bestuurders-ambtsdragers worden daarna met een handdruk ontvangen, en de vijf nieuwe kloosterlingen krijgen de hanger met het symbool van Nijkleaster omgehangen.
Aansluitend volgen de gebeden, afgesloten met het gezamenlijk zingen van Het Onze Vader, in de Friestalige versie van 'God fan fier en hein ús Heit'.
De zegen - zoals uitgesproken door de voorganger - beantwoorden we met het Friese lied 'De frede fan de greiden' - Mei Gods frede no groeie yn dy'.

Feest van Ferbining
Na de mededelingen en de uitgangscollecte voor de stichting 'Help Mij Leven', begeven wij ons allen van Jorwert naar Hilaard, naar het kloostercomplex van Nijkleaster-Westerhûs, waar we de nieuwe kloosterlingen en de nieuwe kloosterbestuurders kunnen feliciteren en Gods zegen kunnen wensen met hun nieuwe verbintenis met Nijkleaster-Westerwert. 
In de Refter van het kloostergebouw staan koffie en thee klaar, en na de openingshandeling door Hinne Wagenaar luisteren we - nadat we geklonken hebben op deze tweede verjaardag van Nijkleaster-Westerwert - naar een live-optreden van Wybo & Menzo Live. 
Dan is er volop tijd voor ontmoeting, onder het genot van lekker en gezond eten van(uit) de foodtruck van Mamma Mascha.
Om vijf uur vanmiddag is deze feestelijke bijeenkomst afgelopen, en raakt het weiland vol auto's bij Nijkleaster-Westerhûs leeg. 

Krachtbron

Zondag 8 juni 2025
 
Bellen blazen in de Pinksterdienst in De Hege Stins van Stiens














Indoor Pinksterfeest
Omdat het regenachtige weer het niet toelaat, vieren we vanmorgen als Protestantse Gemeente te Stiens het Pinksterfeest niet op het Stienser kaatsterrein in de openlucht, maar in De Hege Stins van Stiens. 
Voorgangster is domina Inge de Rouwe, die in de vacante tijd momenteel als ambulant predikante aan onze kerkelijke gemeente is verbonden.
De blaasmuziek en de muzikale begeleiding van onze samenzang wordt vanmorgen verzorgd door de fanfare van de Christelijke Muziekvereniging Crescendo van Hijum & Feinsum. Dat korps speelt voorafgaan aan deze viering het muziekstuk 'Little Prayer'.
Het thema van deze Pinksterdienst is 'Krachtbron'.
Na de woorden van welkom door de voorgangster zingen we voorafgaand aan Votum & Groet het evangelische lied 'Samen in de naam van Jezus, heffen wij een loflied aan'. Het volgende lied dat we zingen is het Lied 'Komt laat ons deze dag met heilig vuur bezingen'.

Kindermoment met blaasbellen en dansmuziek
In het Kindermoment van deze ochtendkerkdienst vraagt domina De Rouwe de kinderen - en dan ook de volwassenen - aan welke symbolen kan worden gedacht bij het Pinksterfeest. Naast de duif, het licht, de vuurvlammetjes wordt dan ook aan lucht, adem en wind gedacht. 
Om dat laatste te visualiseren worden drie kinderen en drie volwassenen naar het liturgisch centrum gevraagd, waar ze alle zes een zeepbellenblazer krijgen, waarmee ze vervolgens voorin de kerkzaal en daarna door de hele kerkzaal heen bellen gaan blazen.
Voordat dit kindermoment wordt afgesloten met het zingen van het lied 'Liefde, blijdschap, vrede, goedheid en ook trouw wil de Heer je leren door de Heil'ge Geest in jou' en de kinderen naar de kindernevendienst gaan, worden we verrast met een dans door de kinderen op het podium van de kerk. 

De Bijbel open en overdacht
Na het gebed om de Heilige Geest en het zingen van het opwekkingslied 'Heilige Geest van God, vul opnieuw mijn hart.' luisteren we naar de twee bijbellezingen uit de bijbelboeken Johannes en Galaten over 'De Vader zal de Heilige Geest sturen' en 'Leef zoals de Heilige Geest het wil', dat we samen zingend beantwoorden met het opwekkingslied 'Heer ik kom tot U; Heer kom dichterbij'.
  • In haar overdenking benoemt Inge de Rouwe dat we verlangen naar een ander geluid dan het geluid dat we in deze wereld horen. We verlangen namelijk naar vrede. De Heilige Geest wil ons de taal van de vrede, van het goede, van de vreugde geven. 
  • Het valt niet mee om altijd het goede te doen, omdat we beïnvloed worden door onder andere de ons onderdrukkende gevoelens. Maar de Heilige Geest is met het Pinksterfeest voor ons gekomen om ons te helpen. Daartoe moet je dan wel afstemmen op de Heilige Geest, door er ruimte en tijd voor vrij te maken, door bijvoorbeeld stil te worden en te (ver)wachten.
  • Geleid door de Heilige Geest ga je anders leven, ga je beter leven, de goede kant op.
Geest van hierboven
Deze verkondiging beantwoorden we met het samen gezongen Lied 'Geest van hierboven'.
Dan volgen de voorbeden en ons dankgebed en komen de kinderen vervolgens terug uit de kindernevendienst.
Na de collecte zingen we voorafgaand aan de Zegen het Friestalige Liet 'Hear, wês mei ús oan't in oare kear'. 
Op verzoek vanuit de kindernevendienst - want zij hebben die mooie blaasmuziek na de preek gemist - speelt Crescendo voor ons allen aan het eind van deze feestelijke Pinksterdienst nog eenmaal het muziekstuk 'C'est la vie' van Claude. Applaus!
Dan is er volop tijd voor koffie, thee, limonade, iets lekkers daarbij, voor ontmoeting en spel.

Afscheid van de CSL-selectie in Britsum

Zaterdag 7 juni 2025
 
Pieter in actie bij CSL in Britsum

















Laatste selectiewedstrijd
Pieter korfbalt inmiddels 27 jaar bij de korfbalvereniging van CSL uit Britsum. Daarvan heeft hij nu 14 jaar deel uitgemaakt van de selectie van CSL2 & CSL1. 
Vandaag is het zover dat Pieter zijn eerder genomen besluit om te stoppen als speler van het selectieteam werkelijkheid gaat worden. Dat vieren we met zijn allen op het korfbalveld tijdens de wedstrijd van CSL1 tegen De Meeuwen uit Putten.
Het wordt een spannende wedstrijd op het buitenveld van CSL in Britsum, waarin de korfballers uit Putten de CSL-ers met hun voortdurende puntenvoorsprong overheersen.
Toch komt er een kentering in het spel, want in de laatste spelminuten scoort Pieter tweemaal, waarvan eenmaal met een strafworp. 
Die twee punten maken dat CSL de wedstrijd met één punt verschil wint van haar tegenpartij. 
De vier selectiespelers die nu aan het eind van het veldseizoen afscheid nemen van de CSL-selectie worden gelauwerd met een groot boeket bloemen, en aan het eind van de wedstrijd gaat Pieter op de schouders en wordt zijn afscheid van de selectie uitbundig gevierd.
 

De nieuwe generatie staat klaar
Terwijl Pieter, Durkje, Jan Wijbe, Baukje, Esther, en ik in het bijzijn van baby Simeon nog even napraten over deze gedenkwaardige slotwedstrijd, zijn de neefjes Pepijn & Aaron druk in de weer met een bal bij een lage korf op het bijveld.  
Aaron, twee jaar oud, de oudste zoon van Esther & Pieter, staat vol concentratie met een korfbal in zijn hand onder de voor hem nog veel te hoge korf, inmiddels wetend dat de bal dóór die korf moet. Nog één of twee jaar, dan is hij oud genoeg om als 'kangoeroe'-lid' het korfbalveld op te gaan. Als vader Pieter dan zo'n dertig jaar lid is van CSL, staat de nieuwe generatie klaar om het stokje (de bal) over te nemen. Wie weet .....

Wegen met Zegen van Driel naar Elst

Vrijdag 6 juni 2025
 
Bij het Polenmonument op het Polenplein in Driel

















Spiritualiteit, cultuur en natuur in de Betuwe
De wandelroute ‘Wegen met Zegen’ is volgens de makers niet zomaar een wandeling door het mooie landschap van de Over-Betuwe. De initiatiefnemers noemen het namelijk een pelgrimstocht. 
Deze wandelroute neemt je mee langs oude landwegen, waterlopen, boomgaarden, kastelen en vergezichten over de Waal en de Rijn. Ook voert de route je door dorpen en steden. Je loopt over verharde en onverharde paden en wegen. Je wandelt langs (meer dan 40) kerken, kapellen en kloosters, en ontdekt zo iets van de rijke- katholieke en protestantse - christelijke traditie van de Betuwe.

Wandelen en/of pelgrimeren
Natuurlijk kun je de route gewoon wandelen. Maar wil je de route meer als pelgrim ervaren, dan biedt de route(gids) en het erbij aangeboden pelgrimsmateriaal daartoe genoeg aanknopingspunten. Zo kun je bijvoorbeeld voor je pelgrimsgevoel gaan deelnemen aan de maandelijks georganiseerde vertrekceremonie, en kun je op pad met het speciaal ervoor geschreven pelgrimsinspiratieboek, of breng je aandachtig enige tijd door op de bezinningsplaatsen langs deze wandelroute. Tijdens het wandelen word je uitgenodigd om stil te staan bij wat belangrijk is in je leven, om wat je bijvoorbeeld hebt meegemaakt (opnieuw) te wegen en (nieuwe) betekenis te geven. Daarmee zou je je hoofd en hart leeg kunnen maken, om dat vervolgens te vullen met wat waarde(n)vol is voor jou en voor wie je lief zijn.

Wegen met Zegen in 8 etappes
Zoals Durkje en ik vorig jaar (2024) met Ike & Eelke gezamenlijk de wandelroute ‘Walk of Wisdom’ hebben gelopen, hebben we met zijn vieren afgesproken dat we dit jaar de wandelroute ‘Wegen met Zegen’ gaan lopen.
Deze meerdaagse wandeltocht door de Over-Betuwe heeft een totale lengte van 155 kilometer, die in de wandelgids is verdeeld over 11 wandelingen. Wij hebben gepland om deze route echter in 8 dagen te wandelen, met een gemiddelde etappe-afstand van 19,4 kilometer per dag. Om praktische redenen lopen we van 2 tot en met 6 juni 2025 de eerste vijf (van de acht) etappes, om later nog eens ook de laatste 3 etappes met zijn vieren te gaan lopen.
De routegids begint en eindigt in Nijmegen, maar om logistieke redenen beginnen en eindigen wij in Lent. Op de eerste wandeldag maakten we al de gehele stadwandeling door Nijmegen, zoals die aan het eind en aan het begin van de routegids uit 2022 staat beschreven. Het vervoer van Malden naar de beginpunten en eindpunten per etappe doen we met eigen vervoer. 

Etappe 5 van Driel naar Elst
Vanuit Malden vertrekken we vanmorgen om 9:20 uur met twee auto’s naar Elst. Daar parkeren we één auto op de hoek van de Breedlerstraat en de Vergert. Dan rijden we met zijn vieren van Elst naar Driel, waar we de andere auto parkeren op het Polenplein. Daar gaan we om 10:10 uur van start bij het Polenmonument op het Polenplein van Driel.
Bij vertrek is het 13 graden Celsius, en bij aankomst is het 18 graden Celsius. Het weer vandaag is bewolkt, met regelmatig zonnige perioden, dus prima wandelweer. 
De etappe van vandaag van Driel naar Elst heeft een lengte van 19,2 kilometer.

Van Driel naar Arnhem
Behalve het Polenmonument bekijken we ook het Sosabowskimonument, dat ernaast staat.
Door Driel lopen we naar de Vogelenzangsestraat, waar óók een Sosabowskimonument staat, hier in de vorm van een borstbeeld van de loyale en moedige Poolse generaal-majoor Stanislaw Sosabowski.
Buiten de bebouwde kom blijven we alsmaar de Vogelenzangsestraat volgen, totdat we de bebouwde kom bereiken van Arnhem-Zuid.
Hier gaan we de Schutgraafseweg op, en over dat fietspad en in het verlengde ervan over ’t Vlot lopen we naar de Grote Molenstraat, waar we langs de beeldengroep ‘Limes’ komen, aan de oude Rijnloop uit de Romeinse tijd.
De beeldengroep met een door ossen getrokken ossenkar beeldt onder andere uit dat hier in de Romeinse tijd een belangrijke Romeinse weg liep, die zo’n 2.000 jaar geleden onderdeel was van de Romeinse rijksgrens, de ‘Limes’.

Door Raayen naar Elst
Omdat de bewegwijzering voorbij de Laakoever op essentiële plaatsen ontbreekt, is het meer een kwestie van pad zoeken dan pad vinden, maar uiteindelijk vinden we toch de juiste route ten zuiden van Arnhem, onder andere door het Speelbos de Schuytgraaf.
In de berm van de Notenlaan vinden we een grote picknickbank, waarop we onze koffiepauze houden.
Daarna gaan we verder over de Notenlaan en De Park, waarbij we het landschaps-Park Lingezegen (2010) passeren.
Aan de overzijde van de Grote Molenweg lopen we over de Raaijestraat door het buurtschap Raayen, en daarna langs de rivier de Linge naar de Raaijebrug.
Daarmee steken we de Linge over, om dan over de 2e Weteringswal en de Snodenhoeksestraat de bebouwde kom van Elst binnen te wandelen.

Kerken en kapel in Elst
Langs de noordwestkant van Elst gaat het dan door allerlei woonstraten naar de Valburgerweg, die in het centrum overgaat in de Dorpsstraat. Daar passeren we de Pleinfontein tegenover het oude (1869) en nieuwe gemeentehuis van Elst. 
Al direct daarna gaan we de Sint-Werenfriduskerk (1951) binnen.
In de hal van de kerk staat wel een banner van ‘Wegen met Zegen’, maar hier kunnen we de kerk niet binnen gaan.
Het blijkt dat we rond de kerk kunnen lopen, om achter het kerkgebouw de Mariakapel van deze kerk binnen te gaan.
Dit is een mooie kapel aan de stille kant van de kerk, waar het goed toeven is.
Een kapelraam toont de afbeelding van Johannes de Doper, die Jezus doopt met een Jacobsschelp.
Vóór de Sint-Werenfriduskerk nemen we plaats op een bankje aan de gezellige Dorpsstraat, waarop we onze lunchpauze houden.
Daarna lopen we door naar de Grote of Sint-Maartenkerk. Die PKN-kerk is helaas gesloten, dus we gaan door. 
Bij de kerk komen we langs de beeldengroep ‘Paarden-handel’.
Aan de linkerzijde van deze beeldengroep heeft een handelaar zojuist paardenhandel gedreven.
De rechterzijde toont een paardenmeisje met een paard.
Door de woonwijk met straatnamen van componisten gaan we in noordelijke richting op weg naar de rand van de bebouwde kom. In de Mozartstraat is men momenteel druk in de weer met rioleringswerkzaamheden.

Langs de Linge naar de Vergert
Door het open veld ten noorden van Elst gaat het dan verder naar de rivier de Linge. Die steken we over via de Somersetbrug, om dan langs de Linge over de 1e Weteringsewal via de Dijkakkersbrug de spoorlijn te kruisen.
Bij het Overbetuws Bruggehoofd aangekomen, passeren we een monument van een bij een bootje in het gras liggende Werenfridus. De legende van de Ierse missionaris Werenfridus (8e eeuw) staat op een informatiebord bij dit kunstwerk.
Wisselend lopend aan de noord- en zuidzijde van de rivier de Linge gaat het dan in een rechte lijn verder naar de Lingestraat. Hier moeten we via de Kampsestraat met enige omweg de autosnelweg A325 over, en dan weer terug naar en via de Rijnwaalpadbrug over de Linge. 
In de berm langs het Rijnwaalpad aan de overzijde van de Linge staat De Vleugel (2014), een oorlogs-monument in de vorm van een vliegtuig-vleugel.
Aan de Linge-zijde staat een aantal grote informatiepanelen met informatie over de Tweede Wereldoorlog, met als locatienaam van deze buitenexpositie ‘Keuze Vrijheid’, zulks ter gelegenheid van ‘80 jaar Vrijheid’ in 2025.
Wederom volgen we de Linge, maar nu over het Frontlijnpad, totdat we ter hoogte van het Airbornepad via de Bevrijdingsbrug de Linge moeten oversteken. 
Aan de andere kant van de Linge volgen we tot slot het Airbornepad langs de Heuvelse Zeeg naar de driesprong met de Vergert. Hier op deze driesprong hebben we vanmorgen een auto geparkeerd.
Daar stappen we om 15:30 uur in, en dan rijden we eerst naar het centrum van Elst, waar we op een terras in de zon onze vijfdaagse wandeling op de ‘Wegen met Zegen’ met een hapje en een drankje afsluiten.

Langzaam rijdend verkeer op de terugweg
Vervolgens rijden we rond vijf uur door naar Driel, waar we onze andere auto afhalen van het Polenplein. Eelke & Ike rijden dan zuidwaarts naar huis in Malden, en wij rijden vanuit Driel noordwaarts naar Feinsum. Als we in Driel vertrekken, regent het behoorlijk, en onderweg krijgen we in het midden van het land veel en lang te maken met langzaam rijdend verkeer, dat waarschijnlijk veroorzaakt wordt door de weekendspits, de Pinksterdrukte wegens het komende Pinksterweekend, en het feit dat er vandaag in het hele land geen NS-treinen rijden wegens de actuele staking van het NS-personeel. Rond 18:45 uur zijn we thuis.

Wegen met Zegen van Randwijk naar Driel

Donderdag 5 juni 2025
 
Op het Nederrijnse Klompenpad door de Randwijkse Uiterwaarden langs de Waal

















Spiritualiteit, cultuur en natuur in de Betuwe
De wandelroute ‘Wegen met Zegen’ is volgens de makers niet zomaar een wandeling door het mooie landschap van de Over-Betuwe. De initiatiefnemers noemen het namelijk een pelgrimstocht. 
Deze wandelroute neemt je mee langs oude landwegen, waterlopen, boomgaarden, kastelen en vergezichten over de Waal en de Rijn. Ook voert de route je door dorpen en steden. Je loopt over verharde en onverharde paden en wegen. Je wandelt langs (meer dan 40) kerken, kapellen en kloosters, en ontdekt zo iets van de rijke- katholieke en protestantse - christelijke traditie van de Betuwe.

Wandelen en/of pelgrimeren
Natuurlijk kun je de route gewoon wandelen. Maar wil je de route meer als pelgrim ervaren, dan biedt de route(gids) en het erbij aangeboden pelgrimsmateriaal daartoe genoeg aanknopingspunten. Zo kun je bijvoorbeeld voor je pelgrimsgevoel gaan deelnemen aan de maandelijks georganiseerde vertrekceremonie, en kun je op pad met het speciaal ervoor geschreven pelgrimsinspiratieboek, of breng je aandachtig enige tijd door op de bezinningsplaatsen langs deze wandelroute. Tijdens het wandelen word je uitgenodigd om stil te staan bij wat belangrijk is in je leven, om wat je bijvoorbeeld hebt meegemaakt (opnieuw) te wegen en (nieuwe) betekenis te geven. Daarmee zou je je hoofd en hart leeg kunnen maken, om dat vervolgens te vullen met wat waarde(n)vol is voor jou en voor wie je lief zijn.

Wegen met Zegen in 8 etappes
Zoals Durkje en ik vorig jaar (2024) met Ike & Eelke gezamenlijk de wandelroute ‘Walk of Wisdom’ hebben gelopen, hebben we met zijn vieren afgesproken dat we dit jaar de wandelroute ‘Wegen met Zegen’ gaan lopen.
Deze meerdaagse wandeltocht door de Over-Betuwe heeft een totale lengte van 155 kilometer, die in de wandelgids is verdeeld over 11 wandelingen. Wij hebben gepland om deze route echter in 8 dagen te wandelen, met een gemiddelde etappe-afstand van 19,4 kilometer per dag. Om praktische redenen lopen we van 2 tot en met 6 juni 2025 de eerste vijf (van de acht) etappes, om later nog eens ook de laatste 3 etappes met zijn vieren te gaan lopen.
De routegids begint en eindigt in Nijmegen, maar om logistieke redenen beginnen en eindigen wij in Lent. Op de eerste wandeldag maakten we al de gehele stadwandeling door Nijmegen, zoals die aan het eind en aan het begin van de routegids uit 2022 staat beschreven. Het vervoer van Malden naar de beginpunten en eindpunten per etappe doen we met eigen vervoer. 

Etappe 4 van Randwijk naar Driel
Vanuit Malden vertrekken we vanmorgen om 7:20 uur met twee auto’s naar Driel. Daar parkeren we één auto bij de Maria Geboortekerk. Dan rijden we met zijn vieren van Driel naar Randwijk, waar we de andere auto parkeren op het terrein van de Hervormde kerk. Daar gaan we om 8:10 uur van start bij deze Hervormde kerk van Randwijk.
Bij vertrek is het 13 graden Celsius, en bij aankomst is het 17 graden Celsius. Het weer vandaag is wisselvallig. Het begint regenachtig, maar later in de ochtend wordt het droog, en - ondanks de voorspelling van regelmatig een bui - gelukkig blijft het vandaag nog lang droog, met uitzondering van een fikse bui vlak vóór het eind van deze etappe.
De etappe van vandaag van Randwijk naar Driel heeft een lengte van 20,1 kilometer.

Van Randwijk naar Nijburg
Als we uit de auto stappen, doen we direct de regenkleding aan. Het regent al behoorlijk, en onder de dikke boom op het kerk-erf kunnen we ons comfortabel kleden tegen de neerslag. 
Vanaf het kerkterrein lopen we door de Erfstraat naar de Randwijkse Rijndijk, die we direct op gaan.
Heel even volgen we de rivierdijk langs de Nederrijn, om dan de dijk af te lopen naar de Achterstraat, en verderop de Nijburgsestraat.
Dan gaan we het beboste terrein op van Nyenborch, om daar een rondgang te maken om het landgoed waar vroeger kasteel De Nijburg stond. Daartoe moeten we eerst een houten bruggetje over, dat nogal glad is vanwege de regen van zojuist.
Voorbij die brug gaan we dan de hoge aarden wal op.
Het smalle voetpad boven op deze aarden wal volgen we rondom het voormalige kasteelterrein.

Langs en door de Randwijkse Uiterwaarden
Voorbij Nijburg gaan we in noordelijke richting weer terug naar de Randwijker Rijndijk. 
We zouden volgens de bewegwijzering buitendijks aan de voet van de Rijndijk moeten lopen, maar daar is het hoog opgaande gras zo nat van de regen, dat we ervoor kiezen om het eerste stukje op de rivierdijk te lopen.
Een eind verderop gaat de route echter voorbij een overstap de uiterwaarden op, over een zogenoemd klompenpad, dus dát doen we dan wèl. Dit klompenpad door de Randwijkse Uiterwaarden wordt zichtbaar begraasd door schapen, dus hier is het gras in de uiterwaarden heel kort, en voor ons na de regen toch prima toegankelijk.

Heteren
Waar we de rivierdijk weer op gaan, wandelen we de bebouwde kom van Heteren binnen.
In Heteren lopen we eerst naar de zogenoemde Vloedschuurkerk.
Dan gaan we om de kerk heen naar de andere zijde van de Vloedschuurkerk, waar we bij een speeltuintje een bank vinden, waarop we onze koffiepauze hebben.
De Vloedschuurkerk is gesloten; dat is wel jammer, dus we lopen door naar de Onze Lieve Vrouwe Onbevlekt Ontvangenkerk. Wellicht is die open, en/of misschien is de aangrenzende Herberg De Aandacht open, het spiritualiteitscentrum dat daar is gevestigd in de voormalige pastorie van de kerk. Maar helaas, ook deze beide gebouwen zijn gesloten, dus ook hier kunnen we niet naar binnen om die te bezoeken.
Daarom klimmen we de Rijndijk maar weer op, om aan de overzijde de Rijndijkse Uiterwaarden weer op te gaan, waar we een geasfalteerd fiets- en voetpad op gaan dat vlak langs de Nederrijn loopt.

Omleidingen bij Liander en Vitens
Even later gaan we door het viaduct onder de A50 door.
Aan de andere zijde van het viaduct is het Airborne-monument, ter ere van Amerikaanse 101e Airborne Division, wiens taak het was in de Tweede Wereldoorlog om in september 1944 de weg naar het noorden open te houden voor de Geallieerden, waarbij in de strijd meer dan 300 slachtoffers zijn gevallen.
Bij dit oorlogsmonument gaan we een smal graspad op, door het hoge en natte gras, aan de voet van het talud van de A50.
We schuiven een eind op in zuidelijke richting, om verderop van de verharde weg over te stappen op een onverhard veldpad door de Liendermeint.
Dat kan echter niet onbelemmerd, want medewerkers van Liander hebben de doorgaande wandelroute van het veldpad geheel afgesloten voor de wandelaars van deze route. Daarom kiezen we ervoor om parallel aan dat pad en een sloot verder te gaan door heel hoog en nat gras. Verderop kunnen we dan onze route overigens wel vervolgen.
Omdat hier echter geen wegwijzers in het veld staan, lopen we zo goed als mogelijk volgens de wandelkaart, waardoor we niet langs maar over een terrein lopen waar Vitens bezig is met het plaatsen van drinkwatertanks. Daardoor komen we niet rechtstreeks uit op de Langestraat, maar iets noordelijker. 
Dat is geen probleem, want we kunnen heel gemakkelijk via het andere asfaltweggetje toch op de Langestraat komen, waar we onze route vervolgen.
 
Homoet
We lopen nu langs het Hollanderbroek in de richting van de Linge, maar voordat we die rivier bereiken, gaan we het Winterstraatje op in de richting van het plaatsje Homoet. 
Bij de protestantse kerk van Homoet, die is gebouwd op een hoge vluchtheuvel, houden we onze lunchpauze op een picknickbank.
Hoog in de lucht drijven donkere, dreigende luchten over, wat aanleiding is om even de buienradar te checken. Conclusie is dat we nog zo’n anderhalf uur hebben voordat het begint te regenen. Dat zou net genoeg tijd moeten zijn om Driel te bereiken.

Naar de Polen-expositie in Driel
Voorbij Homoet gaat de route verder over onverharde paden door de Oostermeint.
Vanuit dit polderlandschap van de Oostermeint komen we weer terug op de Langestraat van zojuist, en over asfalt gaat het dan verder naar Driel. 
In de bebouwde kom van Driel gaat het alsmaar in een rechte lijn in noordelijke richting naar de Nederrijn, die we bereiken ter hoogte van de grote witte stuw bij Driel.
Als we bovenop de Drielse Rijndijk wandelen, krijgen we - nog voordat we de dijk af kunnen richting dorpscentrum - te maken met een plotselinge fikse bui. Zo vlak voor het eind van deze route voelt dat dan als een ware pestbui. We lopen door het gras van de Rijndijk snel naar de binnendijkse dijkvoet, waar enkele grote bomen staan, waaronder we gelukkig prima kunnen schuilen voor de harde regen.
Als even later de regen voorbij is, gaan we de dijk weer op, om een klein eindje verderop de dijk al weer af te kunnen lopen, om over de Kerkstraat langs de protestantse kerk naar de Maria Geboortekerk te lopen. Die kerk gaan we om 13:45 uur binnen, enerzijds om de kerk te bekijken, en anderzijds om een bezoek te brengen aan de hier aanwezige expositie over de relatie tussen Driel en Polen, naar aanleiding van de helfdhaftige rol van de Poolse militairen – de parachutistenbrigade onder leiding van de Poolse generaal-majoor Stanislaw Sosabowski - bij de bevrijdingsactie van Nederland aan het eind van de Tweede Wereldoorlog.
Na dit expositie- en kerkbezoek lopen we naar de auto, en rijden we terug naar Randwijk om daar de andere auto af te halen. Met beide auto’s rijden we tot slot terug naar Malden.